ID.nl logo
Huis

Doe het met stijl

Om je webpagina’s helemaal naar wens op te maken kan je niet zonder css, ook niet wanneer je een cms als Joomla of een blogtool als WordPress gebruikt. De definitieve specificatie van css3 is weliswaar nog lang niet af, maar je kunt er nu al mee aan de slag!

Css staat voor cascading style sheets,  een specificatie om de vormgeving van webpagina’s los te koppelen van de eigenlijke inhoud. Je kunt css-informatie in de webpagina zelf opnemen, zowel inline, dus in de pagina zelf, als in de <head>-sectie. Voor de overzichtelijkheid kun je het ook onderbrengen in een apart bestand (extern stijlblad) waarnaar je dan vanuit je webpagina verwijst. Omdat zo’n constructie tot potentiële conflicten kan leiden, volgt de css-informatie een watervalsysteem - vandaar de naam ‘cascading’. Een inline opmaakdeclaratie krijgt een hogere prioriteit dan de opmaak die vanuit de <head>-sectie is bepaald en die krijgt op zijn beurt voorrang op een eventueel extern stijlblad.

De eerste css-editie (css1) stamt al uit 1996 en werd twee jaar later opgevolgd door css2. Zo goed als alle moderne browsers ondersteunen nagenoeg volledig beide specificaties. Intussen is men ook al jaren bezig met css3, maar het zal – net als bij html5 – nog lang duren eer de standaard het stadium van een definitieve W3C-aanbeveling bereikt. Dat css(3) nog volop in beweging is, valt goed af te leiden uit een webpagina als www.w3.org/style/css/current-work.

Gelukkig hoef je die eindfase niet af te wachten en kan je nu al aan de slag met css3. Alle moderne browsers ondersteunen namelijk al in mindere of meerdere mate css3. Op www.findmebyip.com/litmus bijvoorbeeld lees je in tabelvorm af hoe goed elke browser op dat vlak presteert. Het zal je opvallen dat vooral Internet Explorer achterloopt, vooral als het op ondersteuning van css-eigenschappen aankomt. Wel is het zo dat Internet Explorer vanaf versie 9 met zowat alle css3-selectors overweg kan: dat bewijst ook de test op www.css3.info/selectors-test.

Her en der op internet vind je al enkele mooie demonstraties van css3 (bijvoorbeeld op www.css3.info/preview of enkele voorzichtige praktijkpogingen op www.css3gallery.net). maar nog veel leuker is het als je er zelf mee experimenteert. In dit artikel bekijken we alvast enkele css3-handigheden.

Selectors

Selectors mogen dan niet het meest sexy onderdeel uit de css-specificatie zijn, ze zijn wel van cruciaal belang. Een css-selector is een item waarop je een bepaalde css-opmaak kunt toepassen. Een eenvoudig voorbeeld met de syntax selector { eigenschap:waarde; } verduidelijkt dit: h2 { font-family: ‘Comic Sans MS’; color: green; }. Alle h2-items worden hierdoor in Comic Sans MS weergegeven als groene tekst. De selectors waren aanvankelijk vooral klassieke html-elementen (zoals h2, p, en dergelijke), waarbij de css-declaratie op elke instantie van dat element werd toegepast. Css3 breidt de selectors flink uit – uiteraard met een wat complexere syntax tot gevolg.

We volstaan hier met een tweetal voorbeelden die je alvast een idee geven. Het eerste stuk code voeg je toe aan de header van het document (tussen <head> en </head>). Het tweede stuk plaats je in de body. In het volgende voorbeeld laten ze zien hoe alle <p>-elementen waarbij “PCM” in de titel voorkomt – en alleen die – een speciale opmaak meekrijgen.

<style type="text/css" >

p[title*="PCM"] { font-family: 'Comic Sans MS'; color: blue; }

</style>

<p>Welkom op de CSS3-pagina van...</p>

<p title="Mijn PCM">PCM, Personal Computer Magazine</p>

Handig zijn verder ook de (pseudoclass-)selectors :checked, :enabled en :disabled, bedoeld om formuliervelden extra focus te geven:

:checked {display: inline-block; width: 6em;}

<form>

<input type="checkbox" /></p>

<input type="radio" name="pcm" /></p>

<input type="radio" name="pcm" />

</form>

Je zal merken dat het selectievakje en de keuzeknoppen meer ruimte innemen – wegens width:6em  - zodra je ze hebt aangeklikt.

Randen en kaders

Ook voor het werken met kaders en randen voorziet css3 in enkele creatieve extra’s.  Om een kader afgeronde hoeken te geven kan één css-declaratie volstaan:

.hoeken { border: 8px outset red; width: 400px; height: 100px; border-radius: 10px; }

<div class="hoeken">Een kader met afgeronde hoeken</div>

Overigens hoef je niet noodzakelijk alle hoeken af te ronden. Het beperken tot één of meerdere hoeken doe je met behulp van de eigenschappen border-top-left-radius, border-bottom-right-radius, enzovoort. Nog meer afronding is natuurlijk ook mogelijk, zodat je bijvoorbeeld een perfecte cirkel krijgt:

.cirkel { background: red; color: yellow; width: 100px; height: 100px; text-align: center; border-radius: 50px; display: box;  box-orient: horizontal; box-pack: center; box-align: center;}

<div class="cirkel">Cirkel met tekst</div>

Zonder de vetgedrukte items krijg je weliswaar een cirkelvorm, maar staat de tekst niet mooi in (het midden van) de cirkel. Om dat gedaan te krijgen maak je dus gebruik van een nieuw “box-model”, dat vastlegt hoe zo’n box in een ander box geplaatst moet worden. Lang niet alle browsers ondersteunen momenteel deze eigenschap, maar als het goed is lukt je dat met behulp van een browser-specifieke prefix alsnog. Voor browsers die worden aangestuurd door de Gecko-engine (voornamelijk Mozilla Firefox) is dat de prefix –moz- en voor browsers met de WebKit-engine (Safari en Chrome) is dat –webkit-. De declaratie ziet er voor dit laatste browsertype dan als volgt uit:

.cirkel { background: red;  color: yellow; width: 100px; height: 100px; text-align: center; border-radius: 50px; display: -webkit-box;  -webkit-box-orient: horizontal; -webkit-box-pack: center; -webkit-box-align: center; }

Overigens hoeft niets je te weerhouden de drie types eigenschappen broederlijk naast elkaar te declareren (display: box;  display: -webkit-box;  display: -moz-box;).

Ook leuk is de mogelijkheid om twee of meer verschillende afbeeldingen als kaderachtergrond te gebruiken. Je hoeft eigenlijk alleen een komma te zetten tussen de diverse plaatjes. Houd er wel rekening mee dat niet alle browsers hiermee al overweg kunnen. Sommige gaan zelfs compleet voorbij aan de declaratie met als gevolg een lege achtergrond. In onze code hebben we dat alvast opgevangen (zie vetgedrukte tekst):

.kader { width: 500px; height: 100px; background: url(pcm.gif) no-repeat; background: url(pcm.gif) no-repeat, url(hub.gif) repeat; background-position: bottom right, 50% 30; }

<div class="kader"></div>

De waarden die bij de eigenschap background-position horen bepalen waar (en hoe) de afbeelding precies getoond wordt binnen het kader. De syntax hiervan is behoorlijk complex. Je vindt alle nodige details, inclusief voorbeelden, op www.w3.org/tr/css3-background/#background-position.

Tekst en webfonts

Aan saaie teksten kan css3 weinig verhelpen, maar de specificatie kan er in elk geval wel voor zorgen dat de tekst er leuk uitziet. Een leuke toevoeging is bijvoorbeeld text-shadow. Deze eigenschap doet precies wat de naam suggereert:

h1 { text-shadow: 2px 3px 5px red }

<h1>PCM, Personal Computer Magazine</h1>

De eerste twee waarden bepalen de verschuiving van de schaduw ten opzichte van de eigenlijke tekst (horizontaal en verticaal). De derde waarde legt de vervagingsradius van de schaduw vast en red geeft uiteraard de kleur aan. Het is trouwens ook mogelijk meer dan één schaduweffect op tekst toe te passen, bijvoorbeeld:

h1 {text-shadow: 2px 3px 5px red, -2px -3px 2px yellow}.

Het aantal webpagina’s dat volop inzet op schreefloze fonts (sans serif) als Verdana valt niet te tellen. Toegegeven, dergelijke fonts laten zich lekker lezen op een scherm, maar je kunt ook wat creatiever uit de hoek komen: met webfonts bijvoorbeeld. Dat zijn lettertypes die door de browser automatisch kunnen worden gedownload. Webfonts zijn geen uitvinding van css3, maar de specificatie heeft het concept wel nieuw leven ingeblazen. Je kunt in css3 namelijk ieder (open) truetype font (extensies .ttf en .otf) inzetten.

@font-face { font-family: Inkinthemeat; src: url("inkinthemeat.otf") }

h1 { font-family: Inkinthemeat, Verdana; color: blue; font-size: 6em; }

<h1> PCM, Personal Computer Magazine</h1>

Je hoeft niet ver te zoeken gratis fonts die je effectief als webfonts kunt en mag inzetten. Een bezoekje aan een site als www.dafont.com. Handig is ook www.google.com/webfonts. Eigenlijk is deze pagina bedoeld om webfonts via een Google api op je webpagina’s te gebruiken. Je kunt de fonts echter ook probleemloos in .ttf-formaat downloaden, naar je eigen site uploaden en alsnog via css3 in je webpagina’s opnemen. Je hoeft het gewenste font alleen te downloaden en ergens online bereikbaar te maken. Je kunt het bijvoorbeeld op dezelfde locatie als je webpagina plaatsen.

Toch nog een kanttekening: Internet Explorer ondersteunt weliswaar css-webfonts, maar jammer genoeg alleen in het .eot-formaat (Embedded OpenType). Dat hoeft geen onoverkomelijk probleem te zijn. Op www.cuvou.com/wizards/ttf2eot.cgi vind je een gratis online converter evenals de nodige html-code om het font zowel in Internet Explorer als in andere browsers correct weer te geven.

Kleur en animatie

Css3 heeft ook het kleurenpalet verder uitgebreid. Nieuw zijn onder meer de kleurenschema’s hsla en rgba, waarbij de a voor ‘alpha channel’ (alfakanaal) staat. Meer achtergrondinformatie vind je op www.w3.org/tr/css3-color. Hiermee is het mogelijk de transparantiegraad van tekst of andere objecten nauwkeurig te bepalen. Dat kan ook met de eigenschap ‘opacity’, bijvoorbeeld als volgt: <div style=”background: rgb (255, 100, 50); opacity: 0.25;”>Deze tekst is bijna volledig transparant</div>. Met hsla/rgba-kleurenschema’s wordt het echter nog iets eenvoudiger:

<div style="background: hsla(0,100%,50%,0.7);">beetje transparant!</div>

<div style="background: rgba(255,100,50,0.2);">bijna volledig transparant!</div>

Over de precieze verschillen tussen opacity en rgba lees je meer op www.css3.info/introduction-opacity-rgba. Ook hier blijft Internet Explorer weer flink achter. Met het browserspecifieke filter kan je het als volgt oplossen: <p style="background-color: green; color: white; width:100%; filter:alpha(opacity=20) ;">Deze alinea is bijna geheel doorzichtig!</p>.

            Css3 maakt ook erg fraaie animaties mogelijk, al dan niet in combinatie met JavaScript. Sites als www.1stwebdesigner.com/css/50-awesome-css3-animations en http://blog.insicdesigns.com/2010/02/the-beauty-of-css3-animation hebben alvast een aantal overtuigende demo’s verzameld. We beperken ons hier noodzakelijkerwijs tot een instapvoorbeeld aan de hand van de eigenschap ‘animation’, die verschillende animatie-eigenschappen verenigt. Eerst bepaal je het gewenste keyframe (zie regel 1), waarna je de eigenlijke animatie vastlegt (regel 2) en die uiteindelijk ook aanroept:

@-webkit-keyframes mijn_animatie {from {left: 50 px; top: 50 px;} to {left: 400 px; top: 200 px;}}

#kader {-webkit-animation: mijn_animatie 4s linear 1 infinite alternate;position:absolute; height: 30px; width:122px; background-color: red;}

<div id="kader">PCM in beweging…</div>

Zoals je merkt, is de animatie-eigenschap momenteel nog browserspecifiek (-webkit-animation) en krijg je die voorlopig alleen aan de praat op browsers met de Webkit-engine. De parameters van de tweede regel, waarin de animatie vastleggen, vergen enige toelichting. Je treft daar de volgende eigenschappen aan:

-animation-name: de naam van je animatie, zoals bepaald door @-webkit-keyframes;

-animation-duration: de duur van een enkele animatie (standaard is dat 0, dus géén animatie – in ons voorbeeld staat die op 4s ingesteld);

-animation-timing-function: bepaalt hoe de animatie tussen twee keyframes moet bewegen (mogelijke waarden zijn onder meer ease, linear, ease-in en ease-out);

-animation-delay: de startvertraging;

-animation-iteration-count: herhalingsfactor (dat kan een cijfer zijn maar bijvoorbeeld ook infinite);

-animation-direction: richting (normal of alternate – in dit laatste geval wordt de animatie ook afgespeeld in omgekeerde richting).

We hebben in deze workshop niet alle mogelijkheden van css3 kunnen bespreken, maar de voorbeelden geven een aardig idee van wat je met css3 kunt. Zoals gezegd is de specificatie nog volop in beweging en valt het niet helemaal uit te sluiten dat bepaalde eigenschappen alsnog verdwijnen of worden aangepast. Anderzijds komen er ook geregeld nieuwe elementen bij en staan er nog wel een aantal op stapel (onder meer voor wiskundige formules en het weergeven van grafieken). Dit alles hoeft je niet te weerhouden css3 in je eigen webpagina’s te gebruiken, zolang je je bewust bent dat niet alle browsers alle css3-eigenschappen (even goed) weergeven.

▼ Volgende artikel
Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat
Huis

Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat

Capcom heeft eerder deze week een livestream uitgezonden waarin nieuwe beelden werden getoond van het aankomende horrorspel Resident Evil Requiem. Ook werd er meer informatie gegeven over de game.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Nadat eind vorig jaar al werd aangekondigd dat spelers niet alleen Grace Ashcroft zullen besturen, maar ook Leon S. Kennedy - een bekend gezicht voor mensen die eerdere delen hebben gespeeld - werd er tijdens de livestream uitgebreid gameplay van dit personage getoond.

Twee verschillende hoofdpersonages

Daarbij werd de nadruk gelegd op de verschillende speelstijlen van Leon en Grace. Op verschillende momenten gedurende de game wordt er automatisch tussen deze personages gewisseld, en ze zullen elk compleet andere gameplay bieden.

De segmenten met Leon - onder andere bekend uit Resident Evil 2 en Resident Evil 4 - zijn erg op actievolle schietgevechten gericht. Leon kan daarnaast ook de kelen van vijanden doorsnijden. Hij heeft ook een bijl waarmee hij aanvallen kan afweren. Grace's segmenten zijn juist erg gericht op spanning en horror en draaien vooral om het vermijden van intense gevechten.

Tijdens de livestream werd ook onthuld dat de game niet alleen naar consoles en pc komt, maar dat leden van Nvidia GeForce Now de game ook kunnen spelen. Ook werd er gepraat over de verschillende moeilijkheidsgraden - zo is er een extra makkelijke moeilijkheidsgraad voor mensen die weinig ervaring hebben met dit type spellen.

De complete livestream kan hieronder worden bekeken. In verband met de volwassen inhoud van de livestream kan het mogelijk zijn dat je op de link in de video moet klikken om naar YouTube te gaan en te bewijzen dat je volwassen bent.

Vanaf 27 februari verkrijgbaar

Resident Evil Requiem verschijnt op 27 februari (pre-orderen kan nu al) voor PlayStation 5, Xbox Series X en S, Nintendo Switch 2 en pc. Het is het negende hoofddeel in de horrorserie die al sinds de jaren negentig bestaat. In de loop der jaren is de franchise meermaals flink op de schop gegaan. Zo richtte Resident Evil 4 zich meer op actie, en zijn horrorelementen sinds Resident Evil 7: Biohazard weer teruggekeerd. Resident Evil Requiem lijkt dan ook een combinatie van al deze elementen te gaan bieden.

Op 27 februari zullen overigens ook Resident Evil 7 en Resident Evil Village (het achtste deel) op Nintendo Switch 2 uitkomen. Daarnaast verschijnt Village later deze maand op PlayStation Plus en Xbox Game Pass.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten
© chadchai - stock.adobe.com
Huis

Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten

Je kijkt een spannende serie en opeens bevriest het beeld. Dat bekende draaiende cirkeltje… er zijn weinig dingen zó frustrerend. Gelukkig ligt de oplossing vaak binnen handbereik. De snelheid van je internet hangt namelijk sterk samen met de manier waarop je thuis met je apparatuur omgaat. Door een paar veelgemaakte fouten te vermijden en de juiste techniek te kiezen, merk je vaak direct dat je netwerk stabieler wordt, zonder dat daar een duurder abonnement voor nodig is.

In het kort

In dit artikel lees je welke drie wifi-fouten het vaakst zorgen voor traag internet of haperingen: een onhandige plek voor je router, drukte op 2,4 GHz en verouderde firmware of hardware. Je ziet ook hoe je zelf een rustiger kanaal vindt en wanneer het slim is om te kiezen voor 5 GHz of 6 GHz. Tot slot leggen we uit wat wifi 6 en wifi 7 doen en waarom een netwerkkabel van minimaal cat5e verschil kan maken.

Lees ook: Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Fout 1: De router op de verkeerde plek neerzetten

Een router wint qua looks zelden een schoonheidsprijs. De neiging om het apparaat uit het zicht te plaatsen is daarom groot. Toch is een verkeerde locatie de meest gemaakte fout die je bereik merkbaar (en soms zelfs dramatisch) kan verkleinen.

Dat zit zo.  Je kunt wifi-signalen vergelijken met het licht van een gloeilamp. Als je die lamp in een houten kast of achter een dikke bank zet, blijft de rest van de kamer donker. Obstakels zoals muren, meubels en zelfs grote kamerplanten blokkeren de onzichtbare golven. Vooral metaal en water zijn beruchte boosdoeners; een router naast een aquarium of achter een radiator plaatsen is vragen om problemen.

Ook de hoogte is bepalend. Veel mensen zetten de router op de grond, maar op de grond zit het signaal sneller 'achter' meubels en andere blokkades. Zet het apparaat liever op een kast of boekenplank op ooghoogte voor een vrije weg naar je apparaten.

©ID.nl

Fout 2: Storing door andere apparatuur over het hoofd zien

Je staat er waarschijnlijk niet bij stil, maar veel apparaten in huis gebruiken dezelfde onzichtbare digitale snelweg als je internetverbinding. De magnetron, sommige babyfoons en zelfs de draadloze koptelefoon van de buren vechten om een plekje op de 2,4GHz-band. Ook andere wifi-netwerken in de buurt kunnen voor digitale files zorgen.

De meeste moderne routers ondersteunen gelukkig ook de 5GHz-frequentie. Deze band is veel breder en heeft minder last van andere apparatuur. Het handmatig selecteren van het 5GHz-netwerk levert vaak direct een snelheidswinst op. Heb je een router met wifi 6e of wifi 7, dan kun je soms ook de 6 GHz-band gebruiken. Die is vaak rustiger, maar het bereik is meestal wat kleiner dan bij 5 GHz.

Tip: geef je netwerken duidelijke namen

Veel routers zenden meerdere wifi-netwerken tegelijk uit: 2,4 GHz voor bereik, 5 GHz voor snelheid en soms ook 6 GHz voor extra ruimte in drukke omgevingen. Als al die banden onder één naam vallen, kiest je smartphone of laptop automatisch. Dat gaat vaak goed, maar niet altijd: je toestel kan blijven “plakken” aan 2,4 GHz terwijl 5 GHz op dat moment sneller en stabieler is.

Door je netwerken een herkenbare naam te geven, maak je de keuze simpel. Geef de 2,4 GHz-band bijvoorbeeld de naam thuis-2g, de 5 GHz-band thuis-5g en, als je die hebt, de 6 GHz-band thuis-6g. Dan zie je in één oogopslag welk netwerk je pakt. Zit je ver van de router, dan is 2,4 GHz vaak de veiligste optie. Zit je dichtbij en wil je vooral snelheid, dan ligt 5 GHz of 6 GHz meer voor de hand. Zo kun je bij haperingen of traag internet meteen testen of een andere band het probleem oplost, zonder dat je in instellingen hoeft te graven.

View post on TikTok

Fout 3: Verouderde software en hardware blijven gebruiken

Technologie verandert razendsnel en dat geldt ook voor de beveiliging en snelheid van je netwerk. Veel huishoudens werken nog met de router die ze jaren geleden bij hun eerste abonnement kregen. Deze oude techniek kan de moderne eisen van streaming en videobellen simpelweg niet meer bijbenen. Daarnaast vergeten veel gebruikers om de firmware van hun apparaat te updaten. Fabrikanten brengen deze software-updates uit om prestaties te verbeteren en lekken te dichten. Een verouderd systeem is niet alleen trager, maar ook een makkelijker doelwit voor hackers.


1️⃣2️⃣3️⃣Stappenplan: de beste wifi-kanalen scannen

Als je buren ook allemaal op hetzelfde wifi-kanaal zitten, ontstaat er interferentie. Je kunt dit zelf eenvoudig oplossen door een rustiger kanaal te zoeken.

1) Download een app zoals WiFi Analyzer (Android) of NetSpot (Windows, macOS, Android & iOS).

2) Open de app en bekijk de grafiek van de omgeving. Je ziet hier welke kanalen drukbezet zijn door netwerken in de buurt. Noteer het kanaalnummer dat het minst wordt gebruikt. Vaak zijn kanaal 1, 6 of 11 op de 2,4GHz-band de beste keuzes.

3) Log in op de webinterface van je router via je browser (meestal via een adres als 192.168.1.1). Zoek naar de draadloze instellingen en wijzig het kanaal van 'Automatisch' naar het door jou gekozen nummer. Sla de instellingen op en test of je verbinding stabieler aanvoelt.

Het verschil tussen wifi 6 en wifi 7

Sta je op het punt om een nieuwe router of laptop te kopen? Dan kom je de termen wifi 6 en wifi 7 tegen. Wifi 6 was een grote stap vooruit omdat het beter omgaat met veel apparaten tegelijk op één netwerk. Het zorgt voor een efficiëntere verdeling van de data. Wifi 7 is de allernieuwste standaard en gaat nog een flinke stap verder. Het maakt gebruik van extreem brede kanalen en kan verbinding maken via meerdere frequenties tegelijkertijd. Dit wordt Multi-Link Operation genoemd. Hierdoor is de vertraging merkbaar lager en kun je hogere snelheden halen, vooral op korte afstand en met geschikte apparaten. Voor een gemiddeld huishouden is wifi 6 momenteel een uitstekende keuze, terwijl wifi 7 echt voor de toekomst is gebouwd.

Heel belangrijk: de juiste bekabeling

Draadloos internet begint voor de meeste mensen bij een kabel: heb je een los modem en een losse router, dan vormt de kabel ertussen de basis. Gebruik je hier een oude kabel, dan wordt de snelheid al beperkt voordat het signaal de lucht in gaat. Controleer of er Cat 5e, Cat6 of Cat6a op de kabel staat, dan zit je meestal goed. Cat5 haalt soms maar 100 Mbps door kwaliteit/afmontage. Heb je cat5 liggen? Vervang dat dan in ieder geval door cat5e; dat is een veilige keuze voor gigabit. Een kleine investering in een kwalitatieve netwerkkabel kan een wereld van verschil maken voor de uiteindelijke wifi-snelheid op je telefoon.

Slechte wifi? Oplossen is makkelijker dan je denkt

Alles bij elkaar komt goed wifi minder neer op toeval dan veel mensen denken. Met een slimme plek voor je router, een rustige frequentie en actuele software haal je vaak al verrassend veel winst. Combineer dat met een fatsoenlijke netwerkkabel en je voorkomt dat de dat de verbinding al beperkt wordt voordat het signaal draadloos wordt verspreid. Door deze stappen een voor een toe te passen, los je de meest voorkomende wifi-problemen op zonder dat een duurder internetabonnement nodig is, en maak je van een haperende verbinding weer een stabiele basis voor alles wat je online doet.

Consumenten testen: TP-Link Deco BE25 WiFi 7 mesh set

Op Review.nl, het testplatform waarop consumenten nieuwe technologie uitproberen en hun bevindingen delen, krijgt de TP-Link Deco BE25, een router met dualband wifi 7,  een stevige 8,7 op Review.nl. En dat betekent iets: want omdat op Review.nl producten getest worden door een panel van echte gebruikers, zie je hoe iets in een normaal huishouden presteert.

Wat opvalt is hoe vaak testers terugkomen op de snelheid en stabiliteit. De overstap naar wifi 7 levert volgens veel gebruikers merkbaar meer rust in het netwerk op, vooral in huizen waar voorheen op zolder, in de tuin of achterin de woonkamer nauwelijks een bruikbaar signaal was. De Deco BE25 vult dat soort gaten zichtbaar op. Apparaten blijven stabiel verbonden, streamen gaat zonder haperingen en ook gamers merken volgens de testers dat de latency laag blijft. Wie een gigabitverbinding heeft, ziet die snelheid nu ook daadwerkelijk terug op plekken waar dat eerst niet haalbaar was.

Een tweede punt dat veel lof krijgt, is de installatie. De meeste testers spreken over een proces van enkele minuten. De app begeleidt je stap voor stap, herkent automatisch de nieuwe units en geeft advies over de beste plek voor elk wifipunt. Daardoor voelt het hele systeem toegankelijk, ook voor wie zichzelf niet technisch vindt. Eenmaal ingesteld blijkt het netwerk bovendien weinig onderhoud nodig te hebben: de app verdeelt verkeer slim, laat je apparaten prioriteren en biedt opties voor gastnetwerken en ouderlijk toezicht.

Het ontwerp en de functionaliteit leveren wel discussie op. Een deel van de testers vindt de units wat groot en mist montageopties of extra ethernetpoorten. Ook melden sommige gebruikers dat smartphones niet altijd direct naar het dichtstbijzijnde wifipunt schakelen. Toch wordt dat in de meeste reviews gezien als een detail naast de verbeterde dekking en het gemak van dagelijks gebruik.

Alles bij elkaar laat het testpanel zien dat de Deco BE25 vooral scoort op prestaties waar consumenten echt iets van merken: hogere snelheden, betere dekking en een probleemloos installatieproces. Voor veel huishoudens voelt het als een upgrade die een onrustig wifi-netwerk verandert in een betrouwbaar en snel geheel.