ID.nl logo
Review Hisense 85UXKQ - Erg groot en erg helder
Huis

Review Hisense 85UXKQ - Erg groot en erg helder

Deze 85 inch Hisense past wellicht niet in iedere woonkamer, maar dat er vraag is naar grotere televisies is wel duidelijk. Met de 85UXKQ levert Hisense het beste wat miniled-tv’s op dit moment te bieden hebben. Prachtig contrast én enorme piekhelderheid.

Uitstekend
Conclusie

De Hisense 85UXKQ biedt onmiskenbaar goede prestaties, met grensverleggend contrast en uitstekende helderheid. Deze tv presteert in veel of weinig omgevingslicht heel goed. Maar tegelijkertijd toont het dat Hisense nog niet het volledige potentieel benut. Zeker wat betreft HDR10 is er nog veel nodig om de weergave van donkere content te verbeteren, en kan ook tonemapping optimaler worden ingezet. Toch lieten de HDR-beelden al een sterke indruk achter en met ondersteuning voor Dolby Vision en HDR10+ zit je echt wel gebeiteld. Het enorme beeld krijgt prima ondersteuning van de ruime audioconfiguratie die knap surroundgeluid levert. VIDAA U is een gebruiksvriendelijke omgeving, al blijft het ontbreken van lokale Belgische apps nog steeds een pijnpunt. Dat je voor dit soort technologie meer betaalt, lijkt voor de hand liggend. We hopen wel dat Hisense er voor die prijs nog wat aan kan verbeteren via software updates.

Plus- en minpunten
  • Topprestatie qua piekhelderheid en constrast
  • Veel bewegingsscherpte en 240Hz-mode
  • Prima beeldverwerking
  • Donkere HDR-beelden zijn tè donker
  • HDR-tonemapping geeft geen consistent betere beelden
  • Slechts twee HDMI 2.1-aansluitingen

Hisense 85UXKQ

  • Adviesprijs: 5.999 euro
  • Wat: Ultra HD 4K 144 Hz Full Array miniled QLED LCD-tv met lokale dimming (5.184 zones)
  • Schermformaat: 85 inch (216 cm), vlak
  • Aansluitingen: 4x HDMI (2x v2.0, 2x v2.1 eARC/ARC, ALLM, VRR, 4K120), 1x composiet video, 1x stereo minijack, 1x optisch digitaal uit, 2x USB, 1x hoofdtelefoon, 2x antenne, Bluetooth
  • Extra’s: Dolby Vision IQ, HDR10+ Adaptive, HDR10, HLG, WiFi (802.11b/g/n/ac/ax) ingebouwd, VIDAA U7 OS, USB/DLNA-mediaspeler, DVB-T2/C/S2, CI+-slot
  • Afmetingen: 1947 x 1156 x 447 mm (incl. voet)
  • Gewicht: 56,2 kg (incl. voet)
  • Verbruik: SDR 155 (F) / HDR 340 watt (G)

Van een televisie met een hoog prijskaartje als deze moet toch wel een aantrekkelijk design hebben. Meer nog dan bij kleine modellen is het beeld zo overweldigend dat je liefst van al zo min mogelijk kader ziet. Zo geeft het grote beeld een nog sterkere indruk. Een klein kader dus, met als enige accent de zijkanten die 45° afgeschuind zijn. Perforaties in het metaal verraden daar, en aan de bovenzijde, de aanwezigheid van luidsprekers.

De tv is verder opvallend vlak, hij meet nauwelijks vier centimeter in diepteprofiel. De achterzijde is afgewerkt in verschillende panelen met streepmotief. Sommige daarvan staan wat bol en buigen onder heel lichte druk wat door. Dat is een detail dat we liever niet zien. De tv staat op twee eenvoudige smalle poten die je kunt monteren in een brede of smalle stand.

Aansluitingen

Op een topmodel zoals dit hadden we gehoopt op vier HDMI 2.1-poorten, maar helaas. We vinden twee HDMI 2.0-aansluitingen, en twee HDMI 2.1-aansluitingen. Op die laatste poorten krijg je 48Gbps bandbreedte. Gamers kunnen dan ook aan de slag in 4K120, pc-gamers zelfs in 4K144 of 2K@240. De tv ondersteunt ALLM, HDMI VRR, AMD FreeSync, en NVIDIA G-Sync Compatible. De input lag bedraagt 16,8ms in 4K60. Een van de HDMI 2.1-poorten ondersteunt ARC/eARC.

De resterende aansluitingen zijn twee USB-aansluitingen, een composiet video en stereo cinch ingang, hoofdtelefoonaansluiting, optisch digitale audio-uitgang, ethernet, WiFi (802.11ax) en Bluetooth. Alle aansluitingen wijzen naar opzij, een strakke wandmontage is dus mogelijk. Voorzie wel stevige muurankers, de tv weegt 54,4kg. Met externe USB-opslag kan je via de enkelvoudige DVB-T/T2/C-tuner, DVB-S/S2-tuner en een CI+-slot live tv bekijken, opnemen en pauzeren.

Super contrast en helderheid 

Hisense had dit jaar al mooie dingen getoond met de U7K- en U8K-reeks. Maar de UXK-reeks gaat echt nog wel een stapje verder. De miniled-achtergrondverlichting van deze 85 inch-reus is onderverdeeld in 5.184 zones, dat zijn er vijfmaal zoveel als op de U8K. Het VA-paneel is vermoedelijk van hetzelfde type als de ULED-modellen. We zien een prima eigen ANSI-contrast van 4.100:1, dat met local dimming stijgt naar 44.000:1 of zelfs meer in het gemakkelijkere testpatroon. De SDR-beelden zijn dan ook erg knap, en naderen OLED-prestaties.

We zien geen halo’s of zonegrenzen, hoogstens uitzonderlijk bij heel contrastrijke content maar dan zelfs bijna alleen als je vanuit een hoek kijkt. Het VA-paneel heeft een goede kijkhoek voor kleur, maar contrast daalt licht als je uit het centrum zit. De uniformiteit in donkere beelden was echter prima. In heldere beelden zagen we een klein lichtjes donkere vlek in het centrum. Dat stoorde ons niet, maar het is iets om rekening mee te houden als je een hekel hebt aan het zogeheten Dirty Screen-effect (dit kan verschillen van toestel tot toestel).

De Filmmaker-mode was erg helder, iets te helder zelfs, dus laat zeker de lichtsensor geactiveerd. De grijsschaal vertoonde wat tinting, lichtjes rood in de middentinten en blauw in de heldere tinten. Op witte content kan dat soms storen. Er was heel veel schaduwnuance en kleuren zijn goed.

De echte verrassing vinden we bij HDR. Het beeld piekt op een helderheid van 3.478 nits op het 10% venster en 934 nits op een volledig wit scherm. Dat is verbazingwekkend goed, en verlegt echt wel de grens voor HDR-prestaties. De piek bereik je pas na een seconde, maar we zagen altijd minimaal 2.500 nits op het 10% venster. Het kleurbereik van de quantum dots is 99% P3, ook al uitstekend. Maar de processor heeft het blijkbaar moeilijk om zoveel helderheid, contrast en kleur in de pas te laten lopen.

Donkere tinten worden consequent te donker getoond, de heldere tinten volgen we de gewenste curve. Dat drukt een beetje zwartdetail weg, maar wat erger is, in donkere scènes lijkt de local dimming ook veel schaduwnuance te maskeren, zodat het wat uitgeveegd lijkt. Beide effecten konden we wat milderen door ‘Verbeterde schaduwdetails’ te activeren.

Ook in de HDR-tonemapping zien we ruimte voor verbetering. In sommige beelden haalde dat extra kleur en contrast naar boven, in andere verborg het wat witdetail. Kortom, al zijn de beelden vaak bijzonder indrukwekkend, Hisense benut het volledige potentieel van dit toestel niet optimaal. Mogelijk kunnen software updates dat verbeteren, maar dat is nooit zeker.

Beeldverwerking

Op een groot scherm is beeldverwerking des te belangrijker, want elk detail staat immers in het groot op het scherm. Bij onze eerste test laat het toestel een paar steken vallen, zowel de MPEG-ruisonderdrukking als het filter dat kleurbanden verwijdert, lijkt niet te werken. Met een inderhaast geleverde software update is het probleem echter weer opgelost. We zien dan dat de resultaten heel sterk aanleunen bij die van de U8KQ. Goede de-interlacing, upscaling, en ruisonderdrukking zorgen voor een prima basis. Video waarin zware compressie-artefacten (blokvorming) zichtbaar zijn, kan de processor niet opschonen. En kleurstroken werkt hij alleen weg als deze relatief zacht zijn.

Het paneel heeft een goede bewegingsscherpte. Snel bewegende voorwerpen hebben een heel fijne vage rand. De optionele 240Hz-mode veroorzaakt verlies van verticale resolutie, en op dit formaat vinden we dat een geen optimale zaak. Tenzij je echt opteert voor maximale bewegingsscherpte laat je het beter uitstaan. De processor zorgt voor goede motion interpolation, zodat snelle camerabewegingen er vloeiend uitzien.

Meeslepende audiobeleving

Hisense heeft dit model voorzien van een uitgebreide luidsprekerconfiguratie. Die moet garant staan voor een meeslepende beleving waarbij ook Dolby Atmos en DTS:X tracks tot hun recht komen. Daarvoor zijn twee opwaarts gerichte speakers en twee zijwaarts gerichte speakers toegevoegd aan de stereo luidsprekers onderaan en de woofer in de rug.

De configuratie levert samen 82 Watt vermogen. Die extra luidsprekers zijn een stevige troef voor surround-tracks. Onze Dolby Atmos-testen zetten ons midden in het geluid, en ook het hoogtekanaal is goed hoorbaar. Voor de beste surround kies je de ‘theater’ preset, al kan die soms nogal overdreven klinken. De tv levert heel wat volume en een flink portie bas.

Ook voor muziek konden we de prestaties van deze Hisense wel waarderen. Enkel wanneer er erg veel bas in de soundtrack zit, kan de woofermodule een klikkend geluid maken. Dat probleem kwamen we overigens ook al tegen op de U8KQ. Voor de meeste kopers zullen deze audioprestaties volstaan.

VIDAA U7: gebruiksvriendelijk en vlot 

In ons overzicht van VIDAA U7 vind je alles wat je moet weten over het smart tv-systeem van Hisense. Het werkt vlot en heeft een gebruiksvriendelijke interface. We hebben wel twee minpunten. Het Home-scherm is grotendeels gereserveerd voor reclame of gesponsorde content. Dat is een ontwikkeling die we betreuren en we steeds vaker bij andere fabrikanten zien.

De tweede opmerking betreft de aanwezigheid van Belgische lokale apps, of beter gezegd: de afwezigheid ervan. Dat is anno 2023 eigenlijk niet meer van deze tijd. Hisense liet wel weten dat VTM Go er aankomt, maar voor Streamz en VRT Max is er nog geen nieuws, ook al staan ze op hun verlanglijst.

Net zoals bij de U8KQ en U7KQ kreeg de UXKQ dezelfde zilverkleurige, compacte lichtmetalen afstandsbediening. Die werkt goed, heeft een degelijke toetsaanslag, goede selectie toetsen en prima layout. De toetsen zitten dicht bij elkaar, maar hebben wel een duidelijk profiel zodat je je zelfs op de tast niet gemakkelijk vergist. Er zijn zes sneltoetsen voor de belangrijkste streamingdiensten.

Conclusie

De Hisense 85UXKQ biedt onmiskenbaar goede prestaties, met grensverleggend contrast en uitstekende helderheid. Deze tv presteert in veel of weinig omgevingslicht heel goed. Maar tegelijkertijd toont het dat Hisense nog niet het volledige potentieel benut. Zeker wat betreft HDR10 is er nog veel nodig om de weergave van donkere content te verbeteren, en kan ook tonemapping optimaler worden ingezet.

Toch lieten de HDR-beelden al een sterke indruk achter en met ondersteuning voor Dolby Vision en HDR10+ zit je echt wel gebeiteld. Het enorme beeld krijgt prima ondersteuning van de ruime audioconfiguratie die knap surroundgeluid levert. VIDAA U is een gebruiksvriendelijke omgeving, al blijft het ontbreken van lokale Belgische apps nog steeds een pijnpunt. Dat je voor dit soort technologie meer betaalt, lijkt voor de hand liggend. We hopen wel dat Hisense er voor die prijs nog wat aan kan verbeteren via software updates.

▼ Volgende artikel
Hoe kies je de juiste powerbank?
© Tevarak Phanduang | NaMaKuki_2016
Huis

Hoe kies je de juiste powerbank?

Je bent onderweg en ziet dat je telefoon nog maar vijf procent batterij heeft. Op dat moment is een powerbank precies wat je nodig hebt. Alleen: welke? De juiste keuze begint met twee vragen: hoeveel energie heb je onderweg nodig en hoe snel moet die energie eruit kunnen?

In dit artikel

Je leest hier hoe je een powerbank kiest die past bij jouw gebruik. Je ziet waarom mAh op de verpakking niet alles zegt en hoe je met wattuur (Wh) beter ziet hoeveel energie een powerbank kan opslaan en afgeven.  Ook leggen we uit waar laadsnelheid vandaan komt, wat usb-c en Power Delivery doen en waarom de juiste kabel bij hogere vermogens belangrijk is. Tot slot krijg je tips voor het opladen van een tablet of laptop.

Lees ook: Slimme tips om energie te besparen op je smartphone

Capaciteit: mAh is handig, maar reken in Wh

In de specificaties van powerbanks zie je bijna altijd een getal in milliampère-uur (mAh). Maar daarbij moet je je wel realiseren dat dat niet het hele verhaal is. Fabrikanten geven die mAh vaak op bij de interne batterijspanning van de cellen in de powerbank (meestal rond 3,6 tot 3,7 volt). Jouw telefoon laadt meestal via 5 volt, en bij snelladen soms op 9 of 12 volt. Die omzetting kost energie.

Zie de powerbank als een watertank met een kraan die je moet omzetten naar een andere maat aansluiting. Dat omzetten levert altijd wat verlies op. Daarom haal je in de praktijk niet 10.000 mAh uit 10.000 mAh. Reken grofweg met een bruikbare opbrengst die vaak ergens rond de 60 tot 80 procent ligt, afhankelijk van de kwaliteit van de elektronica en hoe je laadt. Met 10.000 mAh kun je een gemiddelde smartphone daarom meestal geen twee keer volledig vullen, maar eerder ongeveer anderhalf keer. Heb je een telefoon met een kleinere accu, dan kom je dichter bij de opgegeven twee keer; met een grotere accu haal je dat juist minder snel.

Wil je wat preciezer rekenen, kijk dan naar wattuur (Wh). Dat is de eenheid die echt iets zegt over hoeveel energie erin zit. Een eenvoudige omrekening helpt: Wh = (mAh × volt) / 1000. Staat er op de powerbank bijvoorbeeld 10.000 mAh bij 3,7 V, dan is dat ongeveer 37 Wh aan energie in de cellen, voordat je het omzetverlies meeneemt.

Powerbanks vergelijken

In de winkel zie je bijna altijd mAh als capaciteitsaanduiding. Zoals je hierboven hebt kunnen lezen is dat niet perfect. Maar omdat fabrikanten dezelfde soort cellen gebruiken en allemaal op dezelfde manier rekenen, kun je mAh wel gebruiken om powerbanks onderling te vergelijken. Heb je een powerbank gevonden die je wat lijkt, dan kun je bovenstaande berekening gebruiken om een meer realistisch beeld van het aantal keer opladen te krijgen.

View post on TikTok

Hoeveel capaciteit heb je echt nodig?

Als je vooral een extra lading voor je telefoon zoekt op een lange dag, dan zit je met 10.000 mAh in de praktijk vaak goed. Is 'bijna vol' al al genoeg, dan kan 5.000 mAh ook, maar reken er dan niet op dat je elke moderne smartphone die helemaal leeg is weer volledig volgeladen krijgt. Ga je een weekend weg of laad je meerdere apparaten op, dan is 20.000 mAh een logische stap. Je hebt dan meer oplaadcapaciteit, maar houd er wel rekening mee dat dat ook betekent dat de powerbank groter en zwaarder is.

Voor tablets geldt hetzelfde principe, alleen is de interne accu meestal groter dan die van een telefoon. Daardoor lijkt een powerbank die voor je telefoon prima is, bij een tablet ineens snel leeg. Dat is niet vreemd: je giet simpelweg meer water in een grotere emmer. Voor laptops ligt het net even anders: daar draait het niet alleen om capaciteit, maar vooral om het vermogen (wattage). Daar komen we zo op terug.


🔋Tot zover ging het over de hoeveelheid energie (mAh/Wh). De volgende stap is de afgifte: met welk vermogen (watt) kan de powerbank die energie aan je telefoon, tablet of laptop leveren? 


Snelheid: wattage maakt het verschil

Capaciteit zegt iets over hoe vaak je kunt laden. Snelheid gaat over wattage: hoeveel vermogen de powerbank kan leveren. Dat vermogen is vooral relevant als je snel wilt bijladen, of als je een tablet of laptop wilt opladen. USB-c is daarbij de norm geworden, en USB Power Delivery (PD) is de techniek waarmee lader en toestel afspraken maken over spanning en stroom. Je powerbank en je telefoon of laptop stemmen dat onderling af, zodat laden snel kan zonder dat het onveilig wordt. Daarvoor moeten de poort en je kabel het wel ondersteunen. Let daarom ook op de aansluitingen: usb-c heb je nodig voor snelladen met Power Delivery, terwijl usb-a vooral handig is als je oudere kabels of accessoires gebruikt.

©vadish - stock.adobe.com

Eén powerbank voor telefoon én laptop: waar je op let

Een laptop opladen vraagt meer dan een telefoon. Bij een telefoon kom je vaak weg met 10 tot 20 watt. Een laptop heeft meestal 45 watt of meer nodig, en veel modellen werken prettiger met 65 watt of hoger, zeker als je tijdens het laden ook blijft werken. De beste snelcheck is simpel: kijk naar het wattage van je eigen laptoplader. Dat is je richtgetal. Zit je daar ver onder, dan kan het laden extreem traag worden, of je laptop accepteert de lader helemaal niet.

Ook de juiste kabel is belangrijk. Voor hogere vermogens is niet elke usb-C-kabel geschikt. Tot ongeveer 60 watt (meestal 20 V bij 3 A) gaat het vaak goed met een kabel die expliciet 3 A ondersteunt. Ga je boven de 60 watt, dan heb je doorgaans een usb-c-kabel nodig die 5 A aankan. Zulke kabels hebben meestal een kleine chip in de stekker, een zogeheten e-marker. Die chip vertelt aan de powerbank en je laptop dat de kabel veilig meer stroom kan verwerken. Zie het als een identiteitsbewijs: zonder e-marker schakelt het systeem vaak terug naar een lagere stand, zodat het laden langzamer gaat en de kabel niet te warm wordt. Kijk in de specificaties of op de kabel zelf of er 3 A (tot circa 60 W) of 5 A (voor hogere vermogens) staat; dat is de snelste check. 

Formaat en gewicht: energie weegt nu eenmaal wat

Meer capaciteit betekent meestal meer cellen, en dus meer gewicht. Een powerbank van 20.000 mAh zit vaak ergens in de buurt van 350 tot 500 gram. Dat voelt in een jaszak al snel log. In een rugtas valt het mee. Stel jezelf dus de vraag: wil je elke dag een kleine powerbank mee voor noodgevallen, of is dat voor jou niet genoeg en ga je dus voor een grotere powerbank? 

Veiligheid: kies niet alleen op prijs

Bij draagbare accu's wil je geen twijfel over veiligheid. Een powerbank hoort bescherming te hebben tegen oververhitting, overladen en kortsluiting, maar bij heel goedkope modellen is dat niet altijd goed geregeld. De kans dat het misgaat is klein, alleen zijn de gevolgen groot als het wél gebeurt. Kies daarom liever een merk dat laat zien hoe het met veiligheid omgaat en dat testnormen en keurmerken gewoon vermeldt. Je hoeft die standaarden niet uit je hoofd te leren, maar het helpt als een merk concreet zegt welke testen en keurmerken het gebruikt. 

Zo kies je de juiste powerbank

 De juiste powerbank kies je door stap voor stap te bepalen wat je nodig hebt: eerst de hoeveelheid energie (liefst in Wh, met mAh als praktische indicatie), daarna de laadsnelheid (wattage en PD), en pas daarna pas de vorm en het gewicht. Voor dagelijks gebruik zit je vaak goed met een compacte powerbank rond 10.000 mAh met usb-c en Power Delivery. Wil je meer capaciteit zodat je meerdere keren kunt opladen (of ook je tablet opladen), dan is 20.000 mAh logischer. Houd er dan wel rekening mee dat de powerbank zwaarder wordt. Wil je ook een laptop kunnen laden, kijk dan naar het wattage van je laptoplader en kies een powerbank die dat vermogen via usb-c PD kan leveren, inclusief een kabel die geschikt is voor dat hogere vermogen.

▼ Volgende artikel
Chloe en Max keren terug in Life is Strange: Reunion
Huis

Chloe en Max keren terug in Life is Strange: Reunion

Uitgever Square Enix heeft de game Life is Strange: Reunion aangekondigd, een nieuw deel in de Life is Strange-franchise.

Begin deze maand gingen er al geruchten over het spel, omdat de naam al gemeld werd op de website van PEGI, de Europese organisatie die leeftijdskeuringen geeft aan spellen. Inmiddels is de game dus officieel aangekondigd en valt hieronder de eerste trailer te zien.

De allereerste Life is Strange-game draaide om hoofdpersonage Max Caulfield en haar vriendschap met Chloe Price. Vervolgen Life is Strange 2 en Life is Strange: True Colors draaiden echter om andere personages. In het in 2024 uitgekomen Life is Strange: Double Exposure keerde Max al terug, en in het aanstaande Reunion zijn beide dames weer te zien.

Terug naar Caledon University

Sterker nog: Life is Strange Reunion moet de saga rondom Max en Chloe in zijn geheel afronden. Het is dus waarschijnlijk dat dit de laatste game wordt waarin beide vriendinnen te zien zijn. Spelers doen wederom Caledon University aan, waar Max als een fotografiedocente werkt. Wanneer ze na een weekendje weg terugkeert, staat de school echter in brand, wat desastreuse gevolgen heeft voor het gebouw en de studenten.

Max kan zelf echter ternauwernood ontsnappen dankzij een speciale kracht waardoor ze de tijd kan terugspoelen - een kracht die terugkeert uit het oorspronkelijke spel. Max heeft vervolgens drie dagen de tijd om uit te zoeken hoe de brand ontstond en het tegen te houden. Tegelijkertijd arriveert ook Chloe op Caledon, die geplaagd wordt door de nachtmerries van een verleden die ze nooit heeft meegemaakt.

Spelers besturen in deze verhalende adventuregame afwisselend Max en Chloe, waarbij men gebruik kan maken van de terugspoelkrachten van Max en Chloe's praatgrage mond om meer info te achterhalen.

Vanaf 26 maart beschikbaar

Life is Strange: Reunion verschijnt op 26 maart voor PlayStation 5, Xbox Series X en S en pc. De standaard versie gaat 49,99 euro kosten, maar er komen ook een Deluxe Edition (59,99 euro), Twin Pack met Life is Strange: Double Exposure (69,99 euro) en Collector's Edition (prijs in euro's nog niet bekend, 99,99 dollar) beschikbaar.

Watch on YouTube
Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.