ID.nl logo
Nest Thermostat - Warmte op maat
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Nest Thermostat - Warmte op maat

De Nest Thermostat is inmiddels twee maanden te koop in Nederland en dankzij het koudere weer hebben we hem inmiddels volop in gebruik. Hoe bevalt de Nest Thermostat to nu toe? Wij hebben hem uitgebreid voor je getest.

Ik heb de Nest Thermostat sinds hij uitkwam in Nederland in gebruik, en inmiddels is het een stuk kouder waardoor ik je meer over de slimme thermostaat kan vertellen. De thermostaat zelf vind ik erg mooi ontworpen. De Nest Thermostat heeft een diameter van 8,3 cm en is 3,4 cm dik. De zijkant is een roestvrijstalen ring terwijl de voorkant van glas is gemaakt. Opvallend is het ronde schermpje met een diameter van 4,4 cm en een resolutie van 320 x 320 pixels. Het schermpje geeft een scherp en helder beeld. Het onderste deel van de voorkant is van kunststof, hier zitten de aanwezigheidssensoren achter. Naast de thermostaat krijg je ook de Heat Link, die je moet aansluiten op je verwarmingsinstallatie. Lees ook: Nest Thermostat - Installatie en eerste indruk.

©PXimport

De Nest Thermostat is fraai afgewerkt met een roestvrijstalen ring.

Bediening: draaien en klikken

In de basis is een thermostaat eigenlijk niet zo'n spannend apparaat: je stelt de gewenste temperatuur in waarna de verwarming aanslaat als het te koud wordt. Deze basisbediening werkt bij de Nest erg simpel doordat je metalen ring naar links of naar rechts kunt draaien net als bij de bekende Honeywell Round. De Nest toont de gevraagde temperatuur groot in het midden terwijl de huidige temperatuur ergens klein in de grafische ring wordt getoond. Als de thermostaat warmte vraagt, dan is de achtergrondkleur oranje. Is er geen warmtevraag, dan is de achtergrondkleur zwart. Het schermpje is normaal gesproken uit en laat alleen iets zien als je in de buurt komt. Helaas kun je er niet voor kiezen om het scherm altijd aan te houden.

©PXimport

Bedienen is simpel: draaien en klikken.

Door op de Nest te drukken open je het hoofdmenu. Hier zie je de luchtvochtigheid van je huis en de buitentemperatuur op basis van weerinformatie die de Nest van internet haalt. Deze informatie is nog niet zolang geleden toegevoegd in de vorm van update 4.3, daarvoor toonde het hoofdmenu zoals de afbeelding hierboven geen informatie. In het hoofdmenu zie je daarnaast een aantal pictogrammen. Door aan de ring te draaien selecteer je een pictogram waarna je drukt om te bevestigen. Via het hoofdmenu kun je aangeven of je thuis bent, het klokprogramma raadplegen en wijzigen, zien hoelang de thermostaat warmtevraag had in de voorgaande dagen, de overige instellingen raadplegen en de thermostaat helemaal uitschakelen.

©PXimport

Het hoofdmenu toont de luchtvochtigheid binnen en de temperatuur buiten.

Privacy en internet

Nest Labs is onderdeel van Google en je zou de Nest daarom ook de Google Thermostat kunnen noemen. Theoretisch weet Google door de Nest Thermostat precies wanneer je wel of niet huis bent. Nest zelf zegt operationeel nog volledig gescheiden van Google te werken en Google heeft dus niet direct inzicht in de gegevens van Nest. Daarnaast worden de gegevens die Nest verzamelt niet verkocht aan derden. Toch moet je je wel bewust zijn dat je gegevens constant ergens met een clouddienst gesynchroniseerd worden.

Automatisch programmeren

De Nest is zoals je van een slimme thermostaat verwacht ook een klokthermostaat die zelfstandig de verwarming in- en uitschakelt. Bijzonder is echter dat de Nest zichzelf programmeert. Gebruik hem normaal door de temperatuur hoger en lager te zetten en na een tijdje (binnen een week) kent Nest je gewoonten waarna hij een klokprogramma instelt. Dit automatisch programmeren leidt soms tot rare dingen, want de Nest gaat ervan uit dat je serieus bezig bent. Toen ik de thermostaat pas had, wijzigde ik de temperatuur vaak via de ring en de app om te zien wat er gebeurt. De Nest Thermostat nam dat serieus, waarna er na een tijdje een klokprogramma was ingesteld met schakeltijden en temperaturen die onnodig waren. Gelukkig kun je het klokprogramma zelf aanpassen en schakeltijden en temperaturen verwijderen, toevoegen of aanpassen. Je kunt het automatisch programmeren uitschakelen, zodat je een handmatig klokprogramma kunt instellen.

©PXimport

De Nest programmeert zichzelf, maar je kunt het klokprogramma wel aanpassen.

Naast het dom afwerken van een schakelprogramma, houdt de Nest via een sensor ook in de gaten of je thuis bent. Ziet hij je een bepaalde tijd niet, dan wordt de temperatuur verlaagd. Helaas kun je de detectietijd niet aanpassen waardoor ik één keer in de kou heb gezeten toen ik een tijd op zolder aan het werk was. Je kunt de Nest handmatig wel weer op gang helpen, waarna de thermostaat doorheeft dat dit niet de bedoeling was. Kennelijk heeft Nest hiervan geleerd, want sindsdien is dit niet meer voorgekomen. Daarnaast gebruikt Nest ook voorspelbaarheid. Als de thermostaat doorheeft dat je elke dag na 9 uur niet thuis bent, zal hij op dat tijdstip eerder naar de aanwezigheidsstand gaan. Daarnaast kun je de thermostaat ook handmatig op afwezig zetten, zodat je zeker weet dat het klokprogramma niet wordt uitgevoerd.

App en website

Waar het bij slimme apparaten in mijn ogen echt om gaat is de bediening met smartphone, tablet en pc. Nest heeft hiervoor erg goede apps ontwikkeld. De smartphone- en tabletapps zijn beschikbaar voor Android en iOS. De overzichtelijke app laat zien wat de status van je thermostaat is op dezelfde manier als de fysieke thermostaat. Je kunt de temperatuur eenvoudig verhogen of verlagen en instellen dat je aan- of afwezig bent. Daarnaast heb je toegang tot alle functionaliteit en kun je bijvoorbeeld het klokprogramma aanpassen.

©PXimport

De overzichtelijke app geeft toegang tot alle functionaliteit.

Behalve met je smartphone of tablet kun je de Nest via een website ook met je pc bedienen. De webomgeving die je benadert via https://home.nest.com heeft dezelfde opbouw als de apps en biedt hiermee een handige interface om het klokprogramma aan te passen. De apps zijn wel afhankelijk van een internetverbinding. Ik heb als test mijn internetverbinding uitgeschakeld terwijl het wifi-netwerk nog wel actief was. De apps werken dan niet meer. Heb je even geen internet of wifi-netwerk, dan kun je de temperatuur wel via de Nest Thermostat zelf instellen. Je komt dus niet in de kou te zitten.

©PXimport

Via de website kun je net als in de app het klokprogramma aanpassen.

IFTT

De Nest heeft een API waarmee het platform kan communiceren met andere apparaten. Ook werkt de thermostaat optioneel samen met de rookmelders van Nest Labs. Interessant is dat de Nest hierdoor ook werkt in combinatie met automatiseringsdienst IFTTT waardoor je de Nest kunt in- of uitschakelen op basis van gebeurtenissen of juist een ander apparaat iets laten doen als de Nest iets doet zoals een melding als de temperatuur te hoog wordt. Via het kanaal voor Nest op IFTTT kun je de beschikbare recepten raadplegen. Je kunt IFTTT bijvoorbeeld gebruiken om je temperatuur te verlagen op basis van de locatie van je smartphone of om meldingen over je Nest te krijgen op je smartphone.

©PXimport

Energie besparen?

Nest claimt dat de Nest Thermostat energie bespaart ten opzichte van een normale of klokthermostaat. Enerzijds zit dat in het slimme en eenvoudige programmeren waardoor je na verloop van tijd niet met een klokprogramma opgescheept zit dat niet meer voldoet aan je leefpatroon. Ook de aanwezigheidsdetectie helpt hierbij. Ben je echter zeer precies met het uitschakelen van je verwarming als je niet thuis bent of gaat slapen, dan denk ik niet dat je energie gaat besparen. Wel krijg je ten opzichte van een normale thermostaat veel meer comfort op een zo energiezuinige manier. Anderzijds maakt de Nest Thermostat je wel bewust van je energieverbruik. Verhoog je de temperatuur, dan laat Nest zien hoeveel minuten het duurt voor deze temperatuur bereikt wordt. Dit maakt direct inzichtelijk dat een hogere temperatuur leidt tot meer energieverbruik.

©PXimport

Bij het verhogen van de temperatuur zie je hoelang het duurt voordat die temperatuur bereikt wordt.

Je kunt daarnaast zien hoelang de Nest voorgaande dagen je huis actief heeft verwarmd. Deze informatie kun je gebruiken om te kijken of bijvoorbeeld het verlagen van de temperatuur met een halve graad effect heeft op de tijd dat er actief verwarmd moet worden. Nest stuurt je daarnaast iedere maand een energierapport waarmee je je gebruik in uren in de gaten kunt houden. Je zult als je de kosten in de gaten wilt houden, zelf moeten uitvogelen wat het verband tussen branduren en gasverbruik is, je kunt dus niet direct iets over de kosten zeggen. Jammer is dat de Nest geen energieverloop bijhoudt door middel van een grafiek, dat lijk mij een nuttige toevoeging. Het energierapport bevat daarnaast een spelelement, want je ontvangt blaadjes voor zuinig gedrag en je kunt zien hoe zuinig je bent ten opzichte van de rest. Het echt grote potentiële pijnpunt is dat de Nest Thermostat geen OpenTherm-modulatie ondersteunt. Wat dat betekent, heb ik uitgelegd in een apart kader.

©PXimport

De Nest laat je zien hoeveel uur de verwarming heeft gebrand.

Conclusie

Ik ben onder de indruk van de Nest Thermostat. De afwerking van de behuizing met de roestvrij stalen ring is van een erg goede kwaliteit en bijna een sieraad aan je muur. Qua bediening is de Nest in de basis nauwelijks moeilijker dan de bekende Honeywell Round. De slimme mogelijkheden zijn goed uitgewerkt en de Nest maakt je huis warm als je daar behoeft aan hebt terwijl je met je smartphone alles in de gaten kunt houden. Of de Nest Thermostat je echt energiebesparing geeft hangt af van je huidige stookgedrag. Als je heel strikt de verwarming uitschakelt als je niet thuis bent en consequent de juiste nachtverlaging toepast, vermoed ik dat je wellicht zelfs iets meer energie zult gaan verbruiken. Gebruik je momenteel een klokthermostaat die niet optimaal is geprogrammeerd, dan zal de Nest wel voor energiebesparing zorgen. Ik denk dat energiebesparing in ieder geval niet je drijfveer moet zijn om de Nest Thermostat aan te schaffen, het gaat wat mij betreft vooral om het gemak en de eenvoudige bediening die ook buitenshuis te gebruiken is. Met een aanschafprijs van 219 euro is de Nest niet goedkoop, maar aan de andere kant zijn meer geavanceerde klokthermostaten ook niet goedkoop.

Nadelen geen OpenTherm

Het grootse nadeel van de Nest Thermostat is dat de thermostaat geen OpenTherm modulatie ondersteunt terwijl deze slimmere aansturing van verwarmingsketels in Nederland wijdverspreid is. Het voordeel van OpenTherm is tweeledig: enerzijds zorgt modulatie voor een lager gasverbruik en anderzijds zou het meer comfort brengen. Dankzij modulatie kan de thermostaat de ketel minder hard laten branden. De reden dat OpenTherm meer comfort kan brengen is dat dankzij de modulatie de radiator ook met minder warm water gevoed kan worden en hierdoor gecontroleerd minder warmte uitstraalt. Hierdoor is het beter mogelijk om een constante temperatuur te bereiken door langere perioden te verwarmen met een lagere watertemperatuur. Ook wordt zo de zogenoemde overshoot beperkt waarbij de temperatuur bij het gebruik van een aan/uit-thermostaat tijdelijk te hoog is doordat de radiatoren nagloeien met te heet water. Bij de Nest heb ik van verminderd comfort of overshoots echter geen last gehad. Ik vermoed dat dit komt doordat de Nest het aanwarmgedrag van je huis leert kennen en hier rekening mee houdt bij het verwarmen. Omdat bij OpenTherm de ketel niet voluit hoeft te branden, kan dit ook voor een lager gasverbruik zorgen. Theoretisch zou dit tien tot twintig procent schelen. Dit is zoals gezegd wel theoretisch en kan per combinatie van huis en verwarmingsketel anders zijn. Daarnaast is het via OpenTherm mogelijk om de thermostaat de voorraad warm tapwater laten beheren zodat warm water op voorraad gehouden kan worden op de tijden dat dit nodig is. Dit levert meer comfort doordat je snel warm water hebt, maar wel met zo min mogelijk energieverbruik omdat het water alleen op bepaalde tijden wordt warmgehouden. Een aan/uit-thermostaat kan de tapwatervoorraad niet aansturen en je zult je dit bij de Nest via de ketel zelf moeten regelen. Je hebt dan doorgaans alleen de keuze voor altijd op voorraad houden wat veel onnodige energie kost of niet op voorraad houden waardoor je langer op warm water moet wachten. Voor mij persoonlijk is dit minder van belang, ik heb het op voorraad houden van warm tapwater sowieso uitstaan. Of OpenTherm echt voor meer comfort en minder energieverbruik zorgt is lastig te zeggen, maar het is duidelijk dat het beter is als een slimme thermostaat hier wel geschikt voor is. Nest labs is wel lid van de OpenTherm Association.

Fantastisch
Conclusie

Nest Thermostat --------------- **Prijs:** € 219,- **Scherm:** 1,75 inch (320 x 320 pixels) **Draadloos:** 802.11b/g/n, 802.15.4 (comm. met Heat Link) **Sensoren:** Temperatuur, vochtiheid, bewegingssensoren, lichtsensor **Compatibiliteit:** Combi- en condensatieketels, Systeemboilers en ketels die alleen warmte produceren, Vloerverwarmingssystemen met warm water, Warmtepompen met luchtwarmte en aardwarmte (alleen verwarming), Zonesystemen (één Nest Thermostat per zone), Spanningvoerend geschakelde systemen, Laagspanningssystemen (droog contact) **Afmetingen:** 8,3 cm (diameter) x 3,4 cm **Afmetingen Heat Link:** 10 x 10 x 3 cm

Plus- en minpunten
  • Design
  • Bouwkwaliteit
  • Interface
  • Eenvoudige bediening
  • Goede apps
  • Leerfuncties werken goed
  • Geen OpenTherm
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.