ID.nl logo
Kies de juiste opslag voor je laptop: HDD of SSD
© Reshift Digital BV
Huis

Kies de juiste opslag voor je laptop: HDD of SSD

Het kiezen van de juiste opslag voor je laptop lijkt ingewikkeld als je niet bekend bent met de technische details. In dit artikel gaan we dieper in op de twee belangrijkste soorten opslag die beschikbaar zijn voor laptops: HDD (Hard Disk Drive) en SSD (Solid State Drive). We zullen hun kenmerken, voor- en nadelen, en de ideale gebruiksscenario's voor elk van hen bespreken.

HDD of SSD: wat is het verschil? In dit artikel lees je:

  • Uitleg over het werkingsprincipe van HDD's en SSD's
  • Voordelen van SSD's: snelheid, betrouwbaarheid, energiezuinig
  • Voordelen van HDD's: lagere prijs per GB opslagcapaciteit
  • Overwegingen zoals budget, besturingssysteem en gebruikspatroon
  • Tips voor een hybride oplossing: SSD voor OS en programma's, HDD voor data
  • Vergelijking wat betreft prestaties, geluid, energieverbruik

Het verschil tussen HDD en SSD

Een traditionele HDD slaat gegevens op via magnetische draaiende schijven en bewegende leeskoppen. Dat principe is al tientallen jaren onveranderd en maakt HDD's tot een goedkope opslagoptie per gigabyte. Het nadeel is dat ze traag zijn vergeleken met SSD's. De mechanische onderdelen beperken de snelheid waarmee gegevens kunnen worden opgehaald of weggeschreven. Daarnaast is deze techniek gevoelig voor schokken en trillingen. Een valpartij kan de interne componenten permanent beschadigen.

SSD's daarentegen bevatten alleen flashgeheugenchips zonder bewegende delen, vergelijkbaar met USB-sticks, maar dan in grotere hoeveelheden. Dat maakt ze een stuk sneller en betrouwbaarder. Programma's starten razendsnel op en bestanden worden in een oogwenk geopend. Vooral bij veelvuldige willekeurige toegang tot kleine bestanden is het verschil goed merkbaar. Denk aan het opstarten van Windows en applicaties, iets dat bij een SSD tot wel vier keer sneller kan gaan. De afwezigheid van bewegende delen maakt SSD's ook immuun voor schokschade. Ze gaan gemiddeld veel langer mee, terwijl HDD's al na 3 tot 5 jaar kunnen falen.

Kortom, als snelheid en betrouwbaarheid van belang zijn, wint de SSD het van de HDD. Dat maakt SSD's ideaal voor laptops en andere draagbare apparaten die vaak in beweging zijn. Voor desktopcomputers die permanent op kantoor staan, weegt de prijs meestal zwaarder dan de snelheidswinst van een SSD. Immers, een HDD biedt nog steeds tot vier keer zoveel opslagruimte voor hetzelfde budget. Vooral als enorme hoeveelheden data opgeslagen moeten worden, bijvoorbeeld voor foto- en videocollecties, is de HDD onverslaanbaar in prijs per gigabyte.

Vergelijking tussen HDD en SSD

KenmerkenHDDSSD
OpslagcapaciteitHoog (500 GB t/m 32 TB)Laag (120 GB t/m 8 TB)
SnelheidLaag (tot 160 MB/s)Hoog (tot 7.000 MB/s)
Vormfactoren2,5 inch & 3,5 inch2,5 inch SATA, M.2 SATA & M.2 NVMe
Betrouwbaarheid en levensduurHoger energieverbruik, meer geluidLangere levensduur, minder energie en geluidsstil
Geschikte gebruikssituatieMassa-opslag, beeldbank, basisgebruikGaming, foto- en videobewerking, snelle laadtijden
PrijsGemiddeld lagerGemiddeld hoger

Het kiezen van de juiste opslag hangt af van je specifieke behoeften. Als je veel opslagruimte nodig hebt en bereid bent om in te leveren op snelheid en duurzaamheid, dan is een HDD een goede keuze. Als je echter op zoek bent naar snelheid, duurzaamheid en bereid bent om meer te betalen voor minder opslagruimte, dan is een SSD de betere keuze.

Besturingssysteem

Het besturingssysteem dat je gebruikt kan ook invloed hebben op de keuze van je opslag. Moderne besturingssystemen zoals Windows 10/11 en macOS zijn geoptimaliseerd om te werken met SSD's. Ze kunnen sneller opstarten, programma's sneller laden en bestanden sneller overzetten wanneer ze op een SSD zijn geïnstalleerd. Als je een ouder besturingssysteem gebruikt, zoals Windows 7, dan kun je misschien niet alle voordelen van een SSD benutten.

Budget

Je budget kan ook een grote rol spelen bij het kiezen van de juiste opslag. Zoals eerder vermeld, zijn SSD's over het algemeen duurder dan HDD's. Als je budget beperkt is, kun je ervoor kiezen om een kleinere SSD te gebruiken voor je besturingssysteem en meest gebruikte programma's, en een grotere HDD voor de rest van je bestanden. Dat wordt vaak een hybride-opstelling genoemd en biedt een goede balans tussen snelheid en opslagcapaciteit.

Gebruikspatroon

Ten slotte kan je gebruikspatroon ook invloed hebben op de keuze van je opslag. Als je bijvoorbeeld veel grote bestanden zoals video's of games opslaat, heb je waarschijnlijk meer opslagruimte nodig en is een HDD een goede keuze. Als je voornamelijk met tekstbestanden en internet werkt, dan is een SSD met minder opslagruimte misschien voldoende. Bovendien, als je veel onderweg bent en je laptop vaak meeneemt, dan is een SSD een betere keuze vanwege de betere schokbestendigheid.

©Daniel Krasoń - stock.adobe.com

Energieverbruik

Een vaak onderschat aspect bij de keuze tussen HDD en SSD is het energieverbruik. HDD's met hun bewegende onderdelen verbruiken over het algemeen meer stroom dan SSD's. Het verschil is het grootst tijdens het daadwerkelijk lezen en schrijven van gegevens. Een HDD moet meer energie gebruiken om de schijven aan het draaien te houden en de leeskoppen te bewegen. SSD's consumeren alleen stroom wanneer geheugencellen worden uitgelezen of beschreven.

Dat maakt SSD's efficiënter en energiezuiniger. Voor desktopcomputers is het energieverschil misschien te verwaarlozen, maar op laptops die op accu's werken kan het wel degelijk van belang zijn. Minder energieverbruik betekent een langere accuduur. Wie veel onderweg is en niet voortdurend een stroompunt tot zijn beschikking heeft, kan dus baat hebben bij de energie-efficiëntie van een SSD. Zo hoef je minder vaak je laptop aan de oplader te leggen.

Geluidsniveau

Een laatste overweging is het geluidsniveau. HDD's produceren vanwege de bewegende onderdelen constant een zacht zoemend en klikkend geluid. Dit is vooral hoorbaar als de schijf actief aan het lezen of schrijven is. SSD's maken daarentegen geen enkel hoorbaar geluid tijdens gebruik. Voor de meeste mensen is dat geen doorslaggevend argument, maar sommigen prefereren de volledige stilte van een SSD. Vooral in zeer rustige omgevingen kan elk hardwaregeluid storend zijn. Al met al bieden SSD's dus zowel een snelheids- als comfortvoordeel ten opzichte van traditionele HDD's.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.