ID.nl logo
Zo verlicht je jouw woonkamer optimaal
© africa-studio.com (Olga Yastremska and Leonid Yastremskiy)
Huis

Zo verlicht je jouw woonkamer optimaal

Je woonkamer moet natuurlijk sfeervol zijn, maar daarnaast moet je ook kunnen zien wat je doet. Hoe pak je dat aan met verlichting? Je kunt een lichtplan maken om de verlichting af te stemmen op jouw woonstijl en smaak.

De verlichting in je woonkamer is erg bepalend voor de sfeer. In dit artikel lees je over: 💡 Een goed lichtplan maken 💡 Welke functie de verlichting heeft 💡 200-300 lux in de woonkamer is het advies

Lees ook: Zo kies je de ideale keukenverlichting

Drie soorten verlichting: welke lichtbron en sterkte

Als je een lichtplan maakt voor je woonkamer, kun je onderscheid maken tussen drie soorten verlichting:

  • Basisverlichting

  • Sfeerverlichting

  • Functionele verlichting

Basisverlichting is de verlichting die je gebruikt om de ruimte op een natuurlijke manier te verlichten. Dit is de belangrijkste verlichting in de ruimte en je moet daarom goed zorgen voor voldoende licht. Voor basisverlichting kun je bijvoorbeeld gebruikmaken van plafondlampen, spotjes of wandlampen. Het is aan te raden om voor lichtbronnen met een warm licht te kiezen om een sfeervolle en gezellige ambiance te creëren.

Sfeerverlichting is verlichting die je gebruikt om een bepaalde sfeer te zetten voor in de ruimte. Dit kan bijvoorbeeld een schemerlamp zijn op een dressoir, of kaarsen of lampjes in de vorm van sterren op een bijzettafel. Sfeerverlichting is meestal niet erg fel. Qua kleur is een lichtbron tot 2700 Kelvin ('extra warm wit') in de meeste gevallen geschikt.

Functionele verlichting is verlichting die je gebruikt om bepaalde activiteiten te verlichten. Dit kan bijvoorbeeld een bureaulamp zijn voor het lezen of werken. Functionele verlichting is meestal wat feller dan sfeerverlichting, zodat het voldoende licht geeft om de activiteit uit te kunnen voeren.

©Tom Merton/KOTO - stock.adobe.com

Soort verlichting: LED

In het algemeen is het aan te raden om voor ledverlichting te kiezen, omdat dit energiezuinig is en lang meegaat. Bovendien kun je met ledverlichting gemakkelijk verschillende kleurtemperaturen kiezen (niet meer zoals vroeger, toen alleen wit licht beschikbaar was als led). Zo kun je de juiste sfeer creëren voor de verschillende soorten verlichting in de ruimte.

De verlichting in jouw living

Om je woonkamer echt goed te verlichten, is een lichtplan een goed uitgangspunt. Dat geldt overigens voor iedere ruimte in huis, dus naast de woonkamer ook voor bijvoorbeeld de keuken. Zorg ervoor dat de lampen op strategische plekken worden geplaatst, zodat je voldoende licht hebt op de plekken waar je het nodig hebt, zoals bijvoorbeeld bij een eettafel of een leeshoek.

Het is ook aan te raden om verschillende soorten verlichting te combineren, zodat je de verlichting naar behoefte kunt aanpassen. Bijvoorbeeld door gebruik te maken van dimmers of lampen met verschillende kleurtemperaturen. Zo kun je de verlichting aanpassen aan de activiteit of het moment van de dag.

©Katarzyna Bialasiewicz Photographee.eu

Stappenplan voor een lichtplan

Hoe maak je een lichtplan, om van daaruit je verlichting sfeervol en functioneel te plaatsen? Maak eerst een plattegrond van de ruimte, inclusief meubels, kunstwerken en technische voorzieningen. Ga daarna als volgt te werk:

  1. Geef aan waar de verschillende activiteiten in de ruimte plaatsvinden.

  2. Plaats de basisverlichting op de plattegrond. Zorg hierbij voor een lamp per 10 à 15 vierkante meter.

  3. Plaats de sfeerverlichting op de plattegrond.

  4. Voeg de functionele taakverlichting toe op de plekken waar je dit nodig hebt, bijvoorbeeld in een leeshoek.

  5. Selecteer de uiteindelijke armaturen. Vaak zijn meerdere lampen mogelijk op één armatuur.

  6. Plaats de aansluitpunten indien nodig (vaak staan die al vast).

  7. Bekijk het lichtplan nog eens goed en pas het eventueel aan.

  8. Installeer de verlichting volgens het lichtplan.

  9. Maak gebruik van dimmers en slimme verlichting om het licht naar behoefte aan te passen.

Tip Een lichtplan vertelt je precies waar jij het beste verlichting kunt plaatsen in je woonkamer, zodat het sfeer toevoegt maar ook praktisch is. Daarin is er onderscheid in basisverlichting, sfeerverlichting en functionele verlichting.

Lees verder ook: Efficiënt energie besparen doe je met deze slimme apparaten

Hoeveel lampen heb je nodig?

Je kunt je vast voorstellen dat er geen standaard formule is voor het aantal lampen dat nodig is om een woonkamer te verlichten. Iedere woonkamer is immers anders, en daarnaast is het kleurgebruik en de inrichting ook nog belangrijk. Vergeet ook niet de leeftijd van de bewoners: iemand van 65 jaar heeft wel 3,5 keer zoveel licht nodig als iemand van 25 jaar. Meestal zijn 5 tot 10 lichtbronnen genoeg, maar dat is een hele grove regel.

Als je voldoende basisverlichting wilt hebben, is het aan te raden om voor elke 10-15 m² een lamp te plaatsen. Dit kan bijvoorbeeld een plafondlamp of wandlamp zijn. Als je de verlichting wilt gebruiken om sfeer te creëren, kun je daarnaast ook nog een paar extra lampen toevoegen, zoals tafellampen of leeslampen.

De Europese Unie adviseert een verlichtingssterkte voor werkplekken en recreatieruimtes. Daaruit afgeleid is het advies 200-300 lux voor woonkamers. 1 lux is gelijk aan 1 lumen per vierkante meter. Dit betekent dat je voor een woonkamer van bijvoorbeeld 30 m² een verlichtingssterkte nodig hebt van minimaal 9.000 lumen, als je 300 lux als richtlijn neemt. Als je 200 lux als richtlijn neemt, heb je minimaal 6.000 lumen nodig.

Houd er rekening mee dat dit alleen richtlijnen zijn en dat het uiteindelijke aantal lumen dat je nodig hebt kan afhangen van de specifieke behoeften van je woonkamer. Het aantal lumen van een lichtbron (de sterkte van het licht dus) staat op de verpakking vermeld.

©Olha - stock.adobe.com

Is slimme verlichting handig (en voordelig)?

Slimme verlichting is verlichting die is verbonden met een smarthome-systeem, zoals bijvoorbeeld Google Nest of Amazon Echo, en kan worden bediend met een smartphone of een spraakassistent. Dit betekent dat je de verlichting kunt in- en uitschakelen, dimmen en de kleurtemperatuur kunt aanpassen met je smartphone of met spraakcommando's.

Er zijn verschillende voordelen aan het gebruik van slimme verlichting:

  • Gemak. Je kunt de verlichting bedienen vanaf elke plaats met je smartphone of een spraakassistent, zonder dat je naar het lichtpunt hoeft te lopen.

  • Energiebesparing. Veel slimme verlichting is energiezuinig en kan helpen om het energieverbruik te verminderen. Bovendien kun je de verlichting automatisch laten uitschakelen als je de ruimte verlaat of als je slaapt.

  • Sfeer. Je kunt gemakkelijk de sfeer in de ruimte aanpassen door de kleurtemperatuur of het lichtniveau te veranderen.

  • Veiligheid. Sommige slimme verlichting heeft een functie om het licht te laten knipperen als er bijvoorbeeld een inbraakalarm afgaat.

Slimme verlichting kan wel wat duurder zijn in aanschaf dan traditionele verlichting. Maar doordat je het gemakkelijk en van afstand in- en uitschakelt, kun je er energiekosten mee besparen. Of je het waard vindt, is dan ook persoonlijk.

Wil je meer weten over het kiezen van slimme verlichting in huis? Lees dan: Slimme verlichting voor binnen: dit zijn je opties

©Koen Barten | Philips

▼ Volgende artikel
Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard
Huis

Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard

Het Zuid-Koreaanse zou een shooter gebaseerd op Starcraft in ontwikkeling hebben voor IP-eigenaar Blizzard.

Dat claimt The Korean Economic Daily. Een team binnen Nexon dat gespecialiseerd is in shooters zou zich op dit moment volledig richten op de nog onaangekondigde game. De ontwikkeling zou nog niet lang geleden zijn gestart, en dus zou de shooter nog lang op zich laten wachten.

Verdere details zijn er nog niet, behalve dat Choi Jun-ho ook bij het project betrokken zou zijn. Hij maakte eerder de populaire Shinppu-mapmod voor Starcraft.

Starcraft

Er gaan al langer geruchten over een shooter gebaseerd op Starcraft. Vorig jaar meldde Bloomberg-journalist Jason Schreier al in zijn boek 'Play Nice: The Rise, Fall and Future of Blizzard Entertainment' dat Blizzard aan een shooter zou werken. Volgens Schreier is de shooter van Nexon echter niet gerelateerd aan de shooter van Blizzard - het zouden om twee afzonderlijke projecten gaan.

De Starcraft-reeks bestaat uit real-time strategygames. De eerste verscheen in 1998, en een vervolg kwam in 2010 uit. Blizzard heeft al vaker geprobeerd shooters gebaseerd op de Starcraft-franchise te maken, maar die werden vooralsnog altijd geannuleerd.

Mogelijke onthulling op Blizzcon

Voor het eerst in enkele jaren organiseert Blizzard op 12 en 13 december de Amerikaanse beurs Blizzcon, waar alles rondom de uitgever wordt gevierd. Het is mogelijk dat één van de hierboven genoemde shooters daar wordt onthuld.

▼ Volgende artikel
Review: Mario Tennis Fever is een leuke set
Huis

Review: Mario Tennis Fever is een leuke set

Je vraagt je bij elke Mario-sportgame toch weer af: bereikt het de highs van die oeroude Game Boy-games van Camelot, zoals Mario Tennis en Mario Golf)? Het antwoord is, wat mij betreft, steevast  ‘nee’. Maar tussen ‘perfect’ en ‘niet perfect’ zit nog altijd een breed spectrum aan kwaliteit. En Fever? Die nestelt zich moeiteloos aan de betere kant van dat spectrum.

De drie toernooien die deze game rijk is, daar ben je een uurtje zoet mee. Waarschijnlijk zonder een set te verliezen. De Adventure Mode? Een paar uurtjes meer dan dat, en hoewel ook die nergens uitdagend wordt vertelt het wel een vermakelijk verhaal over Mario en Luigi die als baby’s hun tennis-skills moeten oppoetsen vanwege… bijzondere redenen.

Er zijn ook drie Challenge Towers met allerlei unieke uitdagingen die eventjes vermaken. In mix-up vinden we tennis, maar dan met regels en omstandigheden die alleen het Mushroom Kingdom kan bieden, en dat was het wel zo’n beetje. Wie Mario Tennis Fever alleen speelt is een weekend zoet en heeft zich prima vermaakt. Maar sportgames zijn er, natuurlijk, om je competitieve aard los te laten op vrienden, familie, kroost of online uitdagers.

Leuk

Daarom wil ik het ook niet al te uitgebreid over die singleplayermodi hebben. Ja, Nintendo heeft z’n best gedaan. Ja, er is weinig aan te merken op de minigames en kleine tussenscènes die de Tennis Academy te bieden heeft en de ontwikkelaars verdienen het dat het hier even aangestipt wordt. Nooit sla je stijl achterover van briljante ideeën of concepten, en er wordt geen druppeltje zweet gemorst van de spanning. Maar ‘leuk’ is eigenlijk een perfect, allesomvattend begrip om deze kant van de game te omschrijven.

De echte graadmeter echter, is de kern van de gameplay. Hoe speelt het? Hoe diep gaat het? Hoeveel personages, gekke rackets en super-power-mega-skillmoves zijn er in dit pakketje gepropt en hoe verhouden die zich tot elkaar? Na mening middag ballen overslaan of in dubbelspel terugslaan met mijn zoontje van 9, zijn we eruit: Mario Tennis Fever heeft ontzettend lekkere gameplay.

Content is king

Content is in de eerste instantie de name of the game. Er zitten bijna veertig personages in de game, meer dan een dozijn verschillende banen en de hoofdattractie is de aanwezigheid van tientallen Fever-rackets, die elk hun eigen unieke skill met zich meebrengen. De bananentros die Donkey Kong een ‘racket’ noemt strooit bananen over de baan, met het vulkaanracket plopt er een (je raadt het nooit) vulkaan op uit de baan en het Thwomb-racket zorgt ervoor dat het iconische stenen blok uit de Mario-serie plots uit de lucht valt – hopelijk op een tegenstander. Een zogeheten Fever-shot is verder ook geen hogere wiskunde. Om de zoveel tijd is je metertje vol en ram je dat ding over de baan heen.

Extra fijn is dat het gros van dit alles vrij te spelen is waar je maar wil. Laat je de singleplayermodi links liggen en speel je gewoon wat potjes tegen elkaar? Geen probleem, om de zoveel potten krijg je een nieuw racket, personage, of kleurtjes voor je favoriete tennissers.  

Watch on YouTube

Plak er een voldoende op

Enfin, tot zover de uitleg en alles wat hier te vinden is. Leuk spelletje, plak er een voldoende op en klaar, toch? Nou nee, want hoewel alles hierboven zijn eigen rol speelt, zijn het de diepere lagen daaronder die Mario Tennis  Fever tot grotere hoogten dan ‘plak er even een voldoende op’ stuwen. Al die personages? Die beschikken over hun eigen stats en eigenaardigheden. Wario laadt z’n powershots razendsnel op, Bowser Jr. legt veel meer precisie in z’n topspincurve dan anderen en Shy Guy slaat zijn topspins zonder gehinderd te worden door zijn positie op de baan.

En die banen? Die hebben elk hun eigen ondergrond, waar ballen anders op stuiteren en doorschieten, terwijl spelers zelf ook sneller of minder snel zijn, gebaseerd op het gras of het hardcourt waar ze op spelen. Die Fever-rackets? Oprecht allemaal een andere smaak. Ook daar merk dat extra stukje diepgang waar een wat luiere Mario-sportgame niet aan zou denken: wanneer je een Fever-shot terugslaat vóórdat op jouw zijde van het net landt, kun je met een stuit op de helft van de tegenstander zomaar eens het bijbehorende effect teruggeven. Prettig vervelend als je denkt die koter een modderplas op zijn helft te bezorgen, om ‘m vervolgens zelf om je oren te krijgen als hij de bal vakkundig over je heen lobt en ‘ie alsnog op jouw achterveld terecht komt. Een (modder)koekje van eigen deeg noemen ze dat geloof ik.

Mario Tennis Fever

Slide
Slide
Slide
Slide

Geen Lego, wel Duplo

Al die extra aandachtspuntjes en omstandigheden zijn ook nog eens gebouwd op een fundering van onkreukbare basisgameplay. Topspins, slices, curveballen, lobs en powershots: alles wat je van een tennisgame mag verwachten zit erin. De grote maar is alleen: het gebeurt allemaal zonder de nuance van een échte topgame. Vergelijk het een beetje met Lego en Duplo. Zelfde principe, zelfde soort blokken, maar iets vets bouwen met Lego hit net even anders dan iets vets bouwen met die grote Duplo-blokken. Zo verhoudt deze game zich ook tot de toppers uit het tennisgenre, zoals Virtua Tennis en Topspin. Is veelgevraagd, ik weet het, maar het is wel het verschil tussen goed of geweldig. En Mario Tennis Fever eindigt in het eerste kamp.

Is mijn zoontje naar school, dan heb ik namelijk geen enkele reden om Mario Tennis Fever verder te spelen. Zoals gezegd is al die singleplayercontent niet meer dan ‘even leuk’. En computergestuurde tegenstanders geven zelfs op het hoogste niveau nooit écht tegengas. Bovendien zijn de personages net te groot voor deze banen om het volgende niveau van verfijning te bereiken. Top, zo’n lob. Maar vanwege de dus relatief kleine banen blijft het geen zekerheidje dat je iemand ermee verschalkt die tegen het net aan staat. Aanzienlijke kans dat ie gewoon op tijd de achterlijn haalt, als ie ook maar een klein beetje inzicht heeft. Het zorgt ervoor dat Mario Tennis Fever een absoluut geslaagde game is, met heerlijke multiplayer. Maar wie de eindeloze diepgang en speeluren van, bijvoorbeeld, een Mario Kart World hier zoekt, staat sneller dan gewenst buitenspel. Oh wacht, verkeerd sport…

Mario Tennis Fever is vanaf 11 februari beschikbaar voor Nintendo Switch 2.

Goed
Conclusie

Mario Tennis Fever barst van de content. De vele personages, banen en rackets geven unieke, diepere lagen aan de gameplay en multiplayerpotjes gaan met grote glimlach en een berg vertier gespeeld worden. Jammer voor de wat volwassenere spelers dat die volgende laag diepgang nét niet geraakt wordt. Daarvoor is het singleplayeraanbod niet genoeg, de tegenstanders niet uitdagend genoeg en ontbreekt er hier en daar net wat finesse. Maar ga zo door, Nintendo. Mario Tennis Fever zit namelijk wél in de richting van die tijdloze Camelot-klassiekers waar we zo naar hunkeren.

Plus- en minpunten
  • Flinke hoeveelheid content en modi
  • Sterke basisgameplay
  • Uiteenlopende Fever-rackets
  • Nog altijd sterke multiplayer
  • Daagt je nooit écht uit
  • Diepgang niet eindeloos