ID.nl logo
⏰ To snooze or not to snooze? Dit is de fijnste manier om wakker te worden
© BOSS PRDX
Gezond leven

⏰ To snooze or not to snooze? Dit is de fijnste manier om wakker te worden

Hoe word jij écht goed wakker? Is dat van een old skool wekker die je iedere keer weer een hartverzakking bezorgt, door zacht tjilpende vogeltjes of juist een subtiele wake up-light? Wat is eigenlijk de beste manier om aan de dag te beginnen? En wat zijn de beste wekkergeluiden? Wij gingen voor je op onderzoek uit.

In dit artikel lees je wat voor effect een luide wekker heeft, welk liedje ervoor zorgt dat je goed aan je dag begint en of je nou mag snoozen of liever niet. Lees meer over het effect van een goede nachtrust in het artikel Waarom goed slapen zo belangrijk is.

Een goede nachtrust is alles

Uitgerust wakker worden heeft vooral te maken met hoe je geslapen hebt. Ben je op tijd naar bed gegaan zonder een borrel of kop koffie teveel op, heb je voldoende frisse lucht in de slaapkamer en heb je je rondje socials in bed overgeslagen, dan heb je dikke kans op een goede nachtrust. En dat is belangrijk, want een goede slaap zorgt er namelijk voor dat je alle slaapfases doormaakt en fris en fruitig aan een nieuwe dag begint. Lees hier nog even wat je zelf kunt doen om je slaap te verbeteren.

©Gorodenkoff Productions OU

Een goede nachtrust is nog altijd de belangrijkste voorwaarde om uitgerust op te staan.

Schrikken van de wekker

Of je schrikt van de wekker ligt natuurlijk aan het soort geluid en het volume, maar ook aan het feit of je wel uitgeslapen bent. Ben je laat naar bed gegaan en heb je niet voldoende slaap achter de rug, dan is je biologische klok nog niet zover om wakker te worden als de wekker gaat. Je biologische klok bereidt je lichaam namelijk voor op het wakker worden door je lichaamstemperatuur en hartslag alvast te laten stijgen. Zit jouw lichaam nog niet in die fase, dan schrik je je een hoedje als de wekker ineens gaat. Late slapers maken ook meer kans op lichamelijke en mentale klachten.

Alarm of vogeltjes

Sommige mensen komen alleen hun bed uit door een keiharde bliep of luide pieptoon. Maar doet het ook nog iets lichamelijk met je, als je met een hard geluid wakker wordt? En wat werkt beter? Wetenschappers van de RMIT University in Australië deden onderzoek naar de invloed van wekkergeluid op hoe je je voelt na het opstaan. De conclusie? Hoe melodieuzer het wekgeluid, hoe alerter je bent als je opstaat. Hoofdonderzoeker Adrian Dyer pleit daarom voor nummers zoals Good vibrations van de Beach Boys en Close to me van The Cure op je wekkerradio.

Mensen die wakker werden van een hoge pieptoon of snoeiharde bliep werden juist slaapdronken wakker en het duurde even voordat ze bijkwamen. Nu werd het onderzoek onder slechts vijftig personen gedaan en werd er maar eenmalig getest, dus heel harde bewijzen levert het natuurlijk niet op.

Tip! Word je liever niet wakker met een liedje in je hoofd dan zijn er ook apps die je helpen fijn wakker te worden met rustige geluiden. Sunrise en Sleep cycle bijvoorbeeld.

"Good vibrations van de Beach Boys is een uitstekend nummer om mee wakker te worden."

- Adrian Dyer, onderzoeker aan de RMIT University in Australië

©Philips

Een wake up-light is de bekendste manier om rustig wakker te worden.

Geleidelijk wakker worden

Wakker worden door een wekker zorgt altijd voor een stressreactie, al heeft dat verder weinig negatieve gevolgen voor je lichaam. Volgens wetenschapper Marijke Gordijn, gespecialiseerd in humane chronobiologie en slaap, blijkt uit verschillende onderzoeken dat mensen die geleidelijk wakker worden beter functioneren overdag. Bovendien zijn deze mensen gedurende de dag in een betere stemming. Een wake up-light is de bekendste manier van rustig aan wakker worden. Doordat het licht geleidelijk aan feller wordt, weet je lichaam dat het tijd wordt om wakker te worden.

Snoozen of niet?

Nog één keertje snoozen en dan ga ik er echt uit. Ook voor jou een heel bekende gedachte? Probeer het opstaan volgende keer toch anders aan te pakken. Snoozers zetten hun wekker namelijk meestal een half uur vroeger zodat ze nog even lekker een aantal keer die snoozeknop kunnen indrukken, maar het is veel beter om de wekker gewoon op de normale tijd te zetten. Zo pak je meer slaap en krijgt je lichaam voldoende tijd om de laatste slaapfase te voltooien. Als je steeds snoozet, dan beland je lichaam iedere keer weer in een korte slaap van negen minuten en word je alleen maar vermoeider wakker.

Het populairwetenschappelijke platform Quest legt het je graag nog even op een simpele manier uit:

Watch on YouTube

Quest legt het je graag nog even op een simpele manier uit.

Conclusie

We vatten de belangrijkste aanbevelingen nog even voor je samen.

🛌 Goed slapen doe je door:

• Op tijd naar bed te gaan
• Voor het slapen gaan geen of weinig koffie of alcohol drinken
• Te zorgen voor voldoende frisse lucht in je slaapkamer
• Niet uitgebreid op je smartphone kijken vlak voor het slapengaan


🌅 Uitgerust wakker worden doe je door:

• Liever voor een melodieus wekkergeluid te kiezen dan voor een keiharde piep
• Een wake up-light te gebruiken
• Juist níet te snoozen

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.