ID.nl logo
Apple staat voortaan sideloading en alternatieve appwinkels toe
© Reshift Digital BV
Huis

Apple staat voortaan sideloading en alternatieve appwinkels toe

Voor iOS-gebruikers in de Europese Unie is het sinds iOS 17.4 mogelijk apps te sideloaden en te downloaden uit alternatieve appwinkels. Dat heeft alles te maken met de wet inzage digitale markten (of: Digital Markets Act). Wat betekent dit voor gebruikers?

De nieuwe wet inzage digitale markten zorgt voor grote rimpeleffecten binnen de Europese Unie, en vooral mensen met een iPhone gaan daar veel van merken. In dit artikel presenteren we een overzicht van die veranderingen, evenals dingen waar je rekening mee moet houden.

Lees ook: Wet inzake digitale markten DMA: wat is dit en wat merk je ervan?

Nu de regels van de wet inzage digitale markten officieel van kracht zijn, en zogenaamde poortwachters de tijd gekregen hebben om aan alle eisen en beperkingen te voldoen, zien we de eerste veranderingen al gebeuren. Apple moet namelijk, volgens de nieuwe regels, iOS-gebruikers in staat stellen alternatieve appwinkels te gebruiken, of apps te sideloaden. Die laatste term verwijst naar een handeling waarbij je een app buiten een downloadwinkel om installeert op je smartphone of tablet – dan komt Apple er dus in feite niet aan te pas.

Met deze verandering wordt gebroken met een lang bestaande traditie die Apple zelf in stand hield. Het Amerikaanse bedrijf was namelijk – officieel gezien – de enige distributeur van iOS-apps: je kon ze alleen downloaden in de App Store. Er wáren altijd wel andere mogelijkheden beschikbaar, maar niet zonder je iPhone of iPad te jailbreaken. In het kort: dan kraakte je het besturingssysteem om er apps op te kunnen installeren die buiten de App Store om verkrijgbaar waren, bijvoorbeeld via AltStore. Ook kreeg je daardoor meer mogelijkheden met betrekking tot thema’s en andere personalisatieopties.

Apple onder de wet inzage digitale markten

Maar hoe krijg je nou toegang tot die nieuwe downloadmogelijkheden? Allereerst dien je iOS 17.4 te installeren (of iPadOS 17.4). Vervolgens kun je een winkelapplicatie downloaden van de website van de aanbieder. Voordat een appwinkel geschikt is voor het Apple-ecosysteem, moet het door rigoureuze tests komen. Het is dus niet zo dat je lukraak appwinkels kunt downloaden. Het voelt daardoor iets minder aan als het wilde westen (dat Android ooit was). Ook moet je nog expliciet toestemming geven voor het downloaden van apps van derde partijen.

Maar zodra je dit allemaal achter de rug hebt (het lijkt erger dan het is), dan kun je alle apps downloaden die aangeboden worden – óók de apps die tegen de richtlijnen van de officiële App Store ingaan. Verder kun je als gebruiker een alternatieve downloadwinkel instellen als standaardoptie, zodat je heel de App Store kunt omzeilen als je dat zou willen. Ondertussen moet je er rekening mee houden dat je binnen apps andere betaalmogelijkheden kunt aantreffen dan je gewend bent. Het is dus niet zo dat alle apps van Apple’s opties gebruik hoeven te maken.

©Apple

"Als gebruiker betekenen deze veranderingen twee dingen: je kunt ook apps downloaden buiten de App Store om en je kunt te maken krijgt met een andere betaalmethode voor je apps en in-app aankopen"

- Wesley, smartphone-expert bij ID.nl

Dingen om rekening mee te houden

Helaas heb je daar weinig zeggenschap over. Ontwikkelaars mogen namelijk zelf bepalen wat ze doen. Gaan ze voor alternatieve opties of voor het vertrouwde systeem van Apple? Kiezen ze voor de eerste mogelijkheid, dan hoeven ze geen percentage aan Apple af te staan. Kiezen ze voor het bestaande systeem, dan komt er drie procent bovenop bestaande kosten voor het verwerken van betalingen. Als gebruiker moet je hier scherp op zijn, zodat je weet met welk betaalsysteem je te maken hebt. Het is dus niet zo dat alles binnen een veilige Apple-omgeving afgerekend wordt (zoals we ook al eerder in het artikel aangestipt hebben). Plus: het kan zijn dat de kosten voor het gebruik van het systeem doorberekend worden aan de gebruiker, waardoor je (iets) duurder uit bent.

Wat je ook moet weten:

❗ Apple houdt nog steeds scherp toezicht op het appdistributieproces. Alle apps die je downloadt voor je iPhone of iPad worden nog altijd beheerd door Apple.
❗ Ontwikkelaars mogen per winkel slechts één versie van hun app aanbieden. Ook moeten ze voldoen aan enkele basisvoorwaarden; ze moeten bijvoorbeeld gescand worden op malware.

Op deze manier probeert Apple toch nog een veilige norm te garanderen voor zijn gebruikersbasis. iOS-gebruikers zijn verwend als het daarop aankomt, omdat ze al sinds de begindagen van de App Store met slechts één winkel te maken hadden. Dat onderdrukte de concurrentie natuurlijk, maar zorgde ook voor een beveiligde shopervaring waarin het aanbod apps zorgvuldig uitgezocht en bekeken was.

View post on X

Andere effecten van de Europese wet

De wet inzage digitale markten brengt meer veranderingen met zich mee voor iOS-gebruikers. Want ze kunnen namelijk ook andere browsers op iOS verwachten, die niet verplicht worden Webkit te gebruiken (de browserengine waar alle iOS-browsers tot maart 2024 gebruik van moesten maken). Je zit dus niet per se vast aan Safari. Ook moet Apple het mogelijk maken dat gamestreamingdiensten, zoals Xbox Game Pass, werken op iOS. Tot slot zien we dat Apple de nfc-chip in zijn iPhones beschikbaar moet maken voor banken en betaalsystemen.

Verder verwachten we dat veel ontwikkelaars van iOS-apps gretig gebruik gaan maken van de nieuwe mogelijkheden. Zo heeft onder meer Spotify al laten weten dat het wederom mogelijk wordt digitale aankopen binnen de app te doen. Zo kun je een abonnement afsluiten of upgraden binnen de app, of audioboeken kopen. Ook heeft de eerdergenoemde AltStore al bekendgemaakt van plan te zijn een alternatieve appwinkel te lanceren voor iOS. Ook kunnen gebruikers later dit jaar gewoon apps vanaf een website downloaden.

De App Store-taks: vooral iets waar appmakers mee te maken gaan krijgen Wat betekenen de veranderingen voor ontwikkelaars? Nou, het zou zomaar kunnen zijn dat ze Apple geen cent hoeven te betalen voor puur het distribueren van hun apps op Apples mobiele systemen. De structuur voor de kosten gaat echter wel op de schop. Als ontwikkelaar kun je nu kiezen hoe je te werk gaat: distribueer je je apps via de App Store of de alternatieve mogelijkheden? Kies je voor optie één en maak je gebruik van een andere betaalmethode, dan betaal je als developer zeventien procent commissie. Voorheen was dit tot dertig procent. De kosten voor gebruikers zijn dan weer afhankelijk van hoe appmakers hun apps distribueren, en voor welke betaalsystemen ze kiezen. Deze zogenaamde App Store-taks kan verder verlaagd worden tot tien procent wanneer ontwikkelaars aangemerkt worden als ‘kleine bedrijven’. Daarnaast rekent Apple nog een extra vorm van commissie voor populaire applicaties. Door de nieuwe Core Technology Fee moeten developers vijftig cent betalen per jaarlijkse installatie. Echter, deze kostenpost treedt pas in werking zodra het aantal jaarlijkse installaties voorbij de één miljoen gaat. Apple verwacht dat “minder dan één procent” van de ontwikkelaars te maken zal krijgen met die nieuwe taks.

Op een rijtje

Dit zijn de populairste iPhones

Powered by Kieskeurig.nl

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.