ID.nl logo
Warmtepomp installeren: laten doen of zelf doen?
© All Rights Reserved.
Energie

Warmtepomp installeren: laten doen of zelf doen?

Je bent eruit: je gaat een warmtepomp kopen. Maar waar moet je op letten bij het kiezen van een warmtepompinstallateur? En is het mogelijk om de plaatsing zelf uit te voeren? Ben je dan de overheidssubsidie kwijt?

De Rijksdienst voor Ondernemend Nederland verwacht dat het totaal aantal subsidieaanvragen voor isolatie, warmtepompen en zonneboilers dit jaar zal verdubbelen ten opzichte van 2021 en zal uitkomen op 80.000. De vraag naar warmtepompen explodeert. Helaas stijgt hierdoor ook de gemiddelde levertijd voor wie vandaag een bestelling plaatst. Wachttijden van zes maanden tot achttien maanden zijn geen uitzonderingen. En toch wil je een betrouwbare installateur vinden die je vakkundig bijstaat bij je keuze en op wie je kunt rekenen voor de plaatsing en onderhoud. Maar als je twee rechterhanden en technisch inzicht hebt, dan is zelf installeren ook een optie. In dit artikel kijken we naar installatie door een professionele installateur (waarmee je jezelf in ieder geval heel wat werk – én kopzorgen bespaart) en naar zelf aan de slag gaan.

Warmtepomp laten installeren door een installateur

Voorbereiding

Het plaatsen van een warmtepomp duurt gemiddeld 2 dagen. Voor aarde-water- en water-waterwarmtepompen moet je rekening houden met boringen die door een gespecialiseerd bedrijf gebeuren. In de voorbereidingsfase bespreek je uiteraard waar de units zullen geïnstalleerd worden. De buiten-unit moet op een veilige en een gemakkelijk bereikbare plaats staan en op een stevige ondergrond. Zo’n unit is zwaar en de ondergrond moet ook trillingen weerstaan. Plaats de buiten-unit niet onder een raam of te dicht bij de buren. Net als jij willen ze niet gestoord worden door het geluid.

Lees ook ons artikel over het geluid van een warmtepomp.

Voordelen van de vakman

Het heeft weinig zin een warmtepomp te installeren als het pand onvoldoende geïsoleerd is. Een goede installateur zal om te beginnen een warmteverliesberekening doen. Op die manier weet je of de warmtepomp rendabel zal zijn. Hij zal ook helpen om het juiste type te kiezen: de lucht-waterwarmtepomp, de lucht-luchtwarmtepomp, de water-waterwarmtepomp, de grond-waterwarmtepomp of de hybride warmtepomp. En hij berekent het nodige vermogen van de warmtepomp. De vakman beheerst niet alleen de techniek van het installeren, hij kent ook de vereisten waaraan een warmtepomp moet voldoen voor jouw huishouden. De meeste installateurs werken samen met een vaste leverancier van warmtepompen. Op die manier ga je dus eigenlijk met een combinatie in zee: een bepaald merk en een technicus die het product door en door kent. Om een subsidie te ontvangen, dient de installatie uitgevoerd te worden door een erkend vakman.

Lees ook ons artikel over verschillende typen warmtepompen.

De meeste installateurs werken altijd met een bepaald merk. | Foto: Vaillant

Check de vakbekwaamheid

Een verwarmingsinstallateur is niet hetzelfde als een warmtepompinstallateur. Veel installateurs hebben alleen ervaring met cv-installaties en zijn niet of onvoldoende op de hoogte van de warmtepomptechnologie. De laatste jaren hebben veel installateurs hiervoor toch een scholing gevolgd. Installateur is een vrij beroep. Iedereen die installatiewerkzaamheden kan uitvoeren, mag zich installateur noemen zolang hij/zij zich houdt aan de wettelijke eisen zoals het Bouwbesluit en de Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen. Wanneer de installatie ondeskundig wordt uitgevoerd of er gebeuren ongelukken door toedoen van de installateur, dan wordt die juridisch aansprakelijk gesteld. Beunhazen kunnen op die manier wel degelijk worden aangepakt, maar liever wil je toch op voorhand zeker zijn dat je een vakbekwaam technicus over de vloer krijgt. Daarom eisen verzekeraars en netbeheerders een erkenning.

Erkende verwarmingsinstallateur

Door zo’n erkenning is de installateur ook vindbaar in het register Centraal Register Techniek (https://centraalregistertechniek.nl) en op Echteinstallateur.nl (https://echteinstallateur.nl/). Op https://centraalregistertechniek.nl/kwaliteitsregister kun je het vakbedrijf en de vakspecialist checken. Vraag dus altijd naar de certificering van de installateur. Die erkenning is niet verplicht, want installateurs laten zich soms niet registreren omdat ze hiervoor contributie moeten betalen. Als de installateur de erkenning niet heeft, betekent dit niet dat hij slecht is, maar het geeft je wel minder zekerheid over zijn bekwaamheid.

Het geeft in ieder geval enige zekerheid als de installateur geregistreerd is in het Centraal Register Techniek.

Installatiekosten van een warmtepomp

Mensen onderschatten soms de kosten van de installatie van de warmtepomp, omdat men snel denkt aan de gangbare kosten die cv-ketel-installateur maakt. Die is doorgaans een halve dag met het installeren van de cv-ketel bezig. De installateur van de warmtepomp heeft veel meer werk en je mag rekenen dat de kosten van de installatie ongeveer overeen komen met de helft van de aanschaf van de warmtepomp zelf. Trouwens, elk type warmtepomp heeft een andere soort installatie. Hou met dit kostenplaatje rekening in je budget. Uiteraard ga je bij verschillende bedrijven te rade zodat je kunt vergelijken.

Weten welke warmtepomp bij jou past?

Doe de check op Kieskeurig.nl en je weet het binnen 5 minuten!

Warmtepomp zelf installeren

Zelf installeren in Nederland

Kun je een warmtepomp zelf plaatsen? Ja, dat kan, als het gaat om een lucht-watersysteem, als je een beetje technisch bent aangelegd en als je bedrijf vindt dat deze zelfbouw coacht. We gingen op zoek naar bedrijven die gespecialiseerd zijn in deze doelgroep en kwamen tot de vaststelling dat er meer keuze is in België dan in Nederland. In Nederland vonden we één bedrijf gespecialiseerd in lucht-waterwarmtepompen die je als consument zelf installeert: Durocan (https://www.durocan.com). Het gaat om het type monoblock. We spraken met de bedrijfsleider die ons verzekerde dat dit booming business is en dat hij handen tekort komt om aan de vraag te voldoen. Durocan verkoopt lucht-waterwarmtepompen die zowel all-electric als hybride kunnen worden gebruikt. Volgens de zaakvoerder is de plaatsing van zo’n warmtepomp helemaal niet zo moeilijk mits de nodige ondersteuning wordt geboden. “Bij de installatie kan de klant rekenen op support op afstand en een helder stappenplan. Bovendien komt er een professionele technicus bij de klant thuis de installatie opstarten en afregelen. Een hybride installatie laten uitvoeren door een installateur zal doorgaans tussen de 750 en 1250 euro aan uurloon kosten, dat spaar je dus uit als zelfplaatser.”

Eén van de producten van dit huis is de hoge temperatuur warmtepomp die kan ingezet worden op gewone radiatoren. Deze warmtepompen werken met CO2 als koudemiddel, waardoor een hogere temperatuur (60°C tot 63°C) kan gehaald worden.

Toch subsidie bij zelf installeren?

Wil je in Nederland subsidie krijgen voor een warmtepomp, dan is een van de voorwaarden dat de warmtepomp is geïnstalleerd door een bedrijf. Maar wat dan als je de warmtepomp zelf installeert? Doe je dat via Durocan, dan komt er een technicus bij jou thuis de installatie opstarten en afregelen. “Hierdoor ontvangt de klant een factuur waardoor hij wel degelijk in aanmerking komt voor de ISDE-subsidiëring. De klant kan met de meldcode, de factuur, het betalingsbewijs (bankafschrift) en een foto van de installatie de ISDE-subsidieaanvraag indienen. We hebben heeft een online subsidiecheck, die helpt de juiste aanvraag te doen,” aldus het bedrijf.

Durocan levert zelfbouwpakketten met installatie-coaching. | Foto: Durocan

Zelf installeren in België

In België spraken we bijvoorbeeld met Sack Zelfbouw (https://www.sackzelfbouw.be/verwarming), dat onder meer pakketten voor warmtepompen verkoopt. Zij zorgen voor de nodige technische info, een digitale handleiding en instructievideo’s. Hier vertelde een woordvoerder dat er momenteel veel zelfbouwpakketten over de toonbank gaan. Deels omdat de vraag naar warmtepompen groot is, maar ook omdat de gespecialiseerde installateurs overstelpt worden met aanvragen. Bij Sack Zelfbouw gaat het om Vaillant-toestellen die niet zomaar worden afgeleverd door een koerier, maar door een technicus die de nodige uitleg geeft en coacht. Bovendien kun je een Vaillant-technicus of een specialist van het bedrijf vragen om de installatie af te regelen en in werking te stellen. Ook Eco-star (https://www.eco-star.be) levert doe-het-zelf warmtepompen via een webshop (https://www.warmtepomp-shop.be).

Weten welke warmtepomp geschikt is voor jouw huis?

Vul de Warmtepompvergelijker in op Kieskeurig.nl en je weet het meteen
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.