ID.nl logo
6 tips voor wachtwoordbeheer
© PXimport
Huis

6 tips voor wachtwoordbeheer

Zonder wachtwoordbeheerder kun je niet veilig blijven: al snel hergebruik je immers je wachtwoorden, schrijf je ze op een papiertje of maak je ze te eenvoudig zodat je ze kunt onthouden. Met een wachtwoordbeheerder vermijd je dat allemaal, maar je introduceert wel een nieuw risico: je legt al je eieren in één mandje, waarvan je soms niet eens weet waar het staat. Welke soorten wachtwoordbeheerders bestaan er allemaal en wat zijn de risico’s? Wij geven zes tips voor wachtwoordbeheer.

Een goed wachtwoord moet aan heel wat voorwaarden voldoen. Het mag niet te gemakkelijk te raden zijn en moet daarom lang genoeg zijn en uit een mix van letters, cijfers en speciale tekens bestaan. Het nadeel is dat je het dan zelf ook moeilijk kunt onthouden. Voor één wachtwoord gaat dat misschien nog, maar het is ook niet aan te raden om voor allerlei websites en diensten hetzelfde wachtwoord te kiezen. Iemand die dat wachtwoord dan steelt, heeft dan immers toegang tot al je website-accounts. Maar een hele reeks unieke goede wachtwoorden onthouden, is voor de meesten onder ons niet weggelegd.

Je bent daarom aangewezen op een wachtwoordbeheerder, die de wachtwoorden voor jou onthoudt. Er bestaan diverse soorten wachtwoordbeheerders en we laten in deze masterclass de belangrijkste de revue passeren, met hun voor- en nadelen.

01 Wachtwoordbeheerder browser

De meeste browsers hebben al een rudimentaire wachtwoordbeheerder ingebouwd. De mogelijkheden zijn beperkt, maar om eenvoudig de wachtwoorden op te slaan die je invult als je op websites inlogt, zijn ze zeker geschikt. Het is overigens moeilijk om ze niét te gebruiken: als je een wachtwoord ingevuld hebt, vragen ze standaard of ze dit moeten opslaan.

Maak er maar geen automatisme van om op Opslaan te klikken de volgende keer dat je browser die vraag stelt. Want de wachtwoordbeheerders van browsers zijn niet altijd zo veilig. Zo bleek in de zomer van 2016 dat er iemand in de servers van Opera Sync had ingebroken, de dienst waarmee gebruikers van de browser Opera hun inloggegevens tussen verschillende apparaten kunnen synchroniseren. De wachtwoorden waren wel versleuteld opgeslagen in Opera Sync, zodat de dief ze normaal niet kon inkijken, maar als je een zwak hoofdwachtwoord gebruikte (zie kader ‘Een sterk hoofdwachtwoord’), waren de wachtwoorden misschien wel te kraken.

In het algemeen zijn de ingebouwde wachtwoordbeheerders van browsers in de laatste vijf jaar niet echt veel geëvolueerd. Een uitzondering is Google, dat in 2015 een centrale plaats heeft geïntroduceerd waar je kunt beheren welke wachtwoorden Chrome onthoudt. Toegang tot de website is zelfs beveiligd met tweestapsauthenticatie.

©PXimport

02 Losse wachtwoordbeheerder

Een goede wachtwoordbeheerder doet meer dan wachtwoorden opslaan. Het helpt je ook om sterke wachtwoorden te genereren, want daar zijn mensen notoir slecht in. Er zijn daarom allerlei afzonderlijke wachtwoordbeheerders ontstaan, programma’s die je (zoals hun naam al zegt) helpen met het beheren van wachtwoorden.

Doordat ze meer mogelijkheden hebben dan de ingebouwde wachtwoordbeheerders van browsers, promoten ze meer een veilige wachtwoordhygiëne, zoals het kiezen van een verschillend wachtwoord voor elke website. Een browserextensie zorgt dan voor de integratie van de wachtwoordbeheerder met je browser.

03 Onveilige apps

Een programma dat je zoiets gevoeligs als je wachtwoorden toevertrouwt, moet uiteraard heel veilig zijn. En daar gaat het helaas vaak mis. Zo vond de Duitse groep van beveiligingsdeskundigen TeamSIK (Security Is Key) onlangs heel wat kwetsbaarheden in wachtwoordbeheerders voor Android. Volgens hen geven deze apps gebruikers een vals gevoel van veiligheid.

De onderzoekers analyseerden de meest gedownloade wachtwoordbeheerders in de Google Play Store en vonden maar liefst 26 kwetsbaarheden in de apps MyPasswords, Informaticore Password Manager, LastPass Password Manager, Keeper Passwort-Manager, F-Secure KEY Password Manager, Dashlane Password Manager, Hide Pictures Keep Safe Vault, Avast Passwords en 1Password – Password Manager. Sommige apps sloegen het hoofdwachtwoord zelfs onversleuteld op. Andere hadden een sleutel hardgecodeerd in de programmacode, zodat die voor alle gebruikers hetzelfde was. In beide gevallen kan een aanvaller dus toegang tot je wachtwoorden verkrijgen.

Ondertussen zijn al de kwetsbaarheden die TeamSIK vond opgelost. Maar het is confronterend om te zien dat zelfs ontwikkelaars van gespecialiseerde beveiligingssoftware er niet in slagen om verantwoordelijk met gevoelige gegevens zoals wachtwoorden om te gaan. En als je weet dat elk van die apps tussen de 100 duizend en 50 miljoen installaties heeft …

©PXimport

Een sterk hoofdwachtwoord

Een wachtwoordbeheerder neemt je de taak uit handen om wachtwoorden te onthouden, maar uiteraard slaat hij die wachtwoorden niet onversleuteld op. Anders zou dat immers niet beter zijn dan al je wachtwoorden in een boekje te schrijven. Een wachtwoordbeheerder versleutelt daarom de opgeslagen wachtwoorden. De sleutel die het programma daarbij gebruikt, is afgeleid van je hoofdwachtwoord. Dit wachtwoord voer je dan in voor toegang tot de wachtwoordbeheerder. Omdat de toegang tot al je wachtwoorden met een wachtwoordbeheerder afhangt van één wachtwoord, is het uiteraard heel belangrijk dat dit een sterk wachtwoord is dat niemand anders kan raden. Maak je er dus niet snel vanaf met een eenvoudig te onthouden wachtwoord, maar doe wat extra moeite om een sterk wachtwoord te kiezen. Minstens 12 tekens lang (en hoe langer hoe liever), met een willekeurig lijkende mix van hoofdletters en kleine letters, cijfers en speciale tekens.

04 Wachtwoorden in de cloud

Als je je wachtwoorden op verschillende apparaten wilt gebruiken, heb je een of andere manier nodig om je wachtwoorddatabase tussen al die apparaten te synchroniseren. Er zijn heel wat wachtwoordbeheerders die dat doen door je wachtwoorden (uiteraard versleuteld) in de cloud op te slaan. Onder andere LastPass is een bekende cloudgebaseerde wachtwoordbeheerder. Helaas is het programma ook bekend door zijn beveiligingslekken de laatste jaren. Zo ontdekte beveiligingsonderzoeker Mathias Karlsson vorig jaar dat als hij een speciaal geprepareerde url naar een LastPass-gebruiker stuurde, hij zijn wachtwoorden kon lezen. De fout werd getriggerd in de code die wachtwoorden automatisch invult.

Ook Tavis Ormandy van Google Project Zero vond vorig jaar kwetsbaarheden waardoor hij wachtwoorden in LastPass kon stelen. En dit jaar vond hij nog eens een beveiligingsfout in LastPass, en deze keer vereiste de oplossing heel wat herschrijfwerk in de LastPass-browserextensie. Een veilige cloudgebaseerde wachtwoordbeheerder creëren is dus geen eenvoudige taak.

©PXimport

05 Wachtwoorden zonder synchronisatie

Er is nog een andere manier om je wachtwoorden tussen al je apparaten te synchroniseren. In plaats van wachtwoorden in de cloud op te slaan, bereken je ze telkens als je ze nodig hebt. Dat is bijvoorbeeld de aanpak van LessPass.

LessPass berekent een wachtwoord voor een website op basis van vier parameters: een login, de website, je hoofdwachtwoord en eventuele opties. Op die manier genereert het programma een sterk wachtwoord voor de website. Als je dat wachtwoord dan voor de website hebt ingesteld en de volgende keer weer op de website wilt inloggen, vul je in LessPass weer de vier parameters in. LessPass genereert dan weer hetzelfde wachtwoord en daarmee log je op de website in.

Het maakt daarbij niet uit op welk apparaat je dat doet. Je slaat je wachtwoorden niet op, omdat je ze telkens opnieuw berekent. Er bestaat een Android-app van LessPass en browserextensies voor Chrome en Firefox. De broncode van LessPass is beschikbaar, zodat iedereen kan nakijken dat er zich geen achterpoortje in de software bevindt. Maar het is nog vrij nieuwe software, zodat er nog geen grondige beveiligingsaudit van de code is gebeurd. En het nadeel is dat je al je wachtwoorden moet veranderen als je je hoofdwachtwoord verandert. Toch is het een interessante aanpak omdat hij zo anders is.

©PXimport

Op een onveilige computer is niets veilig

Je wachtwoorden beveiligen in een afzonderlijke wachtwoordbeheerder is al een hele stap, maar uiteindelijk is dat nog niet veilig als je geen aandacht schenkt aan de beveiliging van je besturingssysteem. Dat maakte de hackingtool KeeFarce in 2015 pijnlijk duidelijk. Dit proof-of-concept toonde aan dat malware een wachtwoorddatabase van KeePass stiekem kon kopiëren zodra de gebruiker KeePass ontgrendelt. Hoewel KeePass gevoelige gegevens uit zijn wachtwoorddatabase in het ram versleutelt, omzeilde KeeFarce die bescherming door code in het procesgeheugen van KeePass te injecteren die de exportmethode van KeePass aanroept om een geopende database naar een csv-bestand te schrijven. De boodschap is duidelijk: zorg dat malware geen kans krijgt op je computer!

©PXimport

06 Wachtwoorden in een doosje

Een laatste manier om je wachtwoord op te slaan is niet op je computer of in de cloud, maar op een extern apparaat. Een voorbeeld van deze aanpak is Mooltipass, een doosje dat je wachtwoorden opslaat. Je sluit het via usb aan op je computer of met een usb-otg-kabel op je smartphone of tablet.

In de Mooltipass, die overigens zo goed als volledig opensource is, steek je een smartcard, waarna je op het apparaatje zelf via een wieltje met ingebouwde knop je pincode invoert. Na de juiste pincode wordt het apparaatje ontgrendeld en heb je toegang tot je wachtwoorden. Voer je drie keer de verkeerde pincode in, dan wordt je smartcard geblokkeerd en zijn je wachtwoorden ontoegankelijk.

Via het wieltje op de Mooltipass kies je de website waarop je inlogt, waarna het apparaatje je login en wachtwoord via de usb-kabel naar je computer stuurt. Het doet zich voor je computer immers voor als een usb-toetsenbord. Het project heeft ook browserextensies voor Chrome, Firefox en Safari. Je moet er natuurlijk wel aan denken dat je altijd je Mooltipass en smartcard bij je hebt …

©PXimport

Opensource

Voor iets zo belangrijks als het beheer van je wachtwoorden zou je eigenlijk geen concessies moeten doen: de software (of hardware) moet zoveel mogelijk opensource zijn. Zo kunnen mensen altijd nagaan wat de wachtwoordbeheerder juist doet en of er lekken in zitten. Uiteraard beschikken de meesten zelf niet over de benodigde expertise, maar door het openbaar maken van de broncode leggen de makers de drempel voor analyse door beveiligingsexperts zo laag mogelijk, waardoor er meer kans is dat die hun wachtwoordbeheerder onder de loep nemen, mogelijke lekken op tijd ontdekken en het systeem zo veiliger maken.

▼ Volgende artikel
6 handige tips voor het gebruik van je staafmixer
© luismolinero
Huis

6 handige tips voor het gebruik van je staafmixer

Als je alles uit je staafmixer wilt halen, moet je wel weten hoe je ermee om moet gaan. Met deze tips krijg je niet alleen de beste (lees: lekkerste) resultaten, maar gaat je staafmixer ook langer mee. Win-win! 

In het kort: Een staafmixer is in principe een heel simpel apparaat. Je zet hem aan en hij pureert de boel voor je. Maar let op: een staafmixer kan overbelast raken en sneller stukgaan als je hem niet op de juiste manier gebruikt. Ook kunnen je gerechten er minder lekker op worden. Wil je weten hoe je je staafmixer optimaal benut? Lees dan de tips in dit artikel.

Lees ook: Dit kun je allemaal (nog meer) met een staafmixer

Tip 1: Ingrediënten voorsnijden

Hoewel staafmixers erg krachtig kunnen zijn, hebben ze ook relatief kleine mesjes. In tegenstelling tot bijvoorbeeld een blender kan het voor een staafmixer daarom lastig zijn om grote stukken goed en gelijkmatig te verpulveren. Je kunt je staafmixer dus een handje helpen door je ingrediënten van tevoren in kleinere stukken te snijden. Hiermee verklein je de kans op klonten of stukjes in je soep of saus én raken de messen minder snel overbelast. 

Tip 2: Let op het vermogen

Het is altijd belangrijk om rekening te houden met het vermogen van je staafmixer, want dat bepaalt welke ingrediënten het apparaat kan pureren. Het pureren van harde ingrediënten zoals noten of ongekookte groenten met een staafmixer met een laag vermogen gaat hoogstwaarschijnlijk niet lukken. Of het lukt wel, maar met een overbelaste motor tot gevolg. Voor harde ingrediënten is vaak een vermogen van minstens 600 watt nodig. Wil je vaak en veel gaan pureren, kies dan voor een vermogen van minstens 1000 watt. Maar let ook op het toerental, oftewel het aantal rotaties per minuut (RPM). Een staafmixer kan namelijk een laag vermogen hebben, maar wél een toerental van minstens 10.000 RPM. Dan is hij alsnog krachtig genoeg om harde ingrediënten te pureren. 

©Khaletski Siarhei | goffkein.pro

Tip 3: Niet te lang pureren

Lang achter elkaar pureren is funest voor de messen en de motor van een staafmixer. Beter is om in pulsen te pureren, waarbij je de motor tussen het pureren door steeds een paar seconden laat rusten. Vooral bij dikkere mengsels, zoals notenpasta, smoothies en dikke soepen, is dit belangrijk. Het is afhankelijk van het vermogen van een staafmixer hoe lang hij achter elkaar kan pureren. Vaak staat dit aangegeven bij de specificaties. Heb je geen idee? Pureer zachte ingrediënten dan niet langer dan 1,5 minuut en harde ingrediënten niet langer dan 45 seconden. Maakt je staafmixer een raar geluid of wordt hij erg warm, stop dan meteen met pureren. Dit zijn signalen dat het apparaat overbelast is. 

Tip 4: De juiste snelheid

De meeste staafmixers hebben meerdere snelheidsstanden en dat is niet zonder reden. Zo heb je voor het fijn pureren van dikkere mengsels en harde ingrediënten vaak een hogere snelheid nodig dan voor lichte bereidingen. En de turbostand kan handig zijn om harde ingrediënten kort maar krachtig te verpulveren of om een extra gladde soep te maken. Soms wil je een combi van snelheden gebruiken. Je begint bijvoorbeeld met een lage snelheid om spatten in de keuken te voorkomen en bouwt vervolgens geleidelijk op naar een hogere snelheid voor een glad resultaat. 

Tip 5: Ronddraaiende beweging

Beweeg je je staafmixer tijdens het pureren altijd gewoon op en neer? Op zich niks mis mee, want pureren doet het apparaat toch wel. Maar wil je zeker weten dat je geen plekken overslaat, maak dan tijdens het op en neer gaan óók een cirkelvormige beweging. Want op een mayonaise met klontjes zit natuurlijk niemand te wachten. 

©VI Studio

Tip 6: Schoonmaken

Een staafmixer neemt je veel werk uit handen, maar daar moet je wel iets voor terugdoen. Een staafmixer die niet goed schoongemaakt wordt, zal sneller vastlopen door aangekoekte etensresten. De motor moet dan tijdens het pureren harder werken en zal waarschijnlijk sneller overbelast raken. Daarnaast is een vieze staafmixer natuurlijk niet zo hygiënisch. Wil je geen bacteriën en nare geurtjes in je verse soep, maak je staafmixer dan na elk gebruik goed schoon. Dat kost je nauwelijks moeite: laat het apparaat even draaien in een maatbeker met warm water en wat afwasmiddel of doe hem, als dat kan, in de vaatwasser.

Nog meer doen met je staafmixer?

De beste accessoires, van gardes tot hakmolens

▼ Volgende artikel
Sony in 2025: nieuwe soundbars en tv's, maar minder vaak updates
Huis

Sony in 2025: nieuwe soundbars en tv's, maar minder vaak updates

Tijdens het persevent van Sony op het Europese hoofdkwartier in Weybrigde in het Verenigd Koninkrijk werden de nieuwe soundbars en tv's van 2025 aangekondigd. Het bedrijf zegt het misschien niet met zoveel woorden, maar de boodschap is duidelijk: minder frequente updates van alle modellen, en miniled blijft de technologie voor het topmodel.

 De 2023 A95L qd-oled-tv heeft twee jaar in het aanbod gestaan, ondanks het feit dat er vorig jaar wel degelijk een nieuw paneel beschikbaar was. In 2025 krijgt het model wel een update. De Bravia 8 II - te lezen als Bravia 8 Mark 2 - zal uitgerust zijn met het nieuwste (3e generatie) qd-oled-paneel van Samsung Display. Sony claimt dat dit paneel een 25% hogere piekhelderheid zal leveren ten opzichte van de A95L. Als we kijken naar wat Samsung Display (de panelfabrikant) claimde op CES, dan kan dit paneel tot 4.000 nits piekhelderheid leveren. We vermoeden dat Sony daar onder zal blijven, het merk is over het algemeen wat voorzichtiger en pusht zijn oled-panelen niet tot het uiterste op het gebied van piekhelderheid. Opmerkelijk genoeg vermeldde Sony expliciet dat de Bravia 8 II goedkoper zal zijn dan de A95L, maar concrete prijzen zijn er nog niet. De Bravia 8 II zal beschikbaar zijn in 55 en 65 inch.

©Eric Beeckmans | ID.nl

De Bravia 5 en Bravia 3

Verder naar onder in de line-up worden de Bravia 5 en Bravia 3 aangekondigd, ze vervangen respectievelijk de X90L en de X75WL. De Bravia 5 wordt uitgerust met de XR-processor (ook te vinden op de hogere modellen) en een XR Backlight Master Drive, een miniled-achtergrondverlichting die zes keer meer zones zal gebruiken dan de X90L. Hij zal beschikbaar zijn in 55, 65, 75,85, en 98 inch. De Bravia 3 is een instap 4K-model met direct led-achtergrondverlichting en de X1-processor. Dit model zal beschikbaar zijn in 43, 50, 55, 65, 75, en 85 inch. Beide modellen ondersteunen Dolby Vision en Dolby Atmos.

Demo's van nieuwe modellen

Sony toonde een aantal demonstraties van de nieuwe modellen, in vergelijking met een aantal concurrenten (dat waren uiteraard 2024-modellen). De Bravia 8 II stond opgesteld naast de voorganger de A95L, een Sony referentie studiomonitor, en een LG G4 en Samsung S95D. Zowel in Vivid Mode als de Filmmaker Mode (of vergelijkbaar want Sony gebruikt geen Filmmaker Mode) liet de Bravia 8 II een sterke indruk na. Zijn beelden leunen erg dicht tegen de studioreferentie aan. Kleuren in zeer heldere accenten zijn beter, en donkere gradaties worden nauwkeuriger weergegeven.

De Bravia 5 stond opgesteld naast een X85L (wat overigens een ietwat vreemde vergelijking is, want het toestel vervangt de X90L) en een Samsung QN85D. De XR Backlight Master Drive geeft de Sony flink wat extra helderheid en een duidelijke verbetering in contrast. Sony toonde ook een nieuwe techniek voor ruisonderdrukking bij oude bronnen (SD-content zoals Friends). Dat presteerde in sommige gevallen goed, maar liet in andere gevallen meer ruis zien. Mogelijk verfijnt Sony dit nog voordat het model op de markt komt. Het feit dat de testen in Vivid beeldmode gedaan werden, maakt de vergelijking ook moeilijk, vermits fabrikanten daar vaak veel vrijheid nemen.

Audioverwerking, beeldverwerking en Studio Calibrated

Op het gebied van beeldverwerking liet Sony dit keer geen belangrijke nieuwigheden zien. Ons oordeel over het nieuwe ruisonderdrukkingsalgoritme dat tijdens de Bravia 5 demo getoond werd, laten we nog even achterwege totdat we het zelf kunnen testen. De Bravia 3 heeft een nieuw algoritme voor beeldkwaliteit, maar dat werd alleen in Vivid-mode getoond en dat is een test waaruit weinig op te maken valt.  

©Eric Beeckmans | ID.nl

Sony benadrukte verder nog de aanwezigheid van Voice Zoom 3 op de Bravia 8 II en Bravia 5. Daarmee kan de processor nauwkeurig stem of dialogen isoleren van de rest van de audio. Zo kun je die selectief versterken (voor film kijken ’s avonds) of verzwakken (om de commentator bij sport wat stiller te maken).

De tagline van Sony, ‘Cinema is coming home', wil de fabrikant garanderen met een aantal Studio Calibrated beeldmodes: Netflix Adaptive Calibrated Mode, Prime Video Calibrated Mode en Sony Pictures Core Calibrated Mode. Die modi zijn specifiek in samenwerking met de respectievelijke streamingdienst opgezet. Voor alle andere content is er de ‘Professional’-beeldmode.

Tweejaarlijkse cyclus en miniled als toptechnologie

Net als vorig jaar heeft Sony alleen een deel van line-up vernieuwd. Dat is een aanpak die we toejuichen, want het maakt de verbeteringen die een nieuw model krijgt veel duidelijker. Sony kan daar eventueel nog wel van afwijken, bijvoorbeeld als een model het slecht doet in de markt. Maar we hopen dat dit voorbeeld navolging krijgt.

De 2024 Bravia 9 - een miniled-model - geldt nog steeds als het topmodel, ondanks de vernieuwde Bravia 8 II QD-OLED. Sterker nog, Sony kondigde voor volgend jaar een RGB-miniled technologie aan die duidelijk voorbestemd is om het nieuwe topmodel te worden.

Wat is een rgb-miniled achtergrondverlichting?

De achtergrondverlichting is het onderdeel van een lcd-tv dat licht produceert. Dat kunnen witte leds zijn, maar een moderne premium lcd-tv gebruikt doorgaans talloze minileds die blauw licht produceren, dat via een quantum dot-folie wordt omgezet naar wit licht. De leds worden onderverdeeld in zones die de processor individueel kan aansturen om het contrast te verbeteren. In donkere zones dimt hij het licht, in heldere zones kan hij de leds sterker aansturen. Om kleur te produceren wordt elke pixel met behulp van een kleurfilter opgedeeld in een rode, groene en blauwe subpixel.

©Sony

RGB-miniled technologie vervangt dit systeem door trio's van rode, groene en blauwe minileds te gebruiken die samen wit licht creëren, waardoor de quantum dot-laag overbodig wordt. Omdat er nog steeds veel minder leds dan pixels zijn, blijft het kleurenfilter nodig om per pixel de juiste kleuren te creëren. Net zoals bij een huidige miniled-tv worden de leds onderverdeeld in zones om het contrast te verbeteren.

©Sony

Maar deze technologie kan nog een stapje verder gaan. Als de processor detecteert dat er in een bepaalde zone enkel groen licht nodig, dan kan hij de rode en blauwe leds uitschakelen. Dat is alvast veel efficiënter dan het overbodige licht weg te filteren.

Wachten tot 2026 voor nog rijkere, helderdere kleuren

Sony claimt dat dit soort achtergrondverlichting een piekhelderheid van 4.000 nits en kleurbereik van 99 % P3 kan bereiken en 90% Rec.2020. Dat is een flinke upgrade ten opzichte van de beste tv’s die momenteel wel 4000 nits halen, maar eerder 95% P3 en 75% Rec.2020 leveren. Concreet kan een rgb-miniled veel helderdere kleuren tonen, die toch erg intens zijn.

©Sony

Daarnaast zijn ook meer nauwkeurige kleurgradaties mogelijk, en dat zowel in heel donkere als heel heldere tinten. Een aangezien meer en meer filmmakers vaak erg donkere scènes gebruiken, zou dat een welkome verbetering zijn. De technologie heeft nog twee extra voordelen. Ze is schaalbaar naar grote tv-maten. En een rgb-miniled tv zou ook een betere kijkhoek hebben, al liet Sony niet weten hoe dat gerealiseerd wordt. Sony zal een eerste model vermoedelijk in 2026 lanceren.

Ook bij audio een beperkt aantal nieuwe modellen

Net als bij de televisies worden ook de audioproducten niet meer elk jaar vernieuwd zo blijkt. Vorig jaar kreeg de top van het aanbod een make-over, dit jaar is de onderste helft aan de beurt. De Bravia Theatre Bar 6 is een 3.1.2 soundbar met subwoofer. De Bravia Theatre System 6 is een 5.1 soundbar met bijgeleverde surroundluidsprekers en subwoofer. Beide ondersteunen Dolby Atmos, DTS:X, Voice Zoom 3. We kregen een korte demo van de vernieuwde Bravia Bar 6, die een duidelijk vollere en stevigere klank produceerde dan de voorganger.

©Eric Beeckmans | ID.nl

Daarnaast zijn er ook twee optionele accessoires. De Bravia Theatre Rear 8 bestaat uit één paar draadloze surroundluidsprekers die je kunt gebruiken om de Bar 6 uit te breiden. De Bravia Theatre Sub 7 is een compacte draadloze subwoofer van 100W.

Bekijk andere Sony-tv's op Kieskeurig.nl: