ID.nl logo
Review Samsung Galaxy Watch 6 - Beste allround smartwatch
© ID.nl
Gezond leven

Review Samsung Galaxy Watch 6 - Beste allround smartwatch

De Samsung Galaxy Watch 6 is een smartwatch met Android Wear aan boord. Het 40mm-model kost 319 euro, terwijl je 349 euro betaalt voor de 44mm-variant. Ten opzichte van de voorganger is er niet heel veel veranderd. Maar de veranderingen die er zijn, zijn meer dan welkom.

Fantastisch
Conclusie

Eigenlijk is de Samsung Galaxy Watch 6 één van de beste allround smartwatches van dit moment. De grootste nadelen zijn dat hij vrij prijzig is, je hem niet aan een iPhone kunt koppelen en dat er niet veel verschil is met de voorgaande modellen. Maar als iets al goed is of goed werkt, dan is het ook moeilijk daar nog iets zinnigs aan toe te voegen. Dat betekent dat Watch 5-eigenaars mogelijk nog een jaar of twee kunnen uitzitten. Maar als je geen of een oudere smartwatch hebt en je bent in de markt voor een nieuwe, laat de Samsung Galaxy Watch 6 dan bovenaan je lijstje staan.

Plus- en minpunten
  • Ontzettend helder scherm
  • Fijne bandjes met kliksysteem
  • Groter scherm, zelfde body
  • Nieuwste software
  • Hartslagzones
  • Uitgebreide slaaptracking
  • Weinig echt grote verschillen
  • Aan de prijzige kant
  • Niet voor iPhone

Wanneer je de Samsung Galaxy Watch 6 naast de Galaxy Watch 5 zou leggen, dan zie je geen grote verschillen. Dat betekent echter niet dat ze er niet zijn. De Zuid-Koreaanse fabrikant heeft namelijk heel wat kleine dingen veranderd, zowel aan de buiten- als binnenkant. Wat gelukkig niet veranderd is, is het draagcomfort. Je kunt de Watch 6 een complete dag dragen en geen moment het idee hebben dat je pols beklemd wordt. Dat komt doordat het model vrij licht is en voorzien is van zachte materialen. Het bandje speelt hier tevens een belangrijke rol in.

Het meegeleverde bandje is gemaakt van siliconen en heeft een interessant ontwerp gekregen. Er zit geen extra gesp op die je kunt bewegen, die dus ook niet mettertijd kan gaan irriteren. Wanneer je het zogenaamde sportbandje vastmaakt, dan haal je hem nog één keer door een opening waarna die stevig vastzit. Een ander voordeel van de band is dat je hem gemakkelijk omwisselt. Op het bandje zelf zit een toegankelijk kliksysteem waarmee je hem zo verwijdert. Wil je dus een nieuwe band uitproberen, dan kun je hem binnen no-time omwisselen en vastklikken.

©Wesley Akkerman | ID.nl

©Wesley Akkerman | ID.nl

Design is weinig anders, maar…

Pas wanneer je de Samsung Galaxy Watch 6 aanzet, kun je verschil opmerken met het vorige model. Het scherm is bijvoorbeeld net iets groter dan voorheen: 1,5 inch ten opzichte van 1,4 inch (in het geval van het 44mm-model). De resolutie is gelukkig ook hoger. En dat terwijl het formaat van de smartwatch ongewijzigd is. Dat betekent dat dit nieuwe model kleinere schermranden dan voorheen heeft, wat net even wat mooier oogt. Dat geldt overigens ook gewoon voor het 40mm-model. Wij testen echter de 44mm-variant en zullen ons daar verder in deze review op gaan focussen.

Het iets grotere amoled-scherm laat je niet per se de tekst beter op het display lezen. Daarvoor is het verschil verwaarloosbaar. Een belangrijkere aanpassing is de maximale helderheid. De Samsung Galaxy Watch 6 biedt namelijk maximaal 2000 nits aan. Hoe fel je omgeving ook is; dat hoge aantal betekent dat je altijd moeiteloos kunt zien wat er op het scherm gebeurt. Ter vergelijking: de Apple Watch Ultra 2 biedt eveneens zo’n hoog aantal nits aan, maar daar betaal je meer dan het dubbele voor. Dit is misschien wel één van de belangrijkste aspecten van deze smartwatch.

Andersom is het helaas niet zo dat het schermpje net zo donker ingesteld kan worden als Samsungs Galaxy-smartphones. In de avond of nacht kan het display nog te helder zijn.

De kleinere schermranden zijn niet alleen mooi voor het aanzicht. Ze hebben ook een ander, positief effect. Je bedient de Samsung Galaxy Watch 6 namelijk een stuk makkelijker. Wanneer je met je vinger vanaf de rand een bepaalde handeling verricht (zoals door informatie scrollen), dan worden de bewegingen gevoelsmatig beter geregistreerd. De twee aanwezige knoppen gebruik je om snel terug te keren naar het beginscherm of terug te keren naar een vorig scherm. Hier heeft Samsung verder weinig aan veranderd, maar onderaan de streep zit het dus goed met de bediening.

©Wesley Akkerman | ID.nl

©Wesley Akkerman | ID.nl

Samsung Galaxy Watch 6 presteert beter

Een verbetering onder de motorkap is dat de Samsung Galaxy Watch voor het eerst sinds twee jaar een nieuwe processor heeft. Dit model zorgt ervoor dat apps bijvoorbeeld achttien procent sneller opstarten. De software-omgeving (Wear OS 4.0 met daaroverheen OneUI 5.0) reageert ook ontzettend snel op commando’s en aanrakingen. Al met al zorgt de combinatie hardware en software voor een pijlsnelle ervaring zonder gestotter, en je hebt ook nooit het idee dat de smartwatch achterloopt op je behoeften. Alles werkt zoals dat zou moeten werken en dat is ontzettend fijn.

Een nadeel van Wear OS 4.0 is dat het besturingssysteem voor smartwatches ontzettend veel lijkt op versie 3.0. Google heeft voor wat optimalisaties en een iets groter appaanbod gezorgd, maar los van de fijne, verlengde accuduur zijn er weinig noemenswaardige verschillen. Daarnaast is het zo dat Samsung een aantal nieuwe softwarefuncties ook naar oudere Watches zal brengen, waardoor je dus – in elk geval qua software – niet meteen een goede reden hebt om te upgraden. Gelukkig mag je wel rekenen op vier jaar aan software-updates, waardoor het slimme horloge lang meegaat.

En over lang meegaan gesproken: de interne accu gaat ongeveer dertig tot veertig uur mee. Dat is afhankelijk van een aantal instellingen. Laat je het amoled-scherm altijd aanstaan bijvoorbeeld, dan moet je rekening houden met dertig uur (of iets minder, als je heel actief bent). Doe je dat niet en heb je een rustige dag, dan houdt die het tot veertig uur vol. Dat is een prima score; je zit gedurende de dag nooit zonder. Een half uurtje opladen zorgt overigens voor een halfvolle accu, terwijl negentig minuten laden de batterij volgooit. Hierover hebben we weinig te klagen.

Altijd zoeken naar je smartwatch-oplader?

Dan haal je er toch nog één in huis?

©Wesley Akkerman | ID.nl

©Wesley Akkerman | ID.nl

Gezondheidsfuncties op Galaxy Watch 6

De Samsung Galaxy Watch 6 bouwt verder voort op een krachtig arsenaal aan gezondheidsfuncties. Je houdt je dagelijkse activiteiten bij, kunt een volledige bodyscan laten afnemen (al is alles natuurlijk bij benadering), kunt je hartslag in beeld brengen en je lichaamstemperatuur opnemen. In alle gevallen presenteert Samsung de data netjes en overzichtelijk – zowel op de Watch als in de gezondheidsapp. Echter, in beide gevallen mis je wat context over wat de getallen (kunnen) betekenen. Dit jaar kunnen we gelukkig rekenen op twee nieuwe functies: persoonlijke hartritme zones en slaapcoaching.

Hoewel vooral die laatste optie niet heel veel verschilt van wat we tegenkomen op voorgaande modellen (of bij de concurrentie), is het wel zo dat Samsung de data overzichtelijk in beeld brengt. Bovendien kun je alle mogelijkheden met betrekking tot de slaapfuncties direct vanaf je smartwatch bedienen; daar heb je dus niet meer per se de app voor nodig. En met de andere functionaliteit kun je gemakkelijker volgen in welke hartslagzone het ritme van je hart zich bevindt. Ben je een fanatiek hardloper, dan kun je zodoende mogelijk beter presteren door fijne informatievoorziening.

Als het je lukt om je hartslag in een bepaalde zone te krijgen en te houden, dan kun je mogelijk effectiever sporten of afvallen. Maar ook hier moet je wellicht zelf wat meer info over verzamelen.

©Wesley Akkerman | ID.nl

©Wesley Akkerman | ID.nl

Samsung Galaxy Watch 6 kopen?

Eigenlijk is de Samsung Galaxy Watch 6 één van de beste allround smartwatches van dit moment. De grootste nadelen zijn dat hij vrij prijzig is, je hem niet aan een iPhone kunt koppelen en dat er niet veel verschil is met de voorgaande modellen. Maar als iets al goed is of goed werkt, dan is het ook moeilijk daar nog iets zinnigs aan toe te voegen. Dat betekent dat Watch 5-eigenaars mogelijk nog een jaar of twee kunnen uitzitten. Maar als je geen of een oudere smartwatch hebt en je bent in de markt voor een nieuwe, laat de Samsung Galaxy Watch 6 dan bovenaan je lijstje staan.


▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.