ID.nl logo
Zo kies je de beste gamemonitor
© Reshift Digital
Huis

Zo kies je de beste gamemonitor

Of je nu de nieuwste en snelste videokaart hebt of juist op een wat oudere pc speelt, je monitor bepaalt uiteindelijk in grote mate hoe indrukwekkend je game-ervaring is. Een goede gamemonitor kan je een competitief voordeel geven door bijvoorbeeld extra snel te zijn. Of hij biedt juist een veel aantrekkelijkere kijkervaring dankzij spetterende kleuren en een hoog contrast. In dit artikel bekijken we de belangrijkste zaken waar je op moet letten als je een nieuwe monitor wilt kopen en bespreken we de beste gamemonitors van dit moment.

Hoewel we ons in dit artikel primair richten op gameliefhebbers, verliezen we ander gebruik uiteraard niet uit het oog. Zeker nu thuiswerken nog altijd aan de orde van de dag is. Maar wat maakt nu een ideale gamemonitor? Hiervoor dien je eerst te bepalen wat voor gamer je bent.

In grote lijnen kunnen we gamers opsplitsen in twee groepen: zij die vooral geven om snelheid en zij die meer waarde hechten aan een visueel indrukwekkende ervaring. Snelle games zijn bijvoorbeeld first-person shooters of andere e-sports-titels waarbij je het tegen anderen opneemt en elke milliseconde het verschil kan maken tussen winnen en verliezen. De andere groep gamers speelt vooral spellen waarbij het verhaal en een intense grafische ervaring belangrijk zijn. Speel je een beetje van alles, dan hoef je je geen zorgen te maken. De meeste goede monitors kunnen beide kampen prima bekoren.

We geven je tips over waar je op moet letten bij het kiezen van een nieuwe monitor en laten je enkele van de aantrekkelijkste computerschermen zien die de huidige markt te bieden heeft. Daarbij zochten we bewust naar onder andere de meest indrukwekkende en snelste monitor, maar ook naar modellen die opvallen door hun prijs-kwaliteitverhouding.

Paneeltype

Een van de belangrijkste specificaties van een monitor is het type paneel dat wordt gebruikt. Er zijn verschillende paneeltypen en elk van deze technieken heeft zijn voor- en nadelen. Het type paneel bepaalt in de grootste mate hoe jouw subjectieve ervaring met het scherm zal zijn.

Tn

Tn is eigenlijk de meest ouderwetse van de drie gangbare technieken. Vergeleken met ips- en va-panelen biedt tn de minst brede kijkhoeken met zichtbare kleurverschuivingen en afnemende helderheid. En meestal is het kleurbereik matig: dat is zowel voor algemeen gebruik als voor grafisch indrukwekkende games een groot nadeel. Tn-panelen waren in de regel wel sneller en vooral goedkoper dan de alternatieven. In de laatste paar jaar hebben ips- en va-panelen zowel op prijs als qua snelheid een flinke inhaalslag gemaakt.

Ips

Goede ips-panelen bieden het volledige kleurenspectrum waar games gebruik van maken, met als bijkomend voordeel dat ze daardoor ook geschikt zijn voor taken als video- en fotobewerking. Voor gamen en algemeen gebruik is een ips-paneel een goede investering: je krijgt een beter contrast, betere kijkhoeken en het beeld wordt vaak als rustiger ervaren.

Eerdere generaties ips-panelen stonden weliswaar bekend als traag, maar het gros van de snelste monitors van vandaag maakt juist gebruik van ips-technologie. Daarmee is ips uitgegroeid tot de interessantste techniek, met als voornaamste nadeel dat de beste ips-schermen zeker niet goedkoop zijn. Sommige paneelfabrikanten noemen hun met ips vergelijkbare technologie overigens anders: zo maakt Samsung gebruik van pls, terwijl AU Optronics ahva gebruikt.

Va

Va-panelen vallen een beetje tussen tn en ips in. Ze hebben vaak een goede kleurweergave en de kijkhoeken zijn niet zo matig als bij tn, maar ook niet zo uitzonderlijk goed als bij ips. Ze zijn vaak wat lager geprijsd dan de ips-alternatieven.

Wat snelheid betreft is het verhaal wat complexer. In de regel zijn de meeste (zeker betaalbare) va-panelen simpelweg wat trager. Gamers die gevoelig zijn voor ghosting blijven in de regel dan ook bij va-panelen uit de buurt. Maar va-schermen hebben ook een uniek inherent voordeel: ze bieden een beter contrast en zwartwaarde dan ips en tn. Speel je vooral games in een donkere kamer, dan zijn va-monitors een aantrekkelijk en betaalbaar alternatief voor ips.

Oled

De laatste paar jaar zijn oled-tv’s populair geworden en voor een goede reden. Op een oled-scherm is iedere pixel zijn eigen lichtbron. Het grootste voordeel is dat je daardoor een eindeloos groot contrast hebt: als het scherm zwart weergeeft, staan de pixels uit, met diep zwarte delen als gevolg. Daarbij zijn de kleuren en kijkhoeken zeer goed, wat simpelweg een superieure beeldervaring geeft.

Er is slechts een handjevol oled-monitors op de markt. Het gros zijn kleinere televisies die ook als monitor dienst kunnen doen. Ze zijn veelal ook nog prijzig en nog niet zo snel als de techniek mogelijk zou moeten maken. Oled-tv’s behoren weliswaar tot de snelste tv’s op de markt, maar de totale latency (inputlag en pixelrespons) loopt voorlopig nog iets achter op echte monitors. Het grootste nadeel blijft de kans op inbranden, wat bij pc-gebruik een groter risico is dan bij televisiegebruik.

Resolutie

Een hogere resolutie levert meer scherpte en werkruimte, en is daarom bijna altijd een voordeel. Maar het weergeven van die extra pixels vereist ook meer van je grafische kaart. Een videokaart van vijf jaar oud komt nog goed uit de voeten op een 1080p-monitor, maar voor een echte 4K-ervaring zul je een recente high-endvideokaart willen hebben.

Vooral liefhebbers van snelle games willen niet per se een hogere resolutie, want zij zullen beter presteren met een 1080p-monitor die games op 240 of misschien wel 360 beelden per seconde weergeeft. Zoek je het beste van beide werelden, dan zien wij 1440p als de gulden middenweg: wel extra pixels voor meer beeldscherpte, maar nog altijd goed aan te sturen met een recente mid-rangevideokaart.

Consolegamers opgelet!

Spelcomputers zijn in de regel iets minder flexibel met de resolutie van je monitor dan computers. Consoles gaan tenslotte uit van een tv en die zijn er in Full HD of 4K. De nieuwe Xbox Series S/X is wat flexibeler, maar de Playstation 5 kan bijvoorbeeld geen native 1440p aansturen. Je krijgt dan een 1080p-beeld op een 1440k-monitor gepresenteerd. Dat is niet direct een drama, maar ook niet ideaal. Koop je vooral een gamemonitor voor de laatste generatie consoles (PS5 / Xbox Series X), dan ligt een 4K-monitor voor de hand. Niet dat een recente console krachtiger is dan een game-pc, maar ze weten de weergave wel goed aan te passen aan 4K-monitors.

Formaat

Het ideale formaat van je nieuwe scherm is grotendeels subjectief en deels gebonden aan de resolutie die je kiest. Full HD oftewel 1080p oogt op een doorsnee 24inch-scherm scherp, maar ziet er op een 43inch-scherm onscherp uit. Andersom neemt de meerwaarde van 4K af naarmate het scherm kleiner wordt.

Tot enkele jaren terug was 24 inch de standaard, vandaag de dag is dat 27 inch geworden. Ervaring leert dat mensen snel aan dit formaat wennen en het is ook weer niet té groot. Uiteraard kun je daar prima van afwijken, afhankelijk van je eigen voorkeuren, opstelling en dergelijke. Zeker als je vooral games speelt, kan een maatje groter wenselijk zijn. Dat is tenslotte bevorderlijk voor de immersie. Geef je puur om je onlineprestaties, dan is kleiner veelal wenselijk. Dan heb je meer overzicht, waardoor je sneller kunt reageren.

Verversingssnelheid

Fervente gamers hoeven vandaag de dag niet langer genoegen te nemen met de gebruikelijke 60Hz-monitors. Als je eenmaal aan een wat sneller scherm gewend bent, wil je echt nooit meer terug. Vooral de stap van 60 naar 144-165 Hz levert een duidelijk merkbaar verschil op en is daarmee een aanrader voor fanatieke én casual gamers. Je kunt dit bovendien combineren met hogere resoluties. Ook hoeven dergelijke snelle schermen niet extreem veel meer te kosten. Een 1440p-monitor van 27 inch met een verversingssnelheid van 144-165 Hz wordt dan een mooi uitgangspunt voor de meeste gamers.

De stap naar ultrasnelle schermen – denk aan 240 of zelfs 360 Hz – is interessant voor liefhebbers die het kunnen betalen, maar wel minder groot dan die getallen doen vermoeden. Op een 60Hz-scherm ververst het scherm elke 16,6 milliseconde. Met 144 Hz kom je al op 6,9 ms. Met 240 Hz kom je op 4,2 ms en dat is natuurlijk een veel kleiner verschil, net als dat de 2,8 ms van 360 Hz weer een kleinere stap is. De meerwaarde van extra snel is dus is eigenlijk alleen voor écht fanatieke e-sporters interessant.

©PXimport

Refreshrate is slechts het halve verhaal

De refreshrate zegt lang niet alles, want die geeft simpelweg aan hoe snel het scherm begint met het weergeven van het volgende beeld. Even belangrijk, of wellicht nog belangrijker, zijn de pixelresponstijd en de inputlag van de monitor. Als een monitor er 10 ms over doet om een pixel daadwerkelijk van kleur te veranderen, geeft dat een mindere ervaring dan een monitor die dat in 2 of 3 ms doet. Menig fabrikant claimt overigens responstijden van 1 ms te bieden, maar in de praktijk is dat zelden het geval of biedt de 1ms-modus nare bijeffecten. Helaas kun je op dit vlak nooit op de specificaties van een fabrikant vertrouwen en zul je echt reviews moeten lezen of kijken om te achterhalen of een scherm ook echt snel is. De opgegeven refreshrate is een prima uitgangspunt, maar ook hier telt: staar je er niet blind op.

Variable refresh rate

Traditioneel ververst een scherm op vaste intervallen en doet dit van boven naar beneden. Zo kan het gebeuren dat de bovenkant van het scherm het ene frame laat zien, terwijl de onderkant al één frame verder is. Dit effect heet tearing en is zeker op een langzamer scherm goed te zien. Met variable refresh rate (VRR) geeft je monitor het beeld weer zodra de videokaart er klaar voor is, met een soepele kijkervaring als gevolg, vrij van haperingen en tearing.

Een paar jaar geleden moest je goed opletten of een scherm überhaupt VRR ondersteunde en zo ja, voor welk merk videokaart (AMD of Nvidia). Tegenwoordig zijn de meeste gamemonitors uitgerust met de techniek en ondersteunen ze beide kaartmerken. Een gegeven is dit overigens niet. Dus als je twijfelt, zoek naar een vermelding van G-Sync (voor Nvidia-kaarten) of FreeSync (AMD). Helaas zijn deze specificaties vaak wel incompleet en werkt een monitor met ondersteuning voor FreeSync dikwijls toch in combinatie met Nvidia-kaarten.

©PXimport

Andere eigenschappen

We hebben hierboven de belangrijkste aandachtspunten behandeld bij het kiezen van een nieuwe gamemonitor. Afhankelijk van jouw voorkeuren word je zo richting een bepaald soort scherm gestuurd. Daarna dien je nog wel goed na te denken over andere eigenschappen van het scherm zoals ergonomie, aansluitingen en gamemogelijkheden.

Onder die laatste noemer scharen we RGB-verlichting, maar ook zaken als on-screen crosshairs of contrastverhogers die het makkelijker maken om je tegenstanders te spotten. Ook ondersteuning voor HDR kan interessant zijn, al bieden de meeste gamemonitors nog geen ultieme HDR-ervaring. Geef je om HDR, zoek dan bij voorkeur een monitor met een DisplayHDR 600-label of hoger, want HDR400 stelt niets voor.

©PXimport

Goedkoop, maar ook rap

Iiyama G-Master GB2470HSU-B1

Als je een scherpe prijs belangrijk vindt en toch een paneel van degelijke kwaliteit wilt, dan heeft Iiyama vaak aantrekkelijke opties. De G-Master GB2470HSU-B1, die voor circa 189 euro over de toonbank gaat, is er zo een. Voor minder dan 200 euro krijg je een vrij rap (165 Hz) en aangenaam ips-paneel met nog aardige kleurprestaties, een goede maximale helderheid en een ergonomische voet.

Je kunt overigens ook een paar euro besparen door te kiezen voor een vaste voet (G2470HSU, zonder B dus), maar wij zouden dat afraden. Een in hoogte verstelbaar scherm is wel zo prettig als je er uren achter moet zitten.

Uiteraard krijg je voor dit bedrag geen ultieme ervaring. Zo moet je het doen met een beetje ouderwetse 1080p-resolutie en kunnen de kleurprestaties niet op tegen de betere alternatieven in deze lijst. Bovendien is de 24inch-schermdiagonaal niet bijster indrukwekkend. Maar als je een bescheiden budget hebt, kun je het eigenlijk niet beter treffen dan met deze GB2470HSU-B1.

©PXimport

Iiyama G-Master GB2470HSU-B1

Prijs
€ 199,-
Websitewww.iiyama.com
7Score70

  • Pluspunten

  • Uitstekende beeldkwaliteit

  • Goede featureset

  • 1440p-resolutie

  • Usb-c

  • Minpunten

  • HDR-ervaring kan beter

Premium allrounder

Gigabyte Aorus FI27Q-X

De wereld van de gamemonitors heeft sinds 2019 uiteraard niet stilgestaan. Waar een 240Hz-verversingssnelheid voorheen betekende dat je vastzat aan de lagere 1080p-resolutie, is dat sinds 2021 niet langer het geval. De eerste generatie ips-monitors met een verversingssnelheid van 240 Hz en een 1440p-resolutie verscheen eerder dit jaar, met modellen van onder andere ASUS, Alienware (Dell) en Gigabyte.

Die schermen gebruiken veelal exact dezelfde panelen. Deze nieuwe generatie panelen met een hoge resolutie zijn razendsnel en bieden een uitstekende kleurweergave, maar zoals vaker met innovaties hangt daar wel een stevig prijskaartje aan. Bij de lancering van deze schermen was je 800 tot 900 euro kwijt, een forse meerprijs ten opzichte van de eerder besproken Gigabyte FI27Q bijvoorbeeld.

De prijzen begonnen al vlot na lancering te dalen, onder meer omdat de meeste fabrikanten productinhoudelijk erg aan elkaar gewaagd zijn. Ook de ASUS ROG Swift PG279QM en Alienware AW2721D maakten kans op de titel ‘premium allrounder’, ware het niet dat Gigabytes monitor op het moment van schrijven net wat agressiever geprijsd is. 699 euro voor een nextgen-gamemonitor is echt niet verkeerd. Houd de prijzen van de Alienware en de ASUS wel in de gaten, want dit trio is bijzonder aan elkaar gewaagd.

©PXimport

Gigabyte Aorus FI27Q-X

Prijs
€ 699,-
Websitewww.gigabyte.com9Score90

  • Pluspunten

  • Uitstekende beeldkwaliteit

  • Goede featureset

  • 1440p + 240 Hz

  • Minpunten

  • Forse meerprijs voor 240 Hz

  • HDR kan beter

  Giga groots gamen 

LG oled-tv C1 (OLED48C16LA)

Eigenlijk is de LG C1 een televisie, maar met zijn 48inch-beelddiagonaal, 4K-resolutie en 120Hz-verversingsssnelheid blijkt hij ook een van de meest indrukwekkende grote gameschermen die je je kunt wensen. De kleuren spatten eraf, het contrast is dankzij de oled-techniek oneindig groot en het is een scherm waarop HDR-games echt tot hun recht komen.

Bovendien is HDMI 2.1, dat vereist is om ook met consoles op hogere resolutie voorbij 60 Hz te komen, extreem zeldzaam op gamemonitors. Deze televisie heeft maar liefst vier van die aansluitingen. Dat maakt het een ideaal scherm voor consolegamers, al moet je dan wel een prijskaartje van 1199 euro voor lief nemen. Bijkomend voordeel omdat het een tv is: ook het geluid is prima.

Toch valt aan dit scherm nog wel wat te verbeteren voor gamers. Zo blijft de totale latency nog iets achter bij de betere gamemonitors. Tel daar het extra grote formaat bij op en je zult snappen dat dit niet het ideale scherm is voor onlineshooters. Ook bestaat bij oled nog altijd het risico op inbranden. LG geeft aan dat dit nauwelijks nog een probleem is, maar voor iedereen die vele uren naar dezelfde elementen kijkt (lees: desktopgebruik), blijft dit toch echt iets om rekening mee te houden.

©PXimport

LG oled-tv C1 (OLED48C16LA)

Prijs
€ 1199,-
Websitewww.lg.com10Score100

  • Pluspunten

  • 4K en 120 Hz, ideaal voor consoles

  • Fantastische kleuren en contrast

  • Groot formaat

  • Minpunten

  • Te groot voor algemeen gebruik

  • Risico op inbranden

Snelste gamemonitor

ASUS ROG Swift PG259QN

Fabrikant ASUS laat de prijs-prestatiekroon liggen en kiest bewust voor absolute topprestaties. Met een prijskaartje van 699 euro is de ROG Swift PG259QN verre van goedkoop, zeker voor een Full-HD-scherm, maar dan krijg je wel de snelste monitor van dit moment. Met zijn 25inch-diagonaal en 360Hz-verversingssnelheid is hij meetbaar en zichtbaar een stap voorbij 240Hz-monitors, terwijl hij dankzij zijn ips-paneel alsnog een goede kleurweergave weet te bieden. Hij wordt ook goed aangekleed met gamemogelijkheden en een goede ergonomische standaard.

Concessies zijn er ook: we noemden al de bescheiden 1080p-resolutie. Dat maakt hem in tegenstelling tot 1440p-alternatieven minder fijn voor games die niet louter op snelheid leunen en ook voor algemeen gebruik. Deze monitor moet je dan ook meer zien als een stuk professioneel gereedschap voor serieuze e-sporters. Telt elke milliseconde, dan wordt dit scherm interessant.

Vermogende liefhebbers kunnen ook de R-variant overwegen (PG259QNR). Dat model, dat 150 euro meer kost, heeft als extra een ingebouwde latency-analyzer om je pc en instellingen te optimaliseren voor nog betere prestaties. Spreekt het concept je aan, maar vind je 700 euro te gortig? Kijk dan naar de ASUS VG279QM. Deze 280Hz-versie van vorig jaar is slechts iets trager, maar bijna de helft goedkoper.

©PXimport

ASUS ROG Swift PG259QN

Prijs
€ 699,-
Websitewww.asus.com9Score90

  • Pluspunten

  • Ultieme snelheid

  • Goede kleuren en contrast

  • Goede gamemogelijkheden

  • Minpunten

  • Forse meerprijs voor 360 Hz

  • Slechts 1080p

Ultieme gamemonitor

ASUS ROG Swift PG32UQX

Mocht je oog al over de prijs van dit scherm zijn gegleden: nee, het is geen tikfout, de ASUS ROG Swift PG32UQX kost echt 3499 euro. Daarmee wordt direct duidelijk dat dit voor de meeste gamers niet dé gamemonitor zal zijn. Voor iets meer dan een tiende haal je immers al een echt uitstekende ervaring in huis.

Deze ASUS moet je dan ook meer zien als een ultiem voorproefje van wat de mainstream gamemonitors over een paar jaar zullen bieden. Denk daarbij aan een indrukwekkende combinatie van een fors 32inch-scherm met 4K-resolutie en een 144Hz-verversingssnelheid, prachtige kleurprestaties plus een extreem goed contrast dankzij een mini-led-backlight.

Doorgaans heeft de backlight van een monitor over het hele scherm een vaste helderheid, maar bij schermen zoals de PG32UQX kan de backlight zich in vele zones aanpassen aan wat er op het scherm wordt weergegeven. Zo krijgt dit ips-paneel een veel beter contrast dan va-panelen, terwijl verder wel alle voordelen van ips behouden blijven.

De contrastwaarden komen aardig in de buurt van oled-panelen, maar deze ASUS kan wel veel meer helderheid leveren. Het resultaat is de overtreffende trap in HDR-games (en andere content). Tenminste, als je een pc-gamer bent: zonder HDMI 2.1 blijf je met een PlayStation 5 toch echt op 60 Hz hangen. Voor spelcomputers ligt de LG C1 dan ook meer voor de hand.

ASUS maakt het geheel af met een stevige constructie en een zee aan mogelijkheden, al verandert dat niets aan het feit dat dit scherm enkel voor de zeer vermogende early adopters is. Een ultieme ervaring om naar te kijken als je hem ergens tegenkomt, maar het lijkt vooral wachten op een scherm dat deze techniek weet te combineren met een schappelijke prijs.

©PXimport

ASUS ROG Swift PG32UQX

Prijs
€ 3499,-
Websitewww.asus.com10Score100

  • Pluspunten

  • Ultiem voor pc-gaming

  • Top HDR-ervaring

  • Goede snelheid

  • Minpunten

  • Niet ultiem voor consolegamers

  • Prijs

©PXimport

▼ Volgende artikel
3 Windows-instellingen die je direct moet aanpassen voor een snellere en veiligere pc
© ID.nl
Huis

3 Windows-instellingen die je direct moet aanpassen voor een snellere en veiligere pc

Frustraties over een trage pc of ongewenste advertenties? Grote kans dat de standaard Windows-instellingen de boosdoener zijn. Met drie simpele ingrepen optimaliseer je direct de snelheid, privacy en veiligheid van je systeem. Wij zetten de belangrijkste aanpassingen op een rij, zodat je direct weer vlot en zorgeloos aan de slag kunt!

Of je nu net een gloednieuwe laptop uit de doos haalt of al jaren op dezelfde vertrouwde desktop werkt, de standaardinstellingen van Windows zijn zelden optimaal. Microsoft kiest vaak voor opties die hun eigen diensten promoten in plaats van jouw gebruiksgemak centraal te stellen. Gelukkig kun je met een paar gerichte ingrepen direct winst behalen. Pas deze drie essentiële instellingen aan voor meer privacy, snelheid en overzicht.

Schakel onnodige opstart-apps uit

Niets is zo frustrerend als een computer die er minutenlang over doet om startklaar te zijn. De grootste boosdoener hiervoor is vaak een overdaad aan programma's die automatisch opstarten zodra je de pc aanzet. Veel applicaties, van Spotify tot samenwerkingstools als Microsoft Teams, nestelen zich tijdens de installatie ongevraagd in je opstartproces. Dat vreet direct aan je systeemgeheugen en vertraagt de opstarttijd aanzienlijk.

Je lost dit eenvoudig op door naar de instellingen van Windows te navigeren en te zoeken naar de optie Opstart-apps. Hier zie je een duidelijk overzicht van alle software die met Windows mee start, inclusief de impact die elk programma heeft op de prestaties. Loop kritisch door deze lijst heen. Programma's die je niet dagelijks direct na het inloggen nodig hebt, kun je zonder risico uitschakelen door het schuifje om te zetten. Je verwijdert de software hiermee niet; je voorkomt alleen dat ze op de achtergrond draaien zonder dat je erom gevraagd hebt. Je pc zal hierdoor merkbaar vlotter reageren.

Weg met die advertenties en suggesties!

Windows is in de loop der jaren steeds meer veranderd in een platform waarop Microsoft eigen en gesponsorde diensten probeert te verkopen. Dat uit zich in zogenaamde 'suggesties' in je Startmenu, op je vergrendelingsscherm en zelfs in de Verkenner. Voor de meeste gebruikers voelt dat – terecht – als ongewenste reclame binnen een besturingssysteem waarvoor al betaald is. Het zorgt bovendien voor ruis en leidt af van waar je eigenlijk mee bezig bent.

Om deze stroom aan prikkels te stoppen, duik je in het menu Persoonlijke instellingen. Bij de instellingen voor het Startmenu en het Vergrendelingsscherm vind je opties die verwijzen naar het tonen van suggesties, tips of leuke weetjes. Vink deze opties uit om een schonere, rustigere interface te krijgen. Vergeet ook niet bij de privacy-instellingen de optie uit te zetten die Windows toestaat om je Instellingen-app te gebruiken voor het tonen van voorgestelde inhoud. Het resultaat is een professionelere werkomgeving die doet wat hij moet doen, zonder je continu te proberen te verleiden tot extra klikken.

Maak bestandsextensies zichtbaar

Een van de meest riskante standaardinstellingen in Windows is het verbergen van bestandsextensies voor bekende bestandstypen. Standaard zie je alleen de naam van een bestand, bijvoorbeeld 'factuur', maar niet of het een .pdf, .docx of een .exe is. Cybercriminelen maken daar dankbaar gebruik van door virussen te vermommen als onschuldige documenten. Een bestand dat 'foto.jpg.exe' heet, wordt door Windows dan getoond als 'foto.jpg', waardoor je denkt een afbeelding te openen terwijl je in werkelijkheid schadelijke software installeert.

Je kunt dit veiligheidsrisico direct verhelpen via de Bestandsverkenner. Zoek in de menubalk naar de optie Weergeven en navigeer vervolgens naar de instellingen voor weergeven. Hier vind je een optie genaamd Extensies voor bestandsnamen. Zorg dat deze optie aangevinkt staat. Hoewel het in het begin even wennen kan zijn om achter elk bestand een punt en drie of vier letters te zien staan, geeft het je volledige controle en inzicht. Je ziet nu in één oogopslag met wat voor type bestand je écht te maken hebt, en dat verkleint de kans op een succesvolle malware-infectie drastisch.

Populaire merken voor Windows-laptops

Wie op zoek is naar hardware die het meeste uit Windows haalt, komt al snel uit bij een aantal gevestigde namen die de markt domineren. Een van de grootste spelers is Lenovo, dat met name met de ThinkPad-serie een ijzersterke reputatie heeft opgebouwd in de zakelijke markt dankzij robuuste bouwkwaliteit en uitstekende toetsenborden. Voor consumenten die design en innovatie zoeken, is HP (Hewlett-Packard) een veelgekozen merk, mede dankzij de Omnibook- en Envy-lijnen die esthetiek combineren met krachtige prestaties. Ook Acer blijft een vaste waarde, waarbij vooral de Aspire-modellen steevast hoge ogen gooien in reviews vanwege hun interessante prijs-kwaliteitverhouding. Tot slot biedt het Taiwanese ASUS vaak veel rekenkracht voor een scherpe prijs en durven zij met hun ZenBook-serie vaak te experimenteren met nieuwe technologieën zoals dubbele schermen.

▼ Volgende artikel
Dekbed in de wasdroger: helpt een tennisbal echt?
© ID.nl
Huis

Dekbed in de wasdroger: helpt een tennisbal echt?

Wanneer je je dekbed gewassen hebt, wil je dat het natuurlijk weer lekker dik en luchtig aanvoelt. Maar wanneer je hem gewoon in de droger gooit, kan de vulling gaan klonteren, zodat er dunne stukken en dikke stukken ontstaan. Dat slaapt niet echt lekker. Om dat te voorkomen, gooien veel mensen er een paar tennisballen bij. Helpt dat echt?

In dit artikel

Je leest wat tennisballen in de droger doen en bij welke dekbedden dat wel of juist minder goed werkt. We leggen uit hoeveel ballen je nodig hebt, waar je op let bij het type tennisbal en waarom voldoende ruimte in de trommel belangrijk is. Ook staan we stil bij alternatieven zoals speciale drogerballen en geven we praktische tips om je dekbed gelijkmatig te laten drogen en mooi in vorm te houden.

Lees ook: 9 veelgemaakte fouten bij het drogen van je was

Wat tennisballen in de droger doen

Tijdens het drogen raken de tennisballen telkens het dekbed. Dat helpt vooral bij dons en veren. Als die nat zijn, blijven ze aan elkaar plakken en zakt de vulling in. Door de constante beweging vallen die samengepakte delen weer uiteen, waardoor de vulling zich opnieuw verspreidt. Zo kan de warme lucht overal beter bij en droogt het dekbed gelijkmatiger. De droogtijd wordt er niet korter van, maar het dekbed komt wel duidelijk voller uit de droger.

Hoe vaak moet je je dekbed eigenlijk wassen?

Een dekbed hoeft niet vaak in de was. Voor de meeste mensen is één tot twee keer per jaar genoeg. Dat komt omdat het meeste vuil (denk bijvoorbeeld aan zweet of huidschilfers) niet in het dekbed zelf terechtkomt, maar in het dekbedovertrek. Dat overtrek was je regelmatig, meestal eens per één à twee weken. Het dekbed blijft daardoor relatief schoon.

Soms is vaker wassen wel logisch. Bijvoorbeeld als je veel zweet in je slaap, last hebt van een huisstofmijtallergie of het overtrek niet zo vaak verschoont. Ook na ziekte of bij zichtbare vlekken is een extra wasbeurt verstandig.

Hoe vaak je kunt wassen, hangt ook af van de vulling. Niet elk dekbed kan namelijk even goed tegen veel wasbeurten. Dons- en verendekbedden kunnen meestal in de wasmachine, mits je het waslabel volgt en ze daarna goed laat drogen. Synthetische dekbedden zijn in dat opzicht wat vergevingsgezinder en kunnen vaak vaker gewassen worden zonder dat de vulling daaronder lijdt.

Twijfel je of wassen echt nodig is? Dan is luchten een goed alternatief. Hang je dekbed regelmatig buiten of bij een open raam. Daarmee kun je een wasbeurt vaak nog maanden uitstellen.

View post on TikTok

Hoeveel tennisballen zijn genoeg?

Met één tennisbal in de wasdroger merk je vaak weinig, zeker bij een groot dekbed. Die verdwijnt al snel in de stof en heeft dan weinig effect. Met twee tot vier ballen werkt het beter, omdat ze het dekbed op meerdere plekken tegelijk in beweging houden. Zolang de ballen vrij kunnen bewegen en niet vast blijven zitten in de vulling, doen ze hun werk.

Kun je elke tennisbal gebruiken bij het drogen van een dekbed in de droger?

iet elke tennisbal is even geschikt. Vooral nieuwe of felgekleurde ballen kunnen bij hogere temperaturen kleur afgeven en kleine pluisjes verliezen van de vilten buitenlaag. Dat komt niet vaak voor, maar het risico is wel aanwezig. Gebruik je oudere tennisballen, dan is de kans hierop kleiner. Wil je dat verder beperken, dan kun je de ballen in een oude witte sok stoppen en die dichtknopen. Het effect blijft grotendeels hetzelfde, al is het iets minder uitgesproken dan met losse ballen.

Speciale drogerballen

Er bestaan ook speciale drogerballen van wol of kunststof. Die zijn bedoeld voor gebruik in de droger en geven geen kleur af. Ze doen hetzelfde als tennisballen: ze zorgen dat het dekbed tijdens het drogen in beweging blijft. Wolballen maken minder lawaai en zijn milder voor stoffen. Stop je je dekbed regelmatig in de droger? Dan kun je beter deze speciale bollen gebruiken in plaats van tennisballen.  

Geef het dekbed genoeg ruimte in de droger

Tennisballen helpen alleen als het dekbed voldoende ruimte heeft om te bewegen. Is de trommel te vol, dan draait alles als één geheel rond en gebeurt er weinig. Wil je grote tweepersoonsdekbedden drogen, dan heb je een droger met een ruime trommel nodig. Heb je die niet zelf? Kijk dan of er een wasserette bij je in de buurt is. Meer ruimte zorgt voor meer beweging en daarmee voor een beter eindresultaat.

Niet elk dekbed kan in de droger

Tennisballen hebben vooral effect bij dons- en verendekbedden. Bij synthetische vulling is dat verschil kleiner en kan de constante beweging van de ballen de vulling na verloop van tijd zelfs vervormen. Wol, zijde en andere natuurlijke materialen mogen meestal helemaal niet in de droger. Check daarom altijd eerst het waslabel voordat je het dekbed in de trommel legt.

Even tussendoor opschudden helpt

Haal het dekbed halverwege het programma even uit de droger en schud het los, alsof je het bed opmaakt. Leg het daarna omgedraaid terug in de trommel. Zo verdeelt de vulling zich opnieuw en kan het dekbed gelijkmatiger drogen.

Wat kun je van het eindresultaat verwachten?

Tennis- of drogerballen zijn vooral een hulpmiddel, geen vervanging voor de juiste drooginstellingen. Droog het dekbed niet te vaak of te heet: kies een lage of middelhoge temperatuur en selecteer een speciaal dons- of beddengoedprogramma als dat op je droger zit. Zorg ook voor voldoende ruimte in de trommel. Als je dan ook nog eens ballen laat meedraaien, heb je er alles aan gedaan om te zorgen dat je dekbed weer lekker vol uit de droger komt!