ID.nl logo
Roomba i5+: dure, basale robotstofzuiger
© Reshift Digital
Huis

Roomba i5+: dure, basale robotstofzuiger

De Roomba i5+ is de nieuwste robotstofzuiger van iRobot, het bedrijf dat inmiddels zijn eigen markt verzadigt door continu net iets afwijkende modellen uit te brengen. De getallen in de namen helpen niet: een hoger getal staat niet altijd voor een betere versie. Verwarring alom dus, maar hoe presteert dit model? Je leest het in de Roomba i5+-review.

Vorig jaar bracht iRobot nog de Roomba i3 en i3+ uit. Dit was destijds het goedkoopste model dat je kon kopen met de zogenaamde Clean Base. Dit is een basisstation waar de robotstofzuiger oplaadt en waar hij automatisch de inhoud van zijn opvangbak leegt. 

De adviesprijs bedroeg destijds 449 euro zonder Clean Base en 699 euro met het station. Diezelfde prijzen komen we tegen bij de Roomba i5 en i5+ uit 2022. Deze stofzuigers bieden een aantal slimme trucjes aan die we tegenkomen op andere iRobot-modellen.

©PXimport

©PXimport

©PXimport

Roomba i5 versus Roomba i3

De vergelijking met de Roomba i3 is hier om meerdere redenen op z’n plaats, omdat beide stofzuigers veel overeenkomsten hebben. Zo beschikken ze allebei over een High-Efficiency Filter dat 99 procent van alle pollen, schimmel, stofmijten en kat- of hondallergenen vasthoudt. Onderop de Roomba i5 zit een 3-Stage Cleaning System, dat bestaat uit twee Multi-Surface Rubber Brushes, die het contact met de grond niet verliezen. Ook is er nog een Edge-Sweeping Brush, waarmee je plinten en hoeken meeneemt in de schoonmaaksessies.

Met Dirt Detect weet de Roomba i5 waar de vloer wat extra aandacht nodig heeft, zodat het apparaat daar een volgende keer extra schoonmaakt. Dat zijn prima functies, maar die zijn dus ook vertegenwoordigd op de in 2021 uitgebrachte Roomba i3. Dat is niet zonder reden: iRobot wil dat model namelijk uitfaseren. 

De opvangbak heeft een inhoud van 0,4 liter. Daar gaat relatief weinig stof en troep in, houd er dus rekening mee dat de bak zo gevuld is. Gelukkig kun je dit model kopen met de Clean Base, waardoor de inhoud van de opvangbak automatisch geleegd wordt na het schoonmaken.

Met een druk op de knop binnen de app is eveneens het mogelijk de bak te legen. De fabrikant geeft je twee AllergenLock-zakken mee, waar je ongeveer zestig dagen mee doet. Na pakweg 120 dagen ben je door dat kleine voorraadje heen en dien je nieuwe zakjes af te nemen bij iRobot.

De zakken zijn niet heel duur, maar vormen wel een extra kostenpost waar niet iedereen op zit te wachten. Hoeveel is het automatisch legen van de opvangbak je waard? Dat is een vraag die je voor jezelf mag beantwoorden; kijkend naar de prijs van de Clean Base (250 euro) en die van de zakjes (20 euro voor drie stuks), vinden wij het de investering niet waard.

©PXimport

©PXimport

©PXimport

Doet het werk prima

Na het installeren van de Roomba i5, wat slechts enkele minuten in beslag neemt, kun je de stofzuiger een testritje laten maken. Dat doe je door hem binnen de app de opdracht te geven een kaart aan te maken van de omgeving. Vervolgens kun je zelf kamers instellen. Doe dit één keer goed en je hebt er verder geen omkijken meer naar. 

De bediening in de app is een beetje onhandig, aangezien kamergrenzen aangeven een priegelwerk is. Maar als het lukt en goed gaat, dan kun je de stofzuiger de opdracht geven een specifieke kamer schoon te maken.

Meer dan dat hoef je er niet van te verwachten. In tegenstelling tot duurdere modellen ondersteunt de Roomba i5 geen Keep Out-zones of Clean Zones. Als je wil dat je robotstofzuigers ergens niet komt (omdat er veel draden liggen bijvoorbeeld), dan moet je op een andere manier voorkomen dat het apparaat daar terechtkomt. 

Minimaal 449 euro betalen voor een robotstofzuiger is een hoop geld, maar voor dergelijke, slimme opties mag je dus extra geld ophoesten. Gelukkig gaat de stofzuiger verder wel secuur te werk. Het apparaat neemt er tevens de tijd voor, door in rechte banen alle kamers structureel en systematisch af te gaan.

De combinatie van de rubberen borstel en het borsteltje aan de zijkant levert in veel situaties een schone vloer op. Hier rijdt het apparaat voornamelijk rond op een vloer van laminaat, maar er ligt ook een hoogpolig tapijt. Als er geen apparaten, stoelen of draden in de weg staan of liggen, dan hoef je niet te vrezen dat de Roomba i5 werkschuw is. De obstakeldetectie op duurdere modellen is echter – simpelweg – beter te noemen. 

Op het hoogpolige tapijt merken we daarnaast dat de stofzuiger toch wat minder goed werkt. Vooral de zijborstel zit dan in de weg. Gelukkig laten de wielen onderop geen harde strepen achter. 

©PXimport

©PXimport

©PXimport

Missende functies binnen de app

Wanneer je een goedkopere Roomba koopt dan moet je er eigenlijk rekening mee houden dat je een uitgeklede versie van een goede robotstofzuiger in huis haalt. We missen namelijk een aantal functies binnen de app. Zo is er geen Robot Health-sectie (waarmee je de gezondheid van verschillende onderdelen controleert en bijhoudt) en missen we iRobot Genius 4.0-opties. Ook kunnen we niet instellen wat de Clean Base moet doen op het moment dat de robot zichzelf parkeert. Voor echt slimme functies moet je dus dieper in de buidel tasten.

Dat gezegd hebbende is de app wel functioneel en prettig vormgegeven. iRobot presenteert de verschillende mogelijkheden overzichtelijk, waardoor je je robot snel aan het werk zet. Of je nu een kaart wil aanmaken, een schoonmaakbeurt wil starten of een schema in wil stellen, dat maakt niet uit. Na het openen van de app scrol je naar beneden om de opties te zien staan en anders tref je links de rest van de mogelijkheden in het hamburgermenu aan. Ook kun je schoonmaaktaken opslaan als een snelkoppeling, waardoor bijvoorbeeld de keuken of eetkamer schoonmaken na het (prepareren van) het avondeten zo gepiept is.

©PXimport

©PXimport

Roomba i5+ - conclusie

Is de Roomba i5 nou een slechte robotstofzuiger? Allerminst. Het apparaat gaat methodisch en secuur te werk en neemt ondertussen ontzettend veel stof en viezigheid mee (maar kan nog wel eens wat hardnekkige stukjes overslaan). De stofzuiger werkt goed op harde en zachte vloeren en maakt een overzichtelijke kaart, waar je als gebruiker ook iets aan hebt. Maar dit zijn eigenlijk basale onderdelen van een robotstofzuiger die gewoon altijd dienen te werken, dus daar krijgt de Roomba i5 dan ook geen groot applaus voor.

Waar we na de recensieperiode vooral mee achterblijven is het gevoel dat we iets missen. Voor minimaal 449 euro haal je een capabele, maar geen mega slimme robotstofzuiger in huis. Voor iRobot-begrippen is dit ‘goedkoop’. De duurdere varianten hebben allerlei slimme foefjes waardoor je nog minder omkijken hebt naar één van de vervelendste taken in huis, en veel van die foefjes ontbreken dus op dit model. Je snakt naar meer, maar kunt dus bedrogen uitkomen. De Roomba i5 is een prima robotstofzuiger, maar voor minimaal 449 euro één die veel te duur is.

Goed
Conclusie

**Adviesprijs** 699 euro (met Clean Base)**Website** [irobot.com](https://www.irobot.nl/nl_NL/irobot-roomba-i5/I565840.html)

Plus- en minpunten
  • Secuur en methodisch
  • Slimme kaart binnen app
  • Premium design
  • Clean Base
  • Ontzettend prijzig
  • Niet de allerslimste
  • Relatief kleine opvangbak
  • Onduidelijkheid modelnummers
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.