ID.nl logo
Adresstickers voor je kerstkaarten? Dat doe je snel met Excel
© AK | ID.nl
Huis

Adresstickers voor je kerstkaarten? Dat doe je snel met Excel

In deze tijd van appjes en e-mails is er één moment waarop we massaal nog wél naar papier grijpen: kerst! Maar dat eindeloze enveloppen schrijven .... Zie je daar ook tegenop? Gelukkig kun je veel tijd besparen. Alles wat je nodig hebt is een adreslijst in Excel, een printopdracht die je uitvoert via Word en een printer. Krijgt ID dit jaar ook een kaartje?

🎄 In dit artikel laten wij jou zien hoe je gemakkelijk een adressenlijst maakt via Excel. We bespreken de volgende punten:

⭐ Het samenstellen van etiketten ⭐ Etiketten in Excel ⭐ Het printen van etiketten

Lees ook: De kerstboom versieren: zo doe je dat snel én slim

De adressen voor de stickers worden later uit een lijst in Excel gehaald. In dat Excel-werkblad moeten in de bovenste rij de kopjes naast elkaar staan, zoals Voornaam, tv (tussenvoegsel), Achternaam, Adres, Postcode en Woonplaats. In de betreffende kolommen daaronder staan de gegevens van de personen en bedrijven.

 Mocht jouw Excel-bestand meer tabbladen bevatten, onthoud dan even het nummer of de naam van het tabblad waarin de adreslijst staat (kijk onder in beeld). Want dat is in Stap 3 van belang. Of verwijder alle andere werkbladen uit die werkmap. Dan kun je Excel afsluiten.

Zorg verder dat je een aantal vellen van A4-formaat hebt met stickers. Het liefst kies je voor 24 stickers, dat zijn drie naast elkaar en acht boven elkaar. We nemen als voorbeeld stickers van 70 bij 37 millimeter. Deze verkoopt Bruna in pakjes van 15 vellen voor 4,19 euro, bij Bol.com vind je 100 vel voor 11,49 euro. Neem je die van de Hema, dan heb je voor 5 euro een pakje van 25 vellen met 21 stickers per vel; die meten 63,5 bij 38,1 millimeter. De maten van de stickers stel je in Stap 2 in. Als je adreslijst in Excel zo is opgebouwd, komen de gegevens van één persoon steeds op een etiket.

Etiketten samenstellen

We maken de etiketten in het programma Word. Dit proces heet Afdruk samenvoegen (mail merge in het Engels). Dat gaat soepel aan de hand van een wizard, die je in zes stappen door dit proces leidt. Zit je in een bepaalde stap en wil je nog iets bijstellen, dan kun je gewoon een stap teruggaan.

Start Word. Verschijnt er geen leeg document, klik dan in de tab Bestand op Nieuw, Leeg document en op Maken (sneltoets: Ctrl+N). Klik op de tab Verzendlijsten en klik daarin op Afdruk samenvoegen starten. Een menu opent. Klik op Stapsgewijze wizard Afdruk samenvoegen. Rechts in beeld verschijnt het taakvenster Afdruk samenvoegen.

Met Afdruk samenvoegen maak je etiketten met adressen erop.
In het taakvenster ga je steeds naar de volgende stap.

Stap 1: Etiketten kiezen

Rechtsonder in het taakvenster zie je dat je in Stap 1 van 6 bent. Kies onder Documenttype selecteren de optie Etiketten. Klik onder in beeld op Volgende: Begindocument. Overigens worden in dit venster de termen Etiketten en Labels door elkaar gebruikt. 

Stap 2: Begindocument en maten kiezen

Onder Begindocument selecteren laat je de standaardoptie Documentindeling wijzigen geselecteerd. Voor de etiketten wordt dit document namelijk ingedeeld als een tabel.

In deze stap maak je van je document een tabel voor etiketten.

Hiervoor moet Word de afmetingen van jouw etiketten weten. Die geef je nu op. Klik op Opties (of: Labelopties). In het venster dat opent, kies je het formaat etiketten aan de hand van de keuzelijst bij Etiketproducent. Daar vind je Bruna niet tussen, maar kies Avery Zweckform. Schuif in de lijst onder Productnummer omlaag en kijk intussen rechts in dit venster tot je de formaten Hoogte: 3,7 cm en Breedte: 7 cm ziet. Bij nummer 18037 is het raak. Via de knop Details kun je zien dat deze keuze horizontaal 3 en verticaal 8 etiketten per vel heeft.

Hier kies je het formaat van je etiketten. Via Details stel je jouw eigen maten in.

 Formaat aanpassen

Komt het formaat van jouw stickers niet in deze keuzelijst voor, dan stel je de afmetingen zelf in. Kies uit de keuzelijst een formaat dat het dichtst bij jouw formaat komt. Klik op de knop Details. In het volgende venster stel je precies in hoe groot je etiketten zijn, hoeveel er naast en onder elkaar op een vel zitten en hoe breed de marges van het etiketvel zijn. Bij Etiketnaam geef je je eigen formaat een naam, bijvoorbeeld ‘Drie bij acht’ of ‘1Mijn maat’. Wil je later weer etiketten maken met dezelfde maten, dan vind je deze naam terug in Stap 2, als je klikt op Opties en in dit venster in de keuzelijst Etiketproducent voor Overige/Aangepast kiest. Als jouw etiketnaam met een 1 begint, staat die later altijd bovenaan in deze keuzelijst.

Klik op OK om de vensters met de opties voor de etiketten te sluiten. Mogelijk krijg je een melding dat bestaande inhoud van het document wordt verwijderd. Daarom is het belangrijk om dit proces met een nieuw document te beginnen. Klik onder in het taakvenster nu op Volgende: Adressen selecteren

Stap 3: Adressen selecteren

Nu de maten zijn ingesteld, zijn de adressen aan de beurt. Die komen uit de lijst die je eerder hebt gemaakt in Excel. Kies hiervoor boven in het venster de optie Een bestaande lijst gebruiken. Klik op Bladeren; het venster Gegevensbron selecteren gaat open. Standaard zoekt Word naar bestanden in de map My Data Sources (of in Microsoft\Query’s), maar daar had je jouw Excel-bestand vast niet opgeslagen. Navigeer naar je Excel-bestand met de adressen en selecteer het. Klik op Openen en op OK. Het venster Tabel selecteren verschijnt. Daarin is de optie De eerste rij met gegevens bevat kolomkoppen ingeschakeld. Dat zijn de opschriften boven de kolommen in je Excel-lijst; die kopjes hoeven niet op een etiket, dus dat laat je zo.

Laat je door dit venster niet van de wijs brengen en kies het werkblad met je adreslijst.

Last van vreemde codes? Mogelijk zie je in het venster Tabel selecteren meer dan één optie. Je ziet Blad1$, Blad2$ enzovoort als je werkmap met de adreslijst in Excel meer werkbladen bevat. Uiteraard kies je het werkblad met de adreslijst. De opties FilterDatabase en Print_Area gebruik je niet. Klik op OK. Nu zie je het venster Geadresseerden voor Afdruk samenvoegen, met alle adressen. Wil je selecteren welke namen op de etiketten komen, dan schakel je hier vinkjes in of uit. Door te klikken op een van de opschriften boven een kolom kun je de adressen sorteren, bijvoorbeeld op postcode. Dat is handig met het oog op de brievenbus. Klik op OK. In je document verschijnt een aantal keren <<Volgende record>>, deze aanduidingen vormen het begin van elk etiket. Klik onder in beeld op Volgende: Etiketten schikken (in oudere Word-versies: Labels schikken).

Word haalt de adressen uit je adreslijst in Excel.

Stap 4: Etiketten schikken

In deze stap kies je welke delen van het adres er op het etiket komen. Ga hiervoor naar het etiket linksboven in je document (dat gaat snel met de sneltoets Ctrl+Home) en klik op Meer items. Er verschijnt een venster met de opschriften die boven de kolommen van je adreslijst in Excel staan. Klik op Voornaam en klik op Invoegen; in het document zie je <<Voornaam>> verschijnen. Kies dan tv (het tussenvoegsel) en klik weer op Invoegen. Klik op Achternaam en op Invoegen, klik op Adres en op Invoegen, klik op Postcode en op Invoegen, gevolgd door Woonplaats en Invoegen. Klik op Sluiten.

Via Meer items kies je welke onderdelen van het adres op het etiket komen.

Plaats van de tekst bepalen

Deze woorden met punthaken zijn zogeheten velden. Deze staan in het etiket nog pal achter elkaar, maar je wilt drie regels onder elkaar en een spatie tussen de voor- en achternaam. Ga weer naar het etiket linksboven en zet de cursor precies tussen de punthaken >><< die tussen Voornaam en tv staan, dus zo Voornaam>> cursor <<tv en typ daar een spatie. Plaats ook een spatie tussen tv>>|<<Achternaam. Springt het veld <<Achternaam>> naar de volgende regel zonder dat je op Enter drukt? Geen probleem, op het etiket zelf komt dit goed.

Om het adres en de woonplaats op een nieuwe regel te laten beginnen, klik je tussen de punthaken van de achternaam en het adres en druk je op de Enter-toets. Herhaal dit tussen de velden voor het adres en de postcode. Typ ten slotte drie (!) spaties tussen de punthaken tussen de postcode en de woonplaats. Onder Stap 6 lees je waarom.

Op dit punt aangekomen, kun je iets toevoegen dat op alle etiketten moet staan. Stuur je deze adresstickers vanuit het buitenland, dan kun je onderaan Nederland of België in de betreffende taal typen. Ga hiervoor naar het etiket linksboven en druk na <<Achternaam>> op de Enter-toets. Typ dan de naam van het land waar de kaart naartoe moet. Dit hoef je slechts eenmaal te doen, alleen in het eerste etiket.

Je geeft precies aan waar de onderdelen van het etiket straks komen. Typ er spaties tussen, zet ze met Enter op eigen regels en voegt eventueel het land toe.

Indeling overnemen

Staan de onderdelen op hun plaats, klik dan in het taakvenster op de knop Alle etiketten bijwerken. Alle velden met punthaken worden gekopieerd. Dit is erg belangrijk! Want daardoor nemen alle etiketten de indeling van het eerste etiket over.

Deze velden tussen punthaken in Word zijn de verbindingen met de cellen in de adreslijst in Excel. Klik op Volgende: Etiketvoorbeeld. Nu worden deze velden met de echte gegevens gevuld en staat ieder adres op een eigen etiket. 

Stap 5: De etiketten controleren

Deze stap is ter controle. Word toont als voorbeeld de eerste pagina met de adressen in etiketopstelling. Je kunt hier nog adressen weghalen of toevoegen, de lijst filteren of anders sorteren. Klik hiervoor op Adreslijst bewerken. Je krijgt hetzelfde venster Geadresseerden voor Afdruk samenvoegen als in Stap 3. Heb je alle adressen die je wilt, klik dan op Volgende: Samenvoeging voltooien.

Op elk etiket komen de adresgegevens van de ontvanger.

Kun je de adreslijst niet openen? Als je in Word het document met etiketten controleert en je ziet een fout, dan wil je misschien in Excel de adreslijst openen. Maar Excel zal dan melden: “Bestand wordt al gebruikt” of: “Ongeldige bestandsindeling”, want Word heeft het bestand op de achtergrond geopend. Klik in die melding op Annuleren, sla in Word het document met de etiketten op, breng in Excel de wijziging aan en open in Word het document opnieuw. Nu is je aanpassing verwerkt.

Om je adresstickers op te plakken:

Kerstkaarten!

Stap 6: Etiketten afmaken

We zijn er bijna. Zoals je onder in het taakvenster ziet, kun je terug naar de vorige stappen als je nog instellingen wilt wijzigen. Wil je zien hoe alle etiketten eruitzien, klik dan op Afzonderlijke etiketten bewerken en kies in het volgende venster Alles. Er wordt een nieuw document gemaakt met de naam Etiketten1, met alle adressen op etiketten. Je kunt hier nog verbeteringen aanbrengen, voordat je de vellen met etiketten afdrukt. Controleer bijvoorbeeld of een lange naam er goed op staat.

In ieder geval staat er bij mensen zonder een tussenvoegsel een spatie te veel tussen hun voor- en achternaam. Die verwijder je snel als volgt. Klik in het tabblad Start op Vervangen (helemaal rechts, of druk op de sneltoets Ctrl+H). Het venster Zoeken en vervangen opent. Typ in het vak Zoeken naar twee spaties. Typ in het vak Vervangen door één spatie. Klik op Alles vervangen. Alle dubbele spaties worden vervangen door enkele spaties. Klik in de melding op OK en op Sluiten. PostNL ziet graag twee spaties tussen de postcode en de woonplaats. Als je in Stap 4 drie spaties tussen de punthaken hebt getypt, blijven er twee van over.

Je kunt de adressen een ander lettertype geven. Druk op Ctrl+A om alles te selecteren en kies het lettertype (cursief vindt PostNL niet fijn). Wil je meer ruimte langs de linkerkant, verbreed dan de linkermarge van alle etiketten. Klik hiervoor op Beeld / Liniaal, druk op Ctrl+A om alles te selecteren en versleep het blokje linksboven. 

Drukproef maken

Om geen kostbare etiketvellen te verspillen door misdrukken, controleer je vooraf of de afdruk goed op de etiketten terecht zal komen. Druk hiervoor alleen de eerste bladzijde af op gewoon papier. Klik op de tab Bestand en klik via Afdrukken op Afdrukken (sneltoets Ctrl+P). Kies met het menu onder Instellingen voor Huidige pagina afdrukken. Alleen de pagina waarin de cursor staat, wordt afgedrukt. Leg deze afdruk op een etiketvel, houd ze samen tegen het licht en kijk of de adressen binnen de etiketten passen. Komen de afmetingen niet overeen, ga dan terug naar Stap 2 en stel de maten bij. 

En dan: afdrukken maar!

Is alles naar wens, dan druk je de etiketten af. Leg de vellen met etiketten in de printer en let op welke kant naar boven moet. Bij een aantal printers moet je de vellen één voor één invoeren. Klik in het taakvenster op Afdrukken, kies in het volgende venster Alles en klik op OK. Heb je geklikt op Afzonderlijke etiketten bewerken, dan klik je op Bestand / Afdrukken. En daar komen de vellen met stickers uit je printer.

Het resultaat: je adressen afgedrukt op etiketten.

Handig: Excel Label Printer Met je adreslijst in Excel verwacht je eigenlijk dat je de etiketten meteen vanuit Excel kunt maken. Dat vindt Frits Stavleu ook en hij maakte Excel Label Printer. Dat is een Excel-bestand dat helemaal met macro’s werkt. Je kunt allerlei opties zelf instellen. Als je eenmaal aan de volgorde en aan de werking gewend bent, is het allicht de moeite waard. Fijn dat Frits een gratis versie aanbiedt. Daarnaast heeft hij een betaalde premium-versie.

▼ Volgende artikel
AI-functies in Edge uitgelegd: editor, voorlezen en tabbladen organiseren
© Microsoft
Huis

AI-functies in Edge uitgelegd: editor, voorlezen en tabbladen organiseren

Het is logisch dat Microsoft Copilot verankerd zit in Edge. Hierbij gaat de browser steeds verder en verschijnen er steeds meer AI-functies op. Ze zijn minder prominent aanwezig dan bij sommige concurrenten, maar maken alledaagse taken net een tikje slimmer en makkelijker.

In dit artikel

Je maakt kennis met een aantal AI-functies in Microsoft Edge. Je leest hoe hardop voorlezen werkt (ook vanaf een gekozen stukje), hoe je tekst of complete pagina's laat vertalen en hoe de ingebouwde editor je spelling, grammatica en formuleringen aanscherpt. Ook ontdek je de Ai-themagenerator, waarmee je op basis van een korte prompt een nieuw uiterlijk maakt, en je ziet hoe tabbladen organiseren openstaande tabs automatisch groepeert voor meer overzicht.

 Lees ook: AI zonder programmeren: Zo bouw je je eigen chatbot

AI-gestuurde taalhulpmiddelen

Lezen, luisteren, vertalen of schrijven: Edge schuift steeds meer slimme taalhulpen naar voren. Met een druk op Ctrl+Shift+U laat je een webpagina hardop voorlezen. Een smalle werkbalk verschijnt bovenaan, waarin je niet alleen kunt starten of pauzeren, maar ook de stem en het leestempo naar smaak aanpast. Je hoeft niet de hele pagina voor te laten lezen. Selecteer een passage, klik met de rechtermuisknop en kies Doorgaan met hardop voorlezen vanaf hier. Ook voor vreemde talen hoef je geen externe tools meer aan te spreken. Je laat ofwel een stukje tekst, ofwel de volledige pagina meteen in het Nederlands vertalen. Nog praktischer wordt het wanneer je zelf iets schrijft. Onder Instellingen / Talen kun je Hulp bij schrijven activeren. Vanaf dat moment houdt Edge je spelling en grammatica in de gaten en zie je suggesties direct oplichten in de tekst. Dankzij de ingebouwde Editor, die AI op de achtergrond inzet, worden je zinnen niet alleen foutvrij, maar vaak ook net wat scherper.

Boven de webpagina zie je de afspeelknoppen en kun je de stem en voorleessnelheid regelen.

AI-themagenerator

Via de Instellingen onder Uiterlijk vind je nu een AI-themagenerator die op basis van een eenvoudige prompt een volledig nieuw thema creëert. Typ bijvoorbeeld een beschrijving van een sfeer, een kleurpalet of zelfs een fantasiebeeld, en binnen een paar minuten staat er een verrassend ontwerp klaar. Heb je geen inspiratie? Dan doet de knop Verras me het werk voor jou en zal de AI iets geheel onverwachts bedenken. Met één klik op Thema toepassen geef je de browser meteen een frisse, persoonlijke uitstraling.

Je krijgt een voorvertoning van het nieuwe thema en een kleurenschema.

Automatisch tabbladen organiseren

Wie vaak tientallen webpagina's tegelijk open heeft staan, weet hoe onoverzichtelijk die tabs kunnen worden. Met de functie Tabbladen organiseren breng je weer structuur in die chaos. Helemaal linksboven, onder de knop Tabblad actiemenu, vind je de nodige opties. Zo kun je bijvoorbeeld overschakelen naar verticale tabbladen of eerder gesloten tabbladen opnieuw oproepen. In hetzelfde menu duikt ook de functie Tabbladen organiseren op. Als je hierop klikt, verschijnt er een pop-upvenster dat aangeeft welke tabbladen gegroepeerd zullen worden, zodat je browserscherm meteen een stuk overzichtelijker oogt.

De AI toont eerst hoe hij de tabbladen zal organiseren.

Drie lekkere Copilot+-laptops


Werk je veel met foto- en videobewerking of andere zware klussen, dan zit je goed met deze ASUS ProArt P16 OLED Copilot+PC H7606WP-RJ129X. Door de combinatie van een AMD Ryzen AI 9-chip en 32 GB werkgeheugen blijf je vlot werken, ook als je tegelijk exporteert, rendert en meerdere programma's open hebt. Het OLED-scherm laat diepe zwarttinten en veel detail in schaduwen zien, en met het touchscreen maak je snel aantekeningen of sleep je makkelijker door je tijdlijn.

De Acer Aspire 14 AI A14-52M-56CK is gemaakt voor dagelijks werk onderweg: compact, 1,4 kg en groot genoeg om comfortabel te typen en te multitasken. De Intel Core Ultra 5-processor en 16 GB geheugen houden Office, veel tabbladen en videobellen soepel, terwijl 512 GB opslag ruimte geeft voor documenten en mediabestanden. Handig is dat Acer het simpel houdt: geen touchscreen, dus je leunt op toetsenbord en touchpad. Met HDMI sluit je snel een extra scherm aan en via de 3,5mm-poort kun je bedraad luisteren of vergaderen zonder gedoe met koppelen.

Wil je een licht en flexibel systeem dat ook als tablet werkt, dan past de Microsoft Surface Pro 11 (wifi 7, 512 GB) echt wat voor jou. Het 13-inch touchscreen en het 2-in-1 ontwerp maken hem handig voor notities, schetsen en werken onderweg, zeker als je een Surface Slim Pen erbij neemt. De Snapdragon X Plus met 45 TOPS is gericht op AI-taken: Copilot kan je helpen met tekst, samenvattingen en het omzetten van een Word-bestand naar een PowerPoint, terwijl de chip tijdens gebruik leert en taken soepeler laat aanvoelen. Reken voor onderweg op een lange adem met een opgegeven accuduur tot 14 uur, en met wifi 7 heb je een snelle draadloze basis als je netwerk dat ondersteunt.

▼ Volgende artikel
Wifi wel snel op je telefoon, maar traag op je laptop? Hier ligt dat aan!
© A Stockphoto
Huis

Wifi wel snel op je telefoon, maar traag op je laptop? Hier ligt dat aan!

Je zit op de bank en streamt probleemloos een 4K-video op je telefoon, maar zodra je je laptop openklapt om een webpagina te laden, lijkt het alsof de verbinding vastloopt. Ligt het aan de router of aan je computer? In dit artikel leggen we uit waarom wifi-snelheden zo sterk kunnen verschillen per apparaat en wat je eraan kunt doen.

Je betaalt voor een snelle internetverbinding, dus is de verwachting dat elk apparaat in huis die snelheid ook daadwerkelijk haalt. Toch voelt het surfen op je computer soms stroperig aan, terwijl je smartphone ernaast nergens last van heeft. Vaak wordt er direct naar de internetprovider gewezen, maar het probleem zit meestal in de apparatuur zelf. Het verschil in hardware, leeftijd en software tussen mobiele apparaten en computers is namelijk groter dan je denkt. Na het lezen van dit stuk weet je precies waar die vertraging vandaan komt.

Generatiekloof: waarom je laptop vaak achterloopt

Het snelheidsverschil tussen je telefoon en je computer komt vaak neer op een simpele generatiekloof. We vervangen onze telefoons gemiddeld elke twee tot drie jaar, waardoor ze vaak uitgerust zijn met de nieuwste wifi-chips (zoals wifi 6 of 6E). Een laptop gaat vaak veel langer mee, soms wel vijf tot zeven jaar. Hierdoor probeert een verouderde netwerkkaart in je laptop te communiceren met een moderne router, wat resulteert in een lagere maximumsnelheid.

Daarnaast speelt de manier waarop data wordt verwerkt een grote rol. Een telefoon is geoptimaliseerd voor directe consumptie: apps op de achtergrond worden gepauzeerd om de app die je nú gebruikt voorrang te geven. Een computer werkt anders. Terwijl jij probeert te surfen, kan Windows of macOS op de achtergrond bezig zijn met zware updates, het synchroniseren van clouddiensten of het maken van back-ups. Je laptop snoept dus al bandbreedte weg zonder dat jij het doorhebt, waardoor er voor je browser minder overblijft.

Wanneer je laptop de strijd wél wint

De laptop wint het van de telefoon wanneer de omstandigheden optimaal zijn voor stabiliteit in plaats van pure mobiliteit. Als je beschikt over een moderne laptop met een recente netwerkkaart en je bevindt je in dezelfde ruimte als de router, kan de laptop vaak stabieler grote bestanden binnenhalen.

Dat geldt vooral als je laptop verbonden is met de 5GHz-frequentieband. Deze frequentie is veel sneller dan de oude 2.4GHz-band, maar heeft een korter bereik. Als je dicht bij het toegangspunt zit, profiteert je laptop van zijn krachtigere processor om complexe webpagina's sneller op te bouwen dan een telefoon dat kan, mits de verbinding zelf niet de bottleneck is.

Waarom je telefoon soepeler aanvoelt

Het verschil wordt pijnlijk duidelijk zodra je verder van de wifi-bron af gaat zitten, bijvoorbeeld op zolder of in de tuin. Smartphones zijn vaak agressiever geprogrammeerd om het sterkste signaal te pakken of snel tussen frequenties te schakelen. Veel laptops blijven daarentegen te lang plakken op een zwak 5GHz-signaal of vallen onnodig terug op de trage en vaak overvolle 2.4GHz-band (het zogeheten 'sticky client'-probleem).

Daarnaast hebben smartphones een trucje dat laptops helaas moeten missen: wifi-assist (of een vergelijkbare term). Als de wifi even hapert, gebruikt de telefoon ongemerkt een beetje 4G- of 5G-data om de stroom stabiel te houden. Je laptop heeft die optie meestal niet en laat direct een laadicoontje zien. Hierdoor voelt de telefoon sneller aan, terwijl hij eigenlijk een beetje vals speelt door mobiele data bij te schakelen.

Harde grenzen: wanneer traagheid onvermijdelijk is

Er zijn situaties waarin je laptop de strijd sowieso verliest, ongeacht hoe dicht je bij de router zit. Dit zijn de harde grenzen:

  • Verouderde standaarden: Als je laptop alleen wifi 4 (802.11n) ondersteunt, zul je nooit de snelheden halen van een telefoon met wifi 6 (802.11ax). De hardware kan het simpelweg niet aan.

  • Actieve VPN-verbinding: Veel werklaptops hebben een actieve VPN-verbinding voor beveiliging. Dit vertraagt de internetsnelheid aanzienlijk vergeleken met een 'open' telefoonverbinding.

  • De 2,4GHz-valkuil: In dichtbevolkte wijken is de 2,4GHz-band zo vervuild door signalen van de buren, dat een laptop die hierop vastzit nauwelijks vooruitkomt.

  • Batterijbesparing: Als je laptop niet aan de lader ligt en in Eco-modus staat, wordt de stroom naar de wifi-kaart vaak geknepen, wat direct ten koste gaat van het bereik en de snelheid.

Zo check je of jouw hardware het probleem is

Om te bepalen of je laptop de boosdoener is, moet je eerst kijken naar de verbinding. Klik op het wifi-icoon op je laptop en controleer of je verbonden bent met een 5GHz-netwerk (vaak te zien bij Eigenschappen of netwerkinformatie). Is dat niet het geval en sta je wel dicht bij de router? Dan is je netwerkkaart waarschijnlijk verouderd of staan de instellingen niet goed.

Kijk ook eens kritisch naar je gebruik. Heb je toevallig nog applicaties openstaan zoals Steam, OneDrive of Dropbox? Deze programma's kunnen de verbinding volledig dichttrekken. Op een telefoon gebeurt dit zelden automatisch op de achtergrond. Als je laptop ouder is dan vijf jaar, kan een simpele upgrade met een moderne wifi-usb-dongle het probleem vaak al verhelpen, zonder dat je een hele nieuwe computer hoeft aan te schaffen.

Kortom: leeftijd en software maken het verschil

Dat je telefoon sneller is op wifi dan je laptop, komt meestal doordat telefoons nieuwere netwerkchips hebben en slimmer omgaan met datastromen. Laptops hebben vaak last van zware achtergrondprocessen of blijven hangen op een tragere frequentieband. Daarnaast schakelen telefoons bij zwak wifi soms ongemerkt over op 4G/5G, wat de ervaring vloeiender maakt. Controleer of je laptop op de 5GHz-band zit en sluit zware achtergrondprogramma's af om snelheid te winnen.