ID.nl logo
Zo scheid je het IoT van je thuisnetwerk
© Reshift Digital
Huis

Zo scheid je het IoT van je thuisnetwerk

Het Internet of Things heeft op het gebied van veiligheid geen goede reputatie. Om dergelijke apparaten dan zomaar te mixen met je eigen computers en tablets, zorgt voor een groot risico. Een veilige aanpak is om je IoT- en domotica-apparaten te scheiden van de rest van het thuisnetwerk, iets wat je op verschillende manieren kunt doen. Zo kun je je eigen IoT beveiligen.

Het probleem met domotica en IoT is natuurlijk veiligheid. Alle fabrikanten zijn nu eerst zo druk bezig om toepassingen te vinden voor hun IoT-apparaten, dat ze niet nadenken over de veiligheid ervan. Een koelkast of wasmachine met Android, of zelfs een broodrooster aangesloten op internet. Deze apparaten vormen potentie enorme veiligheidsproblemen als ze verbonden worden met wifi. De grootste ddos-aanval tot nog toe was bijvoorbeeld niet mogelijk geweest zonder alle met het internet verbonden camera’s.

Waarom is het Internet of Things dan zo onveilig? Daar zijn verschillende redenen voor. Veel van die apparaten hebben geen automatische updates. Dat is op z’n zachtst gezegd niet zo’n goed idee voor een apparaat dat met internet verbonden is. Veel van die apparaten worden bovendien gebouwd door start-ups; door nieuwe bedrijven die veiligheid niet hoog op de prioriteitenlijst hebben staan. De standaardinstellingen zijn vaak onveilig en moeten handmatig veranderd worden, iets wat maar weinig gebruikers überhaupt weten, laat staan dat ze het doen. Sowieso is het niet eenvoudig om dat soort apparaten goed te beveiligen, dat kost veel extra moeite van de fabrikant. Bovendien komt het volgende product alweer snel uit, dus waarom zou de fabrikant de oudere versie dan nog van updates voorzien? In veel gevallen gebeurt dat dan ook niet.

Daarom laten we je in deze masterclass zien hoe je voor je domotica- en IoT-apparaten een gescheiden netwerk op kunt zetten. We beginnen eerst met een gastnetwerk, voor als je een enkele router hebt of veel draadloze apparaten. Daarna laten we zien hoe je een firewall kunt gebruiken, en hoe je een aparte router kunt gebruiken om je slimme apparaten mee te verbinden. Na die stap pakken we het helemaal professioneel aan met een apart vlan (oftewel virtual lan) voor je IoT-apparaten. Als laatste bekijken we nog een andere oplossing, namelijk speciale routers bedoeld voor het scannen van internetverkeer gericht op veiligheid van IoT.

01 Gastnetwerk opzetten

Een van de eenvoudigere stappen om je IoT-apparaten te beveiligen en te scheiden is door een gastnetwerk op te zetten. Op die manier splits je het internetverkeer. Dat heeft als voordeel dat je het gastnetwerk op softwareniveau kunt scheiden en beter kunt beheren. Via een gastnetwerk is het namelijk niet mogelijk om bij apparaten op het lokale netwerk te komen of bij andere wifi-apparaten. Bij sommige routers kun je zelfs limieten instellen op het gastnetwerk. Dat is handig, want zo voorkom je dat de IoT-apparaten opeens al je bandbreedte in beslag nemen. Let er bij het opzetten van een gastnetwerk op dat al je eigen apparaten verbinding maken met het normale wifi-netwerk. Stel alleen de ‘risico-apparaten’ zo in dat ze verbinding maken met het gastnetwerk. Als je dan toch verbinding wilt maken met een van je IoT-apparaten, dan hoef je alleen te wisselen van wifi-netwerk. Of je houdt een oude telefoon of tablet bij de hand die je wel permanent onderdeel maakt van het gastnetwerk.

Je schakelt het gastnetwerk in door in te loggen in je router, als die de functie ondersteunt. Zoek daarvoor even het gateway-adres van je router (zie kader ‘Inloggen in je router’). Eenmaal ingelogd, zoek je in je router tussen de opties voor het draadloze netwerk een optie als Gastnetwerk (guest network). Schakel die optie in. Zorg ervoor dat je een wachtwoord instelt op het gastnetwerk en het gastnetwerk beveiligt met wpa2-aes.

©PXimport

Inloggen in je router

Je logt als volgt in op je router: heb je een Netgear-router, dan typ je in de adresbalk simpelweg http://routerlogin.com. Log dan in met je gebruikersnaam en wachtwoord. Weet je die niet? Raadpleeg dan even de handleiding. Voor slimme Linksys-routers ga je naar http://myrouter.local. Voor TP-Link ga je naar http://192.168.1.1 in je browser en voor Asus typ je in http://router.asus.com. Voor een Synology-router kun je naar http://router.synology.com. Voor andere routers of modem-routers, moet je op zoek naar het gatewayadres. Dat vind je door rechts te klikken op de Startknop in Windows, kies voor Opdrachtprompt en typ ipconfig. Zoek naar de interface waarmee je verbonden bent. In de lijst zie je Default Gateway. Typ dat adres in de browser in.

02 AP Isolation & upnp

Handig is de optie AP Isolation bij een gastnetwerk. Met AP Isolation kunnen de apparaten op het gastnetwerk elkaar niet zien. Als op die manier dan een van je apparaten gehackt en besmet wordt met malware, kan dat zich moeilijker verspreiden naar de andere IoT-apparaten. Zet daarom bij het gastnetwerk de optie AP Isolation of Wireless isolation aan. Bij sommige routers kun je in het gastnetwerk upnp aan- of uitzetten. Met upnp zijn IoT-apparaten zelf in staat om poorten door te sturen, maar upnp is in veel routers niet heel veilig. Het beste laat je het uit staan en forward je zelf de poorten door in je router. Raadpleeg per apparaat de handleiding en bekijk welke poorten open moeten. In de router ga je dan naar Portforwarding of naar iets als Apps en games. Zorg er dan gelijk voor dat elk IoT-apparaat een statisch ip-adres heeft.

©PXimport

03 DD-WRT firewall

Een andere oplossing waar je voor kunt gaan is om een firewall te gebruiken op je router. Je stelt dan een aantal firewallregels in, waardoor je IoT-apparaten alleen maar met de buitenwereld mogen communiceren en niet met het lokale netwerk. Veel consumentenrouters hebben hiervoor niet heel uitgebreide mogelijkheden. Je bent doorgaans het beste af met een router voorzien van DD-WRT, dan is het mogelijk om iptables te gebruiken, waarmee je veel meer configuratiemogelijkheden hebt dan normaal. Voordat je hiermee aan de slag gaat, stel je een statisch ip-adres in voor al je IoT- en domotica-apparaten. Daarvoor ga je in DD-WRT naar Services / Services / Static Leases. Vervolgens vul je het mac-adres in van het apparaat, een hostnaam en het gewenste ip-adres. Bij Client Lease Time vul je niets in, zodat dat apparaat altijd dat ip-adres zal krijgen. Scrol naar onderen en sla de wijzigingen op.

©PXimport

04 DD-WRT ssh

Vervolgens is het nodig om ssh-toegang in te schakelen in je router. In DD-WRT ga je daarvoor naar Services / Services. Bij de sectie Secure Shell schakel je SSHd in. Je kunt er dan voor kiezen om wachtwoordautorisatie in te schakelen. Het alternatief is autorisatie met een publiek-privé-sleutelpaar. Zolang je de ssh-poort niet openzet voor de buitenwereld en als je zodra je klaar bent ssh niet vergeet uit te zetten, kan het wel even met wachtwoordautorisatie.

Download dan PuTTY voor Windows. Voer het gedownloade bestand uit. Bij Host Name voer je het ip-adres van je router in. Klik dan op Open. Typ dan bij Username de gebruikersnaam root en bij wachtwoord het wachtwoord dat je gebruikt om in de router in te loggen. Op sommige andere routers is het ook mogelijk om ssh-toegang te verkrijgen, bijvoorbeeld op de routers van Synology. Zolang de router iptables gebruikt, zit je goed.

©PXimport

05 DD-WRT firewallregels

In SSH, voer je dan het volgende commando in:

iptables -t filter -I FORWARD -s 192.168.1.xx -d 192.168.1.0/24 -j DROP

Vervang 192.168.1.xx door het correcte ip-adres van het apparaat dat je de toegang tot je lan wilt ontzeggen. We gaan ervan uit dat je router ip-adressen uitdeelt in 192.168.1.0 reeks. Is dat niet het geval, wijzig het commando hierboven dan, bijvoorbeeld naar 10.1.0.0/24. Om te controleren welke regels er op dit moment actief zijn in iptables, voer je het volgende commando uit: iptables -L

Als je een regel weer wilt verwijderen uit de firewall, doe je dat op basis van wat die doet. Stel je wilt de bovenstaande regel verwijderen, dan voer je het commando uit:

iptables -D FORWARD -s 192.168.1.xx -d 192.168.1.0/24 -j DROP

©PXimport

Alternatief: ouderlijk toezicht

Niet elke router heeft ssh-toegang of kan DD-WRT draaien. Als je dan toch zelf wát actie wilt ondernemen, zou je nog op z’n minst ouderlijk toezicht in kunnen schakelen. Routers met die functie hebben dan de optie om kwaadaardige en phishingwebsites te blokkeren. Als je die filters toepast op je IoT-apparaten, heb je in ieder geval één vorm van bescherming. Sommige apparaten kun je bovendien alleen lokaal gebruiken. Je kunt ze dan aan het netwerk hangen en via ouderlijk toezicht in de router alle verbindingen met de buitenwereld ontzeggen. Dan ben je ook veilig.

©PXimport

06 Twee extra routers

Een gastnetwerk is een goede oplossing, maar in de praktijk zit er een aantal haken en ogen aan. Het werkt sowieso alleen met wifi, niet voor bedrade apparaten. Ook hebben sommige routerfabrikanten het gastnetwerk niet (veilig) geïmplementeerd. Het probleem is soms dat je het gastnetwerk niet kunt versleutelen met wpa2-aes, maar dat je een open netwerk opzet en dan eenmaal in een portal een wachtwoord in moet voeren om verbinding te maken. Dat is onveilig, want dan kan iedereen met het verkeer van je netwerk meekijken.

Een veiligere oplossing is om één of twee extra routers te gebruiken. De eerste situatie is dat we ervan uitgaan dat je een modem-router (in één apparaat) hebt van je provider plus nog twee extra routers. Dan kun je het beste je netwerk scheiden. Wat je dan doet, is dat je je twee routers aansluit op je modem-router van je provider. Normaal zouden we je dan aanraden om de DMZ-modus in te schakelen, maar die kan het verkeer maar naar één host doorsturen. In plaats daarvan schakel je in beide routers de firewall uit. Zolang de modem-router dan een actieve firewall heeft, is er niets aan de hand. Anders is het namelijk nodig om elke poort twee keer door te sturen. Vervolgens hang je al je IoT-apparaten aan de ene router en je eigen netwerkapparaten aan de andere. Op die manier heb je een gescheiden netwerk, waarbij de IoT-apparaten niet bij je lokale apparaten kunnen.

07 Een extra router

Als je twee routers hebt of een router en een modem-router, dan kun je een vergelijkbaar resultaat behalen door de routers op elkaar aan te sluiten. De wan-poort van de achterste router (doorgaans je eigen router) sluit je aan op een lan-poort van de voorste router (vaak de router van je internetprovider). Belangrijk is dan dat de twee hun eigen dhcp-servers en adresruimte hebben. Dat betekent dat de ene router bijvoorbeeld ip-adressen uitdeelt in de ruimte 192.168.1.1 tot en met 192.168.1.128 en de andere in 192.168.2.2 tot en met 192.168.2.128. Die twee adresruimtes mogen niet gelijk zijn. Daarvoor log je in op een van de routers en zoek je naar DHCP. Daar vind je welke ip-adressen de router uitdeelt. Je kunt bijvoorbeeld de x in 192.168.x.0 wijzigingen naar een willekeurig getal in beide routers.

Als je dat eenmaal ingesteld hebt, is het belangrijk dat je de IoT-apparaten op de ‘voorste’ router aansluit. Apparaten aangesloten op de voorste router kunnen niet bij de apparaten op de router erachter, omdat die router de adressen niet gaat zoeken in die tweede router maar bij zichzelf, en die niet kan herleiden. De apparaten aangesloten op de tweede of achterste router kunnen wel bij de apparaten in de eerste router, maar alleen als je dan het ip-adres uit je hoofd weet. De achterste router is dus beschermd tegen de IoT-apparaten vooraan en geschikt voor je eigen apparaten. Je kunt dan op elke router de wifi-netwerken opzetten zoals je zelf wilt.

08 Vlan

Als je het echt professioneel aan wilt pakken, dan wordt het tijd om te kijken naar vlan’s. Een vlan, virtual lan, is een netwerk dat opgedeeld is in segmenten. Bij sommige routers kun je elke poort scheiden van de rest. Dat heet ‘vlan tagging’. Je geeft dan een poort een bepaalde kleur, oftewel je tagt deze. Apparaten aangesloten op de ene kleur kunnen niet communiceren met de apparaten in de andere kleur. De eenvoudigste manier om een vlan op te zetten als je router het niet ondersteunt, is met een managed switch. Die heb je al voor een paar tientjes. Let op dat je dan echt een managed switch koopt, anders kun je geen vlan aanmaken. Ons IoT-netwerk ziet er als volgt uit: aan je modem koppel je je switch. Aan je switch hang je vervolgens bijvoorbeeld twee routers: een voor IoT en een voor je eigen, veilige apparaten.

©PXimport

09 Switch-configuratie

Heb je bijvoorbeeld een managed Netgear-switch, zoek dan het ip-adres van de switch in de router door te kijken bij aangesloten apparaten. Voer dat adres in je browser in en log in op de webinterface van de switch. Sommige goedkopere managed switches hebben overigens geen webinterface, maar beheer je via een programma in Windows. Daarna ga je naar het tabblad VLAN / Advanced. Standaard is elke poort lid van VLAN 1. Maak een nieuwe vlan door een VLAN ID in te vullen. Kies daarvoor een willekeurig getal en een VLAN Name, bijvoorbeeld IoT-netwerk. Klik op Add. Doe dat nog een keer voor je eigen netwerk. Ga nu naar de optie VLAN Membership. Kies hier je net aangemaakte VLAN ID. Je ziet nu bij de poorten U of T. U betekent ‘untagged’, t betekent ‘tagged’. Kies dan een poort die je wilt gebruiken voor je IoT-netwerk en klik op Apply. Doe dat daarna nog een keer voor je eigen netwerk. Je kunt nu de interface verlaten.

Nu pak je je twee routers erbij en sluit je die aan op de poorten die je net hebt gekozen. Het verkeer tussen beide is nu compleet gescheiden. Je kunt de routers daarna zoals normaal opzetten als twee losse netwerken.

Router kiezen

Als je op zoek bent naar een router en al veel slimme apparaten in huis hebt, denk dan aan de volgende aspecten. Belangrijk bij een router die goed is voor IoT, zijn de configuratiemogelijkheden. Je wilt veel opties en mogelijkheden om je netwerk te kunnen configureren en te beveiligen. Dan zit je wel al snel in het wat hogere en duurdere segment van de routermarkt. Een belangrijk ander punt kan zijn om te controleren op ondersteuning voor DD-WRT of OpenWRT. Je vindt een lijst met DD-WRT-ondersteuning hier terwijl je hier kunt kijken voor OpenWRT-ondersteuning. DD-WRT kan in veel gevallen vlan’s aanmaken, indien je router een Broadcom-chip bevat. Dan heb je geen extra hardware meer nodig daarvoor en sla je twee vliegen in een klap. Een lijst met routers die in ieder geval vlan ondersteunen vind je hier.

Extra veiligheidsmaatregelen

Zorg ervoor dat elke router in je netwerk goed is beschermd. Controleer regelmatig op updates en blijf op de hoogte van beveiligingsnieuws van de fabrikant. Verander het wachtwoord van de beheerdersinterface van je router. Ook stel je je router zo in dat je alleen toegang kunt krijgen tot de beheerdersinterface als je verbonden bent met een kabel in plaats van via wifi, en dat deze niet extern toegankelijk is. Verder is een belangrijke wijziging om wps uit te zetten, want dat is toch alleen maar een beveiligingslek, en schakel ook upnp uit, want dat is in veel routers een (alhoewel handige) onveilige functie. Je kunt verschillende veiligheidstests uitvoeren met Shields UP!, dat je vind hier. Zo kun je bijvoorbeeld controleren of er poorten open staan.

Extra veilige routers

Het nadeel van alle tot nu toe besproken oplossingen is dat je inlevert op gebruiksvriendelijkheid. Voor een gastnetwerk, aparte routers, firewallregels of voor vlan’s is het nodig om steeds op z’n minst één cross-netwerkapparaat te hebben zodat je toch nog bij je IoT-apparaten kunt. Je kunt het ook anders aanpakken, in de vorm van een extra apparaat dat al je andere apparaten in het netwerk gaat scannen of dat een apart, beveiligd netwerk opzet. Veel beveiligingsbedrijven erkennen de dreiging van IoT en komen daarom met eigen oplossingen. We beschrijven een paar extra veilige producten.

10 BitDefender BOX

Een van de eerste apparaten daarvan is de BitDefender BOX. Deze router is specifiek gericht op IoT-veiligheid. Fijn is dat je meteen licenties krijgt voor internetsecurity om je Windows-, Android- en macOS-apparaten lokaal mee te beveiligen. De BOX sluit je aan op je bestaande router of zet je apart op als beveiligd netwerk. Sommige routers kunnen automatisch geconfigureerd worden, maar niet alle. Eenmaal opgezet, kun je de BOX beheren via een app. Wat betreft veiligheidsfuncties worden kwaadaardige websites automatisch geblokkeerd in de router. Bovendien scant de router het netwerk op kwetsbaarheden en zal het je daarvan automatisch op de hoogte stellen. De BOX is nog niet beschikbaar in Europa.

©PXimport

11 F-Secure Sense

Een andere oplossing biedt F-Secure met Sense. Deze oplossing komt in de zomer dit jaar beschikbaar in Europa. Sense scant net als de BOX zowel binnenkomend als uitgaand verkeer en analyseert het, bedreigingen worden geblokkeerd op basis van de reputatie en het gedrag. Handig is dat Sense meteen een extraatje biedt: het blokkeert namelijk ook trackers op het internet en beidt daardoor meer privacy. De noodzaak voor standaard beveiligingssoftware wordt kleiner: Sense blokkeert al malware, virussen, spyware, adware en phishing op alle apparaten in huis. Je kunt Sense aansluiten op een bestaande router of los gebruiken.

©PXimport

12 Norton Core

Op de CES 2017 kondigde ook Symantec de securityroutermarkt te gaan betreden, met de Norton Core-router. Deze router heeft een opvallend ontwerp. Norton Core biedt bescherming tegen alle typen malware, maar ook tegen netwerkaanvallen en het biedt een veiligheidsscore voor je netwerk. Net als de Sense van F-Secure komt de Core in de zomer beschikbaar, maar voorlopig alleen nog in de Verenigde Staten.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Al je bestanden veilig in de cloud: zo stel je OneDrive in als slimme back-up
© Andreas Prott - stock.adobe.com
Huis

Al je bestanden veilig in de cloud: zo stel je OneDrive in als slimme back-up

Een gecrashte laptop, gestolen smartphone of een defecte harde schijf of ssd: je persoonlijke en zakelijke bestanden zijn dan in één klap kwetsbaar. Met OneDrive kun je diezelfde bestanden automatisch in de cloud opslaan, synchroniseren tussen apparaten en als archief bewaren. In dit artikel lees je hoe je OneDrive inricht als betrouwbaar back-up- en archiefsysteem, hoe je Windows-instellingen meeneemt naar andere pc's en welke abonnementsvorm echt bij je past.

In dit artikel

je leest hoe je OneDrive instelt als slimme back-up voor je pc, hoe je belangrijke Windows-mappen automatisch laat meedraaien, hoe je instellingen tussen computers synchroniseert en hoe je OneDrive inzet als archief voor de langere termijn. Ook helpen we je bepalen welke OneDrive-variant past bij de hoeveelheid data die je bewaart.

Lees ook: Zo maak je met OneDrive een online fotoalbum voor heel de familie

Voordat je OneDrive serieus als back-up en archief gaat gebruiken, is het belangrijk dat je snapt wat de dienst precies doet en waar de grenzen liggen. OneDrive is in de kern een cloudopslagdienst: je bestanden worden via internet opgeslagen op Microsoft-servers, zodat je ze vanaf verschillende apparaten kunt openen, delen en bewerken. Zodra je OneDrive op je pc installeert en je aanmeldt met je Microsoft-account, verschijnt er een OneDrive-map in Verkenner. Alles wat je in die map bewaart, wordt gesynchroniseerd met de cloud en – als je dat ook zo hebt ingesteld – met andere apparaten waarop je hetzelfde account gebruikt. Synchroniseren betekent echter niet automatisch dat dit een echte back-up is voor alles: een bestand dat je per ongeluk verwijdert, verdwijnt ook van andere apparaten, al kun je het nog een tijd terughalen via de prullenbak en versiegeschiedenis. OneDrive maakt ook geen volledige systeemback-up van Windows zelf. Het is dus ideaal voor documenten, foto's, projectmappen en instellingen, maar niet voor een complete herstelkopie van je hele pc.

OneDrive is een geïntegreerd onderdeel van Windows 11.

OneDrive en Microsoft-account instellen

Om OneDrive als back-up- en archiefsysteem te gebruiken, heb je dus een Microsoft-account en de OneDrive-client op je pc nodig. Op Windows 10 en 11 is OneDrive standaard aanwezig; je vindt het pictogram als een wit of blauw wolkje in het systeemvak rechtsonder. Klik daarop en kies voor Aanmelden om in te loggen met je Microsoft-account. Heb je nog geen account, dan maak je er in dit venster eenvoudig één aan. Na het aanmelden kies je in een wizard waar je de OneDrive-map op je pc wilt plaatsen en welke mappen in eerste instantie moeten synchroniseren. Alles wat je straks in deze OneDrive-map bewaart, wordt automatisch geüpload. Standaard krijg je 5 GB gratis opslag en via Microsoft 365 Basic, Personal of Family breid je dat uit tot respectievelijk 100 GB, 1 TB of 6 TB in totaal.

Het is verstandig nu al kort uit te rekenen hoeveel ruimte je nodig hebt: tel de grootte van je mappen Documenten, Afbeeldingen, Video's en belangrijke projectmappen bij elkaar op in Verkenner en houd een stevige marge aan. Zo voorkom je dat je later halsoverkop moet opschonen. Maar hoe werkt het allemaal in de praktijk? We laten je zien hoe je speciale Windows-mappen, zoals Bureaublad en Documenten, automatisch kunt back-uppen naar OneDrive.

De initiële installatie en configuratie van de OneDrive-app.
Back-up versus synchronisatie

Wie OneDrive als back-up gebruikt, overschat soms onbewust wat er precies gebeurt. Synchronisatie betekent dat OneDrive jouw bestanden tussen verschillende locaties gelijk houdt. Verwijder je een bestand in de gesynchroniseerde OneDrive-map, dan verdwijnt het ook in de cloud en op andere apparaten. Wel is het zo dat je de in OneDrive verwijderde items een tijd lang kunt terughalen uit de prullenbak en vaak oudere versies van bestanden herstellen via versiegeschiedenis, maar dat is tijdsgebonden en niet bedoeld als eeuwig vangnet. Een klassieke back-up daarentegen maakt een momentopname die daarna niet vanzelf verandert. Denk aan een periodieke kopie op een externe schijf of een NAS, waarop een bestand gewoon blijft bestaan, zelfs als je het op je pc verwijdert. OneDrive zit daar tussenin: het biedt synchronisatie met extra veiligheidslagen zoals versiegeschiedenis en ransomwarebescherming bij sommige Microsoft 365-abonnementen, maar het vervangt geen volledige meertrapsstrategie met bijvoorbeeld ook een lokale back-up. In de rest van dit artikel behandelen we OneDrive daarom als primaire online kopie van je werk- en privébestanden, maar raden we je aan die later aan te vullen met minstens één extra, onafhankelijke back-uplaag.

Bureaublad, documenten en afbeeldingen

Nu je OneDrive-map klaarstaat, kun je de belangrijkste Windows-mappen automatisch laten beschermen. Microsoft noemt dit de back-up van pc-mappen; technisch is dit een slimme omleiding waardoor mappen als Bureaublad, Documenten en Afbeeldingen voortaan fysiek in je OneDrive-opslag staan. Klik in Windows in het systeemvak op het OneDrive-wolkje, kies Instellingen, ga naar het tabblad Synchroniseren en back-up maken en klik op de knop Back-up beheren. Als het goed is zie je nu de mappen Desktop, Documenten en Afbeeldingen. Schakel per map het schuifje in om de back-up te activeren en bevestig met Wijzigingen opslaan. OneDrive verplaatst de inhoud van die mappen naar de bijbehorende locaties binnen je OneDrive-map en synchroniseert voortaan alle wijzigingen. De mappen die verwijzen naar Desktop, Documenten en Afbeeldingen worden dan uiteindelijk symbolische links naar de OneDrive-locaties en vanaf nu maakt OneDrive doorlopend een online kopie van je meest gebruikte mappen.

Hier geef je aan of je alles op de desktop en in de mappen Documenten en Afbeeldingen naar OneDrive wilt opslaan.

Windows-instellingen en apps synchroniseren tussen pc's

Een van de prettige voordelen van OneDrive is dat naast het maken van back-ups van fysieke bestanden ook instellingen van Windows 11 zelf worden opgeslagen. In Windows 11 gebeurt dat via de Windows Back-up en je Microsoft-account. Open het menu Start, klik op Instellingen, ga naar Accounts en kies Windows back-up. Hier zie je onder meer opties om je OneDrive-maplocaties, bureaubladindeling en bepaalde app-instellingen in de cloud te bewaren. Belangrijk is de sectie waarin je aangeeft dat Windows je voorkeuren moet onthouden. Onder Mijn voorkeuren onthouden kun je categorieën zoals personalisatie (thema, achtergrond), taalinstellingen, toegankelijkheidsopties, geluidsschema's en andere Windows-instellingen laten back-uppen. Log je in op een andere Windows-computer met hetzelfde account, en is OneDrive actief, dan worden de instellingen die je op de ene computer hebt opgeslagen, op de andere computer toegepast.

Hier geef je aan welke instellingen van Windows zelf geback-upt moeten worden.
Welke Windows-instellingen worden in de cloud bewaard?

Windows 11 leunt steeds zwaarder op je Microsoft-account en OneDrive om persoonlijke voorkeuren tussen apparaten te synchroniseren. In de Windows Back-up-omgeving, te vinden via Instellingen / Accounts / Windows back-up, geef je aan welke soorten instellingen mogen worden meegenomen. Niet alles wordt gesynchroniseerd; driverinstellingen, zware programma's en specialistische tools moet je zelf opnieuw installeren en configureren. Browsers zoals Microsoft Edge en andere Microsoft 365-apps hebben daarnaast hun eigen synchronisatielagen, zodra je je daar met hetzelfde account aanmeldt. Zo ontstaat een gelaagd geheel: OneDrive voor bestanden, Windows Back-up voor besturingssysteemvoorkeuren en app-specifieke sync voor bijvoorbeeld je browser. Het voordeel is dat een nieuwe pc daardoor in korte tijd heel vertrouwd aanvoelt, zeker als je de stappen uit de hoofdtekst netjes doorloopt. Het nadeel is dat je soms even moet zoeken waar een bepaalde instelling precies wordt bewaard, maar in de praktijk wen je daar snel aan.

OneDrive als langetermijnarchief inrichten

Nu je OneDrive werkend hebt, kun je het als een makkelijk te raadplegen archief voor de langere termijn gebruiken. Hierdoor kun je dan niet alleen je actuele werk bewaren, maar ook afgeronde projecten en oude jaargangen van documenten en foto's gestructureerd opslaan. Maak in je OneDrive-hoofdmap bijvoorbeeld een map '_Archief' en daarbinnen submappen per jaar of per thema, zoals '2023_Foto', '2024_Projecten' of 'Administratie_oud'. Verplaats afgeronde dossiers vanuit de actieve projectmappen naar deze archiefstructuur. Omdat alles in OneDrive staat, blijft het online beschikbaar. Maar met Files On-Demand in Windows 10 en 11 kun je instellen dat oudere archiefbestanden alleen in de cloud blijven en niet standaard schijfruimte innemen. Klik met de rechtermuisknop op een archiefmap, kies Ruimte vrijmaken zodat Windows het lokale exemplaar verwijdert en alleen nog een cloud-pictogram toont. Open je het bestand later, dan wordt het weer tijdelijk gedownload.

Met de optie Ruimte vrijmaken worden bestanden van je eigen computer verwijderd, maar blijven ze nog wel online en op andere apparaten beschikbaar.

Kies de juiste OneDrive-variant

Hoe verder je OneDrive als back-up en archief gebruikt, hoe belangrijker voldoende opslagruimte wordt. Met een gratis Microsoft-account krijg je 5 GB cloudopslag, gedeeld tussen OneDrive, sommige Outlook.com-gegevens en Microsoft 365-apps. Dat is genoeg voor wat documenten en een redelijke fotocollectie, maar voor een volledige pc-back-up plus archief is het meestal te krap. Microsoft 365 Basic geeft je 100 GB opslag zonder desktop-apps van Office; Microsoft 365 Personal biedt 1 TB opslag voor één gebruiker, terwijl Microsoft 365 Family tot 6 TB levert: maximaal zes personen krijgen ieder 1 TB. Heb je al een Personal- of Family-abonnement, dan kun je daar per account nog tot 10 TB extra opslag bovenop kopen. Meer informatie over de meest up-to-date prijzen vind je hier.

Denk praktisch: een gemiddelde mix van documenten, foto's en enkele video's past voor de meeste mensen jarenlang in 1 TB, zeker als je archiefbestanden die je zelden nodig hebt, lokaal of op een NAS of externe harde schijf zet. Ontwikkel je veel video's of werk je met grote datasets, dan is OneDrive vooral je werkruimte en schakel je een aanvullende opslagoplossing in voor ruwe bestanden. Met je abonnement op orde kun je in de volgende stap ontspannen focussen op hoe je dagelijks met gesynchroniseerde bestanden werkt.

OneDrive combineren met een externe schijf

Hoewel OneDrive krachtige mogelijkheden biedt, blijft één principe uit de back-upwereld verstandig: de 3-2-1-regel. Bewaar minstens drie kopieën van belangrijke data, op twee verschillende soorten media, waarvan één buiten je eigen locatie. In deze context is OneDrive je externe locatie, terwijl je pc de eerste kopie heeft. Voeg daar een derde laag aan toe door regelmatig een lokale back-up naar een externe schijf te maken. In Windows kan dat bijvoorbeeld met Bestandsgeschiedenis of met de nieuwere Windows Back-up-app, waarmee je naar een externe schijf of netwerkopslag schrijft. Het voordeel is dat je bij een internetstoring of een grote cloudstoring nog steeds een recente kopie in huis hebt. Andersom dekt OneDrive je bij brand, diefstal of een defecte schijf, waar een lokale back-up alleen niet voldoende zou zijn. Door OneDrive als primaire, altijd-aan kopie te gebruiken en een externe schijf als periodieke momentopname te gebruiken, combineer je het beste van twee werelden. Zeker voor kleine organisaties en zelfstandigen is dit een betaalbare manier om professionele back-uppraktijken toe te passen zonder dure infrastructuur.

Dagelijks werken met gesynchroniseerde bestanden

Als je OneDrive eenmaal hebt ingericht, wordt het pas echt krachtig als je er dagelijks vanzelf mee werkt. Het uitgangspunt is simpel: sla je documenten standaard op in de OneDrive-map, niet ergens los op je C-schijf. In Word, Excel of een andere applicatie kies je bij Opslaan als of Bladeren bewust de OneDrive-locatie en eventueel een specifieke project- of archiefmap. Op die manier worden nieuwe bestanden direct geback-upt en gesynchroniseerd. Met Files On-Demand zie je in Verkenner bij elk bestand een statusicoon: volledig lokaal beschikbaar, alleen online of tijdelijk gedownload. Heb je weinig schijfruimte, stel OneDrive dan via Instellingen en Synchronisatie en back-up zo in dat alleen vaak gebruikte mappen standaard offline worden bewaard. Werk je op een laptop zonder constante internetverbinding, dan kun je belangrijke projectmappen juist als Altijd bewaren op dit apparaat markeren via het contextmenu, zodat je daar ook offline bij kunt. Zodra je weer online bent, synchroniseert OneDrive de wijzigingen automatisch. Dankzij deze werkwijze zijn je actuele bestanden altijd onderdeel van je back-up, wat de laatste stap – controle en noodherstel – een stuk betrouwbaarder maakt.

Met de optie Altijd bewaren op dit apparaat blijft het gedownloade bestand op de schijf staan, ook wanneer het op een andere computer wordt bewerkt.

Onderhoud, controle en noodgevallen

Een back-up- en archiefsysteem is nooit helemaal klaar; af en toe onderhoud voorkomt problemen op een slecht moment. Kijk regelmatig in het OneDrive-pictogram of de status 'Up to date' aangeeft en of er geen foutmeldingen over conflicten of onvoldoende opslag verschijnen. Via OneDrive op het web kun je onder Settings en Storage zien hoeveel ruimte je verbruikt en welke mappen of bestandstypen de meeste ruimte innemen. Ruim bijvoorbeeld oude, grote downloadbestanden op die geen archiefwaarde hebben. In geval van nood – denk aan per ongeluk verwijderen of overschrijven – kun je in de webinterface naar de prullenbak gaan om bestanden terug te zetten, of in de versiegeschiedenis van een document een oudere staat herstellen. Bij Microsoft 365-abonnementen biedt OneDrive bovendien bescherming tegen ransomware-aanvallen: je krijgt dan hulp bij het grootschalig terugzetten van bestanden naar een gezond tijdstip. Door deze controles in te bedden in je maandelijkse routine, zorg je dat je back-upstrategie blijft kloppen met hoe je echt werkt. Daarmee is de cirkel rond en ben je klaar om je persoonlijke data structureel beter te beschermen.

▼ Volgende artikel
Ontwerp van Nothing Phone (4a) onthuld
Huis

Ontwerp van Nothing Phone (4a) onthuld

Het Britse bedrijf Nothing heeft het design van de aankomende nieuwe smartphone Phone (4a) onthuld.

Dat deed het bedrijf gisteren via social media. De smartphone komt op 5 maart uit. In de tweet hieronder is het ontwerp alvast te zien, met de typische drukke achterkant die we inmiddels gewend zijn van het bedrijf.

De aankomende Phone (4a) heeft een zogeheten 'Glyph Bar'. Dit is een micro-led-paneel aan de zijkant, die mensen zelf kunnen programmeren om ze in verschillende patronen te laten knipperen. Het gaat om de vierkantjes aan de rechterzijde, naast het camera-eiland. De led-lampjes zijn volgens het bedrijf 40 procent feller dan die op de Phone (3a).

Over de precieze technologie van de Nothing Phone (4a) zijn nog geen aankondigingen gedaan, maar volgens geruchten krijgt de smartphone een Snapdragon 7s Gen 4-chip. Er zal ook een duurdere en snellere Phone (4a) Pro verschijnen, al is daar het uiterlijk nog niet van onthuld.

Officieel wordt de Phone (4a) op 5 maart onthuld.

View post on X