ID.nl logo
Thema's, stijlen en sjablonen in Word en Powerpoint
© Reshift Digital
Huis

Thema's, stijlen en sjablonen in Word en Powerpoint

Microsoft Office is ongetwijfeld de populairste kantoorsuite. Veel gebruikers gaan er echter niet altijd even efficiënt mee om. Nochtans beschikt deze suite over een aantal ingrediënten waarmee je niet alleen sneller kunt werken, maar waardoor je werkstukken ook mooier en consistenter worden. Ingrediënten als thema’s, stijlen en sjablonen in Word en Powerpoint, hoe ga je daarmee aan de slag?

Tip 01: Office-thema

Veel Office-gebruikers zijn nauwelijks bekend met het concept van Office-thema’s. Toch is dat een ideale manier om, zelfs als je van meerdere applicaties van de kantoorsuite gebruikmaakt, je werkstukken een consistent en professioneel uiterlijk mee te geven, met bijpassende kleuren, lettertypen enzovoort. De werkwijze in de diverse applicaties (van Office 2016) is vergelijkbaar, maar we focussen ons hier vooral op PowerPoint omdat deze toch wel sterk visueel georiënteerde applicatie de meeste opties biedt.

Om een presentatie van een (ander) thema te voorzien, hoef je maar het tabblad Ontwerpen te openen en op het pijltje rechts onderaan bij Thema’s te klikken: er verschijnt dan een paneel met meer dan veertig thema’s. Het volstaat de muisaanwijzer even boven de miniatuur van zo’n thema te houden om een live voorbeeld te zien. Met een muisklik pas je het thema daadwerkelijk toe, maar desnoods maak je deze beslissing met Ctrl+Z snel weer ongedaan.

©PXimport

Een Office-thema is een uitstekende methode om snel je huisstijl weer te geven

-

Tip 02: Kleurenschema

Het wordt natuurlijk nog leuker en persoonlijker als je je eigen Office-thema ontwerpt, dat bijvoorbeeld goed aansluit bij de huisstijl van jezelf, je vereniging of bedrijf. Aangezien een Office-thema altijd ook een kleurenschema bevat, lijkt ons dat wel een logisch startpunt. Zoals gezegd doen we dat hier in PowerPoint. Open een lege presentatie, ga naar het tabblad Ontwerpen en klik op het pijltje rechtsonder in de rubriek Varianten. Een uitklapmenu duikt op, waar je achtereenvolgens Kleuren en Kleuren aanpassen selecteert – tenzij je huisstijl toevallig al aansluit bij een van de standaard voorgestelde kleurencombinaties.

We gaan er hier echter van uit dat je de typische kleuren van je bedrijf of vereniging wilt gebruiken en dat je over de rgb-waarden van die kleuren beschikt. Je gaat hierbij als volgt te werk. Klik op het pijltje naast een van de themakleuren en kies Meer kleuren. Open het tabblad Aangepast en vul bij Kleurenmodel RGB het procentuele aandeel van de kleuren Rood, Groen en Blauw in. Eventueel kun je hier ook het kleurenmodel HSL kunt selecteren, wat zich laat vertalen als tint (hue), intensiteit (saturation) en helderheid (luminance). Bevestig met OK, voorzie je kleurenschema van een toepasselijke naam en bewaar het met de knop Opslaan.

Kleurenmodellen

Stel dat je wel over de huiskleuren van je vereniging of bedrijf beschikt, maar dat je die aangeleverd hebt gekregen in een kleurenmodel dat niet door Microsoft Office wordt ondersteund, zoals hex, cmyk of ral. Geen nood, dat los je op met behulp van gratis online conversietools. Om hex-kleuren naar het ondersteunde rgb-kleurenmodel over te zetten, kun je gebruik maken van deze webpagina. Je vult hier de hexadecimale kleurencode in (bijvoorbeeld #B68CE0) en je ziet de bijhorende rgb-kleuren verschijnen, in een aangepaste paginakleur (bijvoorbeeld 182,140,224). Om cmyk-kleuren (cyan, magenta, yellow, black) te converteren ga je hiernaartoe en voor een omzettingstabel van het ral-model kun je bijvoorbeeld hier terecht. En wie de kleuren van zijn bedrijf alleen op een afbeelding heeft staan: op www.imagecolorpicker.com kun je het plaatje met de knop Upload your image en Send image doorsturen en vervolgens met de muisaanwijzer de gewenste kleur aanklikken.

©PXimport

Tip 03: Lettertypen

Een huisstijl is natuurlijk meer dan alleen een mooi kleurenpalet. We kunnen ons voorstellen dat je je ook specifieke lettertypen wilt gebruiken. Ook dat is uiteraard mogelijk. Daarvoor open je opnieuw het uitklapmenu bij Varianten (zie tip 2), waar je deze keer Lettertypen / Lettertypen aanpassen selecteert. Er verschijnt een dialoogvenster waarin je het gewenste lettertype voor zowel de koptekst als de hoofdtekst selecteert. Mocht je je gading niet vinden tussen de geselecteerde lettertypen, weet dat er online nog talloze andere, vaak gratis fonts te vinden zijn, zoals op www.dafont.com. Zo’n gedownload lettertype installeren is doorgaans niet moeilijker dan het bestand uit te pakken, het ttf- of otf-bestand met de rechtermuisknop aan te klikken en Installeren te selecteren: het duikt dan op tussen je andere fonts. Let wel, niet alle fonts zijn even kwalitatief hoogstaand; ga tevens na of er geen copyright op rust.

Geef tot slot de themalettertypen een geschikte naam en bevestig met Opslaan.

©PXimport

Tip 04: Achtergrond

Bij een diapresentatie hoort wellicht ook een passende achtergrond(kleur). Je opent opnieuw het uitklapmenu bij Varianten (zie tip 2) waar je Achtergrondstijlen / Achtergrond opmaken kiest. Rechts verschijnt het bijhorende paneel waarin je een geschikte achtergrond selecteert onder de optie Opvulling, zoals Opvulling met kleurovergang of Opvulling met afbeelding of bitmappatroon. Deze laatste optie kan interessant zijn wanneer je een eigen afbeelding, zoals een logo, als achtergrond wilt gebruiken. Onder de aanduiding Afbeelding invoegenuit klik je dan op de knop Bestand of Online, waarna je het gewenste plaatje importeert. Met de schuifknop bij Doorzichtigheid regel je de transparantie en als je een vinkje plaatst bij Afbeeldingen naast elkaar als bitmappatroon is het mogelijk je plaatje als een (bitmap)patroon op de achtergrond te doen verschijnen. Bevestig je keuzes met de knop Overal toepassen.

Voor de volledigheid vermelden we nog de optie Effecten in het uitklapmenu bij Varianten: je vindt hier een collectie van vijftien effecten, maar de zin hiervan ontgaat ons wel een beetje.

©PXimport

Tip 05: Diamodel

Wanneer je in je dia’s graag ook een of ander grafisch element laat terugkeren, dan pas je ook de functie ‘diamodel’ van PowerPoint aan. Dat doe je als volgt. Ga naar het tabblad Beeld en kies Diamodel in de rubriek Modelweergaven. Het tabblad wordt zichtbaar en in het linkerpaneel verschijnt nu helemaal bovenaan het eigenlijke diamodel, met daaronder de gerelateerde dia-indelingen. Je kunt nu dit diamodel naar wens bewerken: je zult merken dat alle aanpassingen zich meteen ook doorzetten in de onderliggende dia’s die op dit model zijn gebaseerd. Op deze manier is het bijvoorbeeld mogelijk een bedrijfslogo in een hoek van al je dia’s te plaatsen. Dat doe je via Invoegen / Afbeeldingen, waarna je de gewenste afbeelding ophaalt en op een geschikte plaats positioneert. Ben je klaar met je aanpassingen, bevestig dan met Modelweergave sluiten, rechts op de knoppenbalk.

Meer (Engelstalige) uitleg over het concept van diamodellen vind je nog via deze link (slide master is de Engels naam van het diamodel).

©PXimport

Tip 06: Thema gebruiken

Je hebt nu zowat alle mogelijke onderdelen van je thema afgewerkt en dus is het tijd om je bewerkingen in één groot thema te vatten. Daarvoor open je het menu Ontwerpen, waarna je op het pijltje rechtsonder de rubriek Thema’s klikt. Helemaal onderaan selecteer je dan Huidig thema opslaan. Voorzie een gepaste naam voor het thema en bewaar het als een Office-thema met de bestandsextensie .thmx met de knop Opslaan. De standaardlocatie voor zo’n thema is C:\Users\[accountnaam]\AppData\Roaming\Microsoft\Templates\Document Themes.

Het thema is nu klaar voor gebruik. Laten we dat eerst even uittesten binnen PowerPoint zelf. Open een nieuwe, lege presentatie via Bestand / Nieuw en klik net onder de titel Nieuw op Aangepast: als het goed is verschijnt hier het thema dat je zonet hebt bewaard. Klik de thema-miniatuur aan en klik vervolgens op Maken om het te openen.

©PXimport

Tip 07: Thema overzetten

We hebben het eerder in dit artikel al aangegeven: zo’n thema is bruikbaar binnen de andere applicaties van Microsoft Office. Als voorbeeld gaan we ons nieuwe PowerPoint-thema in Word gebruiken. Open in Word alvast een nieuw, leeg document. Ga vervolgens naar het menu Ontwerpen en klik op het pijltje onder Thema’s, links in de rubriek Documentopmaak. Bovenaan het uitklapmenu bij Aangepast tref je nu ook je eigengemaakte thema(‘s) aan. Wanneer je vervolgens de diverse onderdelen van het tabblad Ontwerpen bekijkt, merk je meteen op dat onder meer het kleurenpalet en de lettertypen zich op dat thema zijn afgestemd.

Ongeveer hetzelfde werkt het in Outlook: open een nieuw bericht, ga naar het tabblad Opties en selecteer het gewenste thema binnen de groep Thema’s. Bij Excel is dit verhaal vergelijkbaar, alleen vind je hier de thema’s terug op het tabblad Pagina-indeling.

Zo’n Office-thema is echter niet alleen overdraagbaar naar andere Office-applicaties, je kunt het ook met anderen delen. Dat doe je als volgt. Navigeer met Windows Verkenner naar het pad dat we in tip 6 hebben vermeld. Het thmx-bestand van je thema wordt nu zichtbaar en het volstaat dit bestand te kopiëren en het aan de beoogde personen te geven. Zodra die dit bestand op dezelfde locatie op hun eigen pc hebben gezet, kunnen ze er ook meteen mee aan de slag.

©PXimport

Je kunt thema’s en sjablonen ook probleemloos met anderen delen

-

Tip 08: Sjabloon creëren

Het gebruik van Office-thema’s is niet de enige manier om consistentie binnen je documenten en presentaties te krijgen: een sjabloonbestand is een alternatief. Deze aanpak heeft zo zijn voordelen: sommige gebruikers of medewerkers zijn wellicht meer vertrouwd met dit concept en het is ook iets makkelijker om vooraf al bepaalde items, zoals teksten of grafische objecten, in zo’n sjabloonbestand op te nemen.

We tonen in PowerPoint hoe je dat aanpakt. Een pluspunt is alvast dat de initiële werkwijze nagenoeg identiek is aan het creëren van een thema. Tips 1 tot en met 6 kun je dus rustig uitvoeren. Zodra alle bewerkingen achter de rug zijn en je thema is opgeslagen, open je een nieuwe dia in PowerPoint waaraan je dan het thema koppelt, zoals beschreven in tip 6. Je kunt nu eventueel nog allerlei extra inhoud aan de dia toevoegen. Ben je daarmee klaar, open dan het menu Bestand, kies Opslaan als en selecteer in het uitklapmenu de optie PowerPoint-sjabloon (*.potx). Bevestig met Opslaan. Je laat het bestand bij voorkeur terechtkomen in de standaard opslaglocatie: C:\Users\[accountnaam]\Documents\Aangepaste Office-sjablonen.

©PXimport

Tip 09: Sjabloon gebruiken

Uiteraard is het de bedoeling dit sjabloon te kunnen hergebruiken. Moeilijk is dat niet. Start PowerPoint op, kies Bestand / Nieuw en klik net onder de titel Nieuw op Aangepast, waar je dan de map Aangepaste Office-sjablonen opent. Klik het beoogde sjabloon aan en druk op de knop Maken – zowat dezelfde procedure dus als bij het openen van een Office-thema. Uit tip 8 weet je inmiddels ook waar je zo’n sjabloonbestand kunt vinden. Wil je dit sjabloon met iemand delen, dan hoef je die persoon dat bestand maar te versturen, waarna ook hij/zij dat kan gebruiken, nadat die persoon het in de correcte map heeft opgeslagen.

Nu kan het wel gebeuren dat je zo’n sjabloonbestand ontvangt en dat niet alle tekst – die mee in dat sjabloon was opgenomen – in het correcte lettertype blijkt te staan. Dat los je als volgt op: selecteer alle betreffende dia’s in het miniatuuroverzicht in het linkerpaneel, klik je selectie met de rechtermuisknop aan en kies Dia herstellen.

©PXimport

Tip 10: Bestaande sjablonen

Je weet inmiddels hoe je eigen sjablonen creëert, maar zo’n sjabloon van de grond af samenstellen vergt natuurlijk de nodige tijd. Een handig alternatief is dat je van een bestaand sjabloon vertrekt en dat eventueel aanpast in de richting van je eigen huisstijl. Deze keer nemen we Word als voorbeeld. Ga naar het menu Bestand en kies Nieuw: in de rubriek Beschikbaar tref je al meteen een reeks kant-en-klare ontwerpen aan, die je eventueel verder kunt opsplitsen via zoeksuggesties als Presentaties, Zakelijk, Opleiding, Natuur enz. – je vindt die net onder de zoekbalk. Eigen zoektermen intikken kan natuurlijk ook, zoals Geboorte, Receptie, Sollicitatie enzovoort. Afhankelijk van de zoekterm duiken dan aan de rechterzijde verwante categorieën op, telkens met het aantal beschikbare sjablonen. Overigens is het best mogelijk dat je hier ook sjablonen voor Office-applicaties als PowerPoint en Excel krijgt aangereikt. Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer je zoekt naar iets als ‘bouwproject’. Ben je van plan een sjabloon vaker te gebruiken, klik dan op het pinnetje rechtsonder het sjabloon: het wordt dan bovenaan vastgepind, zodat je het makkelijker terugvindt.

©PXimport

Tip 11: Sjabloon bewerken

Heb je een sjabloon gevonden dat bruikbaar is als vertrekpunt voor een aangepast ontwerp, selecteer dat sjabloon en kies Maken. Zoals we hebben beschreven in tip 9 kun je dit sjabloon dan naar willekeur aanpassen en het als een eigen sjabloon bewaren. In Word doe je dat via Opslaan als / Word-sjabloon (*.dotx). In Excel gaat dat via Opslaan als / Excel-sjabloon (*.xltx). Maak je gebruik van macro’s in je sjabloon en wil je die behouden, kies dan respectievelijk voor Word-sjabloon met ingeschakelde macro’s (*.dotm) en Excel-sjabloon met macro’s (*.xltm).

Bewaar je de sjablonen in de standaard voorgestelde map, dan vind je die zowel bij Word als bij Excel terug via Bestand / Nieuw / PRIVÉ.

©PXimport

Nog meer sjablonen

Office komt weliswaar al met een aardige collectie sjablonen, maar online vind je er nog meer. Het is bijvoorbeeld mogelijk vanuit de browser in de bibliotheek van Microsoft te struinen. Je kunt hier navigeren op basis van de applicatie (Word, Excel en PowerPoint), maar ook op basis van de categorie (wij telden zestig verschillende categorieën). Om een geschikt sjabloon op te halen, hoef je het maar te selecteren en de knop Downloaden in te drukken. Een uitgebreide collectie vind je ook nog bij Hloom (circa 1700 exemplaren). Nog veel indrukwekkender (naar eigen zeggen meer dan 100.000 presentatiesjablonen) is de verzameling van Smile Templates (jammer genoeg zijn de meeste niet gratis). Wel gratis zijn de PowerPoint-sjablonen op FPPT en de Word-sjablonen op PT. Je komt ook wel een heel eind met een zoekopdracht via Google, maar het is altijd wel aangewezen zo’n sjabloonbestand eerst op potentiële malware te checken met een gratis dienst als www.virustotal.com.

©PXimport

Tip 12: Stijlen

Naast thema’s en sjablonen zijn ook stijlen een handige manier om je documenten een consistentere opmaak mee te geven. Bovendien kun je op basis van stijlen documenten ook een automatische inhoudsopgave laten genereren.

Om Word tot zo’n inhoudsopgave te bewerken, moet je je hoofdstuktitels en je alinea-opschriften wel eerst van een zogenoemde opmaakstijl voorzien. Houd je (nog) niet meteen vast aan eigen stijlen, dan kun je gemakshalve de standaard stijlen gebruiken. Plaats de tekstcursor in een hoofdtitel in je document, open het tabblad Start en klik op het pijltje rechtsonder de rubriek Stijlen, zodat het Stijlen-paneel wordt geopend. Hier selecteer je Kop 1 (waarna automatisch ook Kop 2 zal verschijnen, mocht dat nog niet het geval zijn). Vervolgens is het de beurt aan het kopje van je eerste alinea: hiervoor kies je nu Kop 2 (waarna ook Kop 3 in de lijst opduikt, enz.). Op die manier ga je de hiërarchie van je document af. Telkens de gewenste stijl aanklikken vergt natuurlijk de nodige tijd, maar het kan ook sneller. Stel, je wilt Kop 3 herhaaldelijk toepassen. Klik op een kopje met die opmaakstijl en klik op het tabblad Start, in de rubriek Klembord, het verfkwast-pictogram (Opmaak kopiëren/plakken) aan. De cursor verandert in een kwast en je hoeft de andere kopjes maar aan te klikken. Wanneer je op het pictogram dubbelklikt, blijft de kwast trouwens zichtbaar, tot je het pictogram nogmaals aanklikt.

©PXimport

Een automatische inhoudsopgave vergt wel enige voorbereiding

-

Tip 13: Inhoudsopgave

In feite is alles nu klaar om de inhoudsopgave te genereren, maar wat als je zelf al (andere) stijlen op je titels en kopjes had toegepast? Dan moet je Word wel nog even aangeven welke stijlen die als niveau 1, 2, 3 enzovoort mag interpreteren. Positioneer de tekstcursor in zo’n kop, open het tabblad Verwijzingen, selecteer Tekst toevoegen en kies het gewenste niveau.

Je bent nu klaar voor de inhoudsopgave. Desgewenst voeg je hiervoor een extra pagina in met Ctrl+Enter, waarna je de tekstcursor bovenaan de pagina plaatst. Open vervolgens het tabblad Verwijzingen en klik op Inhoudsopgave. Je hoeft nu maar een geschikte lay-out te selecteren, waarna die op de pagina verschijnt, inclusief paginanummers. Via de optie Inhoudsopgave / Aangepaste inhoudsopgave kun je het uiterlijk van je inhoudsopgave nog op allerlei manieren wijzigen. Om de inhoudsopgave van een gewijzigde tekst up-to-date te maken, open je opnieuw Verwijzingen en kies je Bijwerken / In zijn geheel bijwerken.

▼ Volgende artikel
Vuurwerk fotograferen met je smartphone: zo krijg je de mooiste foto's
© ID.nl
Huis

Vuurwerk fotograferen met je smartphone: zo krijg je de mooiste foto's

De jaarwisseling 2025/2026 is het laatste keer dat we zelf vuurwerk mogen afsteken. Reken maar dat er dus heel wat siervuurwerk de lucht in gaat op oudejaarsavond! Natuurlijk wil je daar foto's van maken, maar het blijft lastig om dit spektakel goed vast te leggen met een telefoon. Vaak eindig je met bewogen strepen of een overbelichte waas op je scherm. Met de juiste voorbereiding en instellingen maak je dit jaar foto's die wél de moeite waard zijn om te bewaren.

In dit artikel

Vuurwerk fotograferen met je smartphone vraagt om een goede voorbereiding en de juiste instellingen. Je leest hoe je je telefoon stabiel houdt, waarom een schone lens verschil maakt en welke instellingen helpen om lichtsporen scherp vast te leggen. Ook leggen we uit hoe Live Photos op de iPhone en de Pro-modus op Android werken, en waar je op let bij timing en compositie voor een sterker eindresultaat. 

Lees ook: Betere foto's met je smartphone? 5 fouten die je nooit moet maken! (Plus: de beste camera-smartphones 2025)

Begin met een schone lens door er even een microvezeldoekje overheen te halen. Vette vingers veroorzaken namelijk vlekken waardoor het felle licht van het vuurwerk minder goed wordt vastgelegd. Controleer daarnaast of je nog voldoende opslagruimte vrij hebt op je toestel. Omdat je waarschijnlijk veel beelden achter elkaar schiet, loopt je geheugen sneller vol dan je denkt. Vergeet ook niet om je batterij volledig op te laden, want als het koud is, gaat de accu van je smartphone sneller leeg.  

Stabiliteit voor scherpe beelden

Lichtflitsen in het donker fotograferen vraagt om een langere sluitertijd. Hierdoor is elke kleine beweging van je handen direct zichtbaar als een onscherpe vlek. Gebruik bij voorkeur een klein statief of een smartphonehouder om je toestel stil te houden. Heb je die niet bij de hand? Leun dan tegen een muur of lantaarnpaal en houd je smartphone met beide handen stevig vast. Gebruik in geen geval de digitale zoom. Dit verlaagt de kwaliteit van je foto aanzienlijk en maakt de korreligheid alleen maar erger.

©ID.nl

Lichtsporen vastleggen met iPhone

Heb je een iPhone, dan is de functie Live Photos je beste vriend tijdens de jaarwisseling. Zorg dat het ronde icoontje voor Live Photos bovenin je camera-app geel gekleurd is. Nadat je de foto hebt gemaakt, open je deze in de Foto's-app. Tik linksboven op het woordje 'Live' en kies uit het menu voor 'Lange belichting'. Je telefoon voegt dan alle beelden uit de opname samen tot één foto. Hierdoor veranderen de losse lichtpuntjes in vloeiende, lichtgevende banen tegen een donkere lucht. Gebruik hierbij bij voorkeur een statief of zet je iPhone ergens stabiel neer. Wanneer je namelijk los uit de hand fotografeert, worden de bewegingen die je zelf maakt ook meegenomen, en dat kan zorgen voor een wazig eindresultaat.

De Pro-modus op Android gebruiken

Veel Android-telefoons hebben een Pro-modus waarmee je handmatig de sluitertijd aanpast. Open deze stand in je camera-app en zoek naar de letter 'S' (Sluitertijd). Voor vuurwerk werkt een sluitertijd tussen de twee en vier seconden vaak het best. Houd de ISO-waarde laag, bijvoorbeeld op 100, om ruis in de donkere delen te voorkomen. Omdat de sluiter nu langer openstaat, is een statief echt een vereiste. Je krijgt dan de bekende foto's waarbij je de hele weg van de vuurpijl als een lichtspoor ziet.

Timing en compositie bepalen

Het moment waarop je afdrukt is bepalend voor het eindresultaat. Werk je met een normale sluitertijd, dan is de burst-modus handig: houd de ontspanknop ingedrukt wanneer een pijl de lucht in gaat. Zo leg je de hele explosie vast en kies je achteraf de mooiste foto uit de reeks. Denk ook na over de compositie van je beeld. Een foto van alleen de lucht is vaak wat kaal. Probeer elementen uit de omgeving mee te nemen, zoals silhouetten van gebouwen of bomen. Dit geeft context en maakt het plaatje een stuk interessanter.

🎆 Snelle checklist 🎆

Wat?Hoe?
StatiefGebruik een stabiele ondergrond of een houder
FlitserSchakel deze functie handmatig uit
FocusVergrendel de scherpte op de plek van de explosie
BelichtingVerlaag de helderheid voor diepere kleuren
ZoomBlijf op de standaardstand staan voor maximale scherpte
ModusGebruik de burst-functie voor een reeks opnames
▼ Volgende artikel
Oliebollen bakken in de airfryer, kan dat?
© sara_winter - stock.adobe.com
Huis

Oliebollen bakken in de airfryer, kan dat?

De geur van versgebakken oliebollen hoort bij december. Toch ziet niet iedereen het zitten om met een pan heet vet aan de slag te gaan. Oliebakken in de airfryer lijkt dan een aantrekkelijk alternatief: minder luchtjes en ook nog eens minder vet. Maar levert bakken in een airfryer dezelfde oliebol op, of moet je toch de frituurpan uit het vet halen?

In dit artikel

Je leest waarom je geen klassieke oliebollen kunt bakken in een airfryer en wat daar technisch misgaat. Ook leggen we uit wat je wel voor oudjaarsalternatief kunt maken met de airfryer én hoe je de airfryer slim gebruikt om gekochte oliebollen weer knapperig en warm te maken.

Lees ook: Ontdek de minder bekende functies van je airfryer

Oliebollen bakken in de airfryer, kan dat? Het korte antwoord is duidelijk: nee, een traditionele oliebol bak je niet in een airfryer. Klassiek oliebollenbeslag is vloeibaar en heeft direct contact met hete olie nodig om zijn vorm en structuur te krijgen. Een airfryer is in de basis een compacte heteluchtoven. Zonder een bad van hete olie kan het beslag niet snel genoeg stollen. Wie het toch probeert, ziet het deeg door het mandje zakken of uitlopen tot een platte, taaie schijf. Dat ligt niet aan het recept, maar aan de techniek.

Waarom hete olie onmisbaar is

Zodra je het beslag van de oliebol in de hete olie van de frituurpan schept, ontstaat er vrijwel direct een korstje om de buitenkant. Binnen in de bol ontstaat stoom, waardoor de bol uitzet en luchtig wordt. Die combinatie van afsluiten en opblazen zorgt voor de typische oliebolstructuur. In een airfryer ontbreekt die directe warmteoverdracht. Hete lucht is simpelweg minder krachtig dan hete olie. Zonder direct contact met heet vet kan het beslag niet snel genoeg stollen. Daardoor blijft een echte oliebol uit de airfryer onmogelijk.

©Gegenereerd door AI

Wat wel kan: kwarkbollen uit de airfryer

Wie toch iets zelf wil maken in de airfryer, moet het klassieke oliebollenbeslag loslaten. Met een steviger beslag, bijvoorbeeld op basis van kwark, kun je ballen vormen die hun vorm behouden. Deze bollen garen prima in de hete lucht en krijgen een mooie bruine buitenkant. De uitkomst lijkt qua vorm op een oliebol, maar de structuur is compacter en de smaak meer broodachtig. Denk aan iets tussen een zoet broodje en een scone. Lekker, lichter en prima als alternatief, maar: het is geen oliebol zoals je die van de kraam kent.

Kwarkbollen uit de airfryer

Meng 250 gram volle kwark met 1 ei en 50 gram suiker tot een glad mengsel. Voeg vervolgens 300 gram zelfrijzend bakmeel toe, samen met een snuf zout. Meng alles kort tot een samenhangend deeg. Het deeg moet stevig zijn en nauwelijks plakken. Is het te nat, voeg dan een beetje extra bakmeel toe. Wie wil, kan rozijnen, stukjes appel of wat citroenrasp door het deeg mengen.

Bestuif je handen licht met bloem en draai ballen ter grootte van een kleine mandarijn. Leg ze met wat ruimte ertussen in het mandje van de airfryer, eventueel op een stukje bakpapier. Bak de bollen in ongeveer 12 tot 15 minuten op 180 graden. Halverwege kun je ze voorzichtig keren zodat ze gelijkmatig bruin worden.

Laat de bollen kort afkoelen en bestuif ze eventueel met poedersuiker. Vers zijn ze het lekkerst, maar ook lauw blijven ze prima eetbaar.

Wat ook goed kan: oliebollen opwarmen in de airfryer

Waar de airfryer wel echt tot zijn recht komt, is bij het opwarmen van gekochte oliebollen. In de magnetron worden ze snel slap en taai. In de airfryer gebeurt het tegenovergestelde. Door de bollen een paar minuten op ongeveer 180 graden te verwarmen, wordt de korst weer knapperig en warmt de binnenkant gelijkmatig op. Je oliebollen smaken weer alsof je ze net gebakken (of gehaald) hebt!

Samenvatting

Wil je de échte oliebol, dan heb je twee opties: zelf bakken in een frituurpan of halen bij de kraam. Bakken in de airfryer kan niet, omdat vloeibaar beslag niet geschikt is voor hete lucht. Je kunt bijvoorbeeld wel kwarkbollen maken, maar dat is toch anders. De grootste winst zit in het opwarmen van kant-en-klare oliebollen: in de airfryer gaat dat snel, ze worden heerlijk knapperig en je hebt geen last van frituurlucht in huis.


Nog even niet aan denken...

...maar voor 1 januari, je goede voornemens

🎆 Vuurwerk op je Galaxy Smartphone? 👇

View post on TikTok