ID.nl logo
⚡ Thuisaccu's: de weg naar een energieonafhankelijke toekomst?
© ER - ID.nl
Energie

⚡ Thuisaccu's: de weg naar een energieonafhankelijke toekomst?

Energieonafhankelijk zijn is een doel dat we anno nu maar wat graag nastreven. Het vermogen om je eigen stroom op te wekken én te gebruiken wanneer je het nodig hebt: het is niet alleen een bevredigend idee, maar kan ook bijdragen aan een duurzamere toekomst. Een van de manieren om dat te bereiken is het gebruik van thuisaccu's. Maar wat zijn dat eigenlijk, en zijn deze accu's dan de toekomst?

In dit artikel zoeken we uit wat thuisaccu's zijn, hoe ze werken en hoe ze kunnen bijdragen aan een energieonafhankelijke toekomst. In het kort:

= Wat is een thuisaccu? = De voordelen van een thuisaccu = Welke soorten thuisaccu's zijn er? = Kost dat nou? = Tips als je een thuisaccu wilt aanschaffen = Installatie: zelf doen of liever niet?

Ook lezen: Welke invloed hebben zonnepanelen op het energielabel van je huis?

Een thuisaccu, ook wel een thuisbatterij genoemd, is in feite een grote oplaadbare batterij die je in staat stelt om de energie die je opwekt op te slaan voor later gebruik. Dat kan erg nuttig zijn als je zonnepanelen hebt, omdat je energie opwekt als de zon schijnt. Maar je hebt op die momenten misschien niet altijd direct energie nodig. Met een thuisaccu kun je deze energie opslaan en gebruiken wanneer je het nodig hebt, bijvoorbeeld 's nachts of op bewolkte dagen.

☀ Overweeg je zonnepanelen?

Bekijk hier wat de beste oplossing is voor jouw woning!

Een thuisaccu werkt dus door de energie op te slaan die je zonnepanelen opwekken. Als je meer energie opwekt dan je verbruikt, wordt deze energie naar de thuisaccu gestuurd. Als de accu vol is, gaat de overtollige energie alsnog naar het elektriciteitsnet. Als je energie verbruikt en je zonnepanelen geen energie opwekken (bijvoorbeeld 's nachts), verbruik je eerst de energie uit je thuisaccu. Als deze leeg is, neem je automatisch stroom af van het elektriciteitsnet. Dat is in een notendop de werking van een thuisaccu.

©VisualProduction

Stroom opslaan in plaats van teruggeven aan het net? Dat kan met een thuisaccu.

De voordelen van een thuisaccu

Er zijn verschillende voordelen verbonden aan het hebben van een thuisaccu. Allereerst kan het je helpen om meer van je eigen zonnestroom te verbruiken. Gemiddeld verbruik je ongeveer 30 procent van de energie die je zonnepanelen opwekken. Met een thuisaccu kan dat oplopen tot meer dan 60 procent. Dat betekent dat je minder afhankelijk bent van het elektriciteitsnet en dus meer energieonafhankelijkheid hebt.

Ook lezen: Van slimme meter tot dynamisch energiecontract: zo benut je je zonnepanelen optimaal

Ten tweede kan een thuisaccu helpen om het elektriciteitsnet te ontlasten. Door minder energie aan het net te leveren, verminder je de belasting van het net, wat kan helpen om bijvoorbeeld stroomstoringen te voorkomen.

Tot slot kan een thuisaccu je helpen om energiekosten te besparen. Hoewel de aanschaf van een thuisaccu even slikken is, kan zo'n apparaat je op de lange termijn geld besparen door je energierekening te verlagen. Dat is vooral het geval als de prijzen voor elektriciteit blijven stijgen.

Soorten thuisaccu's

Er zijn verschillende soorten thuisaccu's beschikbaar, elk met hun eigen voor- en nadelen.

  • Lithium-ion-accu: Dit is de meest voorkomende soort thuisaccu. Ze zijn licht en compact, hebben een hoge opslagcapaciteit en een lange levensduur. Het nadeel is dat ze duurder zijn dan andere soorten accu's.

  • Zoutwater-accu: Deze accu's zijn milieuvriendelijker omdat ze geen zware metalen, giftige of zeldzame stoffen bevatten. Ze hebben echter een lager piekvermogen en laden langzamer op dan lithium-ion-accu's.

  • Loodzuur-accu: Deze accu's zijn goedkoper dan andere soorten accu's en kunnen een hoge stroomsterkte aan. Ze hebben echter een kortere levensduur en zijn zwaarder dan andere soorten accu's.

Thuisaccu's en het milieu Hoewel thuisaccu's kunnen bijdragen aan energieonafhankelijkheid en mogelijk financiële besparingen, hebben ze ook een impact op het milieu. De productie van thuisaccu's vereist immers een hoop energie en niet altijd even frisse grondstoffen, wat bijdraagt aan klimaatverandering en vervuiling. Bovendien zijn sommige grondstoffen, zoals lithium, behoorlijk schaars en kunnen ze leiden tot conflicten in mijngebieden.

Er zijn echter ook milieuvriendelijkere alternatieven voor thuisaccu's, zoals zoutwaterbatterijen. Daarnaast zijn er ook collectieve technieken voor energieopslag, zoals buurtbatterijen, die het milieu minder belasten.

©sizsus

Zelf energie opwekken en opslaan voor wanneer jij het nodig hebt.

De kosten van een thuisaccu

De kosten voor een thuisaccu kunnen enorm variëren en zijn volledig afhankelijk van het type en de grootte van de accu. Gemiddeld betaal je tussen de 800 en 1000 euro per kWh aan capaciteit, waardoor een thuisaccu van 6 kWh je tussen de 4.000 en 6.000 zal gaan kosten (exclusief btw, inclusief installatiekosten). Onthoud dus dat de initiële kosten hoog kunnen zijn en de besparingen op je energierekening kunnen deze kosten pas op de lange termijn weer compenseren. Afhankelijk van je energieverbruik en de prijs van elektriciteit, duurt dat zomaar 10 tot 15 jaar. Dat is best een lange tijd dus.

Bovendien zijn er in Nederland geen subsidies gangbaar als het gaat om de aanschaf van een thuisaccu, maar misschien dat die er met de tijd nog komen. Naarmate de technologie verbetert en meer mainstream wordt, zullen de prijzen van thuisaccu's naar verwachting dalen. Bovendien neemt de capaciteit van thuisaccu's ongetwijfeld toe, waardoor ze efficiënter worden in het opslaan en leveren van energie.

Ook lezen: Wat is de terugverdientijd van zonnepanelen?

Geen zonnepanelen? Hoewel thuisaccu's vaak worden geassocieerd met zonnepanelen, kunnen ze ook nuttig zijn voor huishoudens zonder zonnepanelen. Een thuisaccu kan energie opslaan tijdens daluren, wanneer de energieprijzen vaak lager zijn. Je geeft deze energie vervolgens vrij tijdens piekuren, wanneer de energieprijzen juist hoger zijn. Dat kan leiden tot een besparing op je energierekening.

Daarnaast kan een thuisaccu dienen als een noodstroomvoorziening. In het geval van een stroomstoring kan de accu energie leveren aan je huis, waardoor je verlichting en essentiële apparaten kunnen blijven werken.

Tips bij de keuze voor een thuisaccu

Ben je toch overtuigd en wil je zo onafhankelijk mogelijk bezig zijn? Houd bij het kiezen van een thuisaccu dan met een aantal zaken rekening. We hebben in elk geval een drietal tips:

  • Stem de capaciteit van je thuisaccu af op je energieverbruik en de productie van je zonnepanelen. Een te grote accu kan onnodig duur zijn, terwijl een te kleine accu niet voldoende energie kan opslaan voor je behoeften.

  • De levensduur van een accu wordt bepaald door het aantal laadcycli dat hij kan ondergaan. Een accu met te weinig laadcycli kan snel verslijten en moet dan worden vervangen, en dat is een dure grap. Dan kun je beter investeren in een duurder, maar beter exemplaar dat langer meegaat.

  • In navolging op het vorige punt: kies voor een betrouwbaar merk dat bekendstaat om de kwaliteit van zijn producten. Goedkope, onbekende merken kunnen minder betrouwbaar zijn en op de lange termijn juist méér kosten door onderhoud en vervanging.

Alternatieven voor thuisaccu's Naast heb gebruik van thuisaccu's zijn er ook andere manieren om je energieonafhankelijkheid te vergroten en je energierekening juist de kop in te drukken. Een van deze manieren is door je energieverbruik af te stemmen op je energieproductie. Dat betekent dat je de echte energieslurpers, zoals je wasmachine of vaatwasser, alleen gebruikt wanneer je zonnepanelen energie opwekken.

Een andere manier is door gebruik te maken van een elektrische auto. De accu van een elektrische auto kan worden ingezet om zonne-energie op te slaan en later te gebruiken, wat een efficiëntere oplossing kan zijn dan een thuisaccu. De accucapaciteit van je EV is zomaar tien keer zo groot als die van de gemiddelde thuisaccu, dus als je zo'n auto thuis hebt staan, is dat sowieso de slimmere keuze.

©slavun - stock.adobe.com

Je kunt een elektrische auto ook inzetten als energieopslag.

De installatie van een thuisaccu

Het installeren van een thuisaccu is een taak die je het best kan overlaten aan een professional. Hoewel het technisch mogelijk is om zelf aan de slag te gaan, vereist het proces een serieuze kennis van elektrische systemen, en kan het gevaarlijk zijn als het niet correct wordt uitgevoerd.

Het installatieproces begint met een beoordeling van je huis en je energiebehoeften. De installateur kijkt naar je huidige energieverbruik, de productie van je zonnepanelen (als je die hebt), en de ruimte die beschikbaar is voor de installatie van de accu. Op basis van deze informatie zal de installateur een accu aanbevelen die bij jouw behoeften past.

De installatie zelf omvat het fysiek plaatsen van de accu en eventueel een omvormer, het aansluiten van de accu op je elektriciteitssysteem en het instellen van de accu om optimaal samen te werken met je zonnepanelen. Dat kan enkele uren tot een hele dag in beslag nemen, afhankelijk van de complexiteit van de installatie.

Na de installatie zal de installateur je uitleggen hoe je de accu kunt gebruiken en onderhouden. Dat omvat het monitoren van de prestaties van de accu, het regelmatig controleren van de accu op problemen en het weten wanneer en hoe de accu moet worden opgeladen en ontladen.

Vraag een offerte aan voor thuisbatterij:

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.