Ontkracht: 4 misvattingen over fietshelmen
Mythe 1: Een fietshelm is overbodig op een gewone fiets
Een veelgehoorde gedachte is dat fietshelmen alleen nodig zijn voor sportieve fietsers, zoals mountainbikers of wielrenners. Maar de realiteit is anders. Een fietshelm kan ook op een gewone fiets het risico op ernstig hoofdletsel bij een ongeval aanzienlijk verminderen. Het is dus niet alleen een accessoire voor de sportieve fietser, maar een belangrijk veiligheidsinstrument voor iedereen die weleens op de fiets zit.
Mythe 2: UV-licht heeft een negatieve invloed op het materiaal van fietshelmen
Een andere bewering die je misschien weleens voorbij hebt horen komen, is dat UV-licht het materiaal van fietshelmen aantast, waardoor ze na vijf jaar vervangen moeten worden. Onderzoek toont echter aan dat dit niet het geval is. Het materiaal van de helm, meestal gemaakt van piepschuim (EPS), blijft ook na jaren van blootstelling aan UV-licht effectief in het absorberen van schokken.
Mythe 3: Een fietshelm is niet geschikt voor kinderen onder de zes jaar
Het idee dat een fietshelm te zwaar zou zijn voor jonge kinderen en dat het dragen ervan juist gevaarlijker kan zijn, is een misvatting. Fietshelmen zijn tegenwoordig licht en comfortabel, en zijn er in verschillende maten, waaronder maten voor de allerkleinsten. Kinderen zijn extra kwetsbaar in het verkeer, en een fietshelm kan de kans op ernstig letsel aanzienlijk verminderen.
Mythe 4: Fietshelmen zijn niet nodig in Nederland
Nederland staat wereldwijd bekend om zijn fietscultuur, en toch dragen veel mensen hier geen helm tijdens het fietsen. Dat is echter niet omdat helmen niet nuttig zijn. Integendeel. Zoals eerder gezegd (en we kunnen het niet vaak genoeg herhalen) kan het dragen van een helm het risico op ernstig hoofdletsel aanzienlijk verminderen. Het feit dat veel Nederlanders geen helm dragen, heeft meer te maken met culturele gewoonten en het gemak van het fietsen zonder helm dan met de effectiviteit van helmen an sich.



