ID.nl logo
Wandelaars opgelet: blaren behandelen en voorkomen doe je met deze tips
© Alexander Raths - stock.adobe.com
Gezond leven

Wandelaars opgelet: blaren behandelen en voorkomen doe je met deze tips

Au, een blaar! Fervente wandelaars die graag lange afstanden afleggen (zei iemand daar Nijmeegse Vierdaagse?) ontkomen er niet aan: blaren. Vervelend, maar met de tips in dit artikel weet je voortaan precies hoe je ze moet behandelen én hoe je ze zo veel mogelijk kunt voorkomen. Even lezen voordat je aan de wandel gaat, dan hoef jij niet langer op de blaren te zitten … uhm lopen!

In dit artikel lees je hoe je blaren kunt behandelen, wat je vooral niet moet doen, waar je als wandelaar de meeste kans op blaren hebt, hoe je blaren voorkomt, hoe je de juiste wandelschoenen en sokken kiest, hoe je wandelschoenen inloopt en welke producten je kunt gebruiken om blaren te behandelen of te voorkomen. Lees ook: Stappenteller: op naar de 10.000 per dag!

Blaren behandelen

Blaren kunnen pijnlijk zijn en je wandelplezier bederven. Maar met de juiste behandeling kun je snel weer op pad. Hier zijn de stappen die je moet volgen:

  1. Reinig de blaar: Was je handen en de blaar met warm water en zeep. Dit helpt infecties te voorkomen.

  2. Prik de blaar door: Gebruik een steriele naald om een klein gaatje aan de rand van de blaar te maken. Druk voorzichtig op de blaar om het vocht eruit te laten lopen.

  3. Verbind de blaar: Na het doorprikken breng je wat antibacteriële zalf aan op de blaar en doe je er een pleister of verband op..

  4. Houd de blaar schoon: Het is belangrijk om de blaar schoon te houden. Verwissel het verband dagelijks en controleer op tekenen van infectie, zoals roodheid, zwelling of pus. 

©VeNN - stock.adobe.com

Wat je níet moet doen:

Onnodig doorprikken. Heb je een klein blaartje? Dan is afplakken vaak al voldoende om gewoon verder te kunnen lopen. Ga je toch prikken, gebruik dan in geen geval een vuile naald of bijvoorbeeld een schaartje waarmee je ook je teennagels knipt. Eerst desinfecteren is echt een must! Ga ook niet pulken aan de losse huid rondom de blaar. Dat vergroot het risico op infectie. 

Herstel na blaarbehandeling

Na de behandeling van een blaar is het belangrijk om je voet rust te geven. Vermijd zoveel mogelijk druk op de blaar door je schoenen en sokken uit te doen wanneer je kunt. Let op: doe dit alleen als je ergens rust. Op blote voeten lopen met een blaar die je net hebt doorgeprikt of verder hebt behandeld is vanuit hygiëne-oogpunt geen goed plan. Wat je ook kunt doen, is je wandelschema aanpassen of eventueel tijdelijk andere schoenen dragen. Als je moet lopen, probeer dan je gewicht wat meer op de andere kant van je voet te laten rusten om de druk op de blaar te verminderen.

Wanneer moet je medische hulp zoeken?

Hoewel je de meeste blaren zelf kunt behandelen, zijn er situaties waarin je medische hulp moet zoeken. Als de blaar geïnfecteerd raakt, als er meerdere blaren zijn of als de blaren terugkomen, is het tijd om een arts te raadplegen.

Blaren Top 3 Dit zijn de drie plekken waar je als wandelaar het snelst blaren kunt krijgen: 🥇 1. Hiel Door de constante wrijving en druk van de schoen op deze plek tijdens het lopen. 🥈 2. Tenen Vooral als je schoenen draagt die te strak zitten of als je sokken hebt die vocht vasthouden. 🥉 3. Bal van de voet De bal van de voet, het gedeelte net onder de tenen, draagt veel van je gewicht en ondergaat  veel wrijving bij elke stap.

Hoe voorkom je blaren?

Voorkomen is beter dan genezen, en dat geldt ook voor blaren. Dit kun je doen:

  1. Bereid je voeten voor: Begin met korte wandelingen en bouw geleidelijk op naar langere afstanden. Zo wennen je voeten aan de belasting.

  2. Draag de juiste sokken: Kies voor sokken die vocht afvoeren en je voeten droog houden. Vermijd katoenen sokken: die kunnen vocht vasthouden en blaren veroorzaken.

  3. Loop je schoenen in: Nieuwe schoenen kunnen blaren veroorzaken. Loop ze in voordat je lange wandelingen maakt.

Zalf & pleisters

Er bestaan verschillende producten die je kunt gebruiken om blaren te behandelen of voorkomen. Denk aan speciale blarenpleisters die de druk en wrijving verminderen, antibacteriële zalf voor de behandeling van doorgeprikte blaren en vochtabsorberende sokken.

©Vadym - stock.adobe.com

De juiste wandelschoenen en sokken kiezen

Niets is zo belangrijk om blaren te voorkomen als de juiste wandelschoenen en sokken. Kies voor schoenen die goed passen, voldoende steun bieden en gemaakt zijn van ademend materiaal. Te strakke schoenen kunnen drukpunten veroorzaken, terwijl te losse schoenen wrijving kunnen veroorzaken. Druk en wrijving: net de twee grootste veroorzakers van blaren. Vermijden dus! Goede wandelsokken zijn sokken die vocht afvoeren en je voeten droog houden. Kies niet voor katoen (katoen houdt vocht vast, met als gevolg vochtige voeten. En die zijn weer vatbaarder voor wrijving. Dus ook voor blaren). Sokken gemaakt van synthetische materialen of wol zijn vaak een betere keuze. Heb je toch last van zweetvoeten? Gebruik wat talkpoeder of voetpoeder zodat het vocht wordt geabsorbeerd. Ook kan het slim zijn om bijvoorbeeld blarenpleisters te plakken om wrijving te verminderen. 

©Emil Nylander | Sebastian - stock.adobe.com

Wandelschoenen inlopen: stappenplan*)

  1. Begin met korte sessies: Draag je nieuwe schoenen in het begin steeds kort in huis. Dit helpt je voeten te wennen aan de nieuwe schoenen en het helpt de schoenen zich aan te passen aan de vorm van je voeten.

  2. Draag de juiste sokken: Trek de sokken aan die je ook tijdens het wandelen wilt dragen. Dit zorgt ervoor dat de schoenen zich aanpassen aan de juiste vorm en grootte..

  3. Draag de schoenen steeds wat langer: Begin met korte wandelingetjes buiten . Verhoog geleidelijk de tijd en afstand die je loopt. Dit helpt de schoenen zich verder aan te passen aan je voeten en je loopstijl..

  4. Let op ongemak: Als je pijn of ongemak voelt, stop dan met lopen. Het is normaal dat nieuwe schoenen in het begin een beetje ongemakkelijk aanvoelen, maar scherpe of aanhoudende pijn kan een teken zijn dat de schoenen niet goed passen.

  5. Gebruik inlegzolen: Als je merkt dat je schoenen niet genoeg ondersteuning bieden, kun je eventueel inlegzolen gebruiken. Deze kunnen helpen om de pasvorm te verbeteren en extra comfort te bieden.

En vooral: heb geduld. Het inlopen van schoenen kost nu eenmaal tijd!

 * Sorry, flauwe woordgrap

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.