ID.nl logo
Vier betaalbare echt draadloze oordoppen vergeleken
© Reshift Digital
Huis

Vier betaalbare echt draadloze oordoppen vergeleken

We testten vier betaalbare volledig draadloze oordoppen. Hoe goed klinken ze? Blijven ze stevig zitten, zodat je ze niet verliest? Hoe lang kan je telefoneren en muziek beluisteren voordat je ze opnieuw moet opladen? We probeerden modellen van Cellularline, Jabra, Plantronics en Razer.

Cellularline Java

©PXimport

Echt draadloze oordoppen kosten vaak (veel) meer dan honderd euro. Het Italiaanse bedrijf Cellularline verkoopt zijn kleine, lichte Java True Wireless (TWS) earphones voor minder dan zeventig euro. Ze zijn verkrijgbaar in wit, zwart, blauw en roze. De Java oordoppen hebben een ‘open-fit’ design, met microfoons die zich in staafjes bevinden die naar onderen gericht uit je oorschelpen ‘hangen’. De laadcontacten bevinden zich aan de binnenzijde van die microfoonstaafjes; je laadt ze op of bij in het meegeleverde piepkleine laadetui, waarin de doppen magnetisch vastklikken.

Een usb-b laadkabel wordt meegeleverd, verder niets. De Java-doppen kan men maar met één apparaat tegelijk verbinden; wil je ze met een andere bluetooth-apparaat gebruiken dan dien ze je opnieuw te koppelen. De zijkanten zijn aanraakgevoelig; je regelt er dingen mee zoals het volume, de behandeling van gesprekken, muziek pauzeren en doorspoelen of het activeren van de spraakassistent van de gekoppelde smartphone.

De pasvorm is redelijk goed: deze oortjes blijven beter zitten dan bijvoorbeeld de Apple AirPods en de Huawei FreeBuds met een gelijkaardig ‘open-fit’ design. De pasvorm is bijna even goed als die van de verderop beschreven ‘open-fit’ Razer Hammerhead-doppen. De audiokwaliteit is behoorlijk, al zijn de bassen niet al te sterk en regel je die best bij met de equalizer-instellingen van je smartphone. De audiokwaliteit lijkt op die van de eerder geteste Samsung Galaxy Buds, maar met een iets voller geluid.

Cellularline Java

5Score50

  • Pluspunten

  • Zeer betaalbaar

  • Licht

  • Minpunten

  • Geen app

  • Beperkte autonomie

  • Eén verbinding tegelijkertijd

Jabra Elite 75t

©PXimport

De Jabra Elite 75t zijn bestand tegen stof en water volgens de IP55-classificatie. Je verbindt deze oordoppen tegelijk met twee bluetooth-apparaten en ze onthouden de acht laatste gekoppelde apparaten. De kleine, zwarte doppen passen comfortabel in de gehoorgang. Ze blijven goed zitten als je ze correct (met een draaibeweging) inbrengt. Deze doppen zijn ook verkrijgbaar in de kleuren ‘Titanium’ (grijs) en ‘Gold’ (beige).

Medium siliconen beschermstukjes zijn al in de fabriek gemonteerd. Kleine en grote worden meegeleverd, samen met een usb-c laadkabel en een piepklein laadetui. De doppen passen er magnetisch in, zodat ze op verplaatsing mooi op hun plaats blijven. Ook het deksel van de laadhouder sluit magnetisch en is vloeiend te openen met één hand.

De Jabra Sound+ app heeft een equalizer-instelling, zowel vooraf gedefinieerd als door de gebruiker zelf te definiëren (dit vergt wel een update naar de recentste firmware). Via de ‘HearTrough’-functie laat je het geluid van de buitenwereld binnen zonder dat je (een van de) doppen moet uitnemen. Het geluid komt dan binnen via de twee microfoons in elke dop. In de app kan je de ‘Find My Jabra’-functie activeren. De app zal dan de laatst gekende locatie van de doppen op je smartphone bewaren telkens wanneer je ze uitschakelt.

De Jabra Elite 75t dragen comfortabel en zitten vast, op voorwaarde dat je ze met een correcte draaibeweging en met passende siliconen beschermdoppen in de gehoorgang inbrengt. De passieve lawaai-onderdrukking werkt goed, op voorwaarde dat er niet té veel omgevingslawaai is. De audiokwaliteit is goed.

Jabra Elite 75t

8Score80

  • Pluspunten

  • Uitstekende pasvorm

  • Goede audiokwaliteit

  • Multipoint-verbinding

  • Minpunten

  • Geen Nederlands

  • Knoppen niet vrij te definiëren

Plantronics BackBeat PRO 5100

©PXimport

Deze oordopjes hebben geen actieve ruisonderdrukking, maar wel een sluitende pasvorm met goed isolerende, verwisselbare siliconen beschermstukjes. De medium beschermdopjes zijn gemonteerd, maar kan je vervangen door kleine of grote alternatieven. De piepkleine vaste accu in elke oordop gaat tot 6,5 uur mee. Met het kleine laadetui laad je de BackBeat PRO 5100 tweemaal opnieuw volledig op. Ze zijn bestand tegen vocht, voornamelijk zweet, volgens de IPX4-classificatie.

De Engelstalige Plantronics Backbeat-app vindt nieuwe firmware automatisch en biedt aan ze te installeren. Een firmware-update duurt wel lang: ruim twintig minuten! Maar ze verloopt probleemloos.

Als je één oordopje in het doosje laat, werkt het andere desgewenst als handenvrije mono-oordop, handig bijvoorbeeld als je vooral telefoongesprekken wil voeren. De drukknoppen op de zijkant functioneren standaard als volume-, muziek- en gespreksregeling. In de app kan je ze echter herdefiniëren met allerlei functies, bijvoorbeeld de spraakassistent van je smartphone activeren of de actuele tijd opvragen.

De muziek- en gesprekskwaliteit zijn goed. Ook het draagcomfort is goed: de doppen blijven probleemloos zitten op voorwaarde dat je ze correct (met een draaiende beweging) inbrengt in de gehoorgang. De passieve lawaaionderdrukking functioneert behoorlijk, al mag het niet té lawaaierig zijn, want dan dien je het volume hoger te zetten dan nog veilig is om nog iets te horen.

Lees ook onze uitgebreidere Plantronics BackBeat Pro 5100 review.

Plantronics BackBeat PRO 5100

7Score70

  • Pluspunten

  • Plantronics BackBeat PRO 5100

  • Goede pasvorm

  • Knoppen vrij te definiëren

  • Minpunten

  • Onduidelijke installatie-instructies

Razer Hammerhead True Wireless

©PXimport

De zweetbestendige (IPX4) Razer Hammerhead True Wireless hebben een ‘open-fit’ design met microfoons die zich in staafjes bevinden die naar onderen gericht uit je oorschelpen ‘hangen’. De laadcontacten waarmee je ze op- of bijlaadt in het meegeleverde kleine laadetui, bevinden zich aan de binnenzijde van die microfoonstaafjes. Deze doppen blijven goed vastzitten, zeker als je de meegeleverde siliconen beschermhoesjes op de doppen monteert. Dit is een secuur werkje: je dient er zorg voor te dragen dat de uitsparingen in de siliconen beschermstukjes de drivers niet bedekken. Ook wordt maar één stel beschermstukjes meegeleverd; de vraag is hoe lang ze meegaan en of je dan nog gemakkelijk vervangexemplaren kan vinden.

De Razer Hammerhead kan men maar met één apparaat tegelijk verbinden; om deze oordoppen met een ander bluetooth-apparaat te gebruiken dient men ze opnieuw te koppelen. De knoppen op de zijkant van de oordoppen zijn aanraakgevoelig, maar drukken niet in. Evenmin zitten er leds op de doppen zelf, zodat het niet steeds duidelijk is of ze nu wel of niet ingeschakeld zijn. Dat is best onhandig als je deze oordoppen met meerdere apparaten door elkaar wil gebruiken. Maar als je de Hammerhead True Wireless vooral met één en dezelfde smartphone gekoppeld laat, is het minder een probleem.

De doppen hebben geen eigen volumeregeling. De app heeft maar twee belangrijke functies: firmware updaten en een simpele equalizer activeren. Daarnaast kan je de ‘voice prompts’ wijzigen (geen Nederlands) en de batterijtoestand van de doppen (maar niet van het laadetui) uitlezen. De app heeft vaak moeite om de doppen te vinden, zelfs als zijn die wel degelijk met je smartphone verbonden.

De Hammerhead True Wireless klinken verrassend goed, zeker voor open-fit oordoppen die vaak wat moeite hebben met bastonen. Maar dat is hier geen probleem: de lage tonen zijn vol en krachtig, zonder overdreven te zijn. Ook de midden- en hoge tonen worden goed weergegeven.

Razer Hammerhead True Wireless

6Score60

  • Pluspunten

  • Goede audiokwaliteit

  • Gaming-modus met minder audiovertraging

  • Minpunten

  • Basale app

  • Geen Nederlands

  • Eén verbinding tegelijkertijd

▼ Volgende artikel
Column: Overwatch 2 heeft juist nu een PvE-modus nodig
© Blizzard
Huis

Column: Overwatch 2 heeft juist nu een PvE-modus nodig

Liveservicegames en hero shooters waren in 2016 niet per se nieuw. Destiny ging al twee jaar hard, en hoewel nieuwkomer Overwatch erg goed ontvangen werd, trokken sommigen al snel vergelijkingen met Valve’s inmiddels oude Team Fortress 2. Toch wist de hero shooter van Blizzard een Game of the Year Award voor de neus van onder andere Uncharted 4: A Thief’s End weg te grissen. Het was een glorieus begin van een moeizaam traject.

In de afgelopen tien jaar onderging Overwatch grote veranderingen. Na een groot succes met ruim 50 miljoen totale spelers in de eerste drie jaar kondigde Blizzard in 2019 aan dat er een vervolg zou komen, dat ‘naast het originele Overwatch’ moest bestaan en uitgebreid werd met Player-versus-Environment-content. De 6-tegen-6 Player-versus-Player-gameplay waar Overwatch om bekendstaat, zou blijven bestaan en voorzien worden van dezelfde content in de twee games. Ook zou Overwatch 2 een exclusieve PvE-modus met een verhaallijn en skill-trees krijgen, waarmee ieder personage op zowel grote als subtiele wijze aangepast kon worden.

©Blizzard

Nee, toch niet

Wie Overwatch 2 sinds de early access-verschijning eind 2022 heeft gespeeld, weet dat daar maar bar weinig van is waargemaakt. Overwatch en Overwatch 2 werden ten eerste geen aparte titels: laatstgenoemde heeft de plaats van het origineel simpelweg ingenomen. Die verhaalmodus? Voor 15 euro kreeg je met de 1.0-release van Overwatch 2 in augustus 2023 toegang tot drie missies. Die verkochten niet goed genoeg voor Blizzard – volgens bronnen Bloomberg - waarmee de mogelijkheid van meer PvE-content direct werd begraven.

Het was toen zelfs al bekend dat de PvE-modus grotendeels geschrapt was, gezien de modus volgens regisseur Aaron Keller ‘de focus tijdens het ontwikkelproces van de game belemmerde’. Dat is geen vreemde redenering, maar PvE was wel juist datgene dat Overwatch 2… nou ja, Overwatch 2 maakte. Uiteindelijk was de lancering van de ‘nieuwe’ game vooral een grote update, met drie nieuwe personages, wat extra arena’s en een nieuwe 5v5-opzet in plaats van 6v6. Er stond nu slechts een ‘2’ achter.

©Blizzard

Een alternatieve toekomst

Recent werd aangekondigd dat Overwatch 2 het cijfer van de naam afknipt met het twintigste seizoen en dus weer gewoon Overwatch heet – we zijn dus weer terug bij af. Ik stapte zelf destijds op de Overwatch-trein door juist de belofte van PvE in het vervolg, en heb uiteindelijk pakweg 300 uren tussen beide games verdeeld. Hoewel ik naarmate de tijd vorderde wat uren in de competitieve modus stak, maakte het spelen met vrienden de ervaring écht vermakelijk.

Gezellig kletsen, schreeuwen tegen willekeurige teamgenoten en de mix van tactiek en variatie die de vele personages in Overwatch bieden: dat staat mij bij. Een PvE-modus waarin juist dat samenspel en de speelwijze van de verschillende heroes aan te passen zijn naar jouw speelstijl was een soort heilige graal, die uiteindelijk dus nooit verscheen. Dat is eeuwig zonde. De competitieve e-sportscene van Overwatch is al sinds het begin een belangrijk aspect van de game, dus ergens is het begrijpelijk dat het team dit niet uit het oog wilde verliezen.

©Blizzard

Maar juist in de laatste jaren zien we een interessante verschuiving naar PvE, of in ieder geval multiplayer-ervaringen die niet geheel om competitie draaien. Denk aan Helldivers 2 van een paar jaar terug, waarin vrienden en willekeurige spelers het opnemen tegen legioenen aan vijanden – en zelfs wereldwijd samen naar een doel werken. Of de explosie aan zogenaamde ‘friendslop’ games als Peak en Lethal Company, die geheel draaien om het samen uitvoeren van taken als een berg beklimmen of het verzamelen van schroot. Een game als Arc Raiders bevat daarbij ook PvP-elementen, maar staat ook bij omdat meerdere spelers samen kunnen komen om een gigantische robot te verslaan. Video’s waarbij spelers plots oude vrienden tegenkomen in de game tonen aan waarom PvE momenteel zó ontzettend leuk kan zijn.

De realiteit

Het is achteraf makkelijk te zeggen, maar de originele visie voor Overwatch 2 had best een prominente rol in het huidige gamelandschap kunnen bekleden. Met de aankondiging werden uitgebreide skilltrees getoond voor de verschillende personages waar Overwatch om bekendstaat.

©Blizzard

Een van Mei’s speciale vaardigheden is bijvoorbeeld het veranderen in een ijspegel, om zo health terug te verdienen en een paar seconden onverwoestbaar te zijn. Met een van de skills die getoond werd veranderde deze ijspegel in een ijsbal, waarmee ze op spectaculaire wijze door groepen vijanden kan kegelen. De PvE-modus had de potentie om een soort zandbak voor dergelijke ideeën en ingrijpende veranderingen voor het klassieke Overwatch te worden. Een speelsere mix van skills en samenwerking om juist die avonturen uit bijvoorbeeld een Helldivers 2 te nabootsen. De tactische teamgameplay had dan ook niet hoeven verdwijnen, het zou juist vet geweest zijn om met vrienden verschillende skills af te stemmen en los te laten op de robots van Null Sector.

Dat is nog zoiets: de lore en verhaallijn van Overwatch zijn ontzettend interessant, en had meer in de schijnwerpers kunnen staan met de PvE-insteek. Nog voordat ik de games überhaupt had aangeraakt, verslond ik de prachtig geanimeerde filmpjes van Blizzard en verhalen die ze voor de personages uitbrachten.

Watch on YouTube

Wat ik dan ook zie van de nieuwe update wringt met mijn gevoel. Ja, het lijkt erop dat Blizzard een inhaalslag maakt en sneller met nieuwe personages komt om de game fris te houden. Het wekt de indruk dat we weer terug zijn bij het ‘oude’ Overwatch, en dat de ontwikkelaar nog altijd een sterke hero shooter wil behouden nu concurrenten als Marvel Rivals het speelveld hebben betreden. Toch kan ik het niet laten om te fantaseren over hoe Overwatch meer had kunnen zijn dan een hero shooter.

De realiteit is dat het Overwatch-team geen goede balans wist te vinden tussen het bijhouden van de PvP- en competitieve scene van Overwatch en de ontwikkeling van de PvE. Zonde, want zeker in het huidige multiplayerklimaat, waar mensen steeds meer achterover lijken te hangen om met elkaar te spelen in plaats van tegen elkaar, had het originele Overwatch 2 perfect gepast.

▼ Volgende artikel
We geven Mario Tennis Fever weg voor de Switch 2
Huis

We geven Mario Tennis Fever weg voor de Switch 2

Samen met onze vrienden van bol geven we wekelijks een nieuwe game weg, en deze week is dat natuurlijk Mario Tennis Fever.

Fever verscheen namelijk deze week voor de Nintendo Switch 2 en is volgens onze Simon een uitstekende Mario-sportgame. Met z'n Fever Rackets - die speciale slagen vol onvoorspelbare effecten mogelijk maken - goede basisgameplay en flink wat content weet Fever boven de afgelopen delen uit te stijgen:

Mario Tennis Fever barst van de content. De vele personages, banen en rackets geven unieke, diepere lagen aan de gameplay en multiplayerpotjes gaan met grote glimlach en een berg vertier gespeeld worden. Jammer voor de wat volwassenere spelers dat die volgende laag diepgang nét niet geraakt wordt. Daarvoor is het singleplayeraanbod niet genoeg, de tegenstanders niet uitdagend genoeg en ontbreekt er hier en daar net wat finesse. Maar ga zo door, Nintendo. Mario Tennis Fever zit namelijk wél in de richting van die tijdloze Camelot-klassiekers waar we zo naar hunkeren.

Winnen

Wat moet je doen om te winnen? Ga naar de website van bol, vind de productcode in de url (bestaande uit zestien cijfers) en vul die hieronder in het invulformulier in! Vergeet ook niet je naam en emailadres in te vullen, dan sturen we je zo snel mogelijk een code om de game fysiek op bol.com te bestellen!

Werkt het formulier niet? Klik dan hier.

Watch on YouTube