ID.nl logo
Screenshots maken met Greenshot
© Reshift Digital
Huis

Screenshots maken met Greenshot

Windows heeft net als macOS zijn eigen ingebouwde tools om schermafbeeldingen te maken. Wil je echter een extern programma om tot op de pixel nauwkeurig screenshots te maken, die gevoelige informatie in de afbeelding maskeert, en ook rechtstreeks kan uploaden naar allerlei toepassingen en webdiensten, dan is de allernieuwste versie van Greenshot een ijzersterke kandidaat.

Tip 01: Nieuw leven

Lange tijd is Greenshot de favoriet geweest van Windows-gebruikers die een veelzijdige, maar gratis screenshot-tool wilden. Omdat er sinds augustus 2017 geen officiële updates meer zijn geweest, bestempelde men Greenshot als een zogenoemde zombie-app, dat is software die door de ontwikkelaar verweesd wordt achtergelaten. Maar na een aantal jaar van verwaarlozing is Greenshot bezig met een comeback! Dit jaar alleen zijn er maar liefst zes nieuwe versies te vinden op www.getgreenshot.org/version-history. Ze zijn weliswaar nog niet definitief, maar wij gebruiken alvast de meest recente release zonder noemenswaardige problemen. We hebben versie 1.3.205-UNSTABLE.exe geïnstalleerd, omdat we de nieuwe experimentele functies willen uitproberen. We nemen het voor lief als het programma plots een keer zou afsluiten, iets wat tijdens onze test slechts één keer gebeurd is. Wie het toch liever bij de laatste stabiele versie houdt, kan steeds terecht op www.getgreenshot.org.

©PXimport

Tip 02: Componenten

Greenshot is een lichtgewicht programma, waar je tijdens de installatie de taalversie aanduidt. Daarnaast kun je een heleboel componenten installeren, zoals plug-ins voor Box, Flickr, Dropbox, Imgur, Microsoft Office. Deze plug-ins zorgen dat het mogelijk is om de schermafdrukken rechtstreeks naar online diensten te verzenden of in programma’s van derden zoals Office te openen. In dit voorbeeld hebben we alle componenten geïnstalleerd, wat neerkwam op slechts 32,6 MB opslagruimte. Weet je bijvoorbeeld zeker dat je nooit wilt exporteren naar Flickr, dan haal je het vinkje bij die plug-in weg. Je kunt ook ruimte winnen door selectief te werk te gaan bij het installeren van de taalpakketten, maar gezien de geringe ruimte die het inneemt, zouden wij ons er niet al te druk maken.

©PXimport

Ook voor Mac

De 1.2.19-versie voor macOS kost 1,99 euro. Waar Greenshot zich in de Windows-versie in het systeemvak nestelt, haal je de Mac-versie rechtsboven uit het hoofdmenu. Om Greenshot op de Mac te laten werken, moet je na de installatie in de Systeemvoorkeuren bij Beveiliging en privacy bij het onderdeel Privacy aanduiden dat Greenshot de inhoud van het scherm mag vastleggen. Hoewel je voor de macOS-versie minder dan de prijs van een biertje betaalt, heeft deze editie niet zoveel functies als het gratis Windows-broertje. De geïntegreerde editor van Greenshot heeft bijvoorbeeld veel minder uitvoermogelijkheden. Je kunt niet rechtstreeks wegschrijven naar Dropbox, of schermafbeeldingen bewaren in Word of PowerPoint. Daar komt bij dat de eigen ingebouwde screenshotmogelijkheden van macOS recent zijn verbeterd. De kans is dus klein dat Greenshot voor Mac even populair wordt als de Windows-versie.

©PXimport

Dankzij het vergrootglas hoef je achteraf geen storende randen te verwijderen

-

Tip 03: Uit het systeemvak

Waarschijnlijk ontvang je tijdens de installatie de melding dat de PrintScreen-toets van het toetsenbord reeds toegewezen is aan een ander programma. Om Greenshot via het toetsenbord te starten, heb je dus een andere sneltoets nodig (of zorgen dat het programma dat PrintScreen claimt een andere toets gebruikt). Alle sneltoetsen zullen we dadelijk instellen, maar je kunt ook probleemloos schermafdrukken maken zonder sneltoetsen. Wanneer je in het systeemvak op het Greenshot-pictogram klikt, kom je bij de vijf mogelijke schermafdrukken: Interactief kader, Laatste schermafdruk herhalen, Actief vensteropname, Volledige schermopname en Internet Explorer vensteropname. Greenshot ondersteunt geen uitgestelde schermafdrukken die je maakt op basis van een timer. In dit pop-upvenster zie je ook het menu Instellingen en een optie om vorige schermafdrukken te openen, om die daarna te bewerken met de editor van het programma.

©PXimport

Tip 04: Interactief kader

Een slimme tool om een zuivere schermafdruk te maken, is het zogenoemde Interactief kader. Hiermee trek je een blauw selectiekader over de inhoud op het scherm. Terwijl je sleept, verschijnen de hoogte- en de breedte-afmetingen in pixelwaarden van de selectie in beeld. Middenin de selectie zie je de resolutie. Bijzonder handig is het vergrootglas dat het begin- en eindpunt van de selectie volgt en waarmee je de selectie letterlijk tot op de pixel volgt. Op die manier hoef je achteraf niet met een beeldbewerker de storende randen verwijderen van een screenshot dat je een beetje slordig hebt genomen. Het best sleep je dus eerst met de muis een grove selectie over de zone die je wilt vastleggen en daarna gebruik je de pijltjestoetsen om met behulp van het vergrootglas de selectie tot op de pixel vast te leggen.

©PXimport

Met het toetsenbord

Voor wie het slepen en ondertussen het vergrootglas in de gaten houden te omslachtig werkt, is er nog een betere manier. Eerst bepaal je met het vergrootglas en de pijltjestoetsen het beginpunt van de selectie. Tevreden? Druk dan op Enter. Daarna breng je de muisaanwijzer naar de rechterbenedenhoek van het selectiekader en je bepaalt opnieuw met de pijltjestoetsen het eindpunt en je drukt opnieuw op Enter. En daar is de perfecte selectie. Om het vergrootglas even te laten verdwijnen zodat je het overzicht beter ziet, druk je op de Z-toets. Gebruik dezelfde toets om het vergrootglas opnieuw op te roepen.

©PXimport

De modus Actief vensteropname selecteert een venster zonder dat je handmatig de randen hoeft te zoeken

-

Tip 05: Actief of volledig?

Vanuit de modus Interactief kader schakel je naar de modus Actief vensteropname door op de Spatiebalk te drukken. Uiteraard is het ook mogelijk om deze opdracht vanuit het systeemvak te selecteren. Hiermee haal je een venster uit zijn achtergrond zonder dat je handmatig de randen van het venster hoeft te zoeken.

Er zijn twee manieren om een actief venster vast te leggen. De keuze maak je in het menu Instellingen op het tabblad Schermopname. Daar vind je de optie Actief vensteropname die twee opties heeft. Kies je Interactieve schermopname, dan zal Greenshot het vast te leggen gebied markeren en daarna kun je ofwel het volledige venster of een deelvenster selecteren zoals het werkvlak, een zijbalk of een knoppenbalk. Kies je in dit tabblad de optie Vensteropname, dan zal Greenshot het volledige venster netjes vastleggen. Het is ook mogelijk om een screenshot van het volledige bureaublad te maken met de opdracht Volledige schermopname.

Ten slotte kan Greenshot een opname maken van een webpagina die langer is dan de hoogte van het scherm. Dat werkt overigens uitsluitend in Internet Explorer. Andere browsers ondersteunen deze functie niet. We hopen dat er ooit wat modernere browsers worden toegevoegd, want Internet Explorer is wel héél oudbakken. De vijfde variant is Laatste schermopname herhalen, waarmee je gewoon dezelfde zone nog een keer vastlegt.

©PXimport

Contextmenu’s

Schermopnames van een contextmenu zijn vaak lastig te maken, omdat dit menu uit beeld verdwijnt wanneer je ergens met de muisaanwijzer klikt. Als je de optie Actief Venster gebruikt, zal het contextmenu verdwijnen. In Greenshot open je best het contextmenu, daarna activeer je het Interactief kader met de sneltoets en vervolgens maak je de schermafbeelding.

©PXimport

Tip 06: (Snelle) instellingen

Klik met de rechtermuisknop op het Greenshot-pictogram in het systeemvak en dan zie je dat de software twee opties heeft om bij de instellingen te komen. Eerst is de optie Snelle instellingen, die je tijdens het werken met dit programma gebruikt om bijvoorbeeld aan te duiden of je de muisaanwijzer in de schermopname wilt zien of om de locatie te bepalen waar de schermopnamen worden opgeslagen. Daaronder staat het menu Instellingen, die loop je best door voordat je het programma gebruikt. In het tabblad Algemeen selecteer je de programmataal en activeer je de optie om Greenshot samen met Windows te laten opstarten. Dit is ook het tabblad waar je de sneltoetsen vastlegt om een van de vijf verschillende soorten schermafbeeldingen te activeren. Hier geef je ook aan om de hoeveel dagen Greenshot naar updates moet zoeken. Voor wie er van houdt, is er in het tabblad Schermopname een optie om een cameraklik te laten horen bij iedere schermafdruk. In hetzelfde tabblad kun je de optie uitzetten waarbij je voor iedere schermafdruk ook nog een melding in het actiecentrum ontvangt.

©PXimport

De optie Bestemming interactief toont een menu met alle uitvoermogelijkheden

-

Tip 07: Opslaglocatie

In het tabblad Opslaan van het menu Instellingen bepaal je de standaardlocatie en de grafische indeling waarin je de bestanden wilt opslaan. Als je hier niets wijzigt, zal de tool de afbeeldingen op het bureaublad wegschrijven, maar door op de drie puntjes te klikken, selecteer je een andere map.

Onder Opslaglocatie bepaal je de manier hoe Greenshot het bestand automatisch zal noemen. De knop met het vraagteken leert hoe je gebruikmaakt van variabelen om de datum en het tijdstip aan de bestandsnaam toe te voegen. In het derde vak selecteer je de bestandsindeling. Je hebt de keuze uit bmp, gif, jpg, tif, greenshot, of ico. Als je bijvoorbeeld jpg kiest, dan moet je ook de compressiekwaliteit instellen. Compressie zorgt voor kleinere bestanden, maar daardoor vermindert ook de beeldkwaliteit. Hoe lager de compressie hoe beter de weergavekwaliteit. Je kunt aangeven dat het programma de gekozen instellingen moet blijven gebruiken totdat je ze verandert. Een andere mogelijkheid is dat je iedere keer de beeldkwaliteit moet kiezen als je het bestand opslaat. Ten slotte is er een optie om de kleuren tot 256 tinten te reduceren. Voor tif-, jpg- of png-bestanden zou dat jammer zijn, een gif bestaat sowieso uit 256 kleurtinten.

©PXimport

Tip 08: Bestemming

Het tabblad Bestemming bepaalt welke opties je te zien krijgt nadat je een schermafbeelding hebt gemaakt. Zet je hier een vinkje bij Direct opslaan (met standaardinstellingen), dan krijg je na een schermopname niets te zien. Iedere schermafbeelding zal automatisch terechtkomen in de map die je als opslaglocatie hebt gekozen in het tabblad Opslaan. Wil je na het maken van de schermafbeelding telkens beslissen waar je het bestand wilt opslaan, onder welke naam en in welk bestandsformaat, dan plaats je een vinkje bij Opslaan als. Dan is er ook de optie Bestemming interactief selecteren. Hierdoor krijg je een telkens een menu te zien met alle uitvoermogelijkheden die Greenshot ondersteunt en daar zijn enkele buitengewone opties bij.

©PXimport

Tip 09: Uitvoer-opties

Zo is het mogelijk om de schermafbeelding rechtstreeks naar een Office-toepassing te verzenden. Kies je bijvoorbeeld OneNote, PowerPoint of Word, dan zal het systeem een nieuw document in de gekozen applicatie maken en de schermafbeelding daarin plaatsen. Is er bijvoorbeeld al een PowerPoint-bestand geopend en je kiest deze applicatie als bestemming, dan zal Greenshot de schermafbeelding onmiddellijk in de geopende presentatie plakken. Je kunt ook uitvoeren naar het klembord, zodat je de gekopieerde afbeelding in ieder ander programma kunt plakken. Daarnaast is het mogelijk de afbeelding op Imgur, Dropbox, Flickr op te slaan of in MS Paint (of een ander bewerkingsprogramma als je dat hebt geïnstalleerd) te openen. Die laatste keuze lijkt ons overbodig, omdat Greenshot zelf ook een interessante editor ter beschikking geeft: Beeldbewerker.

©PXimport

Informatie zoals een inlognaam of ip-adres maak je onleesbaar met het Maskeergereedschap

-

Tip 10: Breedte en hoogte

De beeldbewerker van Greenshot is afgestemd op gebruikers die screenshots volgens bepaalde afspraken willen afleveren. In de bovenbalk vind je de vertrouwde functies om te kopiëren, knippen, plakken, en om handelingen ongedaan te maken of opnieuw uit te voeren. Daarnaast staan alle uitvoermogelijkheden. In de verticale gereedschapsbalk vind je tools om de afbeelding bij te snijden of om de afmetingen aan te passen. Veronderstel dat je afbeeldingen voor een webproject klaarmaakt die allemaal 600 pixels breed moeten zijn, dan kun je dat via de knop Grootte regelen.

©PXimport

Tip 11: Pijl, lijn en masker

Verder staan hier de tools om cirkels, rechthoeken, lijnen en pijlen op de schermafbeeldingen te tekenen en die werken allemaal volgens hetzelfde principe. Je bepaalt de lijnkleur, de lijndikte en waar eventueel de pijlpunt(en) moeten komen. Ten slotte beslis je of je een schaduweffect onder de markering wenst te zien. Als je met verschillende mensen aan een project werkt, kun je bijvoorbeeld afspreken dat alle pijlen en omlijningen in rood #99000 moeten staan, met een lijndikte van 3 pixels zonder schaduw.

In schermafbeeldingen staat soms gevoelige informatie zoals een gebruikersnaam of een ip-adres. Die kun je die onleesbaar maken met het Maskeergereedschap. Zet dan de lijndikte wel op 0. Hierdoor zal de geselecteerde zone met blokjes vervagen.

©PXimport

Tip 12: Teller en markeerstift

Wie een bepaalde werkomgeving met schermafbeeldingen wilt toelichten, plaatst daarvoor graag nummertjes naar allerlei knoppen en andere onderdelen. De editor van Greenshot heeft daarvoor de tool Teller. Je selecteert in de optiebalk eerst een achtergrondkleur en een lettergrootte. Vervolgens klik je op de plaatsen waar zo’n nummer moet komen. Bij de eerste klik verschijnt nummer 1 tegen een contrasterende cirkelvormige achtergrond, bij de tweede klik nummer 2 enzovoort …

Je kunt trouwens de grootte en vorm van het cirkeltje achter het nummer nog aanpassen. In de gereedschapsbalk zit ook een markeerstift om objecten in het oog te laten springen. Verder is het mogelijk om tekstkaders en tekstballonen op de schermafbeeldingen te plaatsen. Om nauwkeurig te werken, kun je uiteraard in- en uitzoomen op afbeeldingen. De knop Effecten zorgt dan weer voor een kadertje rond de volledige schermafbeelding of voor een rafelige rand. Al die mogelijkheden zorgen dat je achteraf geen externe editor meer nodig hebt.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat
Huis

Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat

Capcom heeft eerder deze week een livestream uitgezonden waarin nieuwe beelden werden getoond van het aankomende horrorspel Resident Evil Requiem. Ook werd er meer informatie gegeven over de game.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Nadat eind vorig jaar al werd aangekondigd dat spelers niet alleen Grace Ashcroft zullen besturen, maar ook Leon S. Kennedy - een bekend gezicht voor mensen die eerdere delen hebben gespeeld - werd er tijdens de livestream uitgebreid gameplay van dit personage getoond.

Twee verschillende hoofdpersonages

Daarbij werd de nadruk gelegd op de verschillende speelstijlen van Leon en Grace. Op verschillende momenten gedurende de game wordt er automatisch tussen deze personages gewisseld, en ze zullen elk compleet andere gameplay bieden.

De segmenten met Leon - onder andere bekend uit Resident Evil 2 en Resident Evil 4 - zijn erg op actievolle schietgevechten gericht. Leon kan daarnaast ook de kelen van vijanden doorsnijden. Hij heeft ook een bijl waarmee hij aanvallen kan afweren. Grace's segmenten zijn juist erg gericht op spanning en horror en draaien vooral om het vermijden van intense gevechten.

Tijdens de livestream werd ook onthuld dat de game niet alleen naar consoles en pc komt, maar dat leden van Nvidia GeForce Now de game ook kunnen spelen. Ook werd er gepraat over de verschillende moeilijkheidsgraden - zo is er een extra makkelijke moeilijkheidsgraad voor mensen die weinig ervaring hebben met dit type spellen.

De complete livestream kan hieronder worden bekeken. In verband met de volwassen inhoud van de livestream kan het mogelijk zijn dat je op de link in de video moet klikken om naar YouTube te gaan en te bewijzen dat je volwassen bent.

Vanaf 27 februari verkrijgbaar

Resident Evil Requiem verschijnt op 27 februari (pre-orderen kan nu al) voor PlayStation 5, Xbox Series X en S, Nintendo Switch 2 en pc. Het is het negende hoofddeel in de horrorserie die al sinds de jaren negentig bestaat. In de loop der jaren is de franchise meermaals flink op de schop gegaan. Zo richtte Resident Evil 4 zich meer op actie, en zijn horrorelementen sinds Resident Evil 7: Biohazard weer teruggekeerd. Resident Evil Requiem lijkt dan ook een combinatie van al deze elementen te gaan bieden.

Op 27 februari zullen overigens ook Resident Evil 7 en Resident Evil Village (het achtste deel) op Nintendo Switch 2 uitkomen. Daarnaast verschijnt Village later deze maand op PlayStation Plus en Xbox Game Pass.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten
© chadchai - stock.adobe.com
Huis

Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten

Je kijkt een spannende serie en opeens bevriest het beeld. Dat bekende draaiende cirkeltje… er zijn weinig dingen zó frustrerend. Gelukkig ligt de oplossing vaak binnen handbereik. De snelheid van je internet hangt namelijk sterk samen met de manier waarop je thuis met je apparatuur omgaat. Door een paar veelgemaakte fouten te vermijden en de juiste techniek te kiezen, merk je vaak direct dat je netwerk stabieler wordt, zonder dat daar een duurder abonnement voor nodig is.

In het kort

In dit artikel lees je welke drie wifi-fouten het vaakst zorgen voor traag internet of haperingen: een onhandige plek voor je router, drukte op 2,4 GHz en verouderde firmware of hardware. Je ziet ook hoe je zelf een rustiger kanaal vindt en wanneer het slim is om te kiezen voor 5 GHz of 6 GHz. Tot slot leggen we uit wat wifi 6 en wifi 7 doen en waarom een netwerkkabel van minimaal cat5e verschil kan maken.

Lees ook: Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Fout 1: De router op de verkeerde plek neerzetten

Een router wint qua looks zelden een schoonheidsprijs. De neiging om het apparaat uit het zicht te plaatsen is daarom groot. Toch is een verkeerde locatie de meest gemaakte fout die je bereik merkbaar (en soms zelfs dramatisch) kan verkleinen.

Dat zit zo.  Je kunt wifi-signalen vergelijken met het licht van een gloeilamp. Als je die lamp in een houten kast of achter een dikke bank zet, blijft de rest van de kamer donker. Obstakels zoals muren, meubels en zelfs grote kamerplanten blokkeren de onzichtbare golven. Vooral metaal en water zijn beruchte boosdoeners; een router naast een aquarium of achter een radiator plaatsen is vragen om problemen.

Ook de hoogte is bepalend. Veel mensen zetten de router op de grond, maar op de grond zit het signaal sneller 'achter' meubels en andere blokkades. Zet het apparaat liever op een kast of boekenplank op ooghoogte voor een vrije weg naar je apparaten.

©ID.nl

Fout 2: Storing door andere apparatuur over het hoofd zien

Je staat er waarschijnlijk niet bij stil, maar veel apparaten in huis gebruiken dezelfde onzichtbare digitale snelweg als je internetverbinding. De magnetron, sommige babyfoons en zelfs de draadloze koptelefoon van de buren vechten om een plekje op de 2,4GHz-band. Ook andere wifi-netwerken in de buurt kunnen voor digitale files zorgen.

De meeste moderne routers ondersteunen gelukkig ook de 5GHz-frequentie. Deze band is veel breder en heeft minder last van andere apparatuur. Het handmatig selecteren van het 5GHz-netwerk levert vaak direct een snelheidswinst op. Heb je een router met wifi 6e of wifi 7, dan kun je soms ook de 6 GHz-band gebruiken. Die is vaak rustiger, maar het bereik is meestal wat kleiner dan bij 5 GHz.

Tip: geef je netwerken duidelijke namen

Veel routers zenden meerdere wifi-netwerken tegelijk uit: 2,4 GHz voor bereik, 5 GHz voor snelheid en soms ook 6 GHz voor extra ruimte in drukke omgevingen. Als al die banden onder één naam vallen, kiest je smartphone of laptop automatisch. Dat gaat vaak goed, maar niet altijd: je toestel kan blijven “plakken” aan 2,4 GHz terwijl 5 GHz op dat moment sneller en stabieler is.

Door je netwerken een herkenbare naam te geven, maak je de keuze simpel. Geef de 2,4 GHz-band bijvoorbeeld de naam thuis-2g, de 5 GHz-band thuis-5g en, als je die hebt, de 6 GHz-band thuis-6g. Dan zie je in één oogopslag welk netwerk je pakt. Zit je ver van de router, dan is 2,4 GHz vaak de veiligste optie. Zit je dichtbij en wil je vooral snelheid, dan ligt 5 GHz of 6 GHz meer voor de hand. Zo kun je bij haperingen of traag internet meteen testen of een andere band het probleem oplost, zonder dat je in instellingen hoeft te graven.

View post on TikTok

Fout 3: Verouderde software en hardware blijven gebruiken

Technologie verandert razendsnel en dat geldt ook voor de beveiliging en snelheid van je netwerk. Veel huishoudens werken nog met de router die ze jaren geleden bij hun eerste abonnement kregen. Deze oude techniek kan de moderne eisen van streaming en videobellen simpelweg niet meer bijbenen. Daarnaast vergeten veel gebruikers om de firmware van hun apparaat te updaten. Fabrikanten brengen deze software-updates uit om prestaties te verbeteren en lekken te dichten. Een verouderd systeem is niet alleen trager, maar ook een makkelijker doelwit voor hackers.


1️⃣2️⃣3️⃣Stappenplan: de beste wifi-kanalen scannen

Als je buren ook allemaal op hetzelfde wifi-kanaal zitten, ontstaat er interferentie. Je kunt dit zelf eenvoudig oplossen door een rustiger kanaal te zoeken.

1) Download een app zoals WiFi Analyzer (Android) of NetSpot (Windows, macOS, Android & iOS).

2) Open de app en bekijk de grafiek van de omgeving. Je ziet hier welke kanalen drukbezet zijn door netwerken in de buurt. Noteer het kanaalnummer dat het minst wordt gebruikt. Vaak zijn kanaal 1, 6 of 11 op de 2,4GHz-band de beste keuzes.

3) Log in op de webinterface van je router via je browser (meestal via een adres als 192.168.1.1). Zoek naar de draadloze instellingen en wijzig het kanaal van 'Automatisch' naar het door jou gekozen nummer. Sla de instellingen op en test of je verbinding stabieler aanvoelt.

Het verschil tussen wifi 6 en wifi 7

Sta je op het punt om een nieuwe router of laptop te kopen? Dan kom je de termen wifi 6 en wifi 7 tegen. Wifi 6 was een grote stap vooruit omdat het beter omgaat met veel apparaten tegelijk op één netwerk. Het zorgt voor een efficiëntere verdeling van de data. Wifi 7 is de allernieuwste standaard en gaat nog een flinke stap verder. Het maakt gebruik van extreem brede kanalen en kan verbinding maken via meerdere frequenties tegelijkertijd. Dit wordt Multi-Link Operation genoemd. Hierdoor is de vertraging merkbaar lager en kun je hogere snelheden halen, vooral op korte afstand en met geschikte apparaten. Voor een gemiddeld huishouden is wifi 6 momenteel een uitstekende keuze, terwijl wifi 7 echt voor de toekomst is gebouwd.

Heel belangrijk: de juiste bekabeling

Draadloos internet begint voor de meeste mensen bij een kabel: heb je een los modem en een losse router, dan vormt de kabel ertussen de basis. Gebruik je hier een oude kabel, dan wordt de snelheid al beperkt voordat het signaal de lucht in gaat. Controleer of er Cat 5e, Cat6 of Cat6a op de kabel staat, dan zit je meestal goed. Cat5 haalt soms maar 100 Mbps door kwaliteit/afmontage. Heb je cat5 liggen? Vervang dat dan in ieder geval door cat5e; dat is een veilige keuze voor gigabit. Een kleine investering in een kwalitatieve netwerkkabel kan een wereld van verschil maken voor de uiteindelijke wifi-snelheid op je telefoon.

Slechte wifi? Oplossen is makkelijker dan je denkt

Alles bij elkaar komt goed wifi minder neer op toeval dan veel mensen denken. Met een slimme plek voor je router, een rustige frequentie en actuele software haal je vaak al verrassend veel winst. Combineer dat met een fatsoenlijke netwerkkabel en je voorkomt dat de dat de verbinding al beperkt wordt voordat het signaal draadloos wordt verspreid. Door deze stappen een voor een toe te passen, los je de meest voorkomende wifi-problemen op zonder dat een duurder internetabonnement nodig is, en maak je van een haperende verbinding weer een stabiele basis voor alles wat je online doet.

Consumenten testen: TP-Link Deco BE25 WiFi 7 mesh set

Op Review.nl, het testplatform waarop consumenten nieuwe technologie uitproberen en hun bevindingen delen, krijgt de TP-Link Deco BE25, een router met dualband wifi 7,  een stevige 8,7 op Review.nl. En dat betekent iets: want omdat op Review.nl producten getest worden door een panel van echte gebruikers, zie je hoe iets in een normaal huishouden presteert.

Wat opvalt is hoe vaak testers terugkomen op de snelheid en stabiliteit. De overstap naar wifi 7 levert volgens veel gebruikers merkbaar meer rust in het netwerk op, vooral in huizen waar voorheen op zolder, in de tuin of achterin de woonkamer nauwelijks een bruikbaar signaal was. De Deco BE25 vult dat soort gaten zichtbaar op. Apparaten blijven stabiel verbonden, streamen gaat zonder haperingen en ook gamers merken volgens de testers dat de latency laag blijft. Wie een gigabitverbinding heeft, ziet die snelheid nu ook daadwerkelijk terug op plekken waar dat eerst niet haalbaar was.

Een tweede punt dat veel lof krijgt, is de installatie. De meeste testers spreken over een proces van enkele minuten. De app begeleidt je stap voor stap, herkent automatisch de nieuwe units en geeft advies over de beste plek voor elk wifipunt. Daardoor voelt het hele systeem toegankelijk, ook voor wie zichzelf niet technisch vindt. Eenmaal ingesteld blijkt het netwerk bovendien weinig onderhoud nodig te hebben: de app verdeelt verkeer slim, laat je apparaten prioriteren en biedt opties voor gastnetwerken en ouderlijk toezicht.

Het ontwerp en de functionaliteit leveren wel discussie op. Een deel van de testers vindt de units wat groot en mist montageopties of extra ethernetpoorten. Ook melden sommige gebruikers dat smartphones niet altijd direct naar het dichtstbijzijnde wifipunt schakelen. Toch wordt dat in de meeste reviews gezien als een detail naast de verbeterde dekking en het gemak van dagelijks gebruik.

Alles bij elkaar laat het testpanel zien dat de Deco BE25 vooral scoort op prestaties waar consumenten echt iets van merken: hogere snelheden, betere dekking en een probleemloos installatieproces. Voor veel huishoudens voelt het als een upgrade die een onrustig wifi-netwerk verandert in een betrouwbaar en snel geheel.