ID.nl logo
PlayStation 5: dit wil je weten
© Reshift Digital
Huis

PlayStation 5: dit wil je weten

Aangezien de Sony PlayStation 5 voor de deur staat, is het tijd om de balans op te maken. Wat kun je verwachten van de console en over wat voor specificaties beschikt het apparaat? In dit artikel lees je alles dat je wil weten over de PS5, die 19 november gelanceerd wordt.

Vanaf die dag kunnen we twee versies van de PlayStation 5 in de winkel verwachten (tenminste: wanneer de voorraad dat toelaat): een versie met en een versie zonder disclade. Het verschil moge duidelijk zijn: de eerstgenoemde variant speelt discs af en ondersteunt digitale titels, terwijl de laatstgenoemde alleen digitale games en content ondersteunt. Er zit prijsverschil tussen beide modellen. De discversie kost 499 euro, de versie zonder discopening kost 399 euro.

©PXimport

PlayStation 5: de specificaties

Onder de motorkap komen we flink wat geweld tegen. Neem bijvoorbeeld de processor: een AMD-chip die gebaseerd is op de derde generatie Ryzen-lijn. Het is een zelfgemaakte processor voorzien van acht kernen, gebaseerd op de 7nm Zen 2-microarchitectuur. De kloksnelheid bedraagt 3,5 GHz, maar er is ondersteuning voor een variabele frequentie. Verder is er 16 GB aan werkgeheugen ingebouwd. Dit is gddr6-geheugen met 10 GB die rekent op 560 GB per seconde en 6 GB die rekent op 336 GB per seconde.

De gpu, bedoeld voor de graphics, is dan weer gebaseerd op AMD’s Radeon Navi-microarchitectuur. Dat is in dit geval een custom RDNA 2-chipset. De gpu biedt ondersteuning aan voor de belangrijke technologie ray tracing. Dat wordt hardware- en niet softwarematig geregeld. Die gpu heeft een uitvoer van 10,28 teraflops. Het aantal teraflops staat gelijk aan de rekenkracht van de console. Hoe hoger dat getal, hoe mooier en sneller de beelden weergeven worden. De 36 aanwezige kernen hebben een kloksnelheid van 2,23 GHz, maar ook hier geldt dat er een variabele frequentie is.

Dat klinkt allemaal heel leuk en aardig, maar wat betekent dit nou concreet? De PlayStation 5 is in staat natively games in 4k en op 60 frames per seconde (fps) af te spelen. Ook is er ondersteuning voor beelden in 120 fps, waarschijnlijk dan in een lagere resolutie. De belofte van Sony is dat de PS5 uiteindelijk een resolutie van 8k kan presenteren.

©PXimport

Onze vrienden van Power Unlimited hebben de PlayStation 5 al binnen.

Interne ssd en media

Verder zit aan boord een ssd met een beschikbare ruimte van 825 GB. Waarschijnlijk is dat een schijf van 1 TB, waar allerlei systeembestanden op geïnstalleerd staan. Mocht het te weinig ruimte zijn: je kunt zelf een eigen ssd inbouwen, mocht je dat willen. Ook kun je een usb-schijf gebruiken. De datasnelheden van de interne ssd komt neer op 5,5 GB per seconde voor onbewerkte data, terwijl dat aantal op 8 tot 9 GB per seconde ligt voor gecomprimeerde gegevens.

Een handig aspect die het gebruik van een ssd toelaat is de functie Activities. Hiermee kun je meteen een bepaald level van een game spelen, bijvoorbeeld. Dat regel je vanuit het vernieuwde thuisscherm, dat Sony onlangs presenteerde. Je hoeft in dat geval niet heel het spel in te laden.

De PlayStation biedt verder ondersteuning aan voor 3d-audio en brengt daarvoor ook een speciale headset uit. Dit moet leiden tot een natuurlijk klinkend surroundgeluid, zelfs met een normale headset op. Ook beschikt de PS5 over een 4k blu-ray-discdrive (wanneer je de discversie koopt), waardoor je dus media op schijfjes kunt kopen en in 4k kunt bekijken.

Tot slot is het goed om te weten dat nagenoeg elke PlayStation 4-game op de PlayStation 5 te spelen is. We zeggen bewust ‘nagenoeg’, omdat er een handjevol titels bestaan die niet op de nieuwe console gespeeld kunnen worden. Dit zijn:

• DWVR
• Afro Samurai 2: Revenge of Kuma Volume One
• TT Isle of Man – Ride on the Edge 2
• Just Deal With It!
• Shadow Complex Remastered
• Robinson: The Journey
• We Sing
• Hitman Go: Definitive Edition
• Shadwen
• Joe’s Diner

Bovendien is en blijft het mogelijk games te spelen via de PlayStation Now-dienst. Dat is een gamestreamingdienst waarmee je toegang krijgt tot een grote selectie PlayStation-games. Dat moet het gemis van uitgebreide backwards compatibility enigszins opvangen, ook al dien je hier wel maandelijks 9,99 euro voor te betalen. Je kunt helaas niet zomaar een PS3-schijfje in de discopening doen en die game spelen.

©PXimport

De controller

Niet geheel onbelangrijk: de controller. Het is voor het eerst dat Sony drastische veranderingen doorvoert aan zijn PlayStation-controller, die tot nu toe altijd DualShock-controllers genoemd werden. De vernieuwde controller heet DualSense en heeft een aantal interessante dingen aan te bieden.

Aan de indeling van de knoppen is weinig veranderd. De gebruikelijke knoppen zitten nog steeds op dezelfde plek, waardoor je dus geen grote overstap hoeft te maken. Wel is de controller dit keer forser en is er verbeterde haptische feedback aanwezig. Daardoor voelt de DualSense toch anders aan tijdens het spelen. Bovendien zijn er nu adaptieve triggers, net als op Xbox. Daardoor kun je zelf bepalen hoeveel gas je geeft in een racegame bijvoorbeeld, omdat de triggers verschillende drukniveaus ondersteunen. Verder zit er een microfoon ingebouwd.

De PlayStation 5 biedt overigens eveneens ondersteuning aan voor PlayStation 4-controllers, maar alleen wanneer je een PS4-game op het systeem speelt. Dat kan via een download, maar ook wanneer je dus de discversie hebt en je je PS4-verzameling voornamelijk fysiek houdt.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.