ID.nl logo
Aan de slag met portforwarding en dynamische dns
© Reshift Digital
Huis

Aan de slag met portforwarding en dynamische dns

Aan een thuisnetwerk hangen tegenwoordig vaak meer dan enkele computers of smartphones. Je wilt er wellicht ook een slimme thermostaat, paar ip-camera’s, een domoticaysteem, een nas of een eigen webserver aan koppelen. Die wil je natuurlijk ook via het internet vanaf een andere locatie kunnen benaderen, maar dat wil weleens tegenvallen. We gaan dieper in op enkele technieken die ervoor zorgen dat specifieke apparaten in je thuisnetwerk ook vlot bereikbaar zijn van buitenaf. We focussen ons hier op portforwarding in combinatie met dynamische dns (ddns), technische ingrepen die vooral op routerniveau in te stellen zijn.

Tip 01: Ip-adressen

In principe beschikt elk apparaat dat aan je thuisnetwerk is gekoppeld over een uniek ip-adres. We laten hier ipv6 even buiten beschouwingen gaan in op ipv4: zo’n ip-adres is opgebouwd uit vier getallen tussen 0 en 254, bijvoorbeeld 192.168.0.10, 10.0.1.50 of 172.16.2.100. Op een Windows-pc kom je zo’n adres te weten door op de Opdrachtprompt het commando ipconfig uit te voeren: je leest het af bij IPv4 Address. Hier ontdek je trouwens ook het ip-adres van je router ofwel Standaard gateway. Wanneer je dit adres in je browser invoert kom je, na je aanmelding, terecht in de webinterface van je router. Dit configuratievenster hebben we verder in dit artikel nog wel vaker nodig. Overigens kun je in dit venster ook de ip-adressen opvragen van de aangesloten apparaten, in een rubriek met een naam als Lijst met apparaten (of iets vergelijkbaars).

Vind je hier toch niet het ip-adres van bepaalde netwerktoestellen terug, dan kun je vanaf een pc de gratis tool Advanced IP Scanner draaien. Een installatie is niet eens nodig. Je hoeft in principe weinig meer te doen dan de knop Scannen in te drukken. Even later duiken de ingeschakelde apparaten op, met hun ip-adres en mac-adres.

©PXimport

Tip 02: Poorten

We gaan er van uit dat je achterhaald hebt via welk ip-adres je netwerkapparaten te bereiken zijn, maar je wilt natuurlijk ook nog de diensten kunnen bereiken die op zo’n apparaat actief zijn. Elke service maakt daarbij gebruik van een specifiek poortnummer, een getal tussen 0 en 65.535. Zo’n poort kun je zien als een datakanaal waarlangs de bijbehorende datapakketjes worden verstuurd.

De standaardpoort om data uit te wisselen tussen een browser en een webserver (http) bijvoorbeeld is 80, smtp gebruikt poort 25, pop3 gebruikt poort 110 enzovoort. Een uitgebreide lijst van zowat alle bekende services met de typische poorten vind je hier. In de handleiding of het configuratiebestand bij je apparaat of server staat meestal van welke poort(en) de bijbehorende services gebruikmaken. In ons eigen netwerk bijvoorbeeld kunnen wij vanaf onze browser een verbinding leggen met de Disk Station Manager van onze Synology-nas via poort 5001 (https://192.168.0.200:5001) of een van onze ip-camera’s benaderen via poort 88 (http://192.168.0.111:88).

Mooi, je beschikt nu over zowel het ip-adres als het poortnummer van het netwerkapparaat of de netwerkservice die je via het internet wilt bereiken.

©PXimport

Het eerste struikelblok: interne ip-adressen zijn van buitenaf niet bereikbaar

-

Tip 03: Externe adres

Het probleem is dat deze ip-adressen niet-routeerbaar zijn. Het gaat met andere woorden om ip-adressen die alleen bereikbaar zijn vanuit hetzelfde, interne netwerk (subnet) – in dit geval je thuisnetwerk. Dat houdt in dat deze ip-adressen niet van buitenaf bereikbaar zijn.

Er is wel een ip-adres binnen je thuisnetwerk dat via het internet bereikbaar is: het externe ofwel publieke adres van je router. Dat vind je terug in het configuratievenster van je router, maar je komt het ook te weten als je vanuit je eigen netwerk surft naar www.whatismyip.org en daar op My IP Address klikt.

Nu horen we het je al denken: dan hoef ik maar van buitenaf naar <extern-ip-adres-router>:<poortnummer> te surfen om de gewenste service te bereiken. Jammer, maar helaas: die aanvraag bereikt je router weliswaar, maar die weet niet op welk apparaat (lees: met welk intern ip-adres) die service draait.

Dit probleem kun je op verschillende manieren aanpakken. Wij doen het met een relatief eenvoudige: portforwarding.

©PXimport

Tip 04: Portforwarding

Portforwarding komt erop neer dat je router alle aanvragen op een bepaald poortnummer automatisch doorsluist naar een specifiek apparaat binnen je netwerk. Open het configuratievenster van je router. Je treft hier een rubriek aan genaamd Port forwarding of Poort doorsturen (of iets vergelijkbaars), maar op onze Linksys E6400-router bijvoorbeeld vonden we deze optie terug bij Beveiliging / Toepassingen en games / Enkele poort doorsturen. Raadpleeg zo nodig de handleiding van je router of bezoek de site, met instructies voor tal van routermodellen.

Je voegt nu een item aan de tabel toe en daar heb je doorgaans de volgende informatie voor nodig: Naam toepassing (bijvoorbeeld IP-camera), IP-adres apparaat (het interne ip-adres), Interne poort (het poortnummer waarop de beoogde service draait), Protocol (meestal TCP, maar soms ook UDP of Beide: raadpleeg de handleiding bij het apparaat of service), Externe poort (doorgaans dezelfde als de interne poort, tenzij je bewust via een andere poort wilt binnenkomen). Mogelijk kun je hier ook iets als Bron IP invullen: tenzij je de toegang wilt beperken tot (ip-adressen van) specifieke externe toestellen laat je dit op Alle of Any ingesteld. Bevestig je keuze zodat de nieuwe doorverwijzingsregel wordt toegevoegd.

©PXimport

Tip 05: Dynamisch ip

Als het goed is, kun je het apparaat of de service nu wel van buitenaf bereiken via <extern-ip-adres-router>:<poortnummer>. Reden tot juichen dus, maar we zijn er nog niet helemaal. Zo’n ip-adres is niet alleen lastig te onthouden, de kans is bovendien groot dat dit publieke adres over een tijdje vanzelf door je internetprovider wordt veranderd. Dit kan gebeuren na een vaste tijd, of na een storing of stroomuitval. Hierna is je netwerk niet langer via het oude adres bereikbaar.

Af en toe handmatig controleren is een optie, of je installeert een gratis tool als TrueIP. Vanuit het venster Opties plaats je bijvoorbeeld een vinkje bij E-mail me en configureer je de mailservice via E-mail Settings. Zodra je externe ip-adres wijzigt, ontvang je daarover automatisch een e-mailnotificatie.

Handig, maar het blijft op die manier natuurlijk toch maar een beetje aanmodderen. Er is gelukkig een eleganter oplossing. Je koppelt een makkelijk te onthouden hostnaam aan het actuele externe ip-adres van je router, en aparte software zorgt ervoor dat het gekoppelde ip-adres automatisch wordt bijgewerkt. Deze techniek luistert naar de naam dynamische dns, kortweg ddns.

©PXimport

Tip 06: Dynamisch dns

Er zijn verschillende aanbieders van ddns en sommige bieden ook gratis diensten aan. Eén van de betere, met leuke opties in het gratis pakket, vinden we Dynu.

Is deze provider dan automatisch ook de beste voor jou? Niet per se, want zoals gezegd zorgt losse software ervoor dat de koppeling tussen de hostnaam en je thuisnetwerk intact blijft, door regelmatig je actuele ip-adres naar de aanbieder door te sturen. Maar er zijn inmiddels heel wat routers, nas’en en andere internetapparaten die zelf zulke software hebben ingebouwd (al is de lijst van ondersteunde ddns-aanbieders vaak beperkt). De kans is dus reëel dat Dynu zich niet in die lijst bevindt. Dat bemoeilijkt het opzet enigszins, aangezien je dan zelf clientsoftware op je pc moet installeren die de koppeling tussen hostnaam en ip-adres intact houdt (zie bij tip 9). Schrikt dat je niet af, dan zien we weinig redenen om niet voor Dynu te kiezen.

©PXimport

Je publieke netwerk ip-adres is wellicht niet statisch

-

Tip 07: Dynu-account

We laten je zien hoe je met een gratis Dynu-account aan de slag kunt. Surf naar www.dynu.com en klik op Create a free account. Wij gaan hier voor Option 1: Use Our Domain name, waarbij je een eigen hostnaam in combinatie met zestien top level domains (tld’s) kunt kiezen, iets als tipstrucs.freeddns.org of mijnnaam.dynu.net bijvoorbeeld.

Druk op Add en klik op Sign up with Google of Sign up with Twitter. Of je creëert een afzonderlijk account en je vult de gevraagde persoonsgegevens in. Houd er bij het invullen van je wachtwoord wel rekening mee dat sommige apparaten, zoals router, nas of ip-camera, of ip-updateclients mogelijk geen speciale tekens aanvaarden. Bevestig met Submit en controleer de bevestigingsmail.

Meld je desgevraagd aan bij Dynu: je belandt nu in je persoonlijke controlepaneel. Als alles goed is, is je thuisnetwerk (en het apparaat of service waarvoor je intussen wellicht al een poortdoorverwijzingsregel had gecreëerd) nu via de nieuwe hostnaam extern bereikbaar. Uittesten maar!

Lukt het toch niet, dan heeft Dynu wellicht niet het juiste publieke ip-adres van je router/netwerk te pakken. Open dan het Dynu-controlepaneel en klik op DDNS Settings, waar je het actuele ip-adres afleest. Zo nodig stuur je dit bij via het potloodicoon Manage your hostname en bewaar je de wijziging met Save.

©PXimport

Tip 08: Handige extra’s

We schreven al dat Dynu een behoorlijk flexibele ddns-service is en dat merk je snel wanneer je de diverse opties in het controlepaneel overloopt. We beperken ons hier tot een tweetal handigheden.

Eén ervan is de optie Offline Settings. Hier kun je zelf een url of een eigen boodschap voorzien die de bezoeker van je computer of service te zien krijgt wanneer die offline blijkt te zijn. Druk gerust op de knop Go Offline Now om het resultaat meteen te bekijken; mogelijk moet je eerst nog even je browsercache ofwel je tijdelijke internetbestanden wissen. Na de test klik je natuurlijk wel weer op Go Online Now.

Stel, je hostnaam is tipstrucscam.dynu.net. Dan worden automatisch ook url’s met <prefix>.tipstrucscam.dynu.net automatisch doorverwezen. Heb je dat liever niet, schakel dan Wildcard IPv4 Alias en Wildcard IPv6 Alias uit bij Manage Dynamic DNS Service. Via de rubriek Aliases kun je zelf specifieke aliassen toevoegen. Vul je bij Alias Name bijvoorbeeld redactie in en druk je vervolgens op de knop Add Alias, dan wordt voortaan ook redactie.tipstrucscam.dynu.net als url aanvaard.

©PXimport

Een dynamisch dns-provider biedt vaak ook handige extra’s aan

-

Tip 09: Updateclient

Er rest je nog één struikelblok: een oplossing voorzien ingeval je dynamisch ip-adres wijzigt. Immers, je wilt de koppeling tussen het nieuwe adres en je ddns-hostnaam behouden. Sommige netwerkapparaten, zoals router, nas of zelfs ip-cam voorzien zelf in zo’n ip-updatefunctie. Raadpleeg hiervoor de bijbehorende handleiding.

Je kunt ook speciale software op een (bij voorkeur veelgebruikte) pc in je netwerk installeren. Voor Dynu vind je die hier, waar je het gewenste platform selecteert bij Operating System, Multiple Platforms of Router/Firewall.

We tonen hier kort de werking van de Windows-client. Pak het gedownloade zip-bestand uit en installeer het programma met 2x Next en Install. Start de client op, vul het bijbehorende Dynu-ID in (Username en Password) en klik op Sign In. De updateservice doet al meteen zijn werk, zoals blijkt uit de feedback op het tabblad Activity en via de Log Files op het tabblad Engine. Op het tabblad Settings valt nog een en ander bij te sturen, zoals de frequentie waarmee de client je ip-adres checkt (Polling Interval, standaard 120 seconds) en of de tool automatisch actief moet worden zodra je je bij Windows aanmeldt. Leg je wijzigingen vast met Save.

Je merkt het: dankzij een slimme combinatie van portforwarding en dynamisch dns zijn je beoogde netwerkapparaten en -services nu vlot bereikbaar via internet.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Je smartphone als afstandsbediening voor je slimme huis: zo werkt dat
© ImageFlow - stock.adobe.com
Huis

Je smartphone als afstandsbediening voor je slimme huis: zo werkt dat

Je smartphone gebruik je wellicht voor allerlei handige zaken, maar wist je dat je je telefoon ook kunt gebruiken om apparaten in je huis te bedienen? Vaak heb je daar niet eens zoveel voor nodig. Maar hoe begin je en waar moet je allemaal op letten?

In dit artikel

Je ziet hoe je je telefoon inzet als afstandsbediening voor verlichting, verwarming, tv en andere slimme functies in huis. We laten je stap voor stap zien hoe je apparaten toevoegt, kamers indeelt, routines bouwt en je slimme huis laat reageren op tijd, locatie en aanwezigheid. Ook lees je waar je op let bij compatibiliteit en hoe je alles netjes en veilig houdt met onderhoud en updates. 

Lees ook: Starten met smarthome in één middag: een stappenplan voor beginners

We gebruiken thuis steeds meer slimme apparaten die het leven moeten vergemakkelijken. Bijna alle apparaten die je op internet aansluit, zoals een televisie of een basisstation voor slimme lampen, kun je op afstand bedienen of in ieder geval via je wifi-verbinding thuis aansturen. Dat hangt natuurlijk af van het merk en type producten dat je gebruikt en via welke protocollen dit gaat, maar het heeft ook te maken met je telefoon.

Wanneer is een apparaat slim?

Een slim apparaat is een lamp, thermostaat, tv, stekker, gordijnmotor of sensor die via wifi, bluetooth of een standaard als Matter verbonden is met internet en op afstand te bedienen is. Dat bedienen kan bijvoorbeeld via een app van de fabrikant van de apparatuur, maar het is ook mogelijk met de app van Google, Google Home. Deze app is op de meeste Android-toestellen aanwezig, maar als dat bij jou niet het geval is, kun je deze downloaden via de Google Play Store. De app is er ook voor de iPhone en werkt vrijwel hetzelfde. We gebruiken in dit artikel de Android-versie voor alle uitleg en afbeeldingen.

Google Home tref je aan in Google Play, maar kan soms al geïnstalleerd zijn. Check sowieso altijd op updates als je de app al hebt.
Google Home

Google Home is de app die al die apparaten verzamelt en bestuurt; je bedient ze met tikken op je scherm, via het snelle bedieningspaneel van Android en met spraak via de Google Assistant. Wanneer je apparaten in de Google Home-app toevoegt, kun je er routines mee bouwen: vaste acties die automatisch of met één tik worden uitgevoerd, zoals alle lampen uit zodra je het huis verlaat of de verwarming lager zodra iedereen slaapt. Inmiddels kun je met Google Home al meer dan 50.000 apparaten aansturen; je herkent ze aan de Works with Google Home of Matter-logo's.

Starten met aansturen

Om je slimme apparaten te kunnen aansturen, gebruik je een Android-telefoon met Android 11 of hoger. Het werkt in principe ook met oudere versies, maar sinds versie 11 kun je de meeste opties voor slimme apparaten direct vanaf je vergrendelingsscherm benaderen en hoef je dus niet eerst de app te openen om je apparaten te bedienen. Installeer de Google Home-app uit de Play Store en meld je aan met je Google-account. Aanmelden is vereist zodat de instellingen voor al je apparaten worden opgeslagen en ook via andere Android-toestellen zijn te bereiken. Je kunt er ook voor kiezen om een nieuw account aan te maken, dat je dan bijvoorbeeld met je huisgenoten kunt delen. Op die manier kan iedereen in huis bij dezelfde instellingen voor je slimme apparaten en hoef je je persoonlijke data niet met je huisgenoten te delen. Met de Google Home-app kun je eenvoudig schakelen tussen meerdere accounts, dus het is in theorie mogelijk om meerdere slimme huizen te beheren.

Met de Google Home-app kun je - net als alle andere Google-apps - eenvoudig schakelen tussen meerdere accounts.

Systemen zijn niet altijd compatibel

Voordat je een slim apparaat kunt toevoegen aan Google, moet dat apparaat eerst al zijn ingesteld met de app van de fabrikant, bijvoorbeeld Philips Hue, IKEA Home smart, Tado of de app van je gordijnmotor. Daarna koppel je ze in Google Home. Het is handig om minstens één slimme lamp of slimme stekker te hebben om mee te oefenen, plus bijvoorbeeld een televisie met Chromecast-functionaliteit. Heb je een smartspeaker of smartdisplay met ingebouwde Google Assistant (zoals de Nest Hub), dan kun je die gebruiken als extra microfoon in huis, maar strikt nodig is die niet, omdat je ook via je telefoon tegen de Assistant kunt praten. Apple-gebruikers hebben een vergelijkbaar systeem via Apple HomeKit en de Apple Home-app. Apple gebruikt een gesloten systeem, waardoor je niet kunt communiceren met Google Home en moeten de apparaten die je met een Apple-smartphone wilt aansturen, ook specifiek compatibel zijn met Apple HomeKit. Via Home Assistant - een losstaand protocol voor slimme apparaten - is het mogelijk om een koppeling te maken tussen Android-apparaten en Apple-apparaten, maar daar gaan we in dit artikel niet verder op in.

©sdx15 - stock.adobe.com

Ook Apple heeft een Home-app, maar die is niet compatibel met Android.

Lees ook: Philips Hue SpatialAware: dit is het en zo gebruik je het

Apparaten toevoegen en huis indelen

Om Google Home te gebruiken voeg je je eerste apparaten toe aan de Google Home-app en deel je ze logisch in kamers in, zodat aansturen en automatiseren later veel eenvoudiger wordt. Je opent eerst Google Home, controleert of het juiste huis geselecteerd is; als dit nog niet is aangemaakt, maak je dat aan. Vervolgens voeg je een nieuw apparaat toe met de +-knop, rechts bovenin. Tot slot kies je voor Apparaat.

Een nieuw apparaat toevoegen aan Google Home doe je hier.

Koppelen

Je krijgt nu de mogelijkheid om een apparaat direct toe te voegen door middel van een QR-code, die je vaak achter op een product vindt. Apparaten die Matter of Nest ondersteunen, kun je op deze manier dus direct toevoegen. Wil je een apparaat toevoegen dat geen Matter-ondersteuning biedt, dan kan dat alleen als je het betreffende apparaat hebt geconfigureerd via het systeem van dat merk, bijvoorbeeld een lamp van Philips Hue die aan de Hue-bridge is gekoppeld. In dat geval kies je voor de optie Apps of services koppelen. Vervolgens krijg je een overzicht van alle compatibele diensten die met Google Home werken.

Kies uit de lijst met compatibele merken om een koppeling te maken.

Lees ook: Matter uitgelegd: de nieuwe standaard voor een zorgeloos slim huis

Toestemming verlenen

Om een apparaat via deze route toe te voegen aan Google Home, moet je inloggen bij het account van de fabrikant waarvan je de dienst afneemt, bijvoorbeeld Philips Hue. Er komen nog wat meldingen in beeld omtrent de mogelijkheden die Google krijgt met betrekking tot de data van je externe account.

Wanneer de apparaten zichtbaar zijn als tegels, houd je een tegel even vast en kies je voor het tandwieltje. Vervolgens tik je op Ruimte en kun je het apparaat eventueel nog in een andere ruimte plaatsen. Dat kan door de betreffende ruimte aan te tikken uit de lijst, of zelf een nieuwe ruimte aan te maken. Het is handig om je apparaten onder te verdelen in ruimtes, omdat je - bijvoorbeeld in het geval van lampen - deze per ruimte in één keer kunt uitschakelen. Zo kun je dan bij je bedtijdroutine eerst de lichten in de woonkamer uitschakelen en daarna die op de overloop, zonder dat je je hele huis in duisternis brengt of juist iedere lamp afzonderlijk moet uitzetten.

Soms moet je extra toestemmingen goedkeuren om een apparaat te kunnen gebruiken.

Apparaten handmatig en met spraak bedienen

Heb je al je apparaten toegevoegd en eventueel onderverdeeld in verschillende ruimtes, dan kun je ze nu bedienen via je Google Home-app. Open de app, tik op de knop Alle apparaten bovenaan en je ziet alle tegels van de in Google Home aanwezige apparaten. Tik bijvoorbeeld op een lamptegel om die direct aan of uit te schakelen, of houd de tegel even vast om een schuifregelaar voor helderheid of kleur te zien.

Voor een slimme thermostaat tik je op de thermostaat-tegel en verschuif je de temperatuur hoger of lager; vaak kun je ook kiezen tussen de modi Verwarmen of Verkoelen, maar dat is afhankelijk van de aangeboden functies in het apparaat zelf, want niet alle functies zijn ook altijd te benaderen vanuit Google Home. Ook een andere handige optie is het bedienen van je televisie. Heb je een tv of Chromecast gekoppeld, dan kun je via de tegel media pauzeren of stoppen. Vervolgens activeer je spraakbediening door op je Android-telefoon de Google Assistant op te roepen, bijvoorbeeld via de Assistant-knop, een veegbeweging of door "Hey Google" te zeggen. Vervolg die aanroep dan door concrete opdrachten als "Doe de lampen in de woonkamer uit", "Zet de thermostaat op 20 graden" of "Speel Netflix op tv woonkamer". Omdat de Google Assistant de door jou opgegeven namen en kamers uit Google Home gebruikt, loont het dat je die eerder netjes hebt ingesteld.

Tik je op een slimme lamp in de Google Home-app, dan zie je de opties die geboden worden, bijvoorbeeld het aanpassen van de kleurtoon en de helderheid.

Slimme routines maken

Nu je weet hoe je apparaten direct bedient, laten we je zien dat je ook automatiseringen of routines kunt instellen, zodat combinaties van acties met één tik of automatisch worden uitgevoerd. Om dat voor elkaar te krijgen in de Google Home-app tik je onderaan op de knop Automatisering en kun je kiezen uit een aantal voorgestelde routines, zoals wat er gebeurt als je van huis weggaat, of juist aankomt. Het nadeel hiervan is dat je wel de locatie-instellingen op je telefoon moet aanzetten en je huisadres in Google Home moet instellen, maar we kunnen goed voorstellen dat je daar niet op zit te wachten, privacytechnisch gezien dan. Als je een nieuwe routine wilt maken, tik je rechtsboven op de knop Nieuw > Automatisering. Geef de automatisering eerst een naam, zodat deze alvast kan worden opgeslagen nog voordat je iets instelt. Een routine bestaat altijd uit drie delen: een starter, een voorwaarde (die is optioneel) en een actie. Een starter kun je het beste zien als een gebeurtenis, bijvoorbeeld: het is 20:00, er wordt een beweging gedetecteerd, of de temperatuur van de slimme thermostaat is lager dan 16 graden. Een starter kan ook een spraakopdracht zijn. Stel dat je een 'Alles uit'-routine wilt: je geeft de routine een naam, kiest als trigger bijvoorbeeld het spraakcommando "Ik ga weg" en voegt als acties toe dat alle lampen uit moeten, de thermostaat naar 17 graden gaat en de tv wordt uitgezet.

De opbouw van een routine in Google Home.

Lampen automatisch aanpassen

Voor een filmavond-scenario maak je een automatisering die handmatig start of op een spraakzin als "Filmavond": je selecteert dan bij Actie bewerken de lampen in de woonkamer en zet de helderheid naar bijvoorbeeld 20 procent, je zet eventueel gekleurde lampen op warm wit en schakelt een slimme stekker van de sfeerverlichting in. Heb je gordijnen met een slimme motor, dan voeg je toe dat die naar 100 procent dichtgaan. Tot slot wijs je de tv- of Chromecast-tegel toe om een bepaalde app te starten of in elk geval de tv in te schakelen. Omdat deze routines gebruikmaken van de apparaten en kamers die je eerder hebt ingericht, zie je direct hoe belangrijk een goede basisconfiguratie is.

De kleur en helderheid van de lampen kun je automatisch aanpassen bij het inschakelen van de tv.

Automatiseren op tijd, locatie en aanwezigheid

Nu je basisroutines hebt, ga je een stap verder door je huis zichzelf te laten aanpassen op tijd, locatie en aanwezigheid, zodat je smartphone meer regisseur dan bedieningspaneel wordt. In Automatisering kun je een routine laten starten op vaste tijden, bij zonsopkomst of zonsondergang of wanneer de toestand 'Thuis' of 'Afwezig' verandert. Stel bijvoorbeeld een ochtendroutine in die op werkdagen om 7:00 uur de thermostaat naar 20 graden zet, de gordijnen in de woonkamer op 50 procent opent en de keukenlampen op 60 procent helderheid inschakelt. In de avond kun je een routine laten starten rond zonsondergang, zodat de buitenlamp en de lamp bij de voordeur automatisch aangaan. Aanwezigheidsdetectie gaat nog een stap verder: Google Home kan via de locatie van je telefoon en sensors van bijvoorbeeld een Nest-thermostaat of Nest-speakers bepalen of er iemand thuis is. Wanneer iedereen weg is, kan de Afwezig-routine lampen uitzetten, de thermostaat terugschakelen en eventueel een robotstofzuiger starten. Je stelt dat in via de Instellingen in Google Home onder aanwezigheidsdetectie, waar je toestemming geeft voor gebruik van je telefoonlocatie en aangeeft welke apparaten mogen 'meekijken'.

Concrete scenario's

Nu je de algemene principes beheerst, richt je je op drie alledaagse toepassingen die samen veel comfort opleveren: licht, warmte en entertainment. Voor verlichting maak je in Google Home aparte scènes aan via Automatisering, zoals 'Thuiswerken' met helder wit licht op 80 procent in je werkkamer en 'Ontspannen' met warm licht op 30 procent in de woonkamer. Je roept ze op met "Hey Google, thuiswerken" of via een tegel in het bedieningspaneel. Voor verwarming stel je in de Google Home-app temperatuurschema's in voor je Nest-thermostaat, bijvoorbeeld overdag 20 graden en 's nachts 17 graden; voor warm water kun je eveneens schema's instellen, zodat de slimme boiler niet onnodig aanstaat. De routine 'We zijn weg' verlaagt de temperatuur en zet lampen uit. Voor tv-bediening koppel je je Chromecast of ingebouwde Chromecast-tv aan Google Home en wijs je die toe aan de kamer 'Woonkamer'. Daarna werkt "Hey Google, speel YouTube op tv woonkamer" of je tikt in de app op de tv-tegel om afspelen te pauzeren of te stoppen. Als je deze drie functies eenmaal soepel bedient, zie je hoe makkelijk het is om extra apparaten, zoals gordijnen of een slimme stekker voor je koffiezetapparaat, in bestaande routines in te passen.

Noodzakelijk onderhoud en uitbreiden

Nu je smartphone de centrale afstandsbediening van je slimme huis is, is het belangrijk dat je installatie veilig, overzichtelijk en toekomstbestendig blijft. Controleer regelmatig in Google Home onder Settings en Devices of er geen oude of dubbele apparaten meer staan, bijvoorbeeld een lamp die je hebt vervangen; verwijder ongebruikte apparaten, zodat routines niet breken en blijven hangen omdat een bepaald apparaat niet meer bestaat. Kijk af en toe ook kritisch naar machtigingen: in aanwezigheidsdetectie bepaal je expliciet welke apparaten en telefoons mogen meedoen aan 'Thuis' en 'Afwezig' en dus jouw locatie kunnen opvragen. Dat is misschien niet altijd gewenst. Koop je uitbreidingen, test die nieuwe apparaten eerst in een simpele routine, zoals een losse scène voor één kamer, voordat je ze in al je automatiseringen opneemt. Controleer daarnaast ook op updates: Google Home wordt bijvoorbeeld regelmatig bijgewerkt, zeker nu er ook steeds meer AI-functies worden toegevoegd. En ook je slimme apparatuur: vaak wordt er nieuwe firmware uitgebracht, maar die kun je niet vanuit Google Home updaten; dat moet doorgaans via het slimme apparaat zelf of de aangesloten hub. Tot slot kun je, mocht je later voor het Apple-ecosysteem kiezen, veel apparaten dankzij Matter eenvoudig ook aan Apple Home koppelen, al beheer je ze dan in een aparte app. Door regelmatig op te ruimen, updates te installeren en je routines te finetunen, blijft je slimme huis betrouwbaar en voelt je smartphone echt als een krachtige, maar toch overzichtelijke universele afstandsbediening.

Het updaten van de firmware van aangesloten apparaten gaat doorgaans via de app van de fabrikant zelf, niet via Google Home.
View post on TikTok
▼ Volgende artikel
It Takes Two- en Split Fiction-maker bezig met opnames voor nieuwe game
Huis

It Takes Two- en Split Fiction-maker bezig met opnames voor nieuwe game

Hazelight Studios, de ontwikkelaar van de succesvolle coöperatieve games It Takes Two en Split Fiction, heeft een nieuwe game in ontwikkeling en is op dit moment bezig met de opnames ervoor.

Enige tijd geleden gaf regisseur Josef Fares al aan dat er een nieuwe game in ontwikkeling was bij de studio, maar nu heeft hij op social media een foto geplaatst waarop Fares te zien is met drie acteurs in motion capturing-pakken. Daarmee wordt dus duidelijk gemaakt dat de opnames voor de game in ieder geval al in volle gang zijn.

Overigens is de identiteit van de acteurs niet bekend. Fares houdt zijn arm voor de gezichten van de acteurs. Mogelijk zijn het dus bekende acteurs en wil hij dat nog verhullen, al is dat speculatie. Over speculatie gesproken: het feit dat er drie acteurs te zien zijn, doet sommige fans vermoeden dat de nieuwe game van Hazelight mogelijk met drie spelers tegelijk te spelen valt in plaats van twee, maar ook dat is nog alles behalve bevestigd.

View post on X

Over de games van Hazelight Studios

Hazelight Studios is gespecialiseerd in het creëren van games die coöperatief doorlopen moeten worden. No Way Out, It Takes Two en Split Fiction vergen allen twee spelers. Daarbij draait het om samenwerken, wat hun games een populaire bezigheid maakt voor gamende koppels en vrienden.

It Takes Two bleek een grote hit voor de studio. In het spel spreekt een dochter van een ruziënd stel een vloek over het tweetal uit, waardoor ze minuscuul worden. Ze zullen moeten leren communiceren en samenwerken om zich uit deze hachelijke situatie te redden, terwijl ze als kleine poppen door een uitvergrote versie van hun huis en tuin reizen.

Na het succes van It Takes Two bracht Hazelight het conceptueel vergelijkbare Split Fiction uit. Die game draait om twee schrijvers, Mio en Zoe, die worden ingehuurd om verhalen te creëren voor een technologie die deze verhalen levensecht kan simuleren. De vrouwen worden door het bedrijf achter de technologie echter gevangen in een simulatie, en in de game wordt er constant tussen de twee verhalen van Mio en Zoe geschakeld. Dat levert zowel fantasievolle als futuristische settings op.

Zowel It Takes Two als Split Fiction komen met een Friend Pass. Dat houdt in dat maar één speler de game hoeft te kopen, en de tweede speler gratis online mee kan spelen. De games zijn ook via splitscreen samen op de bank speelbaar.

Watch on YouTube