ID.nl logo
Die USB-C-poort van de nieuwe MacBook is zo slecht nog niet
© Reshift Digital
Huis

Die USB-C-poort van de nieuwe MacBook is zo slecht nog niet

De MacBook is duur, niet al te krachtig en heeft slechts één poort, maar de kritiek die het apparaat krijgt is onverdiend. Je moet hem voorlopig nog niet afschrijven...

Wat was er eerst, de iPad of de MacBook? De MacBook, toch? Misschien niet. Deze nieuwe MacBook is wat je krijgt wanneer je de iPad met een MacBook Air kruist. In veel opzichten zou het oude iBook-merk, dat in 2006 werd stopgezet toen Apple op Intel-processors overstapte, een betere naam voor de nieuwe MacBook geweest zijn. Ik wed dat er iemand bij Apple niet blij met zichzelf is omdat hij de iBookstore die naam gegeven heeft. Lees ook: 12-inch MacBook hands-on review - Geweldig toetsenbord en trackpad.

Space grey

De iBook zou de perfecte naam zijn, omdat dat is wat het is. Apple zal niet dichter in de buurt komen bij een convergentie van de iPad en een laptop zonder een toaster te bouwen die tevens een koelkast is, waarvan CEO Tim Cook gezegd heeft dat het bedrijf dit nooit zal doen. Maar voor de consumenten is de connectie met de populaire iOS-apparaten duidelijk - je hoeft alleen maar naar de kleuren te kijken.

Zoals we verwacht hadden (we hebben de geruchten een tijdlang gevolgd) is de MacBook verkrijgbaar in drie verschillende kleuren: zilver, space grey en goud, net als de iPhone en iPad. Dit is een reeks van Macs voor zowel liefhebbers van de iPad en iPhone als voor mensen die van een prachtig ontwerp houden.

©PXimport

De MacBook is er in drie kleuren: zilver, space grey en goud.

Eén poort

Natuurlijk is niet iedereen te spreken over de nieuwe MacBooks, net als met alle nieuwe Apple-producten. De meest genoemde klacht is het feit dat de MacBook slechts één poort heeft. Weet je wat ook slechts één poort heeft? De iPad (en de iPhone). Niet dat iedereen tevreden is met de enkele poort op de iPad - door de jaren heen heeft men Apple meermaals opgeroepen om naast de Lightning-poort een usb-poort aan het apparaat toe te voegen. Maar doet dat er echt toe? Voor de meeste mensen is een extra poort overkill, wat zou je nog op de iPad willen aansluiten dat je niet via de Lightning-poort kunt inpluggen? In het geval van de MacBook weegt het argument dat deze Mac meer poorten nodig heeft wat zwaarder.

Hoe ga je het in hemelsnaam opladen terwijl je een back-up naar een externe harde schijf aan het maken bent! Apple moet gestoord zijn! Misschien niet. Ten eerste: hoeveel mensen gebruiken hun iPad terwijl deze aan het opladen is? We gaan ervan uit dat mensen hun MacBook zullen willen gebruiken terwijl deze aan het opladen is omdat we dat tegenwoordig doen, maar is dat echt een realistisch scenario voor de toekomst? Ik maak me hier misschien niet populair mee, maar ik vind dat mensen hun laptops minder moeten opladen. Ik had ooit een oude MacBook op mijn bureau op kantoor staan die altijd ingeplugd was, wat vaak het geval is als je een laptop als desktopmachine gebruikt, en weet je wat, de batterij begaf het. De Mac wilde alleen maar werken als hij was ingeplugd. Mensen moeten daarmee ophouden, en als je slechts één poort ter beschikking hebt die gebruikt wordt om zowel op te laden als randapparatuur in te pluggen, word je door Apple gedwongen om die manier van werken aan te leren.

Wat het probleem 'hoe kan ik naar mijn externe harde schijf back-uppen' betreft: wordt het niet tijd dat je begint te back-uppen naar een opslagapparaat dat via een netwerk verbonden is? Het back-uppen van je Mac is echt doodeenvoudig, ook als hij niet ingeplugd is.

Dvd-drive

Deze paniek rondom poorten doet me denken aan het moment waarop de MacBook Air gelanceerd werd en iedereen gechoqueerd was omdat Apple de ethernetpoort had laten vallen, en - de horror - de dvd-drive verwijderd had. Hoe zouden we ooit uitkomen zonder een optische drive voor muziek, films en het installeren van software? Daar maakte iedereen zich zorgen over in 2008, toen Apple de MacBook Air introduceerde. Als je zeven jaar later nog steeds heimwee hebt naar de cd/dvd-drive, moet je je maar eens bij de rest van de mensen in de 21ste eeuw aansluiten.

©PXimport

Eén poort. Genoeg, te weinig of ergens ertussenin?

En als je echt meer poorten nodig hebt, zullen er genoeg USB-C-adapters verkrijgbaar zijn waarmee je het aantal poorten kunt uitbreiden. Dus mensen moeten ophouden met panikeren.

Processor

Maar het gebrek aan poorten is slechts één van de vele kritieken op de nieuwe MacBook. Er zijn ook klachten dat hij niet krachtig genoeg is. De nieuwe MacBook heeft een 1.1GHz of 1.3GHz Intel Core M-processor, vergeleken met de 1.6GHz i5-processor in de nieuwe MacBook Air lijkt dat inderdaad wat matig. Maar dat hoeft niet te betekenen dat de nieuwe MacBook traag is; het is gebleken dat andere laptops met dezelfde processor verrassend snel waren. Tests van AnandTech duiden erop dat de Lenovo Yoga 2 Pro, die van dezelfde chip gebruik maakt, iets sneller is dan de MacBook Air uit 2014. Dus we hebben het over een computer die net zo snel is als de MacBook Air van vorig jaar. Dat is voor de meeste gebruikers echt snel genoeg.

Die processor heeft bovendien een aantal bonusfuncties. Intel heeft de processor vervaardigd door middel van het zogenaamde 14 nanometer-proces, wat betekent dat laptops dunner, lichter, en energiezuiniger kunnen zijn. En omdat ze zo energiezuinig zijn hebben ze geen ventilator nodig om ze te koelen.

Dus dankzij deze processor kan de MacBook superdun zijn. Dit is de dunste MacBook ooit - nog dunner dan de MacBook Air. Het apparaat is ook heel licht, iets minder dan 1 kilo. Dit is niet zo licht als de iPad Air, die 437 gram weegt, maar het is niet slecht als je bedenkt dat de iPad Air ongeveer hetzelfde zou wegen als de MacBook als je er een extern toetsenbord aan toe zou voegen.

©PXimport

De MacBook is zo licht als een veertje, lichter zelfs dan de MacBook Air.

Ontwerp

Het is moeilijk om een fout in het ontwerp te ontdekken, het is echt prachtig, maar dat weerhoudt een aantal mensen er niet van om te klagen dat niemand bij zijn volle verstand €1.449 neertelt voor een Mac die minder krachtig en duurder is dan de MacBook Air. Zelfs het instapmodel 13-inch MacBook Pro is even duur, en die is veel krachtiger. Waar het om gaat is dat niet iedereen rekenkracht nodig heeft. Als je alleen maar e-mail schrijft en op het web surft, is een MacBook Pro overkill. Je zou inderdaad geld kunnen besparen en een MacBook Air kunnen kopen (€999), maar waarom zou je jezelf niet verwennen met de nieuwste, aantrekkelijkste Apple-hardware? Dat is wat sommige mensen zullen doen.

De rest van de mensen kan verwachten dat de prijs van de MacBook de komende generaties zal zakken, net als met de MacBook Air. Toen de Air voor het eerst gelanceerd werd in 2008 kostte hij €1.649, en natuurlijk vond iedereen dat destijds te duur. Maar slechts een aantal jaar later werd de MacBook Air Apple's populairste Mac, en dit is waarschijnlijk de reden dat het marktaandeel van Apple blijft groeien terwijl de rest van de pc-industrie terugvalt. Je kunt van de MacBook iets vergelijkbaars verwachten, maar deze keer zal Apple alles wat het bedrijf geleerd heeft van de iPad en iPhone toepassen op de MacBook om ervoor te zorgen dat het relevant kan blijven in een tijdperk waarin het grootste deel van onze interactie met technologie plaatsvindt via onze iPhone in plaats van een computer - afgezien van het feit dat de iPhone, iPad, Mac, en zelfs de Apple Watch natuurlijk computers zijn.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.