ID.nl logo
Review Apple MacBook Air M2 (15 inch) - Indrukwekkend dun en licht
Huis

Review Apple MacBook Air M2 (15 inch) - Indrukwekkend dun en licht

Een MacBook Air staat al jarenlang garant voor een lichte 13inch-laptop (al was in het verleden ook een 11 inch-uitvoering te koop). Voor het eerst komt daar verandering in, want de MacBook Air is er nu ook in een 15inch-uitvoering. Een goede toevoeging aan het assortiment? Wij hebben hem voor je getest.

Fantastisch
Conclusie

Met de 15inch-uitvoering van de MacBook Air schiet Apple wederom een schot in de roos. Niet eerder zagen we een laptop met een groot scherm dat zo draagbaar en fijn te gebruiken is als deze MacBook Air. De laptop zijn naam nog steeds eer aan en weeg slechts anderhalve kilo. De behuizing is daarbij nog steeds indrukwekkend dun en stevig gebouwd. Het scherm is uitstekend en de prestaties van de M2-processor blijven indrukwekkend, zeker omdat actieve koeling niet nodig is. Dit is simpelweg één van de fijnste 15inch-laptops die je voor privégebruik kunt kopen, al betaal je wel flink voor die luxe.

Plus- en minpunten
  • Licht en stevig
  • Stille werking
  • Goede prestaties
  • Goede accuduur
  • Uitstekend scherm
  • Hoge prijs (upgrades)
  • Weinig aansluitingen

In 2020 introduceerde Apple de eigen M1-processor en begon de overstap van Intel-processors naar de eigen chips. En nu twee jaar later is de transitie voltooid: Apple verkoopt alleen nog maar Macs voorzien van een eigen chip. Met die overstap naar eigen processors lijkt Apple ook weer wat meer liefde aan de Mac te geven, want het assortiment is wat ons betreft sterker dan het in jaren geweest is. Zeker nu de MacBook Air ook in een 15 inch-uitvoering te koop is.

De MacBook Air M2 15 inch combineert een groot scherm met een dunne behuizing.

Indrukwekkend ontwerp

Het ontwerp van de MacBook Air M2 15 inch lijkt veel op dat van de vorig jaar geïntroduceerde 13inch-uitvoering. De behuizing wederom gemaakt van aluminium in vier tinten verkrijgbaar is: zilver, champagne, grijs en heel donkerblauw. Ons reviewmodel is uitgevoerd in de champagnekleur die Apple sterrenlicht noemt. De subtiele kleur die dicht tegen normaal zilver aanligt is niet gevoelig voor vingerafdrukken. In tegenstelling tot oudere MacBook Air-modellen loopt de behuizing niet meer naar één kan toe taps af en is overal even dik. Of beter gezegd: even dun, want deze 15inch-uitvoering is op een haar na net zo dun als de 13inch-variant. Ook het gewicht van de volgens Apple dunste 15inch-laptop ter wereld is met 1,51 kilogram bescheiden. Zolang de laptop fysiek in je tas past, merk je eigenlijk geen verschil met de 13inch-uitvoering en dat is echt indrukwekkend.

Op het deksel is een glanzend Apple-logo aangebracht.

Het enige minder geslaagde designelement zijn de wel heel brede randen aan weerszijden van het toetsenbord. Daar had wat ons betreft visueel wel ruimte geweest voor een speakergril, iets dat de MacBook Pro wel heeft. Vermoedelijk wil Apple toch iets van een ontwerpverschil tussen beide laptopreeksen laten bestaan.

Aan weerszijden van het toetsenbord vind je brede randen.

Ook wie veel aansluitingen nodig heeft, moet bij de Pro zijn, want qua aansluitingen houdt Apple het wederom bescheiden met tweemaal Thunderbolt, een MagSafe-laadaansluiting en een 3,5mm-hoofdtelefoonaansluiting. Opladen kan via usb-c, maar doe je normaal gesproken via de magnetische MagSafe-aansluiting. Er wordt standaard een wat langzame 35watt-lader meegeleverd, je kunt bij de configuratie ook gratis kiezen voor een snellere 70watt-lader. Het voordeel van de 35watt-lader is het fysiek kleine ontwerp en twee usb-c-poorten waardoor je tegelijkertijd bijvoorbeeld ook je telefoon kunt opladen.

De MacBook Air M2 biedt twee Thudnerbolt-aansluitingen.

Prijzige upgrades

Met een startprijs van 1599 euro is de MacBook Air M2 15 inch geen goedkope laptop. Wel is de prijs minder extreem dan had gekund, want ten opzichte van een jaar geleden is de 13inch-uitvoering 220 euro goedkoper geworden en verkrijgbaar vanaf 1299 euro in plaats van 1519 euro. Wel blijft 1599 een hoop geld, zeker omdat je slechts 8 GB RAM en 256 GB opslag krijgt. Een uitvoering met een wat toekomstbestendigere ssd van 512 GB kost 1829 euro terwijl je voor 16 GB nog eens 230 euro extra betaalt. Afhankelijk van je eisen wordt dit ondanks de prijsverlaging ten opzichte van vorig jaar dus al snel een heel dure laptop.

Uitstekend scherm

Zoals iedere moderne MacBook heeft ook deze laptop een scherm voorzien van een uitsparing. Het 15,3inch-scherm heeft een hoge resolutie van 2880 x 1864 pixels waarmee de scherpte hetzelfde met 224 pixels per inch hetzelfde is als het scherm op de 13inch-uitvoering. De beeldkwaliteit is uitstekend en de helderheid is met 500 nits prettig hoog. Het scherm ondersteunt een brede kleurweergave (P3) en past dankzij True Tone behalve de helderheid ook automatisch de kleurtemperatuur aan op basis van de omgeving. Dat oogt doorgaans prettig, maar is voor kleur kritisch werk wellicht niet zo’n goed idee. Gelukkig kun je de functionaliteit uitschakelen. De beeldverhouding is net wat hoger dan 16:10 en daardoor mis je geen beeld ten opzichte van schermen zonder inkeping. In deze extra strook is behalve de inkeping ook de menubalk van MacOS verwerkt. De inkeping valt even op als de laptop nieuw is, maar in de praktijk heb je er weinig last van en zal de notch je als snel niet meer opvallen.

De notch is een compromis voor de camera en dat pakt gelukkig goed uit. De Full HD-camera levert een uitstekend beeld op dat door weinig andere laptops benaderd wordt. De camera gaat ook om met lastigere lichtomstandigheden  waardoor je altijd goed in beeld bent.

Lekker tikken

Net als op zijn kleine broer is het prettig werken op deze MacBook Pro. Het Magic Keyboard tikt lekker en biedt een duidelijke klik die niet te zwaar is. De toetsen zijn voorzien van verlichting die je traploos kunt regelen via het menu in MacOS. Hardwaretoetsen om de verlichting handmatig aan te passen ontbreken helaas. De opvallend ruime Force Touch-touchpad werkt uitstekend, ook als je gebaren maakt. De sterkte van de klik is aanpasbaar en je kunt overal op het oppervlak klikken.

De in het scharnier verstopte luidsprekers klinken goed en zelfs wat beter dan op het 13inch-model.

In de aan-uit-schakelaar is een vingerafdrukscanner verwerkt.

Goede prestaties

Op het gebied van prestaties verrast deze MacBook Air niet, de 15inch-variant is grofweg net zo snel als zijn 13inch-broer die een jaar geleden op de markt kwam. Dat is logisch omdat het om dezelfde M2-processor gaat in combinatie met passieve koeling.

In Geekbench 5 scoort de 15inch-uitvoering een single-core-score van 1906 punten waar de 13inch-uitvoering op 1932 punten kwam. Ook de multi-core-score van 9009 punten is vrijwel gelijk aan de 8935 punten van zijn kleine broer.

In Cinebench R23 zien we hetzelfde beeld met een single-core-score van 1593 ten opzichte van 1582 punten. En de ook de multi-core-score van 8655 is vrijwel gelijk aan de 8625 punten die de 13inch-uitvoering scoort. Net als zijn kleine broer zorgt het gebrek aan actieve koeling voor wat verval als je de processor langere tijd aan het werkt zet, de multi-score-score in Cinebench R23 zakt dan naar 8091 punten, dat is wel een stuk sneller dan de 7964 punten op de 13inch-uitvoering. De onderkant wordt als je de laptop langere tijd aan het werk zet voelbaar warm.  Zwaardere taken als het langdurig exporteren van foto’s kun je daarom beter niet op schoot uitvoeren. Tijdens normaal alledaags gebruik voelt de laptop echter wel altijd koel aan.

Dat deze 15inch-uitvoering identiek scoort aan zijn kleinere broer is ook een jaar later wat ons betreft geen probleem. Ondanks dat er inmiddels snellere chips zijn, blijft de M2-processor bijzonder rap. Zolang je geen professionele foto- of videobewerker bent, zul je op deze laptop niks missen. En doordat de MacBook Air geen ventilator heeft, is hij altijd heerlijk stil.

De ssd in het reviewmodel heeft een capaciteit van 1 TB en haalt een lees- en schrijfsnelheid van 2853,6 en 2990,9 MB/s. Een prima score, al zijn de MacBook Pro’s van ssd’s voorzien die grofweg twee keer zo snel zijn. Wel schijnt het zo te zijn dat uitvoeringen voorzien van een ssd met een capaciteit van 256 GB een flink langzamere ssd hebben. Nu maakt dat vooral uit bij foto- en videobewerking in combinatie met grote bestanden en daar is een ssd met een capaciteit van slechts 256 GB sowieso niet zo geschikt voor.

Om de accuduur te meten hebben we een script gebruikt dat geautomatiseerd websites bezoekt. De accuduur in onze browsetest bedraagt 14 uur en 54 minuten, ruimt twee uur meer dan de 13inch-uitvoering

Conclusie

Met de 15inch-uitvoering van de MacBook Air schiet Apple wederom en schot in de roos. Niet eerder zagen we een laptop met een groot scherm dat zo draagbaar en fijn te gebruiken is als deze MacBook Air. De laptop zijn naam nog steeds eer aan en weeg slechts anderhalve kilo. De behuizing is daarbij nog steeds indrukwekkend dun en stevig gebouwd. Het scherm is uitstekend en de prestaties van de M2-processor blijven indrukwekkend, zeker omdat actieve koeling niet nodig is. Dit is simpelweg één van de fijnste laptops die je voor privégebruik kunt kopen, al betaal je wel flink voor die luxe.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.