ID.nl logo
Verwijderde bestanden terughalen: Dit zijn je opties
© Reshift Digital
Huis

Verwijderde bestanden terughalen: Dit zijn je opties

Er kunnen natuurlijk verschillende oorzaken zijn waarom je niet meer bij je data kunt en aangezien niet elke oorzaak dezelfde remedie heeft, doe je er goed eerst na te gaan wat er precies fout is gegaan. Dan pas mag je het proberen op te lossen, voorzien van optimale tool(s). Dit zijn je opties om verwijderde bestanden terug te halen.

Veel paniekerige gebruikers laten zich er al snel toe verleiden enkele datahersteltools te installeren op dezelfde partitie waarop ze hun gegevens zijn kwijtgeraakt. Dat is een slecht idee, omdat ze hierdoor juist verloren data zouden kunnen overschrijven. Het is zelfs af te raden zulke tools op een andere partitie van dezelfde schijf te installeren, aangezien je niet kunt uitsluiten dat Windows niet ook op andere partities gegevens schrijft, zoals naar je profielmap of het register.

Live herstel

Om ongewenste overschrijvingen te vermijden, kun je eventueel je systeem met een live bootmedium opstarten. Best geschikt zijn oplossingen die zelf al datahersteltools bevatten, zoals SystemRescue en Hiren’s BootCD PE. Geef je de voorkeur aan een Windows-omgeving. dan is deze laatste het ideale hulpmiddel omdat deze volledig rond Windows 10 PE is gebouwd. Bovendien komt deze bootschijf met wel zeventig systeemtools, inclusief datahersteltools als Puran Data Recovery, Recuva, ReclaiMe Recovery en Lazesoft Windows Recovery.

In een notendop maak je hiervoor als volgt een live usb-stick. Download ISO2USB, klik met rechts op het exe-bestand en kies Als administrator uitvoeren. Selecteer een (lege) usb-stick van minimaal 8 GB en verwijs naar het iso-bestand. Laat beide vinkjes staan en klik op Process en Ja. Wanneer je je systeem van deze stick opstart, verschijnt het vertrouwde Windows-bureaublad. Je vindt de belangrijkste datahersteltools bij All Programs / Hard Disk Tools / Data Recovery.

Zo’n live medium is ook handig wanneer je de data op je schijf niet meer kunt benaderen, bijvoorbeeld doordat de bootsector beschadigd is.

©PXimport

Vergeten back-ups

Je zou de eerste gebruiker niet zijn die allerlei datahersteltools gebruikt om dan pas te beseffen dat de data niet eens echt verdwenen waren. Zo voorzien de meeste besturingssystemen standaard in een vangnet in de vorm van een prullenbak.

Of wellicht heeft Windows voor automatische back-ups van je bestanden gezorgd via de module Bestandsgeschiedenis, in te stellen via Configuratiescherm / Systeem en beveiliging / Bestandsgeschiedenis / Inschakelen. Een voorwaarde hiervoor is wel dat ook het systeemherstel is ingeschakeld. Druk hiervoor op Windows-toets+R, voer sysdm.cpl uit en open het tabblad Systeembeveiliging. Daar selecteer je het station en via Configureren kies je de optie Systeembeveiliging inschakelen.

Was deze functie al ingeschakeld, dan zoek je via Configuratiescherm / Systeem en beveiliging / Bestanden vanuit een back-up terugzetten met Bestandsgeschiedenis in je bestandsgeschiedenis naar eerder bewaarde bestandsversies. Of je klikt in Verkenner met rechts op een abusievelijk overschreven bestand, je kiest Eigenschappen en opent het tabblad Vorige versies.

Een laatste oplossing is om de portable tool PreviousFileRecovery te gebruiken om snel naar vorige bestandsversies te zoeken.

En wat gebruikers ook weleens uit het oog verliezen: de meeste cloudopslagproviders voorzien eveneens in een versiegeschiedenis. Doorgaans klik je met rechts op een overschreven bestand en selecteer je opties als Versie beheren of Versiegeschiedenis.

©PXimport

Gewiste bestanden

We gaan er even van uit dat je inderdaad enkele bestanden hebt gewist en dat die zich niet meer in de prullenbak of in een back-up bevinden. We beginnen met de datahersteltools: er zijn diverse gratis applicaties beschikbaar (zie bijvoorbeeld https://kwikr.nl/retools), maar de gouwe ouwe Recuva blijkt nog altijd een van de betere. In het kort ga je er als volgt mee aan de slag.

Standaard start de tool op in wizardmodus, waar je aangeeft naar welke bestandstypen je zoekt (zoals Afbeeldingen, E-mails of Gecomprimeerd) en op welk medium die zich bevinden. Gedeelde netwerkmappen kun je hier helaas niet selecteren. In het volgende venster kun je een vinkje plaatsen bij Uitvoerig Scannen inschakelen, maar dat doe je alleen als de minder grondige methode onvoldoende succes oplevert. Immers, uitvoerig scannen is veel tijdrovender aangezien niet alleen de Master File Table, maar ook de dataclusters zelf worden ingelezen om aan de hand van headers bestandstypen te herkennen.

Bij elke scanronde geeft Recuva de kans op herstel van de bestanden aan, van Uitstekend tot Onherstelbaar. Vanuit het contextmenu kun je vervolgens bestanden herstellen naar een geschikte locatie, bij voorkeur op een andere schijf.

©PXimport

Partitieproblemen

Dat je bepaalde bestanden plotseling niet meer kunt bereiken, kan natuurlijk ook liggen aan partitieproblemen. Heb je een partitie abusievelijk geformatteerd, dan kan wellicht Recuva misschien ook helpen. Start de app en klik op Annuleren in het startvenster van de wizard. In het uitklapmenu linksboven selecteer je de geformatteerde partitie. Lukt het zo niet, klik dan op Opties, open het tabblad Acties en plaats een vinkje bij Uitvoerige scan (Langere scantijd), waarna je het nogmaals probeert.

Een degelijk alternatief is Lazesoft Recovery Suite Home (ook te vinden in Hiren’s BootCD PE). Zodra je op Data Recovery klikt, verschijnt een wizard met vier opties. Kies hier Unformat en duid het station met de geformatteerde partitie aan. Bevestig met Next / Automatic drive recovery / Start search. Open Lost File Results en duid de extensies aan van de gezochte bestanden. Hopelijk duiken die vervolgens op in het rechterdeelvenster.

Gaat het om een onbereikbare (want beschadigde) partitie, dan kies je Deep Scan in de Lazesoft-wizard en duid je de fysieke schijf met de verdwenen partitie aan. Via Options / Partition Recovery kun je de zoektocht beperken tot specifieke partitietypen, zoals FAT32 en NTFS. Eventueel plaats je een vinkje bij Specify the sector range for the search en geef je de vermoedelijke startsector en hoeveelheid sectoren aan, zoals je die bijvoorbeeld met een fysieke schijfeditor hebt uitgevist. De app toont nu een lijst van alle mogelijke partities op. Selecteer deze in het linkerdeelvenster. Als het goed is, verschijnen de bijbehorende bestanden aan de rechterkant en laten die zich van hieruit herstellen.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.