ID.nl logo
Huis

Het groeiende gevaar van malware-as-a-service

Het verkopen van malware op internet wordt steeds toegankelijker én professioneler. We duiken in het fenomeen malware-as-a-service en ontdekken hoe gemakkelijk het tegenwoordig is om ransomware te verspreiden, en waarom het zo populair is.

Je hoeft tegenwoordig geen professional te zijn om kwaadaardige software te kopen of te verspreiden. Het installeren van Tor en het invoeren van de juiste zoekopdracht is genoeg om je naar darkweb-marktplaatsen te brengen waar je malware kunt kopen in handige, kant-en-klare pakketten. Malware kopen op internet wordt steeds makkelijker én goedkoper, en dat levert grote problemen op.

Het concept van malware als dienst, een afgeleide van software-as-a-service, is niet nieuw. Maar de recente explosie in populariteit van ransomware heeft deze vorm van criminaliteit een boost gegeven die het kopen van malafide software niet alleen toegankelijk, maar ook griezelig professioneler maakt. En dat kan in de nabije toekomst best eens voor problemen zorgen.

In de meeste gevallen van malware die te koop is op internet gaat het om ransomware, een effectieve vorm van digitale afpersing die door criminelen makkelijk kan worden verspreid en die effectief is en tegelijk maar weinig risico oplevert voor de afperser. Het is zeker niet de enige vorm van cybercrime die je kunt bestellen. Zo kun je botnets huren om DDoS-aanvallen uit te voeren. Mirai is een bekend voorbeeld. Dat virus werd eind vorig jaar op grote schaal ingezet door criminelen om een groot deel van het internet plat te leggen, door een denial-of-service-aanval op dns-provider DynDNS af te sturen.

Het botnet ging de geschiedenis in als het grootste allertijden, omdat veel domotica en internet-of-things-apparatuur er deel van uitmaakte. Het is niet moeilijk om een versie van het Mirai-botnet op het darkweb te kopen, al is het opzetten van een aanval wel aanzienlijk moeilijker dan dat van ransomware. Gijzelsoftware is juist zo populair omdat het relatief eenvoudig te verspreiden is, ook voor amateurs die een virus online kopen en zelf niet alle technische kennis in huis hebben. Het is deels de reden dat ransomware op dit moment een ware plaag is.

Lage drempel

Het is moeilijk te zeggen hoe groot het gevaar van ransomware als gekochte dienst is binnen de grote plaag van ransomware die nu rondgaat. We spraken John Fokker van het Team High Tech Crime, en volgens hem is het moeilijk meetbaar welk percentage van de ransomware gekocht is. “De antivirusindustrie heeft daar meer kijk op, maar we zien wel vaak grote ransomwarefamilies terugkomen zoals Jaff, Locky en CTBlocker.” Veel ransomware die je op het darkweb kunt kopen is een afgeleide van die bekende vormen van ransomware, al is het vrijwel niet na te gaan om hoeveel het gaat.

Sowieso is het lastig te zeggen hoeveel malware en ransomware er wordt verkocht op het darkweb, omdat de politie daar niet veel zicht op heeft. Wel ziet Fokker dat er meer amateur-verspreiders bij komen én dat professionele bendes alleen maar beter worden.

“Het kopen van ransomware is een zorgelijke ontwikkeling. De drempel om het toe te passen is lager, zodat ook mensen zonder veel technische kennis het kunnen verspreiden. Maar het feit dat ransomware als dienst wordt verkocht zorgt er ook voor dat grote partijen steeds technischer worden en aanvallen kunnen combineren, bijvoorbeeld door exploitmethodes die via een NSA-hack aan het licht kwamen. Dat maakt alles gecompliceerder.”

Politie heeft weinig zicht op hoeveel malware er verkocht wordt

-

Professionele klantenservice

Het is niet alleen de opkomst van malware-as-a-service die opvalt, maar ook de professionalisering ervan. Meerdere beveiligingsbedrijven hebben bijvoorbeeld onderzoek gedaan naar de klantenservice van ransomware-makers; een populair rapport van F-Secure dat vorig jaar uitkwam gaf een gedetailleerd beeld van een sector waarbij slachtoffers contact konden opnemen met hun hackers via chat of e-mail, en waarbij je in je eigen moedertaal instructies kunt krijgen over het betalen voor ransomware.

Die ‘klantenservice’ geldt niet alleen voor slachtoffers, maar ook voor de kopers. Wie mal- of ransomware wil kopen hoeft niet bang te zijn dat hij iets verkeerd doet, want bij problemen staan de verkopers regelmatig klaar om bij te springen en hulp te verlenen. En ook de presentatie van mal- of ransomware professionaliseert. Criminelen steken steeds meer aandacht in hun websites, die er in toenemende mate professioneler uitzien. Het wordt ook makkelijker om malwareprogrammeurs te benaderen, bijvoorbeeld met een directe chat-functie, en vaak kun je websites in meerdere talen benaderen.

Keerzijde

Het kopen van mal- en ransomware levert volgens Fokker problemen op. “Omdat het zo makkelijk wordt om dit te kopen en op grote schaal in te zetten ontstaat er een wildgroei van amateurs die zelf malware gaan verspreiden, en dat levert een groot probleem op. Maar aan de andere kant zorgt dat amateurisme er ook sneller voor dat ze fouten maken, waardoor ze eenvoudiger op te sporen zijn of waardoor de virussen makkelijker tegen te houden zijn.”

Tegelijkertijd ziet Fokker wel dat er op fora veel kennis wordt uitgewisseld tussen criminelen, zeker bij de serieuzere jongens “Zeker bij affiliate-modellen zie je dat iedereen die meedoet een verschillende specialiteit heeft. De makers gaan dan naar forums om die kennis uit te wisselen. Dat zijn wel vooral gebruikers die al een bepaald kennisniveau hebben.” Zo kan één maker alles weten van versleuteling, maar juist niks van het uitbuiten van exploits of het beheren van een botnet.

Malware-makers wisselen online kennis met elkaar uit

-

Hoewel ransomware in zijn huidige vorm volgens Fokker een relatief nieuwe bedreiging vormt, volgt de verspreiding van het virus wel dezelfde patronen als vroeger. “Ransomware is nu een steeds groter probleem, maar de ontwikkeling is niet veel anders dan die van virussen van jaren geleden. Ook toen werd malware eerst in groten getale verstuurd naar iedereen die je kon vinden via grootschalige phishing-campagnes, maar na verloop van tijd worden virussen én ransomware steeds doelgerichter.”

Lichtpuntje

Een lichtpuntje: ransomware die te koop wordt aangeboden is dus vaak onderdeel van een bestaande familie. Het zijn vaak modificaties van bekende ransomware-vormen zoals Jaff, Locky of CryptoWall. Het gaat dus niet om telkens nieuwe vormen van ransomware en dat levert kansen op voor de antivirus-industrie. Dat vertelt Christiaan Beek, ‘lead scientist & principal engineer’ bij McAfee, aan ons: “Zogeheten ‘families’ van ransomware zijn makkelijker te blokkeren door goede antivirus, omdat ze allemaal dezelfde onderliggende werking hebben. Het feit dat je daar dan wat configuraties aan verandert als je het koopt maakt geen verschil voor detectie,” aldus Beek.

En net zoals het makkelijk is zulke vormen van ransomware tegen te houden komen er ook steeds meer decryptors uit die dergelijke gijzelsoftware verwijderen. Die decryptors worden aangeboden door beveiligingsbedrijven waar de politie mee samenwerkt in het NoMoreRansom-initiatief.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.