ID.nl logo
UEFI-problemen oplossen doe je zo
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

UEFI-problemen oplossen doe je zo

Tenzij je pc al flink wat jaren oud is, is de kans groot dat het om een uefi-systeem gaat. UEFI is de opvolger van het klassieke BIOS dat lange tijd de standaardinterface was tussen het besturingssysteem en de eigenlijke systeemfirmware. UEFI heeft onmiskenbaar voordelen, maar de voorwaarden zijn behoorlijk streng en kunnen een succesvolle opstart zomaar in de weg zitten. We bekijken enkele typische opstartproblemen en bieden een uitweg.

Het BIOS oftewel basic input output system zorgt ervoor dat je pc kan opstarten, nog voor het besturingssysteem aan de beurt is. Het BIOS voert eerst een ‘post’ (power-on self test) uit en initialiseert cruciale hardwarecomponenten. Daarna zoekt het op de opslagmedia naar een besturingssysteem, of eigenlijk naar de mbr (master boot record), een sector aan het begin van de schijf. Die bevat informatie over het bestandssysteem en activeert uiteindelijk de bootloader, waarna het besturingssysteem opstart.

Bij opvolger UEFI (unified extensible firmware interface) loopt dat niet wezenlijk anders. Dat maakt dat men beide termen weleens door elkaar gebruikt of dat men het simpelweg over ‘UEFI-BIOS’ heeft. Toch biedt de UEFI enkele duidelijke voordelen. De configuratie-omgeving kan grafisch zijn, opstartschijven kunnen meer dan 2,2 TB bevatten, het opstartproces verloopt net iets sneller en vooral veiliger, mede dankzij ‘secure boot’. Deze functie zoekt naar een digitale handtekening in de bootloader van een besturingssysteem om te voorkomen dat malware als rootkits je systeem zomaar overnemen.

Op zich niets dan voordelen dus, maar UEFI stelt ook enkele technische voorwaarden en die kunnen weleens voor onverwachte problemen zorgen. Aangezien de UEFI als interface optreedt tussen de systeemfirmware en het besturingssysteem, zal het je weinig verbazen dat het meestal om bootproblemen gaat. Die kunnen zich vooral manifesteren bij het installeren en migreren van een bootschijf, bij het opstarten van een live bootmedium en in dualboot-opstellingen. In dit artikel bespreken we enkele uiteenlopende scenario’s.

01 Installatiemedium

Wanneer je Windows ‘schoon’ wilt (her)installeren gaat dat wellicht het makkelijkste met een usb-installatiemedium. Om hiervan zowel op UEFI- als legacy BIOS-systemen te kunnen opstarten, maak je het best gebruik van Microsofts Media Creation tool. Ga naar www.tiny.cc/w10down en klik op Hulpprogramma nu downloaden. Deze knop verschijnt alleen op een Windows-pc; bij macOS en Linux verschijnt een lijst met iso-bestanden die je dan met een andere tool op een installatiestick kunt plaatsen (zie ook paragraaf ‘Externe tool’).

Start het hulpprogramma op en kies Installatiemedia (USB-stick, dvd of ISO-bestand) voor een andere pc maken. In het volgende venster verwijder je het vinkje bij Gebruik de aanbevolen opties voor deze pc, zodat je zelf de opties Taal, Versie en Architectuur (64-bits, 32-bits of Beide) kunt selecteren. Vervolgens duid je USB-flashstation aan (tenzij je toch liever gewoon het ISO-bestand downloadt), verwijs je naar je usb-stick en start je het proces.

©PXimport

02 Partitiestructuur

Dit hulpprogramma is weliswaar een van de handigste manieren om Windows op zowat alle systemen geïnstalleerd te krijgen, maar toch kunnen ook hier obstakels opduiken.

We hebben het al een paar keer meegemaakt dat de tool de melding Kan geen USB-flashstationvinden toont, terwijl er wel degelijk een usb-stick in de pc zat.

Naast klassieke problemen als drivers of gebrekkige usb-hardware kan dat ook aan een foutieve partitiestijl van de stick liggen. Om op een UEFI-systeem van een extern station (zoals een usb-stick of -schijf) te kunnen opstarten, moet het station namelijk voorzien zijn van een mbr-partitiestructuur met een actieve partitie.

Dat kun je als volgt regelen en het is trouwens geen slecht idee om dit ‘preventief’ op elke usb-stick te doen die je als bootstick gaat gebruiken. Druk op Windows-toets+R, tik diskpart in, bevestig met Enter en voer de volgende commando’s uit:

list diskselect disk [n]detail diskcleanconvert mbrcreate partition primaryactiveselect partition 1detail partitionassign

Belangrijk is dat je [n] vervangt door het disk-nummer van de usb-stick. Om zeker te zijn dat je wel het juiste station te pakken hebt, vraag je met het commando detail disk extra informatie op. Na afloop formatteer je het nieuwe station via Verkenner als fat32, zodat de stick ook op UEFI-systemen kan booten.

©PXimport

03 Architectuur

Heeft het hulpprogramma succesvol een installatiestick gemaakt, maar krijg je bij het booten met die stick de melding winload.efi missing of een foutcode als 0x0000359, dan heeft dat weer met UEFI te maken. UEFI start namelijk alleen applicaties op die overeenkomen met de UEFI-architectuur, ongeacht of het om een os-loader of om een systeemtool als een geheugentester of een recoveryprogramma gaat.

Een UEFI op 64 bit kan dus in principe geen 32bit-applicaties opstarten (in tegenstelling tot bijvoorbeeld 64bit-Windows die wel met 32bit-toepassingen overweg kan). In dit geval zorg je er dus voor dat je voor een 64bit-Windows-versie selecteert tijdens het samenstellen van de stick (zie ook paragraaf ‘Installatiemedium’). Wil je om een of andere reden toch met een 32bit-Windows-installatie aan de slag, dan kun je overwegen om in de UEFI-setup csm-mode te selecteren. Dat staat voor Compatibility Support Mode en zorgt ervoor dat een ‘legacy’ besturingssysteem toch in een UEFI-omgeving kan opstarten.

Wil je voor een reeds geïnstalleerde Windows nagaan welke architectuur het besturingssysteem en de UEFI hebben? Druk dan op Windows-toets+R en voer msinfo32 uit, waar je in de rubriek Systeemoverzicht de waarden bij Systeemtype en BIOS-modus nagaat. Bij een 64bit-Windows op een 64bit-UEFI lees je hier respectievelijk x64-based PC en UEFI af, terwijl dat bij een 32bit-Windows op 32bit-UEFI respectievelijk x86-based PC en UEFI is. Staat er bij BIOS-modus Legacy of Verouderd dan is het besturingssysteem niet in UEFI-modus opgestart, maar in legacy BIOS of in csm.

©PXimport

04 Alternatief medium

In de paragraaf ‘Installatiemedium’ zijn we ervan uitgegaan dat je het iso-schijfkopiebestand nog moest downloaden. Maar wat als je liever een iso-image gebruikt dat je al in je bezit hebt?

Gaat het om een Windows-installatie, dan kun je zo’n stick ook zonder externe hulpmiddelen voorbereiden. Bewerk eerst je stick met de tool diskpart, zoals beschreven in de paragraaf ‘Partitiestructuur’. De rest van de voorbereidingen doe je vanuit Verkenner. Formatteer de stick met fat32, zodat die ook op een UEFI-systeem zal booten. Stel Verkenner via het menu Beeld bij voorkeur zo in dat die ook Verborgen items toont. Vervolgens dubbelklik je op je iso-bestand zodat dit aan een virtueel cd-station wordt gekoppeld. Navigeer naar dit station, druk op Ctrl+A zodat je de complete inhoud selecteert en kopieer alles naar je stick. Je beschikt nu over een werkend installatiemedium.

©PXimport

05 Externe tool

Je kunt ook een externe tool inzetten om een installatie- of live medium (voor Windows of een ander besturingssysteem) te maken op basis van een iso-bestand. Een van de meest flexibele is het gratis Rufus. In tegenstelling tot de Media Creation Tool of diskpart moet je bij Rufus wel andere instellingen voorzien naargelang je een UEFI- of een legacy BIOS-systeem beoogt.

Download (de portable versie van) Rufus van https://rufus.ie en start die op. Bevestig de vraag om naar programma-updates te zoeken met Ja. Verwijs bij Apparaat naar je usb-stick, kies bij Opstartselectie de optie Schijf of ISO-image (selecteren), klik op Selecteren en verwijs naar je iso-bestand. Heb je een UEFI-systeem op het oog, kies bij Partitie-indeling dan GPT (zie ook de paragraaf ‘Gpt versus mbr’) en stel Doelsysteem in op UEFI (geen CSM). Voor een legacy BIOS-systeem kies je respectievelijk MBR en BIOS of UEFI. Vul een Volumelabel in en druk op Starten.

Overigens maakt Rufus het mogelijk dat Windows Home-gebruikers een draagbare Windows-versie kunnen maken. De werkwijze is dezelfde als hierboven, alleen kies je bij Image-optie de optie Windows To Go, stel je Partitie-indeling in op MBR en Doelsysteem op BIOS of UEFI (lukt dit niet, druk dan op Alt+E), zodat de stick op zowel legacy BIOS als UEFI zal werken. Onderliggend maakt Rufus nu niet alleen een ntfs-partitie met de Windows-bootloader en installatiebestanden, maar ook een kleine fat-partitie met een NTFS-driver. Houd wel rekening met wat je in de paragraaf ‘Architectuur’ hebt gelezen.

©PXimport

06 Gpt versus mbr

We zijn er tot nu toe van uitgegaan dat je Windows vers installeert van een usb-medium en dan kiest de Windows-installatieprocedure automatisch de juiste partitiestructuur. Voor UEFI is dat gpt oftewel GUID Partition Table (althans voor ingebouwde schijven), waarbij de Windows-bootloader op een met fat32 geformatteerde efi-systeempartitie moet staan (zie het kader ‘Bootloader-corruptie’). Een legacy BIOS-systeem verwacht een mbr-schijf.

Om na te gaan welke partitiestructuur een schijf bevat, kun je op Windows-toets+R drukken en diskmgmt.msc uitvoeren. In het venster van Schijfbeheer klik je linksonder met rechts op de gewenste schijf en kies je Eigenschappen: je leest de Partitiestijl af op het tabblad Volumes.

Stel, je hebt Windows op een mbr-schijf draaien en nu wil je de Windows- installatie naar een nieuwer systeem op basis van UEFI migreren. Een mogelijke optie is dat je het nieuwe systeem instelt op csm-modus, maar dan zet je in feite een stap terug.

©PXimport

07 Migratie naar UEFI

Boot je Windows op het nieuwe systeem liever in UEFI-modus, dan heb je een paar alternatieven, maar die zijn vrij delicaat. Zorg alleszins voor een complete systeemback-up, zodat je nog kunt terugkeren.

Wil je de installatie op een andere schijf overzetten, koppel die dan eveneens aan je huidige pc, eventueel met een adapter. Zo’n migratie verloopt het makkelijkste met een externe tool als EaseUS Partition Master (zo’n 43 euro voor de Pro-versie). Hier kies je dan OS overzetten en duid je de bron- en doelschijf aan. Deze laatste moet natuurlijk wel over voldoende niet-toegewezen ruimte beschikken.

Wil je dezelfde schijf inclusief Windows behouden in het nieuwe UEFI-systeem, dan kun je een conversie naar gpt overwegen. We gaan er hierbij wel van uit dat je huidige Windows-architectuur overeenkomt met die van de UEFI-firmware (zie ook de paragraaf ‘Architectuur’). Start hiervoor Opdrachtprompt op als administrator en voer het volgende commando uit:

mbr2gpt /validate /allowfullos /disk:[n]

Hierbij vervang je [n] door het juiste schijfnummer, zoals je dat via het commando diskpart of in Windows Schijfbeheer te zien krijgt. Verschijnt de melding dat de validatie succesvol is verlopen, dan kun je verder en dan voer je het best eerst dit commando uit:

reagentc /disable

Hiermee schakel je (tijdelijk) de Windows-herstelomgeving uit, aangezien die het proces kan tegenwerken.

Daarna voer je de volgende opdracht uit:

mbr2gpt /convert /allowfullos /disk:[n]

Als het goed is, kun je Windows na afloop op het nieuwe toestel (uitsluitend) in UEFI-bootmodus opstarten. Na de opstart schakel je de Windows-herstelomgeving weer netjes in met:

reagentc /enable

©PXimport

08 Dualboot

Over naar een ander scenario: je hebt Windows geïnstalleerd en je wilt daarnaast ook Linux installeren in een dualboot-opstelling. Start je Windows in UEFI-modus op (zie de paragraaf ‘Architectuur’), dan controleer je via msinfo32 het best ook de status van het item Status beveiligd opstarten. Blijkt die niet ingeschakeld, dan is de secure-boot-functie van UEFI niet geactiveerd.

Op zich hoeft dat niet problematisch te zijn. Sommige, vooral oudere Linux-varianten kunnen juist problemen geven met een ingeschakelde secure boot. Anderzijds schakelen sommige UEFI-systemen weleens automatisch over op csm-modus wanneer je een besturingssysteem installeert met uitgeschakelde secure boot, en twee besturingssystemen in twee verschillende modi (UEFI versus legacy/csm) kan ook weer problemen geven. Toch is het geen optie om secure boot zomaar om te schakelen, aangezien je reeds geïnstalleerde Windows dan niet langer doorstart.

Hoe dan ook, na de installatie van Linux voer je op de Linux-console het best het commando efibootmgr uit. Krijg je een foutmelding in plaats van de UEFI-bootvariabelen te zien, dan is Linux opgestart in legacy/csm-modus.

©PXimport

09 Linux weg

We gaan er nu van uit dat je Linux (na Windows) in dualboot op een UEFI-systeem hebt geïnstalleerd, maar dat je na verloop van tijd Linux toch weer wilt verwijderen. Dan ga je best als volgt te werk. Start je pc op met Windows en verwijder alvast de Linux-partitie(s) vanuit het Schijfbeheer. Je herkent deze partitie(s) aan het feit dat er geen stationsletter aan werd toegekend en er evenmin een bestandssysteem wordt vermeld. Klik met rechts op zo’n Linux-partitie en kies Volume verwijderen; de vrijgekomen ruimte kun je toevoegen aan een bestaande partitie voor dataopslag.

Het probleem is wel dat Linux-bootloader grub nog actief is. Die moet je dus eerst verwijderen. Start hiervoor de Opdrachtprompt of PowerShell op als administrator en voer dit commando uit:

mountvol [n:] /S

Hierbij vervang je [n:] door een vrije stationsletter. Dit commando zorgt ervoor dat de efi-systeempartitie aan de opgegeven stationsletter wordt gekoppeld. Vervolgens tik je de stationsletter in (bevestigd met Enter), gevolgd door nog twee opdrachten:

[n:]cd /efidir

Je ziet nu een Linux-map verschijnen, bijvoorbeeld ubuntu of fedora, die de grub-bootloader bevat. Verwijder die met het dit commando:

rd <linux_mapnaam>

Bevestig dit met de Y-toets. Herstart je systeem: Windows duikt op en van Linux is geen spoor meer te zien.

©PXimport

Bootloader-corruptie

Het valt nooit uit te sluiten dat de UEFI-bootloader corrupt raakt en Windows niet meer opstart. Probeer het dan als volgt. Start je pc op met een Windows-installatiestick (zie de paragraaf ‘Installatiemedium’). Stel taal, tijd en toetsenbord in, klik op Volgende en op Uw computer herstellen / Problemen oplossen / Opstartherstel. Lukt het hier niet mee, kies dan Opdrachtprompt (in plaats van Opstartherstel). Voer het commando diskpart uit, gevolgd door: list disk select disk 0 list volume select volume [n] assign letter [x:] exit Noteer de getoonde stationsletters en vervang [n] door het volumenummer dat bij de systeempartitie staat (doorgaans een fat32-volume van 100 tot 500 MB); [x:] vervang je door een vrije stationsletter. Voer dit commando uit: *cd /d [x:]\efi\microsoft\boot* Maak daarna een back-up van het bcd-bestand (Boot Configuration Data) met: copy bcd bcd.bak Tik achtereenvolgens de genoteerde stationsletters in en bevestig telkens met Enter. Via het commando dir ga je na welk station de \Windows-map bevat. Voer dan het volgende commando uit: bcdboot [y:]\Windows /s [x:] /l nl-nl /f ALL waarbij je [y:] vervangt door het station met je Windows-installatie. De parameter /l nl-nl verwijst naar de locale (in Vlaanderen gebruik je normaliter /l nl-be). Met f/ ALL kopieer je bootbestanden voor zowel UEFI- als BIOS-systemen. Windows hoort nu opnieuw door te starten.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Actieve versus passieve speakers: welke luidsprekers passen bij jou?
© jipen
Huis

Actieve versus passieve speakers: welke luidsprekers passen bij jou?

Twijfel je tussen actieve en passieve luidsprekers? Het verschil zit in de versterker. In dit artikel leggen we uit wat de voor- en nadelen zijn, zodat je precies weet welk systeem het beste klinkt in jouw woonkamer. Geen gedoe, gewoon helder advies.

Als je op zoek bent naar beter geluid, vliegen de termen je om de oren. Het onderscheid tussen actief en passief is misschien wel de belangrijkste technische keuze die je moet maken, maar wordt vaak onnodig ingewikkeld gemaakt. Veel mensen denken dat het puur om geluidskwaliteit gaat, terwijl het vooral draait om gebruiksgemak en apparatuur. Na het lezen van dit stuk weet je precies of je voor alles-in-één gemak moet gaan of voor de vrijheid van losse componenten.

De kern: waar zit de krachtbron?

Het technische verschil is eigenlijk heel simpel: het draait allemaal om de locatie van de versterker. Een luidspreker kan namelijk geen geluid maken zonder stroom en aansturing.

Bij een actieve speaker is de versterker ingebouwd in de behuizing van de luidspreker zelf. Je herkent dat direct aan de achterkant: er zit een stroomkabel aan die het stopcontact in moet, en vaak knoppen voor volume of toonregeling. Je sluit je telefoon, pc of platenspeler direct aan op de speaker.

Bij een passieve speaker zit er géén elektronica in de kast die het geluid versterkt. De speaker heeft geen stekker voor het stopcontact, maar alleen aansluitingen voor luidsprekerdraad. Je hebt altijd een losse versterker of receiver nodig die het signaal krachtig genoeg maakt voordat het naar de speaker gaat. Een veelvoorkomend misverstand is dat 'passief' betekent dat ze slechter of zwakker zijn. Integendeel, de allerduurste hifi-systemen zijn bijna altijd passief.

©jipen

Wanneer is actief de slimste keuze?

Kies voor actief als je houdt van een opgeruimd huis en gebruiksgemak (dit soort speakers zijn meestal plug & play). Omdat de fabrikant de ingebouwde versterker helemaal heeft afgestemd op de luidspreker, ben je verzekerd van een goede match zonder dat je technisch inzicht nodig hebt. Dit is bij uitstek geschikt voor minimalisten die geen losse apparaten of een wirwar aan kabels in de woonkamer willen. Een soundbar is hier het bekendste voorbeeld van; dat is bijna altijd een actieve speaker. Ook voor een werkplek of gaming-setup op een bureau is dit de standaard, omdat je ze direct in je pc plugt zonder tussenkomst van een extra apparaat. Daarnaast zie je deze techniek terug in slimme multiroom-systemen met wifi of bluetooth (zoals die van Sonos), waarmee je direct vanaf je telefoon muziek streamt.

De beperking van alles-in-één

Het grote nadeel van actieve speakers is dat je vastzit aan het totaalpakket. Gaat de versterker in de speaker kapot? Dan doet je hele luidspreker het niet meer, ook al zijn de speaker-units zelf nog prima.

Daarnaast ben je minder flexibel in de toekomst. Bij passieve systemen kun je over vijf jaar besluiten om alleen een nieuwe versterker met de nieuwste streamingfuncties te kopen, terwijl je je geliefde speakers behoudt. Bij een actief systeem moet je bij veroudering van de software of aansluitingen vaak meteen de hele set vervangen. Daarnaast is het uitbreiden van een stereoset naar een volledige thuisbioscoop met actieve speakers vaak lastiger of beperkt tot één specifiek merk.

©Aboltin

Wanneer moet je absoluut niet voor actief kiezen?

Er zijn specifieke situaties waarin je een actief systeem beter links kunt laten liggen. Als je bijvoorbeeld al een prima werkende versterker of receiver hebt staan, is het zonde van je geld om actieve speakers te kopen. Je betaalt dan immers dubbel voor versterking die je niet gebruikt.

Ook als je speakers wilt wegwerken in het plafond of de muur is passief de enige logische route. Je wilt namelijk geen stroompunten bij elke inbouwspeaker aanleggen, en je kunt sowieso niet makkelijk bij de elektronica als er eenmaal iets stuk gaat.

Tot slot kun je in grote ruimtes, zoals een hal of showroom, beter met passief draad werken. Luidsprekerkabels zijn over lange afstanden veel makkelijker te trekken en te verlengen dan de combinatie van stroom- en signaalkabels bij actieve speakers.

Check je kabels en je kastruimte

Om de knoop door te hakken, kijk je eerst goed naar je eigen situatie. Heb je in je tv-meubel ruimte voor een los apparaat van ongeveer 44 cm breed (de standaardmaat voor receivers)? En vind je het leuk om zelf je set samen te stellen? Dan is passief jouw route naar topgeluid op maat.

Heb je daarentegen geen zin in gedoe, wil je met één afstandsbediening klaar zijn en heb je een hekel aan zichtbare apparatuur? Dan is een actief systeem of een actieve set boekenplank-speakers de moderne oplossing die je zoekt.

Kortom: eenvoud versus controle

Het verschil tussen actief en passief is een keuze tussen gemak en flexibiliteit. Actieve speakers bieden een alles-in-één oplossing: stekker erin en spelen, ideaal voor wie weinig ruimte of geduld heeft. Passieve speakers vereisen een losse versterker, maar geven je de vrijheid om je systeem oneindig aan te passen, te repareren en te upgraden. Kijk dus niet alleen naar het geluid, maar vooral naar hoeveel apparaten je in huis wilt halen.

▼ Volgende artikel
Eerste Samsung Galaxy S26-teaservideo's verschenen
© Samsung
Huis

Eerste Samsung Galaxy S26-teaservideo's verschenen

Samsung heeft drie korte video's gedeeld waarmee het hint naar de komst van de Samsung Galaxy S26-smartphones.

Het is al een tijdje bekend dat het bedrijf later deze maand de nieuwe smartphonelijn uit de doeken gaat doen, die waarschijnlijk onder de noemer 'S26' gaat vallen. Nu zijn er drie teaservideo's gedeeld om mensen alvast lekker te maken.

View post on Instagram
 

De teaservideo's

De video's heten Closer, Groove en Glow, en richten zich zo lijkt het op verbeteringen die de Galaxy S26-smartphones gaan brengen. In 'Closer' is te zien hoe de camera van een flinke afstand inzoomt op een hond, zonder dat er veel kwaliteit verloren gaat.

In de 'Groove'-video is een dj-set te zien waarbij de camera duidelijk de dj in beeld brengt, inclusief alle bewegingen en lichtveranderingen. In de laatste video, 'Glow', wordt benadrukt hoe de camera's van de S26 zelfs donkere scènes helder kunnen filmen.

Watch on YouTube

De video's lijken dus vooral te hinten naar de verbeteringen in de camera's van de S26-lijn, al moet nog maar blijken of de filmpjes een realistische representatie zijn van wat er straks allemaal mogelijk is.

In alle drie de video's wordt overigens ook melding gemaakt van AI. Zoals eerdere geruchten al aangaven, gaat AI waarschijnlijk een prominente rol spelen bij de nieuwe smartphones van Samsung.

Watch on YouTube

Wanneer wordt de Samsung S26 onthuld?

Het is zo goed als zeker dat de nieuwe Samsung S26-smartphones op 25 februari worden onthuld. Uit een gelekte uitnodiging voor het aankomende Galaxy Unpacked-evenement blijkt namelijk dat die show op 25 februari wordt gehouden, en dat lijkt de ideale plek om de nieuwe smartphones van het bedrijf te onthullen.

Watch on YouTube

Over de Samsung Galaxy S26-toestellen

Samsung brengt dit jaar naar verwachting de Galaxy S26, S26+ en S26 Ultra. Eind vorig jaar lekten er al foto's van dummyversies van de smartphones op social media, waaruit blijkt dat deze modellen waarschijnlijk een ovaalvormig camera-eiland krijgen, vergelijkbaar met de Galaxy Z Fold-smartphones.

Qua kleuren zouden de nieuwe Galaxy-modellen in Black Shadow, White Shadow, Galactic Blue en Ultraviolet beschikbaar komen. Een grote focus zou ook liggen op de toevoeging van een privacyscherm - een optie zodat het moeilijker wordt voor omstanders om je het scherm van je smartphone te kijken.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.