ID.nl logo
Bouw een extra router in je thuisnetwerk
© Reshift Digital
Huis

Bouw een extra router in je thuisnetwerk

De kans is groot dat je router afkomstig is van je internetprovider, want heel vaak zitten router en modem in één toestel. Dat is misschien wel makkelijk, maar er hangen best ook wel nadelen aan vast. Je kunt echter een extra router in je netwerk hangen. Waarom en hoe? Je leest het in dit artikel.

Je hebt misschien nog een oude (draadloze) router liggen en anders kun je er vast één voor een prikkie op de kop tikken. Leuk, maar wat doe je daar nou mee? Wij kunnen alvast een boel redenen bedenken waarom een extra router in je netwerk best zinvol kan zijn.

01 Redenen voor een extra router

De modem-router van je provider staat bijvoorbeeld in de meterkast en het draadloze bereik is ondermaats. Dan kan een range-extender of wifi-repeater nog wel uitkomst brengen, maar daarmee halveer je in principe wel de snelheid van je draadloze verbinding. Een andere reden om een tweede router in je netwerk op te nemen is dat je standaardrouter weinig extra opties biedt (en zelf frunniken aan de firmware laat de provider je uiteraard niet toe). En vaak is er geen usb-poort voor een externe schijf, geen vpn-ondersteuning en geen gastnetwerk-mogelijkheid. Of wellicht stellen de uitgebouwde wifi-mogelijkheden teleur: geen simultane dualband, geen ac-wifi enzovoort. Of het handjevol lan-poortjes van de router zit al volgestouwd en je hebt dus behoefte aan extra koppelingsmogelijkheden. Je kunt dan uiteraard een switch kopen, maar een oude router kun je doorgaans ook als switch gebruiken.

Maar je kunt ook een meer ‘geavanceerde’ reden hebben voor zo’n tweede of zelfs derde router: je wilt bijvoorbeeld je netwerk in subnetten opdelen, waarbij gebruikers (of hackers …) van het ene subnet niet bij de apparaten van het andere kunnen. Zo’n afgeschermd subnet kan nuttig zijn voor gebruik door je kinderen of gasten, of wanneer je een server draaien hebt die je van de rest van je netwerk wilt afscheiden. Ook voor onveilige IoT-apparatuur komt een dergelijk gescheiden netwerk van pas.

Een eigen router betekent overigens wel dat je zelf instaat voor de configuratie en upgrades. Even naar de provider bellen voor ondersteuning van je tweede router zit er natuurlijk niet in. Maar dat schrikt een lezer van Computer!Totaal natuurlijk niet af!

©PXimport

02 Routers achter elkaar

Er zijn eigenlijk twee manieren waarop je routers achter elkaar kunt verbinden. Bij het eerste type koppel je een lan-poort van de eerste router via een utp-kabel met een lan-poort van je tweede router. En wel zo dat beide routers zich in hetzelfde lan-ip-segment bevinden, zodat computers en andere netwerkapparaten met beide routers kunnen verbinden. Deze setup is aanbevolen wanneer je bestanden en andere bronnen binnen je hele netwerk wilt kunnen delen, de tweede router dient dan als wifi-accesspoint of switch in je normale netwerk.

Bij het tweede type wordt het wat complexer: hier verbind je een lan-poort van de eerste router met het wan-poort van je tweede router. Beide routers hebben dan verschillende ip-segmenten, zodat apparaten uit het ene segment niet zomaar toestellen uit het andere segment kunnen benaderen. Het omgekeerde is normaliter wel nog mogelijk. Wil je echt twee volledig gescheiden segmenten die elkaar niet kunnen benaderen, dan kun je een Y-opstelling met drie routers overwegen. In dit artikel komen al deze mogelijkheden expliciet aan bod.

©PXimport

©PXimport

02 Lan-lan versus lan-wan: fundamenteel verschillend van opzet.

De eerste methode om twee routers te koppelen, een lan-naar-lan-verbinding, biedt vaak een uitkomst als je extra lan-poorten nodig hebt of wanneer het wifi-bereik van je eerste router ontoereikend is.

03 Basisinformatie verzamelen

Je kunt het gebrek aan wifi-bereik, zoals gezegd, oplossen met een range-extender, repeater of met een powerlinesetje met meerdere adapters (al dan niet met geïntegreerd draadloos toegangspunt), maar dat kost natuurlijk geld. Een extra draadloos toegangspunt kan ook, maar zo’n toestel is doorgaans duurder dan een extra router – zeker als je er nog eentje ergens hebt liggen.

Wij opteren dus voor een extra router, en gaan ervan uit dat je eerste router met het modem is verbonden – voor zover het al niet om één modem-router gaat. Zorg er tevens voor dat een computer met een van de lan-poorten van die eerste router is verbonden. Open vervolgens de opdrachtprompt op die pc en voer het commando ipconfig uit. Noteer het ip-adres van de Standaardgateway (Default Gateway) bij je ethernet-connectie, evenals het Subnetmasker. Dit laatste is normaliter 255.255.255.0.

©PXimport

04 Router-adres

Hang nu je tweede router aan het stroomnet en koppel voorlopig alleen een computer aan een lan-poort van deze router. We gaan er wel van uit dat je het ip-adres en de inloggegevens van die router kent. Ben je die vergeten, dan kun je de router nog resetten zodat die op de standaardconfiguratie terugvalt. Zo’n reset kan gewoonlijk met de 30/30/30-regel: houd het resetknopje met een puntig voorwerp gedurende 30 seconden ingedrukt, schakel de router vervolgens uit en schakel die na 30 seconden weer in waarbij je het knopje nog steeds ingedrukt houdt gedurende een laatste 30 seconden. Raadpleeg ook de (online) handleiding van het apparaat, hier vind je vaak wel het standaard ingestelde ip-adres met gebruikersnaam en wachtwoord.

Start vervolgens je browser op en stem die af op het ip-adres van deze tweede router. Na je aanmelding kun je aan de slag. Allereerst zorg je ervoor dat dit ip-adres binnen hetzelfde ip-segment (subnet) van je eerste router valt. Stel, je eerste router heeft als (lan-)ip-adres 192.168.0.254, dan zou je de tweede router het adres 192.168.0.253 kunnen geven (alleen het laatste cijfer verschilt), met hetzelfde subnetmasker. Om adresconflicten te vermijden, zorg je er wel voor dat dit adres nog niet in gebruik is binnen je netwerk en dat het niet binnen het dhcp-bereik van je eerste router valt. Eventueel moet je dat eerst nog even controleren in de webinterface van je eerste router.

©PXimport

05 Router-configuratie

De eerste stap is gezet, maar gezien er binnen één subnet maar één dhcp-server actief mag zijn, moet je deze service op je tweede router nog deactiveren, zodat het uitdelen van adressen een voorrecht van je eerste router blijft. Verder moet je ook aandacht hebben voor het draadloze gedeelte. Vermoedelijk wil je tussen beide routers kunnen ‘roamen’ en het meest gangbare scenario is in dat geval dat je beide routers dezelfde ssid meegeeft, weliswaar bij voorkeur een andere ssid voor de 2,4 GHz- en de 5 GHz-band (indien beide beschikbaar). Kies op beide routers indien mogelijk voor dezelfde wifi- en encryptiestandaard, met hetzelfde wachtwoord (bijvoorbeeld 802.11n en wpa2-aes). Voor de 2,4GHz-band stel je de tweede router wel op een ander kanaal in, dat idealiter minstens 5 nummers verschilt van dat van je eerste router (bijvoorbeeld kanaal 1 en 6 of kanaal 6 en 11). Positioneer je tweede router optimaal in je woning. Software als het gratis NetSpot kan je bij deze ‘site survey’ helpen, beschikbaar voor Windows en macOS). Verbind beide routers nu met elkaar door middel van een netwerkkabel die je op de lan-poorten aansluit.

©PXimport

Bridge-modus

Sommige routers zijn voorzien van een zogenoemde bridge-modus. Hiermee wordt het nog iets makkelijker om een router als een extra toegangspunt binnen je bestaande netwerk(segment) in te stellen. In de bridge-modus functioneert je router als een accesspoint en worden zaken als de dhcp-server automatisch uitgeschakeld. Ontbeert je router die functionaliteit, dan lukt het misschien wel met een firmware-update of desnoods via een flash met de alternatieve firmware van DD-WRT. Zo’n flash voer je wel geheel op eigen risico uit. We gaan er alvast van uit dat je eerste router geconfigureerd is voor draadloze toegang. Ga vervolgens naar de webinterface van je tweede router en activeer de Bridge Mode of een optie die hierop lijkt. Die vind je wellicht terug in een rubriek als Network Mode, Wireless Mode of Connection Type. Geef deze router een ip-adres mee in hetzelfde ip-segment als de andere router, met hetzelfde subnetmasker. Is je router ingesteld op de bridge-modus, dan kun je de router via de wan-poort met een netwerkkabel aan je netwerk hangen waarna het apparaat functioneert als accesspoint.

©PXimport

Is het je bedoeling om met twee gescheiden subnetten te werken waarbij de computers van het buitenste subnet (verbonden met je eerste router) de toestellen van het binnenste subnet (verbonden met je tweede router) niet kunnen bereiken, dan moet je voor een lan-naar-wan-opstelling gaan. We maken hier de I-opstelling.

06 Wan-gedeelte

Bij een lan-naar-wan-opstelling kun je bijvoorbeeld een of meer servers op het buitenste subnet draaien, of dit subnet inzetten als (draadloze) netwerk voor je kinderen of gasten – eventueel zelfs in combinatie met dns-webfiltering (zie stap 8). Een dergelijke opstelling is bijvoorbeeld ook handig om onveilige IoT-apparatuur te scheiden van je andere netwerkapparaten.

Noteer alvast het ip-adres en het subnetmasker van je eerste router. Ga via de webinterface na of de dhcp-service op deze router wel actief is. Koppel nu een pc aan een lan-poort van je tweede router en ga naar de webinterface van dit toestel (zie stap 4 voor een eventuele router-reset). Ga naar de internetinstellingen van deze tweede router en stel die in op automatische configuratie via dhcp. Dat heeft als gevolg dat het wan-ip-adres van deze router door de dhcp-server van je eerste router wordt toegewezen. Om ervoor te zorgen dat dit ip-adres hetzelfde blijft, kun je je eerste router zo instellen dat je tweede router met dit adres in de lijst met dhcp-reserveringen (oftewel statische leases) wordt opgenomen. Een alternatief is dat je het wan-ip-adres van je tweede router zelf vast instelt, weliswaar buiten het dhcp-bereik van je eerste router. Als standaardgateway van je tweede router vul je in dit geval zelf het lan-ip-adres van je eerste router in.

07 Lan-gedeelte

Over naar het lokale netwerk-gedeelte van je tweede router. Die geef je een lan-ip-adres mee dat in een ander ip-segment ligt dan dat van je eerste router. Je zou je tweede router bijvoorbeeld het adres 192.168.1.1 kunnen meegeven als je eerste router als adres 192.168.0.1 heeft. Wellicht wil je dat ook deze tweede router ip-adressen binnen zijn ip-segment kan uitdelen. Dan moet je op deze router ook de dhcp-service activeren. Je zou die adressen kunnen laten toekennen binnen een bereik van bijvoorbeeld 192.168.1.2 tot 192.168.1.50.

Ben je hiermee klaar en zijn alle instellingen correct doorgevoerd, dan verbind je een lan-poort van je eerste router via een netwerkkabel met de wan-poort van je tweede router. Stel een verschillende ssid in voor elke router en laat het draadloze signaal over een zo uiteenlopend mogelijk kanaal lopen (bijvoorbeeld 1 en 6 of 6 en 11 bij 2,4 GHz, zie ook stap 5).

©PXimport

08 Dns

Zoals gezegd is het voor computers uit het buitenste subnet niet zomaar mogelijk om toestellen uit het binnenste subnet te benaderen, wat maakt dat het buitenste subnet bijvoorbeeld geschikt is voor gebruik door gasten (via wifi) of voor gebruikers die graag experimenteren. Je werkt zelf dan (als je niet aan het knutselen bent) uitsluitend op toestellen in het binnenste subnet. Als je dat verkiest, kun je bijvoorbeeld ook verschillende dns-servers instellen op beide routers. Op de tweede router gebruik je dan de standaard dns-servers van je provider of die van Google (8.8.8.8 en 8.8.4.4), terwijl je op de eerste router eventueel dns-servers met ‘geïntegreerde webfiltering’ instelt, zoals die van OpenDNS (208.67.220.220 en 208.67.222.222). Meer uitleg over deze dns-filtering vind je hier.

©PXimport

09 Port forwarding

Het feit dat je nu met gescheiden subnetten werkt, kan ook onvermoede nadelen opleveren. Wanneer je interne servers (zoals een nas, webcam of een of andere server op een pc) in het binnenste subnet (van je tweede router) plaatst, dan laten die zich niet zomaar benaderen vanaf het internet. Wil je dat toch, dan kun je dat via een dubbele port forwarding oplossen.

Stel, je draait een server op een toestel met lan-ip-adres 192.168.1.148 op poort 8000 en je tweede router heeft als wan-ip-adres 192.168.0.253. Dan stel je eerst port forwarding op je eerste router in, waarbij je aanvragen van buitenaf op poort 8000 naar ip-adres 192.168.0.253 doorstuurt. Vervolgens stel je port forwarding op je tweede router in met aanvragen op poort 8000 naar ip-adres 192.168.1.148. Via het wan-ip-adres van je eerste router is die server op je binnenste subnet nu wel weer bereikbaar vanaf het internet. Weet je niet precies hoe je port forwarding instelt, ga dan hiernaartoe, daar vind je voor talrijke routers de nodige instructies om port forwarding in te stellen.

©PXimport

Je kunt het netwerk nog ‘veiliger’ maken door twee compleet geïsoleerde subnetten te creëren die elkaar niet kunnen bereiken. Daarvoor heb je dan wel drie routers nodig, waarbij je de eerste router rechtstreeks naar de twee andere vertakt – vandaar de naam Y-opstelling. Net als de I-opstelling met twee routers is ook deze oplossing geschikt om onveilige IoT-apparatuur te scheiden van je andere netwerkapparaten.

10 Twee subnetten

Om onze Y-opstelling te maken, hebben we drie routers nodig. De eerste hangt direct aan het internet, met de tweede en derde router creëren we de gescheiden subnetten. Hiervoor ga je op deze twee routers eigenlijk grotendeels op dezelfde manier te werk als hiervoor beschreven bij Manier 2.

Het wan-ip-adres van je eerste router is afkomstig van je internetprovider en als lan-ip-adres heeft die bijvoorbeeld 192.168.0.254. Je zou dan als wan-ip-adres voor je tweede router 192.168.0.253 en voor je derde router 192.168.0.252 kunnen instellen. Dat kan telkens een vast ip-adres zijn of je plaatst beide adressen in de dhcp-reserveringen van je eerste router. Zie hiervoor stap 6. Vervolgens geef je aan je tweede en derde router een lan-ip-adres mee binnen een ip-segment dat zowel van de eerste router als ook van elkaar verschilt. Dat zou bijvoorbeeld 192.168.1.x voor je tweede router en 192.168.2.x voor je derde router kunnen zijn. Zorg ervoor dat op de drie routers de dhcp-service is geactiveerd.

Door deze configuratie krijg je de volgende situatie. Alle verbonden toestellen kunnen internet bereiken. Elke pc kan de andere toestellen benaderen, indien die zich binnen hetzelfde subnet bevinden. De pc’s kunnen ook de drie routers pingen. Heb je servers op je subnet(ten) draaien, dan moet je de nodige port forwarding-regels instellen, zoals beschreven bij stap 9.

Router enkel als switch

Wil je een oude router enkel als switch gebruiken, dan stel en sluit je de router aan op de manier die we in dit artikel als eerste beschrijven (lan-lan). Vervolgens schakel je het wifi-accesspoint van deze tweede router uit. Je kunt de tweede router dan probleemloos als een normale switch gebruiken. Let er wel op dat een wat oudere router misschien niet is voorzien van gigabit-aansluitingen.

▼ Volgende artikel
Al je bestanden veilig in de cloud: zo stel je OneDrive in als slimme back-up
© Andreas Prott - stock.adobe.com
Huis

Al je bestanden veilig in de cloud: zo stel je OneDrive in als slimme back-up

Een gecrashte laptop, gestolen smartphone of een defecte harde schijf of ssd: je persoonlijke en zakelijke bestanden zijn dan in één klap kwetsbaar. Met OneDrive kun je diezelfde bestanden automatisch in de cloud opslaan, synchroniseren tussen apparaten en als archief bewaren. In dit artikel lees je hoe je OneDrive inricht als betrouwbaar back-up- en archiefsysteem, hoe je Windows-instellingen meeneemt naar andere pc's en welke abonnementsvorm echt bij je past.

In dit artikel

je leest hoe je OneDrive instelt als slimme back-up voor je pc, hoe je belangrijke Windows-mappen automatisch laat meedraaien, hoe je instellingen tussen computers synchroniseert en hoe je OneDrive inzet als archief voor de langere termijn. Ook helpen we je bepalen welke OneDrive-variant past bij de hoeveelheid data die je bewaart.

Lees ook: Zo maak je met OneDrive een online fotoalbum voor heel de familie

Voordat je OneDrive serieus als back-up en archief gaat gebruiken, is het belangrijk dat je snapt wat de dienst precies doet en waar de grenzen liggen. OneDrive is in de kern een cloudopslagdienst: je bestanden worden via internet opgeslagen op Microsoft-servers, zodat je ze vanaf verschillende apparaten kunt openen, delen en bewerken. Zodra je OneDrive op je pc installeert en je aanmeldt met je Microsoft-account, verschijnt er een OneDrive-map in Verkenner. Alles wat je in die map bewaart, wordt gesynchroniseerd met de cloud en – als je dat ook zo hebt ingesteld – met andere apparaten waarop je hetzelfde account gebruikt. Synchroniseren betekent echter niet automatisch dat dit een echte back-up is voor alles: een bestand dat je per ongeluk verwijdert, verdwijnt ook van andere apparaten, al kun je het nog een tijd terughalen via de prullenbak en versiegeschiedenis. OneDrive maakt ook geen volledige systeemback-up van Windows zelf. Het is dus ideaal voor documenten, foto's, projectmappen en instellingen, maar niet voor een complete herstelkopie van je hele pc.

OneDrive is een geïntegreerd onderdeel van Windows 11.

OneDrive en Microsoft-account instellen

Om OneDrive als back-up- en archiefsysteem te gebruiken, heb je dus een Microsoft-account en de OneDrive-client op je pc nodig. Op Windows 10 en 11 is OneDrive standaard aanwezig; je vindt het pictogram als een wit of blauw wolkje in het systeemvak rechtsonder. Klik daarop en kies voor Aanmelden om in te loggen met je Microsoft-account. Heb je nog geen account, dan maak je er in dit venster eenvoudig één aan. Na het aanmelden kies je in een wizard waar je de OneDrive-map op je pc wilt plaatsen en welke mappen in eerste instantie moeten synchroniseren. Alles wat je straks in deze OneDrive-map bewaart, wordt automatisch geüpload. Standaard krijg je 5 GB gratis opslag en via Microsoft 365 Basic, Personal of Family breid je dat uit tot respectievelijk 100 GB, 1 TB of 6 TB in totaal.

Het is verstandig nu al kort uit te rekenen hoeveel ruimte je nodig hebt: tel de grootte van je mappen Documenten, Afbeeldingen, Video's en belangrijke projectmappen bij elkaar op in Verkenner en houd een stevige marge aan. Zo voorkom je dat je later halsoverkop moet opschonen. Maar hoe werkt het allemaal in de praktijk? We laten je zien hoe je speciale Windows-mappen, zoals Bureaublad en Documenten, automatisch kunt back-uppen naar OneDrive.

De initiële installatie en configuratie van de OneDrive-app.
Back-up versus synchronisatie

Wie OneDrive als back-up gebruikt, overschat soms onbewust wat er precies gebeurt. Synchronisatie betekent dat OneDrive jouw bestanden tussen verschillende locaties gelijk houdt. Verwijder je een bestand in de gesynchroniseerde OneDrive-map, dan verdwijnt het ook in de cloud en op andere apparaten. Wel is het zo dat je de in OneDrive verwijderde items een tijd lang kunt terughalen uit de prullenbak en vaak oudere versies van bestanden herstellen via versiegeschiedenis, maar dat is tijdsgebonden en niet bedoeld als eeuwig vangnet. Een klassieke back-up daarentegen maakt een momentopname die daarna niet vanzelf verandert. Denk aan een periodieke kopie op een externe schijf of een NAS, waarop een bestand gewoon blijft bestaan, zelfs als je het op je pc verwijdert. OneDrive zit daar tussenin: het biedt synchronisatie met extra veiligheidslagen zoals versiegeschiedenis en ransomwarebescherming bij sommige Microsoft 365-abonnementen, maar het vervangt geen volledige meertrapsstrategie met bijvoorbeeld ook een lokale back-up. In de rest van dit artikel behandelen we OneDrive daarom als primaire online kopie van je werk- en privébestanden, maar raden we je aan die later aan te vullen met minstens één extra, onafhankelijke back-uplaag.

Bureaublad, documenten en afbeeldingen

Nu je OneDrive-map klaarstaat, kun je de belangrijkste Windows-mappen automatisch laten beschermen. Microsoft noemt dit de back-up van pc-mappen; technisch is dit een slimme omleiding waardoor mappen als Bureaublad, Documenten en Afbeeldingen voortaan fysiek in je OneDrive-opslag staan. Klik in Windows in het systeemvak op het OneDrive-wolkje, kies Instellingen, ga naar het tabblad Synchroniseren en back-up maken en klik op de knop Back-up beheren. Als het goed is zie je nu de mappen Desktop, Documenten en Afbeeldingen. Schakel per map het schuifje in om de back-up te activeren en bevestig met Wijzigingen opslaan. OneDrive verplaatst de inhoud van die mappen naar de bijbehorende locaties binnen je OneDrive-map en synchroniseert voortaan alle wijzigingen. De mappen die verwijzen naar Desktop, Documenten en Afbeeldingen worden dan uiteindelijk symbolische links naar de OneDrive-locaties en vanaf nu maakt OneDrive doorlopend een online kopie van je meest gebruikte mappen.

Hier geef je aan of je alles op de desktop en in de mappen Documenten en Afbeeldingen naar OneDrive wilt opslaan.

Windows-instellingen en apps synchroniseren tussen pc's

Een van de prettige voordelen van OneDrive is dat naast het maken van back-ups van fysieke bestanden ook instellingen van Windows 11 zelf worden opgeslagen. In Windows 11 gebeurt dat via de Windows Back-up en je Microsoft-account. Open het menu Start, klik op Instellingen, ga naar Accounts en kies Windows back-up. Hier zie je onder meer opties om je OneDrive-maplocaties, bureaubladindeling en bepaalde app-instellingen in de cloud te bewaren. Belangrijk is de sectie waarin je aangeeft dat Windows je voorkeuren moet onthouden. Onder Mijn voorkeuren onthouden kun je categorieën zoals personalisatie (thema, achtergrond), taalinstellingen, toegankelijkheidsopties, geluidsschema's en andere Windows-instellingen laten back-uppen. Log je in op een andere Windows-computer met hetzelfde account, en is OneDrive actief, dan worden de instellingen die je op de ene computer hebt opgeslagen, op de andere computer toegepast.

Hier geef je aan welke instellingen van Windows zelf geback-upt moeten worden.
Welke Windows-instellingen worden in de cloud bewaard?

Windows 11 leunt steeds zwaarder op je Microsoft-account en OneDrive om persoonlijke voorkeuren tussen apparaten te synchroniseren. In de Windows Back-up-omgeving, te vinden via Instellingen / Accounts / Windows back-up, geef je aan welke soorten instellingen mogen worden meegenomen. Niet alles wordt gesynchroniseerd; driverinstellingen, zware programma's en specialistische tools moet je zelf opnieuw installeren en configureren. Browsers zoals Microsoft Edge en andere Microsoft 365-apps hebben daarnaast hun eigen synchronisatielagen, zodra je je daar met hetzelfde account aanmeldt. Zo ontstaat een gelaagd geheel: OneDrive voor bestanden, Windows Back-up voor besturingssysteemvoorkeuren en app-specifieke sync voor bijvoorbeeld je browser. Het voordeel is dat een nieuwe pc daardoor in korte tijd heel vertrouwd aanvoelt, zeker als je de stappen uit de hoofdtekst netjes doorloopt. Het nadeel is dat je soms even moet zoeken waar een bepaalde instelling precies wordt bewaard, maar in de praktijk wen je daar snel aan.

OneDrive als langetermijnarchief inrichten

Nu je OneDrive werkend hebt, kun je het als een makkelijk te raadplegen archief voor de langere termijn gebruiken. Hierdoor kun je dan niet alleen je actuele werk bewaren, maar ook afgeronde projecten en oude jaargangen van documenten en foto's gestructureerd opslaan. Maak in je OneDrive-hoofdmap bijvoorbeeld een map '_Archief' en daarbinnen submappen per jaar of per thema, zoals '2023_Foto', '2024_Projecten' of 'Administratie_oud'. Verplaats afgeronde dossiers vanuit de actieve projectmappen naar deze archiefstructuur. Omdat alles in OneDrive staat, blijft het online beschikbaar. Maar met Files On-Demand in Windows 10 en 11 kun je instellen dat oudere archiefbestanden alleen in de cloud blijven en niet standaard schijfruimte innemen. Klik met de rechtermuisknop op een archiefmap, kies Ruimte vrijmaken zodat Windows het lokale exemplaar verwijdert en alleen nog een cloud-pictogram toont. Open je het bestand later, dan wordt het weer tijdelijk gedownload.

Met de optie Ruimte vrijmaken worden bestanden van je eigen computer verwijderd, maar blijven ze nog wel online en op andere apparaten beschikbaar.

Kies de juiste OneDrive-variant

Hoe verder je OneDrive als back-up en archief gebruikt, hoe belangrijker voldoende opslagruimte wordt. Met een gratis Microsoft-account krijg je 5 GB cloudopslag, gedeeld tussen OneDrive, sommige Outlook.com-gegevens en Microsoft 365-apps. Dat is genoeg voor wat documenten en een redelijke fotocollectie, maar voor een volledige pc-back-up plus archief is het meestal te krap. Microsoft 365 Basic geeft je 100 GB opslag zonder desktop-apps van Office; Microsoft 365 Personal biedt 1 TB opslag voor één gebruiker, terwijl Microsoft 365 Family tot 6 TB levert: maximaal zes personen krijgen ieder 1 TB. Heb je al een Personal- of Family-abonnement, dan kun je daar per account nog tot 10 TB extra opslag bovenop kopen. Meer informatie over de meest up-to-date prijzen vind je hier.

Denk praktisch: een gemiddelde mix van documenten, foto's en enkele video's past voor de meeste mensen jarenlang in 1 TB, zeker als je archiefbestanden die je zelden nodig hebt, lokaal of op een NAS of externe harde schijf zet. Ontwikkel je veel video's of werk je met grote datasets, dan is OneDrive vooral je werkruimte en schakel je een aanvullende opslagoplossing in voor ruwe bestanden. Met je abonnement op orde kun je in de volgende stap ontspannen focussen op hoe je dagelijks met gesynchroniseerde bestanden werkt.

OneDrive combineren met een externe schijf

Hoewel OneDrive krachtige mogelijkheden biedt, blijft één principe uit de back-upwereld verstandig: de 3-2-1-regel. Bewaar minstens drie kopieën van belangrijke data, op twee verschillende soorten media, waarvan één buiten je eigen locatie. In deze context is OneDrive je externe locatie, terwijl je pc de eerste kopie heeft. Voeg daar een derde laag aan toe door regelmatig een lokale back-up naar een externe schijf te maken. In Windows kan dat bijvoorbeeld met Bestandsgeschiedenis of met de nieuwere Windows Back-up-app, waarmee je naar een externe schijf of netwerkopslag schrijft. Het voordeel is dat je bij een internetstoring of een grote cloudstoring nog steeds een recente kopie in huis hebt. Andersom dekt OneDrive je bij brand, diefstal of een defecte schijf, waar een lokale back-up alleen niet voldoende zou zijn. Door OneDrive als primaire, altijd-aan kopie te gebruiken en een externe schijf als periodieke momentopname te gebruiken, combineer je het beste van twee werelden. Zeker voor kleine organisaties en zelfstandigen is dit een betaalbare manier om professionele back-uppraktijken toe te passen zonder dure infrastructuur.

Dagelijks werken met gesynchroniseerde bestanden

Als je OneDrive eenmaal hebt ingericht, wordt het pas echt krachtig als je er dagelijks vanzelf mee werkt. Het uitgangspunt is simpel: sla je documenten standaard op in de OneDrive-map, niet ergens los op je C-schijf. In Word, Excel of een andere applicatie kies je bij Opslaan als of Bladeren bewust de OneDrive-locatie en eventueel een specifieke project- of archiefmap. Op die manier worden nieuwe bestanden direct geback-upt en gesynchroniseerd. Met Files On-Demand zie je in Verkenner bij elk bestand een statusicoon: volledig lokaal beschikbaar, alleen online of tijdelijk gedownload. Heb je weinig schijfruimte, stel OneDrive dan via Instellingen en Synchronisatie en back-up zo in dat alleen vaak gebruikte mappen standaard offline worden bewaard. Werk je op een laptop zonder constante internetverbinding, dan kun je belangrijke projectmappen juist als Altijd bewaren op dit apparaat markeren via het contextmenu, zodat je daar ook offline bij kunt. Zodra je weer online bent, synchroniseert OneDrive de wijzigingen automatisch. Dankzij deze werkwijze zijn je actuele bestanden altijd onderdeel van je back-up, wat de laatste stap – controle en noodherstel – een stuk betrouwbaarder maakt.

Met de optie Altijd bewaren op dit apparaat blijft het gedownloade bestand op de schijf staan, ook wanneer het op een andere computer wordt bewerkt.

Onderhoud, controle en noodgevallen

Een back-up- en archiefsysteem is nooit helemaal klaar; af en toe onderhoud voorkomt problemen op een slecht moment. Kijk regelmatig in het OneDrive-pictogram of de status 'Up to date' aangeeft en of er geen foutmeldingen over conflicten of onvoldoende opslag verschijnen. Via OneDrive op het web kun je onder Settings en Storage zien hoeveel ruimte je verbruikt en welke mappen of bestandstypen de meeste ruimte innemen. Ruim bijvoorbeeld oude, grote downloadbestanden op die geen archiefwaarde hebben. In geval van nood – denk aan per ongeluk verwijderen of overschrijven – kun je in de webinterface naar de prullenbak gaan om bestanden terug te zetten, of in de versiegeschiedenis van een document een oudere staat herstellen. Bij Microsoft 365-abonnementen biedt OneDrive bovendien bescherming tegen ransomware-aanvallen: je krijgt dan hulp bij het grootschalig terugzetten van bestanden naar een gezond tijdstip. Door deze controles in te bedden in je maandelijkse routine, zorg je dat je back-upstrategie blijft kloppen met hoe je echt werkt. Daarmee is de cirkel rond en ben je klaar om je persoonlijke data structureel beter te beschermen.

▼ Volgende artikel
Ontwerp van Nothing Phone (4a) onthuld
Huis

Ontwerp van Nothing Phone (4a) onthuld

Het Britse bedrijf Nothing heeft het design van de aankomende nieuwe smartphone Phone (4a) onthuld.

Dat deed het bedrijf gisteren via social media. De smartphone komt op 5 maart uit. In de tweet hieronder is het ontwerp alvast te zien, met de typische drukke achterkant die we inmiddels gewend zijn van het bedrijf.

De aankomende Phone (4a) heeft een zogeheten 'Glyph Bar'. Dit is een micro-led-paneel aan de zijkant, die mensen zelf kunnen programmeren om ze in verschillende patronen te laten knipperen. Het gaat om de vierkantjes aan de rechterzijde, naast het camera-eiland. De led-lampjes zijn volgens het bedrijf 40 procent feller dan die op de Phone (3a).

Over de precieze technologie van de Nothing Phone (4a) zijn nog geen aankondigingen gedaan, maar volgens geruchten krijgt de smartphone een Snapdragon 7s Gen 4-chip. Er zal ook een duurdere en snellere Phone (4a) Pro verschijnen, al is daar het uiterlijk nog niet van onthuld.

Officieel wordt de Phone (4a) op 5 maart onthuld.

View post on X