ID.nl logo
Sony Xperia Z5 Compact - Dure duurloper
© Reshift Digital
Huis

Sony Xperia Z5 Compact - Dure duurloper

Inmiddels staan smartphones met een 5 inch scherm of groter te boek als standaardformaat. Wie liever een compact formaat zoekt én goede specs om de komende jaren mee door te komen, komt bij de Compact-lijn uit van de Xperia Z. Deze vijfde is de nieuwste in de reeks van klein-maar-fijn-toestellen.

De Xperia Z5-lijn bestaat uit drie toestellen. De gewone Z5, met een 5,2 inch Full-HDscherm, de Z5 Premium (5,5 inch scherm met de megalomane resolutie van 3840 bij 2160) en deze Z5 Compact die een 4,6 inch scherm heeft. Die schermdoorsnede is omgerekend zo'n 11,7 cm. Jammer is wel dat de resolutie van dit scherm nog lager is (1280 x 720). Natuurlijk zou een QHD-resolutie overkill zijn voor een relatief klein schermpje, maar Full-HD had niet misstaan, want je ziet meteen dat het scherm wat korrelig en onscherp is. Maar het schermpaneel is sowieso niet om over naar huis te schrijven, zeker niet voor een smartphone in deze prijscategorie. Het contrast is ook niet in orde, wit is erg grijs en kleuren wat aan de doffe kant. Maar gelukkig kun je hier als gebruiker aan sleutelen. Zonde, vooral ook omdat het schermpaneel verder behoorlijk helder is. Lees ook: de beste smartphones die je kunt kopen

Duurloper

Ik vermoed dat een van de beweegredenen van Sony om geen Full HD-schermpaneel te gebruiken de accuduur is. Het toestel heeft ondanks zijn kleine formaat een flinke 2700 mAh-batterij. Hoe meer pixels een scherm heeft, hoe hoger het energieverbruik en het scherm is al de grootste stroomvreter van een smartphone. Een lagere resolutie komt dus de accuduur behoorlijk ten goede en dat merk je! Iedere dag opladen is geen noodzaak meer, twee dagen hield de accu probleemloos vol. Ik ben ook erg benieuwd hoe lang de accuduur is wanneer het toestel een update heeft gekregen naar Android 6.0, aangezien deze Androidversie grote verbeteringen kent voor energiebesparing. Tijdens het testen moesten we het echter doen met Android 5.1.

©PXimport

Klein maar fijn!

Bloatware

Sony heeft een goede reputatie opgebouwd met hun Android-skin. Android wordt heel erg intact gelaten en de veranderingen zijn meestal oppervlakkig, zodat het uiterlijk meer Sony uitstraalt. Deze luxe uitstraling wordt echter behoorlijk bevlekt door de bloatware die op het toestel staat. Ik weet dat Sony het financieel moeilijk heeft op de smartphone-markt. Maar om een toestel in deze premium prijsklasse zo te vervuilen is stuitend. Dan heb ik het niet over de Sony-apps zelf. Deze prima. Het eigen updatecentrum voor deze apps is al wat vervelend, waarom niet gewoon de Play Store hiervoor inzetten? Facebook, Spotify en Vine zijn voorgeïnstalleerd. Vooruit. Hier zijn nog aardig wat gebruikers van. Maar Kobo Books? Dropbox, terwijl Drive er natuurlijk ook op staat? Amazon Shopping, terwijl Amazon niet eens in Nederland beschikbaar is? Het ergste is nog AVG's antivirus: compleet overbodig, vraagt onnodig veel permissies en valt je ook nog eens lastig als je het niet gebruikt. Stuitend.

Zelfde Z5

Verder beschikt de Z5 Compact nagenoeg dezelfde specificaties als de gewone Z5. Dezelfde SnapDragon 810-processor en 2GB werkgeheugen, dezelfde 23 megapixelcamera, 32 GB opslaggeheugen dat uitgebreid kan worden met een geheugenkaart en een vingerafdrukscanner die ingebouwd zit in de aanknop aan de rechterkant van het toestel. De positionering is uitermate slim, wanneer je op de knop drukt ontgrendel je het toestel ook meteen. Bovendien gaat dit zo snel dat het heel natuurlijk aanvoelt. Veel toestellen hebben de vingerafdrukscanner op de achterkant zitten, waarbij je toch steeds even moet zoeken. De vingerafdrukscanner aan de voorkant vereist weer een extra knop. Daarom is de vingerafdrukscanner op dit toestel de slimste toepassing ervan die ik tot nu toe heb gezien.

©PXimport

Aan de achterkant vinden we een 23 megapixelcamera.

Camera

Zoals gezegd heeft de Xperia Z5 ondanks zijn formaat geen concessies gedaan op de hardware. Ook de camera is hetzelfde als de andere Z5-evenknieën. Z'n voorganger liet in de cameratest wat steekjes vallen. Ook de camera van de Z5-serie is niet de beste die je kunt krijgen. Er zijn wel voordelen, je kunt foto's met ontzettend veel megapixel schieten, 23! Dat kan handig zijn als je ze vergroot wilt afdrukken. Standaard maakt de camera overigens foto's in 8 megapixel. Ook de autofocus werkt razendsnel, je drukt op het scherm en de camera is er direct op gefocust. Helaas is de camera zelf iets langzamer, wat je merkt als je foto's in donkere omgevingen maakt of bewegende objecten fotografeert. In dat soort situaties treedt er net even te makkelijk bewegingsonscherpte op, door die langzamere cameraverwerking. In goede lichtomstandigheden zijn de resultaten echter prima. Gevorderde fotografen kunnen daarbij hun hart op met extra mogelijkheden als het aanpassen van de witbalans, ISO en vele foto-effecten. En natuurlijk de sluiterknop aan de zijkant van het toestel. Helaas is het niet mogelijk om foto's in RAW-formaat te maken.

©PXimport

De rand is van plastic, dat is wel wat jammer.

Xperia Zwem

Het meest kenmerkende eigenschap van Xperia Z-toestellen is het feit dat ze waterdicht zijn. Natuurlijk is dat bij de Z5 ook het geval, ondanks dat Sony vanwege garantie-perikelen niet meer aanraadt het toestel onder water te gebruiken. In onze test ging dat natuurlijk prima, het toestel sluit je waterdicht af met een klepje voor de geheugen- en simkaart. De sluiterknop aan de rechterkant maakt het mogelijk om onder water ook foto's te maken (aangezien touchscreen dan niet functioneert).

Begrijpelijk is wel dat bij een waterdichte constructie een uitneembare accu niet tot de opties behoort. De rand van het toestel, waar de afsluitklepjes zich bevinden, is gemaakt van plastic. Niet het duurzame materiaal dat je verwacht van een premium-smartphone. Aanvankelijk vermoedde ik dat de achterkant ook van plastic gemaakt was. Maar het blijkt een soort dof glas te zijn (melkglas). Het voelt wel iets minder premium aan dan bij het gewone glas dat we op de Xperia Z3 zagen, hoewel het met de bouwkwaliteit wel snor zit. Het toestel is wel een slagje dikker dan zijn voorganger en grotere Z5-toestellen.

Conclusie

In de basis is de Xperia Z5 Compact een zeer prettig en handzaam toestel, dat all-round prima is en positief opvalt door z'n prettige accuduur en vingerafdrukscanner. Alleen biedt de smartphone niet het premium-gevoel dat je wel zou verwachten voor de prijs van zo'n 550 euro, door het mindere schermpaneel, dikte en bloatware. Eigenlijk kun je beter een Z3 Compact kopen, voor zo'n 350 euro heb je vergelijkbare specificaties en dunner, steviger aanvoelend bouwmateriaal.

Goed
Conclusie

Sony Xperia Z5 Compact ---------------------- **Prijs:** € 559,- **Kleuren:** Zwart, wit, rood, geel **OS:** Android 5.1 (Lollipop) **Scherm:** 4,6 inch IPS (1280 x 720) **Processor:** 2 GHz octacore (Snapdragon 810) **RAM:** 2GB **Opslag:** 32 GB (uitbreidbaar met geheugenkaart) **Batterij:** 2700 mAh **Camera:** 23MP (achter) 5,1MP (voor) **Connectiviteit:** 4G (LTE), Bluetooth 4.1, 802.11ac, nfc, gps **Formaat:** 12,7 x 6,5 x 0,9 cm **Gewicht:** 138 gram **Overig:** Vingerafdrukscanner, waterdicht **Website:** [www.sonymobile.com](http://www.sonymobile.com/nl/products/phones/xperia-z5-compact/)

Plus- en minpunten
  • Vingerafdrukscanner
  • Accuduur
  • Waterdicht
  • Snel
  • Scherm
  • Bloatware
  • Prijs
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.