ID.nl logo
Review TCL 115X955 – Groot, groter, grootst
© TCL
Huis

Review TCL 115X955 – Groot, groter, grootst

Oké, je zult er een flink deel van je huiskamer voor moeten opofferen en je installeert hem niet zomaar even in je eentje, maar wauw: deze 115inch-tv van TCL belooft ongelooflijk veel spektakel. De miniled-achtergrondverlichting is onderverdeeld in 20.000 dimming zones en belooft tot 5000 nits piekhelderheid. We gingen naar TCL in Warschau om hem te testen.

Fantastisch
Conclusie

We snappen dat deze tv absoluut niet voor iedereen is weggelegd. Niet alleen omdat hij een bak geld kost, maar ook omdat je hem niet zomaar in elke (woon)kamer kunt plaatsen en voor veel doorsnee woonkamers domweg te groot is. Toch is de TCL 115X955 een opmerkelijke televsie. Hij toont immers aan waar de allerbeste miniledtechnologie toe in staat is. Fenomenale beelden en nieuwe records voor groot formaat, voor het aantal dimming zones en contrast, en voor de piekhelderheid. Met al die eigenschappen, nauwkeurige intense kleuren en ruime HDR-ondersteuning legt hij projectors het vuur na aan de schenen. Deze tv toont ook dat TCL alles in huis heeft om een hoogwaardige tv te maken, die moeiteloos de concurrentie aankan met andere merken. Wat ons betreft een indrukwekkende prestatie!

Plus- en minpunten
  • Bioscoopwaardig beeldformaat
  • Record piekhelderheid
  • Intens contrast met 20.000 zones
  • Knappe bewegingsscherpte en 240Hz-modus
  • Erg prijzig
  • Scherpte accentueert detail te sterk

TCL 115X955

  • Adviesprijs: 23.999 euro
  • Wat: Ultra HD LCD-tv (MiniLED FALD, 192x108 zones, Quantum Dot)
  • Schermformaat: 115 inch (291 cm), vlak
  • Aansluitingen: 4x HDMI (2x v2.0, 2x v2.1, eARC/ARC, ALLM, VRR, 4K120), 1x optisch digitaal uit, 2x USB, 2x antenne, Bluetooth (A2DP, HID), ethernet, WiFi (802.11b/g/n/ac/ax)
  • Extra’s: Dolby Vision IQ, HDR10+, HDR10, HLG, Google TV, USB/DLNA-mediaspeler, Airplay 2, DVB-T2/C/S2, CI+-slot
  • Afmetingen: 2566 x 1511 x 445 mm (incl. voet)
  • Gewicht: 98,3 kg (incl. voet)
  • Verbruik: SDR 228 (G) / HDR 879 watt (G)

Hoe groter de tv, hoe onbelangrijker het design – althans, relatief gezien. Want zelfs bij een groot model wil je nog steeds een mooie tv, maar aan de andere kant heeft zo'n groot model net als zijn kleinere broertjes nauwelijks een rand, en op zo'n groot oppervlak valt dat helemaal niet meer op. De afwerking van dit 115 inch grote model is prima: het toestel heeft een perfect vlakke rug en een fraai afwerkte rand, dus daar valt niets op aan te merken. De tv wordt geleverd met twee poten, maar ook met twee verrassend kleine muurbeugels en een stel indrukwekkende schroeven. Met de eenvoudig te monteren muurbeugels hangt de tv strak tegen de muur.

©TCL

Toch nog even over de plaatsing van deze televisie. Hij weegt namelijk 98 kg, dus los van het feit dat je hem niet zomaar even verplaatst (zelfs niet met twee personen), is het verstandig om na te gaan of het beoogde tv-meubel dit gewicht wel kan dragen. Je kunt de tv echter ook gewoon met de bijgeleverde poten op de vloer zetten.

Houd er rekening mee dat de doos – onuitgepakt – bijzonder groot en zwaar is (zo'n 171 kg). De tv wordt normaal gesproken verkocht met inbegrip van een installatiedienst. Daarvoor zijn zes personen nodig.

Afschroefbare handvatten zijn voorzien, want uiteraard moet je tijdens het transport zien te vermijden dat je het scherm aanraakt: met zo veel gewicht zou je het lcd-paneel erg gemakkelijk kunnen beschadigen.

©TCL

Aansluitingen

TCL houdt het voor dit model bij de traditionele selectie aansluitingen. Dat betekent viermaal HDMI, met twee HDMI 2.1-poorten die 48 Gb/s bandbreedte bieden, 4K120, ALLM, VRR (met uiteraard Nvidia G-Sync en AMD FreeSync). ARC/eARC staat op een van de HDMI 2.0-poorten, zodat je zelfs met een externe audio-oplossing twee poorten beschikbaar hebt voor high-end gaming.

De input-lag hebben we niet plekke kunnen meten – we hadden alleen toegang tot een model tijdens de presentatie van de nieuwe line-up – maar die is volgens het bedrijf in lijn met de vorige modellen. Dat zou betekenen dat de input-lag ongeveer 13 ms in 4K60 en 5 ms in 2K120 bedraagt. Een optisch digitale audio-uitgang, een usb-poort en twee antenne-aansluitingen (een voor DVB-T2/C, een voor DVB-S2), ethernet, wifi en bluetooth zijn de resterende aansluitingen.

Al die aansluitingen zijn overigens naar de zijkant gericht en staan dicht genoeg bij de rand om gemakkelijk bereikbaar te zijn. Bij wandmontage is dat uiteraard iets lastiger, maar nog steeds goed mogelijk. Een van de twee usb-poorten aan de zijkant van het tv-frame is altijd eenvoudig te bereiken.

©Eric Beeckmans | ID.nl

Heel veel zones

De achtergrondverlichting van de X955 heeft meer dan 20.000 zones, die we uiteraard hebben geprobeerd te tellen. Na 15 seconden hebben we de handdoek maar in de ring gegooid – we geloven TCL op hun woord. Het zijn er 192 x 108 (20.736) om precies te zijn.

Ter referentie, voor dit 4K-beeld betekent dat amper 400 (20 x 20) pixels per zone. Dat je met dergelijke fijnmazige controle over de achtergrondverlichting erg knappe contrasten kunt realiseren, en tegelijkertijd zwart en heldere lichtaccenten op het scherm kunt zetten, is misschien evident. Maar daarvoor heb je wel goede controle nodig over de leds en het paneel.

En dat heeft TCL naar ons gevoel wel in de vingers, want het contrast op dit scherm is echt indrukwekkend. Het VA-paneel heeft een eigen contrast van ongeveer 7000:1 en met de dimming erbij stijgt dat naar net geen 50.000:1. We zagen op geen enkel moment halo’s of blooming, en al helemaal geen zonegrenzen. Iets lastiger is dat je op zo’n groot scherm sneller kijkhoekproblemen hebt. En ook al hebben VA-panelen van deze generatie een relatief goede kijkhoek, we konden we bij donkere scènes in de hoeken van het scherm wel zien dat het beeld daar wat lichter was. Ook de uniformiteit was niet perfect, maar wel voldoende om niet storend te zijn.

©TCL

Ongeëvenaard bioscoopbeeld

Naast heel mooi en gedetailleerd contrast levert de 115X955 ook een record aan piekhelderheid. In de goed gekalibreerde HDR Film-beeldmodus ging de meter op een 10%-venster tot 5.300 nits, al kan hij dat niet lang volhouden. Na enkele seconden valt hij terug naar 2.700 nits, al is dat nog steeds erg indrukwekkend.

Ook op een volledig wit scherm zijn de 850 nits die we konden meten een zeer goed resultaat. De HDR-weergave is erg goed, mede dankzij de Quantum Dot-achtergrondverlichting die 95% P3-kleurbereik haalt. Tonemapping zou de tv met zo veel helderheid niet hoeven te doen, maar is blijkbaar toch niet helemaal uitgeschakeld. We activeerden Dynamische Tonemapping, en dat leverde het beste resultaat in de ‘detail’-stand.

Die tophelderheid dankt de tv aan een boostmodus, maar die boost maakt metingen ook erg lastig. Tijdens onze langdurige kijksessie merkten we echter nooit problemen met de boostmodus.

TCL ondersteunt al geruime tijd alle HDR-formaten, maar dit jaar kreeg Dolby Vision IQ nog een upgrade naar Dolby Vision IQ Precision Detail. Die versie verbetert weergave van de donkere en heldere delen van het beeld. Je kunt het uitschakelen via de menu’s, maar dat maakte ook meteen duidelijk dat het heel veel extra diepte aan het beeld gaf. Kortom, HDR op zo’n groot scherm, met dit soort piekhelderheden, contrast en kleur is nog een niveau beter dan wat we gewend zijn. In sommige gevallen wil je het beeld echt proberen aan te raken.

©TCL

Goede beeldverwerking

De X955 draait op een Mediatek Pentonic 700-platform, dus zodoende zit de beeldverwerking in dezelfde categorie als vorig jaar. Volgens TCL zijn er een aantal algoritmische verbeteringen doorgevoerd, bijvoorbeeld aan upscaling en motion interpolation. De algemene resultaten liggen in elk geval in lijn met onze verwachtingen. Goede deinterlacing, degelijke ruisonderdrukking en prima upscaling.

Bij een test op verplaatsing is er relatief weinig tijd; we konden geen opvallende verschillen ontdekken. Wat wel in het oog sprong, zijn een paar plaatsen waar TCL nog kan verbeteren. Zo bleek de anti-bandingoplossing die een aparte instelling heeft alleen goed te werken met erg fijne en zwakke kleurstroken. Grovere, duidelijkere kleurstroken kon het systeem niet wegfilteren.

In sommige gevallen verdwijnt er ook duidelijk wat detail, meestal als het voorwerp of probleem in kwestie zich ergens op de achtergrond bevond en dus al wat vaag was. Echt detail in de voorgrond blijft goed bewaard. De motion interpolation leverde mooie resultaten en hield beeldartefacten goed onder controle, maar kon bij heel snelle camerabewegingen niet vermijden dat er nog wat licht gestotter achterblijft. De software liet ook wat steekjes vallen bij heel fijn kleurdetail, maar dat was alleen zichtbaar op testpatronen. We hebben ook vrij veel 'gewone' filmfragmenten kunnen bekijken en die zagen er echt uitstekend uit.

Google TV

TCL gebruikt ook voor dit toestel weer Google TV. Een volledig overzicht van de mogelijkheden vind je in het artikel over Google TV of in de review van de TCL 65C845.

De interface werkt vlot en biedt heel wat aanbevelingen, handig gesorteerd per genre. Google TV heeft het ruimste aanbod aan apps en ondersteunt Chromecast, hoewel de tv ook over AirPlay 2 van Apple beschikt. TCL zet na een druk op de knop zowel de ingangen als een reeks belangrijke instellingen in een lint onderaan in beeld.

De 115X955 heeft een nieuwe afstandsbediening gekregen. De zilverkleurige remote is nu een stuk compacter, het numerieke toetsenbord is verdwenen. Wie dat nodig heeft, kan het op het scherm oproepen. De volumetoetsen zijn naar de zijkant van de afstandsbediening verhuisd, zoals bij een smartphone. Dat lijkt ons een ietwat twijfelachtige beslissing, maar mogelijk went het. Verder is er een ingebouwde microfoon en zitten er vier app-toetsen onderaan. De eenvoudige lay-out belooft prima gebruiksgemak.

©TCL

Flinke audio, maar met een kanttekening

We hebben de audio niet uitvoerig kunnen testen; dat is lastig in een zaal waar veel ander lawaai is en de akoestiek vreemd klinkt. De 115X955 gebruikt een 6.2.2-configuratie met in totaal 120 watt vermogen. Toch denken we dat je deze televisie wilt aanvullen met een externe oplossing. Niet omdat de audio uitgesproken slecht is, maar juist omdat het beeld zo goed is. Het beeld is immens en daar wil je dan misschien wel een 'echte' surround-oplossing bij.

Conclusie

We snappen dat deze tv absoluut niet voor iedereen is weggelegd. Niet alleen omdat hij een bak geld kost, maar ook omdat je hem niet zomaar in elke (woon)kamer kunt plaatsen en voor veel doorsnee woonkamers domweg te groot is. Toch is de TCL 115X955 een opmerkelijke televsie. Hij toont immers aan waar de allerbeste miniledtechnologie toe in staat is.

Fenomenale beelden en nieuwe records voor groot formaat, voor het aantal dimming zones en contrast, en voor de piekhelderheid. Met al die eigenschappen, nauwkeurige intense kleuren en ruime HDR-ondersteuning legt hij projectors het vuur na aan de schenen. Deze tv toont ook dat TCL alles in huis heeft om een hoogwaardige tv te maken, die moeiteloos de concurrentie aankan met andere merken. Wat ons betreft een indrukwekkende prestatie!

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.