ID.nl logo
Wat is de beste slimme thermostaat?
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Wat is de beste slimme thermostaat?

In navolging van andere slimme apparaten gaat ook de thermostaat met zijn tijd mee. Een moderne thermostaat kun je dankzij een internetverbinding en een app overal bedienen. Het voordeel? Je hoeft nooit meer in een koud huis thuis te komen. Wij hebben zeven 'slimme' thermostaten voor je getest.

Een thermostaat die je met een app overal buitenshuis kunt bedienen, is een interessante upgrade van je huis. Je hoeft nooit meer in een koud huis thuis te komen én je kunt altijd controleren of je niet vergeten bent de verwarming uit te zetten. In de praktijk noemen we een thermostaat met app al snel een slimme thermostaat. Dat wekt verwachtingen, want waarom zijn ze slim? Het slimme zit hem vooral in de verbinding met internet. Hierdoor kun je de thermostaat ook overal via een app of soms ook een webinterface bedienen. Lees ook: 8 manieren om je dagelijks leven te automatiseren.

Daarnaast functioneert iedere thermostaat in dit artikel ook als klokthermostaat. Je kunt hem dus programmeren om op gewenste tijden automatisch het huis te verwarmen. Het slimme van een slimme thermostaat ten opzichte van een normale klokthermostaat is dat het programmeren via de app of webinterface veel eenvoudiger is. Maar wat kan een slimme thermostaat niet? Ondanks dat je de thermostaat overal en dus ook vanaf iedere ruimte in huis kunt bedienen, is het geen oplossing voor het problemen als een slaapkamer die niet meer opwarmt omdat het in het hoofdvertrek warm is. Hier is zoneregeling voor nodig, en de geteste thermostaten houden - net als een traditionele thermostaat - één plek in huis (doorgaans de huiskamer) in de gaten. De in dit artikel geteste HoneyWell EvoHome is overigens op een eenvoudige manier (zonder vergrijpende aanpassingen aan het cv-systeem) in te zetten voor zoneregeling door middel van speciale radiografische radiatorknoppen.

Energie besparen?

Alle geteste thermostaten kun je met je smartphone bedienen. Zo kun je de verwarming een halfuurtje voordat je thuiskomt alvast aanzetten. Dat maakt wat ons betreft ook direct het belangrijkste aankoopargument van een slimme thermostaat duidelijk: comfort.

Fabrikanten schermen doorgaans met energiebesparing als belangrijkste argument. Dat geldt vooral voor mensen die met een verkeerd geprogrammeerde klokthermostaat werken, die ze door de ingewikkelde bediening niet juist instellen. Verlaag je de temperatuur wel netjes als je niet huis bent en als gaat slapen, dan zul je met een slimme thermostaat geen energie besparen. De Nest probeert wel energie te besparen door te achterhalen of je thuis bent en als dit niet het geval is, zelf de verwarming uit te zetten. Andere thermostaten kunnen dit niet. Je kunt bij een aantal wel via IFTTT geofencing instellen.

©PXimport

Een slimme thermostaat bespaart vooral energie in vergelijking met een lastig in te stellen klokthermostaat die niet goed geprogrammeerd is.

Aan/uit of modulerend

Er zijn twee manieren om een verwarmingsketel aan te sturen: aan/uit-regeling of modulerende regeling. Bij een aan/uit-regeling wordt simpelweg de brander voluit in- of uitgeschakeld. Bij modulerende regeling kan de brander op verschillende intensiteiten worden aangestuurd, waardoor er met verschillende watertemperaturen gewerkt kan worden. Hierdoor is in potentie de temperatuur constanter en is er een lager gasverbruik mogelijk, doordat er voor een lagere watertemperatuur gekozen kan worden. Voor modulerende aansturing wordt meestal het OpenTherm-protocol gebruikt. Het OpenTherm-protocol maakt het ook mogelijk om via de thermostaat in te stellen of de verwarmingsketel warm tapwater op voorraad moet houden, dit kost uiteraard energie en kan ook op de ketel zelf worden ingesteld.

In theorie verbruikt modulerende aansturing minder gas dan een aan/uit-regeling, maar dat is niet altijd zo. Bovendien kunnen de meeste moderne verwarmingsketels ook in combinatie met een aan/uit-thermostaat zelf moduleren op basis van watertemperatuur. Toch verdient modulerende aansturing de voorkeur als je verwarmingsketel dit ondersteunt. Iedere modulerende verwarmingsketel kan ook omgaan met een aan/uit-thermostaat.

Slimme aanwarming

Sommige thermostaten hebben zelflerende aanwarming. Dit betekent dat de thermostaat leert en uitrekent hoelang het duurt om je huis op te warmen. Hierdoor is bij gebruik van het klokprogramma je huis warm op de tijd die je hebt ingesteld in het klokprogramma. Als je bijvoorbeeld om zes uur 's ochtends een warm huis wilt hebben, dan stel je het klokprogramma op zes uur in. Bij thermostaten zonder zelflerende aanwarming begint de thermostaat pas op het ingestelde tijdstip met verwarmen en zul je zelf het klokprogramma bijvoorbeeld twintig minuten eerder moeten laten beginnen om het op de gewenste tijd warm te hebben. Zelflerende aanwarming is overigens geen nieuwe mogelijkheid van slimme thermostaten, ook de betere (klok)thermostaten ondersteunen dit.

Eneco Toon

Eneco's Toon is met zijn 7inch-aanraakscherm de grootste thermostaat in de test. Een ander opvallend punt zijn de maandelijkse abonnementskosten van 3,50 euro voor Eneco-klanten en 4,95 euro voor niet-klanten. De installatie met een ketelmodule die als voeding dient, is vergelijkbaar met de Nest en ThermoSmart. Daarnaast plaats je in de meterkast een kastje dat je aansluit op je slimme meter of via plaksensoren op normale energiemeters. Wij hebben Toon getest met softwareversie 3.1 die aanzienlijk sneller is dan 2.9, maar nog niet naar iedere Toon is uitgerold. Over de snelheid hebben we met versie 3.1 niets te klagen.

Het klokprogramma kun je op de Toon zelf en via de tabletapp instellen. Via de smartphoneapp of de webinterface kun je het klokprogramma niet aanpassen. Met de smartphoneapp kun je de temperatuur veranderen en vastzetten, het klokprogramma in- of uitschakelen en de verbruiksgegevens inzien. Op de Toon zelf zijn die verbruiksgegevens wat ons betreft dé grote kracht. Je ziet live het elektriciteitsverbruik en bijna live het gasverbruik. Daarnaast kun je het verbruik op allerlei manieren in grafieken terugkijken en vergelijken met vergelijkbare huishoudens. Toon kan verder het weerbericht en file-informatie tonen. Je kunt alle informatie die Toon beschikbaar heeft naar eigen inzicht een plekje geven op het scherm. Daarnaast is Toon erg goed geïntegreerd met Philips Hue, waarbij je verlichting kun in- en uitschakelen en vier scenes kunt programmeren. Ook kun je slimme stekkers en rookmelders van Fibaro Z-Wave koppelen voor het creëren van een klein domoticasysteem.

Eneco Toon

Oordeel

4/5

Prijs

€ 275,-

Pluspunten

Live-verbuik

Vergelijken en terugkijken verbruik

Koppeling met slimme stekker en rookmelder

Bediening van Philips Hue

Scherm zelf indelen

Minpunten

Abonnement noodzakelijk

Niet programmeren via smartphoneapp

Niet programmeren via webinterface

Itho Daalderop spIDer Connect

De spIDer Connect (let op de toevoeging Connect, er is ook een niet slimme spIDer) van Itho Daalderop is geschikt voor OpenTherm-verwarmingsketels en wordt direct op de ketel aangesloten. Communicatie met internet verloopt via een gateway in de meterkast die je ook kunt aansluiten op je slimme meter. Een beetje vreemd en griezelig als je het niet direct doorhebt, is dat de gateway af en toe een gesproken Engelstalige melding geeft. Via de webinterface van de gateway (waar je verder nooit op in hoeft te loggen) zijn deze meldingen uit te schakelen.

De muurthermostaat heeft een zwart scherm totdat je het logo aanraakt. Dan zie je duidelijk de temperatuur die je handmatig kunt wijzigen. Ook kun je het klokprogramma pauzeren. Het klokprogramma zelf programmeer je via de webinterface op een handige manier door middel van het slepen van blokken. Via de app kun je voor de huidige dag aanpassingen maken, handig als je een dagje thuiswerkt. De spIDer heeft geen zelflerende aanwarming, een belangrijk minpunt gezien de hoge prijs van het product. Via de slimme meter wordt in de app en webinterface het totale elektriciteits- en gasverbruik van de afgelopen 24 uur getoond. Ons account was daarnaast aangesloten op een testomgeving waardoor we ook gedetailleerde grafieken van het elektriciteits- en gasverbruik konden inzien. Inzage in het live-verbruik is jammer genoeg niet voorhanden. Optioneel kun je een slimme stekker toevoegen die je 59 euro kost. Hiermee kun je een elektrisch apparaat schakelen en het energieverbruik ervan zien. Je bedient de slimme stekker vanuit de app of de webinterface. Via de webinterface kun je de schakeltijden van de stekker ook programmeren via een weekprogramma en dat is erg handig.

Itho Daalderop spIDer Connect

Oordeel

3 sterren

Prijs

€ 299,-

Pluspunten

Inzicht in energieverbruik

Klokprogramma eenvoudig aan te passen

Mogelijkheid slimme stekker

Minpunten

Niet programmeren via app

Geen zelflerende aanwarming

©PXimport

Heb je een ventilatiesysteem van Itho Daalderop, dan kun je dit ook met spIDer bedienen.

Honeywell evohome Wi-Fi

Honeywells evohome Wi-Fi valt op door zijn 4,3inch-aanraakscherm waarop veel informatie past. Ook opvallend is dat de evohome wordt verkocht met een tafelstandaard, je kunt de evohome uit de standaard halen en hem gebruiken als een soort tablet om hem te programmeren. Met een optionele muurbevestiging (ca. 42 euro) hang je hem alsnog aan de muur, helaas is de muurbevestiging van de vorige evohome niet geschikt. Ten opzichte van de vorige evohome valt op dat er geen losse internetgateway nodig is. De evohome maakt nu direct contact met je draadloze netwerk. Op de verwarmingsketel sluit je een draadloze OpenTherm- of aan/uit-module aan.

Je kunt het klokprogramma van de evohome zowel via het scherm als via de smartphoneapp programmeren, een webinterface is er niet. Handig is verder dat je kunt kiezen voor afwezig, vrije dag of speciale dag. Zo kun je als je thuiswerkt direct kiezen voor een dag waarop de verwarming de hele dag aanstaat, terwijl je als je weggaat snel de temperatuur kunt verlagen. Opvallend voor het grote scherm is dat er geen extraatjes als het weerbericht worden getoond, in de app wordt dit wél gedaan. Met de Honeywell evohome Wi-Fi heb je de mogelijkheid tot zoneregeling. Hiervoor plaats je op iedere radiator (inclusief de ruimte waar de evohome hangt) een speciale kraan die 79 euro per stuk kost.

Honeywell evohome Wi-Fi

Oordeel

4 sterren

Prijs

€ 299,-

Pluspunten

Duidelijk aanraakscherm

Uit te breiden tot zoneregeling

IFTTT-ondersteuning

Vrije of speciale dag

Minpunten

Geen webinterface

Geen extra's op scherm

Muurbevestiging los aanschaffen

©PXimport

De Honeywell evohome Wi-Fi wordt verkocht in combinatie met een tafelstandaard.

Nest Learning Thermostat

De Nest Learning Thermostat valt op door zijn fraaie ontwerp dat met de roestvrijstalen ring erg degelijk aanvoelt. De basisbediening is net zo simpel als de bekende Honeywell Round: je draait om de temperatuur te wijzigen. Verdere opties krijg je door op de thermostaat te drukken, waarbij je direct de luchtvochtigheid en het weerbericht ziet. Het schermpje is normaal gesproken zwart, alleen als je in de buurt komt verschijnt de temperatuur. De Nest is direct verbonden met je wifi-netwerk.

Wel is er een ketelinterface nodig die de Nest tevens van elektriciteit voorziet. Het grootste nadeel van de Nest is dat hij niet om kan gaan met OpenTherm-aansturing. Wil je de thermostaat liever los dan aan de muur, dan kan dit met een optioneel voetje van 35 euro.

De Nest werkt goed, het was bij ons qua comfort in ieder geval in orde. Uniek is dat de Nest het klokprogramma zelf kan samenstellen op basis van je gedrag. De Nest heeft bewegingsdetectie en ziet dus of je thuis bent. Heb je ook Nest-rookmelders, dan worden die ook als bewegingssensoren gebruikt. De Nest zet de verwarming uit als je niet thuis bent en als dit regelmatig op hetzelfde tijdstip is, dan neemt hij dit op in het klokprogramma. Dit werkt niet altijd goed, gelukkig kun je het zelflerende klokprogramma en de aanwezigheidsdetectie ook uitschakelen. Via de app en de webinterface kun je het klokprogramma zelf instellen. Dit kan ook via de interface op de thermostaat zelf, maar dit werkt wat omslachtig. Handig is dat je kunt aangeven dat je afwezig bent, waarna de temperatuur automatisch daalt. Inmiddels heeft Nest de derde generatie Nest Thermostat aangekondigd. Deze heeft een groter scherm én ondersteuning voor OpenTherm, maar deze hebben we nog niet kunnen testen.

Nest Learning Thermostat

Oordeel

4 sterren

Prijs

€ 219,-

Pluspunten

Ontwerp

Eenvoudige bediening

IFTTT-ondersteuning

Aanwezigheidsdetectie

Minpunten

Geen OpenTherm

©PXimport

De Nest Learning Thermostat toont als enige de luchtvochtigheid in je huis.

Honeywell Round Connected OpenTherm

Honeywells Round is vanouds onze favoriete thermostaat. Er is niets intuïtiever dan draaien aan een ring om de temperatuur te verhogen of verlagen. Nest bracht deze vorm van bedienen naar de slimme thermostaat en in de vorm van de Round Connected maakt Honeywell zijn vertrouwde rondje slim door hem te koppelen met een internetgateway.

Op het scherm zie je constant de huidige kamertemperatuur. Door aan de ring te draaien licht het scherm blauw op en stel je de gewenste temperatuur in.

In tegenstelling tot de evohome Wi-Fi (die dezelfde app gebruikt) ondersteunt de Round Connected geen zelflerende aanwarming. De Round zal dus pas beginnen met verwarmen op het tijdstip dat jij in het klokprogramma instelt. De app is, zoals gezegd, precies hetzelfde als die van de evohome. Je kunt de temperatuur wijzigen, snelle acties uitvoeren en een klokprogramma instellen. Ten opzichte van de evohome heeft de app wel minder snelle acties. Zo ontbreken de speciale programma's voor de vrije of speciale dag. Vreemd is dat je de waarde van de sneltoets 'afwezigheidstemperatuur' niet zelf kunt kiezen bij gebruik van de Round Connected. De afwezigheidstemperatuur via deze sneltoets is altijd 15 graden. Op de evohome kun je dit wel instellen via het aanraakscherm van de thermostaat. De lage prijs maakt echter veel goed.

Honeywell Round Connected OpenTherm

Oordeel

3 sterren

Prijs

€ 149,-

Pluspunten

Intuïtief

IFTTT-ondersteuning

Prijs

Minpunten

Geen webinterface

Vaste afwezigheidstemperatuur

©PXimport

De Round Connected toont altijd de huidige temperatuur die je kunt wijzigen door aan de ring te draaien.

Netatmo Thermostaat

De Netatmo Thermostaat is ontworpen door de bekende ontwerper Philippe Starck. Het vierkante plexiglas blokje heeft een doorzichtige rand die je middels bijgeleverde stickers een zelfgekozen kleur kunt geven. Als enige thermostaat in deze test kun je hem vanuit de verpakking zowel gebruiken voor muurmontage als op een tafelstandaard.

Muurmontage is eenvoudig, er gaat een draad direct vanaf de thermostaat naar de ketel en een losse internetgateway maakt via wifi verbinding met internet. Grappig is dat je de thermostaat zowel horizontaal als verticaal kunt monteren. Bij gebruik van de tafelstandaard is de aansluiting lastiger omdat je de wifi-gateway dan als ketelinterface aansluit. De thermostaat ondersteunt enkel de aan/uit-regeling.

Het schermpje van de Netatmo Thermostaat maakt gebruik van E Ink en is hierdoor erg goed af te lezen. Op de thermostaat zelf wordt de huidige en ingestelde tijd getoond. Door op de boven- of onderkant (of zijkanten, afhankelijk van hoe je hem ophangt) te drukken verander je de temperatuur. Je kunt de Netatmo bedienen en het klokprogramma instellen via de app of webinterface. Hier vind je een schuifje om aan te geven dat je niet thuis bent zodat de temperatuur direct verlaagd wordt. Een handmatige temperatuur kun je eenvoudig vastzetten tot een bepaalde tijd, handig als je onverwacht een dag thuis bent. De tafelstandaard is niet zo'n succes. Het blokje plexiglas mist gewicht, waardoor je het geheel op moet pakken om hem te bedienen. De bevestiging is daarbij niet heel stevig. Als je even te hard knijpt, zie je dat de bevestiging deels loskomt.

Netatmo Thermostaat

Oordeel

3,5 sterren

Prijs

€ 179,-

Pluspunten

Muurbevestiging en tafelstandaard

Duidelijke app

Eenvoudig instellen

IFTTT-ondersteuning

Minpunten

Geen OpenTherm

Tafelstandaard gammel

[box]

Zelf installeren?

Het installeren van een thermostaat is niet heel moeilijk. In de basis moet je in je ketel een draadje op de juiste contacten aansluiten (aan/uit of OpenTherm) en die vervolgens met de thermostaat of ketelinterface verbinden. De Honeywell Round Connected Modulation, Netatmo Thermostat en Itho Daalderop spIDer worden direct met een draadje op de ketel aangesloten.

Zit dat draadje al op de goede contacten aangesloten, dan hoef je alleen de oude thermostaat van de muur te schroeven en vervolgens de nieuwe te monteren. Bij de Nest, Toon en ThermoSmart moet je bij je ketel een kastje installeren dat je aansluit op de verwarmingsketel en de draad die naar de thermostaat in de woonkamer loopt. Dit kastje schakelt de verwarmingsketel en voorziet de thermostaat van elektriciteit. ThermoSmart raadt je aan om de draad van je ketel naar de thermostaat in de huiskamer door te knippen en hier de ketelinterface tussen te monteren. Wij raden je echter aan om een nieuw stuk draad op je verwarmingsketel te monteren. Zo kun je bij bijvoorbeeld verhuizing de bestaande situatie netjes herstellen zonder dat je de draad moet repareren. Bij de Honeywell evohome sluit je een ontvanger aan op je verwarmingsketel die draadloos communiceert met de evohome. Vind je de installatie eng omdat je bijvoorbeeld de verwarmingsketel moet openmaken, dan kun je gebruikmaken van een installateur. Dit kost je zo'n 70 tot 80 euro. Bij Toon zit installatie overigens standaard inbegrepen in de verkoopprijs.

©PXimport

Bij sommige thermostaten zoals de Nest monteer je een ketelinterface tussen de thermostaat en de verwarmingsketel, die thermostaat va energie voorziet.[/box]

ThermoSmart

ThermoSmart heeft zijn witte thermostaat zo onopvallend mogelijk ontworpen. Wel wordt in oranje cijfers groot de temperatuur getoond, dit kun je eventueel uitschakelen. Je sluit de ThermoSmart aan via een ketelinterface die ook als voeding dient. Via wifi maakt de ThermoSmart direct contact met internet. Aanvankelijk lukte het ons niet om de ThermoSmart te verbinden met ons wifi-netwerk. Het blijkt dat ThermoSmart niet om kan gaan met een netwerk dat exclusief op 802.11n is ingesteld. Ook de oudere 802.11b/g-standaarden moeten ondersteund worden, dit is wat ons betreft een zwaar minpunt.

Wel is de ThermoSmart qua programmeren met het slepen van tijdsblokken de handigste van de geteste thermostaten. Interessant is dat je in het klokprogramma per schakelblok kunt instellen of je een voorraad tapwater wilt warmhouden (de Toon heeft kan dit alleen als algemene instelling en dus niet per schakelblok). Naast het normale weekprogramma is er ook een aparte agenda waarin je per kalenderdag het standaardprogramma kunt aanpassen. De agenda is handig als je op vakantie gaat of een dagje thuiswerkt. Via de smartphoneapp kun je in deze agenda voor die dag wijzigingen doorvoeren.

Het algemene klokprogramma is alleen via een tablet of webinterface beschikbaar. Er is een pauzetoets die dienst doet als afwezigheidstoets en het klokprogramma uitschakelt en overschakelt naar een zelfgekozen temperatuur. Over de fysieke thermostaat zijn we wat minder enthousiast. Op zich is de bediening met vier knoppen duidelijk, maar deze aanraakgevoelige knoppen zijn normaal gesproken onzichtbaar. Ze lichten alleen op als je ze aanraakt en je moet precies op een knop drukken.

ThermoSmart

Oordeel

4 sterren

Prijs

€ 249,-

Pluspunten

Handig programmeren

Agenda

Tapwater per schakelblok

IFTTT-ondersteuning

Minpunten

Verbindingsproblemen wifi

Bediening muurthermostaat

Conclusie

We hebben voor dit artikel zeven slimme thermostaten vergeleken. Qua mogelijkheden

steekt Toon echt met kop en schouders boven de rest uit. Toon ondersteunt OpenTherm- en aan/uit-regeling, toont live het energieverbruik, kan allerlei gegevens tonen en integreert perfect met een Philips Hue-systeem. De keerzijde is dat je abonnementskosten moet betalen die - afhankelijk van of je klant bent van Eneco - 3,50 euro tot 4,95 euro per maand bedragen. De enige andere thermostaat die een koppeling met de slimme meter maakt is Itho Daalderops spIDer Connect. De spIDer doet echter beduidend minder met de verbruiksgegevens en voor een thermostaat van 299 euro is het jammer dat zelflerende aanwarming niet ondersteund wordt.

De thermostaat die ons qua programmeren het beste bevalt, is de ThermoSmart. Minder zijn we te spreken over de bediening van de fysieke ThermoSmart zelf en we zijn ook niet blij met het feit dat hij alleen werkt met een verouderde wifi-standaard. Qua bediening op de muur gaat er wat ons betreft niets boven het draaien aan een cirkel, een methode die zowel de Honeywell Round Connect als de Nest Learning Thermostat ondersteunen. Je kunt bijna blind de temperatuur wijzigen, waarna op beide thermostaten het scherm oplicht om te laten zien waar je de temperatuur op instelt. Ondanks het gebrek aan OpenTherm-ondersteuning vinden we de Nest als we kijken naar mogelijkheden en bedieningsgemak de beste thermostaat. Wil je een stuk minder uitgeven, dan heb je aan HoneyWells Round Connect een goede koop. Voor 149 euro heb je een intuïtieve OpenTherm-thermostaat met een app die als grootste minpunt geen zelflerende aanwarming ondersteunt. Overigens is die Honeywell Round in een aan/uit-variant minder interessant omdat deze door een extra ketelmodule 179 euro kost.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.