ID.nl logo
Deze 10 elektrische auto's zijn uitstekende caravantrekkers
Mobiliteit

Deze 10 elektrische auto's zijn uitstekende caravantrekkers

Het is een achterhaalde gedachte dat elektrische auto’s ongeschikt zijn voor het trekken van een caravan. Het aanbod EV’s met een maximum aanhangergewicht van 1.500 kilo of méér wordt steeds groter. In dit overzicht geven we tien voorbeelden van elektrische auto’s waarmee je niet langer tot een bungalowpark of hotel bent veroordeeld. Deze EV's brengen je hele gezin met caravan en al naar je favoriete vakantiebestemming: de camping!

Twaalf jaar geleden waren er nog maar heel weinig elektrische auto’s. De Nissan Leaf en de Renault Zoe braken als elektrische pioniers een nieuwe markt open. Inmiddels is de elektrische auto niet meer weg te denken: de technische ontwikkelingen gaan razendsnel en daardoor worden EV’s steeds gebruiksvriendelijker. Ook voor kampeerders, want de nieuwste elektrische modellen zijn steeds beter in staat een caravan te trekken.

Het idee dat je met een elektrische auto geen aanhanger kunt trekken, is achterhaald. Maar daarbij moeten we óók vertellen dat je bij aanschaf nog steeds heel goed moet opletten wat de trekcapaciteiten van een EV zijn. Zo kunnen de populaire elektrische modellen van Peugeot (208,  2008), Citroën (C4) en Opel (Corsa, Mokka) bijvoorbeeld nog steeds niet met trekhaak worden geleverd – óók niet voor een fietsenrek. Doordat de nieuwe Jeep Avenger dezelfde technische basis heeft als de hierboven genoemde modellen, is deze stoere Amerikaanse EV evenmin in staat om een aanhanger te trekken. Van een merk als Jeep zou je anders verwachten...

EV kopen? Let dan goed op het maximum trekgewicht!

Kortom: ben je een fanatiek kampeerder en staat de caravan alweer klaar voor de naderende zomervakantie? Dan blijft het verstandig om eerst eens diep in de technische gegevens van een EV te duiken voordat je de auto bestelt. Zo vlak voor de zomervakantie wil je immers niet voor de onaangename verrassing komen te staan dat jouw hagelnieuwe elektrische auto niet in staat is om de caravan (of vouwwagen) te trekken. EV’s worden steeds gebruiksvriendelijker, maar oplettendheid blijft nog altijd geboden.

Het aantal nieuwe elektrische auto’s met een maximum trekgewicht van 1.500 kilo of meer wordt steeds groter. Het gaat echter te ver om hier een volledig overzicht van alle keuzemogelijkheden te geven. We hebben een selectie van 10 elektrische auto’s gemaakt, waarbij we behalve het maximum trekgewicht (met een geremde aanhanger) óók keken naar het geboden reiscomfort. De zomervakantie begint immers met een ontspannen rit naar de vakantiebestemming: de camping!

©BMW Group. For Editorial Use only. For any other purpose contact Fabian Kirchbauer mail@fabiankirchbauer.com

BMW i4: al vanaf de basisversie 1.600 kilo trekgewicht.

10. BMW i4 eDrive35 (1.600 kilo)

Een zakelijke vijfdeurs fastback van het formaat BMW 3-serie, die vanaf de basisversie al 1.600 kilo mag trekken. Heeft een 286 pk sterke elektromotor tussen de aangedreven achterwielen liggen, de accu heeft een capaciteit van 68 kWh. De versies met meer vermogen – 340 pk voor de eDrive40 of 544 pk voor de vierwielaangedreven M50 – beschikken over een 80,7kWh-accu. De instap-i4 komt 483 kilometer op een volle batterij (WLTP). Goedkoop is de BMW niet: prijzen starten net onder de 60.000 euro. Meerprijs voor de elektrisch wegklapbare trekhaak: 1.175 euro.

• Max. trekgewicht (geremd): 1.600 kilo • Motorvermogen: 286 pk • Actieradius (WLTP): 483 km • Snelladen: max. 180 kW • Prijs: 59.362 euro • SEPP: nee 


De Kia EV6 deelt zijn techniek met de Hyundai Ioniq 5.

9. Hyundai Ioniq 5 / Kia EV6 77,4 kWh (1.600 kilo)

De Trekauto's van het Jaar 2022. Deze auto's zijn technisch namelijk grotendeels identiek aan elkaar. Beide auto’s mogen een maximum (geremd) gewicht van 1.600 kilo trekken. Dat wil zeggen: als je kiest voor de versie met 77,4kWh-accu, want de EV6 met kleinere 58 kWh-batterij verdraagt maar 750 kilo aan de trekhaak (meerprijs: 1.025 euro inclusief montage). De EV6 met 77,4kWh-accu komt ruim 500 kilometer ver op een volle accu, opladen gaat met een piekvermogen van 240 kW.

• Max. trekgewicht (geremd): 1.600 kilo • Motorvermogen: 229 pk • Actieradius (WLTP): 528 km • Snelladen: max. 240 kW • Prijs: 57.495 euro • SEPP: nee 


Smart #1: compacte SUV met hoog trekvermogen.

8. Smart #1 (1.600 kilo)

De Smart #1 (spreek uit als ‘Hashtag One’, en niet 'Number 1') is helemaal niet zo’n grote auto, en toch mag hij een aanhanger of caravan van 1.600 kilo trekken. Dat verdient lof. Wat ook lof verdient, is de scherpe prijsstelling. Met zijn instapprijs van 41.395 euro zit de Smart ruimschoots onder de SEPP-grens. En dat terwijl de auto minstens een 272 pk sterke elektromotor tussen de aangedreven achterwielen heeft liggen. Op een volle accu (66 kWh) kom je 420 kilometer ver. Deze Smart heeft weinig meer van doen met de minuscule stadsautootjes van weleer. De meerprijs voor een trekhaak is nog niet bekend.

• Max. trekgewicht (geremd): 1.600 kilo • Motorvermogen: 272 pk • Actieradius (WLTP): 420 km • Snelladen: max. 150 kW • Prijs: 41.395 euro • SEPP: ja 


De Volvo EX30 is splinternieuw en baart opzien met 1.600 kilo trekgewicht.

7. Volvo EX30 Single Motor Extended Range (1.600 kilo)

We zetten de nieuwe compacte Volvo EX30 met grote Extended Range-batterij (69 kWh) vóór de Smart #1 omdat hij verder komt op een volle accu. Dat is het prijsverschil van 100 euro ons wel waard (en ja: je komt in aanmerking voor SEPP). De Smart #1 is één concurrent van de Volvo, maar ook de Jeep Avenger kan worden gezien als een beoogde tegenstrever. Alleen kan die Jeep géén aanhangwagen trekken, en deze Volvo 1.600 kilo. Kies je voor de duurdere versie met twee elektromotor (428 pk), dan mag er zelfs 1.800 kilo aan de trekhaak.

• Max. trekgewicht (geremd): 1.600 kilo • Motorvermogen: 272 pk • Actieradius (WLTP): 480 km • Snelladen: max. 153 kW • Prijs: 41.495 euro • SEPP: ja 


©"Mercedes-Benz AG - Global Communications Mercedes-Benz Cars & Vans"

De Mercedes EQA blinkt uit met zijn maximum trekgewicht: 1.800 kilo!

6. Mercedes EQA 300 4Matic (1.800 kilo)

De kleinste elektrische SUV uit het omvangrijke modellenprogramma van Mercedes-Benz verdraagt als tweemotorige EQA 300 4Matic een trailer of caravan van 1.800 kilo. Met zijn vermogen van 228 pk is het geen razendsnelle auto, terwijl de actieradius van 433 kilometer en het maximum laadvermogen van 100 kW beslist niet grensverleggend zijn. De Mercedes EQA 300 4Matic is met zijn prijs van ruim 64.000 euro bovendien stevig aan de prijs. Maar daar heeft hij zijn zesde plaats in deze Trekgewicht Top 10 dan ook niet aan te danken.

• Max. trekgewicht (geremd): 1.800 kilo • Motorvermogen: 228 pk • Actieradius (WLTP): 433 km • Snelladen: max. 100 kW • Prijs: 64.031 euro • SEPP: nee 


Voor 1.800 kilo trekvermogen moet je wel de tweemotorige Volvo (X)C40 hebben.

5. Volvo (X)C40 Twin Pure Electric (1.800 kilo)

Volvo is in dit lijstje ruim vertegenwoordigd. Ook de onlangs ingrijpend vernieuwde C40 en XC40 – waarin de voorwielaandrijving werd verwisseld voor achterwielaandrijving – doen het goed als caravantrekkers. De tweemotorige Twin Pure Electric heeft aan een vermogen van 408 pk ruimschoots genoeg om een aanhangwagen van 1.800 kilo van zijn plaats te krijgen. Nog een belangrijk pluspunt van deze Volvo’s: je komt ruim 500 kilometer ver op een volle accu. En onderweg aan de snellader piekt het vermogen met 205 kW. Meerprijs inklapbare trekhaak: 1.195 euro.

• Max. trekgewicht (geremd): 1.800 kilo • Motorvermogen: 408 pk • Actieradius (WLTP): 548 km • Snelladen: max. 205 kW • Prijs: 59.995 euro (XC40), 61.495 euro (C40) • SEPP: nee


©ERICVANVUUREN.NL

De Nio EL7 (foto) en ET7 staan op hetzelfde platform en mogen beide 2.000 kilo trekken.

4. NIO EL7 100 kWh (2.000 kilo)

Nio’s grote SUV, de EL7, staat op hetzelfde elektrische platform als de luxe vierdeurs sedan ET7. Ze hebben beide dezelfde elektrische aandrijflijn met een vermogen van 653 pk en kunnen naar keuze worden geleverd met een 75 of 100 kWh-accu. Beide Nio’s trekken een aanhangwagen van 2.000 kilo – dankzij de vierwielaandrijving met heel veel tractie. Met het grootste accupakket haalt de EL7 een range van meer dan 500 kilometer. Aan de snellaadpaal presteert de auto echter niet verpletterend: 125 kW is het piekvermogen. Nio biedt tal van financiële constructies, een trekhaak zit standaard onder de EL7.

• Max. trekgewicht (geremd): 2.000 kilo • Motorvermogen: 653 pk • Actieradius (WLTP): 509 km • Snelladen: max. 125 kW • Prijs: 76.900 euro (exclusief accu) • SEPP: nee 


©Stefan Isaksson

Onderhuids is de Polestar 3 (foto) grotendeels identiek aan de Volvo EX90.

3. Polestar 3 Long Range (2.200 kilo)

De Volvo EX90 staat op hetzelfde platform als de Polestar 3 Long Range, maar we wilden van deze lijst geen overzicht maken van alle elektrische modellen die Volvo in het programma heeft. De Polestar 3 is een riante vijfpersoons SUV, met een wat aansprekender en dynamischer design dan de EX90. Beide auto’s trekken 2.200 kilo, beide auto’s hebben dezelfde 111kWh-accu en beide modellen beschikken in de basisuitvoering al over een vermogen van 489 pk. Polestar vraagt 1.400 euro extra voor een trekhaak, Volvo brengt 1.295 euro in rekening.

• Max. trekgewicht (geremd): 2.200 kilo • Motorvermogen: 489 pk • Actieradius (WLTP): 610 km • Snelladen: max. 250 kW • Prijs: 89.900 euro • SEPP: nee 


©Tesla

De Tesla Model X kan wel wat meer verdragen dan alleen een fietsenrek: 2.250 kilo!

2. Tesla Model X (2.250 kilo)

De Tesla Model X baarde in 2016 al veel opzien met zijn vleugeldeuren. Zeven jaar later en de auto staat nog steeds in de bovenste regionen als het gaat om prestaties aan de snellaadpaal (250 kW piekvermogen) en – met 680 pk op de wielen – op de weg. De Model X mag een aanhangwagen trekken van 2.250 kilo. Helemaal sensationeel wordt het natuurlijk met de 1.020 pk sterke, driemotorige(!) Model X Plaid, die in slechts 2,6 seconden naar de 100 schiet. Zonder aanhangwagen, welteverstaan. Een trekhaak is standaard. Mag ook wel, voor een vanafprijs van bijna 120.000 euro.

• Max. trekgewicht (geremd): 2.250 kilo • Motorvermogen: 680 pk • Actieradius (WLTP): 576 km • Snelladen: max. 250 kW • Prijs: 117.493 euro • SEPP: nee 


©Uwe Fischer

1. BMW iX xDrive50 (2.500 kilo)

De absolute trekkampioen onder de elektrische personenauto’s is de BMW iX. Ongeacht de motorvariant die je kiest, mag de grote SUV een caravan, auto-ambulance, tandemasser of paardentrailer van 2.500 kilo trekken. Wij zouden kiezen voor de 524 pk sterke iX xDrive50. Die heeft met zijn 108,8kWh-accu een range van 632 kilometer. Wel een beetje teleurstellend: voor een trekhaak wil BMW een meerprijs van 1.281 euro vangen, terwijl je voor de iX xDrive50 in standaarduitvoering al dik meer dan een ton betaalt. Kun je nagaan hoe hoog de prijs wordt opgevoerd als je ook nog eens kiest voor allerlei andere verleidelijke extra’s uit de telefoonboekdikke prijslijst…

• Max. trekgewicht (geremd): 2.500 kilo • Motorvermogen: 524 pk • Actieradius (WLTP): 632 km • Snelladen: max. 195 kW • Prijs: 105.097 euro • SEPP: nee

🚘Wil je een laadpaal thuis laten plaatsen? Vraag de vrijblijvende offerte aan!

Vraag een offerte aan voor laadpalen:

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.