ID.nl logo
Eigen cloud maken met ownCloud
© Reshift Digital
Huis

Eigen cloud maken met ownCloud

Dropbox, OneDrive, Google Drive... allemaal clouds van grote bedrijven. Waarom zou je niet je eigen cloud maken? Die draait gewoon bij je thuis of op een eigen server en is veilig toegankelijk via een versleutelde verbinding als je de deur uit bent. Ideaal voor de opslag van foto’s, video’s en andere persoonlijke documenten, en net zo toegankelijk als een commerciële cloud. Wij leggen uit hoe je te werk gaat met ownCloud.

Een eigen cloud geeft je verschillende voordelen ten opzichte van een externe dienst. Wellicht het belangrijkst: je bepaalt zelf waar de bestanden worden opgeslagen. Bovendien kun je zelf aangeven op welke manier ze toegankelijk zijn en op welke manier de informatie is beveiligd.

De mogelijkheden

Er bestaan grofweg twee manieren om een ‘eigen’ cloud op te zetten. Je kunt fysiek een apparaat (zoals computer, maar ook een NAS) inrichten en deze de taak van een persoonlijke opslagdienst toewijzen. Een andere manier is door een cloudomgeving in te richten op je eigen webserver, waarvan je zelf de hosting verzorgt of die je extern laat hosten door een internetprovider.

In dit artikel kiezen we voor externe hosting, zodat we niet zelf een webserver hoeven in te richten. Daarbij willen we wel dat het mogelijk is de hosting toch in eigen beheer te nemen. Zo kun je die keuze zelf maken en eventueel alsnog de cloudomgeving op je eigen server plaatsen en inrichten, als je bekend bent met het zelf hosten van bestanden.

In het tweede deel van het artikel leggen we je uit hoe je bestanden op alle computers in het huishouden met elkaar kunt synchroniseren en er dus altijd toegang toe hebt, zonder afhankelijk te zijn van een externe (cloud)dienst.

OwnCloud

Voor het opzetten van onze eigen cloudomgeving gaan we aan de slag met ownCloud. Kenmerkend aan deze dienst is de relatief grote vrijheid die je hebt bij het opzetten van de eigen omgeving. Ook kun je ownCloud hosten op een eigen server of voor het gemak laten inrichten op een externe hostinglocatie, waarbij je nog steeds verregaande controle houdt over de inrichting en werking.

Kies je ervoor om ownCloud te hosten op een eigen server, dan kun je gebruikmaken van de Community-editie. Deze is geschikt voor thuisgebruik en mag kosteloos worden gebruikt.

Laat je de hosting liever verzorgen door ownCloud, dan kun je de dienst ownCloud.online gebruiken. Deze kost je 15 euro per maand en biedt een opslagcapaciteit van 500 GB. Je maakt hierbij voor de hosting dus gebruik van ownCloud zelf. De servers zijn gevestigd in Duitsland. Bijkomend voordeel is de back-upfunctie, waarmee je in geval van nood bestanden kunt terugzetten tot 180 dagen terug in de tijd.

©PXimport

Opslaglocatie

Kies je ervoor om de eigen cloud op een externe server te hosten? Het land waarin de server zich bevindt, bepaalt de wetgeving op het gebied van data. Zo kennen de Verenigde Staten verregaande bevoegdheden voor toegang tot gegevens op servers die zich binnen de VS bevinden. 

Wil je liever dat de gegevens onder Europees recht vallen? Kies dan voor een provider waarvan de servers zich in Europa bevinden. Deze locatie-informatie wordt in de praktijk vaak duidelijk aangegeven op de website van de hoster.

©PXimport

De omgeving

In het hoofdvenster van ownCloud zie je de mappen en bestanden van je persoonlijke cloud. Links vind je de subcategorieën. Zo kun je hier favoriete bestanden openen, maar ook snel doorklikken naar gedeelde bestanden en mappen. Ben je op zoek naar een specifiek bestand, dan heb je twee mogelijkheden. Via de optie Tags links in het venster kun je bestanden zoeken op tags, terwijl je via de algemene zoekfunctie rechtsboven in het venster zoekt naar bestanden op inhoud en naam.

Je kunt eenvoudig bestanden toevoegen via de webomgeving door een bestand naar het browservenster te slepen en hierboven los te laten. Naast elk bestand vind je de knop Meer informatie, herkenbaar aan de drie puntjes (…). Klik hierop voor extra opties. Zo kun je hier aanvullende gegevens over het geselecteerde bestand opvragen, maar ook eenvoudige bewerkingen doen zoals het aanpassen van de bestandsnaam en het openen van het bestand in een viewer.

Ook vind je hier de optie Lock File. Die komt van pas als je persoonlijke cloud meerdere gebruikers (bijvoorbeeld gezinsleden) heeft en je wilt voorkomen dat die verschillende gebruikers tegelijkertijd hetzelfde bestand aanpassen. Door zo’n bestand te vergrendelen, voorkom je dus dat er bewerkingsconflicten ontstaan.

©PXimport

Bestanden delen

Wil je bestanden uit de persoonlijke cloud delen? Elk bestand binnen ownCloud is voorzien van een knop Delen. Klik hierop om het detailvenster te openen. Je kunt het bestand vervolgens delen, bijvoorbeeld met andere gebruikers binnen het huishouden. Kies hiervoor de gewenste gebruiker of groep op de tab Gebruiker en Groepen.

In plaats hiervan kun je ook een openbare link maken. Die komt van pas als je de bestanden wilt delen met een persoon buiten het huishouden. Klik op de tab Openbare links. Klik nu op Creëer openbare link. Een nieuw venster wordt geopend: geef hierin een naam aan de link en voeg eventueel een wachtwoord toe. In het vak Vervaltermijn kun je aangeven hoe lang de openbare deellink actief mag zijn. Overigens kun je deze termijn ook standaard inperken via het algemene instellingenvenster.

©PXimport

Beveiliging op orde

Een groot voordeel van het inrichten van je eigen cloud is de mogelijkheid om zelf het beveiligingsbeleid te bepalen. Zo kun je aangeven hoelang wachtwoorden geldig mogen zijn en na hoeveel tijd deze verplicht moeten worden veranderd, aan welke eisen een wachtwoord moet voldoen, maar ook hoelang openbare links naar bestanden op je eigen cloud actief mogen blijven.

Klik rechtsboven in het venster op je gebruikersnaam en kies Instellingen. Kies hierna voor Beveiliging. De eerste sectie – Antivirusinstellingen – bepaalt wat er moet gebeuren als er geïnfecteerde bestanden worden aangetroffen. Standaard wordt hiervan alleen een melding gemaakt, maar je kunt er ook voor kiezen om de bestanden direct te verwijderen. Kies in dat geval voor Verwijder bestand bij de optie Wanneer geïnfecteerde bestanden worden gevonden tijdens een achtergrondscan.

In de sectie eronder stel je het wachtwoordbeleid op. Kies bij Wachtwoord en openbare link verloopbeleid eerst de variabelen waaraan nieuwe wachtwoorden (voor jezelf en andere gebruikers, bijvoorbeeld gezinsleden) moeten voldoen. Daarna bepaal je hoeveel dagen een openbare deellink geldig mag zijn. Na deze periode verloopt de link en zijn de bestanden niet meer beschikbaar voor anderen.

©PXimport

Mobiele apps

Voor toegang tot je bestanden kun je niet alleen gebruikmaken van de webomgeving, maar ook van diverse apps. Er zijn mobiele apps beschikbaar voor Android en iOS.  Gebruik bij het aanmelden bij de apps dezelfde gegevens als je eerder hebt ingesteld voor de persoonlijke cloud. De bestanden zijn hierna direct toegankelijk voor de mobiele apparaten.

Ook zijn er desktop-apps voor Windows, MacOS en Linux. Je vindt de nieuwste versie voor elk platform op https://owncloud.com/desktop-app. Na installatie meld je je aan met de aanmeldingsgegevens van ownCloud.

Meldingen instellen

Om de controle over je persoonlijke cloud uit te breiden, kun je e-mailnotificaties instellen. Je kunt verschillende meldingen activeren, afhankelijk van de hoeveelheid berichten die je wilt ontvangen.

In het instellingenvenster van ownCloud kies je voor Algemeen. Ga naar de sectie E-mailnotificatie. Wil je een bericht ontvangen voor alle mutaties binnen je cloud, dan kies je voor Informeer over alle gebeurtenissen. Wil je niet continu op de hoogte worden gehouden, maar alleen een bericht zien als er actie nodig is, dan kies je voor Alleen informeren wanneer er een actie vereist is.

Werp hierna een blik op Activiteit. Hier kun je per actie aangeven of er een melding moet worden gestuurd. Plaats een vinkje naast elke actie waarvan je op de hoogte wilt worden gesteld. Om het aantal berichten binnen de perken te houden, kies je onderin – bij de optie Verstuur e-mails – hoe vaak de e-mail mag worden verstuurd. Zo kun je kiezen voor Per uur, maar ook voor Zo snel mogelijk.

©PXimport

Zekerheid voor alles

Door tweefactorauthenticatie in te schakelen, zorg je voor een extra beveiligingslaag van je bestanden. Met die modus heb je niet alleen een gebruikersnaam en wachtwoord nodig, maar gebruik je ook een authenticator-app (zoals Google Authenticator of Microsoft Authenticator) om telkens een unieke code te genereren waarmee je de aanmelding voltooit.

Kies in het instellingenvenster voor Beveiliging. Activeer de optie TOTP activeren. Er verschijnt een QR-code die je kunt gebruiken om je eigen authenticator-app te koppelen.

Makkelijk via de verkenner

Je kunt de bestanden van de persoonlijke cloud relatief eenvoudig toegankelijk maken via de verkenner in Windows 10 en Windows 11. We maken hiervoor gebruik van WebDAV, dat de koppeling vormt tussen de bestanden en de verkenner.

In het hoofdvenster van ownCloud klik je op Instellingen (linksonder in het venster). In de sectie WebDAV kopieer je de getoonde persoonlijke koppeling. Hierna open je Windows Verkenner (tip: gebruik de toetscombinatie Windows+E). In Windows 10: klik met de rechtermuisknop op Deze pc en kies Netwerkverbinding maken. In Windows 11: klik op Deze pc, op de knop Meer informatie en kies vervolgens Netwerkverbinding maken

Kies de schijfletter die je wilt gebruiken om de bestanden van de persoonlijke cloud toegankelijk te maken, bijvoorbeeld Z:. In het vak Map plak je de eerder gekopieerde url van ownCloud. De optie Opnieuw verbinding maken bij aanmelden kun je ingeschakeld houden. Bevestig met een klik op Voltooien.

Zodra je de locatie opent, vraagt Windows om de aanmeldingsgegevens van ownCloud. Voortaan zijn je bestanden ook beschikbaar via een eigen station in de verkenner.

©PXimport

Altijd bij je bestanden

In plaats van centrale opslag, zoals we hierboven hebben beschreven, kun je ook kiezen voor decentrale opslag van je bestanden. Hierbij worden je bestanden niet op één centrale locatie, maar op meerdere locaties bewaard. Bijvoorbeeld de verschillende computers in het huishouden. Je haalt hiermee alsnog de functionaliteit van een cloud in huis: vanaf elke computer zijn de bestanden altijd toegankelijk.

Dit bereiken we met behulp van ‘peer to peer’-synchronisatie (P2P). Dat kunnen we bijvoorbeeld opzetten met behulp van de app GoodSync Personal. Daar kijken we tenslotte nog even naar. Deze app mag je gratis gebruiken. Haal de nieuwste versie binnen via www.goodsync.com/personal.

Tijdens de installatie maak je een GoodSync-account aan; dit is verplicht om verder te kunnen. Kies in de wizard voor de optie Bied bestanden aan van stations op deze computer naar andere GoodSync-apparaten. Voer in het vak eronder de aanmeldingsgegevens voor Windows in (het wachtwoord, niet de pincode), zodat GoodSync toegang heeft tot de juiste mappen. Klik op Volgende en rond de installatie af door op Sluit te klikken. Installeer GoodSync op alle apparaten die je toegang wilt geven tot je persoonlijke bestanden.

©PXimport

Synchronisatie instellen

Nu GoodSync is geïnstalleerd, kun je synchronisatie opzetten tussen de verschillende computers. Voer deze stap uit op de computer die je met de andere computers in het huishouden wilt synchroniseren, zodat alle bestanden altijd op alle apparaten toegankelijk zijn.

In het hoofdvenster van GoodSync klik je op Nieuwe taak. Een nieuw venster wordt geopend. Geef de taak een passende naam (bij Geef naam van taak op). Kies vervolgens voor Synchroniseren.

Terug in het hoofdvenster van GoodSync klik je op het pictogram van de linkermap (boven in het venster). Een overzicht van locaties verschijnt. Open vervolgens Deze computer en blader naar de submap met bestanden die je op alle andere apparaten toegankelijk wilt maken (bijvoorbeeld Foto’s). 

In het venster rechts klik je op GoodSync Connect. Klap deze sectie uit. Hier vind je alle apparaten waarop je GoodSync hebt geïnstalleerd. Kies hier een map waar de bestanden moeten worden ondergebracht (de doelmap). Klik op Toepassen en hierna op Analyseren.

Er wordt een overzicht getoond van de bestanden die voor de andere apparaten toegankelijk moeten worden gemaakt. Is dit in orde, klik dan op Sync. Je kunt deze stappen herhalen op alle computers waarop je de bestanden toegankelijk wilt maken.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.