ID.nl logo
Review Sony Xperia 1 V - Niet voor de gewone consument
Huis

Review Sony Xperia 1 V - Niet voor de gewone consument

De Sony Xperia 1 V is de nieuwste telg in de premium Xperia 1-lijn. Hoewel Sony met deze serie al jaren goede en solide smartphones uitbrengt, hebben ze veelal last van dezelfde problemen. Vooral het design speelt veelal parten, waardoor de massa het toestel niet omarmt.

Goed
Conclusie

Al met al kunnen we de Sony Xperia 1 V moeilijk aanbevelen aan mensen die ‘gewoon een goede smartphone’ willen en bereid zijn daarvoor te betalen. Google laat met de Google Pixel 7 Pro zien dat je niet diep in de buidel hoeft te tasten voor een premium (fotografie-)ervaring, terwijl Samsung en Apple furore maken qua comfort, beeldkwaliteit en camerakwaliteit. Toegegeven, daar betaal je dan ook flink voor, maar in de meeste gevallen krijg je niet te maken met de nadelen van de Sony Xperia 1 V. Voor het feit dat de camera geen mooie foto’s in het donker maakt is een pijnpunt. Verder heeft het toestel een aantal minpunten waar we best aan kunnen wennen, zoals dat langwerpige scherm (met soms zwarte balken), het langzame opladen en de hoeveelheid opties voor foto’s en video’s. Maar het karige updatebeleid en het gedateerde design gooien ook weer flink wat roet in het eten. En dat terwijl het toestel veel dingen heeft waar we van houden. Denk dan aan de sleuf voor de (gemakkelijk te bereiken) micro-sd-kaart, het weergaloze oled-scherm, de koptelefoonaansluiting en de prestaties.

Plus- en minpunten
  • Razendsnelle processor
  • Ongeëvenaard oled-scherm
  • Camerasysteem (met voldoende licht)
  • Koptelefoonaansluiting
  • Sleuf voor micro-sd-kaart
  • Schone software
  • Camerasysteem (in het donker)
  • Karig updatebeleid
  • Camera-apps
  • Langzaam laden
  • Beeldverhouding
  • Gedateerd design

Omdat Sony zich met de Sony Xperia 1-lijn richt op vooral zakelijke gebruikers, slaat ‘de gewone consument’ het toestel vaak over. En dat is niet zonder reden. Het strakke en stoere design spreekt niet iedereen aan en de beschikbare kleuren fleuren nou niet echt je (binnen)zak of handtas op. Voor 2023 verandert er weinig. De Japanse elektronicafabrikant kiest wederom voor hetzelfde langwerpige design en wat fantasieloze kleuren. Vooral dat laatste is zonde, omdat Sony vorig jaar nog de populaire paarse kleur aanbod. Dit keer moet je het doen met gitzwart, zilver en groen(achtig).

Net als vorig jaar heeft de Sony Xperia 1 een behoorlijk hoge prijs. Je betaalt 1.399 euro voor het toestel, maar je kunt de klap enigszins verzachten. Wanneer je het toestel vooruitbestelt, via een pre-order, dan krijg je er namelijk een Sony WH-1000XM5-koptelefoon bij, ter waarde van 349 euro. Mocht je nog in de markt zijn voor één van de beste koptelefoons van dit moment, dan kun je dus 350 euro van de adviesprijs afhalen. Maar goed, dat is een prima oefening in het kader van mentale gymnastiek – iets dat we onszelf wijs kunnen maken om een dure grap te verantwoorden.

Precies hetzelfde design op de Sony Xperia 1 V

Wanneer je de verschillende Sony Xperia 1-modellen naast elkaar zou leggen, dan moet je echt moeite doen om ze uit elkaar te houden. Los van de kleuren zien de toestellen er namelijk precies hetzelfde uit – van het scherm tot aan de plaatsing van het camera-eiland. Dit keer heeft Sony wel de achterkant aangepast. Hoewel die nog steeds van glas is, voelt die aan als mat plastic met een specifieke, licht kriebelende structuur. Hij glijdt daardoor iets minder gemakkelijk uit je hand. Verder oogt en is het toestel vrij stevig dankzij de metalen frame. Dit is toch echt een premium smartphone.

Het nog altijd kleurrijke en prachtige oled-scherm is 6,5 inch groot en beschikt alleen over de 4k-resolutie. Op smartphones vinden we dat nog altijd een beetje overkill, omdat niet veel apps die resolutie ondersteunen. Bovendien is de kans klein dat je een verschil opmerkt tussen dit toestel en toestellen die bijvoorbeeld 1.440p als resolutie aanbieden. Maar goed, het kan prettig zijn voor wanneer je vaak series en films kijkt op je smartphone, dan komen die pixels goed tot hun recht. Dat geldt voornamelijk voor 21:9-content, anders krijg je zwarte balken te zien aan de zijkanten.

Dit gebeurt bij gestreamde videocontent, games en videobellen. Ook is er beeldverversing tot 120 Hertz. Die schakel je in of uit; het scherm kan niet automatisch wisselen op basis van de content. Dat is jammer, want daardoor kan het batterijgebruik niet geoptimaliseerd worden. Het toestel is gelukkig breed genoeg om er comfortabel op te kunnen typen en met 1.000 nits aan maximale helderheid zie je ook op dagen met felle zon wat er allemaal op je scherm gebeurt. Verder vallen de twee balken op aan de boven- en onderkant van het scherm. Daardoor oogt de Sony Xperia 1 V gedateerd.

Razendsnelle Qualcomm-processor

Onder de motorkap zit een razendsnelle Qualcomm Snapdragon 8 Gen 2-processor. Dit is dé mobiele processor van dit moment en als premium smartphone-aanbieder kun je niet zonder. Daarnaast is er 12 GB aan werkgeheugen aanwezig en krijg je minimaal 256 GB aan opslagruimte tot je beschikking. Die ruimte kun je uitbreiden met een microSD-kaart. Dat is fijn om te zien. Niet alleen omdat je meer ruimte hebt of omdat je sneller content verplaatst (zoals foto’s of video’s), maar ook omdat Sony hierin redelijk uniek is als aanbieder van een dure, premium smartphone.

Het mooie aan het gebruik van de micro-sd-kaart is dat de lade waarin die zit, waar ook ruimte is voor één simkaart, zonder verwijdertool bereikbaar is. Daardoor hoef je dus nooit op zoek te gaan naar dat smalle pennetje wanneer je je sd-kaart nodig hebt. Qua prestaties doet de Sony Xperia 1 V niet onder voor de concurrentie met dezelfde processor. Hij is razendsnel, reageert supervloeiend en is meer dan geschikt voor dagelijkse en zakelijke taken. Ook kun je hier heel prettig op gamen, al moet je er dan wel rekening mee houden dat het toestel opwarmt. Heet wordt het gelukkig niet.

Andere opvallende hardware-aspecten zijn de koptelefoonaansluiting aan de bovenkant en de vingerafdrukscanner aan de zijkant. Die audiopoort zien we de laatste jaren verdwijnen op menig toestel, maar Sony houdt er stevig aan vast. Dat is niet gek, gezien de focus op audio. Veel muziekliefhebbers prefereren een bedrade aansluiting boven een draadloze, vanwege het behoud van kwaliteit. En met dit toestel krijg je dus niet met kwaliteitsverlies te maken. De vingerafdrukscanner is overigens ondermaats – soms registreert die een vinger niet goed.

Normale lens, 1x zoom.

Normale lens, 3,5x zoom.

Normale lens, 5,2x zoom.

Tot slot valt ook de accu op. Aan boord zit een batterij met een vermogen van 5.000 mAh, die er net iets meer dan anderhalf uur over doet om vol te raken. Hij wordt via de kabel met 30 watt opgeladen. Ga je voor draadloos, dan blijft de teller steken op 15 watt. De accuduur wordt flink beperkt door de hoge resolutie, eventueel de hoge beeldverversing en het feit dat er geen variabele refreshrate is. Gelukkig is de processor wel redelijk zuinig, maar desondanks moet je er rekening mee houden dat je hem elke dag moet opladen. En met maximaal 30 watt aan laadsnelheid, gaat dat niet snel, dus.

Houd er daarnaast rekening mee dat Sony (met als argument duurzaamheid) geen oplader of oplaadkabel in de doos gestopt heeft. Die je moet je dus zelf voorzien.

Kale software, karig beleid

Eén van de fijnere aspecten van Sony-smartphones is de software. Sony brengt vaak snel Android-updates uit en je hoeft niet lang na te denken waarom: het bedrijf verandert namelijk weinig aan Android. De softwareschil van het Japanse bedrijf is ontzettend schoon en bevat bijna geen overbodige onderdelen (op Side Sense na, aangezien dat onderdeel al jaren niet goed reageert op je input). Er zijn ook bijna geen apps die je niet kunt verwijderen (op Facebook en LinkedIn na) of als nutteloos kunt zien. Vooral de camera- en video-apps scoren goed onder gebruikers.

Een groot nadeel van die software-ervaring is altijd het feit dat Sony weinig ondersteuning aanbiedt. Op moment van schrijven staat Android 13 erop, samen met een beveiligingspatch uit april 2023. We verwachten dat Sony snel een nieuwe patch uitbrengt, dus dat zit wel snor. Maar de algemene ondersteuning geldt slechts voor drie jaar. Daarin krijg je maar twee Android-upgrades en drie jaar aan beveiligingsupdates. Dat is alles behalve duurzaam en ontzettend zonde, want dit maakt de premium smartphonelijn minder aantrekkelijk. Apple, Google en Samsung doen dit veel beter.

Groothoeklens.

Normale lens, 1x zoom.

Normale lens, 5,2x zoom.

De camerabeleving loopt een klap op

Over het camerasysteem van de Sony Xperia 1-lijn is altijd een hoop te doen. Niet alleen vanwege de hoge kwaliteit foto’s en video’s die van de band komen rollen. Maar ook vanwege het feit dat Sony soms niet de meest prominente camerasensor gebruikt die wel in andere smartphones zitten – die het bedrijf zelf produceert. Desondanks kan dit positief uitpakken, juist omdat de camerasensor anders is. Daardoor breng je een alternatieve optie op de markt, die misschien nog wel eens kan verrassen. In dit geval gaat het om een 52 megapixelsensor, die foto’s van 48 megapixels maakt.

Over het algemeen kunnen we stellen dat de camera van de Sony Xperia I V prachtige, ongeëvenaarde foto’s maakt. De voorwaarde is wel dat er voldoende (dag)licht aanwezig is, maar dat geldt in principe voor vrijwel elke andere smartphonecamera. Wanneer het schemert, of je een foto wil maken van je gezelschap bij kaarslicht, dan is er ook nog niets aan de hand. Maar als het dan echt donker is, dan valt Sony door de mand. Zelfs de toegewijde nachtmodus – die Sony nota bene pas voor het eerst aanbiedt – helpt de kwaliteit niet vooruit. En dat is even jammer als onbegrijpelijk.

Foto’s die je in het donker maakt, zijn vaak korrelig en ontdaan van detail. En wanneer je een lichtbron in beeld brengt, dan legt de Sony Xperia 1 V hem te verzadigd vast. Verder is het zo dat de overige twee sensoren (telelens en ultragroothoeklens) gelijk zijn aan het model van vorig jaar. Dit zijn twaalf megapixelsensoren. De telelens kan 3,5 tot 5,2 keer optisch inzoomen. Hoewel de kwaliteit van de foto’s echt heel goed is (overdag dan), is het verschil tussen beide zoomopties verwaarloosbaar. Zoom je verder in, dan loopt de kwaliteit een flinke klap op, helaas.

Portretmodus.

Normale lens, 1x zoom.

Groothoeklens.

Wat de ervaring verder wat compliceert is het feit dat Sony drie camera-apps aanbiedt: één waarmee je foto’s maakt en twee waarmee je video’s maakt. Hoewel de apps mettertijd zijn versimpeld, bieden ze nog steeds een drempel aan voor iedereen die gewoon snel een foto wil maken met zijn of haar smartphone. We weten zeker dat wanneer je de tijd neemt om de apps te leren kennen, dat je prachtige shots kunt maken. Maar voor de eerdergenoemde ‘gewone consument’ is het wellicht teveel van het goede. Die kunnen beter bij Google of Samsung terecht voor hun foto’s.

Sony Xperia 1 V kopen?

Al met al kunnen we de Sony Xperia 1 V moeilijk aanbevelen aan mensen die ‘gewoon een goede smartphone’ willen en bereid zijn daarvoor te betalen. Google laat met de Google Pixel 7 Pro zien dat je niet diep in de buidel hoeft te tasten voor een premium (fotografie-)ervaring, terwijl Samsung en Apple furore maken qua comfort, beeldkwaliteit en camerakwaliteit. Toegegeven, daar betaal je dan ook flink voor, maar in de meeste gevallen krijg je niet te maken met de nadelen van de Sony Xperia 1 V. Voor het feit dat de camera geen mooie foto’s in het donker maakt is een pijnpunt.

Verder heeft het toestel een aantal minpunten waar we best aan kunnen wennen, zoals dat langwerpige scherm (met soms zwarte balken), het langzame opladen en de hoeveelheid opties voor foto’s en video’s. Maar het karige updatebeleid en het gedateerde design gooien ook weer flink wat roet in het eten. En dat terwijl het toestel veel dingen heeft waar we van houden. Denk dan aan de sleuf voor de (gemakkelijk te bereiken) micro-sd-kaart, het weergaloze oled-scherm, de koptelefoonaansluiting en de prestaties. Maar daar heeft de ‘gewone consument’ geen boodschap aan.

▼ Volgende artikel
Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt
© Wesley Akkerman
Huis

Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt

De smartphones van Poco zijn over het algemeen goed geprijsd als je kijkt naar wat je ervoor terugkrijgt. De nieuwe Poco F8 Ultra heeft een prijskaartje van minimaal 800 euro. Gaat die regel ook hier op?

Uitstekend
Conclusie

De Poco F8 Ultra oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze variant een paar gram zwaarder maakt dan de zwarte versie). Wel plaatsen we wat kanttekeningen bij de software- en camera-ervaring. De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

Plus- en minpunten
  • Bose-subwoofer
  • Faux denim achterop
  • Stevig, handzaam en licht
  • Vlotte en overzichtelijke software
  • Gemiddeld tot goed softwarebeleid
  • Batterijduur
  • Kleuren kunnen beter
  • Camera laat te wensen over
  • Bloatware en advertenties
CategorieSpecificatie
Display6,9 inch Amoled-display, 120Hz (adaptief), 3500 nits maximale helderheid
ProcessorSnapdragon 8 Elite Gen 5 (3nm)
Geheugen12 GB of 16 GB LPDDR5X (9600 Mbps)
Opslag256 GB of 512 GB (UFS 4.1)
Batterij6500 mAh met 100W HyperCharge en 50W draadloos laden
Camera achter50 MP hoofdcamera (OIS), 50 MP periscooptelelens (OIS), 50 MP ultragroothoek
Camera voor32 MP met autofocus
VideoTot 8K op 30 fps (achter) / 4K op 60 fps (voor)
SoftwareXiaomi HyperOS 3
BouwIP68 waterbestendig, POCO Shield Glass, 218 (Black) - 220 gram (Denim Blue)
Connectiviteit5G, Wifi 7, Bluetooth 6.0, NFC
Extra'sUltrasone vingerafdrukscanner, Infrarood (IR-blaster), Bose audio

Want wat voor smartphone kun je precies aanbieden als je er net wat meer geld tegenaan gooit? Dat idee heeft een unieke telefoon opgeleverd, voorzien van een denimlook én een extra subwoofer achterop. Gewaagde keuzes, maar in een wereld waarin smartphones steeds meer naar elkaar toe groeien, en in hun identiteitscrisis meer en meer op iPhones gaan lijken, geen verkeerde ontwikkeling. Alleen daarom al zijn we enthousiast over de Poco F8 Ultra (Blue Denim-uitvoering).

Het helpt dan ook zeer dan de subwoofer daar niet alleen voor de show zit. Dit compacte speakertje geeft geluiden en audio meer dan genoeg ruimte om beter tot hun recht te komen vergeleken met reguliere smartphonespeakers. Weg is dat blikkige geluid, dat nu ruimte maakt voor warmere tonen en een bredere soundstage. Klinkt de muziek perfect? Dat kun je niet verwachten, maar we zijn desondanks onder de indruk van de Bose-luidspreker.

©Wesley Akkerman

Uniek en tof

De Poco F8 Ultra ligt prettig in de hand en voelt solide aan dankzij het aluminium frame. Met 220 gram is hij ook niet overdreven zwaar. Het fauxdenim op de achterkant draagt daarbij merkbaar bij aan de grip, waardoor hij niet snel uit je handen glipt. Juist door dat eigenzinnige uiterlijk is dit zo'n smartphone die je liever zonder hoesje gebruikt, ook al loop je daarmee iets meer risico op valschade.

Het grote amoled-paneel van 6,9 inch stelt evenmin teleur. Met zijn hoge resolutie (1.200 bij 2.608 pixels) en verversingssnelheid (120 Hertz) kom je niets tekort en oogt alles scherp en vlot. Het contrast is breed en zwartwaarden zijn diep, maar de kleuren kunnen soms net even wat flets ogen. Dat valt alleen op in directe vergelijkingen met andere smartphones; de kans is heel klein dat dit je hier iets van merkt in het dagelijkse gebruik of als je een minder geoefend oog hebt.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Wat je mag verwachten

Ook al draait de Poco F8 Ultra niet op de krachtigste processor die Qualcomm te bieden heeft, in de praktijk merk je daar weinig van. De Snapdragon 8 Elite Gen 5 voelt vlot aan bij multitasking en kan games zonder moeite aan, al moet je er wel rekening mee houden dat de Gen 5 warm (niet heet, gelukkig) kan worden wanneer je high-end spellen speelt. Niets om je zorgen over te maken, je zult hier namelijk je vingers niet aan branden.

Ook de accu stelt niet teleur. Met een capaciteit van 6.500 mAh haal je in veel gevallen probleemloos twee dagen, al hangt dat vanzelfsprekend af van hoe intensief je de smartphone gebruikt. Speel je veel games, dan loopt hij sneller leeg, maar opladen gaat razendsnel. Met een geschikte 100w-lader, die je zelf moet aanschaffen, zit de accu binnen ongeveer veertig minuten weer helemaal vol.

0,7x

1x

2x

Camera en software

Toch is niet alles goud wat er blinkt. Onder de juiste lichtomstandigheden maakt de Poco F8 Ultra kleurrijke en gedetailleerde beelden. Zoomen is geen probleem en ook de selfiecam lijkt goed om te gaan met verschillende huidtypen. De groothoeklens presteert echter minder goed: kleuren komen minder goed uit de verf en details vallen weg. De avondmodus stelt teleur, met een overdaad aan exposure, gebrekkige kleurenaccuraatheid en trage vastlegging.

Aangezien Poco een dochteronderneming is van Xiaomi, draait het toestel op HyperOS 3.0. De Poco staat daardoor vol met overbodige en dubbele apps, waaronder die van Xiaomi, waarvan je het gros kunt verwijderen. Ook kom je her en der wat reclame tegen. Verder is het besturingssysteem vlot en overzichtelijk, twee eigenschappen die we extreem belangrijk vinden. Je krijgt tot slot 'maar' vier Android-upgrades, evenals zes jaar aan beveiligingsupdates.

5x

10x

Poco F8 Ultra kopen?

Ondanks de kanttekeningen die we plaatsen bij de software- en camera-ervaringen, zijn er eigenlijk weinig redenen om niet voor de Poco F8 Ultra te kiezen. Hij oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze uitvoering wel een paar gram zwaarder maakt dan de Poco F8 Ultra Black). De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

52137934

▼ Volgende artikel
Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid
© ER | ID.nl
Huis

Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid

Spatial audio, oftewel ruimtelijke audio, belooft een luisterervaring waarbij het geluid niet alleen van links en rechts komt, maar je volledig omringt. Hoewel de marketingkreten je geregeld om de oren vliegen, is de techniek niet in elke situatie even zinvol. In dit artikel ontdek je wanneer ruimtelijke audio je ervaring verrijkt en wanneer je prima zonder kunt.

Vergeet het statische geluid van je oude vertrouwde stereo-set. Met spatial audio krijgt geluid eindelijk de diepte die het verdient. Dankzij slimme algoritmes die de akoestiek van de echte wereld nabootsen, ontsnapt de audio aan je koptelefoon of soundbar. Geluid beweegt vrij door de kamer, waardoor een helikopter in een film ook echt boven je hoofd lijkt te cirkelen. Het is de overstap van een platte foto naar een hologram, maar dan voor je oren.

Bioscoopervaring thuis

De meest logische toepassing voor spatial audio is zonder twijfel de moderne filmervaring. Wanneer je een blockbuster kijkt die is gemixt in formaten zoals Dolby Atmos, komt de techniek pas echt tot leven. Een helikopter die overvliegt of regen die op een dak klatert, krijgt een verticale dimensie die voorheen onmogelijk was met een standaard hoofdtelefoon of een simpele soundbar.

Voor filmliefhebbers die niet de ruimte hebben voor een volledige surround-installatie met fysieke speakers in het plafond, biedt spatial audio een overtuigend en compact alternatief dat de zogenaamde immersie aanzienlijk vergroot.

Spatial audio in de praktijk

Je komt ruimtelijke audiotechnieken op steeds meer plekken tegen, vaak zonder dat je er specifiek naar hoeft te zoeken. In de filmwereld is Dolby Atmos de absolute standaard, waarbij streamingdiensten zoals Netflix en Disney+ deze techniek inzetten om geluidseffecten via een soundbar dwars door je kamer te laten bewegen.

Muziekliefhebbers vinden soortgelijke ervaringen bij Apple Music en Tidal, waar speciale mixes van bekende albums een breder en dieper geluidsveld bieden dan de originele stereoversie. Ook in de gamingwereld is het inmiddels de norm; Sony gebruikt de Tempest 3D-technologie voor de PlayStation 5 om spelers midden in de actie te plaatsen, terwijl Microsoft met Windows Sonic en Dolby Atmos for Headphones vergelijkbare resultaten behaalt op de Xbox en pc.

©ER | ID.nl

Muziek met een extraatje

Voor muziek is het nut van ruimtelijke audio iets genuanceerder en sterk afhankelijk van de productie. Bij klassieke concerten of live-opnames kan de techniek je het gevoel geven dat je midden in de concertzaal zit, waarbij de akoestiek van de ruimte tastbaar wordt. Ook bij moderne popmuziek die specifiek voor dit formaat is geproduceerd, kunnen artiesten creatiever omgaan met de plaatsing van instrumenten of subtiele geluidseffecten.

Toch blijft voor de purist die zweert bij een eerlijke, ongefilterde weergave van een studio-album de traditionele stereomix vaak de voorkeur genieten, omdat spatial audio de oorspronkelijke balans soms onnatuurlijk kan veranderen.

Gaming en de functionele voorsprong

In de wereld van gaming verschuift de waarde van spatial audio van puur esthetisch naar functioneel. Vooral in competitieve shooters is het horen van de exacte positie van een tegenstander een serieus dingetje. Door gebruik te maken van ruimtelijke audio kun je voetstappen boven, onder of achter je nauwkeurig lokaliseren. Dat geeft niet alleen een intensere spelervaring waarbij je volledig wordt opgeslokt door de spelwereld, maar biedt ook een tactisch voordeel dat met standaard audio simpelweg niet te evenaren is. Hierdoor is de techniek voor fanatieke gamers bijna onmisbaar geworden.

Wanneer kun je het beter uitschakelen?

Ondanks de indrukwekkende demonstraties is spatial audio niet altijd de beste keuze. Voor dagelijks gebruik, zoals het luisteren naar podcasts of het kijken van het journaal, voegt de extra ruimtelijkheid weinig toe en kan het de verstaanbaarheid van stemmen zelfs negatief beïnvloeden. Ook bij oudere opnames die door softwarematige kunstgrepen naar ruimtelijk geluid worden omgezet, ontstaat er vaak een hol en onnatuurlijk resultaat. In dergelijke gevallen is een zuivere stereoweergave nog altijd de meest betrouwbare weg naar een prettige luisterervaring.

Populaire merken voor spatial audio

Verschillende fabrikanten lopen voorop in de adoptie van ruimtelijke audiotechnieken. Apple heeft met de integratie in de AirPods Max en AirPods Pro in combinatie Apple Music de techniek toegankelijk gemaakt voor de massa, terwijl Sony met hun 360 Reality Audio een sterk eigen ecosysteem heeft gebouwd dat vooral schittert bij gaming en specifieke streamingdiensten. Daarnaast is Sonos een dominante speler op het gebied van home-entertainment met soundbars die Dolby Atmos ondersteunen. Bose en Sennheiser zijn eveneens belangrijke namen die met hun geavanceerde algoritmes en hoogwaardige hardware zorgen dat de ruimtelijke beleving ook voor de veeleisende luisteraar geloofwaardig blijft.