ID.nl logo
Apple MacBook (2015) - De toekomst van de laptop
© Reshift Digital
Huis

Apple MacBook (2015) - De toekomst van de laptop

Apple belooft dat de nieuwe MacBook de lichtste en meest compacte MacBook met een complete ervaring ooit is. Het eerste deel van de belofte klopt in ieder geval: de nieuwe MacBook is zelfs dunner en lichter dan de MacBook Air. Hoe bevalt Apples MacBook in de praktijk?

De nieuwe MacBook is zonder twijfel de lichtste en meest compacte MacBook tot nu toe. De laptop weegt nog geen kilo en is op zijn dikste punt 1,31 centimeter dik waardoor het apparaat makkelijk is mee te nemen. Perfect voor onderweg dus. En dan is de MacBook nog dicht. Als we hem open klappen zien we een 12inch-Retina-scherm, de nieuwe touchpad met Force Touch en het toetsenbord. Boven het toetsenbord is er nog ruimte voor de speakers en die klinken in ieder geval erg lekker en beter dan we op grotere MacBooks hebben gehoord. Lees ook: Die USB-C-poort van de nieuwe MacBook is zo slecht nog niet

©PXimport

De MacBook is dunner en lichter dan de 11inch-uitvoering van de MacBook Air.

Uitstekend Retina-scherm

Het Retina-scherm behoeft inmiddels eigenlijk geen introductie meer: de marketing-term staat garant voor een uitstekend IPS-scherm met een hoge resolutie. De MacBook heeft zelfs de dunste versie tot nu toe. Het scherm heeft een resolutie van 2304 bij 1440 pixels. Deze pixels worden gebruikt om alles scherp weer te geven, de MacBook toont standaard dezelfde hoeveelheid informatie als een normaal scherm met een resolutie van 1280 x 800 pixels. De kwaliteit is zoals we van de Retina-schermen gewend zijn: de beelden zijn scherp en gewoon erg mooi. Je kunt gerust een film kijken en teksten zijn goed leesbaar. Een breekpunt met het verleden is dat de schermdeksel geen oplichtend Apple-logo meer heeft. Vermoedelijk heeft Apple al het licht nodig om een zo hoog mogelijk helderheid te halen met zo weinig mogelijk energieverbruik.

©PXimport

Het Retina-scherm biedt een prima beeldkwaliteit.

Toetsenbord even wennen

Opvallend is dat de toetsen van het toetsenbord dat uitstrekt over de hele breedte van de MacBook bijna wegvallen in het apparaat. De toetsen zelf hebben weinig speling, je kunt ze niet heel ver indrukken. Apple belooft dat je op het flink dunnere toetsenbord toch comfortabel en nauwkeurig kunt typen. Persoonlijk moest ik wel wennen aan het typen op het toetsenbord. De toetsen zitten dicht op elkaar en je voelt amper dat je de toetsen indrukt. Het lijkt bijna een touchscreen-toetsenbord en dat is toch anders typen dan op een 'normaal' toetsenbord. Het is dus wel even wennen, maar als je er een tijdje mee werkt is het zeker een fijn toetsenbord. De toetsen hebben gelukkig wel een vrij duidelijke klik.

©PXimport

De toetsen zijn platter dan we ooit hebben gezien.

Force Touch

Net als op eerdere MacBooks vinden we onder de toetsen een glazen touchpad. Net als op de laatste 13inch-uitvoering van de MacBook Pro maakt de touchpad gebruik van Force Touch. Bijzonder aan dit type touchpad is dat de touchpad eigenlijk niet klikt, maar dankzij een vibratie lijkt het toch net alsof je de touchpad wel kunt inklikken. Omdat er niet langer één scharnier gebruikt wordt, kun je nu bovendien overal klikken. Force Touch geeft je daarnaast nog een aantal extra opties omdat je harder kunt doordrukken na een klik. Als je met de trackpad naar een woord gaat en harder op de trackpad drukt voel je een klik en opent een pop-up scherm waarin je de betekenis van het woord te zien krijgt of eventuele informatie van Wikipedia. De Force Touch is ook handig voor adressen. Ga je met je trackpad naar een adres en gebruik je de Force Touch dan opent er weer een pop-up en krijg je de optie om het adres in Maps te openen, de kaart te bekijken en een route te berekenen. De Force Touch biedt dus extra mogelijkheden al moet je er wel even mee oefenen en spelen. Als je het onder de knie hebt is het een handige toevoeging, al moet nog blijken hoe vaak je het echt gaat gebruiken.

©PXimport

Je ziet uiterlijk geen verschil, maar dit is een Force Touchpad.

Maar één poort

Dan komen we bij met het grootste minpunt aan de nieuwe Macbook: hij heeft maar één poort. Een usb-c-poort om precies te zijn, die je zowel gebruikt voor het opladen als voor alle andere zaken zoals opslag of beeldschermen. De usb-c-poort is onderdeel van de usb3.1-standaard, maar is nu nog vrijwel niet in gebruik. Als je een apparaat wilt aansluiten op je MacBook heb je daardoor in de praktijk altijd een adapter nodig. Met de USB-C Digital AC Multipoort Adapter voeg je in één keer een bruikbare selectie aansluitingen toe, maar de adapapter kost je wel weer 89 euro. Met de adapter krijg je er meteen een USB-C-, een HDMI- en een normale USB-poort bij. Voor 19 euro biedt Apple ook adapter naar één normale usb-poort. Usb-c is daarnaast een open standaard en het zal dus niet lang duren voordat je goedkopere adapters van andere merken kunt kopen. Het probleem is dus makkelijk op te lossen, maar het is wel onhandig als je bijvoorbeeld nog vaak een usb-stickje gebruikt.

©PXimport

De MacBook (links) heeft maar één poort die dienst doet als laadpoort, usb-poort en video-aansluiting.

Snelheid

De nieuwe MacBook is ook niet zo snel als de andere MacBooks. De goedkoopste versie heeft een 1,1-GHz dual-core processor met een Turbo Boost tot 2,4 GHz. Voor € 250,00 extra kun je er eventueel ook nog een 1,3-GHz dual-core met een Turbo Boost tot 2,9 GHz in laten zetten. De duurdere versie is iets sneller met een 1,2-GHz dual-core processor en kan ook nog uitgebreid worden naar 1,3 GHz. Qua snelheid zijn de nieuwe processors te vergelijken met de Sandy Bridge-processors die Apple in de 13 inch MacBook Pro uit 2011 gebruikte. Supersnel is de nieuwe MacBook dus niet te noemen, maar daar merk je in de praktijk niet veel van als je er gewoon op werkt. Het is daarbij prettig dat de processor geen actieve koeling nodig heeft en de MacBook dus lekker stil blijft. Qua opslag ben je gebonden aan een 256 GB of de 512 GB SSD. De accu van de MacBook gaat lang mee waardoor je niet snel op zoek hoeft naar een stopcontact. Al hangt het natuurlijk ook weer af van wat je met de MacBook doet.

Conclusie

Apple doet veel goed met de nieuwe MacBook. Het is een compacte notebook met een mooi scherm die bijna niets weegt. Fraai is dat er geen actieve koeling nodig is waardoor hij ook nog eens erg stil is. Het nieuwe toetsenbord en de Force Touch-touchpad zijn even wennen, maar voldoen prima als je er even mee geoefend hebt. Wel vragen we ons af hoe vaak je Force Touch echt gaat gebruiken. Het Retina-scherm is ook op 12 inch zoals we gewend zijn erg mooi. Heb je deze MacBook eenmaal gezien, dan wil je echt niet meer op de 11inch-uitvoering van de MacBook Air werken. De MacBook maakt gebruik van Intels Core M-processors. Het voordeel van deze energiezuinige chips is dat het mogelijk is ze zonder actieve koeling te gebruiken. Het nadeel is de prestaties, die liggen ongeveer op het niveau van een dualcore Core i5-notebookprocessor uit 2011. Daar is uiteraard prima mee te werken, maar de processors in de huidige MacBook Air of MacBook Pro zijn wel een flink stuk sneller. Een ander nadeel is dat Apple slechts één poort kon verwerken en dat die poort van het nieuwe usb-c-type is. Toegegeven, we werken steeds meer alleen online, maar het is toch onhandig dat je niet eens een usb-stickje in de MacBook kunt prikken. De nieuwe MacBook moet het kortom dus vooral van zijn formaat en gewicht hebben, voor de 1449 euro die Apple voor het instapmodel wil hebben kun je ook een veel snellere 13inch-variant van de MacBook Pro aanschaffen. Wel zijn we ervan overtuigd dat dit de toekomst van de notebook is: dun, licht en zonder actieve koeling.

Goed
Conclusie

Apple MacBook (2015) -------------------- **Prijs** € 1.449,00 (256 GB, 1,1 GHz dual core, Turbo Boost tot 2,4 GHz), € 1.779,00 (512 GB, 1,2 GHz dual-core, Turbo Boost tot 2,6 GHz) **Processor** 1,1 (of 1,2) GHz Intel Core M **RAM** 8 GB 1600 MHz DDR3 **Opslag** 256GB (of 512 GB) **Grafisch** Intel HD Graphics 5300 **Camera** 480p **Beeldscherm** 12-inch Retina Display (2304x1440) **Draadloos** 802.11ac wifinetwerk en Bluetooth **Afmetingen** 28,04 x 19,65 x 0,35-1,31 cm **Gewicht** 0,92 KG **Accu** 39,7 Wh **Besturingssysteem** OS X 10.10 Yosemite **Kleuren** Zilver, goud of zwart

Plus- en minpunten
  • Retina-display
  • Compact en licht
  • Geen actieve koeling
  • Batterijduur
  • Eén usb-poort
  • Snelheid processor
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.