ID.nl logo
Responsieve website maken met Bootstrap
© Reshift Digital
Huis

Responsieve website maken met Bootstrap

Bootstrap is een populair framework voor het werken met html, css en JavaScript. Je kunt er snel professionele websites mee ontwerpen. En dan in het bijzonder zogeheten responsieve websites, die mooi meeschalen met het type apparaat waarop ze bekeken worden. Hoe gaat dat in zijn werk?

Bootstrap is vooral een goede hulp bij het maken van ‘responsive’ of responsieve websites. Responsief houdt in dat de weergave wordt aangepast aan de beschikbare ruimte. Open maar eens een website als die van de NOS in een venster en maak dit venster steeds kleiner. Let op hoe de weergave zich aanpast. Op een klein scherm zal bijvoorbeeld het menu compacter worden en verhuist een kolom van de rechterkant naar onderen. De meeste websites werken al zo en dat is voor een groot deel te danken aan Bootstrap.

We gaan aan de slag met Bootstrap en we gaan handmatig een verse start maken. Maak daarvoor eventueel een nieuw mapje voor je Bootstrap-site aan en open deze map in je favoriete teksteditor. Wij gebruiken de teksteditor Brackets.

Starten met bootstrap

Ga naar getbootstrap.com. Zorg dat rechtsboven de laatste versie is geselecteerd. Zo heb je meteen de juiste bijbehorende documentatie. Klik dan op Get Started. Blader naar onderen, naar Starter template. Klik in dit venster op Copy. Hiermee kopieer je alle html-code naar het klembord. Plak het dan in een nieuw bestand in Brackets en bewaar het als html-bestand, bijvoorbeeld index.html. Open Live Voorbeeld om te zien hoe het eruitziet. Dit wordt ons vertrekpunt. 

De html-code zal weinig verrassingen hebben. Wel is de metatag viewport nieuw. Je weet dat de viewport het zichtbare gedeelte van een pagina is. De aanduiding width=device-width geeft in feite aan dat de browser de breedte van de pagina gelijk moet stellen aan de schermbreedte van het apparaat. Als het ontbreekt, zullen apparaten zelf de weergave aanpassen, wat ze zeker op smartphones verre van optimaal doen.

Stylesheets en scripts

In de head ziet je hoe het stylesheet van Bootstrap wordt geladen. Dit bevat alle vooraf gedefinieerde stijlen die je direct kunt gebruiken. We raden aan om onder dit stylesheet een verwijzing te maken naar een eigen, nu nog leeg stylesheet, waarin je aanpassingen maakt:

<link href="css/custom.css" rel="stylesheet" type="text/css">

Deze stijlen zullen, omdat het stylesheet later is geladen, voorrang hebben boven de standaardstijlen van Bootstrap. Onderaan het html-document zie je hoe de jQuery-bibliotheek en een Bootstrap-bundel worden geladen. Die laatste omvat ook Popper.js, een soort hulpbibliotheek voor JavaScript waarvan veel Bootstrap-componenten gebruikmaken. 

Alle onderdelen worden vanaf een zogenoemd Content Delivery Network (CDN) geladen. Als je zo’n CDN gebruikt, zal altijd automatisch de dichtstbijzijnde server worden gebruikt, zodat iedere bezoeker optimale prestaties heeft. Je mag de scripts natuurlijk ook op je eigen pc (of later je hostingaccount) zetten.

©PXimport

Om te zien welke mogelijkheden je hebt, is het slim om de documentatie erbij te houden. Onder Layout zie je tips voor bijvoorbeeld het werken met grids. Ook het kopje Content verdient je aandacht. Hier lees je over alle mogelijke manieren om met afbeeldingen te werken en om bijvoorbeeld tekst of tabellen op te maken. 

Onder Components vind je uiteenlopende componenten die je kunt opnemen in je pagina. Onder Utilities zie je handige opties die je kunt gebruiken. Zo kun je door een class toe te voegen bijvoorbeeld de tekst- of achtergrondkleur wijzigen, of marges en padding beïnvloeden.

Containers en jumbotrons

We beginnen met wat tips voor de lay-out. Uitgebreide details hierover vind je in de documentatie in het betreffende gedeelte. Als voorbeeld zullen we de kop <h1> in een zogenoemde container zetten:

<div class="container"> <h1>Welkom bij deze site</h1> <p>Hier zie je onze eerste creatie met Bootstrap.</p> </div>

Omdat we hier container als classnaam gebruiken, wordt de breedte in sprongetjes aan de vensterbreedte aangepast. Dat komt door enkele @media-regels in het stylesheet, waaronder deze twee:

@media (min-width: 576px) { .container, .container-sm { max-width: 540px; } } @media (min-width: 768px) { .container, .container-sm, .container-md { max-width: 720px; } }

Wat hier wordt bepaald, is dat indien de breedte van het venster minimaal 576 pixels is, de container maximaal 540 pixels groot moet zijn. En als het venster minimaal 768 pixels is, moet de container een maximale breedte van 720 pixels aannemen. 

Gebruik je container-fluid, dan zijn zulke regels er niet en wordt steeds de volledige breedte gebruikt. Deze @media-regels vormen ook de basis voor responsieve websites. Dit soort details kun je achterhalen via het volledige stylesheet van Bootstrap (zie onderstaande alinea’) of via de ontwikkelaarstools, door rechts op een element te klikken en dan Inspecteren te kiezen.

Het is handig om de bronbestanden van Bootstrap bij de hand te hebben. Deze vind je op deze pagina onder Source files. Pak het zip-bestand na het downloaden uit in een map op je pc. Je kunt nu altijd even spieken hoe iets precies wordt aangepakt in bijvoorbeeld het stylesheet van Bootstrap, die in het mapje dist/css staat.

Met een kleine aanpassing van de classnaam maak je een zogenoemde jumbotron, een grote grijze box die de volledige schermbreedte inneemt en vooral is bedoeld om de aandacht op bepaalde content te vestigen.

<div class="jumbotron"> <h1>Welkom bij deze site</h1> <p>Hier zie je onze eerste creatie met Bootstrap.</p> </div>

Als je in de documentatie naar Utilities gaat, zie je onder Colors hoe je met een paar extra classes de kleur van de achtergrond en tekst kunt veranderen, bijvoorbeeld bg-primary om het de standaard (blauwe) achtergrondkleur te geven en text-white voor een witte tekstkleur:

<div class="jumbotron bg-primary text-white"> <h1>Welkom bij deze site</h1> <p>Hier zie je onze eerste creatie met Bootstrap.</p> </div>

Meer mogelijkheden

Op een vergelijkbare manier kun je bijvoorbeeld mooie buttons of strakkere formulieren maken. De documentatie is een onmisbare hulplijn en gelukkig heel verzorgd. En omdat het framework zo populair is, vind je op internet enorm veel voorbeelden of zelfs kant-en-klare sites die ermee zijn gebouwd. Je hebt de volledige versie van de Bootstrap-bibliotheek en kunt naar vrijheid alle componenten proberen. Ben je wat verder en heb je een goed beeld van wat je wel of niet gaat gebruiken, dan is het slim die bibliotheek wat terug te brengen.

Bootstrap maakt gebruik van Sass, een soort vereenvoudigde taal om css in te schrijven. Je herkent de bestanden aan de .scss-extensie. Zulke bestanden moeten worden omgezet naar css voordat de browser ze kan gebruiken. Daarvoor gebruik je een zogenoemde pre-processor. Het proces wordt ook wel compileren genoemd. Het voordeel van deze benadering is dat je precies kunt aangeven welke componenten van Bootstrap je wel of niet nodig hebt, zodat de uiteindelijke bibliotheek niet groter wordt dan nodig. Ook kun je persoonlijke aanpassingen mee laten nemen, bijvoorbeeld aangepaste standaardkleuren of een andere aanvangsgrootte voor het lettertype.

©PXimport

Werken met grids

Mede dankzij Bootstrap werken veel websites responsief, waarbij met een grid wordt gewerkt om de pagina in vlakken te verdelen. We laten zien hoe je dit toepast. Bij Bootstrap kun je een pagina flexibel verdelen in maximaal twaalf kolommen. Meestal zul je die niet allemaal nodig hebben en zul je ze groeperen om bredere kolommen te maken. Het grid is responsief en de kolommen kunnen zich herschikken, afhankelijk van de schermgrootte. De achterliggende techniek die Bootstrap gebruikt heet Flexbox. Dat kun je samen met CSS Grid gebruiken om complexere lay-outs te maken met alleen css.

Flexbox en CSS Grid zijn bedoeld om samen te gebruiken. Met CSS Grid is elke denkbare lay-out te maken, in een denkbeeldig grid met horizontale en verticale lijnen. Flexbox werkt maar in één richting tegelijk en is daarom eenvoudiger te doorgronden. Je kunt het ook gebruiken binnen een met CSS Grid gedefinieerde rij (horizontaal) of kolom (verticaal). Flexbox lost problemen op die met standaard css uitdagend zijn, zoals een gelijkmatige verdeling van elementen binnen de ruimte of een aantal kolommen met precies dezelfde hoogte, ongeacht de inhoud.

©PXimport

Gelijke kolommen

We vergeten Flexbox even en richten ons op het werken met grids in Bootstrap. Als eerste voorbeeld maken we een lay-out met drie kolommen die in de browser steeds dezelfde breedte moeten krijgen, onafhankelijk van de schermgrootte van het apparaat. We beginnen met een container, waar we vervolgens één rij aan toevoegen met in die rij drie kolommen met col als class:

<div class="container"> <div class="row"> <div class="col"> <h3>Kolom 1</h3> <p>Eerste kolom</p> </div> <div class="col"> <h3>Kolom 2</h3> <p>Tweede kolom</p> </div> <div class="col"> <h3>Kolom 3</h3> <p>Derde kolom</p> </div> </div> </div>

Verschillende schermgroottes

Stel dat bovenstaande opmaak zich niet leent voor kleinere apparaten, zoals een smartphone, maar eigenlijk alleen voor tablets of groter. Dan zul je een andere class moeten gebruiken dan col. We gaan de weergave richten op alle schermen vanaf een bepaalde breedte. Alle opties zie je in de documentatie van Bootstrap onder Layout / Grid

De belangrijkste zijn je col-sm-* voor kleine schermen zoals smartphones, col-md-* voor gemiddelde schermen zoals tablets, col-lg-* voor grotere schermen als een desktop-pc en col-xl-* voor nog grotere schermen. Het sterretje staat voor een bepaald getal, waarbij de som van de kolommen steeds twaalf is. We zullen dat demonstreren.

Lay-outs voor tablets

Om de lay-out op tablets en groter te richten, veranderen we alleen voor elke kolom de class col naar col-md-4. De kolommen staan dan nog steeds netjes naast elkaar vanaf een schermbreedte van 768 pixels, maar op kleinere schermen worden ze onder elkaar gezet. Merk op dat de som van de kolommen (4-4-4) twaalf is. Andere combinaties zijn ook mogelijk, zoals een 3-6-3 opstelling:

<div class="container"> <div class="row"> <div class="col-md-3 bg-info"> <h3>Kolom 1</h3> <p>Eerste kolom</p> </div> <div class="col-md-6 bg-primary"> <h3>Kolom 2</h3> <p>Tweede kolom</p> </div> <div class="col-md-3 bg-info"> <h3>Kolom 3</h3> <p>Derde kolom</p> </div> </div> </div>

Nog meer responsiviteit

We gaan een nog wat flexibelere lay-out maken. Het doel is dat op apparaten met groot scherm (aangegeven door col-lg-*) de kolommen naast elkaar staan, zoals hierboven in 3-6-3-opstelling. Bij een gemiddelde schermbreedte (col-md-*) moeten de eerste twee kolommen in een verhouding van 1:2 naast elkaar staan en moet de derde kolom naar onderen verhuizen. Dat kun je als volgt bereiken:

<div class="container"> <div class="row"> <div class="col-md-4 col-lg-3 bg-info">Kolom 1</div> <div class="col-md-8 col-lg-6 bg-primary">Kolom 2</div> <div class="col-md-12 col-lg-3 bg-info">Kolom 3</div> </div> </div>

Zoals je ziet is er een klein beetje rekenwerk nodig. Op apparaten met gemiddeld scherm worden de eerste kolom (col-md-4) en tweede kolom (col-md-8) naast elkaar in een 1:2-verhouding gezet, en omdat de som twaalf is, wordt de derde kolom (col-md-12) automatisch daaronder gezet. Bootstrap geeft je die flexibiliteit. Op grotere schermen wordt de pagina normaal volgens 3-6-3 opgebouwd.

Probeer het in je browser door de vensterbreedte langzaam kleiner of groter te maken. Er zijn meer trucjes, maar de belangrijkste basisprincipes hebben we nu doorgenomen, waarmee je nu verder kunt experimenteren! 

Kom je er niet helemaal uit? Op de website van Bootstrap vind je bij Examples handige voorbeelden van lay-outs die met het framework zijn gemaakt. Je kunt het als inspiratie voor je eigen creaties gebruiken of zelfs voorbeelden een-op-een overnemen, als je dat wilt.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.