ID.nl logo
Wandel- en fietsroutes uitstippelen met Viking
© Reshift Digital
Huis

Wandel- en fietsroutes uitstippelen met Viking

Wil je heerlijk ontspannen wandelen of fietsen, maar dan zonder dat je steeds de verkeerde kant opgaat? Of zonder dat je de mooiste plekken overslaat of verdwaalt in een onbekend gebied? De oplossing is simpel: je kunt gewoon vooraf de ideale route uitstippelen. Dat kan op de computer met het gratis Viking.

In plaats van zomaar op de bonnefooi ergens een wandeling of fietstocht maken, kun je met Viking thuis alvast een mooie route uitstippelen. Zo kun je een afwisselende route in elkaar zetten en weet je zeker dat je de mooiste plekken niet overslaat. Of misschien ken je een prachtige route en wil je deze graag vastleggen, zodat je die met anderen kunt delen. Of je wilt misschien gedownloade routes van een wandel- en fietswebsites eerst thuis op de computer uitpluizen. In al deze gevallen biedt Viking uitkomst. Want met dit programma zet je met het grootste gemak je eigen routes uit of bekijk je bestaande. Op die manier hoef je je dus nooit meer af te vragen hoe je moet lopen of fietsen. Je kunt je aandacht volledig op leuke dingen richten. Zoals lekker om je heen kijken en optimaal genieten. Uiteraard kun je de routes overzetten naar je smartphone. Benieuwd hoe dit allemaal werkt? We gaan het je vertellen.

Maak je eigen fiets- en wandelroutes met Google Maps

©PXimport

Kaartlaag

Viking is opensource en dus volledig gratis. Het programma ziet er in het begin wat kaal uit. Dat komt doordat Viking met lagen werkt die je naar eigen inzicht aan en uit kunt zetten. Om routes in te tekenen heb je een laag met kaartmateriaal nodig, zodat je ziet waar je bent. Deze topografische kaart maak je zichtbaar via Edit / Layer Defaults / Kaart. In het venster dat nu verschijnt, kies je bij Kaarttype voor OpenStreetMap (Mapnik). Herstart het programma en de kaart wordt zichtbaar.

Zoek vervolgens het gebied op waar je de route wilt uitzetten. Dat kan door de kaart met een ingedrukte muisknop te verschuiven. Om snel grote afstanden af te leggen, is het handig om eerst flink uit te zoomen en pas op de plaats van bestemming weer in te zoomen. Dat zoomen kan op elk moment met het muiswieltje. Let er wel op dat in de gereedschapsbalk bovenin het gereedschap Pan Tool moet zijn geselecteerd, want hiermee navigeer je vrij over de kaart.

Een alternatieve methode om een gebied te vinden, is door via View, Go to Location een plaatsnaam of de naam van een bekende locatie op te geven. Dan spring je daar in een keer naartoe. Wil je snel naar jouw favoriete locatie springen? Dat kan door dit als jouw thuislocatie te markeren via Edit / Set the Default Location. Dat kan bijvoorbeeld het parkeerterrein van een natuurgebied zijn, een lokaal parkje of je eigen huis. Daarna kun je er op elk moment naartoe springen via View / Go to the Default Location. Om hier ook na een programmastart te beginnen, ga je naar Edit / Preferences en kies je op tabblad Startup bij Startup Method voor Home Location.

©PXimport

Routelaag

Om een route uit te zetten, heb je een extra laagsoort nodig. Klik met rechts op Top Layer en kies New Layer / TrackWaypoint. Om de route te plannen zoek je eerst het startpunt van de wandeling of fietstocht op de kaart op. Klik één keer op de laag TrackWaypoint, zodat dit de actieve laag wordt, en activeer daarna het gereedschap Edit track in de gereedschapsbalk bovenin.

Klik met dit gereedschap op de plek waar de route moet beginnen en geef een naam op in het venster Voeg route toe. Vervolgens is het een kwestie van de route stap voor stap intekenen op de kaart, bijvoorbeeld door op elke kruising en splitsing te klikken waar je van richting wilt veranderen.

Twee punten worden altijd verbonden door een rechte lijn. Rechte wegen en paden zijn daardoor lekker makkelijk in te tekenen. Voor bochtige wegen en kronkelpaadjes heb je tussenpunten nodig om de contouren enigszins te volgen. Je hoeft ze ook weer niet minutieus te volgen, zolang tijdens je wandeling of fietstocht maar duidelijk is waar je naartoe moet. Dat je niet schuin over een weiland moet fietsen, maar over het fietspad ernaast mag duidelijk zijn.

©PXimport

Schuiven en verfijnen

Af en toe moet je de kaart over het scherm verschuiven om door te kunnen gaan met het plannen van de route. Activeer dan tijdelijk het gereedschap Pan Tool om een vers stukje kaart op te zoeken. Daarna ga je gewoon weer verder met bouwen van de route via Edit track. Je gaat dan automatisch verder vanaf het laatste ingetekende punt. Voeg je de verkeerde plek toe aan jouw route? Klik dan met rechts om de laatste actie ongedaan gemaakt. Herhaal dit eventueel om stap voor stap terug te gaan in de tijd.

Is jouw route compleet? Druk op Esc of klik met rechts op de laag TrackWaypoint en kies Finish Track. De route blijft daarna gewoon zichtbaar op de kaart. Heb je de route per ongeluk te vroeg afgesloten? Klik met een ingedrukte Shift-toets op het laatste punt en je kunt meteen weer verdergaan met bouwen.

Om de route te verfijnen heb je het gereedschap Select Tool nodig. Klik maar eens op een van je routepunten om het te selecteren en sleep het daarna naar een wat betere plek. De route past zich automatisch aan zodra je de muisknop loslaat. Wil je extra routepunten toevoegen om bijvoorbeeld nauwkeuriger een bocht te volgen? Selecteer op die locatie dan eerst een van je bestaande punten. Klik met rechts (gewoon ergens op de kaart), kies Insert Points en geef aan of je het nieuwe punt voor of na het geselecteerde punt wilt toevoegen. Dit kun je herhalen zo vaak als nodig is. Nieuwe punten worden altijd midden tussen twee bestaande punten toegevoegd. Daarna sleep je ze zelf naar de gewenste plek toe. Om een bestaand punt te verwijderen selecteer je het, klik je met rechts en kies je Delete Points / Delete Selected Point.

©PXimport

Kleurtje kiezen

Is jouw route niet duidelijk genoeg te zien op de kaart? Of wil je gewoon liever een ander kleurtje hebben? Klik dan met rechts op jouw route in het onderdeel Sporen van de laag TrackWaypoint en kies Properties. Kleur uitgekozen? Ga daarna meteen even naar het tabblad Statistics in ditzelfde venster om te zien hoe lang de uitgezette route bij benadering is. Al leg je wandelend of fietsend waarschijnlijk vaak wel wat meer kilometers af.

Bezienswaardigheden

Onderweg is er van alles en nog wat te zien. Om te voorkomen dat je daar straks zomaar aan voorbij fietst, is het een idee om deze plekken te markeren op je route. Zodat je een herinnering op de kaart ziet zodra je de tocht maakt. Dit doe je door een zogeheten waypoint aan te maken. Dat wordt ook wel een point of interest (POI) genoemd. Kies om dit te doen het gereedschap Maak Waypoint en klik op de kaart waar je de markering wilt neerzetten.

In het venster Eigenschappen van Waypoint tik je vervolgens een naam in, zodat je weet waar het om gaat. Je mag ook een opmerking en een omschrijving toevoegen, al is het niet zeker dat je deze extra informatie op je smartphone te zien krijgt. Hetzelfde geldt voor het pictogram dat je aan een waypoint kunt toekennen via het veld Symbool. In ieder geval heeft het wel zeker meerwaarde tijdens het bekijken van je routes in Viking zelf. Om een waypoint te veranderen, activeer je weer het gereedschap Select Tool. Klik vervolgens op de waypoint om het te selecteren en klik daarna met rechts gewoon ergens op de kaart en kies voor Properties. Om deze te verplaatsen, sleep je de geselecteerde waypoint naar een andere plek toe.

©PXimport

Delen hergebruiken

Wil je een nieuwe route uitzetten die voor een deel een eerder door jou gemaakte route volgt? Dan hoef je hem niet helemaal vanaf scratch op te bouwen. Klik in dat geval met rechts op de bestaande route en kies Copy. Klik daarna met rechts op Sporen en kies Paste. Hiermee maak je een kloon.

Selecteer de kopie, klik er nogmaals op en pas de naam aan zodat je de nieuwe route makkelijk herkent. Haal voor de zekerheid ook het vinkje achter de originele route weg, zodat die tijdelijk niet meer op de kaart is te zien. Dan weet je honderd procent zeker dat je de kopie bewerkt.

Selecteer nu het punt waar de nieuwe route begint af te wijken van het origineel, klik met rechts en kies Split / Split at Trackpoint. Alles na dit punt wordt nu gesplitst. Dat zie je aan de extra route die nu onder het kopje Sporen verschijnt. Kun je ook daar een gedeelte nog van gebruiken, bijvoorbeeld voor de terugweg? Selecteer dan het punt waar de nieuwe route straks weer op moet aansluiten en splits opnieuw. Het stuk van de route dat je niet meer nodig hebt, gooi je weg door er met rechts op te klikken en Delete te kiezen. Het is verstandig eerst even via de vinkjes te controleren welk exemplaar je moet hebben.

©PXimport

Aansluiting zoeken

Stel dat je het begin- en eindstuk van een route hebt overgehouden. Dan zijn dit nu twee losse segmenten geworden. Nu is het zaak om de route vanaf het eindpunt van het beginsegment te vervolgen, om uiteindelijk weer netjes aan te sluiten op het slotsegment. Dat lijkt ingewikkelder dan het is.

Klik eerst met Select Tool op het eindpunt van het eerste segment, klik daarna met rechts en kies Extend Track End. Nu kun je vanaf hier de nieuwe route intekenen zoals je dat eerder hebt gedaan. Zodra je bij het eindsegment aankomt, klik je met een ingedrukte Shift-toets op het dichtstbijzijnde punt van dit segment. Vanaf dat moment heb je weer één mooie lange route. Dat kun je controleren in het onderdeel Sporen.

©PXimport

Route of spoor?

We hebben het steeds over routes, terwijl je in Viking een spoor (track) aan het maken bent. Hoe zit dat? Officieel is een spoor een eerder afgelegd traject dat je met een gps-ontvanger of met een app op je smartphone hebt vastgelegd. Dat is dus historische data. Terwijl een route iets is wat je van plan bent te gaan doen. Nu kun je in Viking allebei maken, dus waarom maken we een spoor aan en geen route? Simpelweg omdat bij een route meteen het begrip navigeren om de hoek komt kijken. Terwijl onze insteek is dat je een vooraf bedachte wandeling of fietstocht maakt via de mooiste weggetjes en paadjes. Het doel is dus niet om via de snelste of kortste weg naar je eindbestemming te navigeren. Mocht je liever een route willen aanmaken, dat kan met het gereedschap Edit Route. Het werkt verder hetzelfde als Edit Track, behalve dat in gereedschappen en opties het woordje Track is vervangen door Route. Daarnaast kun je een spoor altijd nog omzetten in een route door er met rechts op te klikken en Transform / Convert to a Route te kiezen. Andersom kan ook, dus van een route een track maken.

Met je telefoon

Om jouw route naar een smartphone over te zetten of te delen met anderen, klik je met rechts op TrackWaypoint en kies je Export Layer / Export as GPX. Kies een map en geef het bestand een naam. Hiermee bewaar je alle in deze routelaag aanwezige routes en waypoints.

Wil je één specifieke route opslaan? Klik daar dan met rechts op en kies Export Track as GPX. Daarna is het een kwestie van het gpx-bestand overzetten naar je telefoon. Bijvoorbeeld door het op DropBox te plaatsen en daarna op je telefoon in de Dropbox-app aan te geven met welke app je het wilt openen. Zoals het veelzijdige OsmAnd. In de app zie je jouw route als een gekleurde lijn die je volgt tijdens het fietsen of wandelen.

©PXimport

Bestaande routes

Wat ook kan is kant-en-klare gpx-routes downloaden vanaf een van de vele wandel- en fietswebsites die ons land rijk is. Of je neemt zelf een wandeling of fietstocht op met je smartphone en een app zoals OsmAnd, en slaat dit vervolgens op als gpx-bestand.

In beide gevallen open je het gpx-bestand in Viking via menu-optie File, Open. Erg handig om iemands route alvast te bekijken voordat je ermee op pad gaat, of om het aan te passen aan jouw eigen wensen. Elk gpx-spoor dat je in Vinking opent, komt in een eigen laag onder Top Layer / Sporen te staan.

Het programma is tot slot erg handig om fouten in zelf opgenomen sporen te corrigeren. Stel dat je een route met anderen wilt delen die je vanaf huis hebt gedaan, maar je wilt liever niet dat vreemden weten waar jij woont. Of je hebt een tocht opgenomen, maar bent vergeten om hem te stoppen toen je uitgewandeld was, waardoor de complete autorit naar huis ook is opgenomen. Zonde, want dan is niet meer te zien hoelang je hebt gewandeld en hoeveel kilometer je hebt afgelegd. Geen probleem, laad het gpx-bestand gewoon in Viking, splits de route zoals we eerder hebben besproken om ongewenste stukken kwijt te raken, en sla de aangepaste route op als een nieuw gpx-bestand.

©PXimport

▼ Volgende artikel
3 Windows-instellingen die je direct moet aanpassen voor een snellere en veiligere pc
© ID.nl
Huis

3 Windows-instellingen die je direct moet aanpassen voor een snellere en veiligere pc

Frustraties over een trage pc of ongewenste advertenties? Grote kans dat de standaard Windows-instellingen de boosdoener zijn. Met drie simpele ingrepen optimaliseer je direct de snelheid, privacy en veiligheid van je systeem. Wij zetten de belangrijkste aanpassingen op een rij, zodat je direct weer vlot en zorgeloos aan de slag kunt!

Of je nu net een gloednieuwe laptop uit de doos haalt of al jaren op dezelfde vertrouwde desktop werkt, de standaardinstellingen van Windows zijn zelden optimaal. Microsoft kiest vaak voor opties die hun eigen diensten promoten in plaats van jouw gebruiksgemak centraal te stellen. Gelukkig kun je met een paar gerichte ingrepen direct winst behalen. Pas deze drie essentiële instellingen aan voor meer privacy, snelheid en overzicht.

Schakel onnodige opstart-apps uit

Niets is zo frustrerend als een computer die er minutenlang over doet om startklaar te zijn. De grootste boosdoener hiervoor is vaak een overdaad aan programma's die automatisch opstarten zodra je de pc aanzet. Veel applicaties, van Spotify tot samenwerkingstools als Microsoft Teams, nestelen zich tijdens de installatie ongevraagd in je opstartproces. Dat vreet direct aan je systeemgeheugen en vertraagt de opstarttijd aanzienlijk.

Je lost dit eenvoudig op door naar de instellingen van Windows te navigeren en te zoeken naar de optie Opstart-apps. Hier zie je een duidelijk overzicht van alle software die met Windows mee start, inclusief de impact die elk programma heeft op de prestaties. Loop kritisch door deze lijst heen. Programma's die je niet dagelijks direct na het inloggen nodig hebt, kun je zonder risico uitschakelen door het schuifje om te zetten. Je verwijdert de software hiermee niet; je voorkomt alleen dat ze op de achtergrond draaien zonder dat je erom gevraagd hebt. Je pc zal hierdoor merkbaar vlotter reageren.

Weg met die advertenties en suggesties!

Windows is in de loop der jaren steeds meer veranderd in een platform waarop Microsoft eigen en gesponsorde diensten probeert te verkopen. Dat uit zich in zogenaamde 'suggesties' in je Startmenu, op je vergrendelingsscherm en zelfs in de Verkenner. Voor de meeste gebruikers voelt dat – terecht – als ongewenste reclame binnen een besturingssysteem waarvoor al betaald is. Het zorgt bovendien voor ruis en leidt af van waar je eigenlijk mee bezig bent.

Om deze stroom aan prikkels te stoppen, duik je in het menu Persoonlijke instellingen. Bij de instellingen voor het Startmenu en het Vergrendelingsscherm vind je opties die verwijzen naar het tonen van suggesties, tips of leuke weetjes. Vink deze opties uit om een schonere, rustigere interface te krijgen. Vergeet ook niet bij de privacy-instellingen de optie uit te zetten die Windows toestaat om je Instellingen-app te gebruiken voor het tonen van voorgestelde inhoud. Het resultaat is een professionelere werkomgeving die doet wat hij moet doen, zonder je continu te proberen te verleiden tot extra klikken.

Maak bestandsextensies zichtbaar

Een van de meest riskante standaardinstellingen in Windows is het verbergen van bestandsextensies voor bekende bestandstypen. Standaard zie je alleen de naam van een bestand, bijvoorbeeld 'factuur', maar niet of het een .pdf, .docx of een .exe is. Cybercriminelen maken daar dankbaar gebruik van door virussen te vermommen als onschuldige documenten. Een bestand dat 'foto.jpg.exe' heet, wordt door Windows dan getoond als 'foto.jpg', waardoor je denkt een afbeelding te openen terwijl je in werkelijkheid schadelijke software installeert.

Je kunt dit veiligheidsrisico direct verhelpen via de Bestandsverkenner. Zoek in de menubalk naar de optie Weergeven en navigeer vervolgens naar de instellingen voor weergeven. Hier vind je een optie genaamd Extensies voor bestandsnamen. Zorg dat deze optie aangevinkt staat. Hoewel het in het begin even wennen kan zijn om achter elk bestand een punt en drie of vier letters te zien staan, geeft het je volledige controle en inzicht. Je ziet nu in één oogopslag met wat voor type bestand je écht te maken hebt, en dat verkleint de kans op een succesvolle malware-infectie drastisch.

Populaire merken voor Windows-laptops

Wie op zoek is naar hardware die het meeste uit Windows haalt, komt al snel uit bij een aantal gevestigde namen die de markt domineren. Een van de grootste spelers is Lenovo, dat met name met de ThinkPad-serie een ijzersterke reputatie heeft opgebouwd in de zakelijke markt dankzij robuuste bouwkwaliteit en uitstekende toetsenborden. Voor consumenten die design en innovatie zoeken, is HP (Hewlett-Packard) een veelgekozen merk, mede dankzij de Omnibook- en Envy-lijnen die esthetiek combineren met krachtige prestaties. Ook Acer blijft een vaste waarde, waarbij vooral de Aspire-modellen steevast hoge ogen gooien in reviews vanwege hun interessante prijs-kwaliteitverhouding. Tot slot biedt het Taiwanese ASUS vaak veel rekenkracht voor een scherpe prijs en durven zij met hun ZenBook-serie vaak te experimenteren met nieuwe technologieën zoals dubbele schermen.

▼ Volgende artikel
Dekbed in de wasdroger: helpt een tennisbal echt?
© ID.nl
Huis

Dekbed in de wasdroger: helpt een tennisbal echt?

Wanneer je je dekbed gewassen hebt, wil je dat het natuurlijk weer lekker dik en luchtig aanvoelt. Maar wanneer je hem gewoon in de droger gooit, kan de vulling gaan klonteren, zodat er dunne stukken en dikke stukken ontstaan. Dat slaapt niet echt lekker. Om dat te voorkomen, gooien veel mensen er een paar tennisballen bij. Helpt dat echt?

In dit artikel

Je leest wat tennisballen in de droger doen en bij welke dekbedden dat wel of juist minder goed werkt. We leggen uit hoeveel ballen je nodig hebt, waar je op let bij het type tennisbal en waarom voldoende ruimte in de trommel belangrijk is. Ook staan we stil bij alternatieven zoals speciale drogerballen en geven we praktische tips om je dekbed gelijkmatig te laten drogen en mooi in vorm te houden.

Lees ook: 9 veelgemaakte fouten bij het drogen van je was

Wat tennisballen in de droger doen

Tijdens het drogen raken de tennisballen telkens het dekbed. Dat helpt vooral bij dons en veren. Als die nat zijn, blijven ze aan elkaar plakken en zakt de vulling in. Door de constante beweging vallen die samengepakte delen weer uiteen, waardoor de vulling zich opnieuw verspreidt. Zo kan de warme lucht overal beter bij en droogt het dekbed gelijkmatiger. De droogtijd wordt er niet korter van, maar het dekbed komt wel duidelijk voller uit de droger.

Hoe vaak moet je je dekbed eigenlijk wassen?

Een dekbed hoeft niet vaak in de was. Voor de meeste mensen is één tot twee keer per jaar genoeg. Dat komt omdat het meeste vuil (denk bijvoorbeeld aan zweet of huidschilfers) niet in het dekbed zelf terechtkomt, maar in het dekbedovertrek. Dat overtrek was je regelmatig, meestal eens per één à twee weken. Het dekbed blijft daardoor relatief schoon.

Soms is vaker wassen wel logisch. Bijvoorbeeld als je veel zweet in je slaap, last hebt van een huisstofmijtallergie of het overtrek niet zo vaak verschoont. Ook na ziekte of bij zichtbare vlekken is een extra wasbeurt verstandig.

Hoe vaak je kunt wassen, hangt ook af van de vulling. Niet elk dekbed kan namelijk even goed tegen veel wasbeurten. Dons- en verendekbedden kunnen meestal in de wasmachine, mits je het waslabel volgt en ze daarna goed laat drogen. Synthetische dekbedden zijn in dat opzicht wat vergevingsgezinder en kunnen vaak vaker gewassen worden zonder dat de vulling daaronder lijdt.

Twijfel je of wassen echt nodig is? Dan is luchten een goed alternatief. Hang je dekbed regelmatig buiten of bij een open raam. Daarmee kun je een wasbeurt vaak nog maanden uitstellen.

View post on TikTok

Hoeveel tennisballen zijn genoeg?

Met één tennisbal in de wasdroger merk je vaak weinig, zeker bij een groot dekbed. Die verdwijnt al snel in de stof en heeft dan weinig effect. Met twee tot vier ballen werkt het beter, omdat ze het dekbed op meerdere plekken tegelijk in beweging houden. Zolang de ballen vrij kunnen bewegen en niet vast blijven zitten in de vulling, doen ze hun werk.

Kun je elke tennisbal gebruiken bij het drogen van een dekbed in de droger?

iet elke tennisbal is even geschikt. Vooral nieuwe of felgekleurde ballen kunnen bij hogere temperaturen kleur afgeven en kleine pluisjes verliezen van de vilten buitenlaag. Dat komt niet vaak voor, maar het risico is wel aanwezig. Gebruik je oudere tennisballen, dan is de kans hierop kleiner. Wil je dat verder beperken, dan kun je de ballen in een oude witte sok stoppen en die dichtknopen. Het effect blijft grotendeels hetzelfde, al is het iets minder uitgesproken dan met losse ballen.

Speciale drogerballen

Er bestaan ook speciale drogerballen van wol of kunststof. Die zijn bedoeld voor gebruik in de droger en geven geen kleur af. Ze doen hetzelfde als tennisballen: ze zorgen dat het dekbed tijdens het drogen in beweging blijft. Wolballen maken minder lawaai en zijn milder voor stoffen. Stop je je dekbed regelmatig in de droger? Dan kun je beter deze speciale bollen gebruiken in plaats van tennisballen.  

Geef het dekbed genoeg ruimte in de droger

Tennisballen helpen alleen als het dekbed voldoende ruimte heeft om te bewegen. Is de trommel te vol, dan draait alles als één geheel rond en gebeurt er weinig. Wil je grote tweepersoonsdekbedden drogen, dan heb je een droger met een ruime trommel nodig. Heb je die niet zelf? Kijk dan of er een wasserette bij je in de buurt is. Meer ruimte zorgt voor meer beweging en daarmee voor een beter eindresultaat.

Niet elk dekbed kan in de droger

Tennisballen hebben vooral effect bij dons- en verendekbedden. Bij synthetische vulling is dat verschil kleiner en kan de constante beweging van de ballen de vulling na verloop van tijd zelfs vervormen. Wol, zijde en andere natuurlijke materialen mogen meestal helemaal niet in de droger. Check daarom altijd eerst het waslabel voordat je het dekbed in de trommel legt.

Even tussendoor opschudden helpt

Haal het dekbed halverwege het programma even uit de droger en schud het los, alsof je het bed opmaakt. Leg het daarna omgedraaid terug in de trommel. Zo verdeelt de vulling zich opnieuw en kan het dekbed gelijkmatiger drogen.

Wat kun je van het eindresultaat verwachten?

Tennis- of drogerballen zijn vooral een hulpmiddel, geen vervanging voor de juiste drooginstellingen. Droog het dekbed niet te vaak of te heet: kies een lage of middelhoge temperatuur en selecteer een speciaal dons- of beddengoedprogramma als dat op je droger zit. Zorg ook voor voldoende ruimte in de trommel. Als je dan ook nog eens ballen laat meedraaien, heb je er alles aan gedaan om te zorgen dat je dekbed weer lekker vol uit de droger komt!