ID.nl logo
Review Philips 55PUS8808/12 - Voor ieder wat wils
© Lukkien.bv
Huis

Review Philips 55PUS8808/12 - Voor ieder wat wils

Een stijlvolle tv met prima beeld en geluid en gebruiksgemak, voor een aantrekkelijke prijs. Dat is het concept van de Philips 55PUS8808 The One: eenvoudig, maar heel aantrekkelijk. Onder de motorkap vinden we tal van features, maar zijn de prestaties in lijn met de prijs?

Goed
Conclusie

Met een aantal kleine verbeteringen heeft Philips de 55PUS8808/12 een duwtje in de juiste richting gegeven. Het scherm komt het meest tot zijn recht in een matig verlichtte woonkamer; het beperkte contrast is dan geen spelbreker. De tv levert voldoende helderheid, een ruim kleurbereik en prima kalibratie die je verzekert van mooie beelden. Voor HDR is de HDR10+ en Dolby Vision-ondersteuning een mooie meerwaarde. Sportfans en gamers komen aan hun trekken dankzij het 120Hz-scherm. De nieuwe processor levert prima beeldverwerking, al blijven kleurstroken in zachte gradiënten een probleem. Met Google TV, DTS Play-Fi en uiteraard Ambilight heeft de tv heel wat features te bieden. Het is een uitstekende familie-tv maar we stellen ons vragen bij de prijs. Die ligt niet alleen hoger dan vorig jaar, maar zet hem ook in concurrentie met andere fabrikanten die voor deze prijs net wat meer leveren.

Plus- en minpunten
  • Stijlvol design met draaivoet
  • Ruime kijkhoek
  • Prima beeldverwerking en mooie kalibratie
  • Ondersteunt Dolby Vision en HDR10+
  • Kleurbanding blijft zichtbaar ondanks nieuw filter
  • Beperkt contrast
  • Prijzig

Een tv die voor iedereen als goede keuze moet gelden, hoeft geen opvallend of exotisch ontwerp te hebben. Hij moet immers in iedere huiskamer passen. Een beetje stijl is wél een vereiste. Deze Philips heeft een fijne antracietgrijze rand en een centrale voet in dezelfde kleur. Het profiel is niet de slankste die we hebben gezien, maar dat valt nauwelijks op. Alle aansluitingen zijn naar de zijkant en naar onder gericht en het aantal aansluitingen is prima.

PHILIPS 55PUS8808/12

  • Adviesprijs: 1.099 euro
  • Wat: Ultra HD LCD-tv
  • Schermformaat: 55 inch (139 cm)
  • Aansluitingen: 4x HDMI (2x v2.1 48 Gbps, 2x v2.0 18 Gbps, ARC/eARC, ALLM, 4K120 HFR, VRR, AMD Freesync Premium), 2x USB, 1x optisch digitaal uit, 1x hoofdtelefoon, 2x antenne, Bluetooth
  • Extra’s: HDR10, HLG, Dolby Vision, HDR10+, Dolby Atmos, DTS:X, WiFi ingebouwd, Google TV, DTS Play-Fi, USB/DLNA-mediaspeler, DVB-T2/C/S2, CI+-slot, P5 Processor, driezijdige Ambilight
  • Afmetingen: 1.231 x 783 x 259 mm (incl. voet)
  • Gewicht: 18,2 kg (incl. voet)
  • Verbruik: SDR 61 (E) / HDR 128 watt (G)

Er zijn vier HDMI-poorten, waarvan twee HDMI 2.1 met 48Gbps bandbreedte bieden en ondersteuning voor ALLM, 4K120 en VRR (HDMI VRR, AMD FreeSync Premium). Reken op een input lag van 15,4 ms in 4K60 en 7,0 ms in 2K120. Kortom, voor gamers is de tv op dit vlak zeker geschikt. Op een van die twee poorten krijg je eARC/ARC, maar in tegenstelling tot het model vorig jaar kun je nu geen ARC meer gebruiken op alle andere HDMI-poorten.

©Eric Beeckmans

Wie meer dan een 4K120-gamingbron heeft en een soundbar wil aansluiten, heeft dus maar één HDMI 2.1-poort ter beschikking. Daarnaast moet je via de instellingen de HDMI-poort schakelen naar ‘Optimal (Auto Game)’ voor ALLM, HDMI VRR, maar geen HDR10+ of ‘Optimal (Auto Game 120Hz Pro)’ voor ALLM, HDMI VRR, AMD FreeSync en HDR10+. Het Game Dashboard toont frame rate, resolutie en geeft je toegang tot wat gaming-instellingen.

Tal van features

Philips heeft deze tv net als de OLED808 voorzien van een nieuwe chipset, en heeft daarmee ook de stap van Android TV naar Google TV gezet. De tv reageert erg vlot op de afstandsbediening en ook navigeren in menu’s, instellingen aanpassen of apps starten verloopt allemaal erg snel. Google TV blinkt uit in een rijk aanbod toepassingen, zowel internationaal als lokaal, maar vooral met zijn uitgebreide lijst gepersonaliseerde aanbevelingen. Die zijn gerangschikt op zeer specifieke categorieën en bevatten items uit verschillende streamingdiensten. Zo krijg je veel nieuwigheden aangeboden die aansluiten bij jouw smaak.

Er is ondersteuning voor Chromecast, maar helaas geen Apple Airplay. De bijgeleverde afstandsbediening werkt goed, maar modern is ‘ie niet. Het is een klassieke uitvoering met relatief veel toetsen. Die zijn echter goed gescheiden en de lay-out is prima zodat je niet snel verkeerd drukt, iets dat bij de vorige versies wel eens voorkwam.

Ambilight

Exclusief op iedere Philips-tv is natuurlijk Ambilight. De 55PUS8808 kreeg een driezijdige versie; weliswaar niet de nauwkeurigere Next Generation versie, maar de klassieke versie. Dat hoeft niet per se een gemis te betekenen. Ambilight smeert de kleuren van wat je kijkt breed uit over de achterliggende wand, en heeft tal van instellingen om de ambiance aan te passen naar jouw smaak. Ambilight kan zowel reageren op beeld als geluid. Met Ambilight Aurora gebruik je het samen met een mooie screensaver. Dankzij AmbiWakeup en AmbiSleep kan de tv in de slaapkamer zelfs dienen als wekker.

P5-processor voor beeldverwerking

Het nieuwe onderliggende hardwareplatform voor de P5 Perfect Picture Engine maakt twee nieuwe functies beschikbaar. Op de eerste plaats is er een nieuw superresolutie-algoritme dat fijne texturen beter detailleert, en lijnen mooi scherp houdt. Het is een uitstekende aanvulling voor de prima upscaling, maar let op met oude dvd-content: die functie kan juist beeldfouten versterken. De nieuwe processor zou ook in staat moeten zijn om hinderlijke kleurstroken uit zachte gradiënten weg te halen, maar dat onze testen wijzen uit dat dat nauwelijks het geval is. We vonden overigens de ruisonderdrukking in het algemeen iets minder efficiënt.

Wie het contrast licht wil accenturen kan dat met de instelling ‘dynamisch verbeteringsniveau’ onder de hoofdmenu van contrastverbetering. Blijf dan wel in de laagste stand. Het lcd-paneel heeft een degelijke bewegingsscherpte, en de motion interpolation werkt zeer goed. De processor grijpt snel in, ook als de actiebeelden erg snel zijn, en veroorzaakt bijzonder weinig beeldfouten. Sportbeelden worden op de ze manier heel vloeiend weergegeven. Voor filmbeelden kan dat ook, maar of je dat wilt, is een kwestie van smaak. Over het algemeen zijn we tevreden over de beeldverwerking, maar er is duidelijk nog ruimte voor wat verbetering.

Matig contrast maar degelijke kijkhoek

De PUS8808 is uitgerust met een S-IPS-scherm. Die leveren een wat beperkt contrast maar wel een vrij goede kijkhoek. Gezien dat deze Philips The One echt mikt op een rol als familie-tv dan eentje voor de echte filmliefhebber is dat een begrijpelijke keuze. Het scherm bewaart kleur vrij goed, maar heeft vanuit een hoek wel wat last van zogeheten glare, waardoor er een lichte waas over het beeld komt. Met een gemeten ANSI-contrast van ongeveer 1.350:1 scoort hij goed voor dit type paneel. Net als vorig jaar kan de tv het contrast verbeteren met global dimming, maar dat is echt niet te vergelijken met local dimming. Op de ANSI-test heeft dat geen invloed, maar op andere testen klom het resultaat naar ongeveer 3.000:1.

©Will Pakaila

De uniformiteit is goed, met enkele kleine foutjes. Zo was op ons testmodel de linkeronderhoek en rechterbovenhoek wat lichter bij donkere testbeelden. En op heldere testbeelden is wat minimaal ‘dirty screen-effect’ zichtbaar. Dat laatst viel op als de camera bewoog bij heel heldere beelden. De fouten zijn niet zeer groot en dit zal waarschijnlijk ook per toestel verschillen.

Behoorlijke HDR-beelden

In SDR was de Films-beeldmode goed gekalibreerd. Er is voldoende schaduwdetail, al moet je natuurlijk niet op diep contrast rekenen. De kleurweergave is prima, natuurlijk en krachtig en huidskleuren ogen uitstekend. Het enige minpunt is dat je een heel klein beetje witdetail verliest. In HDR mag je naast HDR10 en HLG ook de formaten met dynamische metadata, HDR10+ en Dolby Vision gebruiken. Dolby Vision is een uitstekende troef, daarmee levert de tv zijn beste beelden. Maar ook de HDR10-weergave is goed. De piekhelderheid haalt ongeveer 520 nits, zowel op kleine als grote schermoppervlakken, en het kleurbereik tikt 89% P3 aan.

De tone mapping is goed, en slaagt erin om binnen de beperkingen van het scherm mooie HDR-beelden te tonen. Af en toe verdwijnt er wat witdetail, maar dat is uitzonderlijk. Het beperkte contrast maakt dat beelden soms wat vlakker ogen, maar over het algemeen kun je echt wel het HDR-effect zien. Gamers die HDR-tone mapping willen uitschakelen kunnen dat via het menu, maar doen dat best met de nodige voorzichtigheid en aandacht. In de geteste software (R.001.001.091.215) bleek tone mapping uitschakelen het beeld veel te flets te maken. Die fout hebben we gerapporteerd aan Philips.

Prima audio

Philips heeft The One een audio-upgrade gegeven. Het toestel beschikt nu over viermaal 10W vermogen en dat is een verdubbeling tegenover vorig jaar. Hij ondersteunt nu ook DTS:X naast Dolby Atmos, en de surroundvirtualizer is gebaseerd op 5.1.4-processing. Het resultaat is prima en zeker een duidelijke verbetering. Ruime basprestaties mag je nog steeds niet verwachten en de surroundklank is goed, maar het mist toch dat hoogte-effect. Dankzij DTS Play-Fi kun je draadloos compatibele surroundspeakers aansluiten, en de tv als centerspeaker gebruiken. Een goede soundbar zal het nog steeds een stuk beter doen, maar voor typisch familiegebruik volstaat deze de configuratie prima.

©Will Pakaila

Conclusie

Met een aantal kleine verbeteringen heeft Philips de 55PUS8808/12 een duwtje in de juiste richting gegeven. Het scherm komt het meest tot zijn recht in een matig verlichtte woonkamer; het beperkte contrast is dan geen spelbreker. De tv levert voldoende helderheid, een ruim kleurbereik en prima kalibratie die je verzekert van mooie beelden. Voor HDR is de HDR10+ en Dolby Vision-ondersteuning een mooie meerwaarde. Sportfans en gamers komen aan hun trekken dankzij het 120Hz-scherm. De nieuwe processor levert prima beeldverwerking, al blijven kleurstroken in zachte gradiënten een probleem. Met Google TV, DTS Play-Fi en uiteraard Ambilight heeft de tv heel wat features te bieden. Het is een uitstekende familie-tv maar we stellen ons vragen bij de prijs. Die ligt niet alleen hoger dan vorig jaar, maar zet hem ook in concurrentie met andere fabrikanten die voor deze prijs net wat meer leveren.

▼ Volgende artikel
Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard
Huis

Gerucht: Nexon werkt aan Starcraft-shooter voor Blizzard

Het Zuid-Koreaanse zou een shooter gebaseerd op Starcraft in ontwikkeling hebben voor IP-eigenaar Blizzard.

Dat claimt The Korean Economic Daily. Een team binnen Nexon dat gespecialiseerd is in shooters zou zich op dit moment volledig richten op de nog onaangekondigde game. De ontwikkeling zou nog niet lang geleden zijn gestart, en dus zou de shooter nog lang op zich laten wachten.

Verdere details zijn er nog niet, behalve dat Choi Jun-ho ook bij het project betrokken zou zijn. Hij maakte eerder de populaire Shinppu-mapmod voor Starcraft.

Starcraft

Er gaan al langer geruchten over een shooter gebaseerd op Starcraft. Vorig jaar meldde Bloomberg-journalist Jason Schreier al in zijn boek 'Play Nice: The Rise, Fall and Future of Blizzard Entertainment' dat Blizzard aan een shooter zou werken. Volgens Schreier is de shooter van Nexon echter niet gerelateerd aan de shooter van Blizzard - het zouden om twee afzonderlijke projecten gaan.

De Starcraft-reeks bestaat uit real-time strategygames. De eerste verscheen in 1998, en een vervolg kwam in 2010 uit. Blizzard heeft al vaker geprobeerd shooters gebaseerd op de Starcraft-franchise te maken, maar die werden vooralsnog altijd geannuleerd.

Mogelijke onthulling op Blizzcon

Voor het eerst in enkele jaren organiseert Blizzard op 12 en 13 december de Amerikaanse beurs Blizzcon, waar alles rondom de uitgever wordt gevierd. Het is mogelijk dat één van de hierboven genoemde shooters daar wordt onthuld.

▼ Volgende artikel
Review: Mario Tennis Fever is een leuke set
Huis

Review: Mario Tennis Fever is een leuke set

Je vraagt je bij elke Mario-sportgame toch weer af: bereikt het de highs van die oeroude Game Boy-games van Camelot, zoals Mario Tennis en Mario Golf)? Het antwoord is, wat mij betreft, steevast  ‘nee’. Maar tussen ‘perfect’ en ‘niet perfect’ zit nog altijd een breed spectrum aan kwaliteit. En Fever? Die nestelt zich moeiteloos aan de betere kant van dat spectrum.

De drie toernooien die deze game rijk is, daar ben je een uurtje zoet mee. Waarschijnlijk zonder een set te verliezen. De Adventure Mode? Een paar uurtjes meer dan dat, en hoewel ook die nergens uitdagend wordt vertelt het wel een vermakelijk verhaal over Mario en Luigi die als baby’s hun tennis-skills moeten oppoetsen vanwege… bijzondere redenen.

Er zijn ook drie Challenge Towers met allerlei unieke uitdagingen die eventjes vermaken. In mix-up vinden we tennis, maar dan met regels en omstandigheden die alleen het Mushroom Kingdom kan bieden, en dat was het wel zo’n beetje. Wie Mario Tennis Fever alleen speelt is een weekend zoet en heeft zich prima vermaakt. Maar sportgames zijn er, natuurlijk, om je competitieve aard los te laten op vrienden, familie, kroost of online uitdagers.

Leuk

Daarom wil ik het ook niet al te uitgebreid over die singleplayermodi hebben. Ja, Nintendo heeft z’n best gedaan. Ja, er is weinig aan te merken op de minigames en kleine tussenscènes die de Tennis Academy te bieden heeft en de ontwikkelaars verdienen het dat het hier even aangestipt wordt. Nooit sla je stijl achterover van briljante ideeën of concepten, en er wordt geen druppeltje zweet gemorst van de spanning. Maar ‘leuk’ is eigenlijk een perfect, allesomvattend begrip om deze kant van de game te omschrijven.

De echte graadmeter echter, is de kern van de gameplay. Hoe speelt het? Hoe diep gaat het? Hoeveel personages, gekke rackets en super-power-mega-skillmoves zijn er in dit pakketje gepropt en hoe verhouden die zich tot elkaar? Na mening middag ballen overslaan of in dubbelspel terugslaan met mijn zoontje van 9, zijn we eruit: Mario Tennis Fever heeft ontzettend lekkere gameplay.

Content is king

Content is in de eerste instantie de name of the game. Er zitten bijna veertig personages in de game, meer dan een dozijn verschillende banen en de hoofdattractie is de aanwezigheid van tientallen Fever-rackets, die elk hun eigen unieke skill met zich meebrengen. De bananentros die Donkey Kong een ‘racket’ noemt strooit bananen over de baan, met het vulkaanracket plopt er een (je raadt het nooit) vulkaan op uit de baan en het Thwomb-racket zorgt ervoor dat het iconische stenen blok uit de Mario-serie plots uit de lucht valt – hopelijk op een tegenstander. Een zogeheten Fever-shot is verder ook geen hogere wiskunde. Om de zoveel tijd is je metertje vol en ram je dat ding over de baan heen.

Extra fijn is dat het gros van dit alles vrij te spelen is waar je maar wil. Laat je de singleplayermodi links liggen en speel je gewoon wat potjes tegen elkaar? Geen probleem, om de zoveel potten krijg je een nieuw racket, personage, of kleurtjes voor je favoriete tennissers.  

Watch on YouTube

Plak er een voldoende op

Enfin, tot zover de uitleg en alles wat hier te vinden is. Leuk spelletje, plak er een voldoende op en klaar, toch? Nou nee, want hoewel alles hierboven zijn eigen rol speelt, zijn het de diepere lagen daaronder die Mario Tennis  Fever tot grotere hoogten dan ‘plak er even een voldoende op’ stuwen. Al die personages? Die beschikken over hun eigen stats en eigenaardigheden. Wario laadt z’n powershots razendsnel op, Bowser Jr. legt veel meer precisie in z’n topspincurve dan anderen en Shy Guy slaat zijn topspins zonder gehinderd te worden door zijn positie op de baan.

En die banen? Die hebben elk hun eigen ondergrond, waar ballen anders op stuiteren en doorschieten, terwijl spelers zelf ook sneller of minder snel zijn, gebaseerd op het gras of het hardcourt waar ze op spelen. Die Fever-rackets? Oprecht allemaal een andere smaak. Ook daar merk dat extra stukje diepgang waar een wat luiere Mario-sportgame niet aan zou denken: wanneer je een Fever-shot terugslaat vóórdat op jouw zijde van het net landt, kun je met een stuit op de helft van de tegenstander zomaar eens het bijbehorende effect teruggeven. Prettig vervelend als je denkt die koter een modderplas op zijn helft te bezorgen, om ‘m vervolgens zelf om je oren te krijgen als hij de bal vakkundig over je heen lobt en ‘ie alsnog op jouw achterveld terecht komt. Een (modder)koekje van eigen deeg noemen ze dat geloof ik.

Mario Tennis Fever

Slide
Slide
Slide
Slide

Geen Lego, wel Duplo

Al die extra aandachtspuntjes en omstandigheden zijn ook nog eens gebouwd op een fundering van onkreukbare basisgameplay. Topspins, slices, curveballen, lobs en powershots: alles wat je van een tennisgame mag verwachten zit erin. De grote maar is alleen: het gebeurt allemaal zonder de nuance van een échte topgame. Vergelijk het een beetje met Lego en Duplo. Zelfde principe, zelfde soort blokken, maar iets vets bouwen met Lego hit net even anders dan iets vets bouwen met die grote Duplo-blokken. Zo verhoudt deze game zich ook tot de toppers uit het tennisgenre, zoals Virtua Tennis en Topspin. Is veelgevraagd, ik weet het, maar het is wel het verschil tussen goed of geweldig. En Mario Tennis Fever eindigt in het eerste kamp.

Is mijn zoontje naar school, dan heb ik namelijk geen enkele reden om Mario Tennis Fever verder te spelen. Zoals gezegd is al die singleplayercontent niet meer dan ‘even leuk’. En computergestuurde tegenstanders geven zelfs op het hoogste niveau nooit écht tegengas. Bovendien zijn de personages net te groot voor deze banen om het volgende niveau van verfijning te bereiken. Top, zo’n lob. Maar vanwege de dus relatief kleine banen blijft het geen zekerheidje dat je iemand ermee verschalkt die tegen het net aan staat. Aanzienlijke kans dat ie gewoon op tijd de achterlijn haalt, als ie ook maar een klein beetje inzicht heeft. Het zorgt ervoor dat Mario Tennis Fever een absoluut geslaagde game is, met heerlijke multiplayer. Maar wie de eindeloze diepgang en speeluren van, bijvoorbeeld, een Mario Kart World hier zoekt, staat sneller dan gewenst buitenspel. Oh wacht, verkeerd sport…

Mario Tennis Fever is vanaf 11 februari beschikbaar voor Nintendo Switch 2.

Goed
Conclusie

Mario Tennis Fever barst van de content. De vele personages, banen en rackets geven unieke, diepere lagen aan de gameplay en multiplayerpotjes gaan met grote glimlach en een berg vertier gespeeld worden. Jammer voor de wat volwassenere spelers dat die volgende laag diepgang nét niet geraakt wordt. Daarvoor is het singleplayeraanbod niet genoeg, de tegenstanders niet uitdagend genoeg en ontbreekt er hier en daar net wat finesse. Maar ga zo door, Nintendo. Mario Tennis Fever zit namelijk wél in de richting van die tijdloze Camelot-klassiekers waar we zo naar hunkeren.

Plus- en minpunten
  • Flinke hoeveelheid content en modi
  • Sterke basisgameplay
  • Uiteenlopende Fever-rackets
  • Nog altijd sterke multiplayer
  • Daagt je nooit écht uit
  • Diepgang niet eindeloos