ID.nl logo
Bouw je eigen Raspberry Pi-cluster met deze instructies
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Bouw je eigen Raspberry Pi-cluster met deze instructies

Het aantal Raspberry Pi’s in mijn huis begon onhandelbaar te worden en het kluwen van kabels en voedingsadapters was me al even een doorn in het oog. Ik besloot een aantal van deze Raspberry Pi’s op elkaar te stapelen in een clusterbehuizing, aangesloten op één voeding en één netwerkswitch. Lijkt dat je ook wat? Lees hier dan hoe je voor jezelf een Raspberry Pi-cluster maakt.

Zoals elke zichzelf respecterende Raspberry Pi-fan heb ik door de jaren heen heel wat modellen van het minicomputertje bij elkaar verzameld. Er staan diverse exemplaren in heel mijn huis en zelfs in mijn kippenhok. De Pi’s hebben uiteenlopende doeleinden zoals een ip-camera, domoticacontroller, om sensorgegevens via bluetooth uit te lezen enzovoort.

Een groot deel van die Raspberry Pi’s staat op mijn bureau. Dat levert een kluwen van netwerk- en voedingskabels op, met allerlei bordjes met en zonder behuizing op mijn bureau, en verspreid in en op mijn boekenkasten. Ik vond het tijd om daar een wat nettere oplossing voor te vinden.

Bovendien zetten al die voedingsadapters elk individueel de netspanning om naar een 5V-gelijkspanning voor het computerbordje. Het zou efficiënter zijn als dat één keer gebeurt en dat ik alle Raspberry Pi’s op die ene voeding kan aansluiten. Het zou me ook weer wat extra vrije stopcontacten opleveren.

Al vrij snel realiseerde ik me dat de oplossing was om een computercluster te bouwen van de Raspberry Pi’s. Er zijn diverse projecten online te vinden die dat doen. Zelfs al gebruik ik de Pi’s voorlopig niet als computercluster (enkele computers die als één computer berekeningen uitvoeren), de hardware die ik nodig heb om de voorgaande problemen op te lossen, is exact hetzelfde.

De oplossing ziet er dan ook als volgt uit: de Raspberry Pi’s stapel je in een clusterbehuizing op elkaar. Daardoor nemen ze samen maar weinig plaats in. Elke Pi voed je via een laadstation met meerdere usb-poorten, en sluit je via een platte ethernetkabel aan op een ethernetswitch. De switch en het laadstation plaats je gewoon naast de stapel Pi’s. Als je de kabels kort genoeg houdt, ziet het geheel er heel netjes uit en blijft het vrij compact.

Raspberry Pi-cluster benodigdheden

Bovenstaande uitleg lijkt eenvoudig, maar bij de keuze van de componenten komt heel wat kijken en de juiste keuze hangt ook af van wat je exact met je Raspberry Pi’s wilt doen. In deze DIY leg ik uit welke keuzes ik gemaakt heb voor mijn situatie. Het is één configuratievoorstel, waarop je kunt variëren als je andere vereisten hebt.

De belangrijkste keuze die je eerst dient te maken, is hoeveel Raspberry Pi’s je in je cluster wilt opnemen en welke modellen. Wil je een krachtige rekencluster maken, dan kies je wellicht voor Raspberry Pi 4B’s met 4 GB ram. In mijn geval ging het vooral om het netjes bij elkaar brengen van enkele Raspberry Pi’s die ik al had: een Raspberry Pi 2B, een Raspberry Pi 3B, een Raspberry Pi 3B+ en drie Raspberry Pi 4B’s (van elk model één: met 1 GB, 2 GB en 4 GB ram). Zo kwam ik dus op een systeem met zes Raspberry Pi’s.

Ik heb in het boodschappenlijstje geen ventilatoren voorzien, maar voor de beste prestaties heb je die wel nodig, zeker bij de Raspberry Pi 4. In plaats van een afzonderlijke HAT met ventilator voor elke Raspberry Pi zou je ook een tafelventilator op je cluster kunnen richten.

Elk van die Raspberry Pi’s heeft een micro-sd-kaart nodig voor het besturingssysteem. Strikt gezien kun je ze ook zonder lokale opslag laten opstarten. Dan downloaden ze via het netwerk hun besturingssysteem. Maar ik raad aan om eerst de hele opstelling toch eens te testen op de normale manier met een micro-sd-kaart in elke Raspberry Pi.

Dat gezegd hebbende, is dit het lijstje dat ik hanteerde:

Clusterbenodigdheden

  • ILS acrylclusterbehuizing met 6 lagen (€ 20,-)
  • TP-Link LS108G 8-poorts gitabit-ethernetswitch (€ 25,-)
  • set van 7 platte Cat7-ethernetkabels 25 cm (€ 3,81)
  • Anker PowerPort 12 A 60 W laadstation met 6 poorten (€ 29,-)
  • 2x set van 4 usb-c-laadkabels 25 cm (2x € 9,-)
  • 6x Open-Smart 10-Segment Mini Battery Display (6x € 1,30)
  • 40x m/f-jumperwires 20 cm (€ 4,95)
  • 830-punts breadboard (€ 6,95) Cluster van 6 Raspberry Pi 4’s
  • 6x Raspberry Pi 4 Model B 1 GB ram (6x € 39,95)
  • 6x 8 GB micro-sd-kaart (6x € 8,99)

Totale kostprijs: ca. € 409,-

Clusterbehuizing in elkaar schroeven

Als je op internet zoekt naar ‘raspberry pi cluster case’ vind je al snel talloze mogelijkheden om meerdere Raspberry Pi’s in één behuizing te steken, voor elk budget. Op Amazon vond ik voor 20 euro een acrylclusterbehuizing voor zes Raspberry Pi’s. Dit soort stapelbare behuizingen is een populaire en niet al te dure oplossing, en nog leuk om te zien ook omdat ze transparant zijn.

De Raspberry Pi’s zijn niet volledig beschermd, want er zit alleen boven en onder elk processorbordje een plaatje. Maar een voordeel van deze opstelling is dat ze gemakkelijk uit te breiden is: als je later nog Raspberry Pi’s aan je cluster wilt toevoegen, hoef je alleen maar enkele plaatjes en bijbehorende afstandshouders bij te kopen (op voorwaarde dat je voeding en netwerk de uitbreiding aankunnen uiteraard).

©PXimport

Als je de foto’s van de behuizing bekijkt, is de verleiding groot om eerst de hele toren op te bouwen en dan de Raspberry Pi’s erin te monteren. Maar het is eenvoudiger om elke Pi laag voor laag direct op zijn bodemplaatje te monteren. Let daarbij op: plaats de micro-sd-kaart boven de uitsparing aan de zijkant en plaats de ELPIDA-chip aan de onderkant van de oudere Pi-modellen (de Pi 4 heeft deze niet) boven de uitsparing net naast het midden van het plaatje.

Gebruik de langere schroefjes om de Raspberry Pi vast te zetten op het plaatje, met de meegeleverde plastic moeren tussen de bodemplaat en de Raspberry Pi, en de kleinere metalen moeren bovenaan de Raspberry Pi. De grotere moeren zijn om de afstandshouders helemaal onderaan vast te zetten aan het onderste bodemplaatje en de grotere schroeven zijn om de afstandshouders helemaal bovenaan vast te zetten aan het afdekplaatje met het logo van de Raspberry Pi erop. Draai alles niet muurvast. Dat is niet nodig voor de stabiliteit en het maakt het alleen maar moeilijker om de behuizing later weer te demonteren.

Op het eerste gezicht lijken alle plaatsen uitwisselbaar en denk je dat het niet uitmaakt waar je elke Pi plaatst. Toch denk je hier maar beter goed over na voordat je de hele stapel monteert. Hangt er aan een van je Pi’s namelijk een extra kabel, bijvoorbeeld voor een externe harde schijf, of heb je er een usb-transceiver voor Z-Wave of iets anders dat uitsteekt aan hangen, plaats die Pi dan bij voorkeur onderaan, zodat je geen kabels of uitsteeksels al te hoog hebt waarachter je per ongeluk kunt blijven hangen.

Heb je een HAT met display op een Pi staan, plaats die dan bovenaan. En steek je een Pi in de clusterbehuizing die je zo nu en dan er uit wilt halen om hem op een andere plaats te gebruiken, plaats die dan onderaan of bovenaan, zodat hij gemakkelijk te demonteren is. De nieuwere modellen, zeker de Raspberry Pi 4, plaats je (in geval van een mix van oude en nieuwe modellen) ook het best bovenaan: deze genereren meer warmte en warmte stijgt, dus bovenaan kan die het snelste weg.

©PXimport

Over de voeding

Al die Raspberry Pi’s met een eigen voeding van stroom voorzien is geen nette oplossing. Gelukkig bestaan er laadstations die meerdere apparaten tegelijk via usb van stroom kunnen voorzien. Populaire laadstations voor Raspberry Pi-clusters zijn die van Anker, vooral de versies met zes poorten en tien poorten.

Uiteraard kies je voor een laadstation met voldoende poorten voor je cluster. In mijn geval kwam de versie met zes poorten goed uit voor mijn cluster met zes Raspberry Pi’s. Wil je de volledige opstelling via het laadstation voeden, dan dien je een extra poort te voorzien en naar een ethernetswitch te zoeken die via usb te voeden is. In mijn geval vond ik de meerkosten van een laadstation met meer poorten en een duurdere switch niet opwegen tegen die ene voeding minder die ik dan nodig zou hebben.

De aansluiting is eenvoudig. Je koopt gewoon een setje usb-laadkabels en sluit elke Pi zo op het laadstation aan. In het boodschappenlijstje heb ik voor de configuratie met zes Raspberry Pi 4’s allemaal usb-c-laadkabels opgenomen, maar in mijn geval gaat het om drie micro-usb-laadkabels en drie usb-c-laadkabels. Het laadstation steek je dan in het stopcontact, waardoor je zes voedingsadapters en bijbehorende stekkers door één stekker hebt vervangen. Laadkabels van 25 cm zijn net lang genoeg om zes Raspberry Pi’s in een verticale opstelling te voeden met de Anker PowerPort. Je plaatst die laatste het best aan de kant van de voedingspoorten van de Pi’s.

©PXimport

Maar het belangrijkste aan je keuze voor een laadstation is dat het voldoende vermogen moet kunnen leveren aan je Raspberry Pi’s. Ga daarbij uit van het meest extreme scenario. Ik ging daarom uit van het vermogensverbruik van zes Raspberry Pi 4’s op volle kracht. Uit een benchmark van MagPi blijkt dat dit model in een stresstest tot 7 W verbruikt. Ik heb dus zes keer 7 W ofwel 42 W nodig om een veiligheidsmarge te hebben.

De Anker PowerPort levert 60 W, dus dat is ruim voldoende. Maar let op: veel laadstations adverteren niet alleen met hun maximaal vermogen, maar ook met maximale stroomsterktes per poort. Zo levert de Anker PowerPort tot 2,4 A stroom per poort, waaruit je kunt afleiden dat die maximaal 12 W (2,4 A maal 5 V) vermogen per poort levert. Maar als je daadwerkelijk 2,4 A op elke poort zou nodig hebben (wat hier niet het geval is), is dat niet mogelijk, want de totale stroom die het laadstation aan de zes poorten kan leveren is 12 A. Je dient dus na te kijken of het laadstation zowel per poort als in totaal voldoende vermogen kan leveren voor je cluster.

Over het netwerk

Alle moderne Raspberry Pi’s zijn voorzien van wifi, dus de verleiding is groot om daar voor je cluster gebruik van te maken om zo extra kabels uit te sparen, maar een ethernetswitch maakt je netwerkverbindingen toch heel wat betrouwbaarder en sneller. Dat hoeft geen duur model te zijn: voor twee tientjes heb je al een degelijke gigabit-ethernetswitch. Overigens haal je alleen op de Raspberry Pi 4 gigabitsnelheden (de oude modellen hebben een langzamere chip).

Let op dat je switch minstens één poort meer heeft dan het aantal Raspberry Pi’s in je cluster. De Pi’s sluit je elk met een kabel op de switch aan en met één extra kabel sluit je de switch op de rest van je netwerk aan.

Voor de netwerkkabels van je Pi’s kies je het best platte kabels; de klassieke netwerkkabels zijn niet gemaakt om sterk te buigen en nemen dan ook meer plaats in.

©PXimport

Daarna is het een kwestie van de switch en het laadstation in het stopcontact te steken en je Raspberry Pi’s op te starten. De eenvoudigste manier om dat te doen, is om elke Raspberry Pi van een micro-sd-kaart te voorzien met een besturingssysteem zoals Raspbian. Dat kan met een programma als balenaEtcher.

Als je niet al je Raspberry Pi’s continu wilt ingeschakeld hebben, zul je de stroom van individuele Pi’s moeten uitschakelen door de usb-laadkabel uit het laadstation of uit de Raspberry Pi te trekken. Heb je dit om een of andere reden vaak nodig, koop dan een of meerdere usb-laadkabels met ingebouwd knopje om de stroomtoevoer eenvoudig in- en uit te schakelen.

Statusleds

Ik heb lang overwogen om op elke Raspberry Pi een rij ledjes of een klein lcd-schermpje aan te sluiten om zo de status van het cluster te tonen, maar dat verhoogt de prijs significant. Voor de LED SHIM van Pimoroni betaal je bijvoorbeeld al bijna een tientje. Doe dat maal zes en je komt aan bijna zestig euro voor gewoon wat statusleds. Voor die prijs kun je een extra Raspberry Pi 4 kopen, het model met het meeste geheugen zelfs.

Ik vond een leuke lowtech-oplossing in het Mini Battery Display van Open-Smart. Voor 1,30 euro per stuk vind je dit kleine printplaatje met leds op AliExpress. Het bevat een ledbalk met tien segmenten, die je kunt aansturen om bijvoorbeeld de processorbelasting of cpu-temperatuur aan te duiden. Er bestaan versies in allerlei kleuren en met allerlei aantallen segmenten. Let op: de tiensegment-versie heeft eigenlijk maar zeven onafhankelijk werkende segmenten: de eerste twee, de zesde en de zevende en de achtste en de negende worden samen aangestuurd.

©PXimport

Het ledbordje bevat een TM1651-chip en heeft vier pinnen: GND, VCC (5 V), DIO en CLK. Die twee laatste zijn de pinnen waarop je data doorstuurt aan de chip om te kiezen welke segmenten je wilt doen oplichten. Bij de aankoop ontving ik een datasheet (in het Chinees) en een spaarzaam (in het Engels) becommentarieerde C++-bibliotheek en Arduino-code.

Sluit eerst het bordje aan op de gpio-pinnen van je Raspberry Pi en wel als volgt: VCC sluit je op 5 V aan (pin 4), GND op GND (pin 6), DIO op BCM23 (pin 16) en CLK op BCM24 (pin 18). Zie https://pinout.xyz voor de pinnummers van de Raspberry Pi.

Ik heb gezocht naar code om het ledbalkje aan te sturen op de Raspberry Pi, maar blijkbaar bestond die niet. Omdat mijn (al dan niet passieve) kennis van programmeertalen iets vlotter is dan van het Chinees, heb ik de code van de C++-bibliotheek gelezen. Die bleek heel verstaanbaar, maar ze werkte niet eens. Door de C++-code van een ander vergelijkbaar ledbalkje te bekijken dat wel werkte en wat concepten uit beide projecten te combineren, slaagde ik er na wat experimenteren in om Python-code te schrijven om het ledbalkje aan te sturen.

Je installeert het Python-programma als volgt op Raspbian:

sudo pip3 install rpi-mini-battery-display

Daarna kun je naar believen het ledbalkje aansturen om de processorbelasting van je Raspberry Pi aan te geven:

rpi-mini-battery-display --processor

Zie de projectpagina op PyPI voor verdere instructies en extra mogelijkheden.

Zes van deze ledbalkjes passen precies op een breadboard, dus dat kun je voor of op de clusterbehuizing van je zes Raspberry Pi’s plaatsen. En zo heb je een goedkoop statusschermpje voor je cluster.

©PXimport

Wat kan beter?

Ik heb heel veel tijd in de voorbereiding en het uitzoeken van de juiste componenten gestoken, waardoor het cluster eigenlijk onmiddellijk bruikbaar was. Maar zoals altijd maak je een eerste keer toch verkeerde keuzes. In mijn drang om mijn Pi-cluster zo compact mogelijk te houden, heb ik de kabellengtes eigenlijk iets te krap genomen, wat mijn opties voor de opstelling beperkt.

Voor een verticale opstelling zijn de netwerkkabels van 25 cm echt te kort, waardoor ik de switch verticaal tegen de clusterbehuizing moet vastsnoeren of ze half zwevend op de ondergrond moet laten rusten. Het eerste is niet optimaal voor de warmteontwikkeling, het tweede niet netjes. Ook had ik redelijk dikke platte kabels gekocht, met een hoge stijfheid; dunnere flexibele kabels waren beter geweest. Hetzelfde probleem had ik met de laadkabels: omdat die zo stijf zijn, moet het laadstation half zwevend op zijn kant liggen.

Als ik de behuizing horizontaal opstel, met alle Pi’s op hun kant met de gpio-header onderaan, zijn de netwerkkabels niet het probleem (ze zijn dan zelfs eigenlijk te lang), maar de voedingskabels zijn dan iets te kort, waardoor het laadstation volledig in de lucht zweeft of op een verhoging gestabiliseerd moet worden. De horizontale opstelling met laadstation op een verhoging is voorlopig mijn voorkeursopstelling van dit cluster.

Conclusie

Op de kabels na ben ik eigenlijk heel tevreden met dit cluster. Maar ik wil nog enkele zaken verder uitwerken. Allereerst wil ik er een écht cluster van maken, met Kubernetes. Vorig jaar heb ik stuk voor stuk allerlei diensten die thuis draaien gemigreerd naar Docker-containers, verspreid over mijn nas en enkele Raspberry Pi’s. Met Kubernetes kan ik die automatisch over mijn Raspberry Pi-cluster verdelen zodat de Pi’s allemaal gelijkmatig belast zijn.

Een systeem als dit schreeuwt ook om een meer netwerkgebaseerde implementatie. Momenteel heeft elke Pi in het cluster zijn eigen micro-sd-kaartje waarvan het zijn besturingssysteem opstart en waarop het zijn gegevens opslaat. Maar als je een nas hebt, is het maar een kleine stap om van gedeelde opslag op je nas gebruik te maken voor je Pi’s.

Als je dan ook nog de images voor de besturingssystemen van de Pi’s op een nfs-server plaatst en de Pi’s via een netboot-server van deze images laat opstarten op het netwerk, heb je zelfs geen micro-sd-kaartjes meer nodig.

Maar hoewel ik nog heel wat aan dit cluster wil uitbreiden, doet hij zijn werk al goed. Ik probeer nu sneller nieuwe zaken op mijn Raspberry Pi’s uit omdat ik er geen werkloze Raspberry Pi’s meer voor uit een doos hoef te halen. En mijn bureau ziet er heel wat netter uit

▼ Volgende artikel
Avengers: Doomsday-teaser trailers door meer dan miljard mensen bekeken
Huis

Avengers: Doomsday-teaser trailers door meer dan miljard mensen bekeken

De vier teaser trailers van aankomende Marvel-film Avengers: Doomsday blijken een groot succes: meer dan een miljard mensen wereldwijd hebben de teasers blijkbaar gezien.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Afgelopen december startte Marvel Studios de promotie voor de aankomende film Avengers: Doomsday op. Elke week verscheen er een nieuwe teaser trailer in de bioscoop, die kort daarna ook op internet verscheen.

Vier teaser trailers

Er zijn in een maand tijd vier trailers verschenen waarin diverse personages die bekend zijn van de 'Marvel Cinematic Universe' werden getoond. Hiermee werd duidelijke gemaakt dat ze ook in Avengers: Doomsday weer van de partij zijn.

Zo kwam er een zeer bekend gezicht uit eerdere films terug. Wie dat precies is, zullen we hier niet verklappen, maar kun je in de trailer zelf zien. Verder is ook duidelijk dat Thor, de X-Men, personages uit het fictieve land Wakanda en de Fantastic Four van de partij zijn. De vier teaser trailers zijn hieronder nog eens te zien, mocht je ze gemist hebben.

Waar er van films normaal eerst één teaser trailer en daarna een volledige trailer uitgebracht wordt, koos Marvel hier dus voor vier teaser trailers. Die strategie heeft gewerkt, want volgens de laatste schattingen (via The Hollywood Reporter) hebben in totaal 1,02 miljard mensen de teasers gezien. Het is daarbij niet bekend hoe de verdeling precies ligt per teaser trailer, maar hoe dan ook gaat het om een indrukwekkend aantal kijkers.

Watch on YouTube
Watch on YouTube

Over Avengers: Doomsday

Avengers: Doomsday is de langverwachte nieuwe film binnen de Marvel Cinematic Universe, een gedeeld universum waar haast alle moderne Marvel-films (en ook verschillende series op Disney+) tegenwoordig onder vallen. Samen vertellen ze een doorlopend verhaal, vergelijkbaar met een tv-serie, maar dan met films die een productiewaarde hebben die bij dergelijke producties past.

De Avengers-films zijn een soort vieringen van dit universum waarin alles samenkomt: de personages, maar ook de verhaallijnen die in vorige films zijn begonnen. Avengers: Doomsday moet dan ook de volgende grote 'tentpole'-release worden binnen deze franchise.

Hierin zullen alle Marvel-superhelden die tot dusver zijn geïntroduceerd samenkomen om het op te nemen tegen de gevaarlijke Doctor Doom. De film draait vanaf 18 december 2026 in de bioscoop, en zal in 2027 opgevolgd worden door Avengers: Secret Wars.

Watch on YouTube
Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Alles over Grand Theft Auto 6 - Releasedatum, platforms en meer
Huis

Alles over Grand Theft Auto 6 - Releasedatum, platforms en meer

De release van Grand Theft Auto 6 belooft de grootste gebeurtenis in het entertainmentlandschap ooit te worden. Punt. Groter dan Avatar en Avengers: Endgame bij elkaar. We bereiden ons er inmiddels al zo’n dertien jaar op voor, en om jou ook klaar te stomen staat alles wat je moet weten over GTA 6 hier op een rij: de releasedatum, trailers, het verhaal, de platforms én meer.

Dit artikel is voor het laatst bijgewerkt op 16 januari.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Releasedatum en platforms GTA 6

Na twee keer uitstellen staat de releasedatum van Grand Theft Auto 6 momenteel op 19 november 2026. De eerste aangekondigde releaseperiode van het spel was in het najaar van 2025, daarna mei 2026. We hopen uiteraard dat het nu een beetje klaar is met uitstellen, maar volgens de bekende en algemeen betrouwbare Jason Schreier van Bloomberg is de game nog altijd niet ‘content-compleet’ en is verder uitstel nog altijd mogelijk. Zeker omdat het volgende fiscale jaar tot en met maart 2027 loopt, zouden Rockstar-medewerkers er vrede mee hebben om de game rustig nog een keer uit te stellen.

Niettemin zal GTA 6 op een gegeven moment daadwerkelijk uitkomen, op de PlayStation 5 en Xbox Series X- en S-consoles. Er gaan geruchten dat ontwikkelaar Rockstar Games een Switch 2-versie van het spel overweegt, maar neem dat vooral met een korrel zout gezien de hardwarecapaciteit van het hybride-platform van Nintendo.

Watch on YouTube

Wel kunnen we vrij zeker stellen dat de game uiteindelijk ook op pc speelbaar wordt. Uitgaande van Rockstars meest recente titels kan dat tussen één en twee jaar duren. GTA 5 kwam 19 maanden na de console-release naar pc, en Red Dead Redemption 2 deed daar ook iets langer dan een jaar over.

Daarnaast wordt gespeculeerd dat GTA 6 voor PlayStation 6 en de volgende generatie Xbox-consoles verschijnt, gezien die mogelijk al vanaf 2027 verschijnen. Hoewel de kans groot is dat er op den duur een versie voor die nieuwe platforms verschijnt, worden de PlayStation 5 en Xbox Series X en S vrijwel zeker niet overgeslagen. Inmiddels zijn de consoles gezamenlijk ruim 120 miljoen keer over de toonbank gegaan, waardoor de install base voor Rockstar veel aantrekkelijker is dan een nieuw platform.

Wordt GTA 6 weer uitgesteld?

Momenteel vragen spelers zich vooral af of GTA 6 de releasedatum van 19 november nu wél haalt. De game is inmiddels al twee keer uitgesteld, terwijl Rockstar gaandeweg meermaals heeft aangegeven uit te gaan van de aanvankelijk gecommuniceerde release. Het laatste uitstel zou volgens het officiële statement vooral goed zijn voor het polijsten van de ervaring.

View post on X

Zoals hierboven al genoemd, rapporteerde de doorgaans behoorlijk betrouwbare journalist Jason Schreier begin januari 2026 echter dat bronnen hem vertelden dat GTA 6 nog altijd niet ‘content complete is’, wat inhoudt dat er nog altijd features ontworpen, overwogen en geïmplementeerd worden. Schreier stelt dan ook dat de releasedatum van 19 november niet zo zeker meer is, en dat de game nóg een keer kan worden uitgesteld.

Op 5 januari stelde de eveneens vrij betrouwbare insider Tom Henderson daarentegen dat de ontwikkeling van GTA 6 volgens planning verloopt, dus er is nog geen reden tot doemdenken. Daarbij is niets van dit alles door Rockstar bevestigd, dus het is allemaal louter speculatie.

Noemenswaardig is overigens dat Rockstar Games in oktober 2025 31 medewerkers heeft ontslagen, volgens moederbedrijf Take-Two wegens het delen van bedrijfsgegevens in een Discord-server. Dit gebeurde een maand nadat dezelfde medewerkers zich aansloten bij een vakbond en/of aanstalten maakten een vakbond op te richten. Sindsdien ligt Rockstar onder vuur, maar of dat ook impact heeft op de ontwikkeling van GTA 6 is lastig te zeggen.

©Rockstar Games

Het verhaal van GTA 6

Er gingen al geruime tijd geruchten en speculaties, maar inmiddels is door de trailers bevestigd dat GTA 6 een Bonnie and Clyde-achtig verhaal vertelt met Lucia Caminos en Jason Duval als speelbare hoofdpersonages. De twee hebben een relatie, en het verhaal lijkt te beginnen wanneer Lucia door stom toeval vrijkomt uit de gevangenis Leonida Penitentiary.

Net als Bonny Parker en Clyde Harrow in de jaren 30 lijken Lucia en Jason samen het criminele pad te bewandelen, wat volgens de beschrijvingen op de GTA 6-website niet zonder slag of stoot gaat. Jasons beschrijving luidt: "Jason wil een makkelijk leven, maar het wordt alleen maar moeilijker. Jason is opgegroeid tussen criminelen. Na een kortstondige carrière in het leger om zijn tienerjaren af te schudden, belandde hij in de Keys, waar hij doet wat hij het best doet: werken voor lokale drugdealers. Het is misschien tijd om iets nieuws te zoeken."

©Rockstar Games

Over Lucia is het volgende geschreven: "Lucia's vader heeft haar leren vechten zodra ze kon lopen. Het leven bleef haar daarna maar klappen geven. Door te vechten voor haar familie is ze in Leonida Penitentiary beland. Door puur toeval is ze daar nu weg. Lucia heeft haar lesje geleerd: vanaf nu speelt ze het slim."

Wat voor avonturen en moeilijkheden de twee in Vice City moeten doorstaan, is momenteel nog lastig te zeggen, maar Jasons drang naar een makkelijk leventje kan wellicht voor een conflict tussen de twee hoofdpersonages zorgen.

Het ligt trouwens in de lijn der verwachtingen dat het wisselen tussen Jason en Lucia op een vergelijkbare manier gaat als in Grand Theft Auto 5. Spelers kunnen op elk gewenst moment wisselen, maar enkele missies zullen specifiek voor één personage zijn.

©Rockstar Games

Andere personages van GTA 6

Met het uitbrengen van de tweede trailer heeft Rockstar Games ook een boekje opengedaan over de andere personages die we gedurende het verhaal en in de wereld van GTA 6 te zien krijgen. Jason Duval en Lucia Caminos staan hierboven bij het verhaal beschreven, en daaruit viel al op te maken dat zij banden hebben met wat onfrisse figuren in Vice City. Hieronder noemen we een aantal van die personages:

Brian Heder

Brian Heder is een van de drugsbazen waar Jason voor werkt, in ruil voor gratis verblijf in een huis in de Keys. De beste man heeft z'n handen in het verleden vaak genoeg vuil gemaakt en laat nu anderen het werk voor hem oppakken. Hij dealt onder andere drugs vanuit zijn scheepswerf, samen met zijn derde vrouw Lori.

©Rockstar Games

Cal Hampton

Net als zijn maatje Jason neemt Cal Hampton werk aan van Brian, maar hij bekijkt ook graag de zonnige kant van het leven. Het liefst verzorgt hij vanuit zijn eigen huis de communicatie met een biertje in de hand. Hij is wat paranoïde, maar de beste man is ook tevreden aan de lagere wal van Leonida. Volgens een aantal fans lijkt Cal nogal op acteur Matty Matheson (bekend van de serie The Bear) maar de cast van GTA 6 is nog altijd niet bekend.

©Rockstar Games

Real Dimez

Bae-Luxe en Roxy zijn de twee leden van Real Dimez, een rap-duo met een groot bereik op social media. Het duo is al sinds de middelbare school bevriend en gebruikt hun mediakennis nu om ongure types te helpen (en daar iets aan te verdienen).

©Rockstar Games

Raul Bautista

Dan is er ook Raul Bautista, een overvaller die niet vies is van een beetje grand theft auto en daarbij de nodige risico's neemt. Hij is ervaren en gedreven om de grootst mogelijke buit binnen te harken, wat vaak voor extra gevaar zorgt. Niet dat Raul dat iets kan schelen…

©Rockstar Games

Boobie Ike en Dre’quan Priest

De op zijn GTA’s genaamde Boobie Ike is volgens de website een bekende naam in Vice City. Met het geld dat hij verdiende met drugsgerelateerde zaken heeft hij nu een heus vastgoedimperium opgebouwd, waardoor hij er nu heerlijk warmpjes bij zit. Dat betekent overigens niet dat hij zich nu netjes aan de regels houdt, integendeel. Overigens heeft Boobie het een en ander te maken met Dre’quan Priest, een jongeman die ambities heeft om rapper te worden.

©Rockstar Games

Setting en gameplay

Dat las je inderdaad goed: met Grand Theft Auto 6 keert Rockstar Games terug naar Vice City, dezelfde stad waar de gelijknamige game uit 2002 zich afspeelde.

Daarbij staat Rockstar inmiddels bekend om hun ontzettend gedetailleerde werelden en diverse activiteiten die je kunt uitvoeren. Een aantal gameplay-opties van het spel is wel al bekend gemaakt middels de officiële website en de trailers.

Het is te verwachten dat het plannen en uitvoeren van overvallen (ook wel Heists geheten) een groot onderdeel van de ervaring wordt. Net als in GTA 5 lijkt het er ook op dat Jason en Lucia kleinere winkels van hun rijkdommen kunnen beroven, aangezien we ze in de eerste trailer een supermarkt binnen zien stormen.

©Rockstar Games

Om bij het thema van actievolle gameplay te blijven: we hebben Lucia ook in een soort kooigevecht kunnen zien. Omdat zij een echte vechtersbaas is, zou het ons niet verbazen als we deel kunnen nemen aan verschillende knokpartijen in Vice City. In het verlengde van ‘sport’ hebben we ook beelden gezien van trainingslocaties, waar eventuele fitness-minigames aan bod kunnen komen. Jason benchpresst in de trailer 120 kilo, wat gezien Rockstars oog voor detail wellicht ook een effect kan hebben op de gezondheid van het personage.

In rustiger vaarwater lijken sociale media ook een rol te spelen. De trailers zitten vol met nieuwsbeelden op zowel televisies als via TikTok-achtige apps, dus wellicht bevat het spel een mechaniek dat draait om het runnen van een socialmedia-account. Sommige van de namen van deze in-game apps en platforms zijn mogelijk ook gelekt.

Watch on YouTube

Bekende GTA-insider Tez2 meldt op GTA Forums dat hij diverse app- en domeinnamen heeft gevonden. Deze namen zouden in mei zijn vastgelegd door een tussenbedrijf waar Take-Two mee samenwerkt, en dat zijn geheel volgens GTA-traditie parodieën op bestaande apps. Rydeme zou bijvoorbeeld een fictieve versie van Uber kunnen zijn. De domeinen zijn als volgt:

what-up.app

rydeme.app

buckme.app

leonidagov.org

brianandbradley.com

hookers-galore.com

wipeoutcornskin.com

myboyhasacreepycorndog.com

Water lijkt daarnaast een wat grotere rol te spelen in en rondom Vice City. Het gebied met de naam Grassrivers laat onder meer zien dat spelers plaats kunnen nemen in een hovercraft en kajaks. Bovendien lijkt het erop dat we in GTA 6 kunnen duiken en doet Rockstar het eindelijk: vissen wordt een mogelijkheid! Verdere rustgevende activiteiten in de stad zelf zijn volgens de trailers het minigolfen en poolen. Daarbij heeft Jason een PlayStation 5-achtige console thuis staan, dus misschien kunnen we ook wel videogames spelen ín de videogame.

©Rockstar Games

Jagen

De meest recente trailer liet daarbij ook veel wilde dieren zien, wat wellicht een hint kan zijn naar uitgebreide jaag-mogelijkheden. De technologie voor dieren in Red Dead Redemption 2 is immers erg uitgebreid, dus misschien heeft Rockstar daar een plekje voor gevonden in GTA 6.

Beperkingen in de map

Opvallend: Lucia droeg in de eerste trailer en in de key art van het spel een enkelband. Sommige fans speculeren nu dat dit de kaart in het begin van GTA 6 ‘beperkt’. Je kunt dan wellicht nog niet door de hele stad en de daaromheen liggende gebieden scheuren – in elk geval niet als Lucia. Trevor uit GTA 5 kon in het begin van zijn verhaallijn ook niet van het noorden in Los Santos naar de binnenstad; dat kon pas later in de game. Ook in eerdere delen was de kaart tijdelijk beperkt.

©Rockstar Games

Bloediger dan ooit

Het klinkt nogal willekeurig, maar de persoon die het nummer van Tom Petty and the Heartbreakers in de eerste trailer van GTA 6 correct heeft voorspeld, heeft ook wat andere claims over de game gedaan. Houd je zoutvaatje er wel bij!

Volgens de gebruiker kunnen spelers in GTA 6 dual-wielden (waarbij je in beide handen een apart wapen draagt) én zouden ledematen van lichamen gescheiden kunnen worden. Sowieso is de game volgens deze gebruiker al een stuk bloediger dan wat we gewend zijn. Verder zou het mogelijk zijn om te basketballen in teams van drie en kan de kleur van de lucht worden aangepast van blauw naar oranje en paars.

Details uit een gigantische lek

Een gebruiker genaamd teapotuberhacker heeft jaren geleden bijna honderd video’s geplaatst op GTAForums, die naar eigen zeggen beelden van Grand Theft Auto 6 tonen. De bestanden laten een alfaversie van het spel zien, waarin verschillende details opvallen. Bijvoorbeeld een balk die aftelt naar de komst van de politie en verschillende opties wanneer je een pistool op iemand richt; een beetje zoals in Red Dead Redemption 2, waarin je kunt focussen op NPC’s en hen kunt begroeten of in de zeik kunt nemen. Ook was in de beelden te zien dat Lucia een stripclub betreedt, en overvallen Jason en Lucia samen een restaurant.

De map van GTA 6: Leonida

Dat we teruggaan naar Vice City is inmiddels al een tijdje bekend, maar de spelwereld (het op Florida gebaseerde Leonida)wordt veel groter. GTA 6 belooft daarom vele malen gedetailleerder te worden dan het in 2002 verschenen GTA: Vice City.

Oplettende fans denken zelfs al in een van de trailers het huis van Tommy Vercetti gespot te hebben, al valt dat momenteel nog lastig te zeggen. We zijn hoe dan ook benieuwd of deze oude protagonist wellicht een rol speelt in dit nieuwe deel.

©Rockstar Games

Goed, Vice City en de bredere staat Leonida hebben verschillende trekpleisters te bieden, waarover Rockstar meer in detail is getreden op de officiële website. De over het algemeen betrouwbare journalist Tom Henderson heeft de kaart van GTA 6 vergeleken met ‘de kaart van Fortnite’. Daarmee wordt gerefereerd naar het continu veranderen van de kaart, het toevoegen van nieuwe locaties en eventuele uitbreidingen van de spelwereld. De informatie die officieel over de verschillende gebieden is vrijgegeven, lees je ook hieronder.

Ambrosia

Ambrosia is de industriële hotspot van Leonida en is dus de plek waar de zogeheten 'American Dream' tot leven komt. Er staan suikerfabrieken waar inwoners kunnen werken, maar de locatie wordt ook geteisterd door Final Chapter, een motorbende die het gebied onveilig maakt.

©Rockstar Games

Grassrivers

We noemden eerder het geweldige natuursysteem van Red Dead Redemption 2 al, en dankzij de Grassrivers kan Rockstar dergelijke gebieden ook in GTA 6 verwerken. Het stropen van alligators lijkt hier schering en inslag, en we zien dat spelers zich met hovercrafts over de wateren kunnen bewegen.

©Rockstar Games

Leonida Keys

We hebben de Keys veel voorbij zien komen in de marketinguitingen van GTA 6. Het is immers de plek waar Jason Duval (en later Lucia) woont. Ook hier speelt water weer een rol: volgens de website zijn de wateren rondom de Keys zowel de mooiste als gevaarlijkste in Leonida. Wellicht omdat Brian Heder de boel in toom houdt? Niettemin is de Keys geen denderend mooie plek om te wonen, maar het leven is er wel lekker simpel.

©Rockstar Games

Mount Kalaga National Park

De Grassrivers is niet het enige gebied in Leonida waar de wildernis intact blijft. Ook hier vind je water, en ditmaal kun je er terecht met een vishengel. Of met een jachtgeweer, want jagen op het wild van Mount Kalaga is vermoedelijk ook mogelijk. Er is daarbij nog meer te doen in het park, zoals lekker crossen op motoren of je aansluiten bij gekke groepen die zich liever afsluiten van de buitenwereld.

©Rockstar Games

Port Gellhorn

De ooit populaire toeristische locatie Port Gellhorn is inmiddels vergane glorie. Er komen geen toeristen meer op af, maar de nieuwe inwoners hebben voor een bijzondere cultuur gezorgd. Of die ook veilig is, is een tweede.

©Rockstar Games

Hoe zit het met GTA 6 Online?

GTA Online, de onlinemodus die als onderdeel van Grand Theft Auto 5 werd gelanceerd, blijft een waardevolle bron van inkomsten voor Rockstar vanwege de Shark Cards die spelers kunnen kopen. Hoewel de komst van een onlinemodus voor GTA 6 nog niet is bevestigd, is de verwachting wel dat die er uiteindelijk komt. GTA 4, GTA 5 en Red Dead Redemption 2 kregen immers ook een tijdje na de lancering van de singleplayer een online modus. Wat dat betekent voor de ondersteuning van GTA Online is onbekend, al zei Take-Two's CEO Strauss Zelnick in een interview met IGN het volgende op de vraag of GTA Online wordt afgesloten:

"Ik ga theoretisch spreken, want ik ga het niet hebben over een specifiek project als daar nog geen aankondiging van is gedaan, maar over het algemeen onderhouden we onze projecten wanneer de consumenten nog steeds met die titels bezig zijn."

©Rockstar Games

GTA Online in GTA 6 kijkt wellicht af bij Fortnite

Het online handelsmagazine Digiday heeft onthuld dat Rockstar van GTA Online een soort metaverse-ervaring wil maken à la Fortnite en Roblox. Inhoudelijk zou dat betekenen dat creators met de assets van GTA 6 zelf ervaringen kunnen neerzetten . Daar zou dan ook geld mee verdiend kunnen worden door de creators.

Wat hiermee te maken kan hebben, is dat Rockstar in 2023 de teams achter populaire GTA 5- en Red Dead Redemption 2-mods opkocht. Die teams richtten zich vooral op online roleplaying, wat in GTA Online erg populair is.

Eind 2025 stelde Rockstar al een Mission Creator beschikbaar in GTA Online, wat wellicht een voorproefje is van de plannen voor GTA 6.

Screenshots

©Rockstar Games

©Rockstar Games

©Rockstar Games

©Rockstar Games

©Rockstar Games

©Rockstar Games