ID.nl logo
Netwerkproblemen? Analyseer ze met Wireshark
© pingingz - stock.adobe.com
Huis

Netwerkproblemen? Analyseer ze met Wireshark

Als je netwerk ineens slecht presteert, je verdacht netwerkverkeer vermoedt of simpelweg geïnteresseerd bent in de data die via je netwerkverbindingen stromen, kan Wireshark uitkomst bieden. Deze zeer populaire netwerkprotocol-analyzer legt datapakketten van netwerkverbindingen vast en analyseert deze, zodat je netwerkverkeer kunt monitoren en onderzoeken. Het is handig als je al enige kennis hebt van netwerkprotocollen.

In dit artikel laten we zien hoe je met Wireshark je netwerkverkeer kunt analyseren.

  • Doorvoersnelheid meten
  • Vertraging (latentie) meten
  • Hoeveelheid netwerkverkeer inzien
  • Verdachte poort identificeren
  • Controleren of je computer privacygevoelige informatie uitstuurt

Lees ook: Computerproblemen? Zo diagnosticeer je wat er loos is

1 Installatie

Wireshark is gratis en opensource en beschikbaar voor diverse platformen. Bij de installatie laat je de standaardopties, inclusief de installatie van API Npcap (versie 1.78, zie www.npcap.com) het best staan. Zet voor diepgaandere analyses van draadloos verkeer ook een vinkje bij Support raw 802.11 traffic (and monitor mode) for wireless adapters.

Let wel, Wireshark kan zonder aanvullende maatregelen (zoals pre-master secret of port mirroring) geen versleutelde datapakketten ontsleutelen en vangt alleen data op die direct van of naar het apparaat gaat waarop Wireshark draait.

2 Netwerkinterfaces

Bij het starten van Wireshark zoekt de app automatisch naar lokale netwerkinterfaces. Je kunt filteren op verschillende soorten interfaces, bijvoorbeeld Wired en Virtual, via het uitklapmenu bij All interfaces shown. Selecteer de gewenste interface door erop te dubbelklikken, bijvoorbeeld Ethernet of Wi-Fi.

Het commando ipconfig kan helpen bij het kiezen van de juiste adapter. Je belandt nu in het hoofdvenster waar het ‘packet sniffing’ al bezig is. Je kunt dit proces stoppen via Capture / Stop en hier ook weer herstarten. Het is mogelijk pakketten van een vorige sessie te bewaren. Deze sessiebestanden kun je later laden met File / Open.

3 Vensters en kleuren

In het venster Packet list worden de opgevangen pakketten getoond, standaard in chronologische volgorde. Dit omvat het bron- en doeladres, het netwerkprotocol en diverse technische details.

Het venster Packet details biedt gestructureerde informatie over het geselecteerde pakket, opgebouwd uit verschillende protocol lagen. In het venster Packet bytes zie je de daadwerkelijke data van het pakket, zowel in hexadecimale als ASCII-vorm.

Deze vensters kun je (de)activeren via het menu View. Hier vind je ook Coloring Rules, wat inzicht geeft in de kleurcoderingen van de pakketlijst. Deze regels zijn aanpasbaar en je kunt er ook nieuwe aan toevoegen.

4 Opvangfilters

Voordat we typische toepassingen van Wireshark behandelen, is het belangrijk dat je bekend bent met de voornaamste filteropties. Een standaard sessie genereert namelijk vaak een enorme hoeveelheid data. Met opvangfilters kun je deze al bij de bron beperken. Ga naar Capture / Options, kies een of meerdere netwerkinterfaces en klik op het groene blokje bij Capture filter for selected interfaces voor voorbeeldfilters. Om bijvoorbeeld enkel TCP-pakketten op te vangen, selecteer je simpelweg (TCP only:) tcp. Je kunt ook eigen filters instellen, zoals port 80 or port 443 om enkel TCP/UDP-verkeer op poort 80 of 443 te filteren. Klik op het kruisje om het filter weer weg te halen.

5 Weergavefilters

Gebruik alleen opvangfilters als Wireshark moeite heeft met het verwerken van het netwerkverkeer, wat blijkt uit het percentage Dropped in de statusbalk. Meestal werken weergavefilters beter: Wireshark vangt alle pakketten op, maar je filtert specifieke data uit de pakketlijst. Maak een filter in het veld boven de pakketlijst. Dat kan op protocol (ARP, IP, IPV6, TCP) en applicatie (DNS, HTTP, ICMP). Ook complexe filters zijn mogelijk, zoals: ip.addr == 192.168.0.0/24, http contains "GET", tcp.srcport != 80, of http.response.code == 404. Via het kruisknopje haal je een actief filter weer weg. De statusbalk vertelt je hoeveel pakketten er daadwerkelijk worden getoond.

OSI-model Om de grote hoeveelheid data die Wireshark produceert goed te begrijpen, is degelijke kennis van netwerkprotocollen essentieel. De tabel toont het zogeheten OSI-model (Open Systems Interconnection) met de zeven lagen, met een functiebeschrijving, enkele typische protocollen en aanvallen. De tabel geeft inzicht in hoe de protocollen functioneren binnen de verschillende lagen van netwerkcommunicatie. Wireshark is vooral nuttig binnen de data linklaag (zoals ethernet-frames), netwerklaag (zoals ip-pakketten) en transportlaag (zoals TCP- en UDP-segmenten), maar de tool biedt tevens inzicht in protocollen van hogere lagen (presentatie en applicatie), zoals voor http- en DNS-verzoeken.

Over filteren gesproken

Een schone lucht is ook belangrijk

6 Alternatieve filters

Er zijn andere manieren om data te filteren. Als je bijvoorbeeld met rechts klikt op een ip-adres in de kolom Destination en kiest voor de optie Apply as filter / Not selected, dan krijg je !(ip.dest == <ip-adres>). Met de operatoren and, or, not and, or not kun je nog verder bouwen op een al bestaand filter. Als je denkt een filter vaker te gebruiken, activeer het dan en klik op het plusknopje Add as display filter button, naast de (groene) filterregel. Typ een beknopt tekst in het veld Label en bevestig met OK. Het filter verschijnt nu als een knop. Klik er met rechts op om het uit te schakelen, te verwijderen of te bewerken.

7 Ordenen

Naast de verschillende filtermethodes, is het ook nuttig om te weten hoe je data zinvol kunt sorteren en ordenen. Een eenvoudige manier is door een- of tweemaal op een kolomtitel te klikken, waardoor de data volgens dat criterium gesorteerd worden. Je kunt ook zelf extra kolommen toevoegen: klik bijvoorbeeld in het venster met pakketdetails met rechts op een interessant item (zoals Destination Port in de sectie Transmission Control Protocol) en selecteer ApplyasColumn in het contextmenu. Er verschijnt een extra kolom, wat het sorteren vereenvoudigt. Om een kolom te verwijderen, klik je met rechts op de kolomtitel en verwijder je het vinkje of klik je op Remove this Column.

8 Doorvoersnelheid

Nu je vertrouwd raakt met Wireshark, haal je er allerlei nuttige informatie uit, zoals de daadwerkelijke snelheid van een specifieke verbinding. Stel, je wilt de doorvoersnelheid weten tijdens het downloaden van een groot bestand van een server. Begin met het vastleggen van deze netwerkverbinding in Wireshark. Na afloop ga je naar Statistics / Capture File Properties voor uitgebreide informatie, waaronder het tijdstip van het eerste en laatste pakket, en het aantal weggevallen en eventueel gefilterde pakketten. Onderaan vind je de bandbreedte of netwerkcapaciteit, uitgedrukt in (mega)byte en bit per seconde.

9 Vertragingen

Bij het analyseren van netwerkprestaties zijn zowel doorvoersnelheid als latentietijd belangrijk. Latentietijd (ook bekend als latency in het Engels) is de periode die een datapakket nodig heeft om van zender naar ontvanger te reizen. Voor inzicht in eventuele vertragingen voeg je de extra kolom Delta time toe. Deze toont het interval tussen de aankomst van opeenvolgende pakketten. Ga naar Edit / Preferences, klik op Appearance / Columns en voeg een kolom toe met het plusknopje. Dubbelklik op (Number) en kies voor Delta time. Dubbelklik eventueel op de titel om de naam aan te passen. Klik in de pakketlijst op deze kolomtitel om de datapakketten volgens de deltatijden te sorteren.

10 Druk verkeer

Indien je vermoedt dat er ongewoon veel netwerkverkeer is, open dan Statistics / Protocol Hierarchy. Hier zie je per protocol en applicatie de hoeveelheid verkeer. Niet-herkende protocollen of applicaties verschijnen onder de categorie Data. Om een specifiek item nader te onderzoeken, klik je er met rechts op en selecteer je Apply as Filter /Selected. Vervolgens kun je rechtsklikken op een pakket in de pakketlijst en Follow / TCPStream kiezen om de inhoud van de communicatie te analyseren. Het venster met de pakketbytes kan ook van pas komen bij deze analyse.

11 Verdachte poort

Stel dat je merkt dat je pc meerdere keren probeert een specifieke poort te bereiken. Om dit nader te bekijken, stel je via de pakketdetails bij TransmissionControl Protocol het item Destination Port in als weergavefilter. Om te achterhalen welke applicatie op je pc deze poort gebruikt, gebruik je de Opdrachtprompt van Windows. Deze opdracht toont alle verbindingen gerelateerd aan de poort:

netstat -aon | findstr :<poortnummer>

De laatste kolom toont het PID (Process-ID). Open Taakbeheer met Windows-toets+R, kies Processen en sorteer op de PID-kolom om de applicatie te identificeren.

12 Host-identificatie

Wireshark toont standaard ip-adressen, maar je kunt ook kiezen voor het weergeven van de bijbehorende hosts of domeinnamen. Ga naar Edit / Preferences en selecteer Name Resolution. Activeer hier Resolve network (IP) addresses. Zorg dat Enable IPgeolocation is ingeschakeld om, na het downloaden van geolocatiedatabases, de fysieke locaties van hosts te achterhalen (zie stap 13). Een overzicht van de vastgestelde hostnamen vind je onder Statistics / Resolved Addresses, waar je eventueel Hosts selecteert.

Studiemateriaal Je hebt tijd en oefening nodig om een krachtige tool als Wireshark onder de knie te krijgen. Er zijn gelukkig veel hulpbronnen online beschikbaar. Op YouTube vind je talrijke instructieve video’s, zoals de Wireshark Masterclass, bestaande uit tien lessen van elk ongeveer tien minuten. Wireshark Wiki biedt eveneens waardevolle informatie, inclusief een link naar een pagina met honderden verschillende traceerbestanden voor uiteenlopende protocollen. Deze kun je eenvoudig downloaden en importeren in Wireshark.

13 Ip-geolocatie

Voor het tonen van geolocatie in Wireshark zijn geolocatiedatabases nodig. De gratis (maar iets minder nauwkeurige) versies vind je op deze pagina. Na het aanmaken van een account download je de GeoLite2 Country- en City-databases en pak je ze uit naar twee mmdb-bestanden in dezelfde map. In Wireshark ga je naar Edit / Preferences /Name Resolution, klik op Edit bij MaxMind database directories en verwijs via de plusknop en Browse naar je uitpakmap. Herstart Wireshark, ga naar Statistics /Endpoints en open het tabblad IPv4 (of IPv6). Druk op de Map-knop en kies Open inbrowser om de locaties op kaart te bekijken.

14 Toegangsgegevens

In toenemende mate is netwerkverkeer standaard versleuteld, maar sommige protocollen, zoals FTP of POP3 (zonder extra beveiliging), verzenden toegangsgegevens ook niet-versleuteld. Om te controleren of er in jouw netwerkverkeer dergelijke privacygevoelige informatie wordt verstuurd, hoef je in Wireshark enkel het menu Tools te openen en Credentials te selecteren. Hier worden gevonden items weergegeven, inclusief het aanklikbare pakketnummer (waar je inderdaad de naam en/of het wachtwoord ziet staan) evenals het gebruikte protocol. Wellicht hoogtijd om een veiliger protocol in te zetten voor de authenticatie.

15 Referentiedata

Het is gebruikelijk Wireshark te starten voor het troubleshooten van netwerkproblemen. Voor belangrijke apparaten, zoals servers, is het raadzaam om zogenoemde baselines aan te maken. Dit zijn referentie-traceerbestanden die je helpen bij het diagnosticeren van netwerkproblemen. Het kan zelfs handig zijn om verschillende baselines voor één apparaat te maken. Denk bij een server bijvoorbeeld aan het opstarten en tijdens normaal gebruik. Leg in gewone omstandigheden van belangrijke apparaten dus telkens ander, specifiek netwerkverkeer vast en sla dit telkens op via File / Save.

16 Vergelijken

Loop je tegen problemen aan, dan kun je een opgeslagen baseline vergelijken met de huidige situatie. Dat kan in hetzelfde scherm door beide bestanden tegelijkertijd te openen. Om bestanden te vergelijken, open je een bestand met File / Open en voeg je een tweede toe met File / Merge. In het dialoogvenster kies je de samenvoegmethode: Prepend, Merge […] chronologically (standaard), of Append. Bij Prepend wordt het tweede bestand voor het huidige bestand gezet, bij Append achter het huidige bestand en door te kiezen voor Merge worden beide bestanden chronologisch door elkaar gezet.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.