ID.nl logo
Huis

Wat kun je als drone-eigenaar verwachten in 2019?

“Mag dat? Nee, natuurlijk mag dat niet! Blijf met uw drone minimaal 50 meter weg van een mensenmenigte! Veilig vliegen met drones, daar horen regels bij.” Al in 2016 kwam de Rijksoverheid met de radiospot over het vliegen met drones en de bijbehorende drone regels, maar in 2019 gaan er pas echt grote dingen veranderen voor drone-eigenaren.

Drones zitten in het verdomhoekje. Wanneer we spreken over de onbemande luchtvaartuigen, worden er al gauw de mogelijke veiligheidsproblemen bijgehaald. Of men heeft het over Amazon en wanneer die pakjes toch eens in Nederland via drone kunnen worden bezorgd en dat de ontwikkeling zo lang duurt. Gedeeltelijk komt dat door de aanwezigheid van regels, al kunnen die nu nog per land flink verschillen.

Nederlandse regelgeving

Er zijn wel regels voor het gebruik van drones, genaamd de 'regeling modelvliegen'. Hierin staat bijvoorbeeld dat je niet hoger mag vliegen dan 120 meter, dat je op minstens 3 kilometer afstand moet blijven van kleine vliegvelden en niet minder dan 15 kilometer van Schiphol en Eindhoven Airport. Je mag niet boven menigten, aaneengesloten bebouwing, havens, wegen en industriegebieden vliegen. Je moet je drone altijd in het zicht hebben en altijd voorrang geven aan ander laagvliegend verkeer. En uiteraard mag je alleen beelden maken voor persoonlijk gebruik, waarbij de privacy van anderen niet in het geding mag zijn.

De Nederlandse regels zijn - zeker voor hobbygebruik - duidelijk. Hoewel we al jaren drones gebruiken voor het maken van video’s en ander persoonlijk gebruik, is er nog opvallend weinig Europese regelgeving voor het gebruik van deze onbemande luchtvaartuigen. Op zich is dat fijn, maar dat zal niet lang zo blijven. Halverwege 2019 worden er strengere regels vanuit Europa verwacht, om de veiligheid en privacy te waarborgen. Tussen april en juni zullen de regels ingaan van het Europees Agentschap voor de veiligheid van de luchtvaart (EASA). Dit is voor het eerst dat er echt Europese regels zijn, want vooralsnog heeft elk land zijn eigen regels.

©PXimport

Een van die regels is een chip. Alle drones moeten straks van een chip worden voorzien, waardoor ze niet in de buurt van vliegvelden kunnen vliegen. Het is op de website van Schiphol nu ook al duidelijk te lezen: “Verboden terrein”. Drones brengen het luchtverkeer in gevaar en je mag er momenteel dan ook alleen mee vliegen in luchtruimcategorie G: het vrije deel van het luchtruim. Zie ook de overzichtskaart vliegen met drones van de Rijksoverheid voor plekken waar recreatief vliegen met drones is geaccepteerd.

Een verplicht vliegbewijs

Naast een chip wordt er ook de benodigdheid van een brevet verwacht in Europese wetgeving. Zie het als een vaarbewijs dat geldt voor hobbyvaarders, waarbij deze geldt voor hobbyvliegers. Het is nog onbekend wat dat dan zoal inhoudt qua examen of kosten, maar de kans is groot dat dit vereiste er wel komt.

Het lijkt alsof alle regels drones moeten gaan tegenhouden, maar niets is minder waar. Minister Cora van Nieuwenhuizen (Infrastructuur en Waterstaat) wil op sommige plekken juist wat minder regels om zo innovatieve toepassingen van drones aan te jagen. Ze wil testlocaties in het leven roepen om bijvoorbeeld te kijken hoe drones kunnen helpen bij dijkbewaking, verkeersmanagement en zelfs het bezorgen van medicijnen. Zo’n testlocatie is overigens niet per se nieuw: rondom vliegvelden en testcentra in Enschede, Groningen, Marknesse, Valkenburg en Woensdrecht zijn innovatiecentra gemaakt onder de paraplu van het Dutch Drone Platform. Hier wordt geprobeerd meer grip te krijgen op de mogelijkheden van drones, maar uiteraard ook de gevaren.

©PXimport

De overheid kan namelijk ook erg veel baat hebben bij het gebruik van drones, zij het op een professionele wijze. Denk bijvoorbeeld aan de brandweer die vlak boven een brand vliegt om beter in kaart te krijgen wat er gebeurt, de politie die drugspanden of misdrijven beter kan opsporen door met een drone boven de plaats delict te vliegen en beveiligers die de menigte tijdens een evenement beter in de gaten kan houden door drones in te zetten. Er zijn uiteraard ontheffingen, om het politie, brandweer en beveiliging makkelijker te maken. Maar nog niet alles kan.

Een van de problemen waarmee drones kampen, dat is het geluid ervan. Hoewel drones in de basis perfect zijn om stiekem boven mensen te vliegen en ze te filmen, verraden ze zichzelf altijd door hun geluid. Het zoemende geluid van de propellers is erg aanwezig en hoewel dat in het zojuist genoemde geval zeer prettig is, kan dat tegelijkertijd een zeer gewenste ontwikkeling als pakketjes bezorgen tegenhouden. Hoewel regels waarschijnlijk voelen als iets dat drones juist zullen tegenhouden, wordt 2019 hopelijk het jaar dat dankzij regels (en vooral: duidelijkheid) juist meer mogelijk maakt voor de onbemande luchtvaartuigen.

▼ Volgende artikel
Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard
Huis

Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard

Het Zuid-Koreaanse zou een shooter gebaseerd op Starcraft in ontwikkeling hebben voor IP-eigenaar Blizzard.

Dat claimt The Korean Economic Daily. Een team binnen Nexon dat gespecialiseerd is in shooters zou zich op dit moment volledig richten op de nog onaangekondigde game. De ontwikkeling zou nog niet lang geleden zijn gestart, en dus zou de shooter nog lang op zich laten wachten.

Verdere details zijn er nog niet, behalve dat Choi Jun-ho ook bij het project betrokken zou zijn. Hij maakte eerder de populaire Shinppu-mapmod voor Starcraft.

Starcraft

Er gaan al langer geruchten over een shooter gebaseerd op Starcraft. Vorig jaar meldde Bloomberg-journalist Jason Schreier al in zijn boek 'Play Nice: The Rise, Fall and Future of Blizzard Entertainment' dat Blizzard aan een shooter zou werken. Volgens Schreier is de shooter van Nexon echter niet gerelateerd aan de shooter van Blizzard - het zouden om twee afzonderlijke projecten gaan.

De Starcraft-reeks bestaat uit real-time strategygames. De eerste verscheen in 1998, en een vervolg kwam in 2010 uit. Blizzard heeft al vaker geprobeerd shooters gebaseerd op de Starcraft-franchise te maken, maar die werden vooralsnog altijd geannuleerd.

Mogelijke onthulling op Blizzcon

Voor het eerst in enkele jaren organiseert Blizzard op 12 en 13 december de Amerikaanse beurs Blizzcon, waar alles rondom de uitgever wordt gevierd. Het is mogelijk dat één van de hierboven genoemde shooters daar wordt onthuld.

▼ Volgende artikel
Review: Mario Tennis Fever is een leuke set
Huis

Review: Mario Tennis Fever is een leuke set

Je vraagt je bij elke Mario-sportgame toch weer af: bereikt het de highs van die oeroude Game Boy-games van Camelot, zoals Mario Tennis en Mario Golf)? Het antwoord is, wat mij betreft, steevast  ‘nee’. Maar tussen ‘perfect’ en ‘niet perfect’ zit nog altijd een breed spectrum aan kwaliteit. En Fever? Die nestelt zich moeiteloos aan de betere kant van dat spectrum.

De drie toernooien die deze game rijk is, daar ben je een uurtje zoet mee. Waarschijnlijk zonder een set te verliezen. De Adventure Mode? Een paar uurtjes meer dan dat, en hoewel ook die nergens uitdagend wordt vertelt het wel een vermakelijk verhaal over Mario en Luigi die als baby’s hun tennis-skills moeten oppoetsen vanwege… bijzondere redenen.

Er zijn ook drie Challenge Towers met allerlei unieke uitdagingen die eventjes vermaken. In mix-up vinden we tennis, maar dan met regels en omstandigheden die alleen het Mushroom Kingdom kan bieden, en dat was het wel zo’n beetje. Wie Mario Tennis Fever alleen speelt is een weekend zoet en heeft zich prima vermaakt. Maar sportgames zijn er, natuurlijk, om je competitieve aard los te laten op vrienden, familie, kroost of online uitdagers.

Leuk

Daarom wil ik het ook niet al te uitgebreid over die singleplayermodi hebben. Ja, Nintendo heeft z’n best gedaan. Ja, er is weinig aan te merken op de minigames en kleine tussenscènes die de Tennis Academy te bieden heeft en de ontwikkelaars verdienen het dat het hier even aangestipt wordt. Nooit sla je stijl achterover van briljante ideeën of concepten, en er wordt geen druppeltje zweet gemorst van de spanning. Maar ‘leuk’ is eigenlijk een perfect, allesomvattend begrip om deze kant van de game te omschrijven.

De echte graadmeter echter, is de kern van de gameplay. Hoe speelt het? Hoe diep gaat het? Hoeveel personages, gekke rackets en super-power-mega-skillmoves zijn er in dit pakketje gepropt en hoe verhouden die zich tot elkaar? Na mening middag ballen overslaan of in dubbelspel terugslaan met mijn zoontje van 9, zijn we eruit: Mario Tennis Fever heeft ontzettend lekkere gameplay.

Content is king

Content is in de eerste instantie de name of the game. Er zitten bijna veertig personages in de game, meer dan een dozijn verschillende banen en de hoofdattractie is de aanwezigheid van tientallen Fever-rackets, die elk hun eigen unieke skill met zich meebrengen. De bananentros die Donkey Kong een ‘racket’ noemt strooit bananen over de baan, met het vulkaanracket plopt er een (je raadt het nooit) vulkaan op uit de baan en het Thwomb-racket zorgt ervoor dat het iconische stenen blok uit de Mario-serie plots uit de lucht valt – hopelijk op een tegenstander. Een zogeheten Fever-shot is verder ook geen hogere wiskunde. Om de zoveel tijd is je metertje vol en ram je dat ding over de baan heen.

Extra fijn is dat het gros van dit alles vrij te spelen is waar je maar wil. Laat je de singleplayermodi links liggen en speel je gewoon wat potjes tegen elkaar? Geen probleem, om de zoveel potten krijg je een nieuw racket, personage, of kleurtjes voor je favoriete tennissers.  

Watch on YouTube

Plak er een voldoende op

Enfin, tot zover de uitleg en alles wat hier te vinden is. Leuk spelletje, plak er een voldoende op en klaar, toch? Nou nee, want hoewel alles hierboven zijn eigen rol speelt, zijn het de diepere lagen daaronder die Mario Tennis  Fever tot grotere hoogten dan ‘plak er even een voldoende op’ stuwen. Al die personages? Die beschikken over hun eigen stats en eigenaardigheden. Wario laadt z’n powershots razendsnel op, Bowser Jr. legt veel meer precisie in z’n topspincurve dan anderen en Shy Guy slaat zijn topspins zonder gehinderd te worden door zijn positie op de baan.

En die banen? Die hebben elk hun eigen ondergrond, waar ballen anders op stuiteren en doorschieten, terwijl spelers zelf ook sneller of minder snel zijn, gebaseerd op het gras of het hardcourt waar ze op spelen. Die Fever-rackets? Oprecht allemaal een andere smaak. Ook daar merk dat extra stukje diepgang waar een wat luiere Mario-sportgame niet aan zou denken: wanneer je een Fever-shot terugslaat vóórdat op jouw zijde van het net landt, kun je met een stuit op de helft van de tegenstander zomaar eens het bijbehorende effect teruggeven. Prettig vervelend als je denkt die koter een modderplas op zijn helft te bezorgen, om ‘m vervolgens zelf om je oren te krijgen als hij de bal vakkundig over je heen lobt en ‘ie alsnog op jouw achterveld terecht komt. Een (modder)koekje van eigen deeg noemen ze dat geloof ik.

Mario Tennis Fever

Slide
Slide
Slide
Slide

Geen Lego, wel Duplo

Al die extra aandachtspuntjes en omstandigheden zijn ook nog eens gebouwd op een fundering van onkreukbare basisgameplay. Topspins, slices, curveballen, lobs en powershots: alles wat je van een tennisgame mag verwachten zit erin. De grote maar is alleen: het gebeurt allemaal zonder de nuance van een échte topgame. Vergelijk het een beetje met Lego en Duplo. Zelfde principe, zelfde soort blokken, maar iets vets bouwen met Lego hit net even anders dan iets vets bouwen met die grote Duplo-blokken. Zo verhoudt deze game zich ook tot de toppers uit het tennisgenre, zoals Virtua Tennis en Topspin. Is veelgevraagd, ik weet het, maar het is wel het verschil tussen goed of geweldig. En Mario Tennis Fever eindigt in het eerste kamp.

Is mijn zoontje naar school, dan heb ik namelijk geen enkele reden om Mario Tennis Fever verder te spelen. Zoals gezegd is al die singleplayercontent niet meer dan ‘even leuk’. En computergestuurde tegenstanders geven zelfs op het hoogste niveau nooit écht tegengas. Bovendien zijn de personages net te groot voor deze banen om het volgende niveau van verfijning te bereiken. Top, zo’n lob. Maar vanwege de dus relatief kleine banen blijft het geen zekerheidje dat je iemand ermee verschalkt die tegen het net aan staat. Aanzienlijke kans dat ie gewoon op tijd de achterlijn haalt, als ie ook maar een klein beetje inzicht heeft. Het zorgt ervoor dat Mario Tennis Fever een absoluut geslaagde game is, met heerlijke multiplayer. Maar wie de eindeloze diepgang en speeluren van, bijvoorbeeld, een Mario Kart World hier zoekt, staat sneller dan gewenst buitenspel. Oh wacht, verkeerd sport…

Mario Tennis Fever is vanaf 11 februari beschikbaar voor Nintendo Switch 2.

Goed
Conclusie

Mario Tennis Fever barst van de content. De vele personages, banen en rackets geven unieke, diepere lagen aan de gameplay en multiplayerpotjes gaan met grote glimlach en een berg vertier gespeeld worden. Jammer voor de wat volwassenere spelers dat die volgende laag diepgang nét niet geraakt wordt. Daarvoor is het singleplayeraanbod niet genoeg, de tegenstanders niet uitdagend genoeg en ontbreekt er hier en daar net wat finesse. Maar ga zo door, Nintendo. Mario Tennis Fever zit namelijk wél in de richting van die tijdloze Camelot-klassiekers waar we zo naar hunkeren.

Plus- en minpunten
  • Flinke hoeveelheid content en modi
  • Sterke basisgameplay
  • Uiteenlopende Fever-rackets
  • Nog altijd sterke multiplayer
  • Daagt je nooit écht uit
  • Diepgang niet eindeloos