ID.nl logo
De voor- en nadelen van de warmtepomp
Energie

De voor- en nadelen van de warmtepomp

De isolatie van je huis bijvoorbeeld, of je budget. Een warmtepomp waarmee in het ene huis veel bespaard kan worden, kan in een ander huis veel minder winst opleveren. Dat komt omdat veel factoren een rol spelen: hoe goed je huis geïsoleerd is bijvoorbeeld, of je budget. Om te weten of een warmtepomp iets voor jou is, moet je de belangrijkste voor- en nadelen kennen. Die hebben we hier voor jou op een rij gezet.

Pluspunten

+ Lagere gebruikskosten
In vergelijking met verwarmingssystemen die werken op basis van verbranding, zijn warmtepompen goedkoper in verbruik. Voor elke kWh elektriciteit die je verbruikt met een warmtepomp krijg je 4 kWh terug. Of als je het in portemonnee-termen vertaalt:  voor elke euro die je betaalt, krijg je 4 euro aan energie in de plaats. Hoe energiezuiniger het systeem, hoe groter de besparing is. Met een hybride warmtepomp bespaar je gemiddeld 300 euro per jaar, met een lucht-water warmtepomp jaarlijks minstens 500 euro en de besparing met een bodem-watersysteem bedraagt tussen de 800 en 1000 euro per jaar rekenen. Deze cijfers zijn gebaseerd op prijsniveau juli 2022. 

+ Minder onderhoud
Eén keer per jaar moet je bepaalde details van het systeem controleren. Dat kun je gemakkelijk zelf doen. Warmtepompen hebben nu eenmaal minder onderhoud nodig dan verwarmingssystemen met een brander. In de meeste gevallen volstaat het om het systeem om de drie of vijf jaar door een technicus te laten nakijken. 

+ Veiliger
Een warmtepomp is veiliger dan een systeem dat gebaseerd is op verbranding. Ze zijn veilig te bedienen omdat ze afhankelijk zijn van elektriciteit en niets verbranden. Dit argument geldt uiteraard niet voor de hybride-opstelling. Er is ook geen opslagtank voor stookolie nodig en bij een full-electric systeem is zelfs de schoorsteen overbodig. 

+ Minder uitstoot
Een warmtepomp vermindert de CO2-uitstoot en zet energie efficiënt om in warmte. Met een warmtepomp bespaar je 25 tot 55 procent op je CO2-uitstoot voor verwarming en warm water.

De warmtepomp zorgt voor minder CO2-uitstoot.

+ Ook koeling
Tijdens de warme periodes kunnen warmtepompen het proces van hun werking omkeren. In combinatie met vloerverwarming zorgen ze voor een koele vloer. Lucht-luchtwarmtepompen kunnen in de zomer omschakelen zodat ze als een airco werken. De keerzijde van de airco-modus is dat die na een paar weken al gauw een paar honderd kilowattuur meer stroom verbruikt. 

+ Levensduur
De levensduur van warmtepompen is relatief lang. De gemiddelde levensduur ligt ergens rond 15 jaar, maar bijvoorbeeld bodem-watersystemen gaan gerust 35 jaar mee. 

+ Subsidiemogelijkheden
Je kunt subsidie aanvragen voor het aanschaffen van een warmtepomp. Hiermee wordt dus een deel van de aanschafkosten vergoed. Alle voorwaarden en het stappenplan om de subsidie aan te vragen vind je op de website van Milieu Centraal. Voor een hybride warmtepomp op buitenlucht ontvang je tussen de 1.950 en 3.000 euro subsidie. Voor een volledige lucht-water-warmtepomp varieert het subsidiebedrag tussen 1.950 tot 3.750 euro. Voor een dure bodem-waterwarmtepomp start het subsidiebedrag bij 3.750 euro en dit loopt op tot 5.100 euro. Dit zijn de bedragen zoals ze in augustus 2022 van kracht waren.

Weten welke warmtepomp bij jou past?

Doe de check op Kieskeurig.nl en je weet het binnen 5 minuten!

Minpunten

- Kostprijs
Veel mensen slikken wanneer ze de prijs van de warmtepomp horen. Het blijft een stevige investering die je pas op lange termijn terugverdient. Net als bij zonnepanelen moet je argwanend zijn tegenover verkopers die een snelle terugverdientijd beloven. De prijs van een warmtepomp ligt hoger dan die van een traditionele cv-ketel. Een kwalitatieve lucht-waterwarmtepomp kost ongeveer 12.000 euro. Tel daarbij nog 4.000 euro aan plaatsingskosten. Dan mag je erop rekenen dat alles na dertien jaar is terugverdiend. Voor een bodem-waterwarmtepomp betaal je 17.000 euro en nog eens 8.000 euro voor de plaatsing. Daar ligt de terugverdientijd op veertien jaar. Een hybride warmtepomp kost ongeveer 7.000 euro en daar mag je 2.000 euro plaatsingskosten bij optellen. Die heb je na zeven jaar terugverdiend. De prijs is afhankelijk van de kwaliteit (lees merk). Ook geldt: hoe groter het vermogen van de warmtepomp, hoe duurder het toestel. Deze cijfers zijn gebaseerd op prijsniveau juli 2022. Als de energieprijzen nog verder gaan stijgen, zal de terugverdientijd dus korter worden. 

- Niet helemaal C02-neutraal
Warmtepompen zijn voor hun werking afhankelijk van elektriciteit en zolang die geproduceerd wordt door centrales die zelf niet CO2-neutraal zijn, wordt het probleem van stikstof-emissie verlegd. Een warmtepomp verbruikt weliswaar geen gas, maar wel veel meer elektriciteit. Om de elektriciteit te produceren die nodig is voor een warmtepomp verbruikt een thermische centrale 2,5 tot 3 keer zoveel fossiele brandstof. Gelukkig wordt er ieder jaar meer elektriciteit opgewekt met hernieuwbare energiebronnen zoals zonne-energie en windenergie. 

- Vergunning
Voor een lucht-waterinstallatie heb je geen vergunning nodig, maar als je een bodem-waterwarmtepomp op het oog hebt, is dat wel het geval. 

- Duurzaamheid koelvloeistof
Het koudemiddel is de vloeistof in het gesloten circuit van de warmtepomp die zorgt dat de installatie warmte uit de omgeving kan halen om die daarna af te geven in de woning. Er wordt wel eens gezegd dat de koelvloeistof van de warmtepomp schadelijk is voor het milieu. Dat klopt: koudemiddelen worden meestal gemaakt uit fluorkoolwaterstoffen (zogeheten HFK’s). Dit zijn zeer zware broeikasgassen en veel sterker dan CO2. Vandaag wordt voornamelijk het koudemiddel R-32 gebruikt dat veel milieuvriendelijker is. Toch ligt bij de Europese Commissie het voorstel op tafel om vanaf 2027 veel koudemiddelen te verbannen, R-32 inclusief. De fabrikanten zullen ongetwijfeld met een alternatief komen. 

- Tegenvallend rendement
Het belangrijkste minpunt dat de ronde doet, treft de warmtepomp in zijn bestaansreden: tegenvallend rendement. In een Tros Radar-uitzending van enkele jaren geleden zagen we dat een vijfde van de ruim 1.100 deelnemers die een warmtepomp hadden geïnstalleerd klaagden dat ze hun woning niet warm kregen. En bij 17% viel de energierekening niet lager, maar juist hóger uit na installatie van de warmtepomp. Terwijl de kostenbesparing net de belangrijkste reden was waarom ze hadden gekozen voor de warmtepomp.

De oorzaak van dit probleem bleek in de meeste gevallen te liggen in het feit dat de woningen niet of onvoldoende waren geïsoleerd en dat men niet beschikte over vloerverwarming. Een warmtepomp plaats je eenmaal niet zonder dat de woning aan de vereisten voldoet. Meer over die vereisten lees je in ons kennisartikel ‘Is mijn huis geschikt voor een warmtepomp?’. Doordat de installatie zo duur is, gaan veel gebruikers voor de goedkope typen en ook daar is de kans groot dat het rendement tegenvalt of dat je last krijgt van geluidsoverlast. Bij de kwaliteitsmerken is er zelden sprake van tegenvallend rendement of geluidsoverlast.

Zonder afdoende te isoleren en zonder een lage temperatuursysteem wordt de warmtepomp een teleurstelling.

- Toch gas nodig bij hybride pomp
Een nadeel van hybride systemen is dat er nog steeds gas wordt gebruikt. De hybride wordt als een overgangsoplossing gezien. De investering in een hybride warmtepomp is nu wel degelijk rendabel, maar over tien, vijftien jaar ziet de situatie er misschien helemaal anders uit. Misschien is het verstandiger om meteen te investeren in de toekomst en toch voor een full-electric systeem te gaan. 

- Dalend rendement bij koud weer
Het klopt dat de prestatiecoëfficiënt van de warmtepomp afneemt bij koud weer. Bij een buitentemperatuur tussen +2°C en -7°C zal het stroomverbruik zelfs verdubbelen. En onder -20°C werkt een goedkope warmtepomp die zijn energie uit de lucht haalt niet. De meest efficiënt warmtepompen kunnen zelfs temperaturen aan tot -30°C. 

- Geluidsoverlast
Vooral bij lucht-waterwarmtepompen kun je aan de buiten-unit een licht zoemend geluid horen. De bodem-waterwarmtepomp die vooral bedoeld is voor nieuwbouwprojecten staat binnen en maakt minder geluid dan een koelkast: 28 dB (A). Die zijn, zeg maar fluisterstil. 

- Energieneutraal is een illusie
Een veelgehoord advies is om de warmtepomp te combineren met zonnepanelen. Op die manier kan de duurzame stroom rechtstreeks voor de warmtepomp worden gebruikt. Helaas komt in hartje winter slechts 13% van de stroom uit de zonnepanelen, terwijl de warmtepomp tijdens die maanden de stroom nodig heeft. Deze combinatie is dus niet energieneutraal. In de praktijk zullen in de winter gas-, kolen- en kernenergiecentrales nodig blijven om stroom op te wekken voor de warmtepomp.

Zonnepanelen leveren de meeste stroom als de warmtepomp die niet nodig heeft.

Weten welke warmtepomp geschikt is voor jouw huis?

Vul de Warmtepompvergelijker in op Kieskeurig.nl en je weet het meteen
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.