ID.nl logo
Waarom is tech zo goedkoop?
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Waarom is tech zo goedkoop?

We leven steeds meer in een wegwerpmaatschappij. Vooral elektronica is fors in prijs gedaald. Prijsvechters als Action en Big Bazar doen goede zaken. Maar hoe komt al die tech goedkoop in de schappen? Welke prijs moeten wij daarvoor (uiteindelijk) betalen?

De jongere generatie heeft weinig moeite met het weggooien van spullen. De verleiding is dan ook groot: nooit eerder was er zoveel te koop, voor zo weinig geld. Dat de kwaliteit soms te wensen overlaat lijkt minder belangrijk. Een miskoop levert weinig financiële schade op. En als het stuk is koop je gewoon een nieuwe, zo heerst de gedachte. Als een apparaat kapot gaat pakt alleen een enthousiaste hobbyist de soldeerbout er nog bij. Veel vaker wordt een complete printplaat vervangen. Fabrikanten en importeurs doen nog minder moeite en ruilen een defect apparaat veelal om voor een nieuw exemplaar. Een vakman laten voorrijden loont de moeite niet. Maar waarom is elektronica zo goedkoop? Veel vingers wijzen naar China waar productie door de lage lonen goedkoop is, en – door het ontbreken van milieu- en veiligheidsregels – ook een stuk gemakkelijker. Maar dat is niet de enige verklaring voor de prijzenslag.

©PXimport

De Prijsvechter

De driedelige documentaireserie ‘De Prijsvechter’ van de VPRO geeft een leuk inkijkje in de wereld van prijsvechters. De serie, gemaakt door Roland Duong en Marijn Frank, die je misschien kent van de Keuringsdienst van Waarde, is begin 2017 uitgezonden en online terug te kijken. Ze volgen onder meer het spoor van een spotgoedkoop windlichtje - een plastic lantaarn met led-kaars - van een Action-filiaal terug naar China. Hoe massaal daar wordt geproduceerd zien we als ze Shantou bezoeken, de ‘speelgoedhoofdstad’ van de wereld, waar meer dan 3.000 speelgoedfabrieken zijn. Tachtig tot negentig procent van het speelgoed van de wereld komt er vandaan. China kent veel van dit soort productiesteden. Hoewel nog steeds veel werknemers worden uitgebuit en soms met duizenden naast elkaar de nacht in een slaapzaal naast de fabriek doorbrengen, zien we ook dat de welvaart toeneemt en de werkomstandigheden langzaam verbeteren.

Iedereen naar China

Het zijn niet alleen de lage lonen die China tot de fabriek van de wereld maken. De meeste componenten voor smartphones, pc’s en andere consumentenelektronica worden óók in China of een buurland gemaakt. Om zo’n apparaat in andere landen te assembleren zou flinke logistieke problemen opleveren en meer geld kosten. Ook gekwalificeerd personeel is in China veel gemakkelijker te vinden. Het begint zelfs steeds meer een kenniseconomie te worden. Er lijkt geen weg meer terug. Het heeft voor een industriële leegloop in andere landen gezorgd. Ook de Nederlandse regio’s die vóór 1988 floreerden in de maakindustrie kregen grote klappen sinds China op de wereldmarkt is. Economen spreken niet voor niets van een ‘China shock’. Veel spullen die in Nederland werden gemaakt zijn uit de markt gedrukt door China. De laatste tijd willen echter steeds meer landen de eigen economie beschermen, bijvoorbeeld door handelsbarrières op te werpen en importtarieven in te stellen. De Verenigde Staten met president Donald Trump lopen daarbij voorop. In Nederland zou het deels de ‘ruk naar rechts’ verklaren.

Grondstoffen belangrijk(er)

Wat de aantrekkingskracht van China nog groter maakt is de zeer ruime beschikbaarheid van belangrijke grondstoffen. China is bijvoorbeeld een belangrijke producent van germanium, wolfraam en antimonium en één van de grootste producenten van grafiet, een belangrijk ingrediënt voor accu’s. Van een groep zeldzame grondstoffen, waaronder het gewilde Neodymium, maar ook Lanthaan, Dysprosium en Cerium produceert China wereldwijd met ruim 97 procent veruit het meest. Voor de productie van consumentenelektronica, maar ook bijvoorbeeld windturbines, zonnecellen en elektrische auto’s zijn die grondstoffen essentieel. Zo bevat een Toyota Prius bijvoorbeeld twee kilo Neodymium in de elektromotor en vijftien kilo Lanthaan in de speciale batterijen. China slaagde er lang tijd in de export van die zeldzame grondstoffen te beperken. Alleen door naar China te verhuizen konden bedrijven de grondstoffen tegen de veel lagere lokale prijs krijgen. Ook diesel en elektriciteit worden er tegen bodemprijzen aangeboden, bijna nergens kan het goedkoper. Het zijn tegenwoordig niet de arbeidskosten, maar juist de grondstofprijzen die de winstmarge bepalen.

Miniaturisatie

Een belangrijke historische reden voor het goedkoper worden van elektronica is natuurlijk de snelle technologische vooruitgang, zeker op het gebied van chips. Gordon Moore, een van de oprichters van chipfabrikant Intel, riep het al in 1965. De Wet van Moore, wat eigenlijk meer een voorspelling was, stelt dat het aantal transistors in een geïntegreerde schakeling door de technologische vooruitgang grofweg elk jaar (in 1975 bijgesteld naar elke twee jaar) verdubbelt. De chips worden dus elke twee jaar twee keer zo klein. Maar dat niet alleen: de nieuwe generaties zijn ook zuiniger, sneller, functioneler en goedkoper dan hun voorgangers. De economische levensduur is kort waardoor producten relatief snel worden vervangen. Inmiddels is dit wel flink geremd: de industrie loopt tegen de grenzen aan van wat er mogelijk is met de huidige technologieën. De stroomdraadjes worden bijvoorbeeld bijna te dun (zo’n 14 nanometer) om nog goed te kunnen werken. Er zit nog een beetje rek in, maar door de complexere productie en hogere kosten levert het weinig winst op. Een belangrijkere ontwikkeling is dat chips naast digitale functies als rekenkracht en geheugen ook steeds meer analoge functies bevatten. Denk aan antennes voor draadloze communicatie (zoals wifi, bluetooth en gps) en diverse sensoren. Je hoort daarom soms de term More than Moore. Veel elektronica wordt dankzij zulke chips opgebouwd rondom één centrale chip, ook wel system-on-a-chip (SoC) genoemd. Zulke ‘ingebedde’ systemen vind je in steeds meer producten, waaronder naast smartphones en tablets ook bijvoorbeeld ip-camera’s, kopieermachines en wasmachines.

©PXimport

Massaproductie

Wat je in het groot kan maken is goedkoper. Machines nemen het merendeel van het werk uit handen. De paar werknemers die nog nodig zijn werken efficiënt aan één taak. Behalve de producten zelf rollen ook de onderdelen die daarin worden gebruikt ergens massaal van de band. Zo zijn veel smartphones bijvoorbeeld rondom een Snapdragon (SoC) van Qualcomm gebouwd. Zijn de investeringskosten voor een productielijn eenmaal terugverdiend, dan kan de prijs nog verder omlaag. De goedkoopste tv’s en monitoren zijn altijd die met de meest gangbare schermdiagonaal. Voor handelaren geldt ook de wet van de grote getallen. Ze krijgen alleen de laagste prijs als ze massaal inkopen. Het gevolg is een stuwmeer aan goedkope spullen, die allemaal verkocht moeten worden. Gaat de verkoop toch minder dan verwacht? Dan gaat de prijs omlaag om de vraag te stimuleren, zoals recent nog bij de 3d-tv. China helpt ook graag een handje mee: zo verstrekt de overheid een subsidie van 13 procent op huishoudelijke artikelen als wasmachines, koelkasten en televisietoestellen en krijgen kopers van een elektrische auto in sommige steden (van Chinese afkomst uiteraard) zelfs 32 procent korting. Verder zorgt een stevige concurrentie tussen fabrikanten zelf voor prijsschommelingen. De smartphone is daarvan een goed voorbeeld. Door die marktwerking worden smartphones op het moment overigens duurder (zie kader). Er is weliswaar veel aanbod, maar ook genoeg vraag én er zijn genoeg mensen die het grote bedrag ervoor over hebben.

Smartphones steeds duurder

Er lijkt een einde te komen aan prijsdalingen bij smartphones. Volgens onderzoeksbureau GfK zal de gemiddelde prijs van smartphones dit jaar met zes procent stijgen. Sinds 2015 zijn de adviesprijzen al zo’n zeven procent gestegen, ongeveer zes procent na inflatiecorrectie. Toestellen blijken ook waardevaster: de prijs daalt minder snel dan voorheen. De voornaamste reden is marktwerking. Als er voldoende mensen zijn die een hogere prijs willen betalen, dan zullen fabrikanten die ook gewoon vragen. Als de prijs te hoog is en de telefoon verkoopt daardoor veel minder, dan zal die prijs vermoedelijk snel dalen. De winstmarge blijft overigens op hetzelfde niveau. Kijk je slechts naar de productiekosten van smartphones dan ligt die winstmarge voor fabrikanten als Apple en Samsung doorgaans tussen 60 en 70 procent. De iPhone X is daarop geen uitzondering, zo blijkt uit recente analyses. Je krijgt wel steeds meer voor hetzelfde geld: toestellen worden volgepropt met functies. Als je het op die manier bekijkt worden smartphones dus toch nog goedkoper.

Lage verzendkosten

Bij een webshop in Nederland betaal je vrij stevige verzendkosten, zelfs als die winkel bij jou om de hoek zit. Opvallend genoeg geldt dat niet voor Chinese webwinkels. Zelfs als je een kabeltje van een paar euro koopt hoef je geen verzendkosten af te rekenen. Hoe kan dit nu precies? Inmenging van de Chinese overheid speelt hierbij een grote rol. Zij wil graag een economische grootmacht worden en houdt de exportkosten daarom zo laag mogelijk (terwijl ze met hoge importkosten vaak juist de eigen markt beschermt). Dat kan ze ook gemakkelijk, want China Post - de grootste vervoerder - is een staatsbedrijf. Verkopers betalen uiteraard verzendkosten, maar dat gaat om lage bedragen. Sommige webshops verkopen dusdanig grote aantallen dat ze speciale prijsafspraken kunnen maken. Wat ook helpt is dat er geen haast achter zit. Het is prima als een pakje pas na enkele weken wordt bezorgd. Dus er wordt gewacht tot een container gevuld is voor vervoer per schip. Veel fabrieken staan al dicht bij een haven. De Chinese postbedrijven moeten uiteraard wel afspraken met de Nederlandse postbedrijven maken. Maar omdat China als ontwikkelingsmarkt wordt aangemerkt krijgen Chinese vervoerders veel korting. Je betaalt de verzendkosten uiteindelijk natuurlijk wel zelf, maar het zit al bij de prijs in. Let wel op mogelijke extra kosten voor invoerrechten en btw, bij bedragen boven de 22 euro.

Pas op voor miskoop

Door de lage prijzen moet je zelf steeds beter opletten: de tussenhandel probeert er een slaatje uit te slaan. Een treffend voorbeeld is de Mixxar Flashlight Q250 die vorig jaar even een hype was. De ‘militaire’ zaklamp, te koop voor zo’n 50 euro, zou gebruik maken van techniek die recentelijk door het leger is vrij gegeven. De specificaties liegen er niet om: het lampje zou een waanzinnig hoge lichtopbrengst hebben (4.000 Lumen) en extreem hoog bereik (3.000 meter). Later werden die specificaties overigens drastisch naar beneden bijbesteld. Dat bleek ook hard nodig, getuige de testen op onder meer www.ledscherp.nl en Knives and Tools. De lampjes bestaan uit louter een aluminium behuizing, een led, 3 AAA-batterijen en een verschuifbare focus. De gebruikte led’s zijn al jaren oud en de batterijen zijn bij lange na niet krachtig genoeg om dergelijke prestaties te leveren. In China zijn vergelijkbare zaklampjes voor zo’n vijf euro te koop. De meeste zaklampen komen uit de Chinese havenstad Ningbo dat ook wel de ‘zaklamphoofdstad’ van de wereld wordt genoemd. Meer dan een miljoen mensen werken er in de zaklampenindustrie.

Kantelpunt lijkt bereikt

Een neveneffect van de sterke groei van de economie in China is dat het zelf steeds meer een consumptiemaatschappij aan het worden is. Lonen stijgen en het wordt voor fabrieken lastiger om personeel te vinden. Ook dreigen er tekorten, die in sommige gevallen overigens tijdelijk zijn. Zo zorgen de nieuwe randloze schermen in smartphones en de Europese honger naar mega-tv’s voor een tekort aan schermen. In China wordt momenteel een groot aantal fabrieken voor schermen gebouwd, vooral om aan de Chinese vraag te voldoen, die over een paar jaar juist weer een overproductie hebben. Door de opmars van elektrisch rijden zijn er snel veel meer accu’s nodig. Fabrieken schieten uit de grond in met name Azië en de Verenigde Staten. Er dreigt wel een ander tekort, dat ironisch genoeg in eerste instantie de groene initiatieven als elektrisch rijden en windturbines lijkt te raken: belangrijke grondstoffen raken op.

©PXimport

Grondstoffen schaarste

Grondstoffen zijn voor productielanden van enorm belang, waardoor ook China veel buiten de eigen grenzen investeert, met name in Zuid-Amerika en Afrika. De grondstoffen zijn er weliswaar vaak wel, maar het kost veel te veel energie om ze te winnen, omdat de stoffen te diep zitten of de concentraties te laag zijn. Ook levert het grote milieuschade op. Er wordt zelfs al naar de zeebodem en andere planeten gekeken als toekomstige vindplaatsen. Nu grondstoffen schaars worden, en prijzen stijgen, wordt het rendabel ze opnieuw te gebruiken. Er ligt genoeg: Milieu Centraal becijferde dat van de drie miljoen mobieltjes die stof verzamelen in onze ladekastjes 15.000 gouden trouwringen gemaakt kunnen worden. Door te recyclen krijgt de economische groei een stabiele basis. Niet voor niets spreekt Europa steeds meer over de wens voor een circulaire economie. Er zijn talloze initiatieven op dat vlak. Ook om andere redenen wordt de discussie over duurzaamheid steeds vaker gevoerd. Overal op aarde zijn inmiddels de sporen van de mens zichtbaar. Treffende voorbeelden daarvan zijn de plastic soep en broeikasgassen. Geologen spreken daarom zelfs over een nieuw tijdperk: het Antropoceen, ofwel het tijdperk van de mens. Helaas is dat óók de prijs die we betalen voor onze elektronica.

©PXimport

Conclusie

China drijft al lang niet meer op oude ambachten. Bijna alles wordt gemaakt in het land, dat inmiddels de fabriek van de wereld wordt genoemd. De lage lonen hebben dit aangejaagd maar zeker zo belangrijk zijn de ruime beschikbaarheid van belangrijke grondstoffen en de subsidies op energie, grondstoffen en vervoer. China doet er zelf immers ook alles aan om een wereldmacht te worden. Dit, en de razendsnelle technologische ontwikkelingen, zorgen ervoor dat prijzen voor elektronica door de jaren heen fors zijn gedaald. Door de hoge lonen hier is reparatie zelden interessant. Ook is een apparaat voordat je het weet al weer opgevolgd door een beter, goedkoper en zuiniger model. De technologische ontwikkelingen gaan tegenwoordig wel een stuk minder hard. Er zijn snel nieuwe technologische innovaties nodig om het proces in stand te kunnen houden. Daarnaast dreigen snel tekorten aan belangrijke grondstoffen. We moeten daarom zuiniger omgaan met onze bronnen. Grote kans dat de innovaties ook uit China gaan komen: het land kopieert niet alleen, het innoveert tegenwoordig ook, met dank aan de zeer sterke kenniseconomie die het heeft opgebouwd.

▼ Volgende artikel
Review HP OmniBook 7 Aero – Perfect voor onderweg
© Jeroen Boer - ID.nl
Huis

Review HP OmniBook 7 Aero – Perfect voor onderweg

Onderweg telt soms iedere gram, zeker als je veel reist. Voor wie niet houdt van een zware rugtas heeft HP de OmniBook 7 Aero. Deze laptop weegt nog geen kilogram, maar heeft toch een processor met 8 cores in combinatie met 32 GB RAM. Dat klinkt als een uitstekend product voor wie veel onderweg is. Of dat echt zo is? Wij hebben hem getest.

Uitstekend
Conclusie

De HP OmniBook 7 Aero is al met al een heel fijne laptop en dat komt voor een groot deel door het gewicht. Je moet hem dus ook vooral overwegen als je echt een lichte laptop wilt hebben. De laptop weegt nog geen kilo, waardoor je hem altijd makkelijk meeneemt. Ondanks het lage gewicht zijn de prestaties prima en kun je comfortabel werken. Over de stevigheid hoef je je geen zorgen te maken; de aluminium-magnesiumbehuizing is lekker degelijk. Natuurlijk heeft HP wel wat concessies moeten doen om dat lage gewicht te bereiken. Zo is de accucapaciteit niet heel indrukwekkend, al overleef je met 12 uur werktijd op zich wel een werkdag. Voor hetzelfde geld kun je zeker laptops kopen waar je langer op kunt werken, maar die wegen dan ook een stuk meer dan een kilo.

Plus- en minpunten
  • Superlicht
  • Genoeg aansluitingen
  • Uitstekend toetsenbord
  • 32 GB RAM
  • Luidruchtige koeling
  • Accucapaciteit kan beter
OnderdeelSpecificatie
ProcessorAMD Ryzen AI 7 350
RAM32 GB
GPUAMD Radeon 860M
Opslag1 TB ssd
Beeldscherm13,3 inch, ips (2560 × 1600 pixels)
Aansluitingen2x usb-c (DisplayPort en laden), usb 3.2, HDMI 2.1, 3,5mm-headsetaansluiting
DraadloosWifi 6, bluetooth 5.4
Afmetingen29,7 × 21,1 × 1,7 cm
GewichtMinder dan 1000 gram
Accu43 Wh
OSWindows 11 Home

Natuurlijk wist ik dat de HP OmniBook 7 Aero ongeveer een kilogram weegt, maar toch was ik positief verrast toen ik hem uit de doos haalde. De OmniBook 7 Aero is zó licht dat het bijna een stuk speelgoed lijkt. Dat is gelukkig niet het geval, want de behuizing van een aluminium-magnesium-legering zit ondanks het geringe gewicht degelijk in elkaar. Het is daardoor een laptop die je zonder zorgen in je rugtas stopt, waarna je eigenlijk niet meer merkt dat je hem bij je hebt. Mijn eigen laptop is met 1,35 kilogram ook niet bijzonder zwaar, maar toch voel ik een duidelijk verschil als ik de OmniBook 7 Aero meeneem. Fijn als je dagelijks met de trein naar kantoor of studie gaat.

©Jeroen Boer - ID.nl

Waar ik ook blij van word, is dat HP ondanks de compacte behuizing toch in een fijne verzameling aansluitingen heeft voorzien. Natuurlijk wordt de basis tegenwoordig gedekt door usb-c en daarvan krijg je er twee die allebei geschikt zijn voor zowel laden als het aansluiten van een beeldscherm. Thuis of op kantoor kun je hem dus met één kabel aansluiten op je werkplek. Maar omdat je een lichte laptop waarschijnlijk juist onderweg gebruikt, is het fijn dat HP je ook twee normale usb-poorten, een HDMI-aansluiting en een headsetaansluiting geeft. Zo kun je hem ook gewoon gebruiken op plekken waar nog een oudere monitor of beamer staat en heb je ook voor een usb-stickje geen adapter nodig. Het enige dat een klein beetje jammer is, is dat de usb-c-poorten geen usb 4 ondersteunen terwijl de gebruikte processor dat op zich wel kan.

©Jeroen Boer - ID.nl

Je krijgt naast twee usb-c-poorten ook een HDMI-aansluiting en normale usb-poorten.

Lekker tikken

Als je het scherm openklapt, wordt het palmgedeelte in een lichte hoek gezet zodat je fijner kunt tikken. Dat is op de OmniBook sowieso geen straf. Het toetsenbord heeft een prettige aanslag met duidelijke feedback. Prettig, zeker als je net als ik veel met teksten werkt. Het toetsenbord ziet er met zijn grijze toetsen ook overzichtelijk uit en heeft toetsverlichting in twee helderheidsstanden. Een eigenschap die wat mij betreft vooral weer onderweg als je werkt op allerlei ongunstige locaties onmisbaar is. De touchpad met geïntegreerde fysieke knop laat zich eerder omschrijven als oké. Het geheel werkt op zich goed, maar voelt wel minder premium dan het uitstekende toetsenbord.

©Jeroen Boer - ID.nl

Het toetsenbord oogt overzichtelijk én tikt lekker.

Geen last van spiegeling

Het 13,3inch-scherm maakt gebruik van een IPS-paneel en heeft een resolutie van 2560 × 1600 pixels. Hierdoor krijg je goede inkijkhoeken en een scherp beeld. Handig voor onderweg is dat HP het paneel mat heeft afgewerkt, zodat je geen last hebt van storende lichtinval. Ook de helderheid is voor veel omstandigheden hoog genoeg. Verder is het scherm niet heel bijzonder. Zo wordt er slechts een maximale verversingssnelheid van 60 Hz ondersteund, terwijl steeds meer duurdere laptops schermen met een hogere verversingssnelheid hebben. Dat heeft misschien ook iets met de accuduur te maken, iets waarover je verderop meer leest. Boven het scherm vind je een prima webcam die ook geschikt is voor inloggen met gezichtsherkenning via Windows Hello. Prettig is dat de webcam een schuifje heeft om de lens fysiek te bedekken; zo weet je zeker dat je niet bespied wordt.

©Jeroen Boer - ID.nl

Dankzij een ingebouwd schuifje wordt je niet bespied.

Goede prestaties

Op papier stelt de configuratie met een Ryzen AI 7 350, 32 GB RAM en een 1TB-ssd niet teleur. Misschien is 32 GB RAM een beetje overdreven voor een laptop die zich niet laat omschrijven als workstation, maar het is voor een laptop waarvan je het geheugen niet kunt uitbreiden ook weer niet heel gek. Dit is wellicht juist het moment om nog even je slag te slaan voordat laptops met veel geheugen veel duurder worden. De opslag wordt verzorgd door een ssd van 1 TB die gewoon prima presteert. Het is een M.2-ssd die je eventueel kunt vervangen als je opslag tekort komt.

De Ryzen AI 7 350 combineert vier normale met vier energiezuinige cores en heeft een npu die voldoet aan de eisen voor een Copilot+-pc. Je krijgt dus alle extra AI-functies van Windows 11. De prestaties van de chip zijn goed en de laptop scoort een mooie 7527 punten in PCMark 10. Ook de score van 1975 en 12433 punten in CineBench R23 voor respectievelijk single-core- en multi-core-prestaties zijn voor een mobiele processor uitstekend. De prestaties kennen bovendien weinig verval als je de laptop langdurig aan het werk zet. Helaas verandert de koeling dan wel in een soort stofzuiger: de laptop laat goed van zich horen als je hem wat langer aan het werk zet. Bij lichte dingen als browsen of tekstverwerken is de laptop gelukkig wel stil.

©Jeroen Boer - ID.nl

Het scherm heeft geen last van spiegelingen.

Best wel kleine accu

Wanneer een laptop zo dun en licht mogelijk is, kan het bijna niet anders dan dat er ergens concessies gedaan zijn. Dat is in het geval van deze HP overduidelijk de accu, want een accu met een capaciteit van slechts 43 Wh is tegenwoordig wel heel magertjes. Toch wist de HP me positief te verrassen, want de werktijd bij alledaagse (kantoor)werkzaamheden is met zo'n 12 uur helemaal niet zo verkeerd. Natuurlijk zijn er genoeg laptops met een veel langere accuduur (waaronder de eveneens ook superlichte ASUS ZenBook A14), maar een echte dealbreaker is de werktijd ook weer niet.

©Jeroen Boer - ID.nl

De aluminium-magnesium-behuizing oogt netjes en is lekker stevig.

En gamen?

De Ryzen AI 7 350 heeft een geïntegreerde AMD Radeon 860M-gpu en is volgens AMD ook geschikt voor gamen. Je kunt natuurlijk niet verwachten dat een geïntegreerde gpu echt topprestaties biedt. Een score van 2571 punten in 3D mark Time Spy is in ieder geval niet heel indrukwekkend. Ik heb Shadow of the Tomb Raider geïnstalleerd, een spel waarvan ik weet dat het inmiddels goed speelbaar is op een geïntegreerde gpu. Het is een spel van alweer zeven jaar oud, maar grafisch nog altijd mooi. Om op Full HD een beetje soepel te kunnen spelen, moest ik kiezen voor de voorinstelling Lowest waarmee je zo'n 54 fps haalt. Opvallend is dat er met AI-upscaler Intel XeSS niet significant meer frames gehaald worden. Jammer, want op andere laptops heb ik goede ervaringen met zulke AI-upscalers. Het hangt natuurlijk ook een beetje van het spel af en een titel met ondersteuning voor AMD's eigen FSR presteert misschien wel wat beter. De prestaties in Shadow of the Tomb Raider geven wel een goed beeld van de mogelijkheden. Voor soepel gamen zul je wat oudere spellen met lagere kwaliteitsinstellingen of esports-titels moeten spelen. Dit klinkt misschien teleurstellend, maar voor een dunne en lichte ultrabook zijn de prestaties helemaal niet zo verkeerd. 

Conclusie

De HP OmniBook 7 Aero is al met al een heel fijne laptop en dat komt voor een groot deel door het gewicht. Je moet hem dus ook vooral overwegen als je echt een lichte laptop wilt hebben. De laptop weegt nog geen kilo, waardoor je hem altijd makkelijk meeneemt. Ondanks het lage gewicht zijn de prestaties prima en kun je comfortabel werken. Over de stevigheid hoef je je geen zorgen te maken; de aluminium-magnesiumbehuizing is lekker degelijk. Natuurlijk heeft HP wel wat concessies moeten doen om dat lage gewicht te bereiken. Zo is de accucapaciteit niet heel indrukwekkend, al overleef je met 12 uur werktijd op zich wel een werkdag. Voor hetzelfde geld kun je zeker laptops kopen waar je langer op kunt werken, maar die wegen dan ook een stuk meer dan een kilo.

▼ Volgende artikel
Analist: 'PlayStation 6 verschijnt mogelijk pas na 2028'
© Sony
Huis

Analist: 'PlayStation 6 verschijnt mogelijk pas na 2028'

Sony zou overwegen de PlayStation 6 intern uit te stellen en de console pas ergens na 2028 uit te brengen.

Dat meent MST Financial-analist David Gibson via Sandstone Insights Japan. Hoewel de PlayStation 5 al meer dan vijf jaar beschikbaar is - de console kwam eind 2020 uit - is het volgens hem onwaarschijnlijk dat Sony de PlayStation 6 binnenkort uitbrengt.

"Sony verwacht dat de levenscyclus van de PlayStation 5 wordt verlengd, en dat de PlayStation 6-release langer op zich laat wachten dan de meesten voorspellen", zo stelt Gibson. Hij verwacht dat de nieuwe console pas ergens na 2028 uitkomt - op zijn vroegst dus in 2029.

PlayStation 6 is nog niet aangekondigd

Sony zelf heeft nog geen officiële releaseperiode gegeven voor de PlayStation 6. De console is immers nog niet officieel aangekondigd, al is het logisch dat het bedrijf achter de schermen al aan een opvolger van de PlayStation 5 werkt.

Eerder gingen er al wel geruchten over een PS6-release in 2027 of 2028, maar volgens bovengenoemde analyse wordt het dus pas later. Er gaan ook geruchten dat Sony twee apparaten wil uitbrengen: een traditionele console en een hybride versie die ook als handheld gebruikt kan worden - vergelijkbaar met de Nintendo Switch dus.

Reden voor vertraging

Een van de redenen voor een vertraagde komst van PlayStation 6 kunnen de alsmaar stijgende prijzen voor geheugen zijn. Prijzen van RAM (Random Access Memory) stijgen alsmaar doordat er massaal RAM nodig is om het alsmaar populairder wordende AI werkende te houden. RAM is echter nodig in spelcomputers.

De theorie is dat bedrijven nu hun plannen voor nieuwe consoles uitstellen, omdat de prijzen voor RAM zo hoog liggen. Dat zou immers betekenen dat men ook hogere prijzen voor nieuwe consoles moet vragen, en dat zou eventueel een negatief effect op het succes van deze consoles kunnen hebben.

View post on Instagram
 

Valkuil van uitstel

Het intern uitstellen van de PlayStation 6 - of andere consoles - kan echter een prijzige aangelegenheid zijn voor bedrijven. Sony heeft vele miljoenen dollars in de ontwikkeling van een nieuwe console gestoken en mogelijk de technologie die in deze console zit gekozen.

Door de PlayStation 6 uit te stellen, veroudert de technologie in de console ook, en komt het bedrijf voor een lastige keuze te staan: gooit Sony de vele miljoenen aan onderzoekskosten weg om nieuwe specificaties samen te stellen, of brengt het bedrijf op een later moment een console met ietwat achterhaalde specificaties uit?

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.