ID.nl logo
Alternatieve bodemwarmtepomp: niet diep, maar breed!
© vchalup - stock.adobe.com
Energie

Alternatieve bodemwarmtepomp: niet diep, maar breed!

Bij een bodemwarmtepomp denken de meeste mensen aan een installatie die de gratis warmte diep onder de grond ophaalt. Daarvoor voert een gespecialiseerd bedrijf een (prijzige) boring uit tot 90 tot 150 meter diepte. De temperatuur daar is redelijk constant tussen 7 en 13 graden. Er bestaan ook alternatieven waarbij de warmtepomp de energie niet haalt uit de diepte, maar uit een breed ondiep oppervlak in de bodem.

In het kort… In plaats van dat een bodemwarmtepomp de warmte diep in de grond haalt, is het ook mogelijk om de energie uit een breed ondiep leidingennetwerk te halen. Dit captatienet dat onder de vorstgrens ligt, levert zelfs in hartje winter voldoende energie voor de warmtepomp. En van dit principe zijn er verschillende uitvoeringen mogelijk.

Lees ook: Verschillende soorten warmtepompen – wat past bij jou?

Om energie uit bodem te halen, moet er een buizennetwerk worden aangelegd. Dat kan via een verticaal systeem of een horizontaal systeem. Beide hebben hun voor- en nadelen en ook het prijskaartje verschilt. Het verticaal systeem is het duurste. Bij de horizontale bron moet je rekening houden met de tuin rondom het pand, die moet worden afgegraven. Bovendien is dit een gesloten systeem waarbij de koelvloeistof in de leidingen circuleert. Een nadeel is dat door de ondiepe ligging het rendement lager is dan een verticaal systeem. 

Horizontale bodemwarmtewisselaar 

©RVO Nederland

De bodemcollector wordt op een diepte van 1 tot 1,50 meter ingegraven.

Kunststof lussen op anderhalve meter diepte

Bij de horizontale bodemwarmtewisselaar worden honderden meters kunststofleiding in lussen op een diepte van 1 tot 1,50 meter ingegraven. Deze grondlagen worden al vroeg in de lente opgewarmd door de zon en het doorsijpelende regenwater. De horizontale bodemcollector neemt de warmte op van de grond. Er is dus geen verlies aan vermogen door de jaren heen en er komt geen gespecialiseerd boorbedrijf aan te pas, alleen een gewone graafmachine.

Ook interessant: Duurzaam verwarmen met geothermische energie

Liever lokaal wat meer warmte?

Elektrische kachels zijn een goed alternatief voor de cv

Voldoende groot perceel

Wel moet je over een groot perceel beschikken dat afgegraven kan worden om de kunststof lussen in te plaatsen. Deze techniek is dus niet overal toepasbaar. Hij is geschikt voor huizen in een buitengebied waar voldoende grond beschikbaar is. Dan denken we aan een weiland of een groot gazon. De afgegraven oppervlakte moet minimaal overeenkomen met de vloeroppervlakte die je binnenshuis die je wilt verwarmen. Dus niet alleen de oppervlakte van de benedenverdieping, maar ook de vloeroppervlakte van de kamers boven die op de verwarming zijn aangesloten. De oppervlakte kan beter te groot zijn dan te klein. Wanneer de graafoppervlakte te klein is, zal het systeem te veel warmte aan de grond onttrekken, waardoor die mettertijd zelfs kan bevriezen en dan verliest deze warmtebron zijn efficiëntie. 

Aandachtspunten 

Bovendien moeten de lussen kunststofleiding zo horizontaal mogelijk worden gelegd om eventuele luchtzakken in de leidingen te voorkomen. Het perceel mag in de schaduw liggen, maar het mag niet bebouwd of bestraat zijn. Ook mag het perceel liever niet in de schaduw liggen. In tegenstelling tot de bodemwarmtepomp die met diepteboringen werkt, kan dit type met de bodemwarmtewisselaar de woning niet koelen, tenzij de collector op ongeveer 1,8 diep ligt. Daarvoor is de bodemtemperatuur op die geringe diepte te hoog in de zomer. In de winter herken je waar zo’n bodemwarmtewisselaar is ingegraven, want de energie die de warmtepomp uit de bodem haalt, is aanzienlijk. Hierdoor zal bijvoorbeeld de sneeuw op deze plek langer blijven liggen en ook het gras zal iets later beginnen te groeien. De horizontale warmtewisselaar is door zijn concept 10 tot 30 procent goedkoper dan de verticale warmtewisselaar. 

Aardwarmtekorven

Een compromis tussen de horizontale en verticale warmtewisselaar is de aardwarmtekorf. Eerst wordt er een breed gat gegraven van vier meter diep. Daarin plaatst men een korf die bestaat uit kunststof leidingen die in een spiraal zijn gewikkeld. Met dit systeem is dus een minder groot oppervlak nodig en ook geen dure boring. De capaciteit van zo’n aardwarmtekorf is beperkt. Daarom plaatst men meerdere korven als er voldoende ruimte is. 

Leestip: 24 uur per dag schone stroom: dit moet je weten over geothermische energie

©RVO Nederland

De aardwarmtekorf wordt vier meter diep ingegraven.

Bodemwarmtewisselaar met glycol of onmiddellijk verdampend koelmiddel

Er bestaan ook horizontale bodemwarmtewisselaars zoals die van Heliotherm die beschikbaar zijn met glycol of met onmiddellijk verdampend koelmiddel. In de eerste optie worden er kunststofslangen (tyleen) van 4 cm diameter in lussen of in een ring op een diepte van ongeveer 1,2 m diepte geplaatst. Deze lussen komen bijeen bij een verdeler en de glycol die de grondwarmte transporteert, gaat vandaar naar de technische ruimte waar de warmtepomp zich bevindt. 

©Deltherma.com

De kunststofslangen worden soms in een ring geplaatst.

Daarnaast is het mogelijk om leidingen met koudemiddel horizontaal in de bodem te plaatsen. Dan hebben we het in dit geval niet over kunststof leidingen, maar over koperen leidingen van 1 cm diameter die beschermd worden met een HDPE-mantel (high density polyetheen, of hogedruk-polyethyleen). De koperen lussen zijn 75 meter lang en komen op een punt terug.

Het aantal lussen dat men nodig heeft, is afhankelijk van het vermogen van de warmtepomp. Voor een 12 kW warmtepomp zijn bijvoorbeeld 11 koperen lussen nodig, voor een 20 kW-toestel 18 lussen. In deze leidingen wordt daarna koudemiddel gecomprimeerd zoals propaan (R290 of R410A). Propaan verdampt bij -42 graden, dat betekent dat dit koudemiddel door de grondtemperatuur onmiddellijk verdampt. Omdat het toch over ongeveer 3,5 kilogram propaan gaat, moet er voldoende afstand zijn tot de woning. Dit koudemiddel transporteert de grondwarmte naar de compressor van de warmtepomp. Ook hier is er dus geen buitenunit nodig. De direct verdampers op R410A staan binnen en de afstand tot de collector mag niet te groot zijn. De direct verdampers met propaan staan altijd buiten omdat propaan zwaarder is dan lucht en driemaal zo explosief is dan aardgas.

©Deltherma.com

De koperen lussen worden gevuld met koudemiddel.

REGENERATIE In tegenstelling tot de verticale bodemwarmtepomp profiteert de horizontale bodemwarmtewisselaar van regeneratie. Omdat de warmtepomp warmte onttrekt uit de bodem, koelt de bodem af tot de lente. Als die genoeg is afgekoeld, kan de koude gebruikt worden om de woning te koelen. De leveranciers van een systeem met geolussen geven in tegenstelling tot de leveranciers van een breed horizontaal captatienet aan dat het bij hen wel mogelijk is om passief te koelen. In de zomer wordt de bron opnieuw opgeladen met nieuwe warmte door de zonne-energie en de regen. Dit is het regeneratieproces. De regeneratie kun je ook versnellen met behulp van zonnecollectoren. Hierdoor neemt het rendement van de warmtepomp verder toe.

Geolussen

De laatste optie die we bekijken zijn geolussen. Ook dit is een toepassing van de gesloten horizontale geothermische warmtepomp. Een graafmachine graaft eerst sleuven van minimaal 1,20 meter breed. In de praktijk is de graafbak van zo’n machine zelfs breder, 1,80 meter, maar dat maakt het afrollen van de lussen nog makkelijker. De sleuf moet een diepte hebben tussen 1,20 en 1,50 meter. Vervolgens worden de geolussen afgerold in de sleuf. Dat verloopt gemakkelijk, omdat de PE-leidingen vooraf op een handige manier zijn opgerold. Eigenlijk gaat het om een manshoge spoel die een persoon in de sleuf kan afrollen.  

©Geotherma.be

De geolussen zijn op een ingenieuze manier opgerold.

Door deze geolussen stroomt ook een glycol-watermengsel om de aardetemperatuur naar de warmtepomp over te brengen. Het grote voordeel van dit systeem is de snelheid waarmee je de geolussen aanbrengt. Een gewone graafmachine in combinatie met een persoon die de geolussen uitrolt, kan dit uitvoeren in een halve dag. Door meerdere geolussen te combineren, kun je alle mogelijke vermogens bereiken. De geolussen halen de energie uit de bodem tot op 2,50 meter aan weerszijden van de gleuf en ontrekken 100 W per meter.  

©Geotherma.be

De geolussen worden in de sleuf afgerold.

▼ Volgende artikel
Olympische Winterspelen kijken: dit zijn de beste tv-instellingen
© Dmitri Maruta
Huis

Olympische Winterspelen kijken: dit zijn de beste tv-instellingen

Tijdens de Olympische Winterspelen wil je dat alles scherp blijft, ook als het beeld razendsnel beweegt. Toch staan veel tv's standaard zo ingesteld dat schaatsers nét wat vaag worden in de bocht, of dat sneeuw en ijs er onnatuurlijk uitzien. In dit artikel laat ID je zien welke instellingen je per merk kunt gebruiken om jouw scherm beter af te stemmen op de actie op het ijs.

In dit artikel

Je tv kan wintersporten veel rustiger en scherper laten ogen dan met de standaardinstellingen. Je leest welke beeldopties je het best als basis neemt, hoe je beweging vloeiend krijgt en hoe je helderheid en kleur zo afstemt dat ijs en sneeuw wit blijven mét detail. Ook zie je aan welke signalen je merkt dat een instelling te ver is opgeschroefd, en hoe je je beeld aanpast aan daglicht, 's avonds kijken en gebruik met een soundbar of spelcomputer.

Lees ook: Wat doet 120 Hz voor je televisie of monitor, en heb je het wel echt nodig?

De meeste televisies staan standaard ingesteld op extra felle kleuren en harde contrasten. Voor speelfilms, talkshows, tekenseries, natuurdocumentaires en games kan dat prima ogen, maar voor sport - en zeker voor winterse sporten - pakt dat minder goed uit.

De tips in dit artikel gelden in de basis voor alle sporten met snelle bewegingen en camerabewegingen, maar: wintersport laat alleen sneller zien wanneer een instelling te ver is doorgetrokken. IJs en sneeuw zijn grote, heldere vlakken. Als helderheid en contrast te hoog staan, verdwijnen details in dat wit eerder en vallen beeldfouten sneller op. Denk aan een lichte waas rond een schaatser of onrust bij een snelle pan over de baan.

Met een iets rustiger basisbeeld en een middenstand voor bewegingsverwerking blijft het beeld natuurlijk, terwijl het toch vloeiend blijft. Je merkt dat meteen: het ijs wordt al snel een egaal wit vlak en schaatsers lijken net wat minder scherp zodra het tempo omhoog gaat. Met een paar gerichte tweaks maak je het beeld rustiger en duidelijker, door de paneelhelderheid apart af te stellen van de kleurverzadiging en een passende motion-instelling te kiezen.

Beweging en verversing: dit gebeurt er op je tv

Wanneer een schaatser op topsnelheid door de bocht gaat, zie je meteen of je tv beweging goed verwerkt. Dat begint bij de verversingssnelheid van het paneel: veel schermen werken op 60 Hz of 120 Hz. Dat is het ritme waarmee jouw tv het beeld opbouwt. Maar het signaal dat binnenkomt, heeft vaak een ander tempo. In Europa volgt sport meestal een 50 Hz-cadans. Soms is dat 1080i/25, waarbij er 50 halve beelden per seconde binnenkomen die samen 25 volledige frames vormen. Steeds vaker zie je ook 50p, met 50 volledige frames per seconde.

Je tv moet dat binnenkomende ritme vervolgens passend maken op het ritme van het paneel. Dat gaat meestal vanzelf, maar de manier waarop je tv dit oplost bepaalt of je een rustige, scherpe wedstrijd ziet of juist onrust in beweging. Een belangrijk hulpmiddel daarbij is beeldinterpolatie: je tv berekent extra tussenbeelden om snelle actie vloeiender te laten lopen. Dat kan bij sport echt helpen, zolang je het met mate gebruikt. Zet je het te hoog, dan krijgt het beeld een té glad laagje en oogt het al snel nep. Zet je het te laag, dan zie je juist kleine schokjes: bij ijshockey lijkt de puck te 'stuiteren' en bij schaatsen mis je net die vloeiende glijbeweging over het ijs.

Zo stel je beweging goed af voor wintersporten

Het fijne aan handmatig bijstellen is dat je de regie terugpakt over scherpte tijdens beweging. In plaats van blind te varen op de standaard sportmodus, werkt het vaak beter om de motion-instellingen van jouw merk erbij te pakken. Bij een Sony-scherm kijk je naar Motionflow, bij LG zoek je naar TruMotion en bij een Samsung televisie navigeer je naar Auto Motion Plus of Picture Clarity. Door deze functies op een gemiddelde stand te zetten, zorg je ervoor dat de camera-panning over de witte ijsbaan vloeiend verloopt zonder dat er vreemde beeldfouten rondom de sporters ontstaan. Je ziet meteen dat details langs de baan en in het publiek beter leesbaar blijven, ook als de camera snel meedraait.

©ID.nl

De juiste balans tussen helderheid en kleurverzadiging

Een veelgemaakte fout bij sport kijken tijdens de Olympische Winterspelen is dat je alles tegelijk omhoog gooit voor een feller beeld. Wil je meer licht, pas dan vooral de achtergrondverlichting of paneelhelderheid aan. Laat kleurverzadiging met rust, of zet die zelfs een tikje lager. Zo voorkom je dat felle schaatspakken 'dichtlopen' en details kwijtraken. Het doel is simpel: sneeuw en ijs moeten helderwit blijven, maar wel met structuur, zodat je nog ziet waar het parcours loopt. Zet ook de kleurtemperatuur op een natuurlijke stand, zoals 'Warm 1'. Daarmee voorkom je dat het beeld een kille, blauwe gloed krijgt waar je ogen sneller moe van worden.

©ID.nl

Wanneer je instellingen moet bijsturen

Er zit een grens aan wat je tv in real time kan uitrekenen. Zie je rond een snelle skiër een waas, flikkering of rare randjes, dan staat de motion-instelling simpelweg te hoog voor wat het scherm netjes kan verwerken. Zet de vloeiendheid dan één stap terug en kijk opnieuw.

Schakel je na de wedstrijd over naar een spelcomputer, zet extra beeldverwerking dan liever uit. Anders voeg je vertraging toe tussen je controller en wat er op het scherm gebeurt. En bij napraatprogramma's in de studio kunnen deze bewegingsinstellingen ook tegen je werken: dan krijg je al snel dat 'soap'-effect, waarbij gezichten net iets te glad en onnatuurlijk lijken.

Pas je beeld aan op jouw woonkamer

De lichtinval in je kamer bepaalt hoe ver je de verlichting van je scherm moet opschroeven. Kijk je de Olympische Winterspelen overdag, dan mag de achtergrondverlichting bijna op de maximale stand staan om reflecties tegen te gaan. In de avonduren is het voor je ogen juist prettiger om dit weer terug te draaien. Controleer ook altijd of de audio-output van je soundbar nog in de pas loopt met het beeld, want zware bewegingsverwerking kan soms voor een beetje vertraging zorgen. Door tijdens een live wedstrijd kort te experimenteren met de 'custom' instellingen van je bewegingsmenu, vind je meestal snel de instelling die wel soepel oogt, maar niet kunstmatig wordt.

Lees ook: Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

©Fabio Principe - stock.adobe.com

Klaar voor de start: zo stel je je beeld goed in

Voor de scherpste weergave tijdens de Olympische Winterspelen kies je een heldere basisstand en pas je handmatig de bewegingsinstellingen zoals Motionflow of TruMotion aan naar een gemiddeld niveau. Zo blijft het beeld vloeiend, zonder vreemde beeldfouten om en zonder dat alles er overdreven glad uitziet.

Heb je overdag veel licht in de kamer, zet dan vooral de achtergrondverlichting hoger. Laat kleurverzadiging met rust, of geef hem juist een klein tikje omlaag, zodat details in schaatspakken en helmen zichtbaar blijven. Schakel ook extra filters zoals ruisonderdrukking uit om de natuurlijke scherpte van de 4K- of HD-uitzending niet te verliezen. Met deze aanpassingen geniet je van een rustig en vloeiend beeld, waardoor je elke seconde van de strijd om het goud haarscherp beleeft.


Deze sporten kun je zien tijdens de Olympische Winterspelen 2026


Alpineskiën
Biatlon
Bobsleeën
Curling
Freestyleskiën
IJshockey
Kunstrijden
Langlaufen

Noordse combinatie
Rodelen
Schaatsen
Schansspringen
Shorttrack
Skeleton
Ski-alpinisme
Snowboarden

Zelf het ijs op?

Schaatsen in allerlei soorten en maten
▼ Volgende artikel
Waar voor je geld: 5x betaalbaar funcooken met je hele gezin
© ID.nl
Huis

Waar voor je geld: 5x betaalbaar funcooken met je hele gezin

Bij ID.nl zijn we dol op kwaliteitsproducten waar je niet de hoofdprijs voor betaalt. Een paar keer per week speuren we binnen een bepaald thema naar zulke deals. Wil je funcooken voor een aantrekkelijke prijs? We hebben vijf interessante apparaten voor je gespot die niet duurder zijn dan 190 euro.

Solis 5 in 1 tafelgrill (7910)

Zoek je een kwalitatief gourmetstel waarmee je jarenlang vooruit kunt? Dit luxe exemplaar van Solis voldoet aan alle eisen. Met de traploze regelaar aan de voorzijde kun je heel precies de gewenste temperatuur instellen. Bak vervolgens op de grillplaat de lekkerste hapjes gaar. Daarnaast kun je ook een van de vier bijgesloten miniwoks of (raclette)pannetjes gebruiken. Hiermee maak je bijvoorbeeld een kleine pannenkoek of pizza.

De werking is kinderlijk eenvoudig. Zodra je het kooktoestel inschakelt, gaat er eerst een rood lampje branden. Het gourmetstel is nu aan het opwarmen. Als het lampje groen kleurt, kan het eetfestijn beginnen. Is een gerecht zo heet dat je je mond kunt branden? Plaats het pannetje of de miniwok dan even in de koudzone onderin het toestel. Naast de eerder genoemde accessoires levert de fabrikant ook nog vier spatels mee.

Princess 162655 Black Steel Raclette

De betaalbare Princess 162655 Black Steel Raclette valt bij heel wat Kieskeurig.nl-testers goed in de smaak, want zij beoordelen dit gourmetstel met een 8,3 (gemiddeld cijfer). Verschillende reviewers vinden het prettig dat dit apparaat zich makkelijk laat schoonmaken. De losse onderdelen kunnen bovendien in de vaatwasser. Een ander pluspunt is dat het gourmetstel volgens diverse gebruikers snel opwarmt. Niet vreemd, gezien het respectabele vermogen van 1300 watt.

Het gourmetstel heeft een riant bakoppervlak van 44 × 25 centimeter. Dankzij de stevige anti-aanbaklaag heb je geen bakboter of olie nodig om te grillen. Het apparaat leent zich prima voor een ruim gezelschap, want de productdoos telt acht (raclette)pannetjes met een houten handvat en evenzoveel spatels. Via een draaiknop reguleer je nauwkeurig de temperatuur. Overigens vindt een enkele tester het netsnoer wat aan de korte kant.

Tefal WokParty Duo PY5828

Wie met een groepje gezellig wil wokken, kan dit leuke kooktoestel van Tefal eens uitproberen. Er zijn zes diepe pannen bijgesloten. Dankzij de gekleurde markering op het handvat weet iedereen precies welk pannetje van hem of haar is. De bakplaat bevat ronde uitsparingen, waardoor de boel niet gaat schuiven. Hierin kun je trouwens ook prima mini-pannenkoeken bakken. Speciaal daarvoor is er een handige gietlepel inbegrepen. Verder telt de verpakking zes spatels.

De WokParty Duo PY5828 heeft een zogeheten Thermo-spot. Hieraan zie je in hoeverre het kooktoestel op temperatuur is. Met een vermogen van duizend watt hoef je niet zo lang te wachten. Tefal levert een receptenboek mee, zodat je inspiratie kunt opdoen. Klaar met tafelen? Stop dan alle losse accessoires in de vaatwasser. Handig is dat je het netsnoer, de spatels en de gietlepel in de onderkant kunt opbergen.

Lees ook: Zo voorkom en verwijder je vieze luchtjes na het gourmetten

Emerio PO-113255.4

Pizzaliefhebbers opgelet! De binnenzijde van deze Emerio fungeert als een kleine oven. Op die manier kunnen maximaal zes personen hun eigen mini-pizza bakken. Met behulp van de bakspatel schuif je de lekkernij moeiteloos in de oven. Geen zin in pizza? In de zes bijgesloten pannetjes kun je allerlei andere gerechten klaarmaken. Bovendien bevindt zich bovenop een ronde grillplaat met een diameter van veertig centimeter. Daar kun je dus behoorlijk wat hapjes op kwijt!

De bediening heeft weinig om het lijf, want de behuizing bevat alleen een aan-uitknop. Met een riant vermogen van 1500 watt worden de gerechten goed warm. De maximale oventemperatuur bedraagt dan ook 250 graden. Volgens de fabrikant houdt de koepelvormige behuizing de warmte in de (pizza)over beter vast. Diverse accessoires zijn vaatwasserbestendig, zodat je na afloop niet zoveel tijd kwijt bent aan schoonmaken.

Princess Dinner4All

Als je met een groepje gaat gourmetten, staat het kooktoestel voor sommige personen wellicht te ver weg. Daar heeft Princess iets op bedacht. Met de Dinner4All bedient iedereen zijn eigen bakplaat van 250 watt. Even een satéstokje of biefstukje omdraaien is dus zo gepiept. Is het hapje eenmaal gaar, dan schuif je het zo op je eigen bordje. Princess levert hiervoor vier aardewerken-borden mee.

Je sluit de centrale unit aan op netstroom, waarna je hierop maximaal vier individuele gourmetstellen kunt aansluiten. Vermenging van smaken is dus verleden tijd! Plaats op deze unit eventueel de inbegrepen serveerschaal. Zo kan iedereen zijn of haar favoriete hapjes pakken. Wil je weten hoe andere gebruikers dit slimme gourmetstel beoordelen? Lees dan eens deze reviews op Kieskeurig.nl. Dit kooktoestel is als alternatief ook met twee individuele bakplaten te koop.