ID.nl logo
Arduino Nano RP2040 Connect review - Ontwikkelbordje voor IoT
© Reshift Digital
Huis

Arduino Nano RP2040 Connect review - Ontwikkelbordje voor IoT

De Arduino Nano RP2040 Connect is een krachtig microcontrollerbordje met wifi en bluetooth low energy, gebaseerd op de RP2040-microcontroller van de Raspberry Pi Foundation. Het bordje programmeren doe je in het Arduino-ecosysteem of met CircuitPython of MicroPython. Voor deze Arduino Nano RP2040 Connect review gingen we ermee aan de slag.

De Arduino Nano RP2040 Connect kost 29 euro en is het eerste microcontrollerbordje met de door de Raspberry Pi zelf ontwikkelde microchip RP2040. Deze vormt het hart van de eerder dit jaar geïntroduceerde Raspberry Pi Pico. Maar de chip bevat geen wifi of bluetooth, en de Raspberry Pi Pico is dan ook een ontwikkelbordje dat je kunt vergelijken met een klassieke Arduino van voor de tijd dat IoT doorbrak.

De makers van de Arduino hebben nu een eigen bordje rond de RP2040 gebouwd en daar een u-blox NINA-W102 wifi- en bluetooth-radiomodule aan toegevoegd: de Arduino Nano RP2040 Connect. Er zit ook een bewegingssensor in, een microfoon en een RGB-led.

En natuurlijk heb je nog altijd toegang tot vele gpio-pinnen, waardoor je er allerlei externe componenten op kunt aansluiten. Het bordje heeft het Arduino Nano-formaat en is dus relatief smal, waardoor er op een standaard breadboard aan de ene kant nog twee en aan de andere kant zelfs drie rijen plaats is.

Compatible met Arduino IDE

Uiteraard ondersteunt de Arduino IDE het nieuwe bordje. We probeerden dit uit in versie 2.0 bèta 7. Je dient eerst de Arduino Mbed OS Nano Boards-core te installeren. Het is wel te zien dat het bordje nog nieuw is, want niet alle documentatie is compleet. Aanvankelijk slaagden we er niet in om een sketch naar de Arduino Nano RP2040 Connect te uploaden, omdat de IDE het bordje niet detecteerde.

Na wat zoekwerk ontdekten we op het Arduino-forum dat je eenmalig een script moet uitvoeren. 

Onder Windows is dat:

%APPDATA%\Arduino15\packages\arduino\hardware\mbed_nano\2.1.0\post_install.bat

Onder Linux:

~/.arduino15/packages/arduino/hardware/mbed_nano/2.1.0/post_install.sh

En onder macOS:

~/Library/Arduino15/packages/arduino/hardware/mbed_nano/2.1.0/post_install.sh

Nadat we dat uitgevoerd hadden, lukte het uploaden wel.

Uf2-bootloader

Net zoals de Raspberry Pi Pico heeft de Arduino Nano RP2040 Connect een bootloader in het ROM van de RP2040 die uf2-images (USB Flashing Format) voor firmware ondersteunt. Dat is ook de reden waarom je tijdens het uploaden van je code in de Arduino IDE enkele seconden het apparaatje zich als een opslagapparaat ziet aankoppelen. Na het uploaden ontkoppelt het opslagapparaat zich weer.

Uf2 is een handige en veilige manier om firmware naar de Arduino Nano RP2040 Connect te schrijven zonder dat je daarvoor ontwikkeltools zoals de Arduino IDE nodig hebt. Koppel daarvoor de usb-aansluiting van het bordje af, verbind de GND- en REC-pinnen (onder het Arduino-logo aan de onderkant van het bordje) met een jumperdraad en verbind je bordje weer via usb met je computer.

De interne opslag wordt nu aangekoppeld. Dat werkt zowel onder Windows als Linux en macOS. Verwijder de jumperdraad. Je kunt nu eenvoudigweg een uf2-bestand naar de aangekoppelde opslag slepen, waarna de firmware wordt geïnstalleerd. Op deze manier kun je de uf2-versie van een Arduino-sketch uploaden, maar ook images van bijvoorbeeld MicroPython of CircuitPython.

©PXimport

Arduino IoT Cloud

Arduino focust zich met dit nieuwe bordje op IoT, en uiteraard is de integratie met de Arduino IoT Cloud dan ook belangrijk. We creëerden daarom in deze clouddienst van de Arduino-makers een Thing, en daar werd het bordje onmiddellijk gedetecteerd. Na het te selecteren als apparaat, schreef Arduino IoT Cloud de juiste firmware naar het bordje om veilig met de clouddienst te kunnen communiceren.

Daarna definieerden we in de Arduino IoT Cloud variabelen en voegden aan de aangemaakte sketch code toe om de bewegingssensor uit te lezen en de led aan te sturen. Nadat we deze sketch succesvol hadden geüpload, konden we ook boodschappen op de seriële monitor bekijken. Dit allemaal werkte heel eenvoudig in de webbrowser.

Arduino Nano RP2040 Connect specificaties

  • Processor: dual-core ARM Cortex-M0+ 133 MHz
  • Werkgeheugen: 264 KB SRAM
  • Flashgeheugen: 16 MB
  • Wifi: 802.11b/g/n
  • Bluetooth: BLE 4.2
  • GPIO’s: 22 (20 met PWM en 8 analoge)
  • Usb: micro-usb
  • Secure element: ATECC608A-MAHDA-T Crypto IC
  • Bewegingssensor: LSM6DSOXTR (6-assige IMU)
  • Microfoon: MP34DT05
  • Afmetingen: 18 x 45 mm
  • Gewicht: 6 g

Arduino-bibliotheken

De hardware van het bordje wordt goed ondersteund door allerlei Arduino-bibliotheken. Met de bibliotheek SM6DSOX kun je de bewegingssensor uitlezen, zowel de accelerometer voor de positie of beweging van het bordje als de gyroscoop waarmee je rotaties detecteert. De mems-microfoon lees je uit met de bibliotheek PDM, die automatisch wordt geïnstalleerd met de Arduino Mbed OS Nano Boards-core.

Voor wifi maak je gebruik van de bibliotheek WiFiNINA en voor bluetooth low energy van ArduinoBLE. Dit zijn allemaal bibliotheken die ook andere Arduino-bordjes met de juiste hardware ondersteunen, dus veel van je programmeerkennis van andere Arduino-bordjes kun je hergebruiken voor de Arduino Nano RP2040 Connect. Uiteraard zijn ook standaardbibliotheken zoals SPI, Wire (voor I²C) en Serial (voor UART) ondersteund, zodat je allerlei externe componenten op je bordje kunt aansluiten.

©PXimport

MicroPython en CircuitPython

Je kunt de Arduino Nano RP2040 Connect ook beschouwen als een Raspberry Pi Pico met extra hardware, en dan is MicroPython een populaire optie. Op het moment van schrijven is er helaas nog geen officieel MicroPython-image voor het bordje, maar wel een van het daarvan afgeleide CircuitPython.

We installeerden CircuitPython 6.3.0 op het bordje, en daarna koppelde zich een opslagapparaat met de naam CIRCUITPY aan, waarin het bestand code.py te vinden is met een programma dat “Hello world” toont. We startten daarna de Python-editor Mu in de CircuitPython-modus. Een eenvoudig CircuitPython-script dat de ingebouwde led doet knipperen konden we gewoon in code.py op het opslagapparaat opslaan, waarna de led van de Arduino Nano RP2040 Connect begon te knipperen.

CircuitPython ondersteunt ook de Programmable IO’s (PIO) van de RP2040, een subsysteem waarmee je kleine programma’s kunt schrijven voor snelle dataoverdracht. Na het kopiëren van de bibliotheek adafruit_pioasm.mpy van de Adafruit CircuitPython-bundel met bibliotheken naar de directory lib in het opslagapparaat, konden we Adafruits tutorial over RP2040 PIO met CircuitPython op het bordje uitvoeren om de ingebouwde led aan te sturen. Iets gelijkaardigs kun je ook voor NeoPixels doen.

Al met al is de Arduino Nano RP2040 Connect dus een veelzijdig ontwikkelbordje voor IoT-toepassingen. Met dank aan Elektronicavoorjou.nl voor het beschikbaar stellen van een review-exemplaar!

Fantastisch
Plus- en minpunten
  • Arduino-ecosysteem
  • Uitgebreide tutorials
  • CircuitPython met PIO
  • Onvolledige documentatie
  • Geen officiële MicroPython
  • Prijs
▼ Volgende artikel
Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat
Huis

Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat

Capcom heeft eerder deze week een livestream uitgezonden waarin nieuwe beelden werden getoond van het aankomende horrorspel Resident Evil Requiem. Ook werd er meer informatie gegeven over de game.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Nadat eind vorig jaar al werd aangekondigd dat spelers niet alleen Grace Ashcroft zullen besturen, maar ook Leon S. Kennedy - een bekend gezicht voor mensen die eerdere delen hebben gespeeld - werd er tijdens de livestream uitgebreid gameplay van dit personage getoond.

Twee verschillende hoofdpersonages

Daarbij werd de nadruk gelegd op de verschillende speelstijlen van Leon en Grace. Op verschillende momenten gedurende de game wordt er automatisch tussen deze personages gewisseld, en ze zullen elk compleet andere gameplay bieden.

De segmenten met Leon - onder andere bekend uit Resident Evil 2 en Resident Evil 4 - zijn erg op actievolle schietgevechten gericht. Leon kan daarnaast ook de kelen van vijanden doorsnijden. Hij heeft ook een bijl waarmee hij aanvallen kan afweren. Grace's segmenten zijn juist erg gericht op spanning en horror en draaien vooral om het vermijden van intense gevechten.

Tijdens de livestream werd ook onthuld dat de game niet alleen naar consoles en pc komt, maar dat leden van Nvidia GeForce Now de game ook kunnen spelen. Ook werd er gepraat over de verschillende moeilijkheidsgraden - zo is er een extra makkelijke moeilijkheidsgraad voor mensen die weinig ervaring hebben met dit type spellen.

De complete livestream kan hieronder worden bekeken. In verband met de volwassen inhoud van de livestream kan het mogelijk zijn dat je op de link in de video moet klikken om naar YouTube te gaan en te bewijzen dat je volwassen bent.

Vanaf 27 februari verkrijgbaar

Resident Evil Requiem verschijnt op 27 februari (pre-orderen kan nu al) voor PlayStation 5, Xbox Series X en S, Nintendo Switch 2 en pc. Het is het negende hoofddeel in de horrorserie die al sinds de jaren negentig bestaat. In de loop der jaren is de franchise meermaals flink op de schop gegaan. Zo richtte Resident Evil 4 zich meer op actie, en zijn horrorelementen sinds Resident Evil 7: Biohazard weer teruggekeerd. Resident Evil Requiem lijkt dan ook een combinatie van al deze elementen te gaan bieden.

Op 27 februari zullen overigens ook Resident Evil 7 en Resident Evil Village (het achtste deel) op Nintendo Switch 2 uitkomen. Daarnaast verschijnt Village later deze maand op PlayStation Plus en Xbox Game Pass.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten
© chadchai - stock.adobe.com
Huis

Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten

Je kijkt een spannende serie en opeens bevriest het beeld. Dat bekende draaiende cirkeltje… er zijn weinig dingen zó frustrerend. Gelukkig ligt de oplossing vaak binnen handbereik. De snelheid van je internet hangt namelijk sterk samen met de manier waarop je thuis met je apparatuur omgaat. Door een paar veelgemaakte fouten te vermijden en de juiste techniek te kiezen, merk je vaak direct dat je netwerk stabieler wordt, zonder dat daar een duurder abonnement voor nodig is.

In het kort

In dit artikel lees je welke drie wifi-fouten het vaakst zorgen voor traag internet of haperingen: een onhandige plek voor je router, drukte op 2,4 GHz en verouderde firmware of hardware. Je ziet ook hoe je zelf een rustiger kanaal vindt en wanneer het slim is om te kiezen voor 5 GHz of 6 GHz. Tot slot leggen we uit wat wifi 6 en wifi 7 doen en waarom een netwerkkabel van minimaal cat5e verschil kan maken.

Lees ook: Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Fout 1: De router op de verkeerde plek neerzetten

Een router wint qua looks zelden een schoonheidsprijs. De neiging om het apparaat uit het zicht te plaatsen is daarom groot. Toch is een verkeerde locatie de meest gemaakte fout die je bereik merkbaar (en soms zelfs dramatisch) kan verkleinen.

Dat zit zo.  Je kunt wifi-signalen vergelijken met het licht van een gloeilamp. Als je die lamp in een houten kast of achter een dikke bank zet, blijft de rest van de kamer donker. Obstakels zoals muren, meubels en zelfs grote kamerplanten blokkeren de onzichtbare golven. Vooral metaal en water zijn beruchte boosdoeners; een router naast een aquarium of achter een radiator plaatsen is vragen om problemen.

Ook de hoogte is bepalend. Veel mensen zetten de router op de grond, maar op de grond zit het signaal sneller 'achter' meubels en andere blokkades. Zet het apparaat liever op een kast of boekenplank op ooghoogte voor een vrije weg naar je apparaten.

©ID.nl

Fout 2: Storing door andere apparatuur over het hoofd zien

Je staat er waarschijnlijk niet bij stil, maar veel apparaten in huis gebruiken dezelfde onzichtbare digitale snelweg als je internetverbinding. De magnetron, sommige babyfoons en zelfs de draadloze koptelefoon van de buren vechten om een plekje op de 2,4GHz-band. Ook andere wifi-netwerken in de buurt kunnen voor digitale files zorgen.

De meeste moderne routers ondersteunen gelukkig ook de 5GHz-frequentie. Deze band is veel breder en heeft minder last van andere apparatuur. Het handmatig selecteren van het 5GHz-netwerk levert vaak direct een snelheidswinst op. Heb je een router met wifi 6e of wifi 7, dan kun je soms ook de 6 GHz-band gebruiken. Die is vaak rustiger, maar het bereik is meestal wat kleiner dan bij 5 GHz.

Tip: geef je netwerken duidelijke namen

Veel routers zenden meerdere wifi-netwerken tegelijk uit: 2,4 GHz voor bereik, 5 GHz voor snelheid en soms ook 6 GHz voor extra ruimte in drukke omgevingen. Als al die banden onder één naam vallen, kiest je smartphone of laptop automatisch. Dat gaat vaak goed, maar niet altijd: je toestel kan blijven “plakken” aan 2,4 GHz terwijl 5 GHz op dat moment sneller en stabieler is.

Door je netwerken een herkenbare naam te geven, maak je de keuze simpel. Geef de 2,4 GHz-band bijvoorbeeld de naam thuis-2g, de 5 GHz-band thuis-5g en, als je die hebt, de 6 GHz-band thuis-6g. Dan zie je in één oogopslag welk netwerk je pakt. Zit je ver van de router, dan is 2,4 GHz vaak de veiligste optie. Zit je dichtbij en wil je vooral snelheid, dan ligt 5 GHz of 6 GHz meer voor de hand. Zo kun je bij haperingen of traag internet meteen testen of een andere band het probleem oplost, zonder dat je in instellingen hoeft te graven.

View post on TikTok

Fout 3: Verouderde software en hardware blijven gebruiken

Technologie verandert razendsnel en dat geldt ook voor de beveiliging en snelheid van je netwerk. Veel huishoudens werken nog met de router die ze jaren geleden bij hun eerste abonnement kregen. Deze oude techniek kan de moderne eisen van streaming en videobellen simpelweg niet meer bijbenen. Daarnaast vergeten veel gebruikers om de firmware van hun apparaat te updaten. Fabrikanten brengen deze software-updates uit om prestaties te verbeteren en lekken te dichten. Een verouderd systeem is niet alleen trager, maar ook een makkelijker doelwit voor hackers.


1️⃣2️⃣3️⃣Stappenplan: de beste wifi-kanalen scannen

Als je buren ook allemaal op hetzelfde wifi-kanaal zitten, ontstaat er interferentie. Je kunt dit zelf eenvoudig oplossen door een rustiger kanaal te zoeken.

1) Download een app zoals WiFi Analyzer (Android) of NetSpot (Windows, macOS, Android & iOS).

2) Open de app en bekijk de grafiek van de omgeving. Je ziet hier welke kanalen drukbezet zijn door netwerken in de buurt. Noteer het kanaalnummer dat het minst wordt gebruikt. Vaak zijn kanaal 1, 6 of 11 op de 2,4GHz-band de beste keuzes.

3) Log in op de webinterface van je router via je browser (meestal via een adres als 192.168.1.1). Zoek naar de draadloze instellingen en wijzig het kanaal van 'Automatisch' naar het door jou gekozen nummer. Sla de instellingen op en test of je verbinding stabieler aanvoelt.

Het verschil tussen wifi 6 en wifi 7

Sta je op het punt om een nieuwe router of laptop te kopen? Dan kom je de termen wifi 6 en wifi 7 tegen. Wifi 6 was een grote stap vooruit omdat het beter omgaat met veel apparaten tegelijk op één netwerk. Het zorgt voor een efficiëntere verdeling van de data. Wifi 7 is de allernieuwste standaard en gaat nog een flinke stap verder. Het maakt gebruik van extreem brede kanalen en kan verbinding maken via meerdere frequenties tegelijkertijd. Dit wordt Multi-Link Operation genoemd. Hierdoor is de vertraging merkbaar lager en kun je hogere snelheden halen, vooral op korte afstand en met geschikte apparaten. Voor een gemiddeld huishouden is wifi 6 momenteel een uitstekende keuze, terwijl wifi 7 echt voor de toekomst is gebouwd.

Heel belangrijk: de juiste bekabeling

Draadloos internet begint voor de meeste mensen bij een kabel: heb je een los modem en een losse router, dan vormt de kabel ertussen de basis. Gebruik je hier een oude kabel, dan wordt de snelheid al beperkt voordat het signaal de lucht in gaat. Controleer of er Cat 5e, Cat6 of Cat6a op de kabel staat, dan zit je meestal goed. Cat5 haalt soms maar 100 Mbps door kwaliteit/afmontage. Heb je cat5 liggen? Vervang dat dan in ieder geval door cat5e; dat is een veilige keuze voor gigabit. Een kleine investering in een kwalitatieve netwerkkabel kan een wereld van verschil maken voor de uiteindelijke wifi-snelheid op je telefoon.

Slechte wifi? Oplossen is makkelijker dan je denkt

Alles bij elkaar komt goed wifi minder neer op toeval dan veel mensen denken. Met een slimme plek voor je router, een rustige frequentie en actuele software haal je vaak al verrassend veel winst. Combineer dat met een fatsoenlijke netwerkkabel en je voorkomt dat de dat de verbinding al beperkt wordt voordat het signaal draadloos wordt verspreid. Door deze stappen een voor een toe te passen, los je de meest voorkomende wifi-problemen op zonder dat een duurder internetabonnement nodig is, en maak je van een haperende verbinding weer een stabiele basis voor alles wat je online doet.

Consumenten testen: TP-Link Deco BE25 WiFi 7 mesh set

Op Review.nl, het testplatform waarop consumenten nieuwe technologie uitproberen en hun bevindingen delen, krijgt de TP-Link Deco BE25, een router met dualband wifi 7,  een stevige 8,7 op Review.nl. En dat betekent iets: want omdat op Review.nl producten getest worden door een panel van echte gebruikers, zie je hoe iets in een normaal huishouden presteert.

Wat opvalt is hoe vaak testers terugkomen op de snelheid en stabiliteit. De overstap naar wifi 7 levert volgens veel gebruikers merkbaar meer rust in het netwerk op, vooral in huizen waar voorheen op zolder, in de tuin of achterin de woonkamer nauwelijks een bruikbaar signaal was. De Deco BE25 vult dat soort gaten zichtbaar op. Apparaten blijven stabiel verbonden, streamen gaat zonder haperingen en ook gamers merken volgens de testers dat de latency laag blijft. Wie een gigabitverbinding heeft, ziet die snelheid nu ook daadwerkelijk terug op plekken waar dat eerst niet haalbaar was.

Een tweede punt dat veel lof krijgt, is de installatie. De meeste testers spreken over een proces van enkele minuten. De app begeleidt je stap voor stap, herkent automatisch de nieuwe units en geeft advies over de beste plek voor elk wifipunt. Daardoor voelt het hele systeem toegankelijk, ook voor wie zichzelf niet technisch vindt. Eenmaal ingesteld blijkt het netwerk bovendien weinig onderhoud nodig te hebben: de app verdeelt verkeer slim, laat je apparaten prioriteren en biedt opties voor gastnetwerken en ouderlijk toezicht.

Het ontwerp en de functionaliteit leveren wel discussie op. Een deel van de testers vindt de units wat groot en mist montageopties of extra ethernetpoorten. Ook melden sommige gebruikers dat smartphones niet altijd direct naar het dichtstbijzijnde wifipunt schakelen. Toch wordt dat in de meeste reviews gezien als een detail naast de verbeterde dekking en het gemak van dagelijks gebruik.

Alles bij elkaar laat het testpanel zien dat de Deco BE25 vooral scoort op prestaties waar consumenten echt iets van merken: hogere snelheden, betere dekking en een probleemloos installatieproces. Voor veel huishoudens voelt het als een upgrade die een onrustig wifi-netwerk verandert in een betrouwbaar en snel geheel.