ID.nl logo
Hoe werkt het Bosch Kiox-display op je elektrische fiets?
Mobiliteit

Hoe werkt het Bosch Kiox-display op je elektrische fiets?

Het Bosch Kiox-display is een moderne fietscomputer die je aan een app op je smartphone kunt koppelen en bedoeld voor mensen die iets meer uit hun elektrische fietservaring willen halen. Maar hoe werkt dit systeem precies en hoe pas je de instellingen aan? We vertellen je er alles over in het uitgebreide artikel.

In dit artikel kijken we naar:

  • De functies van het Bosch Kiox-display
  • Hoe je zelf instellingen kunt aanpassen op dit display
  • Hoe de loopfunctie werkt

Ook interessant voor jou: dit zijn https://id.nl/mobiliteit/fiets/e-bikes/dit-zijn-de-trends-in-e-bikes-voor-2023.

Wanneer je de Bosch Kiox voor het eerst uit de doos haalt, is het de bedoeling dat je hem eerst een uur oplaadt. Dat doe je met een micro-usb-kabel. Mocht je de aansluiting niet kunnen vinden: die zit onderop achter een afdekkapje. Na het opladen schuif je het display op de houder op de fiets, totdat je een klik hoort. Links op het stuur vind je de bediening van het scherm. Aan de voorkant van de unit zit de aan- en uitknop. Na het indrukken van die knop gaat het scherm aan.

De Bosch Kiox is als ombouwset compatibel met alle Bosch-productlijnen vanaf 2014. Omdat doorgaans de bekabeling van de boordcomputer moet worden aangepast, kun je het beste langsgaan bij een Bosch-dealer in de buurt.

Maar liefst vijf knoppen op de Bosch Kiox

Vervolgens kom je terecht op de pagina waar je gebleven was, op het moment dat je de Bosch Kiox uitschakelde. Met de knoppen links op het bedieningspaneel kun je de weergave op het scherm aanpassen. Er zijn maar liefst vijf knoppen aanwezig: links, rechts, plus, min en de bevestigingsknop. Soms moet je eerst even op OK (een knop op het display) drukken om toegang te krijgen tot de rest van de functies. Je drukt op OK via de bevestigingsknop links.

Wanneer je dan op de links- of rechtsknop drukt, dan blader je door de weergaven. Zo kun je je afstand, reistijd en snelheid zien, het vermogen en het cadans bekijken (dit geeft aan hoe snel je met je pendalen rondgaat), wat het bereik is van de e-bike zien of je smartphone gekoppeld is en de huidige snelheid. Ondertussen zie je bovenin, in de statusregel, hoe het gesteld is met de accu en in welke modus je rijdt. Je mag altijd zelf weten welke informatie je in beeld hebt staan.

Accu-oplaadaanduiding

De accu-oplaadaanduiding van de e-bike-accu kun je op het statusscherm, de statusregel en via de led-lampjes op de accu aflezen. Wit betekent dat de accu minder dan twintig procent lading heeft; geel betekent dat de accu vijf procent lading heeft; rood betekent dat de accu leeg is, waardoor ondersteund rijden dus helaas niet meer werkt. Dan moet je hem eerst opladen. Als de e-bike-accu op de fiets opgeladen wordt, dan verschijnt daarover een melding op het scherm.

Bekijk & vergelijk alle e-bikes met een Bosch systeem op Kieskeurig.nl

(en check meteen de winkelvoorraad)

Sneller of langzamer?

Met de plus- en minkop bepaal je in welke stand je rijdt. Per fiets verschilt het aanbod, maar meestal heb je de keuze uit off, eco, Tour+, eMTB en Turbo. Wanneer je een stand uitkiest, dan verandert de kleur van de tekst in de statusregel. Ook zie je dat de kleur op het bedieningspaneel verandert. Tot slot is er nog de zogenaamde duwhulp (ook wel eens loopstand genoemd). Die heb je nodig wanneer je met je fiets gaat lopen. Je activeert hem door de minknop ingedrukt te houden.

De verschillende standen

  • OFF: de motorondersteuning staat uit en de e-bike kan dan alleen als een normale fiets gebruikt worden. De duwhulp werkt nu ook niet.
  • ECO: effectieve ondersteuning met maximale efficiëntie, voor maximaal bereik
  • TOUR: gelijkmatige ondersteuning, voor tochten met een groot bereik
  • SPORT/eMTB: SPORT: krachtige ondersteuning, voor sportief fietsen op bergachtige trajecten en voor stadsverkeer
  • eMTB: optimale ondersteuning op elk terrein, sportief vertrekken, verbeterde dynamiek, maximale prestaties
  • TURBO: maximale ondersteuning bij flink doortrappen, voor sportief fietsen

Dan komen we aan bij de instellingen. De knop voor instellingen tref je aan in hetzelfde menu als de smartphonekoppeling. Je opent het menu met de bevestigingsknop links door de knop op het scherm met de pijltjestoetsen te selecteren. Vervolgens kun je in het menu naar een volgende pagina te gaan door een functie of onderdeel te selecteren en op rechts te drukken. Dan kom je in een submenu terecht. Met de knop naar links kom je uiteraard weer op de vorige pagina terecht.

De tijd en meer aanpassen

Binnen de instellingen kun je naar Systeem gaan. Daar tref je allerlei opties aan die je kunt aanpassen of personaliseren. Denk dan aan de tijd, maar ook aan de taal of de meeteenheden. Wil je de tijd aanpassen op je Bosch Kiox? Ga dan naar Instellingen > Systeem > Tijd en pas met de plus- en minknoppen de tijd aan (handig voor wanneer je wil schakelen tussen zomer- en wintertijd). En net zoals bij alle andere instellingen is het zo dat je de keuzes bevestigt met de bevestigingsknop.

Tot slot kun je ook een app koppelen aan de fiets. De app is gratis beschikbaar voor Android en iOS en stelt je onder meer in staat de maximale snelheid aan te passen. Ook stel je via de app in dat de fiets alleen met ondersteuning werkt op het moment dat je telefoon in de buurt is. Dit kun je zien als een soort elektronische beveiliging; Bosch Kiox werkt dan alleen wanneer je smartphone gekoppeld is. Verder krijg je handige overzichten van je tochten te zien en kun je je routes inplannen.

☂ Tip Er zijn speciale beschermingshoesjes verkrijgbaar, waarmee je je display beschermt tegen weersinvloeden.

Op zoek naar een andere fietscomputer? Bosch heeft ook de Intuvia, terwijl het merk Shimano de Steps aanbiedt.

Watch on YouTube

Meer e-bike video's zien? Abonneer je op ons YouTube-kanaal.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.