ID.nl logo
15 handige commando's in Windows Opdrachtprompt
© Reshift Digital
Huis

15 handige commando's in Windows Opdrachtprompt

Voor veel Windows-gebruikers is de Opdrachtprompt onbekend terrein. Zonde, want je kunt deze gebruiken om handige taken op je pc uit te voeren. Wij geven je 15 handige commando's voor de Windows Opdrachtprompt.

01 Naar de prompt

Om opdrachtregelcommando's uit te voeren, moet je eerst de opdrachtprompt openen. Dat kan in Windows 7 vanuit het startmenu, waar je achtereenvolgens Alle programma's / Bureau-accessoires / Opdrachtprompt selecteert. In Windows 10 (en Windows 8) kan dat door Windows-toets+X in te drukken, waarna je in het menu Opdrachtprompt kiest. Of je tikt cmd in het Windows-startvenster in. Standaard beland je zonder administratorrechten in het opdrachtpromptvenster. Heb je echter extra bevoegdheden nodig, klik dan in Windows 7 de optie Opdrachtprompt met de rechtermuisknop aan en kies Als administrator uitvoeren. In Windows 10 druk je Windows-toets+X in en kies je deze keer Opdrachtprompt (administrator).

Hier vind je een overzicht van de beschikbare cmd-commando’s in Windows (klik een commando aan voor bijhorende parameters en voorbeelden). In dit artikel lichten we enkele handige commando's uit.

Cmd-venster

Wanneer je via het cmd-commando naar de opdrachtprompt gaat, beland je standaard in je eigen profielmap (c:\Users\

©PXimport

02 De opdrachtprompt zelf

Standaard beland je in een venster met witte letters op een zwarte achtergrond, maar dat valt aan te passen. Je wijzigt de kleuren met het color-commando (dat je zoals alle commando's afsluit met Enter): color 1E bijvoorbeeld geeft je blauwe letters op een lichtgele achtergrond. Het commando color /? geeft mooi overzicht van de beschikbare kleuren. Met het commando cls maak je het venster netjes leeg. Met exit sluit je het venster weer. Wil je verder tekst uit Windows in zo'n opdrachtpromptvenster plakken, kopieer die tekst dan eerst met Ctrl+C naar het klembord, waarna je de titelbalk van het opdrachtpromptvenster met de rechtermuisknop aanklikt en Bewerken / Plakken kiest.

©PXimport

03 Mapinhoud opvragen

Stel, je wilt de inhoud van map c:\hoofdmap\submap opvragen. Dat kan met het dir-commando: dir c:\hoofdmap\submap. Of je navigeert naar de gewenste map met cd hoofdmap, gevolgd door cd submap, waarna je dir uitvoert. Of makkelijker: je bladert in Windows Verkenner naar de gewenste map, waarna je een lege plaats in het Verkenner-venster met Shift+Rechtermuisknop aanklikt. In het contextmenu selecteer je vervolgens Opdrachtvenster hier openen. We blijven nog even bij het dir-commando, want dat heeft enkele interessante parameters, zoals dir /? je al duidelijk maakt. Wil je bijvoorbeeld de inhoud sorteren op datum (recentste bestanden eerst), dan doe je dat met dir /O-D.

©PXimport

04 Verborgen datastromen

Velen weten niet dat Windows verschillende 'datastromen' aan een bestand laat koppelen. Zo'n extra datastroom kun je eventueel gebruiken om gegevens in een bestand te verbergen. Een klein experiment maakt dat duidelijk. Creëer (met Kladblok) een document dat je wilt verbergen, bijvoorbeeld geheim.txt. Vervolgens voer je in die map het volgende commando uit: type geheim.txt > blabla.txt:verborgen.txt. Hiermee neem je geheim.txt op in het (ogenschijnlijke lege) bestand blabla.txt. Het bestand geheim.txt mag je nu verwijderen (bijvoorbeeld met del geheim.txt). Voer je een dir-commando uit, dan lijkt blabla.txt leeg. Echter, via het commando dir /R krijg je alsnog die verborgen datastroom te zien. Om de inhoud van die datastroom te zien voer je het volgende commando uit: "c:\system32\notepad.exe" blabla.txt:verborgen.txt.

©PXimport

05 Gelinkte mappen

Stel, je hebt frequent toegang tot een bepaalde map nodig. Dat is niet zo handig wanneer die map diep genest zit. Dat valt op te lossen door een koppeling naar die map te creëren. Ga als administrator naar de opdrachtprompt en voer het volgende commando uit: mklink /J c:\snelmap "d:\map1\submap\subsubmap". Wanneer je vervolgens data opslaat in de map c:\snelmap, dan komen die gegevens automatisch (ook) terecht in die diep geneste map. Naderhand mag je de 'linkmap' (c:\snelmap) weer verwijderen als je dat verkiest; de data in de diep geneste map blijven behouden. Let wel: wanneer je bestanden uit die linkmap verwijdert, dan verdwijnen die wél ook uit de diep geneste map!

©PXimport

06 Services

Je weet vast dat er heel wat services op de achtergrond actief zijn in Windows. Het commando net start vertelt je precies welke services. Nu is het ook mogelijk services vanuit de opdrachtprompt stoppen te zetten en (weer) op te starten. Stel, je wilt voorkomen dat Windows zomaar je pc zou herstarten omdat er updates klaar staan, dan schakel je die service uit met net stop "windows update". En zoals je wellicht al vermoedde, activeer je een service met net start, gevolgd door de exacte naam van de service. De aanhalingstekens gebruiken we overigens om duidelijk te maken dat het om een begrip (of pad) gaat, en dus niet om afzonderlijke woorden.

©PXimport

07 Gedeelde bronnen

In Windows kun je bronnen als printers en mappen delen. Wil je snel een overzicht krijgen van deze gedeelde bronnen, voer dan het commando net view \\ in, bijvoorbeeld net view \\redactiepc1. Die computernaam lees je af in het venster dat je te zien krijgt wanneer je Windows-toets+Pause indrukt. Een nieuwe gedeelde netwerkmap creëer je met een commando als net share videos="c:\media\persoonlijk\video filmpjes". De gedeelde netwerkmap verwijder je weer met net share videos /delete. Het is ook mogelijk een gedeelde netwerkschijf permanent aan een vrije stationsletter te koppelen: net use x: \\""\ /persistent:yes (waarbij je x: vervangt door de gewenste stationsletter).

©PXimport

08 Accounts met tijdsbeperking

Via Windows Gebruikersaccountsbeheer voer je allerlei beheertaken voor Windows-accounts uit. Maar sommige taken laten zich alleen (of sneller) vanuit de opdrachtprompt uitvoeren. Wil je een bepaald account tijdelijk op non-actief zetten, dan volstaat een opdracht als net user /active:no (vervang no door yes om het weer te activeren). Of je zorgt ervoor dat een account zich alleen op bepaalde tijdstippen bij Windows kan aanmelden: net user /times:ma-vr,5pm-7pm;za-zo,10am-8pm. Met net user controleer je of de opdracht geslaagd is. Let op: vergeet bij deze commando's de slash niet (voor active en times), anders Windows denkt dat je het wachtwoord van het account wilt aanpassen!

©PXimport

09 Connectiviteit

Het gebeurt wel eens in een netwerk dat een apparaat plots niet meer reageert. Om snel uit te vissen of er nog wel een netwerkverbinding bestaat tussen je pc en dat apparaat gebruik je het ping-commando, gevolgd door de computernaam of het IP-adres van dat apparaat (bijvoorbeeld ping redactiepc-1 of ping 192.168.0.5). Als het goed is, dan krijg je vier antwoorden. Is dat niet zo, controleer dan de fysieke aansluiting of de netwerkconfiguratie. In veel gevallen kun je ook externe servers testen (zoals ping www.google.nl). Kun je wel een extern IP-adres pingen (zoals ping 8.8.8.8), maar niet de URL, dan is er mogelijk een probleem met de DNS-service: zie ook tip 11.

©PXimport

10 Internetconnectie

Er is ook een commando waarmee je kunt nagaan hoever de verbinding tussen je eigen pc en de beoogde server op het internet reikt. Immers, tussen je pc en zo'n server liggen vaak heel wat 'knooppunten' (zoals routers) en het valt niet uit te sluiten dat je connectie stokt bij een van die knooppunten. Probeer het gerust even uit met het volgende commando: tracert www.computertotaal.nl. Zo'n commando is trouwens erg informatief gezien je kunt nagaan langs welke route(rs) je verzoek zoal loopt. Overigens bevatten moderne Windows-versies ook het commando pathping, een combinatie van ping en tracert. Na de tracering en enig geduld volgen dan de reactiestatistieken.

©PXimport

11 DNS

Wanneer je een webadres (URL) in je browser invult, dan zorgt een DNS (Domain Name Service) ervoor dat het netjes aan het bijhorende IP-adres wordt gekoppeld, zodat je browser met de webserver kan verbinden. Kun je wel nog IP-adressen, maar geen URL's meer bereiken, dan helpt het nslookup-commando je om de werking van de DNS-server te controleren. Voer nslookup uit en tik vervolgens server in, gevolgd door de naam of het IP-adres van de DNS-server die je wilt testen. Druk nu op de Enter-toets en vul een willekeurig webadres in, zoals www.computertotaal.nl. Krijg je nu time-outs te zien, dan is er blijkbaar een probleem met de ingestelde dns-server.

©PXimport

12 Netwerkconfiguratie

Een snelle manier om over je thuisnetwerk allerlei informatie op te vragen, is via het commando ipconfig. Op deze manier zie je onder meer welke (al dan niet draadloze) LAN-adapters actief zijn, welk IP-adres die adapters hebben, en wat het adres van je standaardgateway (oftewel router) is, zodat je dit adres in je browser kunt intikken om naar de webinterface van dat apparaat te gaan. Wil je ook de DNS-server(s) en de MAC-adressen van de netwerkadapters weten en wil je weten of DHCP actief is, gebruik dan ipconfig /all. Verder kan het bij connectieproblemen helpen om even alle adressen vrij te geven met ipconfig /release en die opnieuw in te stellen met ipconfig /renew.

©PXimport

13 Netwerkverbindingen

Het commando netstat geeft je een overzicht van de actieve verbindingen, inclusief IP-adres en poortnummer van zender en ontvanger. Voer ook eens de opdracht netstat /? uit om een idee te krijgen van de talrijke parameters. Zo geeft netstat -s je een mooi statistisch overzicht per netwerkprotocol (IP, ICMP, TCP en UDP), wat handig kan zijn bij het oplossen van netwerkproblemen. Met netstat -o krijg je ook de PID (process identifier) te zien van de processen. Via Windows Taakbeheer, waar je Beeld / Kolommen selecteren / Proces-id selecteert, kun je dan te weten komen welke toepassingen daarvoor verantwoordelijk zijn.

©PXimport

14 Kopieeroperaties

De kans is groot dat je vaak bestanden en mappen via Verkennerkopieert. Veel flexibiliteit biedt die omgeving echter niet, althans niet wanneer je de mogelijkheden vergelijkt met het commando robocopy. Via robocopy /? krijg je alvast een overzicht van het indrukwekkend aantal parameters. Eén voorbeeld: met robocopy c:\media g:\backup\media /MIR (MIR staat voor mirror) wordt de bronmap (c:\media) automatisch gespiegeld met de doelmap (g:\backup\media). Handig is ook de mogelijkheid om opdrachten op te slaan: je hoeft hiervoor maar de parameter /SAVE: toe te voegen. Met het commando robocopy /JOB: voer je die opdracht dan netjes weer uit.

©PXimport

15 In batch

Een belangrijk voordeel van opdrachtregelcommando's is ook dat je verschillende opdrachten na elkaar in een batchbestand kunt opnemen, zodat die één voor één worden uitgevoerd zodra je het batchbestand aanroept (dat laatste kan overigens ook via de taakplanner van Windows). Zo'n batchbestand is niets anders dan een tekstbestand met de extensie .bat of .cmd, dat je bijvoorbeeld met Kladblok aanmaakt. Een eenvoudig voorbeeld ter illustratie:

cls

robocopy c:\media g:\backup\media

del c:\media\*.* /Q

pause

Met het del-commando verwijder je, zonder een vraag naar bevestiging, alle bestanden uit c:\media (nadat je die dus met het robocopy-commando had gekopieerd).

©PXimport

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.