ID.nl logo
Nothing Ear(1) - Uit het niets
© Reshift Digital
Huis

Nothing Ear(1) - Uit het niets

De oortjes van het nieuwe techmerk Nothing vallen op met hun eigenzinnige transparante ontwerp. Maar kunnen de bluetooth in-ears ook naam maken met hun draagcomfort, geluidskwaliteit en andere features en daarmee de strijd aan met onder andere de Apple AirPods? Je leest het in deze Nothing Ear(1) review.

De merknaam Nothing geeft me een glimlach, omdat het een goede bron is voor woordgrappen. Het nieuwe merk is onlangs opgericht door Carl Pei, mede-oprichter van smartphonemaker OnePlus. Pei verliet in 2020 OnePlus, mogelijk omdat hij zich niet kon vinden de koers die zijn oude bedrijf inzette. Na zijn vertrek richtte hij Nothing op, dat van plan is techproducten te lanceren in verschillende categorieën. Te beginnen met draadloze bluetooth in-ears, een koptelefoon vergelijkbaar met Apple’s AirPods - maar dan met een eigenzinnig ontwerp en scherpe prijs van zo’n honderd euro.

Om die prijs zo laag mogelijk te houden, lijkt Nothing een marketingstrategie te hanteren die ook lijkt op de OnePlus-dagen van weleer door geen geld te besteden aan reclame, de verkoop in eigen hand te houden en de productie laag. Wat als nadeel heeft dat de oortjes misschien lastig verkrijgbaar blijven. Door nauwe banden met de pers op te bouwen, kan er alsnog veel publiciteit gegenereerd worden. Als je de pers gebruikt voor je publiciteit, dan moet je eerste product ook écht goed zijn. En op dat gebied maken de oortjes van Nothing dit zeker waar. Vooral als je de prijs van de Ear(1) in acht neemt.

©PXimport

©PXimport

©PXimport

Eigenzinnig ontwerp

Maar laten we bij het begin starten. De Ear(1) headset lijken qua vorm behoorlijk op de AirPods Pro, maar door het transparante ontwerp hebben ze toch een eigenzinnige look gekregen. Dat heeft nogal uitdaging, want transparante oortjes zorgen er ook voor dat je het binnenwerk voor het oog mooi moet ontwerpen. Dat is gelukt en het geeft meteen een mooie blik op wat er allemaal in zo’n klein oortje is verwerkt. Je ziet de microfoontjes zitten, het oplaadplaatje, aanraaksensoren een deel van het chipbordje... En dan zijn zaken als de accu nog weggewerkt achter het witte plastic deel van het oortje. Bovendien is het de ontwerpers gelukt om de oortjes spatwaterbestendig te maken (IPx4).

De oortjes beschikken, net als de AirPods Pro over rubber tipjes, die verwisselbaar zijn om ze goed op maat van jouw oor af te stemmen. Bovendien zijn de oortjes erg licht, waardoor ze een optimaal draagcomfort hebben, stevig blijven zitten en prima het gehoor afsluiten om het geluid en functies als ruisonderdrukking optimaal te laten werken. Want inderdaad, de Nothing Ear(1) beschikt over ruisonderdrukking en een ambient modus, die omgevingsgeluid juist doorlaat. Wat handig is als je bijvoorbeeld je oortjes gebruikt in het verkeer.

Het oplaaddoosje heeft een vergelijkbaar ontwerp met transparante en witte delen. De oortjes plaats je er wat onhandig in terug en het doosje is wat aan de grote kant. Er is wel ruimte gemaakt voor een draadloze oplaadmogelijkheid en een usb-c-poort. Een opgeladen case kan de oortjes zo’n negen keer volledig opladen met zijn accucapaciteit.

©PXimport

©PXimport

©PXimport

Waardige geluidskwaliteit

Ook de geluidkwaliteit is voor zijn prijsklasse ontzettend goed. Natuurlijk moet het zijn meerdere erkennen in duurdere oortjes van merken als Bose, Apple en Jabra. Toch is het een uitdaging om oortjes van zo’n honderd euro te vinden die een even gebalanceerd en krachtig geluid produceren als de Ear(1). Het geluid is goed afgestemd, waarbij vooral de lage en hoge tonen herkenbaar te horen zijn. In het middengebied valt soms wat detail weg. Dat maakt de oortjes vooral geschikt voor vele muzieksoorten. Maar ook voor spraak (zoals telefoongesprekken, audioboeken en podcasts) is alles keurig verstaanbaar. Het krachtige geluid vervormt ook niet wanneer je het volume omhoog schroeft.

Hoewel de ambient modus aardig werkt, hoef je niet al te veel te verwachten van de ruisonderdrukking. Daarvoor moet je helaas (nog) echt in duurdere prijsklasses zoeken. De ruisonderdrukking van de Nothing Ear(1) weet aardig wat geluid weg te filteren, maar achtergrond geluid blijf je houden. Pratende mensen in de supermarkt, wandelen over een grindpad of verkeer dat voorbijraast. Je zult het altijd wel mee blijven krijgen. Er is echter wel een verschil hoorbaar.

Accuduur en app

De accuduur is afhankelijk van de afspeelmodus. Gebruik je geen ruisonderdrukking of ambient modus, dan kunnen de oortjes maximaal zes uur met een volle accu mee. Heb je de ruisonderdrukking aan staan, dan blijven daar nog maar vier uur van over. Dat valt iets tegen. Die pijn wordt wel wat verzacht door het feit dat het oplaaddoosje de oortjes negen keer volledig oplaadt.

De app springt er eveneens positief uit door zijn mooie vormgeving. Hier kun je ook terecht voor firmware-updates, een equalizer en het configureren van je oortjes. Bijvoorbeeld de bediening met tikjes op het oortje.

©PXimport

©PXimport

©PXimport

Alternatieven voor de Nothing Ear(1)

Nothing vergelijkt zijn oortjes maar wat graag met Apple AirPods Pro. Het is duidelijk dat daarmee de concurrentie gezocht wordt. Apple heeft zaken als de geluidskwaliteit en ruisonderdrukking echter beter op orde. Toch hebben de Ear(1) oortjes zeker veel te bieden. Ondanks dat je qua geluidskwaliteit en ruisonderdrukking iets inboet, is de prijs een stuk toegankelijker en het ontwerp en draagcomfort van de Ear(1) beter.

Vergelijk je de Ear(1) met andere oortjes die ongeveer hetzelfde kosten van merken als Urbanista, 1More, Huawei en Samsung. Dan springen de Ear(1)-oortjes er op vrijwel alle vlakken bovenuit. Op dit moment zij het de beste oortjes die je kunt krijgen rond de honderd euro.

Conclusie: Nothing Ear(1) kopen?

De Ear(1) koptelefoon van Nothing zijn niet de beste oortjes die je kunt kopen. Op het gebied van geluidskwaliteit en ruisonderdrukking kun je beter krijgen. De Nothing Ear(1) zijn wel de beste draadloze in-ears die je kunt krijgen rond de 100 euro. Bovendien krijg je er een eigenzinnig ontwerp voor terug en oortjes die je gewoonweg lang kunt dragen vanwege het draagcomfort.

Fantastisch
Conclusie

**Adviesprijs** € 99,- **Kleur** transparant-wit **Verbinding** Bluetooth 5.2 **Accu** 31 mAh (oortje), 570 mAh (oplaaddoosje) **Gewicht** 5 gram (oortje), 57 gram (oplaaddoosje) **Features** microfoon, ruisonderdrukking, omgevingsgeluidmodus, IPX4 **Opladen** Usb-c, draadloos **Website** [https://nothing.tech](https://nothing.tech/products/ear-1)

Plus- en minpunten
  • Prijs/kwaliteit
  • Eigenzinnig ontwerp
  • Draagcomfort
  • Ruisonderdrukking kan beter
  • Accuduur
▼ Volgende artikel
Hoe kies je de juiste powerbank?
© Tevarak Phanduang | NaMaKuki_2016
Huis

Hoe kies je de juiste powerbank?

Je bent onderweg en ziet dat je telefoon nog maar vijf procent batterij heeft. Op dat moment is een powerbank precies wat je nodig hebt. Alleen: welke? De juiste keuze begint met twee vragen: hoeveel energie heb je onderweg nodig en hoe snel moet die energie eruit kunnen?

In dit artikel

Je leest hier hoe je een powerbank kiest die past bij jouw gebruik. Je ziet waarom mAh op de verpakking niet alles zegt en hoe je met wattuur (Wh) beter ziet hoeveel energie een powerbank kan opslaan en afgeven.  Ook leggen we uit waar laadsnelheid vandaan komt, wat usb-c en Power Delivery doen en waarom de juiste kabel bij hogere vermogens belangrijk is. Tot slot krijg je tips voor het opladen van een tablet of laptop.

Lees ook: Slimme tips om energie te besparen op je smartphone

Capaciteit: mAh is handig, maar reken in Wh

In de specificaties van powerbanks zie je bijna altijd een getal in milliampère-uur (mAh). Maar daarbij moet je je wel realiseren dat dat niet het hele verhaal is. Fabrikanten geven die mAh vaak op bij de interne batterijspanning van de cellen in de powerbank (meestal rond 3,6 tot 3,7 volt). Jouw telefoon laadt meestal via 5 volt, en bij snelladen soms op 9 of 12 volt. Die omzetting kost energie.

Zie de powerbank als een watertank met een kraan die je moet omzetten naar een andere maat aansluiting. Dat omzetten levert altijd wat verlies op. Daarom haal je in de praktijk niet 10.000 mAh uit 10.000 mAh. Reken grofweg met een bruikbare opbrengst die vaak ergens rond de 60 tot 80 procent ligt, afhankelijk van de kwaliteit van de elektronica en hoe je laadt. Met 10.000 mAh kun je een gemiddelde smartphone daarom meestal geen twee keer volledig vullen, maar eerder ongeveer anderhalf keer. Heb je een telefoon met een kleinere accu, dan kom je dichter bij de opgegeven twee keer; met een grotere accu haal je dat juist minder snel.

Wil je wat preciezer rekenen, kijk dan naar wattuur (Wh). Dat is de eenheid die echt iets zegt over hoeveel energie erin zit. Een eenvoudige omrekening helpt: Wh = (mAh × volt) / 1000. Staat er op de powerbank bijvoorbeeld 10.000 mAh bij 3,7 V, dan is dat ongeveer 37 Wh aan energie in de cellen, voordat je het omzetverlies meeneemt.

Powerbanks vergelijken

In de winkel zie je bijna altijd mAh als capaciteitsaanduiding. Zoals je hierboven hebt kunnen lezen is dat niet perfect. Maar omdat fabrikanten dezelfde soort cellen gebruiken en allemaal op dezelfde manier rekenen, kun je mAh wel gebruiken om powerbanks onderling te vergelijken. Heb je een powerbank gevonden die je wat lijkt, dan kun je bovenstaande berekening gebruiken om een meer realistisch beeld van het aantal keer opladen te krijgen.

View post on TikTok

Hoeveel capaciteit heb je echt nodig?

Als je vooral een extra lading voor je telefoon zoekt op een lange dag, dan zit je met 10.000 mAh in de praktijk vaak goed. Is 'bijna vol' al al genoeg, dan kan 5.000 mAh ook, maar reken er dan niet op dat je elke moderne smartphone die helemaal leeg is weer volledig volgeladen krijgt. Ga je een weekend weg of laad je meerdere apparaten op, dan is 20.000 mAh een logische stap. Je hebt dan meer oplaadcapaciteit, maar houd er wel rekening mee dat dat ook betekent dat de powerbank groter en zwaarder is.

Voor tablets geldt hetzelfde principe, alleen is de interne accu meestal groter dan die van een telefoon. Daardoor lijkt een powerbank die voor je telefoon prima is, bij een tablet ineens snel leeg. Dat is niet vreemd: je giet simpelweg meer water in een grotere emmer. Voor laptops ligt het net even anders: daar draait het niet alleen om capaciteit, maar vooral om het vermogen (wattage). Daar komen we zo op terug.


🔋Tot zover ging het over de hoeveelheid energie (mAh/Wh). De volgende stap is de afgifte: met welk vermogen (watt) kan de powerbank die energie aan je telefoon, tablet of laptop leveren? 


Snelheid: wattage maakt het verschil

Capaciteit zegt iets over hoe vaak je kunt laden. Snelheid gaat over wattage: hoeveel vermogen de powerbank kan leveren. Dat vermogen is vooral relevant als je snel wilt bijladen, of als je een tablet of laptop wilt opladen. USB-c is daarbij de norm geworden, en USB Power Delivery (PD) is de techniek waarmee lader en toestel afspraken maken over spanning en stroom. Je powerbank en je telefoon of laptop stemmen dat onderling af, zodat laden snel kan zonder dat het onveilig wordt. Daarvoor moeten de poort en je kabel het wel ondersteunen. Let daarom ook op de aansluitingen: usb-c heb je nodig voor snelladen met Power Delivery, terwijl usb-a vooral handig is als je oudere kabels of accessoires gebruikt.

©vadish - stock.adobe.com

Eén powerbank voor telefoon én laptop: waar je op let

Een laptop opladen vraagt meer dan een telefoon. Bij een telefoon kom je vaak weg met 10 tot 20 watt. Een laptop heeft meestal 45 watt of meer nodig, en veel modellen werken prettiger met 65 watt of hoger, zeker als je tijdens het laden ook blijft werken. De beste snelcheck is simpel: kijk naar het wattage van je eigen laptoplader. Dat is je richtgetal. Zit je daar ver onder, dan kan het laden extreem traag worden, of je laptop accepteert de lader helemaal niet.

Ook de juiste kabel is belangrijk. Voor hogere vermogens is niet elke usb-C-kabel geschikt. Tot ongeveer 60 watt (meestal 20 V bij 3 A) gaat het vaak goed met een kabel die expliciet 3 A ondersteunt. Ga je boven de 60 watt, dan heb je doorgaans een usb-c-kabel nodig die 5 A aankan. Zulke kabels hebben meestal een kleine chip in de stekker, een zogeheten e-marker. Die chip vertelt aan de powerbank en je laptop dat de kabel veilig meer stroom kan verwerken. Zie het als een identiteitsbewijs: zonder e-marker schakelt het systeem vaak terug naar een lagere stand, zodat het laden langzamer gaat en de kabel niet te warm wordt. Kijk in de specificaties of op de kabel zelf of er 3 A (tot circa 60 W) of 5 A (voor hogere vermogens) staat; dat is de snelste check. 

Formaat en gewicht: energie weegt nu eenmaal wat

Meer capaciteit betekent meestal meer cellen, en dus meer gewicht. Een powerbank van 20.000 mAh zit vaak ergens in de buurt van 350 tot 500 gram. Dat voelt in een jaszak al snel log. In een rugtas valt het mee. Stel jezelf dus de vraag: wil je elke dag een kleine powerbank mee voor noodgevallen, of is dat voor jou niet genoeg en ga je dus voor een grotere powerbank? 

Veiligheid: kies niet alleen op prijs

Bij draagbare accu's wil je geen twijfel over veiligheid. Een powerbank hoort bescherming te hebben tegen oververhitting, overladen en kortsluiting, maar bij heel goedkope modellen is dat niet altijd goed geregeld. De kans dat het misgaat is klein, alleen zijn de gevolgen groot als het wél gebeurt. Kies daarom liever een merk dat laat zien hoe het met veiligheid omgaat en dat testnormen en keurmerken gewoon vermeldt. Je hoeft die standaarden niet uit je hoofd te leren, maar het helpt als een merk concreet zegt welke testen en keurmerken het gebruikt. 

Zo kies je de juiste powerbank

 De juiste powerbank kies je door stap voor stap te bepalen wat je nodig hebt: eerst de hoeveelheid energie (liefst in Wh, met mAh als praktische indicatie), daarna de laadsnelheid (wattage en PD), en pas daarna pas de vorm en het gewicht. Voor dagelijks gebruik zit je vaak goed met een compacte powerbank rond 10.000 mAh met usb-c en Power Delivery. Wil je meer capaciteit zodat je meerdere keren kunt opladen (of ook je tablet opladen), dan is 20.000 mAh logischer. Houd er dan wel rekening mee dat de powerbank zwaarder wordt. Wil je ook een laptop kunnen laden, kijk dan naar het wattage van je laptoplader en kies een powerbank die dat vermogen via usb-c PD kan leveren, inclusief een kabel die geschikt is voor dat hogere vermogen.

▼ Volgende artikel
Chloe en Max keren terug in Life is Strange: Reunion
Huis

Chloe en Max keren terug in Life is Strange: Reunion

Uitgever Square Enix heeft de game Life is Strange: Reunion aangekondigd, een nieuw deel in de Life is Strange-franchise.

Begin deze maand gingen er al geruchten over het spel, omdat de naam al gemeld werd op de website van PEGI, de Europese organisatie die leeftijdskeuringen geeft aan spellen. Inmiddels is de game dus officieel aangekondigd en valt hieronder de eerste trailer te zien.

De allereerste Life is Strange-game draaide om hoofdpersonage Max Caulfield en haar vriendschap met Chloe Price. Vervolgen Life is Strange 2 en Life is Strange: True Colors draaiden echter om andere personages. In het in 2024 uitgekomen Life is Strange: Double Exposure keerde Max al terug, en in het aanstaande Reunion zijn beide dames weer te zien.

Terug naar Caledon University

Sterker nog: Life is Strange Reunion moet de saga rondom Max en Chloe in zijn geheel afronden. Het is dus waarschijnlijk dat dit de laatste game wordt waarin beide vriendinnen te zien zijn. Spelers doen wederom Caledon University aan, waar Max als een fotografiedocente werkt. Wanneer ze na een weekendje weg terugkeert, staat de school echter in brand, wat desastreuse gevolgen heeft voor het gebouw en de studenten.

Max kan zelf echter ternauwernood ontsnappen dankzij een speciale kracht waardoor ze de tijd kan terugspoelen - een kracht die terugkeert uit het oorspronkelijke spel. Max heeft vervolgens drie dagen de tijd om uit te zoeken hoe de brand ontstond en het tegen te houden. Tegelijkertijd arriveert ook Chloe op Caledon, die geplaagd wordt door de nachtmerries van een verleden die ze nooit heeft meegemaakt.

Spelers besturen in deze verhalende adventuregame afwisselend Max en Chloe, waarbij men gebruik kan maken van de terugspoelkrachten van Max en Chloe's praatgrage mond om meer info te achterhalen.

Vanaf 26 maart beschikbaar

Life is Strange: Reunion verschijnt op 26 maart voor PlayStation 5, Xbox Series X en S en pc. De standaard versie gaat 49,99 euro kosten, maar er komen ook een Deluxe Edition (59,99 euro), Twin Pack met Life is Strange: Double Exposure (69,99 euro) en Collector's Edition (prijs in euro's nog niet bekend, 99,99 dollar) beschikbaar.

Watch on YouTube
Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.