ID.nl logo
Hackscenario's bij multifactorauthenticatie (mfa)
© Reshift Digital
Huis

Hackscenario's bij multifactorauthenticatie (mfa)

Multifactorauthenticatie ofwel mfa is in opkomst als een manier om accounts extra te beveiligen, zodat slechts een wachtwoord niet meer volstaat om binnen te komen. Deze methode is zonder meer veiliger, maar waterdichte garanties zijn er evenmin. We bekijken enkele uiteenlopende hackscenario’s.

Steeds meer diensten en websites dwingen gebruikers tot veiliger oplossingen op basis van multifactorauthenticatie (mfa), ook wel multi factor verification (mfv) genoemd – hoewel de termen authenticatie en verificatie niet helemaal identiek zijn.

Ook al wordt in bedrijfsomgevingen vaak adaptieve mfa toegepast, waarbij contextuele gegevens en bedrijfsregels bepalen welke factoren in een gegeven situatie gebruikt moeten worden, gaat het bij de meeste mfa-implementaties om twee factoren (2fa). Hierbij heb je naast iets wat je kent of weet, zoals een pincode of een wachtwoord, ook een factor nodig die je bezit, zoals een usb-token of een smartcard, of een die je ‘bent’. Bij dit laatste gaat het dan om biometrische authenticatie, zoals een vingerafdruk of een retinascan. 

Heel wat diensten en websites spreken wel over 2fa, maar laten een gebruiker inloggen met twee factoren van hetzelfde type. Over het algemeen tweemaal iets wat je kent. In die gevallen hebben we het (slechts) over tweestapsauthenticatie.

Het mag duidelijk zijn dat mfa (en 2fa) absoluut veiliger is dan sfa (singlefactorauthenticatie, dus alleen een wachtwoord bijvoorbeel), en producenten pakken daarom graag uit met de claim dat hun mfa-oplossing nog nooit is gehackt. Maar zelfs áls dat zo is, dan kunnen er de volgende dag wellicht wél kwetsbaarheden worden gevonden, of dat nu door pentesting, fuzz testing, een kwetsbaarhedenscan of threat modeling gebeurt. Bij threat modeling worden alle denkbare bedreigingen geïdentificeerd, vervolgens geprioriteerd en (hopelijk) ook opgelost.

Mfa-componenten

Het grootste veiligheidsprobleem met mfa blijft wel dat zo’n oplossing allerlei ondersteunende componenten en infrastructuren bevat waar de producent van de mfa-oplossing geen controle over heeft. Veiligheidsexpert Roger Grimes hamert er in zijn uitstekende boek ‘Hacking Multifactor Authentication’ voortdurend op dat zowat elk onderdeel op een of andere manier vatbaar is voor hacking. We beperken ons hier tot twee componenten.

Zo is een van de eerste fasen in een mfa-proces de initiële registratie, ook wel provisioning of enrollment genoemd. Dat gebeurt via een identity provider die op basis van enkele unieke attributen de identiteit van de aanvrager hoort te bevestigen. Helaas bewijst de praktijk vaak anders. Zo vertrouwen veel services op ‘geverifieerde’ accounts van Google of Facebook, terwijl er massale hoeveelheden frauduleuze accounts actief zijn. 

Of neem een op zich degelijk systeem als PGP (Pretty Good Privacy). Ook hier zetten frauduleuze gebruikers publieke sleutels van anderen in, omdat ontvangers toch zelden de geldigheid van de bijhorende digitale handtekening checken.

©PXimport

Hardware is uiteraard ook een onmisbare component in mfa-implementaties, en of het nu gaat om computers, telefoons of netwerkinterfaces, hardware blijkt altijd wel te compromitteren, waarna het authenticatieproces niet langer betrouwbaar is.

Initiatieven als Trusted Computing proberen dat tegen te gaan en ervoor te zorgen dat elke niet-geautoriseerde aanpassing wordt gedetecteerd. Een typisch voorbeeld is het Trusted Boot-proces van Windows 10, waarbij de bootchip-code van de UEFI-firmware digitaal is ondertekend en elke daaropvolgende hardwarecomponent op de vorige vertrouwt om zijn eigen handtekening te verifiëren, tot Windows is opgestart.

Social engineering

De meeste mfa-aanvallen blijken een mix te zijn van social engineering-technieken en zuiver technische malversaties, waarbij de eerste vaak het pad effenen voor de tweede.

Social engineering zou in al zijn varianten, zoals spear phishing, vishing (phishing over voice) en smishing (phishing via sms), voor zo’n 80 procent van alle digitale inbreuken verantwoordelijk zijn. Ook mfa-oplossingen zijn zeker niet immuun voor dit type aanvallen.

Het meest populair is de truc waarbij een gebruiker via phishing naar een valse site wordt gelokt die niet zelden voorzien is van een geldig digitaal certificaat, dankzij gratis diensten als Let’s Encrypt. Zo’n site imiteert een legitieme site waarop de gebruiker zich aanmeldt met mfa, bijvoorbeeld op basis van de Google Authenticator-app. Zodra het wachtwoord en de gegenereerde code zijn ingevoerd, vraagt de valse site om extra beveiligingsinformatie, zoals wachtwoordherstel- of creditcardgegevens, en pas daarna wordt de gebruiker alsnog naar de echte site doorverwezen.

Een andere, vaak toegepaste social engineering-truc is als een scammer iemand opbelt of een bericht stuurt, zogezegd uit naam van zijn financiële instelling. De scammer waarschuwt de gebruiker dat er frauduleuze transacties zijn vastgesteld, maar dat de instelling die kan blokkeren zodra de gebruiker zijn inloggegevens ter verificatie heeft doorgegeven.

©PXimport

Met deze gegevens kan de scammer het gebruikersaccount nu in herstelmodus plaatsen; alsof je je wachtwoord vergeten bent. Veel mfa-aanbieders bieden alternatieve authenticatiemethodes aan als het een legitieme gebruiker niet meer lukt zich aan te melden. Helaas zijn deze back-up-authenticatieprocedures meestal weinig dwingend.

Door de herstelmodus zal de nietsvermoedende gebruiker bijvoorbeeld een nieuwe code op een alternatief e-mailadres doorgestuurd krijgen. In het slechtste geval kan zo’n code zelfs naar een niet eerder geregistreerd e-mailadres worden verstuurd, wat het de scammer wel heel makkelijk maakt, aangezien hij dan een eigen adres kan invullen. In het andere geval meldt de scammer aan de gebruiker dat ook deze code ter verificatie moet worden doorgestuurd, waarna hij met die code het account kan overnemen.

Heel wat diensten laten de gebruiker in de herstelmodus een aantal vooraf beantwoorde persoonlijke vragen oplossen. Vragen als je geboortedatum, je postcode en de locatie van de eerste ontmoeting met je partner. Stemmen de antwoorden overeen, dan gaat zo’n dienst ervan uit dat het om de legitieme gebruiker gaat. Deze drie herstelvragen volstonden bijvoorbeeld om het e-mailaccount van oud-vicepresidentskandidate Sarah Palin over te nemen.

De moraal van dit verhaal: als het ook maar enigszins mogelijk is, vermijd dan de persoonlijke vragen voor de herstelmodus. Maak je er toch gebruik van, verzin dan bij voorkeur specifieke antwoorden voor iedere website en bewaar ze in een wachtwoordbeheerder.

Brute force

Ook zijn er nog altijd accounts die zich via ‘brute force’-technieken laten hacken. Hierbij worden talloze pogingen met telkens andere wachtwoorden of pincodes uitgevoerd tot de login slaagt. Dat kan zowel handmatig als met geautomatiseerde tools, zoals L0phtcrack, John the Ripper of Burp Suite. Zo werd met Burp Suite bijvoorbeeld een mfa-oplossing op basis van een otp (one-time password) gehackt

De hacker ontving een otp-verzoek, en na een analyse van het bewuste pakket wist hij dat er een code van zes cijfers werd verwacht. Hij sluisde het pakket door naar het tabblad Intruder van de Burp Suite, waar hij het bewuste otp-veld via brute force door diverse mogelijke combinaties liet vervangen tot de otp door de server werd geaccepteerd.

©PXimport

Een min of meer vergelijkbare poging op de otp-oplossing van Instagram werd succesvol uitgevoerd door een whitehat-hacker (die daarvoor een bug bounty van 30.000 dollar van Facebook ontving). Ook deze service verwachtte een code van zes cijfers voor de 2fa – binnen de otp-verlooptijd van 10 minuten. Bovendien liet Instagram niet meer dan 250 pogingen toe per ip-adres.

Wel bleek het mogelijk tot 500 pogingen te ondernemen wanneer er afwisselend een ander ip-adres werd gebruikt. Voor 150 dollar kon de hacker via een cloudservice-provider ten slotte de brute force-aanval uitvoeren, vanaf zo’n 4000 ip-adressen tegelijk.

Mite en mitb

Een andere manier om gegevens buit te maken, zijn mitm-aanvallen (man-in-the-middle), maar uiteraard zijn er ook mite-aanvallen mogelijk. Dat staat voor man-in-the-endpoint, waarbij een hacker erin slaagt een toestel van de gebruiker zelf te compromitteren. Het zal je weinig verbazen dat in zo’n scenario eigenlijk geen enkele communicatiewijze nog betrouwbaar is, en dus ook mta niet.

Zo’n mite-aanval vinden we bijvoorbeeld vaak terug bij banking trojans. Hierbij wordt in de lokale pc met behulp van social engineering of drive-by-downloads eerst een trojan geïnstalleerd. Die monitort heimelijk wat er in de browser gebeurt (man-in-the-browser, mitb). Wanneer er een trefwoord herkend wordt dat aangeeft dat de gebruiker zich aanmeldt bij een bancaire instelling, start de trojan een tweede, verborgen browsersessie. Zodra de gebruiker – al dan niet via mfa – is aangemeld en zijn rekeningen bekijkt, wijzigt de trojan stiekem de accountinformatie en doet een bankoverschrijving naar een frauduleus bankaccount. Vraagt de bank om nadere uitleg, dan komt die automatisch terecht bij de hackers.

Om deze praktijken tegen te gaan, stuurden banken bij wijze van mfa authenticatiecodes door, gelinkt aan een specifieke transactie. Aanvankelijk hielp dat, maar de banking trojans pasten zich aan. Voortaan wachtten ze tot de gebruiker zelf een banktransactie deed, om dan in het geniep alleen de eigen transactie naar de bank te verzenden. Die stuurde daarop de mfa-code voor de frauduleuze transactie door en de gebruiker tikte die nietsvermoedend in.

©PXimport

Namespace hijacking

Een ‘namespace’ verwijst naar een gedeeld systeem waarbinnen objecten op een specifieke wijze opgeslagen en gelokaliseerd worden. Bekende namespaces zijn bijvoorbeeld AD (Active Directory in domeinnetwerken), LDAP (Lightweight Directory Access Protocol) en DNS (Domain Name System). Deze laatste zet webadressen om in de bijhorende ip-hostadressen en is daarmee een gewild doelwit voor allerlei aanvallen, waaronder DNS-hijacking.

We beperken ons hier tot een paar veelgebruikte methodes, waarvan de eenvoudigste de zogenoemde ‘doppelganger domains’ zijn. Dat zijn domeinnamen die bijna identiek zijn aan bekende exemplaren, zoals www.arnazon.com (in plaats van amazon), www.llnkedin.com (linkedin) en www.micosoft.com (microsoft). Iets technischer is malware die de instellingen van de DNS-client aanpast, meestal door de DNS-server bij de gebruiker te wijzigen of door het hosts-bestand van malafide ingangen te voorzien.

 Dit laatste kun je in Windows snel zelf uitzoeken. Druk op Windows-toets+R en voer %windir%\system32\drivers\etc in. Versleep het bestand hosts naar je bureaublad en open dit in Kladblok. Voeg de regel <ip-adres> <hostnaam> toe, met het ip-adres van een andere webserver dan die van de hostnaam). Sla het bestand op, versleep het weer naar de originele submap en sta de operatie toe. 

Herstart je pc en tik de hostnaam in je browser in. Je wordt nu omgeleid naar de webserver van het ip-adres. Een andere populaire techniek zijn de domain hijacks. Een hacker slaagt erdan in een ‘authoritative’ DNS-server over te nemen (wellicht via het account van een DNS-beheerder), waarna hij het ip-adres van een DNS-record naar een onbetrouwbare locatie laat verwijzen.

©PXimport

Access token

Wanneer een gebruiker zich succesvol authenticeert, genereren de meeste authenticatiesystemen een access (control) token en sturen dat door naar (het betreffende proces van) die gebruiker. Zo’n token kan de vorm aannemen van bijvoorbeeld een Kerberos-ticket (in een Windows-netwerk), maar kan net zo goed een html-cookie zijn, bijvoorbeeld als de gebruiker zich bij een website wil aanmelden. Dit token zorgt ervoor dat de gebruiker zich voor de daaropvolgende handelingen binnen dezelfde sessie niet telkens opnieuw hoeft aan te melden.

Natuurlijk, wie zo’n access token in handen krijgt, kan zich dus binnen zo’n sessie voordoen als de legitieme gebruiker (session hijacking). Dat kan in principe op twee manieren. Zo zijn er nog altijd heel wat websites die eenvoudig te raden sessie-ID’s gebruiken, zodat ze makkelijk kunnen worden gereproduceerd. Maar tokens stelen is vaak nog eenvoudiger, bijvoorbeeld door het kapen van een netwerksessie met tools als het reeds eerder vermelde Burp Suite of WebScarab (een onderdeel van Kali Linux). 

In feite komt dit neer op een mitm-aanval. Zo’n opzet is bijvoorbeeld mogelijk wanneer de hacker ongemerkt een proxy node opzet die alle commando’s van de client en de server naar de andere partij doorstuurt. In een lan kan dat bijvoorbeeld via arp poisoning. Loopt de communicatie over internet, dan kan de gebruiker bijvoorbeeld via phishing of met een doppelganger domain naar de malafide proxy worden gelokt waar alle input van de gebruiker, waaronder zijn mfa-authenticatie, in het geheim wordt doorgestuurd naar de echte doelsite (en omgekeerd).

©PXimport

Onbetrouwbare software

Soms maken de ontwikkelaars van mfa-oplossingen of van een van de ondersteunende componenten hackers het ongewild makkelijk. Er duiken namelijk nog vrij vaak kwetsbaarheden op in zulke software. Hier vind je een lijst met veelvoorkomende software-onvolkomenheden, specifiek voor authenticatie-doeleinden.

Wil je zelf uitzoeken of er hiaten zijn gevonden bij een (authenticatie-)product of softwareproducent, raadpleeg dan de CVE Details-database (Common Vulnerability and Exposures). Hier zie je ook de meest gebruikelijke programmeerfouten. We beperken ons hier tot twee bekende types: xss en buffer overflow.

Xss staat voor cross-site scripting en is een aanval op basis van code-injectie aan de clientzijde. Deze injectie kan bijvoorbeeld plaatsvinden wanneer je een webpagina met een malafide code bezoekt (persistent xss) of er via een ‘foute’ link terechtkomt (reflected xss). Bij deze laatste zijn dan aan het einde van de url extra parameters toegevoegd die door de server als commando’s worden geïnterpreteerd. Die kunnen er bijvoorbeeld voor zorgen dat de gebruiker stiekem naar een andere site wordt omgeleid.

Het andere type, buffer overflow, is bijna net zo oud als het programmeren zelf. Hierbij wordt bijvoorbeeld aan een listening service andere dan de verwachte en ook meer data doorgespeeld, waardoor deze input niet alleen de voorziene dataruimte opvult, maar ook de coderuimte, zodat de programma-instructies van de hacker worden uitgevoerd.

©PXimport

Fysieke aanval

Xss en buffer overflow zijn dus ongewilde bugs door ontwikkelaars van mfa-oplossingen, maar aan de andere kant van het spectrum bevinden zich de doelbewuste hardware-manipulaties door hackers. Dat kan zo simpel zijn als ‘schoudersurfen’ (meekijken over de schouder van een weinig alerte gebruiker – daarom ook hangen er doorgaans spiegels bij bankautomaten) of diefstal van het mfa-apparaat, zoals een totp-apparaat (time-based one-time password). Maar het kan ook veel geavanceerder, tot zogenoemde side-channel attacks (laterale kanaalaanvallen) aan toe.

Bij zo’n aanval wordt informatie verkregen door de fysieke implementatie van een systeem, zoals een specifiek energieverbruik, ultrasone emanaties (van beeldschermen) of elektromagnetische lekken. Op deze site kun je meer technische details lezen over een side-channel-aanval van begin 2021 op de security keys van Google Titan en YubiKey op basis van elektromagnetische straling.

Of wat tenslotte te denken van cold boot-aanvallen, waarbij geheugenchips zoals de TPM-chip (Trusted Platform Module) worden bespoten met vrieslucht, zodat de inhoud van de chips even behouden blijft – waaronder bijvoorbeeld de (decryptie)sleutel van een encryptietool als BitLocker. Vervolgens kan een hacker de inhoud van die chips met speciale software naar een ander apparaat kopiëren en daar uitlezen om zo de sleutel te bemachtigen. 

Dergelijke aanvallen zijn al met succes gedemonstreerd en ook op YouTube vind je hier aardig wat video’s over. Net zoals over vele andere aanvallen waarmee ook mfa-oplossingen te omzeilen zijn.

▼ Volgende artikel
3 Windows-instellingen die je direct moet aanpassen voor een snellere en veiligere pc
© ID.nl
Huis

3 Windows-instellingen die je direct moet aanpassen voor een snellere en veiligere pc

Frustraties over een trage pc of ongewenste advertenties? Grote kans dat de standaard Windows-instellingen de boosdoener zijn. Met drie simpele ingrepen optimaliseer je direct de snelheid, privacy en veiligheid van je systeem. Wij zetten de belangrijkste aanpassingen op een rij, zodat je direct weer vlot en zorgeloos aan de slag kunt!

Of je nu net een gloednieuwe laptop uit de doos haalt of al jaren op dezelfde vertrouwde desktop werkt, de standaardinstellingen van Windows zijn zelden optimaal. Microsoft kiest vaak voor opties die hun eigen diensten promoten in plaats van jouw gebruiksgemak centraal te stellen. Gelukkig kun je met een paar gerichte ingrepen direct winst behalen. Pas deze drie essentiële instellingen aan voor meer privacy, snelheid en overzicht.

Schakel onnodige opstart-apps uit

Niets is zo frustrerend als een computer die er minutenlang over doet om startklaar te zijn. De grootste boosdoener hiervoor is vaak een overdaad aan programma's die automatisch opstarten zodra je de pc aanzet. Veel applicaties, van Spotify tot samenwerkingstools als Microsoft Teams, nestelen zich tijdens de installatie ongevraagd in je opstartproces. Dat vreet direct aan je systeemgeheugen en vertraagt de opstarttijd aanzienlijk.

Je lost dit eenvoudig op door naar de instellingen van Windows te navigeren en te zoeken naar de optie Opstart-apps. Hier zie je een duidelijk overzicht van alle software die met Windows mee start, inclusief de impact die elk programma heeft op de prestaties. Loop kritisch door deze lijst heen. Programma's die je niet dagelijks direct na het inloggen nodig hebt, kun je zonder risico uitschakelen door het schuifje om te zetten. Je verwijdert de software hiermee niet; je voorkomt alleen dat ze op de achtergrond draaien zonder dat je erom gevraagd hebt. Je pc zal hierdoor merkbaar vlotter reageren.

Weg met die advertenties en suggesties!

Windows is in de loop der jaren steeds meer veranderd in een platform waarop Microsoft eigen en gesponsorde diensten probeert te verkopen. Dat uit zich in zogenaamde 'suggesties' in je Startmenu, op je vergrendelingsscherm en zelfs in de Verkenner. Voor de meeste gebruikers voelt dat – terecht – als ongewenste reclame binnen een besturingssysteem waarvoor al betaald is. Het zorgt bovendien voor ruis en leidt af van waar je eigenlijk mee bezig bent.

Om deze stroom aan prikkels te stoppen, duik je in het menu Persoonlijke instellingen. Bij de instellingen voor het Startmenu en het Vergrendelingsscherm vind je opties die verwijzen naar het tonen van suggesties, tips of leuke weetjes. Vink deze opties uit om een schonere, rustigere interface te krijgen. Vergeet ook niet bij de privacy-instellingen de optie uit te zetten die Windows toestaat om je Instellingen-app te gebruiken voor het tonen van voorgestelde inhoud. Het resultaat is een professionelere werkomgeving die doet wat hij moet doen, zonder je continu te proberen te verleiden tot extra klikken.

Maak bestandsextensies zichtbaar

Een van de meest riskante standaardinstellingen in Windows is het verbergen van bestandsextensies voor bekende bestandstypen. Standaard zie je alleen de naam van een bestand, bijvoorbeeld 'factuur', maar niet of het een .pdf, .docx of een .exe is. Cybercriminelen maken daar dankbaar gebruik van door virussen te vermommen als onschuldige documenten. Een bestand dat 'foto.jpg.exe' heet, wordt door Windows dan getoond als 'foto.jpg', waardoor je denkt een afbeelding te openen terwijl je in werkelijkheid schadelijke software installeert.

Je kunt dit veiligheidsrisico direct verhelpen via de Bestandsverkenner. Zoek in de menubalk naar de optie Weergeven en navigeer vervolgens naar de instellingen voor weergeven. Hier vind je een optie genaamd Extensies voor bestandsnamen. Zorg dat deze optie aangevinkt staat. Hoewel het in het begin even wennen kan zijn om achter elk bestand een punt en drie of vier letters te zien staan, geeft het je volledige controle en inzicht. Je ziet nu in één oogopslag met wat voor type bestand je écht te maken hebt, en dat verkleint de kans op een succesvolle malware-infectie drastisch.

Populaire merken voor Windows-laptops

Wie op zoek is naar hardware die het meeste uit Windows haalt, komt al snel uit bij een aantal gevestigde namen die de markt domineren. Een van de grootste spelers is Lenovo, dat met name met de ThinkPad-serie een ijzersterke reputatie heeft opgebouwd in de zakelijke markt dankzij robuuste bouwkwaliteit en uitstekende toetsenborden. Voor consumenten die design en innovatie zoeken, is HP (Hewlett-Packard) een veelgekozen merk, mede dankzij de Omnibook- en Envy-lijnen die esthetiek combineren met krachtige prestaties. Ook Acer blijft een vaste waarde, waarbij vooral de Aspire-modellen steevast hoge ogen gooien in reviews vanwege hun interessante prijs-kwaliteitverhouding. Tot slot biedt het Taiwanese ASUS vaak veel rekenkracht voor een scherpe prijs en durven zij met hun ZenBook-serie vaak te experimenteren met nieuwe technologieën zoals dubbele schermen.

▼ Volgende artikel
Dekbed in de wasdroger: helpt een tennisbal echt?
© ID.nl
Huis

Dekbed in de wasdroger: helpt een tennisbal echt?

Wanneer je je dekbed gewassen hebt, wil je dat het natuurlijk weer lekker dik en luchtig aanvoelt. Maar wanneer je hem gewoon in de droger gooit, kan de vulling gaan klonteren, zodat er dunne stukken en dikke stukken ontstaan. Dat slaapt niet echt lekker. Om dat te voorkomen, gooien veel mensen er een paar tennisballen bij. Helpt dat echt?

In dit artikel

Je leest wat tennisballen in de droger doen en bij welke dekbedden dat wel of juist minder goed werkt. We leggen uit hoeveel ballen je nodig hebt, waar je op let bij het type tennisbal en waarom voldoende ruimte in de trommel belangrijk is. Ook staan we stil bij alternatieven zoals speciale drogerballen en geven we praktische tips om je dekbed gelijkmatig te laten drogen en mooi in vorm te houden.

Lees ook: 9 veelgemaakte fouten bij het drogen van je was

Wat tennisballen in de droger doen

Tijdens het drogen raken de tennisballen telkens het dekbed. Dat helpt vooral bij dons en veren. Als die nat zijn, blijven ze aan elkaar plakken en zakt de vulling in. Door de constante beweging vallen die samengepakte delen weer uiteen, waardoor de vulling zich opnieuw verspreidt. Zo kan de warme lucht overal beter bij en droogt het dekbed gelijkmatiger. De droogtijd wordt er niet korter van, maar het dekbed komt wel duidelijk voller uit de droger.

Hoe vaak moet je je dekbed eigenlijk wassen?

Een dekbed hoeft niet vaak in de was. Voor de meeste mensen is één tot twee keer per jaar genoeg. Dat komt omdat het meeste vuil (denk bijvoorbeeld aan zweet of huidschilfers) niet in het dekbed zelf terechtkomt, maar in het dekbedovertrek. Dat overtrek was je regelmatig, meestal eens per één à twee weken. Het dekbed blijft daardoor relatief schoon.

Soms is vaker wassen wel logisch. Bijvoorbeeld als je veel zweet in je slaap, last hebt van een huisstofmijtallergie of het overtrek niet zo vaak verschoont. Ook na ziekte of bij zichtbare vlekken is een extra wasbeurt verstandig.

Hoe vaak je kunt wassen, hangt ook af van de vulling. Niet elk dekbed kan namelijk even goed tegen veel wasbeurten. Dons- en verendekbedden kunnen meestal in de wasmachine, mits je het waslabel volgt en ze daarna goed laat drogen. Synthetische dekbedden zijn in dat opzicht wat vergevingsgezinder en kunnen vaak vaker gewassen worden zonder dat de vulling daaronder lijdt.

Twijfel je of wassen echt nodig is? Dan is luchten een goed alternatief. Hang je dekbed regelmatig buiten of bij een open raam. Daarmee kun je een wasbeurt vaak nog maanden uitstellen.

View post on TikTok

Hoeveel tennisballen zijn genoeg?

Met één tennisbal in de wasdroger merk je vaak weinig, zeker bij een groot dekbed. Die verdwijnt al snel in de stof en heeft dan weinig effect. Met twee tot vier ballen werkt het beter, omdat ze het dekbed op meerdere plekken tegelijk in beweging houden. Zolang de ballen vrij kunnen bewegen en niet vast blijven zitten in de vulling, doen ze hun werk.

Kun je elke tennisbal gebruiken bij het drogen van een dekbed in de droger?

iet elke tennisbal is even geschikt. Vooral nieuwe of felgekleurde ballen kunnen bij hogere temperaturen kleur afgeven en kleine pluisjes verliezen van de vilten buitenlaag. Dat komt niet vaak voor, maar het risico is wel aanwezig. Gebruik je oudere tennisballen, dan is de kans hierop kleiner. Wil je dat verder beperken, dan kun je de ballen in een oude witte sok stoppen en die dichtknopen. Het effect blijft grotendeels hetzelfde, al is het iets minder uitgesproken dan met losse ballen.

Speciale drogerballen

Er bestaan ook speciale drogerballen van wol of kunststof. Die zijn bedoeld voor gebruik in de droger en geven geen kleur af. Ze doen hetzelfde als tennisballen: ze zorgen dat het dekbed tijdens het drogen in beweging blijft. Wolballen maken minder lawaai en zijn milder voor stoffen. Stop je je dekbed regelmatig in de droger? Dan kun je beter deze speciale bollen gebruiken in plaats van tennisballen.  

Geef het dekbed genoeg ruimte in de droger

Tennisballen helpen alleen als het dekbed voldoende ruimte heeft om te bewegen. Is de trommel te vol, dan draait alles als één geheel rond en gebeurt er weinig. Wil je grote tweepersoonsdekbedden drogen, dan heb je een droger met een ruime trommel nodig. Heb je die niet zelf? Kijk dan of er een wasserette bij je in de buurt is. Meer ruimte zorgt voor meer beweging en daarmee voor een beter eindresultaat.

Niet elk dekbed kan in de droger

Tennisballen hebben vooral effect bij dons- en verendekbedden. Bij synthetische vulling is dat verschil kleiner en kan de constante beweging van de ballen de vulling na verloop van tijd zelfs vervormen. Wol, zijde en andere natuurlijke materialen mogen meestal helemaal niet in de droger. Check daarom altijd eerst het waslabel voordat je het dekbed in de trommel legt.

Even tussendoor opschudden helpt

Haal het dekbed halverwege het programma even uit de droger en schud het los, alsof je het bed opmaakt. Leg het daarna omgedraaid terug in de trommel. Zo verdeelt de vulling zich opnieuw en kan het dekbed gelijkmatiger drogen.

Wat kun je van het eindresultaat verwachten?

Tennis- of drogerballen zijn vooral een hulpmiddel, geen vervanging voor de juiste drooginstellingen. Droog het dekbed niet te vaak of te heet: kies een lage of middelhoge temperatuur en selecteer een speciaal dons- of beddengoedprogramma als dat op je droger zit. Zorg ook voor voldoende ruimte in de trommel. Als je dan ook nog eens ballen laat meedraaien, heb je er alles aan gedaan om te zorgen dat je dekbed weer lekker vol uit de droger komt!