ID.nl logo
Review Sennheiser Accentum Plus – Hét midrange model van dit moment
© Wesley Akkerman
Huis

Review Sennheiser Accentum Plus – Hét midrange model van dit moment

Als je een blik op het assortiment van Sennheiser werpt, dan kom je daar geregeld oordoppen van rond de 300 en koptelefoons van 350 tot 400 euro tegen. Dat het merk eerder, met de Accentum, een model onder de 200 euro lanceerde, komt dus niet redelijk vaak voor. Nu is er met de Sennheiser Accentum Plus een verbeterde versie beschikbaar, voor 229 euro.

Fantastisch
Conclusie

Het enige waarmee je als gebruiker een beetje rekening moet houden, is het feit dat er geen IP-certificaat aanwezig is voor bescherming tegen water en stof. Toch hebben we hem tijdens een regenbui kunnen gebruiken, al garandeert zo’n enkele ervaring natuurlijk niets. Verder kun je dus wat tonen in de hogere regionen missen, maar alleen als je weet waar je naar moet luisteren of als je koptelefoons gewend bent die wel neutraal klinken en volop ruimte bieden voor nagenoeg alles wat een muzikant in zijn of haar werk stopt. Voor de rest hebben we weinig te klagen. De Sennheiser Accentum Plus is duidelijk bedoeld voor een ander publiek dan de veel duurdere koptelefoons van dit merk. Met de nadruk op bas ontstaat er veel warmte en kracht, zonder dat dat andere tonen of de algemene muziekkwaliteit beïnvloedt. Ook is het fijn dat de koptelefoon ontzettend lang meegaat, voorzien is van meerdere opties met betrekking tot ruisonderdrukking en een zeer comfortabele fit heeft. Dat je hem zowel bedraad als draadloos kunt gebruiken is de kers op de taart. Voor 229 euro zul je voorlopig niet snel veel beter aantreffen.

Plus- en minpunten
  • Fijne Sennheiser-soundstage
  • Accuduur (50 uur)
  • Actieve geluidsonderdrukking
  • Bedraad en draadloos
  • Comfort, gewicht en gebruik
  • Echt hoge tonen vallen weg
  • Geen neutrale sound
  • Niet waterdicht

De Sennheiser Accentum Plus mag je dus – ook voor de standaard van Sennheiser – een midrange koptelefoon noemen. Maar vergis je niet in de kwaliteit van dit model, aangezien die veel eigenschappen overneemt van zijn duurdere familieleden, zoals de Momentum 4 Wireless. Uiteraard zijn er wel wat verschillen die de lagere prijs verklaren. Zo is de beschermhoes dit keer van een totaal andere kwaliteit: de stof is minder solide en luxe, maar alles voelt nog wel goed en stevig aan. En het is nog steeds veel beter dan sommige draagtasjes van concurrerende merken.

©Wesley Akkerman

Compacter en voordeliger

Daarnaast valt op dat de Sennheiser Accentum Plus lichter en compacter is dan de duurdere headset van dezelfde fabrikant, de hierboven al even genoemde Momentum 4 Wireless. Daar zitten een aantal voordelen aan. Zo neemt de Accentum Plus minder ruimte in beslag. En dat is fijn, aangezien je de koptelefoon niet kunt opvouwen. Het relatief lage gewicht heeft ook een (positieve!) invloed op het draagcomfort. Je kunt dit model lang dragen zonder dat je de koptelefoon zat wordt. Het feit dat je de band kunt verstellen en de oorcups zowel horizontaal als verticaal kunt kantelen doen ook een flinke duit in de zak wat het comfort betreft.

In het reisetui tref je tevens een audiokabel en usb-c-naar-usb-a-kabel aan. De laatste kabel is voor het opladen, terwijl je met de eerste kabel de Sennheiser bedraad gebruikt (al dan niet met een eigen dongel, zoals van audiojack-naar-usb-c).

De buitenkant is gemaakt van kunststof, en op het model treffen we een enkele knop aan waarmee we hem in- en uitschakelen en bluetooth activeren. Verdere bediening gaat via de aanraakgevoelige oppervlakken en de app, waar je de werking van die touchpads kunt aanpassen. Tikken werkt snel en gelukkig intuïtief.

©Wesley Akkerman

Toevoegingen ten opzichte van Accentum

Die touchpads zijn overigens nieuw in vergelijking met de eerste Sennheiser Accentum. Normaliter zijn we niet echt te spreken over een dergelijke bediening. Zo werken de opties bijvoorbeeld op de Dyson Zone niet helemaal lekker. Maar hier reageert de koptelefoon met weinig vertraging. Ook krijg je direct feedback middels kleine biepjes, waardoor je je niet hoeft af te vragen of een bepaalde handeling opgemerkt wordt. Verder pauzeert de Sennheiser Accentum Plus de muziek wanneer je hem afdoet. Doe je de koptelefoon weer op, dan gaat de muziek gewoon weer verder.

De Sennheiser Accentum Plus heeft daarnaast een andere, belangrijke toevoeging. Dat is de adaptieve, hybride actieve ruisonderdrukking. Wanneer je die optie binnen de Smart Control-applicatie activeert, dan kan de koptelefoon de mate van geluidsonderdrukking aanpassen aan je omgeving. Dat werkt an sich prima, maar wel geven we hier de voorkeur aan een constant niveau van ruisonderdrukking; te vaak wisselen van onderdrukkingsniveau luistert gewoon niet fijn.

Verder is de batterijduur nog steeds erg goed. De Plus gaat zo’n vijftig uur mee, net als z'n voorganger, en is met tien minuten opladen goed voor vijf uur luisteren.

©Wesley Akkerman

Komt aangenaam binnen dreunen

Net als zijn voorganger beschikt de Sennheiser Accentum Plus over dynamische drivers van 37 millimeter en leunt de draadloze verbinding op bluetooth 5.2. We hebben inmiddels bluetooth 5.3, maar dat biedt geen noodzakelijke verbeteringen die je als doorsnee luisteraar zult missen. Op het gebied van audiocodecs komen we vertrouwde opties tegen, waaronder sbc, aac,aptX en aptX Adaptive, waardoor je in staat bent muziek in hogere kwaliteit te beluisteren. Dat gezegd hebbende heeft het Plus-model niet de neutrale sound – maar dat hoeft ook niet.

Want de doelgroep van deze koptelefoon is simpelweg anders. Liefhebbers van neutrale audio hebben immers genoeg opties. De Sennheiser Accentum Plus is bedoeld voor een ander publiek en dat merk je bijvoorbeeld aan de lagere tonen. Die kunnen soms hard doch aangenaam binnen dreunen, vooral wanneer artiesten veel emotie in de toetsaanslagen van een piano meegeven. De weergave klinkt desondanks zeer precies en adequaat, waardoor er gevoelsmatig weinig verloren gaat aan de expressie van muziekmakers. Zeker wanneer je luistert zonder direct vergelijkingsmateriaal.

Wat vooral opvalt aan de lagere tonen en het gebruik van de actieve ruisonderdrukking is dat die geen negatieve impact hebben op de rest van het spectrum. De subtiele details van de tonen in het midden en hogere segment blijven bestaan en blijven merkbaar hoorbaar. Zangers en zangeressen worden niet afgeknepen of weggedrukt, en de audiokwaliteit is over het algemeen als zeer ruimtelijk te omschrijven. De echt hogere tonen komen elders toch wat minder aan bod, waardoor je hier en daar iets zou kunnen missen, maar echt storend klinkt het nooit.

©Wesley Akkerman

Sennheiser Accentum Plus kopen?

Het enige waarmee je als gebruiker een beetje rekening moet houden, is het feit dat er geen IP-certificaat aanwezig is voor bescherming tegen water en stof. Toch hebben we hem tijdens een regenbui kunnen gebruiken, al garandeert zo’n enkele ervaring natuurlijk niets. Verder kun je dus wat tonen in de hogere regionen missen, maar alleen als je weet waar je naar moet luisteren of als je koptelefoons gewend bent die wel neutraal klinken en volop ruimte bieden voor nagenoeg alles wat een muzikant in zijn of haar werk stopt. Voor de rest hebben we weinig te klagen.

De Sennheiser Accentum Plus is duidelijk bedoeld voor een ander publiek dan de veel duurdere koptelefoons van dit merk. Met de nadruk op bas ontstaat er veel warmte en kracht, zonder dat dat andere tonen of de algemene muziekkwaliteit beïnvloedt. Ook is het fijn dat de koptelefoon ontzettend lang meegaat, voorzien is van meerdere opties met betrekking tot ruisonderdrukking en een zeer comfortabele fit heeft. Dat je hem zowel bedraad als draadloos kunt gebruiken is de kers op de taart. Voor 229 euro zul je voorlopig niet snel veel beter aantreffen.

Meld je aan voor het Koptelefoonwijzer Eindrapport 2024

Door het invullen van jouw naam en e-mailadres meld je je aan voor ontvangst van de Kieskeurig.nl Koptelefoonwijzer-resultaten. Tevens ben je ingeschreven voor de Kieskeurig.nl nieuwsbrief.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.